Besluit van 3 februari 2011, houdende vaststelling van voorschriften inzake de bekwaamheidseisen voor het onderwijspersoneel BES (Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel BES)
- BWB-id
- BWBR0029609
- Type
- AMvB-BES
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2022-08-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0029609
- ELI
- /eli/nl/amvb-bes/2011/besluit-bekwaamheidseisen-onderwijspersoneel-bes
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb-bes/2011/besluit-bekwaamheidseisen-onderwijspersoneel-bes/2022-08-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0029609&g=2022-08-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0029609&z=2026-06-06&g=2022-08-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0029609/2022-08-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb-bes/2011/besluit-bekwaamheidseisen-onderwijspersoneel-bes
Artikel 1.1 — Artikel 1.1 Begripsbepalingen#
Artikel 1.1 Begripsbepalingen In dit besluit wordt verstaan onder: a. school: Wet primair onderwijs BES Wet voortgezet onderwijs 2020 school als bedoeld in deof in de; b. instelling: artikel 1.1.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES instelling als bedoeld in. 2021 522 05-11-2021 14-10-2021 2022 13 11-01-2022 17-12-2021 01-08-2022
Artikel 1.2 — Artikel 1.2 Reikwijdte#
Artikel 1.2 Reikwijdte Vervallen 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.1 — Artikel 2.1 Begripsbepalingen#
Artikel 2.1 Begripsbepalingen a. leraar po: Wet primair onderwijs BES Wet voortgezet onderwijs 2020 leraar primair onderwijs als bedoeld in deen voor zover het betreft het praktijkonderwijs: de; b. leraar vo: Wet voortgezet onderwijs 2020 leraar in het praktijkonderwijs, het voorbereidend beroepsonderwijs, het middelbaar algemeen voortgezet onderwijs, de eerste drie leerjaren van het hoger algemeen voortgezet onderwijs en van het voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, bedoeld in de; c. leraar vho: artikelen 2.20, eerste lid 7.10, derde lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 leraar voor de periode van voorbereidend hoger onderwijs als bedoeld in de, en; d. leraar: leraar po, leraar vo of leraar vho; e. docent: Wet educatie en beroepsonderwijs BES docent als bedoeld in de; f. leerling: Wet primair onderwijs BES Wet voortgezet onderwijs 2020 Wet educatie en beroepsonderwijs BES leerling als bedoeld in de, deof student, vavo-student of deelnemer als bedoeld in de; g. school: Wet primair onderwijs BES Wet voortgezet onderwijs 2020 Wet educatie en beroepsonderwijs BES school of instelling als bedoeld in de, deof de. 2021 522 05-11-2021 14-10-2021 2022 13 11-01-2022 17-12-2021 01-08-2022
Artikel 2.2 — Artikel 2.2 Drie bekwaamheden#
Artikel 2.2 Drie bekwaamheden 1 De bekwaamheid tot het geven van onderwijs omvat de volgende bekwaamheden: a. de vakinhoudelijke bekwaamheid; b. de vakdidactische bekwaamheid; en c. de pedagogische bekwaamheid. 2 Met de kennis en kunde ten aanzien van de bekwaamheden, genoemd in het eerste lid, toont de leraar of docent aan dat hij zijn werk als leraar en als deelnemer aan de professionele onderwijsgemeenschap die hij samen met zijn collega’s vormt, kan verrichten op een professioneel doelmatige en verantwoorde wijze. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.3 — Artikel 2.3 Reikwijdte leraren of docenten godsdienstonderwijs of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs#
