Besluit van 9 december 2021, houdende voorschriften inzake de bekostiging van basisscholen in Caribisch Nederland (Besluit bekostiging WPO BES 2022)
- BWB-id
- BWBR0046152
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2022-04-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0046152
- ELI
- /eli/nl/amvb-bes/2022/besluit-bekostiging-wpo-bes-2022
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb-bes/2022/besluit-bekostiging-wpo-bes-2022/2022-04-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0046152&g=2022-04-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0046152&z=2026-06-06&g=2022-04-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0046152/2022-04-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb-bes/2022/besluit-bekostiging-wpo-bes-2022
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen:#
Artikel 1 Begripsbepalingen: In dit besluit wordt verstaan onder: bevoegd gezag: wat betreft: a. een openbare school: 1°. het bestuurscollege van het betreffende openbaar lichaam, voor zover de eilandsraad niet anders bepaalt, en, indien de eilandsraad dit besluit, met inachtneming van door hem te stellen regelen; 2°. artikel 53 van de wet de openbare rechtspersoon, bedoeld in; dan wel 3°. artikel 54 van de wet de stichting, bedoeld in; b. artikel 60 van de wet een bijzondere school: de rechtspersoon, bedoeld in; bijzondere school: artikel 1 van de wet bijzondere school als bedoeld in; deskundige: artikel 121, zesde lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek BES deskundige als bedoeld in; leerling: artikel 43 van de wet een leerling die op grond vantot een school is toegelaten; Onze Minister: Onze Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media; openbaar lichaam: het openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba; openbare school: artikel 1 van de wet openbare school als bedoeld in; ouders: ouders, voogden of verzorgers; school: een school waar basisonderwijs wordt gegeven; schooljaar: tijdvak van 1 augustus tot en met 31 juli daaraanvolgend; teldatum: artikel 102, eerste of tweede lid artikel 116, van de wet datum, bedoeld in, en. wet: Wet primair onderwijs BES . 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 2 — Artikel 2 Gegevens nieuwe scholen#
Artikel 2 Gegevens nieuwe scholen 1 Het bevoegd gezag van een school die door Onze Minister voor bekostiging in aanmerking is gebracht, zendt Onze Minister uiterlijk 12 weken voor de datum van ingang van de bekostiging de benodigde gegevens voor de vaststelling van de bekostiging. 2 Bij ministeriële regeling worden de gegevens, bedoeld in het eerste lid vastgesteld en kunnen hierover voorschriften worden gesteld. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 3 — Artikel 3 Aanvang eenmalige startbekostiging nieuwe school#
Artikel 3 Aanvang eenmalige startbekostiging nieuwe school 1 artikel 100 van de wet Onze Minister kan op verzoek van het bevoegd gezag van een nieuwe school eenmalig een deel van de bekostiging, bedoeld in, toekennen vanaf 1 juni voorafgaand aan het schooljaar waarin de bekostiging een aanvang neemt. 2 Bij ministeriële regeling kunnen voorschriften worden gesteld over de wijze waarop de bekostiging wordt vastgesteld en verstrekt. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 4 — Artikel 4 Vaststelling voorschotten en verrekening van voorschotten#
Artikel 4 Vaststelling voorschotten en verrekening van voorschotten 1 artikel 102, tweede lid, onderdeel a, van de wet Onze Minister kan op verzoek van het bevoegd gezag van een nieuwe school een voorschot verstrekken in afwachting van de vaststelling van de bekostiging voor de periode, bedoeld in. 2 Bij het verzoek, bedoeld in het eerste lid, meldt het bevoegd gezag uiterlijk op 1 juli voorafgaande aan het schooljaar waarin de bekostiging van een nieuwe school begint, het vermoedelijk aantal leerlingen op 1 oktober volgend op de datum van ingang van de bekostiging. 