Besluit van 24 november 1980, houdende regelen betreffende het technische en genetische peil van de produktie van bloembollen
- BWB-id
- BWBR0003358
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2003-10-01 t/m 2007-09-27
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0003358
- ELI
- /eli/nl/amvb/1981/landbouwkwaliteitsbesluit-bloembollen-en-snijbloemen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1981/landbouwkwaliteitsbesluit-bloembollen-en-snijbloemen/2003-10-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0003358&g=2003-10-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0003358&z=2026-06-06&g=2003-10-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0003358/2003-10-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1981/landbouwkwaliteitsbesluit-bloembollen-en-snijbloemen
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Onze Minister: Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit; b. Landbouwkwaliteitswet wet:; c. bloembollen: bollen, knollen, wortelstokken en andere voor vermeerdering of bloemproductie bestemde plantendelen van de in de bijlage van dit besluit onder I genoemde gewassen, voor zover zij behoren tot de daarachter onder II vermelde botanische families, geslachten of soorten; d. verordening nr. 316/68 snijbloemen: gewassen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van; e. richtlijn nr. 98/56/EG teeltmateriaal: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 2, eerste lid, van; f. richtlijn nr. 98/56/EG leverancier: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 2, tweede lid, van; g. richtlijn nr. 98/56/EG in de handel brengen: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 2, derde lid, van; h. richtlijn nr. 98/56/EG partij: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 2, vijfde lid, van; i. telen: het bedrijfsmatig voortbrengen van een gewas, alsmede elke handeling die hiermede rechtstreeks verband houdt; j. artikel 2 van de Zaaizaad- en Plantgoedwet ras: hetgeen daaronder wordt verstaan in; k. behandelen: het bedrijfsmatig verrichten van handelingen, die bloembollen geschikt maken voor het gebruiksdoel of de geografische bestemming; l. productschap: Productschap Tuinbouw; m. stichting BKD: Stichting Bloembollenkeuringsdienst te Hillegom; n. verordening nr. 315/68 verordening (EEG) nr. 315/68 :van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 12 maart 1968 houdende vaststelling van kwaliteitsnormen voor bloembollen en bloemknollen (PbEG L 71); o. verordening nr. 316/68 verordening (EEG) nr. 316/68 :van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 12 maart 1968 houdende vaststelling van kwaliteitsnormen voor verse snijbloemen en vers snijgroen (PbEG L 71); p. verordening 537/70 verordening (EEG) nr. 537/70 :van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 23 maart 1970 houdende machtiging van de lidstaten tot het treffen van maatregelen die afwijken van bepaalde criteria van de kwaliteitsnormen bij uitvoer naar derde landen van bloembollen en bloemknollen (PbEG L 67); q. verordening 801/71 verordening (EEG) nr. 801/71 :van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 19 april 1971 houdende machtiging van de lidstaten tot het treffen van maatregelen die afwijken van bepaalde criteria voor de kwaliteitsnormen bij uitvoer van verse snijbloemen naar derde landen (PbEG L 88); r. richtlijn nr. 98/56/EG richtlijn nr. 98/56/EG :van de Raad van de Europese Unie van 20 juli 1998 betreffende het in de handel brengen van teeltmateriaal van siergewassen (PbEG L 226); s. derde landen: landen die geen deel uitmaken van de Europese Unie. 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 01-10-2003
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a verordening nr. 315/68 verordening nr. 316/68 Het is verboden om bloembollen en snijbloemen in de handel te brengen die niet voldoen aan,, de bij die verordeningen behorende bijlagen of het bij of krachtens dit besluit bepaalde. 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 01-10-2003
Artikel 1b — Artikel 1b#
Artikel 1b 1 Bloembollen worden slechts in de handel gebracht indien zij voldoen aan elk van de volgende voorwaarden: a. ze zijn nagenoeg vrij van, althans met het blote oog waarneembare, schadelijke organismen die de kwaliteit van de bloembollen aantasten, dan wel tekenen of symptomen daarvan die de bruikbaarheid van de bloembollen schaden; b. ze zijn nagenoeg vrij van gebreken die de kwaliteit van de bloembollen kunnen aantasten; c. ze hebben voldoende groeikracht en afmetingen met het oog op hun bruikbaarheid als bloembollen; d. ze zijn rechtstreeks afkomstig van teeltmateriaal dat in het stadium van staand gewas bij controle nagenoeg vrij is bevonden van schadelijke organismen en ziekten, dan wel tekenen of symptomen daarvan; e. artikel 1d ze bezitten, indien verhandeld met een verwijzing naar het ras overeenkomstig, voldoende rasidentiteit en raszuiverheid. 2 Bloembollen die op basis van zichtbare tekenen of symptomen niet nagenoeg vrij zijn van schadelijke organismen worden op adequate wijze behandeld of, zo nodig, verwijderd. 3 De vorige leden zijn niet van toepassing op bloembollen bestemd voor proeven of wetenschappelijke doeleinden, voor selectie of voor instandhouding van de genetische diversiteit. 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 01-10-2003