Artikel 2.3 Reikwijdte leraren of docenten godsdienstonderwijs of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs artikel 2.1 In afwijking vanomvat de bekwaamheid tot het geven van onderwijs voor leraren of docenten godsdienstonderwijs of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs niet de vakinhoudelijke bekwaamheid. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.4 — Artikel 2.4 Vakinhoudelijke bekwaamheid leraar of docent#
Artikel 2.4 Vakinhoudelijke bekwaamheid leraar of docent Vakinhoudelijk bekwaam betekent dat de leraar of docent in ieder geval: a. de inhoud van zijn onderwijs beheerst; b. boven de leerstof staat; c. de leerstof zo kan samenstellen, kiezen of bewerken dat zijn leerlingen die kunnen leren; d. vanuit zijn vakinhoudelijke expertise verbanden kan leggen met het dagelijks leven, met werk en met wetenschap; e. kan bijdragen aan de algemene vorming van zijn leerlingen; f. zijn vakkennis en -kunde actueel houdt. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.5 — Artikel 2.5 Aanvullende vakinhoudelijke bekwaamheid leraar po#
Artikel 2.5 Aanvullende vakinhoudelijke bekwaamheid leraar po artikel 2.4 Om ten minste te voldoen aan: a. beheerst de leraar po de leerstof qua kennis en vaardigheden van het onderwijs waarvoor deze leraar bevoegd is, gericht op het behalen van de kerndoelen en de referentieniveaus Nederlandse taal en rekenen van het primair onderwijs en kent hij de theoretische achtergronden daarvan; b. kan de leraar po de leerstof op een begrijpelijke en aansprekende manier uitleggen en demonstreren hoe ermee gewerkt wordt; c. heeft de leraar po een grondige beheersing van taal en rekenen; d. heeft de leraar po zich theoretisch en praktisch verdiept in ten minste één ander leergebied of een deel ervan; e. heeft de leraar po zich theoretisch en praktisch verdiept in de leerstof voor dat deel van de leerjaren waarin hij werkt, of een andere geclusterde indeling van leerjaren die binnen een bepaald type school gebruikelijk is. f. overziet de leraar po de opbouw van het curriculum en de doorlopende leerlijnen; g. weet de leraar po hoe zijn onderwijs voortbouwt op het voorgaande onderwijs en voorbereidt op het vervolgonderwijs; h. kent de leraar po de samenhang tussen de verschillende vakken in het curriculum; i. weet de leraar po dat zijn leerlingen de leerstof op verschillende manieren kunnen opvatten, interpreteren en leren; j. kan de leraar po zijn onderwijs afstemmen op de verschillen tussen leerlingen; k. kan de leraar po zijn leerlingen duidelijk maken wat de relevantie is van de leerstof voor het dagelijkse leven en voor het vervolgonderwijs. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.6 — Artikel 2.6 Aanvullende vakinhoudelijke bekwaamheid leraar vo of docent#
Artikel 2.6 Aanvullende vakinhoudelijke bekwaamheid leraar vo of docent 1 artikel 2.4 Om ten minste te voldoen aan: a. beheerst de leraar vo of docent de leerstof qua kennis en vaardigheden waarvoor hij verantwoordelijk is en kent de theoretische en praktische achtergronden van zijn vak; b. kan de leraar vo of docent de leerstof op een begrijpelijke en aansprekende manier samenstellen, uitleggen en demonstreren hoe ermee gewerkt moet worden; c. kent de leraar vo of docent de relatie van de leerstof voor zijn vak met de kerndoelen, eindtermen en eindexamenprogramma’s. d. overziet de leraar vo of docent de opbouw van het curriculum van zijn vak, de plaats van zijn vak in het curriculum van de opleiding en de doorlopende leerlijnen; e. weet de leraar vo of docent hoe zijn onderwijs voortbouwt op het voorgaande onderwijs en voorbereidt op vervolgonderwijs of de beroepspraktijk; f. kent de leraar vo of docent de samenhang tussen de verschillende verwante vakken, leergebieden en lesprogramma’s; g. kan de leraar vo