3 artikel 102, tweede lid, onderdeel b, van de wet Onze Minister kan op verzoek van het bevoegd gezag van een nieuwe school een voorschot verstrekken in afwachting van de vaststelling van de bekostiging voor de periode, bedoeld in, op grond van het aantal leerlingen op 1 oktober volgende op de opening van de nieuwe school. 4 artikel 100, tweede lid, van de wet Het voorschot, bedoeld in het eerste lid, bestaat uit de bekostiging, bedoeld in, berekend overeenkomstig dit besluit, met dien verstande dat wordt gerekend met het aantal leerlingen, bedoeld in het tweede lid. 5 artikel 100, tweede lid, van de wet Het voorschot, bedoeld in het derde lid, bestaat uit de bekostiging, bedoeld in, berekend overeenkomstig dit besluit, met dien verstande dat wordt gerekend met het aantal leerlingen, bedoeld in het derde lid. 6 artikel 100, vijfde lid, van de wet Op de betaling van het voorschot isvan overeenkomstige toepassing. 7 Onze Minister is bevoegd tot verrekening van verstrekte voorschotten met de betalingen die voortvloeien uit de vaststelling van de onderscheiden onderdelen van de bekostiging. 8 Indien Onze Minister een voorschot verleent in gevallen waarin de bekostiging niet tijdig kan worden vastgesteld door omstandigheden die niet aan het bevoegd gezag van een school zijn toe te rekenen, zijn het zesde en het zevende lid van overeenkomstige toepassing. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 5 — Artikel 5 Leerlingentelling#
Artikel 5 Leerlingentelling 1 wet artikel 8 artikel 11, derde lid Voor de toepassing van deen dit besluit worden, onverminderden, de leerlingen meegeteld die op de teldatum op de school als werkelijk schoolgaand staan ingeschreven. 2 Indien de teldatum valt op een dag waarop geen onderwijs wordt gegeven, worden op de eerstvolgende schooldag de leerlingen geteld, die op de teldatum als werkelijk schoolgaand stonden ingeschreven. 3 Een leerling kan op de teldatum slechts op één school voor de bekostiging meetellen. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 6 — Artikel 6 Overzicht aantal leerlingen#
Artikel 6 Overzicht aantal leerlingen 1 artikel 13, eerste lid Onze Minister stelt jaarlijks een overzicht vast van de hem ter beschikking staande gegevens over het aantal leerlingen op de teldatum dat bij de vaststelling van de bekostiging, bedoeld in, in aanmerking wordt genomen. 2 artikel 11, derde lid Het overzicht wordt uiterlijk acht weken na de teldatum toegezonden aan het bevoegd gezag. Indien toepassing is gegeven aan, wordt het overzicht uiterlijk vier weken na afloop van de daar bedoelde verlengde termijn toegezonden aan het bevoegd gezag. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 7 — Artikel 7 Inschrijving#
Artikel 7 Inschrijving 1 De directeur van een school schrijft een leerling slechts in na overlegging van: a. een bewijs van uitschrijving van de leerling van een andere school of een school of instelling voor ander onderwijs, welk bewijs op het moment van inschrijving niet ouder is dan 6 maanden, of b. een schriftelijke verklaring van de ouders dat de leerling binnen een periode van 6 maanden voorafgaand aan de inschrijving niet eerder op een andere school of een school of instelling voor ander onderwijs was ingeschreven. 2 Het bewijs van uitschrijving dan wel de verklaring, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, wordt bewaard in de administratie van de school. 3 De directeur doet in het geval, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, dan wel in het geval, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, indien hem bekend is op welke andere school of school of instelling voor ander onderwijs de leerling was ingeschreven buiten de in het eerste lid, onderdeel b, bedoelde periode, onder vermelding van de datum van inschrijving op zijn school, binnen 1 week schriftelijk mededeling van de inschrijving aan de directeur van de school of de school of instelling voor ander onderwijs waarop de leerling voordien was ingeschreven. 4 De directeur schrijft de leerling in met ingang van de dag waarop de leerling de school voor het eerst bezoekt. 5 In afwijking van het vierde lid, schrijft de directeur de leerling die de school voor het eerst bezoekt op de eerste schooldag van het schooljaar, in met ingang van 1 augustus van dat schooljaar, tenzij de leerling op 1 augustus de leeftijd van 4 jaar nog niet heeft bereikt. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 8 — Artikel 8 Uitschrijving#
