Besluit van 28 april 2011, houdende bepalingen inzake de eindexamens aan de scholen voor vwo, havo, mavo en vbo BES (Eindexamenbesluit VO BES)
- BWB-id
- BWBR0029990
- Type
- AMvB-BES
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- 2022-04-06 t/m 2022-07-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0029990
- ELI
- /eli/nl/amvb-bes/2011/eindexamenbesluit-vo-bes
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb-bes/2011/eindexamenbesluit-vo-bes/2022-04-06
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0029990&g=2022-04-06
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0029990&z=2026-06-06&g=2022-04-06
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0029990/2022-04-06
Absolute ELI: /eli/nl/amvb-bes/2011/eindexamenbesluit-vo-bes
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen 1 In dit besluit wordt verstaan onder: algemene vakken: artikel 25, eerste lid artikel 26, eerste lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES artikel 27 van dat besluit vakken niet zijnde profielvakken, genoemd in, respectievelijk bedoeld in, en niet zijnde beroepsgerichte keuzevakken als bedoeld in; beroepsgericht keuzevak: artikel 18, zevende lid, onderdeel a artikel 29, zevende lid, onderdeel b, van de wet beroepsgericht keuzevak als bedoeld in, of; beroepsgericht programma: artikel 15, eerste lid, onderdeel c 16, eerste lid, onderdeel c 17 eerste lid, onderdeel d beroepsgericht programma als bedoeld in,, of; bevoegd gezag: artikel 1 van de wet artikel 1.1.1, onder 1 en 2, van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES het bevoegd gezag, bedoeld in, indien het een school voor voortgezet onderwijs betreft, en het bevoegd gezag, bedoeld in, indien het een instelling voor educatie en beroepsonderwijs betreft; College voor toetsen en examens: artikel 2, eerste lid, van de Wet College voor toetsen en examens College voor toetsen en examens, genoemd in; cspe: centraal schriftelijk en praktisch examen in een profielvak; deeleindexamen: artikel 7.3.1, eerste lid, onder a, van de Wet educatie en beroepsonderwijs een examen in één of meer van de voor het eindexamen voorgeschreven vakken aan een opleiding voortgezet algemeen volwassenenonderwijs als bedoeld in; digitale examinering: het voorbereiden, afnemen en afwikkelen van het centraal examen in één of meer vakken met gebruikmaking van de daartoe door het College voor toetsen en examens beschikbaar gestelde programmatuur; directeur: de rector of directeur van een school voor voortgezet onderwijs; eindexamen: een examen ten minste in het geheel van de voorgeschreven vakken; eindexamen vmbo: een eindexamen dat leidt tot een diploma vmbo voor zover het betreft de theoretische leerweg, de basisberoepsgerichte leerweg, de kaderberoepsgerichte leerweg of de gemengde leerweg; examencommissie: artikel 23a de examencommissie bedoeld in; examencommissie vavo: artikel 7.4.13, tweede lid artikel 7.4.7 van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES de in, junctobedoelde examencommissie voor een opleiding vavo; examenprogramma: artikel 6 het examenprogramma bedoeld in; examenregeling; het examenreglement en het programma van toetsing en afsluiting gezamenlijk; examensecretaris: artikel 3a de examensecretaris bedoeld in; examenstof: de aan de kandidaat te stellen eisen; examinator: degene die is belast met het afnemen van het examen in een vak; extra vak: een vak in aanvulling op de vakken die voor een bepaalde kandidaat ten minste samen een eindexamen vormen, welk vak wordt afgesloten met een examen; gecommitteerde: artikel 24 een gecommitteerde als bedoeld invan dit besluit; havo: artikel 14 van de wet hoger algemeen voortgezet onderwijs als bedoeld in; herkansing: het opnieuw deelnemen aan een toets van het centraal examen of het schoolexamen; inspectie: artikel 1 van de Wet op het onderwijstoezicht de inspectie, bedoeld in; instelling voor educatie en beroepsonderwijs: artikel 1.1.1, van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES een instelling als bedoeld in, voor zover het betreft door die instelling verzorgde opleidingen vavo; kandidaat: ieder die door het bevoegd gezag tot het eindexamen of deeleindexamen wordt toegelaten; kunstvakken: de vakken behorende tot de beeldende vorming, alsmede muziek, dans en drama; leerling: een leerling aan een school voor voortgezet onderwijs of een vavo-student; leerweg: artikel 18 van de wet artikel 29 van de wet artikel 16 van de wet de basisberoepsgerichte leerweg, bedoeld in, de kaderberoepsgerichte leerweg, bedoeld in artikel 18 van de wet, de gemengde leerweg, bedoeld inen de theoretische leerweg, bedoeld in; mavo: artikel 15 van de wet middelbaar algemeen voortgezet onderwijs als bedoeld in; Onze Minister: Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap; opleiding vavo: artikel 7.3.1, eerste lid, onderdeel a, van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES een opleiding voortgezet algemeen volwassenenonderwijs als bedoeld in; profiel: artikel 16, derde lid 18, derde lid 29, derde lid 38, derde lid, van de wet een in,,, ofbedoeld profiel; profielvak: artikel 25, eerste lid artikel 26, eerste lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES profielvak, genoemd in, respectievelijk bedoeld in; profielwerkstuk: artikel 4 het inbedoelde profielwerkstuk; school: een school voor vwo, een school voor havo, een school voor mavo, een school voor vbo of een instelling voor educatie en beroepsonderwijs, tenzij anders blijkt; schooljaar: artikel 1.1.1, van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES het tijdvak dat aanvangt op 1 augustus en eindigt op 31 juli van het daaropvolgende jaar, daaronder mede begrepen het studiejaar, bedoeld in; school voor voortgezet onderwijs: een school voor vwo, een school voor havo, een school voor mavo, een school voor vbo; toets: een toets met schriftelijke of mondelinge vragen en opdrachten, of een praktische opdracht; vakken: algemene vakken, profielvakken, beroepsgerichte keuzevakken en andere programmaonderdelen; vakken behorende tot de beeldende vorming: tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving, fotografie, film, audio-visuele vorming; vbo: artikel 17 van de wet voorbereidend beroepsonderwijs als bedoeld in; vmbo: artikel 44 van de wet voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs als bedoeld in; vwo: artikel 13 van de wet voorbereidend wetenschappelijk onderwijs als bedoeld in; wet: Wet voortgezet onderwijs BES . 2 Waar in dit besluit wordt gesproken van «directeur» en van «directeur en de examensecretaris», wordt daaronder wat instellingen voor educatie en beroepsonderwijs betreft verstaan, de examencommissie vavo, tenzij anders blijkt. 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 01-08-2021
Artikel 2 — Artikel 2 Toelating tot het eindexamen#
Artikel 2 Toelating tot het eindexamen 1 Het bevoegd gezag stelt de leerlingen van een school en de leerlingen van een afdeling voor havo in de gelegenheid ter afsluiting van de opleiding een eindexamen af te leggen. 2 Het bevoegd gezag stelt de leerlingen van een instelling voor educatie en beroepsonderwijs in de gelegenheid in plaats van een eindexamen een of meer deeleindexamens af te leggen. 3 Het bevoegd gezag kan tot het eindexamen toelaten kandidaten die niet als leerling van de school zijn ingeschreven. 4 Het bevoegd gezag van een instelling voor educatie en beroepsonderwijs kan kandidaten als bedoeld in het derde lid eveneens in de gelegenheid stellen een of meer deeleindexamens aan deze instelling af te leggen. 5 Kandidaten als bedoeld in het derde lid, die worden toegelaten tot het eindexamen van een school voor voortgezet onderwijs, zijn behoudens het bepaalde in het zesde lid aan het bevoegd gezag een bedrag verschuldigd van USD 45 voor een volledig eindexamen. 6 In afwijking van het vijfde lid is een toelatingsbedrag niet verschuldigd door kandidaten die zijn ingeschreven bij een andere uit de openbare kas bekostigde school – al dan niet in de zin van dit besluit –, afdeling of onderwijsinstelling en die aldaar geen eindexamen dan wel deeleindexamen afleggen. 7 Het in het vijfde lid bedoelde bedrag kan bij regeling van Onze Minister worden gewijzigd voor zover de consumentenprijsindex daartoe aanleiding geeft. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3 — Artikel 3 Afnemen eindexamen#
Artikel 3 Afnemen eindexamen De directeur en de examinatoren van een school voor voortgezet onderwijs nemen onder verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag het eindexamen of deeleindexamen af. 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 01-08-2021
Artikel 3a — Artikel 3a De examensecretaris#
Artikel 3a De examensecretaris 1 De directeur van een school voor voortgezet onderwijs wijst een of meer van de personeelsleden van de school aan tot examensecretaris van het eindexamen. Een examensecretaris is tevens examensecretaris van de deeleindexamens. 2 artikelen 20, tweede lid 36, eerste en derde lid 39, zesde lid 47, vijfde lid De directeur en de examensecretaris van een school voor voortgezet onderwijs verrichten gezamenlijk de taken bedoeld in de,,, en. 3 De examensecretaris heeft de taak om de directeur te ondersteunen bij: a. het organiseren en afnemen van het eindexamen of het deeleindexamen bedoeld in het eerste lid; b. artikel 18, eerste lid de uitvoering van het examenreglement bedoeld in; c. artikel 18a, eerste lid de uitvoering van het programma van toetsing en afsluiting bedoeld in; en d. artikel 20 de verstrekking van een overzicht van de onderdelen en beoordeling van de schoolexamens bedoeld in. 4 De directeur stelt een taakomschrijving voor de examensecretaris vast waarin in ieder geval de taken bedoeld in het tweede en derde lid worden opgenomen. 5 De directeur verstrekt de taakomschrijving aan het bevoegd gezag, aan de examensecretaris en aan de examencommissie. 6 De directeur draagt er zorg voor dat het deskundig functioneren van de examensecretaris is gewaarborgd. 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 01-08-2021
Artikel 4 — Artikel 4 Indeling eindexamen; profielwerkstuk#
Artikel 4 Indeling eindexamen; profielwerkstuk 1 Het eindexamen of deeleindexamen kan voor ieder vak bestaan uit een schoolexamen, uit een centraal examen dan wel uit beide. 2 artikel 10 van de wet artikel 10d van de wet Het schoolexamen vwo, havo en vmbo, voor zover het betreft de theoretische leerweg, bedoeld in, of de gemengde leerweg, bedoeld in, omvat mede een profielwerkstuk. Het profielwerkstuk is een werkstuk, een presentatie daaronder begrepen, waarin op geïntegreerde wijze kennis, inzicht en vaardigheden aan de orde komen die van betekenis zijn in het desbetreffende profiel. 3 Het profielwerkstuk in het vwo en havo heeft betrekking op één of meer vakken van het eindexamen. Ten minste één van deze vakken heeft een omvang van 400 uur of meer voor vwo en 320 uur of meer voor havo. 4 Het profielwerkstuk in het vmbo heeft betrekking op een thema uit het profiel waarin de leerling onderwijs volgt. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5 — Artikel 5 Onregelmatigheden#
Artikel 5 Onregelmatigheden 1 Indien een kandidaat zich ten aanzien van enig deel van het eindexamen of deeleindexamen dan wel ten aanzien van een aanspraak op ontheffing aan enige onregelmatigheid schuldig maakt of heeft gemaakt, dan wel zonder geldige reden afwezig is, kan de directeur maatregelen nemen. 2 De maatregelen, bedoeld in het eerste lid, die afhankelijk van de aard van de onregelmatigheid ook in combinatie met elkaar genomen kunnen worden, zijn: Indien het hernieuwd examen, bedoeld in onderdeel d, betrekking heeft op een of meer onderdelen van het centraal examen legt de kandidaat dat examen af in een volgend tijdvak van het centraal examen. a. het toekennen van het cijfer 1 voor een toets van het schoolexamen of het centraal examen, b. het ontzeggen van de deelname of de verdere deelname aan een of meer toetsen van het schoolexamen of het centraal examen, c. het ongeldig verklaren van een of meer toetsen van het reeds afgelegde deel van het schoolexamen of het centraal examen, en d. het bepalen dat het diploma en de cijferlijst slechts kunnen worden uitgereikt na een hernieuwd examen in door de directeur aan te wijzen onderdelen. 3 Het besluit waarbij een in het eerste lid bedoelde maatregel wordt genomen, wordt tegelijkertijd in afschrift toegezonden aan de inspectie en, indien de kandidaat minderjarig is, aan de wettelijke vertegenwoordigers van de kandidaat. 4 De kandidaat kan tegen een beslissing van de directeur van een school voor voortgezet onderwijs in beroep gaan bij de door het bevoegd gezag van de school in te stellen commissie van beroep. Van de commissie van beroep mag de directeur geen deel uitmaken. 5 artikel 75 van de wet In overeenstemming metwordt het beroep binnen vijf dagen nadat de beslissing aan de kandidaat is bekendgemaakt, schriftelijk ingesteld bij de commissie van beroep. De commissie stelt een onderzoek in en beslist binnen twee weken na ontvangst van het beroepsschrift, tenzij zij deze termijn gemotiveerd heeft verlengd met ten hoogste twee weken. De commissie stelt bij haar beslissing zo nodig vast op welke wijze de kandidaat alsnog in de gelegenheid zal worden gesteld het eindexamen of deeleindexamen geheel of gedeeltelijk af te leggen onverminderd het bepaalde in de laatste volzin van het tweede lid. De commissie deelt haar beslissing schriftelijk mede aan de kandidaat, aan de ouders, voogden of verzorgers van de kandidaat indien deze minderjarig is, aan de directeur en aan de inspectie. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6 — Artikel 6 Examenprogramma#