of docent vanuit zijn inhoudelijke expertise in samenwerking met zijn collega’s en de omgeving van de school bijdragen aan de breedte, de samenhang en de actualiteit van het curriculum van zijn school; h. heeft de leraar vo of docent zich theoretisch en praktisch verdiept in de leerstof voor dat deel van het curriculum waarin hij werkt, namelijk één of meer van de verschillende leerwegen van het vmbo, het praktijkonderwijs of de onderbouw van havo of vwo; i. weet de leraar vo of docent dat zijn leerlingen de leerstof op verschillende manieren kunnen opvatten, interpreteren en leren; j. kan de leraar vo of docent zijn onderwijs afstemmen op die verschillen tussen leerlingen; k. kan de leraar vo of docent zijn leerlingen duidelijk maken wat de relevantie is van de leerstof voor beroepspraktijk en vervolgonderwijs; l. kan de leraar vo of docent daarbij vanuit zijn vakinhoudelijke expertise verbanden leggen met het dagelijks leven, met werk en met wetenschap en zo bijdragen aan de algemene vorming van zijn leerlingen. 2 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op de leraar of docent in het beroepsgerichte onderwijs, met dien verstande dat hij: a. in aanvulling op het tweede lid, onderdeel b: de leerstof ook richt op de beroepspraktijk en de verbinding van de theorie aan de (beroeps-)praktijk; b. in aanvulling op het tweede lid, onderdeel c: actuele kennis heeft van beroepen in de branche of branches waarvoor hij opleidt en verband kan leggen tussen de leerstof en de kwalificatiedossiers van die branche of branches; c. in aanvulling op het tweede lid, onder g: in staat is tot het onderhouden en benutten van contacten met het beroepenveld waarvoor hij opleidt; d. in aanvulling op het tweede lid, onder h: zich theoretisch en praktisch verdiept in de leerstof van de verschillende typen en niveaus van de educatie en het beroepsonderwijs. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.7 — Artikel 2.7 Aanvullende vakinhoudelijke bekwaamheid leraar vho#
Artikel 2.7 Aanvullende vakinhoudelijke bekwaamheid leraar vho artikel 2.4 Om ten minste te voldoen aan: a. beheerst de leraar vho qua kennis en vaardigheden de leerstof waarvoor hij verantwoordelijk is en kent de theoretische achtergronden van zijn vak; b. kan de leraar vho de leerstof op een begrijpelijke en aansprekende manier samenstellen, uitleggen en demonstreren hoe ermee gewerkt moet worden; c. kent de leraar vho de relatie van de leerstof voor zijn vak met de eindtermen en eindexamenprogramma’s; d. heeft leraar vho kennis van de wetenschappelijke achtergronden van zijn vak en weet hij welke wetenschappelijke kennis en methoden van onderzoek gebruikt kunnen worden in zijn onderwijs; e. overziet de leraar vho de opbouw van het curriculum van zijn vak, de plaats van zijn vak in het curriculum van de opleiding en de doorlopende leerlijnen; f. weet de leraar vho hoe zijn onderwijs voortbouwt op het voorgaande onderwijs en voorbereidt op het hoger beroepsonderwijs en universitair onderwijs; g. kent leraar vho de samenhang tussen de verschillende verwante vakken, leergebieden en lesprogramma’s; h. kan de leraar vho vanuit zijn inhoudelijke expertise in samenwerking met zijn collega’s en de omgeving van de school bijdragen aan de breedte, de samenhang en de actualiteit van het curriculum van zijn school; i. heeft de leraar vho zich theoretisch en praktisch verdiept in de leerstof voor dat deel van het curriculum waarin hij werkt; j. weet de leraar vho dat zijn leerlingen de leerstof op verschillende manieren kunnen opvatten, interpreteren en leren; k. kan de leraar vho zijn onderwijs afstemmen op die verschillen tussen leerlingen; l. kan de leraar vho zijn leerlingen duidelijk maken wat de relevantie is van de leerstof voor werk en vervolgonderwijs. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.8 — Artikel 2.8 Vakdidactische bekwaamheid leraar of docent#