Artikel 8 Uitschrijving 1 De directeur van de school waar een leerling staat ingeschreven, schrijft de leerling, indien deze de school verlaat, uit met ingang van de dag waarop de leerling de school voor het laatst heeft bezocht. De directeur schrijft de leerling die wordt uitgeschreven na op de laatste schooldag van het schooljaar te hebben bezocht, uit met ingang van 31 juli van dat schooljaar. 2 De directeur, bedoeld in het eerste lid, verstrekt de leerling een bewijs van uitschrijving. 3 Indien de directeur van een school op wiens school de leerling stond ingeschreven binnen vier weken na de dag waarop de leerling de school voor het laatst heeft bezocht een mededeling ontvangt van de directeur, rector of centrale directie van een school of een school of instelling voor ander onderwijs, van de inschrijving van de leerling op diens school, wijzigt de directeur de datum van uitschrijving, bedoeld in het eerste lid, alsnog in de datum van de dag voorafgaande aan de inschrijving op de andere school of de school of instelling voor ander onderwijs. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 9 — Artikel 9 Inhoud leerlingenadministratie#
Artikel 9 Inhoud leerlingenadministratie 1 De directeur van een school draagt er zorg voor dat een overzichtelijke leerlingenadministratie beschikbaar is van: a. de inschrijving, de uitschrijving en het verzuim van de leerlingen op de school, en b. de gegevens van de leerlingen en hun ouders die noodzakelijk zijn voor de berekening van de bekostiging. 2 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop de leerlingenadministratie wordt ingericht. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 10 — Artikel 10 Bewaren van gegevens#
Artikel 10 Bewaren van gegevens 1 artikel 9 De gegevens, bedoeld inworden in ieder geval gedurende vijf jaar nadat de desbetreffende leerling van de school is uitgeschreven in de leerlingenadministratie bewaard. 2 artikel 9, eerste lid, onderdeel b De gegevens, bedoeld in, worden binnen acht weken na het verstrijken van de termijn, genoemd in het eerste lid, vernietigd. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 11 — Artikel 11 Verstrekken gegevens aan Minister#
Artikel 11 Verstrekken gegevens aan Minister 1 artikel 5 Het bevoegd gezag zendt voor 15 februari indien de teldatum 1 februari is, dan wel binnen twee weken na een andere teldatum, aan Onze Minister, de Inspectie van het onderwijs en, indien het een bijzondere school betreft, aan het bestuurscollege, een opgave van het aantal leerlingen overeenkomstig. 2 artikel 8 Indien als gevolg van de wijzigingen op grond van, een wijziging optreedt in de in het eerste lid bedoelde opgave, doet het bevoegd gezag van de school waarvan de leerling is respectievelijk leerlingen zijn uitgeschreven, binnen 6 weken na de teldatum daarvan mededeling aan Onze Minister, de Inspectie van het onderwijs en, indien het een bijzondere school betreft, aan het bestuurscollege. 3 Bij ministeriële regeling kan de termijn, bedoeld in het eerste en tweede lid worden verlengd en wordt vastgesteld op welke wijze de opgave, bedoeld in het eerste lid, wordt gedaan. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 12 — Artikel 12 Verklaring bevoegd gezag#
Artikel 12 Verklaring bevoegd gezag artikel 125, vierde lid, van de wet Het bevoegd gezag verstrekt gelijktijdig met de verklaring, bedoeld in, een verklaring over de juistheid en tijdige aanmelding van de gegevens waarop de bekostigingsbedragen zijn of worden gebaseerd. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 13 — Artikel 13 Vaststelling bekostiging en gewijzigde vaststelling#