Artikel 6 Examenprogramma 1 Onze Minister stelt, behalve voor door het bevoegd gezag vast te stellen vakken die onderdeel zijn van het eindexamen, voor elk van de schoolsoorten en leerwegen examenprogramma’s vast, waarin zijn opgenomen: a. een omschrijving van de examenstof voor ieder eindexamenvak, en b. welk deel van de examenstof centraal zal worden geëxamineerd en over welke examenstof het schoolexamen zich uitstrekt. 2 Een examenprogramma wordt vastgesteld per vak of per groep van vakken. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7 — Artikel 7 Begrenzing mogelijkheden vakkenkeuze kandidaten#
Artikel 7 Begrenzing mogelijkheden vakkenkeuze kandidaten 1 artikel 2 van het Besluit samenwerking VO-BVE BES De kandidaten kiezen, met inachtneming van dit hoofdstuk, in welke vakken zij examen willen afleggen. Voor leerlingen geldt deze keuze voorzover het bevoegd gezag, al dan niet in samenwerking met het bevoegd gezag van een of meer andere scholen, hen in de gelegenheid heeft gesteld zich op het examen in die vakken voor te bereiden. Indien sprake is van samenwerking tussen scholen, isvan toepassing. 2 De kandidaten kunnen, voor zover het bevoegd gezag hun dat toestaat, in extra vakken examen afleggen. Een examen als bedoeld in de eerste volzin heeft geen betrekking op vakken die overeenkomen met vakken die onderdeel zijn van het eindexamen waarop deze extra vakken een aanvulling zijn. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7a — Artikel 7a Minimumeis overeenstemming eindexamenvakken met schoolsoort of leerweg van inschrijving#
Artikel 7a Minimumeis overeenstemming eindexamenvakken met schoolsoort of leerweg van inschrijving Indien het eindexamen één of meer vakken omvat van een andere schoolsoort of leerweg dan die waarvoor de kandidaat is ingeschreven, behoort ten minste één vak tot de voorgeschreven eindexamenvakken van de schoolsoort of leerweg van inschrijving. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 8 — Artikel 8 Vrijstellingen vavo#
Artikel 8 Vrijstellingen vavo 1 artikelen 11 12 13 14 Onverminderd vrijstellingen en ontheffingen als bedoeld in de,,enis de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs: a. vrijgesteld van het examen in een vak van de theoretische leerweg in het vmbo op grond van een examen vwo, havo, theoretische leerweg of gemengde leerweg vmbo, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald; b. vrijgesteld van het examen in een vak in het havo op grond van een examen vwo of havo, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald; c. vrijgesteld van het examen in een vak in het vwo op grond van een examen vwo, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald; d. vrijgesteld van het examen in een vak van het vwo, havo of mavo op grond van het overeenkomstige examen, afgelegd op Curaçao, Sint Maarten, Aruba, Bonaire, Saba of Sint Eustatius, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald; e. vrijgesteld van het profielwerkstuk vwo of havo, indien reeds eerder een profielwerkstuk is gemaakt dat betrekking heeft op een of meer vakken van dezelfde schoolsoort, behorende tot het profiel van de kandidaat en waarvoor een eindcijfer 6 of hoger is behaald; f. vrijgesteld van het profielwerkstuk vmbo, indien reeds eerder een profielwerkstuk vmbo is gemaakt dat betrekking heeft op een thema uit het profiel van de kandidaat, en dat is beoordeeld als «voldoende» of «goed». 2 Het eerste lid is uitsluitend van toepassing indien na het jaar waarin het eindcijfer of de beoordeling is vastgesteld, nog geen 10 jaren zijn verstreken. Het eerste lid, onderdeel f, is daarbij van overeenkomstige toepassing op een reeds eerder gemaakt sectorwerkstuk dat is beoordeeld als «voldoende» of «goed». 3 artikel 37 artikel 37a In aanvulling op het eerste lid, onder a tot en met d, is de daar bedoelde kandidaat eveneens vrijgesteld indien het eindcijfer 5 of 4 is behaald, mits de kandidaat voldoet aan de voorwaarden vanofom te slagen voor het eindexamen. 4 Bij ministeriële regeling kunnen nadere voorschriften worden gegeven voor de toepassing van het eerste lid. 5 Bij de toepassing van dit artikel wordt ten hoogste één cijferlijst, die is uitgereikt aan een school voor voortgezet onderwijs, betrokken. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 9 — Artikel 9 Ontheffingen vavo op verzoek#
Artikel 9 Ontheffingen vavo op verzoek 1 artikel 8 Onverminderdkan het College voor toetsen en examens op verzoek van de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs, ontheffing verlenen voor een examenvak, indien de kandidaat op grond van eerder gevolgd onderwijs aantoonbaar in het bezit is van voldoende kennis en vaardigheden ter zake van het desbetreffende vak. De ontheffing kan slechts worden verleend op basis van een diploma, getuigschrift, certificaat of ander bewijsstuk, al of niet behaald in Nederland, dat door het College voor toetsen en examens wordt aanvaard als bewijs van voldoende kennis en vaardigheden. Indien het College voor toetsen en examens dit nodig oordeelt, onderzoekt het college of de kandidaat in het bezit is van voldoende kennis en vaardigheden. 2 Het eerste lid is uitsluitend van toepassing indien na het jaar waarin het in dat lid bedoelde diploma, getuigschrift, certificaat of ander bewijsstuk is vastgesteld, nog geen 10 jaren zijn verstreken. 3 Tot de in het eerste lid bedoelde diploma’s, getuigschriften, certificaten en andere bewijsstukken behoren in elk geval die betreffende het Internationaal Baccalaureaat, het Europees Baccalaureaat en die betreffende het overeenkomstige onderwijs in een lidstaat van de Europese Unie. 4 Indien het College voor toetsen en examens de gevraagde ontheffing verleent, verstrekt het college de verzoeker een bewijs van ontheffing, en zendt het college aan Onze Minister een afschrift daarvan. 5 Het bewijs van ontheffing vermeldt de gronden van de ontheffing, het tijdstip van het verrichten van de onderwijs- of examenprestatie waarop de ontheffing berust, en gaat in voorkomend geval vergezeld van een verklaring betreffende het in het eerste lid bedoelde onderzoek naar de kennis en vaardigheden van de examenkandidaat, of naar de in het eerste lid bedoelde bewijsstukken. 6 Onze Minister stelt het model van het bewijs van ontheffing vast. 2016 174 18-05-2016 22-04-2016 2016 225 17-06-2016 03-06-2016 01-08-2016
Artikel 10 — Artikel 10 Ontheffingsprocedure#
Artikel 10 Ontheffingsprocedure artikel 9 Een verzoek om ontheffing als bedoeld inwordt schriftelijk ingediend bij het College voor toetsen en examens, onder overlegging van een uittreksel uit het geboorte- of persoonsregister en een gewaarmerkte fotokopie van het diploma, getuigschrift, certificaat of andere bewijsstuk waarop het verzoek om ontheffing berust. 2016 174 18-05-2016 22-04-2016 2016 225 17-06-2016 03-06-2016 01-08-2016
Artikel 11 — Artikel 11 Eindexamen vwo (atheneum)#
Artikel 11 Eindexamen vwo (atheneum) 1 Het eindexamen vwo (atheneum) omvat in elk geval: a. artikel 20, eerste lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES de vakken van het gemeenschappelijk deel van elk profiel, genoemd in, daaronder tevens begrepen een profielwerkstuk, b. artikel 20, derde tot en met zesde lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES de vakken van het profieldeel van één van de profielen, genoemd in, en c. artikel 20, zevende lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES ten minste één vak met een normatieve studielast van ten minste 440 uren van het vrije deel van elk profiel, genoemd inzoals geldend voor de scholen voor vwo, met dien verstande dat door het bevoegd gezag vast te stellen vakken onderdeel zijn van het eindexamen uitsluitend voor zover Onze Minister daarvoor goedkeuring heeft verleend. 2 artikel 23, eerste, tweede of vierde lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES In afwijking van het eerste lid is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een school voor vwo, bij het eindexamen vrijgesteld van de vakken waarvoor vrijstelling of ontheffing is verleend van het volgen van onderwijs op grond van. Bij een ontheffing op grond van artikel 23, vierde lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES wordt de taal vervangen door een ander vak als bedoeld in het vijfde lid van dat artikel. 3 In afwijking van het eerste lid is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs, bij het eindexamen vrijgesteld van de vakken culturele en kunstzinnige vorming en lichamelijke opvoeding van het gemeenschappelijk deel. 4 In afwijking van het eerste lid is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs, en in het bezit is van het diploma havo, bij het eindexamen vrijgesteld van het vak maatschappijleer van het gemeenschappelijk deel. 5 artikel 21 van het Inrichtingsbesluit WVO BES artikel 20 van het Inrichtingsbesluit WVO BES In afwijking van het eerste lid is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs en in het bezit is van het diploma havo, en die in plaats van de vakken, genoemd inexamen heeft afgelegd in een of meer overeenkomstige vakken van, bij het eindexamen vrijgesteld van dit vak of deze vakken. 6 artikel 20, eerste lid onder c, van het Inrichtingsbesluit WVO BES In afwijking van het eerste lid kan de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs bij het eindexamen ontheffing worden verleend van de taal, genoemd in, in de volgende gevallen: a. de leerling heeft een stoornis die specifiek betrekking heeft op taal of een zintuiglijke stoornis die effect heeft op taal, b. de leerling heeft een andere moedertaal dan de Nederlandse taal, of c. de leerling volgt onderwijs in het profiel natuur en techniek of het profiel natuur en gezondheid en de taal verhindert naar verwachting een succesvolle afronding van de opleiding. 7 artikel 20, derde tot en met zesde lid, of in het zevende lid, onder c of d, van het Inrichtingsbesluit WVO BES Bij ontheffing op grond van het zesde lid wordt de taal vervangen door een van de vakken, genoemd inmet een normatieve studielast van ten minste 440 uren, naar keuze van de leerling, voor zover het bevoegd gezag deze als zodanig aanbiedt. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 12 — Artikel 12 Eindexamen vwo (gymnasium)#
Artikel 12 Eindexamen vwo (gymnasium) 1 Het eindexamen vwo (gymnasium) omvat in elk geval: a. artikel 20, tweede lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES de vakken van het gemeenschappelijk deel van elk profiel, genoemd in, daaronder tevens begrepen een profielwerkstuk, b. artikel 20, derde tot en met zesde lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES de vakken van het profieldeel, genoemd in, en c. artikel 20, zevende lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES ten minste één vak met een normatieve studielast van ten minste 440 uur van het vrije deel van elk profiel, genoemd inzoals geldend voor de scholen voor vwo, met dien verstande dat door het bevoegd gezag vast te stellen vakken onderdeel zijn van het eindexamen uitsluitend voor zover Onze Minister daarvoor goedkeuring heeft verleend. 2 artikel 23, eerste onderscheidenlijk tweede lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES In afwijking van het eerste lid is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een school voor vwo, bij het eindexamen vrijgesteld van de vakken waarvoor vrijstelling of ontheffing is verleend van het volgen van onderwijs op grond van. 3 In afwijking van het eerste lid is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs, bij het eindexamen vrijgesteld van het vak lichamelijke opvoeding van het gemeenschappelijk deel. 4 In afwijking van het eerste lid is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs, en die in het bezit is van het diploma havo, bij het eindexamen vrijgesteld van het vak maatschappijleer van het gemeenschappelijk deel. 5 artikel 21 van het Inrichtingsbesluit WVO BES artikel 20 van het Inrichtingsbesluit WVO BES In afwijking van het eerste lid is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs en in het bezit is van het diploma havo, en die in plaats van de vakken, genoemd inexamen heeft afgelegd in een of meer overeenkomstige vakken van, bij het eindexamen vrijgesteld van dit vak of deze vakken. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 13 — Artikel 13 Eindexamen havo#
Artikel 13 Eindexamen havo 1 Het eindexamen havo omvat in elk geval: a. artikel 21, eerste lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES de vakken van het gemeenschappelijk deel van elk profiel, genoemd in, daaronder tevens begrepen een profielwerkstuk, b. artikel 21, tweede tot en met vijfde lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES de vakken van het profieldeel, genoemd in, en c. artikel 21, zesde lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES ten minste één vak met een normatieve studielast van ten minste 320 uur van het vrije deel van elk profiel, genoemd in, met dien verstande dat door het bevoegd gezag vast te stellen vakken onderdeel zijn van het eindexamen uitsluitend voor zover Onze Minister daarvoor goedkeuring heeft verleend. 2 artikel 40, achtste lid, van de wet Ingeval van toepassing vanis het eerste lid van overeenkomstige toepassing. 3 artikel 23, eerste lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES In afwijking van het eerste lid is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een school voor havo bij het eindexamen vrijgesteld van de vakken waarvoor ontheffing of vrijstelling is verleend van het volgen van onderwijs op grond van. 4 In afwijking van het eerste lid is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs, bij het eindexamen vrijgesteld van de vakken culturele en kunstzinnige vorming en lichamelijke opvoeding van het gemeenschappelijk deel. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 13a — Artikel 13a Vrijstelling vwo of havo wegens vervangend of extra vak#