Artikel 2.8 Vakdidactische bekwaamheid leraar of docent Vakdidactisch bekwaam betekent dat de leraar of docent: a. de vakinhoud leerbaar maakt voor zijn leerlingen, in afstemming met zijn collega’s en passend bij het onderwijskundige beleid van zijn school; b. de vakinhoud weet te vertalen in leerplannen of leertrajecten; c. de vertaling van de vakinhoud doet met een professionele, ontwikkelingsgerichte werkwijze, waarin in ieder geval de volgende handelingselementen herkenbaar zijn: 1°. hij brengt een duidelijke relatie aan tussen de leerdoelen, het niveau en de kenmerken van zijn leerlingen, de vakinhoud en de inzet van de verschillende methodieken en middelen; 2°. bij de uitvoering van zijn onderwijs volgt hij de ontwikkeling van zijn leerlingen; 3°. hij toetst en analyseert regelmatig en adequaat of en hoe de leerdoelen gerealiseerd worden; 4°. hij stelt op basis van zijn analyse zo nodig zijn onderwijs didactisch bij; 5°. hij laat zijn onderwijs met de tijd mee gaan. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.9 — Artikel 2.9 Vakdidactische bekwaamheid leraar, kennis#
Artikel 2.9 Vakdidactische bekwaamheid leraar, kennis De leraar of docent is vakdidactisch bekwaam wat betreft kennis, indien hij ten minste: a. kennis heeft van verschillende leer- en onderwijstheorieën die voor zijn onderwijspraktijk relevant zijn en hij die kan herkennen in het leren van zijn leerlingen; b. verschillende methodes en criteria kent waarmee hij de bruikbaarheid ervan voor zijn leerlingen kan vaststellen; c. verschillende manieren kent om binnen een methode te differentiëren en recht te doen aan verschillen tussen leerlingen; d. de methode kan aanvullen en verrijken; e. weet hoe een leerplan in elkaar zit en de criteria kent waaraan een goed leerplan moet voldoen; f. kennis heeft van digitale leermaterialen en leermiddelen en de technische en pedagogisch-didactische mogelijkheden en beperkingen daarvan kent; g. de verschillende didactische leer- en werkvormen en de psychologische achtergrond daarvan kent; h. de criteria kent waarmee de bruikbaarheid daarvan voor zijn leerlingen kan worden vastgesteld; i. verschillende doelen van evalueren en toetsen kent; j. verschillende, bij de doelen als bedoeld in onderdeel i, passende vormen van observeren, toetsen en examineren kent; k. toetsen kan ontwikkelen, toetsresultaten kan beoordelen, analyseren en interpreteren en de kwaliteit van toetsen en examens kan beoordelen; l. bruikbare en betrouwbare voortgangsinformatie kan verzamelen en analyseren en op grond daarvan zijn onderwijs waar nodig kan bijstellen; m. zich theoretisch en praktisch heeft verdiept in de vakdidactiek ten behoeve van het type onderwijs en het deel van het curriculum waarin hij werkzaam is. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.10 — Artikel 2.10 Aanvullende vakdidactische bekwaamheid leraar vo en docent in het beroepsgericht onderwijs, kennis#
Artikel 2.10 Aanvullende vakdidactische bekwaamheid leraar vo en docent in het beroepsgericht onderwijs, kennis artikel 2.9 Voor het beroepsgerichte onderwijs houdt de kennis, bedoeld in: a. onder a, onder andere in dat hij zich verdiept in de theoretische en praktische aspecten van leren op de werkplek; b. onder m, in dat hij zich verdiept heeft in didactiek ten behoeve van beroepsgericht onderwijs, de vormgeving en begeleiding van het leren op de werkplek en op de samenwerking met het beroepenveld en met praktijkbegeleiders bij het begeleiden van dit leren. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.11 — Artikel 2.11 Vakdidactische bekwaamheid leraar, kunde#
