Besluit van 2 december 1970, houdende uitvoering van artikel 72 van de Wet op de Rechterlijke Organisatie en het Beleid der Justitie
- BWB-id
- BWBR0002732
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2025-05-27
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0002732
- ELI
- /eli/nl/amvb/1971/reglement-voor-de-ondernemingskamer
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1971/reglement-voor-de-ondernemingskamer/2025-05-27
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0002732&g=2025-05-27
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0002732&z=2026-06-06&g=2025-05-27
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0002732/2025-05-27
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1971/reglement-voor-de-ondernemingskamer
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: – gerechtshof: het gerechtshof Amsterdam of het gerechtshof Den Haag; – ondernemingskamer: artikel 66, eerste lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie de ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam, bedoeld in; – bijzondere kamer: artikel 66, derde lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie de bijzondere kamer van het gerechtshof Den Haag, bedoeld in. 2012 600 30-11-2012 27-11-2012 2012 600 30-11-2012 27-11-2012 01-01-2013
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 66, vijfde en zesde lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie Dit besluit berust op. 2010 210 15-06-2010 01-06-2010 2010 225 22-06-2010 14-06-2010 01-07-2010
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De rang van benoeming van de deskundige leden en de plaatsvervangende deskundige leden van de ondernemingskamer en de bijzondere kamer wordt geregeld naar de dag waarop het besluit van hun eerste benoeming door Ons is getekend. 2 De rang van benoeming van verschillende op éénzelfde dag benoemde deskundige leden en plaatsvervangende deskundige leden wordt, indien hun benoeming bij hetzelfde besluit plaats vindt, bepaald door de volgorde hunner namen, en, indien zij bij verschillende besluiten benoemd zijn, door de volgorde dezer besluiten. 3 De griffier van het gerechtshof houdt een lijst waarop de namen van de deskundige leden en plaatsvervangende deskundige leden van de ondernemingskamer en de bijzondere kamer geplaatst worden met vermelding van ieders rang van benoeming. 2010 210 15-06-2010 01-06-2010 2010 225 22-06-2010 14-06-2010 01-07-2010
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 66, vijfde lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie De deskundige leden, bedoeld in, leggen de eed of belofte af ten overstaan van een enkelvoudige of meervoudige kamer van het gerechtshof. De eed of belofte, bedoeld in de eerste volzin, wordt afgenomen op requisitoir van het openbaar ministerie. 2 artikel 66, vijfde lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie Het formulier, bedoeld in, wordt na het afleggen van de eed of belofte ondertekend door het deskundig lid en door de rechterlijk ambtenaar met rechtspraak belast die zitting heeft in de in het eerste lid bedoelde enkelvoudige kamer dan wel voorzitter is van de in het eerste lid bedoelde meervoudige kamer. 2010 210 15-06-2010 01-06-2010 2010 225 22-06-2010 14-06-2010 01-07-2010
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Het bestuur van het gerechtshof houdt een register bij, waarin de koninklijke besluiten betreffende de benoeming van de daar beëdigde deskundige leden en plaatsvervangende deskundige leden en de formulieren betreffende de afgelegde eed of belofte worden bewaard. 2 Een uittreksel uit dat register, inclusief het formulier betreffende de eed of belofte, wordt aan de deskundige leden en plaatsvervangende deskundige leden uitgereikt. 2010 210 15-06-2010 01-06-2010 2010 225 22-06-2010 14-06-2010 01-07-2010
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 4 De installatie van de deskundige leden en plaatsvervangende deskundige leden in de ondernemingskamer en de bijzondere kamer geschiedt door middel van het op de terechtzitting voorlezen van het formulier, bedoeld in. 2010 210 15-06-2010 01-06-2010 2010 225 22-06-2010 14-06-2010 01-07-2010
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Vervallen 1992 330 24-06-1992 1992 330 24-06-1992 01-07-1992
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Vervallen 1992 330 24-06-1992 1992 330 24-06-1992 01-07-1992
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Vervallen 1992 330 24-06-1992 1992 330 24-06-1992 01-07-1992