Artikel 13a Vrijstelling vwo of havo wegens vervangend of extra vak artikel 11, eerste lid 12, eerste lid 13, eerste lid artikel 23, derde of zesde lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES In afwijking van,, of, is de kandidaat die op grond vanis vrijgesteld van het volgen van onderwijs in een vak als daar bedoeld, eveneens bij het desbetreffende eindexamen vrijgesteld van dat vak. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 14 — Artikel 14 Eindexamen vmbo theoretische leerweg#
Artikel 14 Eindexamen vmbo theoretische leerweg 1 artikel 16 van de wet Het eindexamen vmbo voor zover het betreft de theoretische leerweg, genoemd in, omvat in elk geval: a. artikel 16, vijfde lid, van de wet de vakken die het gemeenschappelijk deel ingevolge, omvat, b. artikel 16, zesde lid, van de wet de twee vakken die het profieldeel ingevolgeomvat, waaronder tevens begrepen een profielwerkstuk, en c. artikel 16, zevende lid, onderdelen a en b, van de wet in het vrije deel twee nog niet in het profieldeel gekozen vakken, bedoeld onderscheidenlijk genoemd in, met dien verstande dat het profieldeel en het vrije deel tezamen ten minste twee vakken omvatten die geen moderne taal zijn. 2 artikel 29, tweede lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES artikel 29, tweede lid In afwijking van het eerste lid is de kandidaat in de sector economie of leerwegondersteunend onderwijs ten aanzien van wie toepassing is gegeven aan, bij het eindexamen vrijgesteld van het vak Franse taal of het vak Spaanse taal, genoemd. In plaats van het vak waarvoor vrijstelling is verleend, doet de kandidaat eindexamen in het vak Arabisch, het vak Turks, het vak Duitse taal, het vak Papiaments, het vak maatschappijleer II, het vak aardrijkskunde of het vak geschiedenis en staatsinrichting. 3 artikel 29, tweede of derde lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES In afwijking van het eerste lid is de kandidaat met het profiel economie of met leerwegondersteunend onderwijs, ten aanzien van wie toepassing is gegeven aan, bij het eindexamen vrijgesteld van het vak Franse taal of het vak Spaanse taal. In plaats van het vak waarvoor vrijstelling is verleend, doet de kandidaat eindexamen in één van de vakken Arabische taal, Turkse taal, Duitse taal, Papiaments, maatschappijkunde, geschiedenis en staatsinrichting, of aardrijkskunde. 4 artikel 16, negende lid, van de wet In geval van toepassing van, zijn het eerste tot en met het derde lid van toepassing, met dien verstande dat het vervangen vak niet als extra vak als bedoeld in het zevende lid, gekozen kan worden. 5 In afwijking van het eerste lid is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs vrijgesteld van de vakken lichamelijke opvoeding en de vakken behorende tot de beeldende vorming, muziek, dans of drama van het gemeenschappelijk deel. 6 Artikel 11, zesde en zevende lid In afwijking van het eerste lid kan de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs, op zijn verzoek bij het eindexamen ontheffing worden verleend van de vakken Franse taal of Spaanse taal van het profieldeel of van beide., is van overeenkomstige toepassing. 7 In aanvulling op de voorgeschreven vakken, bedoeld in het eerste lid, kan het eindexamen omvatten, voor zover nog niet gekozen: a. artikel 16, zevende lid, onderdelen a en b, van de wet een vak als bedoeld in, b. artikel 29 van de wet een vak dat behoort tot het eindexamen van de gemengde leerweg als bedoeld in, of c. artikel 39 40 van de wet een vak genoemd in, dan wel aangewezen op grond van,of. 8 artikel 29, eerste lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES In afwijking van het eerste lid is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een school voor vmbo, voor zover het betreft de theoretische leerweg, bij het eindexamen vrijgesteld van de vakken waarvoor ontheffing is verleend van het volgende van onderwijs in lichamelijke opvoeding op grond van. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 15 — Artikel 15 Eindexamen vmbo basisberoepsgerichte leerweg#
Artikel 15 Eindexamen vmbo basisberoepsgerichte leerweg 1 artikel 18 van de wet Het eindexamen vmbo voor zover het betreft de basisberoepsgerichte leerweg, genoemd in, omvat in elk geval: a. artikel 18, vijfde lid, van de wet de vakken die het gemeenschappelijk deel ingevolge in, omvat, b. de twee algemene vakken die het profieldeel ingevolge artikel 18, zesde lid, van de wet, omvat, en c. een beroepsgericht programma, bestaande uit: 1°. het profielvak dat het profieldeel ingevolge artikel 18, zesde lid, van de wet, omvat, en 2°. in het vrije deel vier beroepsgerichte keuzevakken, als bedoeld in artikel 18, zevende lid, onderdeel a, van de wet. 2 artikel 29, tweede of derde lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES artikel 18, derde lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES In afwijking van het eerste lid is de kandidaat met het profiel economie en ondernemen, het profiel horeca, bakkerij en recreatie, of met leerwegondersteunend onderwijs, ten aanzien van wie toepassing is gegeven aan, bij het eindexamen vrijgesteld van het vak Franse taal of het vak Spaanse taal. In plaats hiervan omvat het eindexamen één van de vakken gekozen op grond van. 3 artikel 19 van de wet artikel 18 van de wet Voor zover het betreft een leer-werktraject als bedoeld in, omvat het eindexamen voor de leerling die dat traject heeft gevolgd, het vak Nederlandse taal en het beroepsgerichte programma dat onderdeel is van het leerwerktraject. Bovendien kan de leerling eindexamen afleggen in de andere vakken van de basisberoepsgerichte leerweg, bedoeld in, waarvan het bevoegd gezag op grond van artikel 19, derde lid, van de wet in voorkomend geval heeft beslist dat zij behoren tot het leer-werktraject van de leerling. 4 artikel 18, negende lid, onderdelen a en c, van de wet artikel 25, tweede lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES In geval van toepassing van, dan wel artikel 18, negende lid, onderdeel d, van de wet juncto, zijn het eerste tot en met het derde lid van toepassing, met dien verstande dat het vervangen vak niet als extra vak als bedoeld in het vijfde lid, kan dienen. 5 In aanvulling op de voorgeschreven vakken, bedoeld in het eerste lid, kan het eindexamen omvatten, voor zover nog niet gekozen: a. artikel 18, zesde lid, van de wet een vak, genoemd in, of een vak als bedoeld in artikel 18, zevende lid, van de wet, b. een vak dat op grond van het tweede lid onderdeel kan zijn van de basisberoepsgerichte leerweg, c. artikelen 16 18 29 van de wet een algemeen vak dat behoort tot het eindexamen van de theoretische leerweg, de kaderberoepsgerichte leerweg of de gemengde leerweg, genoemd in respectievelijk de,of, of d. artikelen 39 40 van de wet een vak als bedoeld in deof. 6 artikel 29, eerste lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES In afwijking van het eerste lid is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een school voor vmbo, voor zover het betreft de basisberoepsgerichte leerweg, bij het eindexamen vrijgesteld van de vakken waarvoor ontheffing is verleend van het volgende van onderwijs in lichamelijke opvoeding op grond van. 2017 444 28-11-2017 13-11-2017 2018 13 02-02-2018 23-01-2018 03-02-2018
Artikel 16 — Artikel 16 Eindexamen vmbo kaderberoepsgerichte leerweg#
Artikel 16 Eindexamen vmbo kaderberoepsgerichte leerweg 1 artikel 18 van de wet Het eindexamen vmbo voor zover het betreft de kaderberoepsgerichte leerweg, genoemd in, omvat in elk geval: a. artikel 18, vijfde lid, van de wet de vakken die het gemeenschappelijk deel ingevolge in, omvat, b. artikel 18, zesde lid, van de wet de twee algemene vakken die het profieldeel ingevolge, omvat, en c. een beroepsgericht programma, bestaande uit: 1°. artikel 18, zesde lid, van de wet het profielvak dat het profieldeel ingevolge, omvat, en 2°. artikel 18, zevende lid, onderdeel a, van de wet in het vrije deel vier beroepsgerichte keuzevakken, als bedoeld in. 2 Artikel 15, tweede lid , is van toepassing. 3 artikel 18, negende lid, onderdeel b, van de wet artikel 25, tweede lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES In geval van toepassing vandan wel artikel 18, negende lid, onderdeel d, van de wet juncto, zijn het eerste en tweede lid van toepassing, met dien verstande dat het vervangen vak niet als extra vak als bedoeld in het vierde lid, kan dienen. 4 In aanvulling op de voorgeschreven vakken, bedoeld in het eerste lid, kan het eindexamen omvatten, voor zover nog niet gekozen: a. artikel 18, zesde lid, van de wet een vak, genoemd in, of een vak als bedoeld in artikel 18, zevende lid, onderdeel a, van de wet, b. een vak dat op grond van het tweede lid onderdeel kan zijn van de kaderberoepsgerichte leerweg, c. artikel 16 artikel 29 van de wet een algemeen vak dat behoort tot het eindexamen van de theoretische leerweg of de gemengde leerweg, genoemd in respectievelijkof, of d. artikelen 39 40 van de wet een vak als bedoeld in deof. 5 artikel 29, eerste lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES In afwijking van het eerste lid is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een school voor vmbo, voor zover het betreft de kaderberoepsgerichte leerweg, bij het eindexamen vrijgesteld van de vakken waarvoor ontheffing is verleend van het volgende van onderwijs in lichamelijke opvoeding op grond van. 2017 444 28-11-2017 13-11-2017 2018 13 02-02-2018 23-01-2018 03-02-2018
Artikel 17 — Artikel 17 Eindexamen vmbo gemengde leerweg#
Artikel 17 Eindexamen vmbo gemengde leerweg 1 artikel 29 van de wet Het eindexamen vmbo voor zover het betreft de gemengde leerweg, genoemd in, omvat in elk geval: a. artikel 29, vijfde lid, van de wet de vakken die het gemeenschappelijk deel ingevolge, omvat, b. artikel 29, zesde lid, van de wet de twee algemene vakken die het profieldeel ingevolge, omvat waaronder tevens begrepen een profielwerkstuk, c. artikel 29, zevende lid, onderdelen a en c, van de wet in het vrije deel een nog niet in het profieldeel gekozen algemeen vak, bedoeld onderscheidenlijk genoemd in, en d. een beroepsgericht programma, bestaande uit: 1°. artikel 29, zesde lid, van de wet het profielvak dat het profieldeel ingevolgeomvat, en 2°. artikel 29, zevende lid, onderdeel b, van de wet in het vrije deel twee beroepsgerichte keuzevakken als bedoeld in. 2 Artikel 15, tweede lid , is van overeenkomstige toepassing. 3 artikel 29, negende lid, van de wet In geval van toepassing van, zijn het eerste en tweede lid van toepassing, met dien verstande dat het vervangen vak niet als extra vak als bedoeld in het vierde lid, kan dienen. 4 artikel 29, zevende lid, onderdelen a, b en c, van de wet artikel 39 40 van de wet In aanvulling op de voorgeschreven vakken, bedoeld in het eerste lid, kan het eindexamen omvatten, voor zover nog niet gekozen, een vak als bedoeld in, of als bedoeld inof. 5 artikel 29, eerste lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES In afwijking van het eerste lid is de kandidaat die het eindexamen aflegt aan een school voor vmbo, voor zover het betreft de gemengde leerweg, bij het eindexamen vrijgesteld van de vakken waarvoor ontheffing is verleend van het volgende van onderwijs in lichamelijke opvoeding op grond van. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 17a — Artikel 17a Vrijstelling vmbo wegens vervangend of extra vak#
Artikel 17a Vrijstelling vmbo wegens vervangend of extra vak artikel 14, eerste lid 15, eerste lid 16, eerste lid 17, eerste lid artikel 29, vierde, vijfde, zesde of zevende lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES In afwijking van,,, of, is de kandidaat die op grond vanis vrijgesteld van het volgen van onderwijs in een vak als daar bedoeld, eveneens bij het desbetreffende eindexamen vmbo vrijgesteld van dat vak. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 18 — Artikel 18 Examenreglement#
Artikel 18 Examenreglement 1 Het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs respectievelijk de examencommissie vavo stelt een examenreglement vast, dat in elk geval bevat: a. regels over de organisatie van het eindexamen en de gang van zaken tijdens het eindexamen; b. artikel 5 informatie over de toepassing van de maatregelen bedoeld in; c. inhaal- en herkansingsmogelijkheden van het schoolexamen, waarbij in ieder geval wordt voorzien in een inhaalmogelijkheid voor de kandidaat die door ziekte of ten gevolge van een bijzondere van zijn wil onafhankelijke omstandigheid niet in staat is geweest aan een of meer toetsen van het schoolexamen deel te nemen; en d. artikel 5, vierde en vijfde lid in het geval van een school voor voortgezet onderwijs, de samenstelling en het adres van de in, bedoelde commissie van beroep. 2 artikel 23b, eerste lid, onderdeel a Het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs wijkt bij de vaststelling van het examenreglement slechts af van het voorstel, bedoeld in, nadat het bevoegd gezag: a. overleg heeft gepleegd met de examencommissie; en b. de afwijking schriftelijk heeft gemotiveerd. 3 Het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs zendt de schriftelijke motivering, bedoeld in het tweede lid, zo spoedig mogelijk aan de examencommissie 5 Het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs respectievelijk de examencommissie vavo zendt jaarlijks voor 1 oktober het vastgestelde examenreglement aan de kandidaten en de inspectie. 6 Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op deeleindexamens. 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 01-08-2021
Artikel 18a — Artikel 18a Programma van toetsing en afsluiting: de inhoud#