Artikel 2.11 Vakdidactische bekwaamheid leraar, kunde De leraar is vakdidactisch bekwaam wat betreft kunde indien de leraar of docent ten minste: a. onderwijs kan voorbereiden, wat betekent dat hij: 1°. doelen kan stellen, leerstof kan selecteren en ordenen; 2°. samenhangende lessen kan uitwerken met passende werkvormen, materialen en media, afgestemd op het niveau en de kenmerken van zijn leerlingen; 3°. passende en betrouwbare toetsen kan kiezen, maken of samenstellen; b. onderwijs kan uitvoeren en het leren kan organiseren, wat betekent dat hij: 1°. een adequaat klassenmanagement kan realiseren; 2°. aan leerlingen de verwachtingen en leerdoelen duidelijk kan maken en leerlingen kan motiveren om deze te halen; 3°. de leerstof aan zijn leerlingen begrijpelijk en aansprekend kan uitleggen, voordoen hoe ermee gewerkt moet worden en daarbij inspelen op de taalbeheersing en taalontwikkeling van zijn leerlingen; 4°. doelmatig gebruik kan maken van beschikbare digitale leermaterialen en leermiddelen; 5°. de leerlingen met gerichte activiteiten de leerstof kan laten verwerken, daarbij variatie aanbrengen en bij instructie en verwerking differentiëren naar niveau en kenmerken van zijn leerlingen; 6°. de leerling kan begeleiden bij die verwerking, stimulerende vragen stellen en opbouwende gerichte feedback geven op taak en aanpak; 7°. samenwerking, zelfwerkzaamheid en zelfstandigheid stimuleren; c. onderwijs kan evalueren en ontwikkelen, wat betekent dat hij: 1°. de voortgang kan volgen, de resultaten kan toetsen, analyseren en beoordelen; 2°. feedback kan vragen van leerlingen en deze feedback tezamen met zijn eigen analyse van de voortgang kan gebruiken voor een gericht vervolg van het onderwijsleerproces; 3°. leerproblemen kan signaleren en indien nodig met hulp van collega’s oplossingen kan zoeken of doorverwijzen; 4°. advies kan vragen aan collega’s of andere deskundigen; 5°. weet wanneer en hoe hij advies kan geven; 6°. hierbij gebruik kan maken van methodieken voor professionele consultatie en leren, zoals supervisie en intervisie; 7°. zijn didactische aanpak en handelen kan evalueren, analyseren, bijstellen en ontwikkelen; 8°. kan bijdragen aan pedagogisch-didactische evaluaties in zijn school en deze in afstemming met zijn collega’s kan gebruiken bij de onderwijsontwikkeling in zijn school; 9°. de inhoud en de didactische aanpak van zijn onderwijs kan uitleggen en verantwoorden; 10°. in staat is tot kritische reflectie op zijn eigen pedagogisch-didactisch handelen. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.12 — Artikel 2.12 Aanvullende vakdidactische bekwaamheid leraar vo of docent, kunde#
Artikel 2.12 Aanvullende vakdidactische bekwaamheid leraar vo of docent, kunde artikel 2.11 In aanvulling ophoudt de kunde in: a. In aanvulling op onderdeel a, onder 2, voor het beroepsgerichte onderwijs: dat de leraar vo of docent onderwijs kan vormgeven gericht op de beroepspraktijk; b. In aanvulling op onderdeel b, onder 1: dat de leraar vo of docent leiding en begeleiding kan geven aan groepen leerlingen buiten de context van klas of les; c. In aanvulling op onderdeel b, onder 5: dat de leraar vo of docent de leerlingen een gerichte inzet van loopbaanoriëntatie en begeleiding kan bieden. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.13 — Artikel 2.13 Aanvullende vakdidactische bekwaamheid leraar vho, kunde#