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 De deskundige leden en plaatsvervangende deskundige leden die door de ondernemingskamer of de bijzondere kamer met een opdracht zijn belast, zorgen dat zij de daaruit voortvloeiende werkzaamheden op zodanige tijd verrichten, dat daardoor in de zittingen van de kamer geen verhindering of vertraging wordt veroorzaakt. 2010 210 15-06-2010 01-06-2010 2010 225 22-06-2010 14-06-2010 01-07-2010
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 De griffier is gehouden de deskundige leden en plaatsvervangende deskundige leden bij te staan in de gevallen waarin dat is vereist. 2010 210 15-06-2010 01-06-2010 2010 225 22-06-2010 14-06-2010 01-07-2010
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 De deskundige leden en plaatsvervangende deskundige leden ontvangen van de griffier de nodige kennisgeving van de terechtzittingen en andere bijeenkomsten, waarbij zij tegenwoordig moeten zijn. 2010 210 15-06-2010 01-06-2010 2010 225 22-06-2010 14-06-2010 01-07-2010
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 Aan de deskundige leden en plaatsvervangende deskundige leden wordt een vergoeding toegekend met overeenkomstige toepassing van de regels die gelden voor de raadsheren-plaatsvervangers. 2 per 27 mei 2025 en met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2025: € 1.330 Aan de deskundige leden en plaatsvervangende deskundige leden van de ondernemingskamer wordt, in afwijking van de regels die gelden voor de raadsheren-plaatsvervangers, een vergoeding toegekend ten bedrage van € 1.000per zittingsdag. 3 Bij regeling van Onze Minister kan de in het tweede lid genoemde vergoeding jaarlijks met ingang van 1 januari worden aangepast aan de ontwikkeling van de consumentenprijsindex. Daarbij worden de bedragen rekenkundig afgerond op hele euro’s. 2025 17812 26-05-2025 15-05-2025 633938 2025 17812 26-05-2025 15-05-2025 633938 27-05-2025 01-01-2025
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 Aan de deskundige leden en plaatsvervangende deskundige leden wordt voor een gerechtelijke plaatsopneming en bezichtiging waaraan zij hebben deelgenomen, een vergoeding van € 18,15 per uur toegekend. 2 Bij de berekening van deze vergoeding wordt de tijdsduur van de reis mede in aanmerking genomen, met dien verstande dat tussen 20 uur en 8 uur gelegen tijdvakken buiten beschouwing blijven. 2010 210 15-06-2010 01-06-2010 2010 225 22-06-2010 14-06-2010 01-07-2010
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 De deskundige leden en plaatsvervangende deskundige leden genieten, zowel voor het bijwonen van de bijeenkomsten van de ondernemingskamer of de bijzondere kamer als voor het volbrengen van verrichtingen welke hun, ook buiten eigenlijk rechtsgeding, door de ondernemingskamer of de bijzondere kamer worden opgedragen, reis- en verblijfkosten overeenkomstig de bepalingen die hieromtrent gelden voor burgerlijke rijksambtenaren. 2 Reis- en verblijfkosten worden hun overeenkomstig het vorige lid eveneens vergoed ter gelegenheid van hun beëdiging en installatie. 2012 600 30-11-2012 27-11-2012 2012 600 30-11-2012 27-11-2012 01-01-2013 Abusievelijk is een wijzigingsopdracht geformuleerd die niet geheel juist is.
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 1 Aan het Ministerie van Veiligheid en Justitie worden maandelijks ingezonden: a. artikelen 13 14 de declaraties wegens vergoedingen, bedoeld in deen; b. artikel 15 de declaraties wegens reis- en verblijfkosten bedoeld in. 2 a De in het eerste lid ondergenoemde declaraties vermelden de dagen waarop de bijeenkomsten zijn bijgewoond en aan de gerechtelijke plaatsopneming en bezichtiging is deelgenomen, en bevatten een verklaring van de voorzitter der ondernemingskamer of de bijzondere kamer dat de declarant de opgegeven bijeenkomsten heeft bijgewoond of aan de plaatsopneming of bezichtiging heeft deelgenomen voor de daarbij aangegeven tijdsduur. 3 b De in het eerste lid ondergenoemde declaraties worden voorzien van een verklaring van de voorzitter der ondernemingskamer of de bijzondere kamer, dat de gemaakte reizen noodzakelijk waren voor het bijwonen van bijeenkomsten van de ondernemingskamer of de bijzondere kamer voor het volbrengen van de door haar opgedragen verrichtingen of voor de installatie van de declarant, dan wel, dan wel voor het afleggen van de eed of belofte. 2012 600 30-11-2012 27-11-2012 2012 600 30-11-2012 27-11-2012 01-01-2013
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Dit besluit kan worden aangehaald als: Reglement voor de ondernemingskamer. Het treedt gelijktijdig met artikel 72 van de wet op de Rechterlijke Organisatie en het Beleid der Justitie in werking. 1970 560 02-12-1970 1970 553 30-10-1970 01-01-1971