Artikel 18a Programma van toetsing en afsluiting: de inhoud 1 Het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs respectievelijk de examencommissie vavo stelt jaarlijks voor 1 oktober een programma van toetsing en afsluiting vast voor het desbetreffende schooljaar. 2 Het programma van toetsing en afsluiting vermeldt in ieder geval: a. welke examenstof van het examenprogramma in het schoolexamen wordt getoetst; b. welke door het bevoegd gezag vast te stellen examenstof in het schoolexamen wordt getoetst; c. de inhoud van de toetsen die onderdeel uitmaken van het schoolexamen; d. de wijze waarop en tijdvakken waarbinnen de toetsen en herkansingen van het schoolexamen plaatsvinden; e. de regels voor de wijze waarop het cijfer voor het schoolexamen voor een kandidaat tot stand komt. 3 Het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs respectievelijk de examencommissie vavo draagt er zorg voor dat ten aanzien van de toetsen die deel uitmaken van het schoolexamen, in het programma van toetsing en afsluiting duidelijk en herleidbaar wordt aangegeven welke toetsen bijdragen aan de afsluiting van: a. de verplichte examenstof van het examenprogramma die behoort bij het schoolexamen; b. de examenstof van het examenprogramma die behoort tot de verplichte examenstof van het centraal examen, maar die ook in het schoolexamen zal worden getoetst; en c. examenstof die is gekozen door het bevoegd gezag. 4 Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op deeleindexamens. 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 01-08-2021
Artikel 18b — Artikel 18b Programma van toetsing en afsluiting: de vaststelling#
Artikel 18b Programma van toetsing en afsluiting: de vaststelling 1 artikel 18a, eerste lid artikel 23b , eerste lid, onderdeel b Het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs wijkt bij de vaststelling van het programma van toetsing en afsluiting als bedoeld in, slechts af van het voorstel van de examencommissie, bedoeld in, nadat het bevoegd gezag: a. overleg heeft gepleegd met de examencommissie; en b. de afwijking schriftelijk heeft gemotiveerd. 2 Het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs zendt de schriftelijke motivering bedoeld in het tweede lid, zo spoedig mogelijk aan de examencommissie 3 Het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs respectievelijk de examencommissie vavo zendt jaarlijks voor 1 oktober het vastgestelde programma van toetsing en afsluiting voor het desbetreffende schooljaar aan de kandidaten en de inspectie. 4 Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op deeleindexamens. 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 01-08-2021
Artikel 18c — Artikel 18c Programma van toetsing en afsluiting: wijziging#
Artikel 18c Programma van toetsing en afsluiting: wijziging 1 Het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs respectievelijk de examencommissie vavo kan het programma van toetsing en afsluiting na 1 oktober slechts wijzigen: a. in het geval van een bijzonder onvoorziene omstandigheid die leidt tot praktische onuitvoerbaarheid van het programma van toetsing en afsluiting; of b. ter verbetering van een kennelijke onjuistheid of kennelijke onvolledigheid in het programma van toetsing en afsluiting. 2 De examencommissie van de school voor voortgezet onderwijst wordt vooraf in de gelegenheid gesteld om te adviseren over een wijziging als bedoeld in het eerste lid. 3 Het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs wijkt bij de vaststelling van een wijziging van het programma van toetsing en afsluiting slechts af van het advies van de examencommissie nadat het bevoegd gezag: a. overleg heeft gepleegd met de examencommissie; en b. de afwijking schriftelijk heeft gemotiveerd. 4 Artikel 18b, derde lid , is van overeenkomstige toepassing op de vaststelling van de wijziging van het programma van toetsing en afsluiting na 1 oktober. 5 Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op deeleindexamens. 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 01-08-2021
Artikel 19 — Artikel 19 Schoolexamen#
Artikel 19 Schoolexamen 1 Het bevoegd gezag bepaalt het tijdstip waarop het schoolexamen aanvangt. 2 artikel 25 Het schoolexamen wordt afgesloten voor de aanvang van het eerste tijdvak, bedoeld in. Bij toepassing van artikel 25, zevende lid, wordt het schoolexamen in het vak waarop de toets betrekking heeft, afgesloten tien werkdagen voor de afname van die toets. 3 Het bevoegd gezag kan in afwijking van het tweede lid een kandidaat die ten gevolge van ziekte of een andere van zijn wil onafhankelijke omstandigheid het schoolexamen in één of meer vakken niet heeft kunnen afsluiten voor de aanvang van het eerste tijdvak, in de gelegenheid stellen het schoolexamen in dat vak of in die vakken af te sluiten vóór het centraal examen in dat vak of in die vakken, doch na de aanvang van het eerste tijdvak. 4 artikel 179, tweede lid, van de wet Indien het bevoegd gezag gebruikmaakt van de afwijkingsbevoegdheid in het derde lid, zendt het de resultaten die zijn behaald met het schoolexamen en het profielwerkstuk in het vmbo zo spoedig mogelijk aan de inspectie, tenzij het bevoegd gezag op grond vanexamengegevens samen met het persoonsgebonden nummer verstrekt aan Onze Minister. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 20 — Artikel 20 Verstrekking overzicht onderdelen en beoordeling schoolexamen#
Artikel 20 Verstrekking overzicht onderdelen en beoordeling schoolexamen 1 Voor de aanvang van het eerste tijdvak van het centraal examen verstrekt de directeur respectievelijk de examencommissie vavo aan de kandidaat, voor zover van toepassing, het volgende: a. artikel 23 een overzicht van behaalde resultaten van alle onderdelen in het examendossier bedoeld in; b. een overzicht van de cijfers die de kandidaat heeft behaald voor het schoolexamen; c. de beoordeling voor de vakken waarvoor geen cijfer wordt vastgesteld; en d. de beoordeling van het profielwerkstuk in het vmbo. 2 De directeur, de examensecretaris dan wel de examencommissie vavo tekenen voor verstrekking van de in het eerste lid genoemde overzichten en beoordelingen aan de kandidaat. 3 De kandidaat tekent voor ontvangst van de in het eerste lid genoemde overzichten en beoordelingen. 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 01-08-2021
Artikel 21 — Artikel 21 Beoordeling schoolexamen#
Artikel 21 Beoordeling schoolexamen 1 Het cijfer van het schoolexamen wordt uitgedrukt in een cijfer uit een schaal van cijfers lopende van 1 tot en met 10. 2 Indien in een vak tevens centraal examen wordt afgelegd, worden de in het eerste lid genoemde cijfers gebruikt met de daartussen liggende cijfers met 1 decimaal. 3 In afwijking van het eerste lid, worden de kunstvakken en het vak lichamelijke opvoeding uit het gemeenschappelijk deel van elk profiel, beoordeeld met «voldoende» of «goed». Deze beoordeling gaat uit van de mogelijkheden van de leerling en geschiedt op de grondslag van het genoegzaam afsluiten van de desbetreffende vakken, zoals blijkend uit het examendossier. 4 In afwijking van het eerste lid wordt het profielwerkstuk in het vmbo beoordeeld met «voldoende» of «goed». Deze beoordeling geschiedt op de grondslag van het genoegzaam voltooien van het profielwerkstuk, zoals blijkend uit het examendossier. Het profielwerkstuk in het vmbo wordt beoordeeld door ten minste twee examinatoren. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 22 — Artikel 22 Herexamen schoolexamen vmbo#
Artikel 22 Herexamen schoolexamen vmbo 1 Het bevoegd gezag kan bepalen dat de kandidaat die eindexamen of deeleindexamen aflegt, voor één of meer vakken het schoolexamen waarin geen centraal examen wordt afgenomen, opnieuw kan afleggen, met dien verstande dat het bevoegd gezag dit recht in elk geval verleent voor het vak maatschappijleer behorend tot het gemeenschappelijk deel van de leerwegen, indien de kandidaat voor dat vak een eindcijfer heeft behaald lager dan 6. Het herexamen omvat door het bevoegd gezag aangegeven onderdelen van het examenprogramma. 2 Het bevoegd gezag stelt vast hoe het cijfer van het in het eerste lid bedoelde herexamen wordt bepaald. Het hoogste van de cijfers behaald bij het herexamen in een vak en bij het eerder afgelegde schoolexamen in dat vak geldt als het definitieve cijfer van het schoolexamen in dat vak. 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 01-08-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 23 — Artikel 23 Examendossier#
Artikel 23 Examendossier artikel 24, eerste lid artikel 26, tweede lid, van het Inrichtingsbesluit WVO BES Het schoolexamen bestaat uit een examendossier. Het examendossier is het geheel van de onderdelen van het schoolexamen zoals gedocumenteerd in een door het bevoegd gezag gekozen vorm. Het examendossier voor het vmbo omvat tevens de resultaten die de leerling heeft behaald voor de vakken, bedoeld in, of, voor zover in die vakken geen eindexamen is afgelegd. 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 01-08-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 23a — Artikel 23a De benoeming en samenstelling van de examencommissie#
Artikel 23a De benoeming en samenstelling van de examencommissie 1 Het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs: a. stelt een of meer examencommissies in ten behoeve van de borging van de kwaliteit van de schoolexaminering; b. benoemt de leden van de examencommissie; en c. draagt zorg voor het onafhankelijk en deskundig functioneren van de examencommissie. 2 De examencommissie heeft een oneven aantal leden en ten minste drie leden. 3 De volgende personen kunnen niet worden benoemd tot lid van de examencommissie: a. leden van het bevoegd gezag; b. de directeur van de school; c. artikel 57 WVO BES leden van de medezeggenschapsraad of de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad van de school als bedoeld in; d. leerlingen van de school en hun wettelijk vertegenwoordigers. 4 Bij de benoeming van de leden van de examencommissie draagt het bevoegd gezag er zorg voor dat de examencommissie deskundig is op het gebied van: a. de desbetreffende schoolsoort; b. de regelgeving over examinering in het voortgezet onderwijs; en c. de kwaliteit van examinering. 5 Alvorens tot benoeming van een lid over te gaan, hoort het bevoegd gezag de overige leden van de examencommissie . 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 01-08-2021
Artikel 23b — Artikel 23b De taken en bevoegdheden van de examencommissie#
Artikel 23b De taken en bevoegdheden van de examencommissie 1 De examencommissie heeft voor de borging van de kwaliteit van de schoolexaminering de volgende taken en bevoegdheden: a. artikel 31 het opstellen van een voorstel voor een examenreglement als bedoeld invoor het bevoegd gezag; b. artikel 18a het jaarlijks opstellen van een voorstel voor een programma van toetsing en afsluiting als bedoeld invoor het bevoegd gezag; c. het borgen van het afsluitend karakter en de kwaliteit van het schoolexamen; d. het vaststellen van richtlijnen en aanwijzingen om te komen tot een beoordeling van het schoolexamen; en e. overige door het bevoegd gezag aan de commissie opgedragen taken en bevoegdheden. 2 De examencommissie stelt regels vast over haar werkwijze. 3 De examencommissie stelt jaarlijks een verslag op van haar werkzaamheden. 4 De examencommissie evalueert jaarlijks de kwaliteit van de schoolexaminering en stelt een advies op aan het bevoegd gezag en de directeur over noodzakelijke en wenselijke verbeteringen. 5 De examencommissie verstrekt de regels over haar werkwijze, het verslag, de evaluatie en het advies bedoeld in het tweede tot en met het vierde lid, aan het bevoegd gezag, aan de directeur en aan de examensecretaris van een school voor voortgezet onderwijs. 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 01-08-2021
Artikel 24 — Artikel 24 Gecommitteerden#
Artikel 24 Gecommitteerden 1 Onze Minister wijst voor elke school een of meer gecommitteerden aan en maakt deze aanwijzing bekend aan de scholen waarvoor zij de tweede correctie verrichten. 2 In afwijking van het eerste lid worden voor het praktisch gedeelte van het centraal examen vmbo geen gecommitteerden aangewezen. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 25 — Artikel 25 Tijdvakken en afneming centraal examen#
Artikel 25 Tijdvakken en afneming centraal examen 1 Het centraal examen voor de scholen voor voortgezet onderwijs kent een eerste, tweede en derde tijdvak. 2 Het eerste en tweede tijdvak worden afgenomen in het laatste leerjaar. 3 Het derde tijdvak wordt aansluitend aan het laatste leerjaar afgenomen door het College voor toetsen en examens. 4 Het College voor toetsen en examens kan vakken aanwijzen waarin wegens het zeer geringe aantal kandidaten, het centraal examen in het tweede tijdvak wordt afgenomen door het College voor toetsen en examens. 5 Bij toepassing van het derde of vierde lid, gelden de volgende regels: a. de directeur deelt aan Onze Minister mee welke kandidaten het centraal examen zullen afleggen en in welke vakken; b. de kandidaten leveren de opgaven, de door hen gemaakte aantekeningen alsmede andere door hen gemaakte stukken in bij een van degenen die toezicht houden. Het College voor toetsen en examens bepaalt, in welke gevallen wordt afgeweken van de eerste volzin alsmede in welke gevallen en op welk tijdstip de opgaven, de aantekeningen en de andere stukken, bedoeld in die volzin aan de kandidaten worden teruggegeven; c. het College voor toetsen en examens deelt het door de kandidaat behaalde cijfer voor het centraal examen aan de directeur mee. 6 Het College voor toetsen en examens kan bepalen dat een toets wordt afgenomen op een tijdstip dat is gelegen voor de aanvang van het eerste tijdvak. 7 Het College voor toetsen en examens kan voor een toets een afnameperiode instellen waarbinnen het bevoegd gezag zelf de afnametijdstippen bepaalt. Deze afnameperiode vangt niet eerder aan dan op 1 april van het desbetreffende examenjaar en omvat het eerste en tweede tijdvak van dat examenjaar. 8 Het College voor toetsen en examens kan regels stellen voor de uitvoering van een toets van het centraal examen. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 26 — Artikel 26 Centraal examen in eerder leerjaar#