Artikel 1c — Artikel 1c#
Artikel 1c 1 Leveranciers van bloembollen houden gegevens bij met betrekking tot kritische punten in hun productieproces die de kwaliteit van het teeltmateriaal beïnvloeden en nemen zonodig monsters voor analyse in een laboratorium dat beschikt over passende faciliteiten en over passende deskundigheid. 2 Leveranciers van bloembollen zorgen ervoor dat partijen bloembollen tijdens de productie afzonderlijk identificeerbaar blijven. 3 Leveranciers brengen bloembollen in afzonderlijke partijen in de handel, vergezeld van een etiket of een ander document dat door de leverancier is opgemaakt. 4 In afwijking van het derde lid kunnen bloembollen van verschillende partijen in een zending in de handel worden gebracht mits de leverancier registers bijhoudt van de samenstelling en oorsprong van de verschillende partijen. 5 Het in het derde lid bedoelde etiket of document bevat in ieder geval de volgende gegevens: a. de vermelding «EG-kwaliteit»; b. de vermelding «NL»; c. de vermelding «BKD»; d. het registratienummer van de stichting BKD; e. de datum van afgifte; f. de botanische benaming; g. de naam van het ras of de plantengroep; h. de hoeveelheid; i. bij invoer uit een derde land, naam van het land van productie. 6 Het derde tot en met het vijfde lid zijn niet van toepassing op bloembollen die in de handel worden gebracht voor personen die zich niet beroepshalve bezighouden met de productie of verkoop van bloembollen. 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 01-10-2003
Artikel 1d — Artikel 1d#
Artikel 1d 1 Bloembollen worden alleen met een verwijzing naar het ras in de handel gebracht, indien het betrokken ras: a. Zaaizaad- en Plantgoedwet wettelijke bescherming geniet uit hoofde van een kwekersrecht overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens de; b. officieel geregistreerd is op basis van de Zaaizaad- en Plantgoedwet ; c. algemeen bekend is, of d. voorkomt op een lijst van een leverancier met zijn benaming en een gedetailleerde beschrijving. 2 Indien bloembollen in de handel worden gebracht met verwijzing naar een andere plantengroep en niet naar een ras als bedoeld in het eerste lid, beschrijft de leverancier deze plantengroep zodanig dat verwarring met een rasnaam wordt voorkomen. 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 01-10-2003
Artikel 1e — Artikel 1e#
Artikel 1e 1 richtlijn nr. 98/56/EG Bloembollen afkomstig uit derde landen worden slechts in de handel gebracht nadat de invoer, tezamen met een schriftelijke verklaring dat het ingevoerde materiaal in alle opzichten dezelfde garanties verschaft als bloembollen die in de Europese Unie overeenkomstigzijn geproduceerd, vooral wat kwaliteit, identificatie en fytosanitaire aspecten betreft, is gemeld aan de stichting BKD. 2 De importeur houdt inkoopdocumenten of een ander schriftelijk bewijs bij van het contract met de leverancier in een derde land. 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 01-10-2003
Artikel 1f — Artikel 1f#
Artikel 1f 1 Leveranciers worden geregistreerd door de stichting BKD. 2 Aan het eerste lid is in ieder geval voldaan: a. indien de leveranciers zijn aangesloten bij de stichting BKD, of b. artikel 17 van de Regeling invoer, uitvoer en verkeer van planten indien de leveranciers zijn geregistreerd op grond van. 3 De in het eerste lid bedoelde registratie omvat tenminste elk van de volgende gegevens: a. naam en handelsnaam van de leverancier; b. adres en woonplaats of plaats van vestiging van de leverancier; c. een aanduiding van het gewas, de gewassen of de gewasgroepen ter zake van de productie van bloembollen. 4 Het eerste lid is niet van toepassing op leveranciers die alleen verkopen of leveren aan personen die zich niet beroepshalve bezighouden met de productie of verkoop van bloembollen. 5 Indien bloembollen in de handel worden gebracht, houden de geregistreerde leveranciers ten minste twaalf maanden lang een register van hun verkoop of aankoop bij. 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 01-10-2003
Artikel 1g — Artikel 1g#
Artikel 1g artikelen 1c, vijfde lid 1d, eerste lid 1f richtlijn nr. 98/56/EG De,, enzijn niet van toepassing op bloembollen die zijn voortgebracht of in het verkeer gebracht in een andere lidstaat van de Europese Unie, voldoen aan de bij of krachtensgestelde eisen en ten bewijze daarvan worden begeleid door een officieel document. 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 01-10-2003
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Onze Minister kan nadere regels stellen over het telen van bloembollen. 2 Onze Minister kan tevens nadere regels stellen over het in de handel brengen van bloembollen of snijbloemen: a. artikel 1b, eerste lid voor zover hiermee een nadere invulling wordt gegeven aan de in, bedoelde voorwaarden, of b. verordening 537/70 verordening 801/71 voor het treffen van afwijkende maatregelen met betrekking tot de kwaliteitsnormen bij de uitvoer naar derde landen van bloembollen, onderscheidenlijk snijbloemen, als bedoeld inen de bij die verordening behorende bijlage, onderscheidenlijk als bedoeld in. 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 01-10-2003