Artikel 2.13 Aanvullende vakdidactische bekwaamheid leraar vho, kunde artikel 2.11, onderdeel b, onder 1 In aanvulling op, houdt de kunde in dat de leraar vho leiding en begeleiding kan geven aan groepen leerlingen buiten de context van de klas of les. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.14 — Artikel 2.14 Pedagogische bekwaamheid leraar of docent#
Artikel 2.14 Pedagogische bekwaamheid leraar of docent Pedagogische bekwaamheid betekent dat de leraar of docent: a. met een professionele, ontwikkelingsgerichte werkwijze en in samenwerking met zijn collega’s een veilig, ondersteunend en stimulerend leerklimaat voor zijn leerlingen kan realiseren; b. de ontwikkeling van zijn leerlingen volgt in hun leren en gedrag en daarop zijn handelen afstemt; c. bijdraagt aan de sociaal-emotionele en morele ontwikkeling van zijn leerlingen; d. zijn pedagogisch handelen kan afstemmen met zijn collega’s en met anderen die voor de ontwikkeling van de leerling verantwoordelijk zijn; e. bijdraagt aan de burgerschapsvorming en de ontwikkeling van de leerling tot een zelfstandige en verantwoordelijke volwassene; f. zijn aanpak in het onderwijs in pedagogische zin blijft aanpassen aan de tijd. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.15 — Artikel 2.15 Aanvullende pedagogische bekwaamheid leraar vo of docent in het beroepsgericht onderwijs#
Artikel 2.15 Aanvullende pedagogische bekwaamheid leraar vo of docent in het beroepsgericht onderwijs artikel 2.14, onder e In aanvulling op, betekent pedagogische bekwaamheid van de leraar vo of docent in het beroepsgerichte onderwijs tevens dat het gaat om de begeleiding van de leerling bij zijn oriëntatie op beroepen en het ontwikkelen van beroepsidentiteit. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.16 — Artikel 2.16 Pedagogische bekwaamheid leraar of docent, kennis#
Artikel 2.16 Pedagogische bekwaamheid leraar of docent, kennis De leraar is pedagogisch bekwaam wat betreft kennis, indien hij ten minste: a. kennis heeft van ontwikkelingstheorieën en de gedragswetenschappelijke theorie die voor zijn onderwijspraktijk relevant zijn en die kennis kan betrekken op zijn pedagogisch handelen; b. kennis heeft van agogische en pedagogische theorieën en methodieken, die voor zijn onderwijspraktijk relevant zijn en die kan betrekken op zijn pedagogisch handelen; c. kennis heeft van veelvoorkomende ontwikkelingsproblemen, gedragsproblemen en gedragsstoornissen; d. weet hoe hij zicht kan krijgen op de leefwereld van zijn leerlingen en hun sociaal-culturele achtergrond en weet hoe hij daarmee rekening kan houden in zijn onderwijs; e. zich theoretisch en praktisch heeft verdiept in de pedagogiek van het type onderwijs en het deel van het curriculum waarin hij werkzaam is. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.17 — Artikel 2.17 Aanvullende pedagogische bekwaamheid leraar VO of docent in het beroepsgerichte onderwijs, kennis#
Artikel 2.17 Aanvullende pedagogische bekwaamheid leraar VO of docent in het beroepsgerichte onderwijs, kennis artikel 2.16, onder a In aanvulling op, houdt kennis voor het beroepsgerichte onderwijs in dat de leraar vo of docent zich verdiept in de theoretische en praktische aspecten van het leren functioneren in een beroep en de ontwikkeling van beroepsidentiteit. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.18 — Artikel 2.18 Pedagogische bekwaamheid leraar of docent, kunde#