Artikel 26 Centraal examen in eerder leerjaar 1 artikel 25, tweede lid In afwijking van, kan het bevoegd gezag een leerling uit het voorlaatste of direct daaraan voorafgaande leerjaar toelaten tot het centraal examen in één of meer vakken, niet zijnde alle vakken van het eindexamen. 2 Bij toepassing van het eerste lid wordt het schoolexamen in dat vak of die vakken afgesloten voordat in dat leerjaar het centraal examen in dat vak of die vakken aanvangt. 3 Artikel 37, zevende lid artikel 37a, vijfde lid , en, zijn van overeenkomstige toepassing. 4 Indien toepassing wordt gegeven aan het eerste lid, wordt het derde tijdvak aansluitend aan het voorlaatste of direct daaraan voorafgaande leerjaar afgenomen door het College voor toetsen en examens. 5 Indien de leerling in één of meer vakken centraal examen heeft afgelegd in het voorlaatste of direct daaraan voorafgaande leerjaar, en niet is bevorderd tot het volgende leerjaar, vervallen de met dit centraal examen of deze centrale examens behaalde resultaten. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 27 — Artikel 27 Opgave kandidaten centraal examen#
Artikel 27 Opgave kandidaten centraal examen De directeur deelt jaarlijks voor 1 november aan Onze Minister mede hoeveel kandidaten in elk vak aan het centraal examen in het eerste tijdvak zullen deelnemen. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 28 — Artikel 28 Regels omtrent het centraal examen#
Artikel 28 Regels omtrent het centraal examen 1 artikel 2, onderdeel c, van de Wet College voor toetsen en examens Onze Minister zorgt ervoor dat de opgaven, bedoeld intijdig beschikbaar worden gesteld aan de directeur van de school. 2 De directeur zorgt ervoor, dat de opgaven voor het centraal examen geheim blijven tot de aanvang van de toets waarbij deze opgaven aan de kandidaten worden voorgelegd. Het College voor toetsen en examens kan opgaven aanwijzen waarop de eerste volzin niet van toepassing is. 3 Tijdens een toets van het centraal examen worden aan de kandidaten geen mededelingen van welke aard ook, aangaande de opgaven gedaan, uitgezonderd mededelingen van het College voor toetsen en examens. 4 De directeur draagt er zorg voor dat het nodige toezicht bij het centraal examen wordt uitgeoefend. 5 Zij die toezicht hebben gehouden, maken een proces-verbaal op. Zij leveren dit in bij de directeur samen met het gemaakte examenwerk. 6 Een kandidaat die te laat komt, mag tot uiterlijk een half uur na de aanvang van de toets tot die toets worden toegelaten. 7 De aan de kandidaten voorgelegde opgaven voor een toets van het centraal examen blijven in het examenlokaal tot het einde van die toets. 2016 174 18-05-2016 22-04-2016 2016 225 17-06-2016 03-06-2016 01-08-2016
Artikel 29 — Artikel 29 Beoordeling centraal examen#
Artikel 29 Beoordeling centraal examen 1 artikel 2, tweede lid, onderdeel d, van de Wet College voor toetsen en examens De directeur doet het gemaakte werk van het centraal examen met een exemplaar van de opgaven, de beoordelingsnormen en met het proces-verbaal van het examen toekomen aan de examinator in het desbetreffende vak. De examinator beoordeelt het werk zo spoedig mogelijk en past daarbij de beoordelingsnormen, bedoeld intoe. De examinator drukt zijn beoordeling uit in de score, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel d, van de Wet College voor toetsen en examens. De examinator zendt de score en het beoordeelde werk aan de directeur. 2 artikel 24, tweede lid De directeur doet de van de examinator ontvangen stukken met een exemplaar van de opgaven, de beoordelingsnormen, het proces-verbaal en de regels voor het bepalen van de score, bedoeld in het eerste lid, onverwijld aan de directeur van de school, bedoeld in, toekomen. De directeur stelt deze documenten ter hand aan de gecommitteerde. 3 artikel 2, tweede lid, onderdeel d, van de Wet College voor toetsen en examens De gecommitteerde beoordeelt het werk zo spoedig mogelijk en past daarbij toe de beoordelingsnormen en de daarbij behorende scores, bedoeld in. De gecommitteerde voegt bij het gecorrigeerde werk een verklaring betreffende de verrichtte correctie. Deze verklaring is medeondertekend door het bevoegd gezag van de school waarbij de gecommitteerde werkzaam is. 4 Bij digitale examinering worden de handelingen, bedoeld in het eerste en tweede lid, digitaal verricht, uitgezonderd de handelingen die betrekking hebben op het proces-verbaal. 5 Bij ministeriële regeling kunnen nadere voorschriften worden gegeven voor de toepassing van het eerste tot en met vierde lid. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 30 — Artikel 30 Beoordeling centraal examen cspe#
Artikel 30 Beoordeling centraal examen cspe 1 artikel 2, tweede lid, onderdeel d, van de Wet College voor toetsen en examens De directeur draagt er zorg voor dat bij het maken van het cspe van een eindexamen vmbo, de examinator in het desbetreffende vak of programma aanwezig is. De examinator beoordeelt de prestaties tijdens het maken van de opgaven en legt zijn bevindingen van de verrichtingen van de kandidaat schriftelijk vast, volgens daartoe door het College voor toetsen en examens gegeven richtlijnen. De examinator beoordeelt het werk zo spoedig mogelijk en past daarbij toe de beoordelingsnormen, bedoeld in. De examinator drukt zijn beoordeling uit in de score, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel d, van de Wet College voor toetsen en examens. De examinator zendt de score en voor zover mogelijk het beoordeelde werk aan de directeur. 2 artikel 72, tweede lid, van de wet Artikel 29, vierde lid Voor het cspe vmbo vindt de beoordeling tevens plaats door een tweede examinator. De tweede examinator kan een deskundige als bedoeld inof een andere examinator van de school zijn. De tweede examinator beoordeelt het resultaat van de opgaven, alsmede de verrichtingen van de kandidaat zoals blijkend uit de in het eerste lid bedoelde schriftelijke vastlegging daarvan. De directeur overhandigt de tweede examinator daartoe een exemplaar van de opgaven, de beoordelingsnormen, het proces-verbaal, alsmede de regels voor het bepalen van de score, bedoeld in het eerste lid., is van overeenkomstige toepassing. 2016 174 18-05-2016 22-04-2016 2016 225 17-06-2016 03-06-2016 01-08-2016
Artikel 31 — Artikel 31 Vaststelling score en cijfer centraal examen#
Artikel 31 Vaststelling score en cijfer centraal examen 1 De examinator en de gecommitteerde stellen in onderling overleg de score voor het centraal examen vast. Indien de examinator en de gecommitteerde daarbij niet tot overeenstemming komen, wordt het geschil voorgelegd aan het bevoegd gezag van de gecommitteerde. Dit bevoegd gezag kan hierover in overleg treden met het bevoegd gezag van de examinator. Indien het geschil niet kan worden beslecht, wordt hiervan melding gemaakt aan de inspectie. De inspectie kan een onafhankelijke corrector aanwijzen. De beoordeling van deze corrector komt in de plaats van de eerdere beoordelingen. 2 artikel 2, tweede lid, onderdeel e, van de Wet College voor toetsen en examens De directeur stelt het cijfer voor het centraal examen in een vak vast op grond van de score, bedoeld in het eerste lid, en met inachtneming van de regels, bedoeld in. 2016 174 18-05-2016 22-04-2016 2016 225 17-06-2016 03-06-2016 01-08-2016
Artikel 32 — Artikel 32 Niet op regelmatige wijze afgenomen centraal examen#
Artikel 32 Niet op regelmatige wijze afgenomen centraal examen 1 Indien het centraal examen naar het oordeel van de inspectie niet op regelmatige wijze heeft plaatsgehad kan zij besluiten dat het geheel of gedeeltelijk voor een of meer kandidaten opnieuw wordt afgenomen. 2 De inspectie verzoekt het College voor toetsen en examens nieuwe opgaven vast te stellen en bepaalt op welke wijze en door wie het examen zal worden afgenomen. 2016 174 18-05-2016 22-04-2016 2016 225 17-06-2016 03-06-2016 01-08-2016
Artikel 33 — Artikel 33 Onvoorziene omstandigheden centraal examen#
Artikel 33 Onvoorziene omstandigheden centraal examen Indien door onvoorziene omstandigheden het centraal examen in één of meer vakken aan één of meer scholen niet op de voorgeschreven wijze kan worden afgenomen, beslist Onze Minister hoe alsdan moet worden gehandeld. 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 01-08-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 34 — Artikel 34 Verhindering centraal examen#
Artikel 34 Verhindering centraal examen 1 Indien een kandidaat om een geldige reden, ter beoordeling van de directeur, is verhinderd bij één of meer toetsen in het eerste tijdvak tegenwoordig te zijn, wordt hem in het tweede tijdvak de gelegenheid gegeven het centraal examen voor ten hoogste twee toetsen per dag alsnog te voltooien. 2 Indien een kandidaat in het tweede tijdvak evenzeer verhinderd is, of wanneer hij het centraal examen in het tweede tijdvak niet kan voltooien, wordt hij in de gelegenheid gesteld in het derde tijdvak ten overstaan van het College voor toetsen en examens zijn eindexamen te voltooien. 3 artikel 43, eerste, tweede dan wel derde lid De kandidaat meldt zich zo spoedig mogelijk door tussenkomst van de directeur aan bij het College voor toetsen en examens. In dat geval deelt de directeur aan het College voor toetsen en examens mede, wanneer dat zich voordoet, dat ten behoeve van de kandidaat toepassing is gegeven aan, en waaruit deze toepassing bestaat. 4 Na afloop van het derde tijdvak deelt het College voor toetsen en examens het resultaat mede aan de directeur. 5 artikel 25, zevende lid Indien het bevoegd gezag op grond van, zelf de afnametijdstippen bepaalt, kan de directeur een kandidaat de gelegenheid geven om binnen de afnameperiode die het College voor toetsen en examens daarvoor heeft ingesteld, alsnog de toetsen te voltooien waarvoor hij eerder was verhinderd. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 35 — Artikel 35 Eindcijfer eindexamen#
Artikel 35 Eindcijfer eindexamen 1 Het eindcijfer voor alle vakken van het eindexamen wordt uitgedrukt in een geheel cijfer uit de reeks 1 tot en met 10. 2 De directeur bepaalt het eindcijfer op het rekenkundig gemiddelde van het cijfer voor het schoolexamen en het cijfer voor het centraal examen. Indien de uitkomst van de berekening niet een geheel getal is, wordt dat getal indien het eerste cijfer achter de komma een 4 of lager is, naar beneden afgerond en indien dat cijfer een 5 of hoger is, naar boven afgerond. 3 Indien in een vak alleen een schoolexamen is afgenomen en niet tevens een centraal examen is het cijfer voor het schoolexamen tevens het eindcijfer. 2014 510 17-12-2014 02-12-2014 2015 112 17-03-2015 28-02-2015 18-03-2015
Artikel 36 — Artikel 36 Vaststelling uitslag#
Artikel 36 Vaststelling uitslag 1 artikel 37 artikel 37a artikel 40 De directeur en de examensecretaris van het eindexamen stellen in geval van een eindexamen de uitslag vast met inachtneming vanof, en voor zover van toepassing. 2 De uitslag luidt «geslaagd» of «afgewezen». 3 Indien dat nodig is om de kandidaat te laten slagen betrekken de directeur en de examensecretaris van het eindexamen een of meer eindcijfers van de vakken niet bij de bepaling van de definitieve uitslag. De overgebleven vakken dienen een eindexamen te vormen. 4 Indien de kandidaat aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs examen aflegt in één vak of in een aantal vakken die samen geen eindexamen vormen, kan de kandidaat daaraan voorafgaand aan de examencommissie vavo kenbaar maken, het volledig eindexamen te willen afleggen door voor de ontbrekende vakken in aanvulling op de cijferlijst voor die vakken aan deze examencommissie één of meer van de volgende bewijsstukken te overleggen: a. artikel 39, eerste lid artikel 40 een of meer in, of, bedoelde cijferlijsten van een school voor voortgezet onderwijs, uitgereikt in een eerder jaar; b. artikel 39, eerste lid 41, eerste lid een of meer door een andere instelling voor educatie en beroepsonderwijs afgegeven cijferlijsten als bedoeld in, of; c. artikel 28, eerste of tweede lid artikel 29, eerste lid, van het Staatsexamenbesluit VO BES een of meer cijferlijsten als bedoeld in, of; d. artikel 9, vierde lid artikel 10, vierde lid, van het Staatsexamenbesluit VO BES een of meer bewijzen van ontheffing als bedoeld in, van dit besluit, of als bedoeld in. 5 Cijferlijsten worden uitsluitend bij de vaststelling van de uitslag betrokken, indien na het jaar waarin zij zijn vastgesteld, nog geen 10 jaren zijn verstreken. Bewijzen van ontheffing worden uitsluitend bij de vaststelling van de uitslag betrokken indien na het jaar waarin het onderliggende diploma, getuigschrift of ander bewijsstuk is vastgesteld, nog geen 10 jaren zijn verstreken. 6 artikelen 11 12 13 14 15 16 17 artikel 8 artikel 9 van het Staatsexamenbesluit VO BES De kandidaat toont in voorkomend geval ten genoegen van de directeur aan dat hij recht heeft op een vrijstelling of ontheffing ingevolge de,,,,,of, of ingevolge, van dit besluit, dan wel als bedoeld in. 7 artikelen 11 12 13 14 15 16 17 De directeur vergewist zich ervan dat het eindexamen de in de,,,,,ofvoorgeschreven vakken omvat. 8 Indien de kandidaat eindexamen heeft afgelegd en in datzelfde jaar deelstaatsexamen heeft afgelegd of deeleindexamen aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs, worden de met het deelstaatsexamen respectievelijk deeleindexamen behaalde cijfers, indien de kandidaat daarom tijdig en schriftelijk heeft verzocht, betrokken bij de uitslagbepaling. 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 01-08-2021
Artikel 37 — Artikel 37 Uitslag eindexamen leerwegen vmbo#