Artikel 13 Vaststelling bekostiging en gewijzigde vaststelling 1 artikel 100, tweede en derde lid, van de wet Onze Minister stelt jaarlijks uiterlijk op 1 januari, de bekostiging, bedoeld in, vast voor zover deze mede gebaseerd is op het aantal leerlingen op de teldatum. De bedragen hebben betrekking op een kalenderjaar. 2 Indien de verklaring van de deskundige aanleiding geeft tot wijziging van de bekostiging, bedoeld in het eerste lid, stelt Onze Minister voor 1 oktober de bekostiging voor het huidige jaar nader vast. 3 Onze Minister kan de bekostiging, bedoeld in het eerste lid wijzigen vanwege loonontwikkelingen of andere al dan niet uit de rijksbegroting voortvloeiende maatregelen. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 14 — Artikel 14 Extra bekostiging prijspeil Bovenwinden#
Artikel 14 Extra bekostiging prijspeil Bovenwinden 1 artikel 100, derde lid, van de wet artikel 16, derde lid De extra bekostiging in verband met het prijspeil, bedoeld in, is een percentage van het totaal van de bekostiging, bedoeld in artikel 100, tweede lid, van de wet, en in. 2 Bij ministeriële regeling wordt het percentage, bedoeld in het eerste lid, vastgesteld. De uitkomst van de berekening wordt rekenkundig afgerond op twee decimalen. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 15 — Artikel 15 Extra bekostiging één school op een eiland#
Artikel 15 Extra bekostiging één school op een eiland Indien in een openbaar lichaam slechts één school is gevestigd, dan ontvangt deze school extra bekostiging in verband met de geïsoleerde ligging. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 16 — Artikel 16 Bekostiging voor zorg voor leerlingen met een specifieke onderwijsbehoefte#
Artikel 16 Bekostiging voor zorg voor leerlingen met een specifieke onderwijsbehoefte 1 artikel 68, tweede lid, van de wet De extra bekostiging voor zorg voor leerlingen met een specifieke onderwijsbehoefte, bedoeld in, wordt aan één school op Bonaire verstrekt. De verdeling van de taken met betrekking tot leerlingen met een specifieke onderwijsbehoefte is toegekend aan die school en deze taken zijn vastgelegd in het eilandelijk zorgplan. 2 Het bedrag, bedoeld in het eerste lid, wordt jaarlijks bij ministeriële regeling vastgesteld. 3 artikel 100, tweede lid, van de wet Een school die is gevestigd in het openbaar lichaam Sint Eustatius of Saba, ontvangt extra bekostiging voor zorg voor leerlingen met een specifieke onderwijsbehoefte die een percentage bedraagt van het totaal van de bekostiging, bedoeld in. De uitkomst van de berekening wordt rekenkundig afgerond op twee decimalen. 4 Het percentage, bedoeld in het derde lid, wordt jaarlijks bij ministeriële regeling vastgesteld. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 17 — Artikel 17 Opheffing van een school#
Artikel 17 Opheffing van een school Het bevoegd gezag geeft binnen twee weken na een besluit tot opheffing van de school kennis daarvan aan Onze Minister, de Rijksvertegenwoordiger, de Inspectie van het onderwijs en, indien het een bijzondere school betreft, eveneens aan het bestuurscollege van het openbaar lichaam waarin de school is gelegen. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 18 — Artikel 18 Berekening exploitatieoverschot bij opheffing of beëindiging van de bekostiging van de laatste school van een bevoegd gezag#
Artikel 18 Berekening exploitatieoverschot bij opheffing of beëindiging van de bekostiging van de laatste school van een bevoegd gezag 1 artikel 121 van de wet Voor de toepassing vanwordt onder exploitatieoverschot verstaan: a. artikelen 99 103 104 van de wet het bedrag van de bekostiging, bedoeld in de,en, verminderd met de lasten over dat jaar voor zover deze als rechtmatig kunnen worden aangemerkt, b. de reserveringen voor zover afkomstig uit ’s Rijks kas, met inbegrip van de ontvangen rentebaten, en c. voor zover het een niet door een openbaar lichaam in stand gehouden school betreft, de niet bestede gedeelten van de uitkeringen op grond van de voorschriften inzake de eilandelijke overschrijding. 