Artikel 2.18 Pedagogische bekwaamheid leraar of docent, kunde De leraar of docent is pedagogisch bekwaam wat betreft kunde, indien hij ten minste: a. groepsprocessen kan sturen en begeleiden; b. vertrouwen kan wekken bij zijn leerlingen en een veilig pedagogisch klimaat scheppen; c. ruimte kan scheppen voor leren, inclusief het maken van vergissingen en fouten; d. verwachtingen duidelijk kan maken en eisen stellen aan leerlingen; e. het zelfvertrouwen van leerlingen kan stimuleren, hen kan aanmoedigen en motiveren; f. oog heeft voor de sociaal-emotionele en morele ontwikkeling van zijn leerlingen en daar recht aan doet; g. ontwikkelingsproblemen, gedragsproblemen en gedragsstoornissen kan signaleren en indien nodig met hulp van collega’s oplossingen zoeken of doorverwijzen; h. zijn onderwijs en zijn pedagogische omgang met zijn leerlingen kan uitleggen en verantwoorden; i. zijn pedagogisch handelen kan afstemmen met ouders en anderen die vanuit hun professionele verantwoordelijkheid bij de leerling betrokken zijn; j. in staat is tot kritische reflectie op zichzelf in de pedagogische relatie; k. zijn eigen grenzen kan bewaken. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 2.19 — Artikel 2.19 Aanvullende pedagogische bekwaamheid leraar vo, kunde#
Artikel 2.19 Aanvullende pedagogische bekwaamheid leraar vo, kunde 1 artikel 2.18, onder f In aanvulling op, houdt kunde voor het beroepsgerichte onderwijs tevens in de begeleiding van de leerling bij het ontwikkelen van beroepsidentiteit. 2 artikel 2.18, onder i In aanvulling op, houdt kunde tevens in dat de leraar vo of docent zijn pedagogisch handelen kan afstemmen met: 1°. anderen die vanuit hun professionele verantwoordelijkheid bij de leerling betrokken zijn, zoals begeleiders van het leren op de werkplek; en 2°. indien de leerling nog niet volwassen is: de ouders. 2017 148 10-04-2017 16-03-2017 2017 308 17-07-2017 06-07-2017 01-08-2017
Artikel 3.1 — Artikel 3.1 Tijdelijke afwijking bekwaamheidseisen voortgezet onderwijs#
Artikel 3.1 Tijdelijke afwijking bekwaamheidseisen voortgezet onderwijs 1 artikelen 7.3 7.24, eerste lid, onderdelen a en b, en derde lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 Het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs kan toestaan dat de leraar die ten aanzien van een vak of combinatie van vakken in het voorbereidend wetenschappelijk onderwijs of het hoger algemeen voortgezet onderwijs wel voor de eerste drie leerjaren maar niet voor het voorbereidend hoger onderwijs voldoet aan de bekwaamheidseisen van deen, dat onderwijs gedurende ten hoogste één schooljaar ook geeft in die hogere leerjaren. 2 Voorwaarde voor toepassing van het eerste lid is dat: a. de werkzaamheden waarmee de leraar is belast binnen zijn betrekkingsomvang voor het grootste gedeelte zijn gelegen buiten het voorbereidend hoger onderwijs, en b. aan een school het totale aantal lessen waarvoor toestemming wordt gegeven op grond van het eerste lid, in het betrokken schooljaar niet groter is dan 5% van het totale aantal lessen dat wordt gegeven in die hogere leerjaren. 2021 522 05-11-2021 14-10-2021 2022 4 04-01-2022 09-12-2021 2022 13 11-01-2022 17-12-2021 01-08-2022
Artikel 3.2 — Artikel 3.2 Tijdelijke afwijking bekwaamheidseisen leraren beroepsgerichte vakken vmbo#