Artikel 37 Uitslag eindexamen leerwegen vmbo 1 De kandidaat die het eindexamen van een leerweg in het vmbo heeft afgelegd, is geslaagd indien: a. het rekenkundig gemiddelde van zijn bij het centraal examen behaalde cijfers ten minste 5,5 is; b. hij: 1°. voor één van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 5 of meer en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald; 2°. voor één van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 4 en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer waarvan ten minste één 7 of meer heeft behaald; of 3°. voor twee van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 5 heeft behaald en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer waarvan ten minste één 7 of meer heeft behaald; c. hij voor geen van de onderdelen, genoemd in het derde of vierde lid, lager dan het eindcijfer 4 heeft behaald; d. hij voor de vakken lichamelijke opvoeding en het kunstvak uit het gemeenschappelijk deel de kwalificatie «voldoende» of «goed» heeft behaald; en e. als het een eindexamen gemengde of theoretische leerweg betreft: hij voor het profielwerkstuk de kwalificatie «voldoende» of «goed» heeft behaald. 2 artikel 17 Bij de uitslagbepaling volgens het eerste lid, onderdeel c, wordt in de theoretische leerweg het eindcijfer van een profielvak of beroepsgericht keuzevak behorende tot het eindexamen van de gemengde leerweg als bedoeld inniet betrokken, tenzij deze vakken samen tenminste een volledig beroepsgericht programma als bedoeld in artikel 17, eerste lid, onderdeel d, vormen. In dat geval is het vierde lid van overeenkomstige toepassing. 3 Bij de uitslagbepaling volgens het eerste lid, onderdeel c, wordt in de basisberoepsgerichte leerweg en de kaderberoepsgerichte leerweg het gemiddelde van de eindcijfers van alle beroepsgerichte keuzevakken aangemerkt als het eindcijfer van één vak. 4 Bij de uitslagbepaling volgens het eerste lid, onderdeel c, wordt in de gemengde leerweg het gemiddelde van de eindcijfers van het profielvak en alle beroepsgerichte keuzevakken aangemerkt als het eindcijfer van één vak, met dien verstande dat het eindcijfer voor het profielvak daarbij net zo vaak meetelt als het aantal eindcijfers van beroepsgerichte keuzevakken dat in de berekening wordt betrokken. 5 De directeur bepaalt het eindcijfer, bedoeld in het derde en vierde lid, als het rekenkundig gemiddelde van de eindcijfers van de samenstellende onderdelen. Indien de uitkomst van deze berekening niet een geheel getal is, wordt dat getal indien het eerste cijfer achter de komma een 4 of lager is, naar beneden afgerond en indien dat cijfer een 5 of hoger is, naar boven afgerond. 6 artikel 19 van de wet In afwijking van het eerste lid, is de kandidaat die het eindexamen vmbo in de basisberoepsgerichte leerweg heeft afgelegd ter afsluiting van een leerwerktraject als bedoeld ingeslaagd indien: Indien de vakken waarin examen is afgelegd, tezamen een eindexamen vormen van de basisberoepsgerichte leerweg, bedoeld in artikel 10b van de wet, zijn het eerste en derde lid van overeenkomstige toepassing. a. hij voor het vak Nederlandse taal als eindcijfer 5 of meer heeft behaald; b. hij voor het profielvak als eindcijfer 6 of meer heeft behaald; en c. hij als eindcijfer, bedoeld in het derde lid, 6 of meer heeft behaald. 7 artikel 38 Zodra de eindcijfers en indien mogelijk de uitslag zijn vastgesteld, maakt de directeur deze schriftelijk aan de kandidaat bekend, onder mededeling van het inbepaalde. De uitslag is de definitieve uitslag indien artikel 38, eerste lid, geen toepassing vindt. 2016 174 18-05-2016 22-04-2016 2016 225 17-06-2016 03-06-2016 01-08-2016
Artikel 37a — Artikel 37a Uitslag eindexamen vwo en havo#
Artikel 37a Uitslag eindexamen vwo en havo 1 De kandidaat die eindexamen vwo of havo heeft afgelegd, is geslaagd indien: a. het rekenkundig gemiddelde van zijn bij het centraal examen behaalde cijfers ten minste 5,5 is; b. hij voor één van de vakken Nederlandse taal en literatuur, Engelse taal en literatuur en voor zover van toepassing wiskunde A, wiskunde B of wiskunde C als eindcijfer 5 of meer heeft behaald en hij voor het andere vak dan wel vakken, genoemd in dit subonderdeel als eindcijfer 6 of meer heeft behaald; c. hij onverminderd onderdeel b: 1°. voor één van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 5 of meer en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald; 2°. voor één van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 4 en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald, en het gemiddelde van de eindcijfers ten minste 6,0 bedraagt; 3°. voor twee van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 5 heeft behaald en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald, en het gemiddelde van de eindcijfers ten minste 6,0 bedraagt; of 4°. voor één van de vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld als eindcijfer 4 en voor één van deze vakken als eindcijfer 5 heeft behaald en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald, en het gemiddelde van de eindcijfers ten minste 6,0 bedraagt; d. hij voor geen van de onderdelen, genoemd in het tweede lid, lager dan het eindcijfer 4 heeft behaald; en e. hij voor het vak lichamelijke opvoeding van het gemeenschappelijk deel van elk profiel de kwalificatie «voldoende» of «goed» heeft behaald. 2 Bij de uitslagbepaling volgens het eerste lid, wordt het gemiddelde van de eindcijfers van ten minste de volgende onderdelen aangemerkt als het eindcijfer van één vak, voor zover voor deze onderdelen een eindcijfer is bepaald: maatschappijleer, culturele en kunstzinnige vorming en het profielwerkstuk. Het bevoegd gezag kan daaraan toevoegen: a. literatuur, als onderdeel van alle afzonderlijke moderne talen, met dien verstande dat indien het bevoegd gezag daartoe niet besluit, literatuur voor de bepaling van de eindcijfers een onderdeel is van het schoolexamen van de desbetreffende taal en literatuur; b. algemene natuurwetenschappen in het havo en vwo; c. artikel 11, eerste lid, onder c artikel 12, eerste lid, onder c artikel 13, eerste lid, onder c bij bijzondere scholen: godsdienst of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs, met dien verstande dat indien het bevoegd gezag daartoe niet besluit, godsdienst of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs geen onderdeel is van het eindexamen, tenzij Onze Minister daarvoor goedkeuring heeft verleend met toepassing van,, of. 3 artikel 18 Indien het bevoegd gezag toepassing geeft aan de tweede volzin van het tweede lid, wordt in het examenreglement, bedoeld in, vermeld welk onderdeel of welke onderdelen worden toegevoegd. 4 De directeur bepaalt het eindcijfer, bedoeld in het tweede lid, als het rekenkundig gemiddelde van de eindcijfers van de samenstellende onderdelen. Indien de uitkomst van deze berekening niet een geheel getal is, wordt dat getal indien het eerste cijfer achter de komma een 4 of lager is, naar beneden afgerond en indien dat cijfer een 5 of hoger is, naar boven afgerond. 5 artikel 38 Zodra de eindcijfers en indien mogelijk de uitslag zijn vastgesteld, maakt de directeur deze schriftelijk aan de kandidaat bekend, onder mededeling van het inbepaalde. De uitslag is de definitieve uitslag indien artikel 38, eerste lid, geen toepassing vindt. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 38 — Artikel 38 Herkansing centraal examen#
Artikel 38 Herkansing centraal examen 1 artikel 34, eerste lid artikel 37, vierde lid artikel 37a, vijfde lid De kandidaat heeft voor één vak van het eindexamen waarin hij reeds centraal examen heeft afgelegd, in het tweede of, indien, van toepassing is, derde tijdvak opnieuw deel te nemen aan het centraal examen of aan het cspe. Bij het eindexamen van de basis- of kaderberoepsgerichte leerweg in het vmbo, heeft de kandidaat het recht, bedoeld in de eerste volzin, ook voor het cspe dat door het bevoegd gezag aansluitend aan het eerste of in het tweede tijdvak wordt afgenomen. De herkansing van het cspe bestaat uit het opnieuw afleggen van deze toets of van één of meer onderdelen daarvan. De kandidaat heeft het recht, bedoeld in de eerste volzin, alleen indien op grond van, of, de eindcijfers zijn bekendgemaakt. 2 De kandidaat stelt de directeur voor een door deze laatste te bepalen dag en tijdstip schriftelijk in kennis van gebruikmaking van het in het eerste lid bedoelde recht. 3 Het hoogste van de cijfers behaald bij de herkansing en bij het eerder afgelegde centraal examen geldt als definitief cijfer voor het centraal examen. 4 artikel 36 Na afloop van de herkansing in het laatste leerjaar wordt de uitslag definitief vastgesteld met overeenkomstige toepassing vanen wordt deze schriftelijk aan de kandidaat bekendgemaakt. 5 Na afloop van een herkansing in het voorlaatste of direct daaraan voorafgaande leerjaar wordt het eindcijfer schriftelijk aan de kandidaat bekendgemaakt. 6 Het eerste tot en met vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing op de vakken waarin in een examenjaar deeleindexamen is afgelegd. De kandidaat die in een examenjaar zowel eindexamen als een of meer deeleindexamens aflegt, oefent het in het eerste lid bedoelde recht per examenjaar ten hoogste eenmaal uit. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 38a — Artikel 38a Afleggen eindexamen in vak op oorspronkelijk niveau na eindexamen in zelfde vak op hoger niveau#
Artikel 38a Afleggen eindexamen in vak op oorspronkelijk niveau na eindexamen in zelfde vak op hoger niveau Indien een kandidaat gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid tot het afleggen van eindexamen in een vak op hoger niveau dan het niveau van de schoolsoort of leerweg van inschrijving, stelt de directeur de kandidaat in de gelegenheid in dat vak alsnog het eindexamen af te leggen van die schoolsoort of leerweg. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 39 — Artikel 39 Diploma en cijferlijst#
Artikel 39 Diploma en cijferlijst 1 De directeur reikt op grond van de definitieve uitslag aan elke kandidaat die eindexamen heeft afgelegd, een cijferlijst uit waarop voor zover van toepassing zijn vermeld: a. de cijfers voor het schoolexamen en de cijfers voor het centraal examen, b. voor vwo en havo het vak of de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk, c. voor vmbo het thema en de beoordeling van het profielwerkstuk, d. de beoordeling van het vak lichamelijke opvoeding in vwo en havo, e. de beoordeling van het kunstvak en het vak lichamelijke opvoeding uit het gemeenschappelijk deel van de leerweg in mavo en vbo, f. artikel 37a, tweede lid de eindcijfers voor de examenvakken met inbegrip van het cijfer bepaald op grond van, en g. de uitslag van het eindexamen. 2 De directeur reikt op grond van de definitieve uitslag aan elke voor het eindexamen geslaagde kandidaat, daaronder mede begrepen de kandidaat die zijn eindexamen met gunstig gevolg heeft voltooid ten overstaan van het College voor toetsen en examens, een diploma uit, waarop het profiel of de profielen zijn vermeld die bij de uitslag zijn betrokken. Op het diploma vmbo is in elk geval de leerweg vermeld die bij de uitslag is betrokken. 3 Indien een kandidaat in meer vakken examen heeft afgelegd dan in de vakken die ten minste samen een eindexamen vormen, worden de vakken die niet bij de bepaling van de uitslag zijn betrokken, op de cijferlijst vermeld, tenzij de kandidaat daartegen bedenkingen heeft geuit. 4 Onze Minister stelt het model van de cijferlijst vast. 5 Voor de vermelding op de cijferlijst van vakken waarvoor de kandidaat vrijstelling of ontheffing is verleend bij het eindexamen geldt het volgende: a. indien het betreft het eindexamen vwo of het eindexamen havo: 1°. de vakken culturele en kunstzinnige vorming en lichamelijke opvoeding van het gemeenschappelijk deel worden niet vermeld op de cijferlijst indien de kandidaat het eindexamen aflegt aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs; 2°. de vakken maatschappijleer en culturele en kunstzinnige vorming waarvoor de kandidaat bij het eindexamen vwo is vrijgesteld op grond van het bezit van een diploma havo, worden niet vermeld op de cijferlijst; 3°. artikel 8 artikel 9 van het Staatsexamenbesluit VO BES vakken waarvoor de kandidaat is vrijgesteld op grond vanvan dit besluit of, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer; 4°. vakken waarvoor de kandidaat bij het eindexamen vwo is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd eindexamen havo of eindexamen vmbo waarvan deze vwo-vakken deel uitmaakten, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer; 5°. artikel 40, achtste lid, van de wet vakken waarvoor de kandidaat bij het eindexamen havo is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd eindexamen vmbo waarvan deze vakken dan wel de overeenkomstige vakken, bedoeld in, deel uitmaakten, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer; 6°. andere vakken waarvoor de kandidaat vrijstelling of ontheffing is verleend, worden vermeld op de cijferlijst, zonder vermelding van een cijfer; b. indien het betreft het eindexamen vmbo: 1°. de vakken behorende tot de beeldende vorming, muziek, dans, drama en lichamelijke opvoeding van het gemeenschappelijk deel worden niet vermeld op de cijferlijst indien de kandidaat het eindexamen aflegt aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs; 2°. artikel 8 artikel 9 van het Staatsexamenbesluit VO BES vakken waarvoor de kandidaat is vrijgesteld op grond vanvan dit besluit of, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer; 3°. artikel 16, negende lid, van de wet vakken waarvoor de kandidaat bij het eindexamen vmbo voor zover het betreft de theoretische leerweg, is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd eindexamen vmbo voor zover het betreft de kaderberoepsgerichte leerweg of de basisberoepsgerichte leerweg waarvan deze vakken dan wel de overeenkomstige vakken, bedoeld in, deel uitmaakten, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer; 4°. artikel 15, zevende lid artikel 16, vijfde lid artikel 17, vijfde lid vakken waarvoor de kandidaat op grond van,, of, bij het eindexamen vmbo zijn vrijgesteld, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer; 5°. artikel 14, zevende lid vakken die op grond van, zijn gekozen in aanvulling op de daar bedoelde voorgeschreven vakken, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het daarvoor behaalde cijfer; 6°. andere vakken waarvoor de kandidaat vrijstelling of ontheffing is verleend, worden vermeld op de cijferlijst, zonder vermelding van een cijfer. 6 De directeur en de examensecretaris van het eindexamen ondertekenen de diploma’s en de cijferlijsten. 7 Indien de kandidaat in een bepaald jaar is geslaagd voor het eindexamen, draagt de directeur er op verzoek van de kandidaat zorg voor dat de behaalde cijfers voor de vakken waarin in datzelfde jaar deeleindexamen of deelstaatsexamen is afgelegd, worden vermeld op de cijferlijst. 8 artikel 37 De directeur van een scholengemeenschap die in elk geval een school voor mavo omvat, reikt op verzoek van de kandidaat die met goed gevolg het examen vmbo in de gemengde leerweg aan die school heeft afgelegd en bovendien examen heeft afgelegd in een extra algemeen vak en met het meetellen van dat vak voldoet aanvoor zover het betreft de uitslag van het eindexamen vmbo in de theoretische leerweg, het diploma vmbo van de theoretische leerweg uit. 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 01-08-2021