2 Het bevoegd gezag meldt het overeenkomstig het eerste lid berekende saldo, verdeeld naar de onderdelen a en b, respectievelijk c, van het eerste lid, tezamen met het jaarverslag over het laatste jaar waarin de school nog geheel of gedeeltelijk voor bekostiging in aanmerking kwam. De opgave gaat vergezeld van een verklaring van een deskundige over de juistheid van de opgave. 3 Indien het exploitatieoverschot van een niet door een openbaar lichaam in stand gehouden school mede is opgebouwd uit uitkeringen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, en geen onderscheid kan worden gemaakt met de baten respectievelijk de lasten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, geldt als maatstaf voor de verdeling van eerstbedoeld deel van het exploitatieoverschot tussen Rijk en het desbetreffende openbaar lichaam de verhouding tussen het ontvangen bedrag aan bekostiging van het Rijk en het ontvangen bedrag aan uitkeringen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, van het openbaar lichaam in een periode van vijf jaren voorafgaand aan het jaar van de beëindiging van de bekostiging. 4 De verdeling, bedoeld in het derde lid, behoeft de goedkeuring van Onze Minister. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 19 — Artikel 19 Onderzoek en correcties#
Artikel 19 Onderzoek en correcties 1 Wet op het onderwijstoezicht Onverminderd de bevoegdheid van de Inspectie van het onderwijs op grond van de, kan Onze Minister een onderzoek instellen of doen instellen naar de jaarverslaggeving, naar de gegevens die noodzakelijk zijn voor de vaststelling van de bekostiging, naar de rechtmatigheid van de bestedingen en naar de doelmatigheid van het beheer van de school. 2 Onze Minister kan correcties aanbrengen op de bekostiging, indien uit het onderzoek, bedoeld in het eerste lid, blijkt dat de bekostiging voor een school onjuist is vastgesteld. 3 Onze Minister doet het bevoegd gezag schriftelijk mededeling van een besluit tot het aanbrengen van een correctie op de bekostiging. 4 artikel 125, eerste lid, van de wet Indien uit de jaarverslaggeving, bedoeld in, uit de verklaring van de deskundige, bedoeld in artikel 125, vierde lid, van de wet of uit het onderzoek, bedoeld in het eerste lid, blijkt dat de bekostiging voor een school onrechtmatig is besteed of ondoelmatig is aangewend, kan Onze Minister beslissen dat de daarmee gemoeide bedragen in mindering worden gebracht op de bekostiging. 5 Indien de correctie, bedoeld in het tweede lid, strekt tot verhoging van de bekostiging, wordt het bedrag binnen acht weken na de mededeling, bedoeld in het derde lid, door Onze Minister betaald. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 20 — Artikel 20 Monitor veiligheid op school#
Artikel 20 Monitor veiligheid op school artikel 6a, eerste lid, onderdeel b, van de wet Het instrument ter monitoring van de veiligheid van leerlingen, bedoeld in: a. geeft inzicht in de ervaren en feitelijke veiligheid en het welbevinden van de leerlingen, voor zover dat verband houdt met de veiligheid, op school; b. wordt ten minste eens per schooljaar afgenomen onder een representatief deel van de leerlingen; en c. is gestandaardiseerd, valide en betrouwbaar. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 21 — Artikel 21 Besluit bekostiging WPO BES Intrekking#
Artikel 21 Besluit bekostiging WPO BES Intrekking Besluit bekostiging WPO BES Hetwordt ingetrokken. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 22 — Artikel 22 Besluit register onderwijsdeelnemers Wijziging#
Artikel 22 Besluit register onderwijsdeelnemers Wijziging Wijzigt het Besluit register onderwijsdeelnemers. Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Artikel 23 — Artikel 23 Citeertitel#
Artikel 23 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit bekostiging WPO BES 2022. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022
Artikel 24 — Artikel 24 Inwerkingtreding#
Artikel 24 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. 2022 6 04-01-2022 09-12-2021 2022 114 16-03-2022 08-03-2022 01-04-2022