Artikel 3.2 Tijdelijke afwijking bekwaamheidseisen leraren beroepsgerichte vakken vmbo 1 Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder: afdelingsvak, intrasectoraal programma of intersectoraal programma: artikel 18, zevende lid, onderdeel a 29, zevende lid, onderdeel b, van de Wet voortgezet onderwijs BES een afdelingsvak, intrasectoraal programma of intersectoraal programma als bedoeld in, of, zoals die wet luidde op 31 juli 2016; beroepsgericht vak: artikel 18, zesde lid, aanhef 29, zesde lid, aanhef, van de Wet voortgezet onderwijs BES een profielvak als bedoeld in, of, of een beroepsgericht keuzevak als bedoeld in artikel 18, zevende lid, onderdeel a, of 29, zevende lid, onderdeel b, van die wet, behorende tot een profiel als bedoeld in artikel 18, derde lid, of 29, derde lid, van die wet. 2 Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek artikel 80, eerste lid, onderdeel b, van de Wet voortgezet onderwijs BES hoofdstuk 2 Ten aanzien van een leraar die in vaste dienst verbonden is aan een school voor voorbereidend beroepsonderwijs en aan die school een beroepsgericht vak verzorgt, maar niet in het bezit is van een getuigschrift, afgegeven krachtens de, waaruit blijkt dat hij ten aanzien van het onderwijs in dat vak voldoet aan de bekwaamheidseisen die zijn vastgesteld invan dit besluit, istot en met 31 juli 2021 niet van toepassing indien de leraar al voor 1 augustus 2016 aan die school belast was met werkzaamheden als leraar in een afdelingsvak, intrasectoraal programma of intersectoraal programma dat verwant is aan het door de leraar verzorgde beroepsgerichte vak. 3 artikel 214e van de Wet voortgezet onderwijs BES Een beroepsgericht vak en een afdelingsvak, intrasectoraal programma of intersectoraal programma zijn aan elkaar verwant indien het profiel waartoe dat beroepsgerichte vak behoort in de ministeriële regeling bedoeld ingenoemd is bij het betreffende afdelingsvak, intrasectoraal programma of intersectoraal programma. 4 Dit artikel vervalt met ingang van 1 augustus 2022. 2017 121 28-03-2017 14-03-2017 2017 121 28-03-2017 14-03-2017 29-03-2017 01-08-2016 Door Stb. 2018/123 vernummerd tot art. 5.1.
Artikel 4.1 — Artikel 4.1 Aanwijzing onderwijsactiviteiten vakleerkrachten basisonderwijs#
Artikel 4.1 Aanwijzing onderwijsactiviteiten vakleerkrachten basisonderwijs artikel 3, eerste lid, onder b.1°, van de Wet primair onderwijs BES artikelen 11 12 van die wet De op grond vanaan te wijzen onderwijsactiviteiten, bedoeld in deof, zijn alle in die artikelen genoemde en bedoelde onderwijsactiviteiten. 2016 57 16-02-2016 22-01-2016 2016 57 16-02-2016 22-01-2016 01-08-2016
Artikel 4.2 — Artikel 4.2 Aanwijzing onderwijsactiviteiten leerkrachten praktijkonderwijs#
Artikel 4.2 Aanwijzing onderwijsactiviteiten leerkrachten praktijkonderwijs artikel 7.11, vierde lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 De op grond vanaan te wijzen vakken zijn: a. tekenen; b. muziek; c. handvaardigheid; d. Nederlands; e. Engels; f. rekenen/wiskunde; g. geschiedenis; h. aardrijkskunde; i. biologie; j. verzorging; en k. praktijkoriënterende vakken. 2021 522 05-11-2021 14-10-2021 2022 13 11-01-2022 17-12-2021 01-08-2022
Artikel 5.a1 — Artikel 5.a1 Omhangbepaling#
Artikel 5.a1 Omhangbepaling artikelen 7.10, eerste lid 7.23, vierde lid 7.24, tweede lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 Dit besluit berust mede op de,en. 2021 522 05-11-2021 14-10-2021 2022 13 11-01-2022 17-12-2021 01-08-2022
Artikel 5.1 — Artikel 5.1 Inwerkingtreding#
Artikel 5.1 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 augustus 2011 in Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 2011 45 16-02-2011 03-02-2011 2011 45 16-02-2011 03-02-2011 01-08-2011 Door Stb. 2018/123 vernummerd tot art. 5.3. Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 5.2 — Artikel 5.2 Citeertitel#
Artikel 5.2 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel BES. 2011 45 16-02-2011 03-02-2011 2011 45 16-02-2011 03-02-2011 01-08-2011 Door Stb. 2018/123 vernummerd tot art. 5.4. Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.