Artikel 39a — Artikel 39a Voorschriften judicium cum laude#
Artikel 39a Voorschriften judicium cum laude 1 Een kandidaat is geslaagd voor het eindexamen vwo met toekenning van het judicium cum laude indien zijn examen voldoet aan de volgende voorschriften: a. ten minste het gemiddelde eindcijfer 8,0, berekend op basis van de eindcijfers voor: 1°. artikel 37a, tweede lid de vakken in het gemeenschappelijke deel van het profiel, het eindcijfer berekend op grond van, en de vakken van het profieldeel, en 2°. het vak uit het vrije deel waarvoor het hoogste eindcijfer is vastgesteld, en b. artikel 37a ten minste het eindcijfer 7 of ten minste de kwalificatie «voldoende» voor alle vakken die meetellen bij de uitslagbepaling op grond van. 2 Een kandidaat is geslaagd voor het eindexamen havo met toekenning van het judicium cum laude indien zijn examen voldoet aan de volgende voorschriften: a. ten minste het gemiddelde eindcijfer 8,0, berekend op basis van de eindcijfers voor: 1°. artikel 37a, tweede lid de vakken in het gemeenschappelijke deel van het profiel, het eindcijfer berekend op grond van, en de vakken van het profieldeel, en 2°. het vak uit het vrije deel waarvoor het hoogste eindcijfer is vastgesteld, en b. artikel 37a ten minste het eindcijfer 6 of ten minste de kwalificatie «voldoende» voor alle vakken die meetellen bij de uitslagbepaling op grond van. 3 Een kandidaat is geslaagd voor het eindexamen vmbo theoretische leerweg met toekenning van het judicium cum laude indien zijn examen voldoet aan de volgende voorschriften: a. ten minste het gemiddelde eindcijfer 8,0, berekend op basis van de eindcijfers voor: 1°. de vakken Nederlandse taal, Engelse taal en maatschappijleer, en de algemene vakken van het profieldeel, en 2°. het vak uit het vrije deel, waarvoor het hoogste eindcijfer is vastgesteld, en b. artikel 37 ten minste het eindcijfer 6 of ten minste de kwalificatie «voldoende» voor het profielwerkstuk en alle vakken die meetellen bij de uitslagbepaling op grond van. 4 Een kandidaat is geslaagd voor het eindexamen vmbo basisberoepsgerichte leerweg of kaderberoepsgerichte leerweg met toekenning van het judicium cum laude indien zijn examen voldoet aan de volgende voorschriften: a. ten minste het gemiddelde eindcijfer 8,0, berekend op basis van: 1°. de eindcijfers voor het profielvak en de twee algemene vakken van het profieldeel, en 2°. het eindcijfer berekend op grond van artikel 37, derde lid, en b. artikel 37 ten minste het eindcijfer 6 of ten minste de kwalificatie «voldoende» voor alle vakken die meetellen bij de uitslagbepaling op grond van. 5 Een kandidaat is geslaagd voor het eindexamen vmbo gemengde leerweg met toekenning van het judicium cum laude indien zijn examen voldoet aan de volgende voorschriften: a. ten minste het gemiddelde eindcijfer 8,0, berekend op basis van de eindcijfers voor: 1°. de vakken Nederlandse taal, Engelse taal en maatschappijleer, en de algemene vakken van het profieldeel, en 2°. artikel 37, vierde lid het algemene vak uit het vrije deel of het eindcijfer berekend op grond van, en b. artikel 37 ten minste het eindcijfer 6 of ten minste de kwalificatie «voldoende» voor het profielwerkstuk en alle vakken die meetellen bij de uitslagbepaling op grond van. 2018 74 14-03-2018 09-03-2018 2018 74 14-03-2018 09-03-2018 15-03-2018
Artikel 39b — Artikel 39b Atheneumdiploma aan een gymnasium#
Artikel 39b Atheneumdiploma aan een gymnasium De directeur van een scholengemeenschap of school voor vwo die gymnasium verzorgt, kan in plaats van een diploma gymnasium een diploma atheneum uitreiken aan een kandidaat indien: a. de scholengemeenschap of school voor vwo atheneum onderwijs verzorgt; b. artikel 44 van de wet de scholengemeenschap of school voor vwo overeenkomstigkenbaar heeft gemaakt dat het behalen van een diploma atheneum en het volgen van atheneumonderwijs mogelijk is; en c. de kandidaat staat ingeschreven voor atheneum onderwijs. 2015 340 02-10-2015 24-08-2015 2015 423 23-11-2015 12-11-2015 24-11-2015 01-08-2015 Voorheen art. 39a.
Artikel 40 — Artikel 40 Voorlopige cijferlijst#
Artikel 40 Voorlopige cijferlijst 1 artikel 26, vijfde lid, artikel 47 Indien de kandidaat een centraal examen of een afsluitend schoolexamen in één of meer vakken heeft afgelegd in het voorlaatste of direct daaraan voorafgaande leerjaar en vervolgens de school verlaat zonder het eindexamen te voltooien, verstrekt de directeur hem een voorlopige cijferlijst met de behaalde eindcijfers, voor zover deze niet op grond vanzijn vervallen. De eerste volzin is van overeenkomstige toepassing op de kandidaat die het gespreid centraal examen, bedoeld in, aflegt. 2 Op de voorlopige cijferlijst worden het vak of de vakken waarin de kandidaat centraal examen heeft afgelegd vermeld, alsmede het cijfer van het schoolexamen, het cijfer van het centraal examen en het eindcijfer, met de aantekening of gebruik is gemaakt van de herkansingsmogelijkheid. 3 Indien de kandidaat een afsluitend schoolexamen heeft afgelegd wordt de beoordeling of het cijfer daarvan vermeld op de voorlopige cijferlijst. 4 Onze Minister stelt het model van de voorlopige cijferlijst vast. 5 artikel 39, eerste lid Aan de voorlopige cijferlijst kunnen geen rechten meer worden ontleend met ingang van het moment waarop aan de kandidaat tevens een cijferlijst als bedoeld in, is uitgereikt die ten minste de eindcijfers van de voorlopige cijferlijst omvat. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 41 — Artikel 41 Certificaat en cijferlijst#
Artikel 41 Certificaat en cijferlijst 1 De examencommissie vavo reikt aan de kandidaat die deeleindexamen heeft afgelegd aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs, een cijferlijst uit waarop zijn vermeld, voor zover van toepassing: a. de cijfers voor het schoolexamen en het centraal examen, b. voor het vwo en havo het vak of de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk, c. voor het vmbo het thema alsmede de beoordeling van het profielwerkstuk, en d. artikel 37a, tweede lid de eindcijfers voor de examenvakken met inbegrip van het cijfer, bepaald op grond van. 2 artikel 39, tweede lid De examencommissie vavo reikt aan de in het eerste lid bedoelde kandidaat, alsmede aan de kandidaat aan wie op grond van de definitieve uitslag niet op grond van, een diploma kan worden uitgereikt, een certificaat uit, waarop zijn vermeld, voor zover van toepassing: a. het vak of de vakken waarvoor de kandidaat een eindcijfer 6 of meer heeft behaald, b. voor het vwo en havo het vak of de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk, en c. voor het vmbo het thema van het profielwerkstuk, voor zover beoordeeld met «goed» of «voldoende». 3 De directeur reikt aan de definitief voor het eindexamen vmbo afgewezen kandidaat die de school verlaat en die voor een of meer vakken van dat eindexamen een eindcijfer 6 of meer heeft behaald, een certificaat uit, waarop zijn vermeld, voor zover van toepassing: a. het vak of de vakken waarvoor de kandidaat een eindcijfer 6 of meer heeft behaald, en b. het thema van het profielwerkstuk, voor zover beoordeeld met «goed» of voldoende». 4 Onze Minister stelt het model van het certificaat en de cijferlijst vast. 2016 174 18-05-2016 22-04-2016 2016 225 17-06-2016 03-06-2016 01-08-2016
Artikel 42 — Artikel 42 Duplicaten en afgifte verklaringen#
Artikel 42 Duplicaten en afgifte verklaringen 1 Duplicaten van afgegeven diploma’s, certificaten, bewijzen van ontheffing en cijferlijsten worden niet verstrekt. 2 Een schriftelijke verklaring dat een in het eerste lid bedoeld document is afgegeven, welke verklaring dezelfde waarde heeft als dat document zelf, kan uitsluitend door Onze Minister worden verstrekt. 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 01-08-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 43 — Artikel 43 Afwijking wijze van examineren#
Artikel 43 Afwijking wijze van examineren 1 De directeur kan toestaan dat een gehandicapte kandidaat het examen geheel of gedeeltelijk aflegt op een wijze die is aangepast aan de mogelijkheden van die kandidaat. In dat geval bepaalt de directeur de wijze waarop het examen zal worden afgelegd, met dien verstande dat aan de overige bepalingen in dit besluit wordt voldaan. Hij doet hiervan zo spoedig mogelijk mededeling aan de inspectie. 2 Tenzij sprake is van een objectief waarneembare lichamelijke handicap, geldt ten aanzien van de in het eerste lid bedoelde aangepaste wijze van examineren dat: a. er een deskundigenverklaring is die door een ter zake kundige psycholoog, orthopedagoog, neuroloog of psychiater is opgesteld, b. de aanpassing voor zover betrekking hebbend op het centraal examen in ieder geval kan bestaan uit een verlenging van de duur van de desbetreffende toets van het centraal examen met ten hoogste 30 minuten, en c. een andere aanpassing slechts kan worden toegestaan voor zover daartoe in de onder a genoemde deskundigenverklaring ten aanzien van betrokkene een voorstel wordt gedaan dan wel indien de aanpassing aantoonbaar aansluit bij de begeleidingsadviezen, vermeld in die deskundigenverklaring. 3 Het bevoegd gezag kan in verband met onvoldoende beheersing van de Nederlandse taal afwijken van de voorschriften gegeven bij of krachtens dit besluit, ten aanzien van een kandidaat die met inbegrip van het schooljaar waarin hij eindexamen aflegt, ten hoogste zes jaren Nederlandstalig onderwijs heeft gevolgd en voor wie het Nederlands niet de moedertaal is. De in de eerste volzin bedoelde afwijking kan betrekking hebben op: a. het vak Nederlandse taal en literatuur; b. het vak Nederlandse taal; c. enig ander vak waarbij het gebruik van de Nederlandse taal van overwegende betekenis is. 4 De in het derde lid bedoelde afwijking bestaat voor zover betrekking hebbend op het centraal examen slechts uit een verlenging van de duur van de desbetreffende toets van het centraal examen met ten hoogste 30 minuten en het verlenen van toestemming tot het gebruik van een verklarend woordenboek der Nederlandse taal. 5 Van elke afwijking op grond van het derde lid wordt mededeling gedaan aan de inspectie. 2017 288 03-07-2017 09-06-2017 2017 335 14-09-2017 04-09-2017 01-01-2018 Artikel VII van Stb. 2017/288 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 44 — Artikel 44 Gegevensverstrekking#
Artikel 44 Gegevensverstrekking 1 Zo spoedig mogelijk na de vaststelling van de eindcijfers in het voorlaatste of direct daaraan voorafgaande leerjaar, voor zover van toepassing, en na de vaststelling van de definitieve uitslag stuurt het bevoegd gezag aan Onze Minister en aan de inspectie een opgave waarop voor de kandidaten voor zover van toepassing zijn vermeld: a. het profiel of de profielen danwel de leerweg waarop het examen betrekking heeft; b. de vakken waarin examen is afgelegd; c. de cijfers van het schoolexamen alsmede in voorkomend geval, het vak of de vakken waarop het profielwerkstuk in het vwo of havo betrekking heeft en de beoordeling en het thema van het profielwerkstuk in het vmbo; d. de cijfers van het centraal examen; e. de eindcijfers; f. de uitslag van het eindexamen. 2 artikel 179, tweede lid, van de wet artikel 2.3.4, tweede lid van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES Het eerste lid is niet van toepassing op een bevoegd gezag dat op grond vanof op grond vanexamengegevens samen met het persoonsgebonden nummer verstrekt aan Onze Minister. 2016 174 18-05-2016 22-04-2016 2016 225 17-06-2016 03-06-2016 01-08-2016
Artikel 45 — Artikel 45 Bewaren examenwerk#
Artikel 45 Bewaren examenwerk 1 Het werk van het centraal examen der kandidaten wordt gedurende ten minste zes maanden na de vaststelling van de uitslag bewaard door de directeur, ter inzage voor belanghebbenden. 2 artikel 44 Een door de directeur en de secretaris van het eindexamen ondertekend exemplaar van de opgave, bedoeld inwordt gedurende ten minste zes maanden na de vaststelling van de uitslag in het archief van de school bewaard. 3 De directeur draagt er zorg voor dat een volledig stel van de bij de centrale examens gebruikte opgaven gedurende ten minste zes maanden na de vaststelling van de uitslag bewaard blijft in het archief van de school. 4 Een kandidaat die voor een vak ten overstaan van het College voor toetsen en examens centraal examen aflegt met geheime opgaven, kan omtrent zijn werk gedurende genoemde periode van zes maanden inlichtingen inwinnen bij het College voor toetsen en examens. 2016 174 18-05-2016 22-04-2016 2016 225 17-06-2016 03-06-2016 01-08-2016
Artikel 46 — Artikel 46 Afwijkende inrichting examen#
Artikel 46 Afwijkende inrichting examen Ten behoeve van experimenten met een andere inrichting van het eindexamen kan Onze Minister toestaan dat van dit besluit wordt afgeweken. 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 01-08-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 47 — Artikel 47 Spreiding voltooiing eindexamen#
Artikel 47 Spreiding voltooiing eindexamen 1 Het bevoegd gezag kan, de inspectie gehoord, toestaan dat een kandidaat die in het laatste leerjaar langdurig ziek is, en een kandidaat die lange tijd ten gevolge van een bijzondere, van de wil van de kandidaat onafhankelijke omstandigheid niet in staat is geweest het onderwijs in alle betrokken eindexamenvakken gedurende het laatste leerjaar te volgen, het centraal examen en in voorkomend geval het schoolexamen, voor een deel van de vakken in het ene schooljaar en voor het andere deel in het daarop volgende schooljaar aflegt. In dat geval wordt het eindexamen in een vak in het eerste of in het tweede van deze schooljaren afgesloten. 2 Het bevoegd gezag geeft zijn in het eerste lid bedoelde toestemming uiterlijk voor de aanvang van het eerste tijdvak van het centraal examen. In bijzondere gevallen kan het bevoegd gezag afwijken van de eerste volzin ten behoeve van een kandidaat die nog niet in alle betrokken eindexamenvakken centraal examen heeft afgelegd. 3 Artikel 38, eerste tot en met vierde lid , is ten aanzien van de kandidaat van toepassing in het eerste en in het tweede schooljaar van het gespreid centraal examen, met dien verstande dat het in dat artikel bedoelde recht in het eerste schooljaar ontstaat nadat de eindcijfers van de vakken waarvoor in het eerste schooljaar het centraal examen is afgesloten, voor de eerste maal zijn vastgesteld. 4 artikel 44, onderdelen a tot en met e Zo spoedig mogelijk na de vaststelling van de eindcijfers, behaald tot en met het eerste schooljaar van het gespreid centraal examen, zendt het bevoegd gezag aan Onze Minister een opgave waarop voor die kandidaat zijn vermeld de gegevens, genoemd in. 5 artikel 37 artikel 37a De directeur en de examensecretaris stellen op verzoek van de kandidaat de uitslag van het eindexamen reeds vast aan het einde van het eerste schooljaar van het gespreid centraal examen of het gespreid schoolexamen, met overeenkomstige toepassing vanof. 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 01-08-2021
Artikel 47a — Artikel 47a Hardheidsclausule#
Artikel 47a Hardheidsclausule Onze Minister kan bij of krachtens dit besluit vastgestelde voorschriften buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover onverkorte toepassing zal leiden tot onbillijkheden van overwegende aard. 2014 510 17-12-2014 02-12-2014 2015 112 17-03-2015 28-02-2015 18-03-2015
Artikel 47b — Artikel 47b Toepassingsbereik#
Artikel 47b Toepassingsbereik De bepalingen in dit hoofdstuk zijn van toepassing op de eindexamens die worden afgenomen in het schooljaar 2021–2022. 2022 106 09-03-2022 07-03-2022 2022 140 06-04-2022 01-04-2022 06-04-2022
Artikel 47c — Artikel 47c Wijziging examenreglement#
Artikel 47c Wijziging examenreglement 1 artikel 18, eerste lid Het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs respectievelijk de examencommissie vavo wijzigt het examenreglement, bedoeld in, indien dat ter uitvoering van dit hoofdstuk noodzakelijk is. 2 Artikel 18, tweede, derde en het zesde lid , zijn van overeenkomstige toepassing op de wijziging bedoeld in het eerste lid. 3 De wijziging, bedoeld in het eerste lid, wordt schriftelijk gemotiveerd en na vaststelling onverwijld door het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs respectievelijk de examencommissie vavo aan de inspectie gezonden en verstrekt aan de kandidaten. 2022 106 09-03-2022 07-03-2022 2022 140 06-04-2022 01-04-2022 06-04-2022
Artikel 47d — Artikel 47d Spreiden centraal examen over de tijdvakken#
Artikel 47d Spreiden centraal examen over de tijdvakken 1 De kandidaat kan de toetsen van het centraal examen in het eerste en in het tweede tijdvak voor het eerst afleggen. 2 De kandidaat stelt de directeur uiterlijk 22 april op een door de directeur te bepalen wijze in kennis van de toetsen van het centraal examen die hij in het eerste of tweede tijdvak voor het eerst wil afleggen. 3 Indien de kandidaat de directeur niet overeenkomstig het tweede lid in kennis stelt, laat de directeur uiterlijk 29 april aan de kandidaat weten welke toetsen van het centraal examen de kandidaat in het eerste en het tweede tijdvak voor het eerst aflegt. 4 artikel 34, eerste en tweede lid artikel 58nh van de Wet publieke gezondheid In aanvulling op, geeft de directeur een kandidaat die door te voldoen aan de verplichting opgenomen in, of aan de richtlijnen van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu zoals beschreven in het generiek kader voortgezet onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs, niet in staat is om één of meerdere toetsen van het centraal examen af te leggen de gelegenheid die toetsen in het eerstvolgende tijdvak af te leggen. 2022 106 09-03-2022 07-03-2022 2022 140 06-04-2022 01-04-2022 06-04-2022
Artikel 47e — Artikel 47e Derde tijdvak op de school#
Artikel 47e Derde tijdvak op de school 1 Het derde tijdvak wordt onder verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag in het laatste leerjaar afgenomen. 2 Artikel 25, vierde lid , is van overeenkomstige toepassing op het derde tijdvak. 3 Artikel 25, vijfde lid , is alleen van toepassing op artikel 25, vierde lid. 4 artikel 26, eerste lid Het eerste lid is ook van toepassing op het centraal examen, bedoeld in. 5 artikel 34, tweede lid In, wordt in plaats van «ten overstaan van het College voor toetsen en examens» gelezen «onder verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag». 6 Artikel 25, derde lid artikel 26, vierde lid artikel 34, derde en vierde lid ,, en, blijven buiten toepassing. 2022 106 09-03-2022 07-03-2022 2022 140 06-04-2022 01-04-2022 06-04-2022
Artikel 47f — Artikel 47f Profielvak en beroepsgericht keuzevak#
Artikel 47f Profielvak en beroepsgericht keuzevak 1 Het schoolexamen van het profielvak en het schoolexamen van het beroepsgericht keuzevak worden uiterlijk 22 juli afgesloten. 2 Het cspe wordt niet afgenomen. 3 Het eindexamen van het profielvak wordt afgesloten met een schoolexamen dat de examenstof van het examenprogramma van het profielvak beslaat. 4 Het bevoegd gezag biedt de kandidaat een gelegenheid tot herkansing van ten minste een significant onderdeel van het schoolexamen in het profielvak. 5 artikel 21, eerste lid In afwijking van, wordt het cijfer van het schoolexamen, bedoeld in het derde lid, uitgedrukt in een cijfer met 1 decimaal. 6 Artikel 35, tweede lid , laatste volzin is van overeenkomstige toepassing op de afronding van het eindexamen in het profielvak. 7 artikel 37, eerste lid, onderdeel a Het cijfer, bedoeld in het vijfde lid, wordt betrokken bij de berekening van het rekenkundig gemiddelde, bedoeld in. 8 Artikel 30 artikel 38, eerste lid en, blijven buiten toepassing voor zover deze bepalingen betrekking hebben op het cspe. 2022 106 09-03-2022 07-03-2022 2022 140 06-04-2022 01-04-2022 06-04-2022
Artikel 47g — Artikel 47g Extra herkansing#
Artikel 47g Extra herkansing 1 artikel 38, eerste lid artikel 47, eerste lid In afwijking van, heeft de kandidaat die in het schooljaar 2021–2022 het eindexamen afsluit en de kandidaat, bedoeld in, het recht om voor twee vakken van het eindexamen waarin de kandidaat al centraal examen heeft afgelegd, in het tweede of derde tijdvak opnieuw deel te nemen aan het centraal examen. 2 artikel 26 De kandidaat, bedoeld in, die in het voorlaatste of direct daaraan voorafgaande schooljaar is toegelaten tot het eindexamen in één of meerdere vakken kan het recht, bedoeld in het eerste lid, ook toepassen op die vakken, met dien verstande dat de kandidaat: a. het recht bedoeld in het eerste lid niet kan gebruiken voor vakken waarvoor de kandidaat in het schooljaar 2019–2020 een resultaatsverbeteringstoets heeft gemaakt; b. in afwijking van het eerste lid, slechts het recht heeft om opnieuw deel te nemen aan het centraal examen van één vak indien hij in het schooljaar 2019–2020 voor twee andere vakken dan het profielvak een resultaatsverbeteringstoets heeft gemaakt. 3 artikel 38, tweede lid In afwijking van, stelt de kandidaat de directeur op een door de directeur te bepalen wijze en voor een door de directeur te bepalen tijdstip in kennis van de vakken die hij in het tweede of derde tijdvak herkanst. 2022 106 09-03-2022 07-03-2022 2022 140 06-04-2022 01-04-2022 06-04-2022
Artikel 47h — Artikel 47h Aangepaste uitslagbepaling#
Artikel 47h Aangepaste uitslagbepaling 1 artikel 36, eerste lid Indien dat nodig is om de kandidaat te laten slagen, laten de directeur en de examensecretaris bij de bepaling van de definitieve uitslag op grond van, het eindcijfer van één vak buiten beschouwing. 2 artikel 37a, eerste lid, onderdeel b Een vak bedoeld in het eerste lid kan voor het eindexamen vwo en havo niet bestaan uit het vak Nederlandse taal en literatuur, het vak Engelse taal en literatuur en voor zover van toepassing het vak wiskunde A, B of C, bedoeld in. 3 Het eindcijfer bedoeld in het eerste lid kan niet zijn: a. artikel 37, derde en vierde lid het eindcijfer bedoeld in, voor het eindexamen van een leerweg in het vmbo; b. artikel 37a, tweede lid het eindcijfer bedoeld in, voor het eindexamen vwo en havo. 4 Het eerste lid kan alleen worden toegepast als de kandidaat met inbegrip van het vak dat buiten beschouwing wordt gelaten een eindexamen heeft afgerond. 5 Het cijfer, bedoeld in het eerste lid, wordt: a. artikel 39, eerste lid opgenomen op de cijferlijst als bedoeld in; b. artikel 39a betrokken bij de toepassing van. 6 artikel 37, vierde lid Bij de berekening, bedoeld in, wordt het gewicht van het profielvak bepaald voorafgaand aan toepassing van het eerste lid. 2022 106 09-03-2022 07-03-2022 2022 140 06-04-2022 01-04-2022 06-04-2022 Abusievelijk is voor het eerste lid een wijzigingsopdracht
geformuleerd die niet geheel juist is.
Artikel 47b* — Artikel 47b* Overgangsrecht vavo-kandidaat van de septemberroute#
Artikel 47b* Overgangsrecht vavo-kandidaat van de septemberroute 1 Voor de kandidaat die het eindexamen of deeleindexamen voor 1 oktober 2021 afsluit aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs, gelden de bij of krachtens het Eindexamenbesluit VO BES gegeven voorschriften zoals deze luidden op 31 juli 2021. 2 Dit artikel vervalt op bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 2021 206 28-04-2021 25-03-2021 01-08-2021 Abusievelijk publiceert het Staatsblad een tweede artikel 47b.
Artikel 48 — Artikel 48 Gelegenheid afleggen examens oude stijl#
Artikel 48 Gelegenheid afleggen examens oude stijl De eindexamens, bedoeld in artikel 32 van de Landsverordening voortgezet onderwijs, zoals deze luidde op 9 oktober 2010, worden voor de laatste maal afgenomen aan het einde van het schooljaar: a. 2014–2015 voor de eindexamens voorbereidend secundair beroepsonderwijs als bedoeld in artikel 9 van voornoemde landsverordening; b. 2015–2016 voor de eindexamens hoger algemeen voortgezet onderwijs als bedoeld in artikel 8 van voornoemde landsverordening; c. 2016–2017 voor de eindexamens voorbereidend wetenschappelijk onderwijs als bedoeld in artikel 7 van voornoemde landsverordening. 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 01-08-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 48a — Artikel 48a Cijfer en recht op herkansing profielvak beroepsgerichte leerwegen en gemengde leerweg vmbo schooljaar 2020–2021#
Artikel 48a Cijfer en recht op herkansing profielvak beroepsgerichte leerwegen en gemengde leerweg vmbo schooljaar 2020–2021 1 artikel 47f, derde lid artikel 37 eerste lid, onderdeel a Het cijfer van het schoolexamen van het profielvak, bedoeld in, zoals dat artikel luidde op 1 mei 2021, wordt betrokken bij de berekening van het rekenkundig gemiddelde, bedoeld in. 2 artikel 26 artikel 47 artikel 38, eerste lid De kandidaat, bedoeld inen, die in het schooljaar 2020–2021 het eindexamen in het profielvak heeft afgerond behoudt het recht bedoeld in. 3 Deze bepaling vervalt op 1 januari 2032. 2021 136 18-03-2021 12-03-2021 2021 184 16-04-2021 14-04-2021 17-04-2021
Artikel 48b — Artikel 48b Cijfer en recht op herkansing profielvak beroepsgerichte leerwegen en gemengde leerweg vmbo behaald in het schooljaar 2021–2022#
Artikel 48b Cijfer en recht op herkansing profielvak beroepsgerichte leerwegen en gemengde leerweg vmbo behaald in het schooljaar 2021–2022 1 artikel 47f, derde lid artikel 37, eerste lid, onderdeel a Het cijfer van het schoolexamen van het profielvak, bedoeld in, zoals dat artikel luidde op 1 mei 2022, wordt betrokken bij de berekening van het rekenkundig gemiddelde, bedoeld in. 2 artikel 26 artikel 47 artikel 38, eerste lid De kandidaat, bedoeld inof, die in het schooljaar 2021–2022 het eindexamen in het profielvak heeft afgerond, behoudt het recht op herkansing van het cspe bedoeld in. 2022 106 09-03-2022 07-03-2022 2022 140 06-04-2022 01-04-2022 06-04-2022
Artikel 49 — Artikel 49 Inwerkingtreding#
Artikel 49 Inwerkingtreding 1 artikelen 9, zesde lid 39, vierde lid 40, vierde lid 41, vierde lid Dit besluit treedt, met uitzondering van de,,enin werking met ingang van 1 augustus 2011 in Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 2 artikelen 9, zesde lid 39, vierde lid 40, vierde lid 41, vierde lid De,,entreden in werking met ingang van 1 januari 2012 in Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 01-08-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 50 — Artikel 50 Citeertitel#
Artikel 50 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Eindexamenbesluit VO BES. 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 2011 228 20-05-2011 28-04-2011 01-08-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.