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 2 De inbedoelde nadere regelen kunnen per cultuurgewas, soort of ras verschillen en mede betrekking hebben op: - de indeling in kwaliteitsklassen, de groottesortering, de oorsprong, alsmede de aanduiding daarvan; - de hoedanigheid en het gebruik van verpakkingsmiddelen; - de inrichting en het gebruik van bedrijfsgebouwen en vervoermiddelen; - het gebruik van machines, werktuigen en gereedschappen; - de benaming. 1980 632 24-11-1980 1980 632 24-11-1980 01-08-1981
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Vervallen 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 01-10-2003
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 8 Bloembollen van door Onze Minister aan te wijzen cultuurgewassen, soorten of rassen die overeenkomstig hiertoe door hem gestelde nadere regelen zijn behandeld, kunnen worden voorzien van een krachtenshiervoor vastgesteld merk. 2 De regelen, als bedoeld in het eerste lid, kunnen verschillen naar gelang van het gebruiksdoel of de geografische bestemming. Zij kunnen mede betrekking hebben op het tijdstip en de wijze van vervoer. 1980 632 24-11-1980 1980 632 24-11-1980 01-08-1981
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 2 Onze Minister kan bepalen dat de inen 5 bedoelde nadere regelen bij verordening worden gesteld door het bestuur van het productschap. 2 Onze Minister kan bepalen dat krachtens verordening, als bedoeld in het eerste lid, genomen besluiten de goedkeuring behoeven van een door hem aangewezen autoriteit. 1999 485 25-11-1999 02-11-1999 1999 485 25-11-1999 02-11-1999 26-11-1999
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Onderworpen aan een keuring, volgens door Onze Minister te stellen regelen, zijn a. artikel 2 bloembollen waarvoor nadere regelen op grond vanzijn gesteld; b. artikel 5, eerste lid bloembollen waarvoor een merk als bedoeld in, wordt gebruikt. 1980 632 24-11-1980 1980 632 24-11-1980 01-08-1981
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 Onze Minister kan merken, tekenen en bewijsstukken vaststellen, als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de wet, welke kunnen verschillen naar ras, soort, cultuurgewas, behandeling of kwaliteitsklasse van de bloembollen. 2 Onze Minister kan regelen stellen inzake de gebruikmaking van merken, tekenen en bewijsstukken. 3 Onze Minister kan regelen stellen betreffende het vervaardigen, voorhanden en in voorraad hebben zomede het afleveren en gebruiken van in het eerste lid bedoelde merken, tekenen of bewijsstukken en van cliché's, stempels en andere werktuigen tot het vervaardigen of aanbrengen van die merken, tekenen of bewijsstukken. 1980 632 24-11-1980 1980 632 24-11-1980 01-08-1981
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 artikel 8 Het is verboden de inbedoelde merken, tekenen of bewijsstukken te bezigen in strijd met het bij of krachtens dit besluit bepaalde. 2 artikel 8 Het is verboden voor bloembollen aanduidingen te bezigen welke sterk gelijken op de inbedoelde merken, tekenen of bewijsstukken. 1980 632 24-11-1980 1980 632 24-11-1980 01-08-1981
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 artikel 7 artikel 11 Het telen en het behandelen van bloembollen, die op grond vanaan een keuring onderworpen zijn, is uitsluitend toegestaan aan aangeslotenen van de ingenoemde instelling. 1980 632 24-11-1980 1980 632 24-11-1980 01-08-1981
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 De stichting BKD: a. artikel 1f, eerste lid is belast met de registratie van leveranciers, bedoeld in; b. is belast met het toezicht op de naleving van de bij haar aangeslotenen van het bij of krachtens het besluit ten aanzien van bloembollen bepaalde; c. artikel 7 is belast met de keuring, bedoeld in; d. artikelen 5 8 is bevoegd tot het uitreiken van de merken, tekenen of bewijsstukken, bedoeld in deen. 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 01-10-2003
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 artikel 11 De voorzitter van de ingenoemde instelling wordt door Onze Minister telkens voor ten hoogte vier jaren benoemd. Hij is terstond weder benoembaar. 2 artikel 11 Het bestuur van de ingenoemde instelling doet aan Onze Minister een voordracht voor de benoeming. 3 De voorzitter mag niet rechtstreeks betrokken zijn bij de teelt van of de handel in bloembollen. 1980 632 24-11-1980 1980 632 24-11-1980 01-08-1981
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 Onze Minister kan vrijstelling en, op aanvraag, ontheffing verlenen van het bepaalde bij of krachtens dit besluit. 2 artikel 11 Onze Minister kan bepalen dat een ontheffing als in het eerste lid bedoeld, door de ingenoemde instelling kan worden verleend. 3 Onze Minister kan bepalen dat een vrijstelling of een ontheffing als in het eerste lid bedoeld, door het productschap wordt verleend. Hij kan voorts bepalen dat een besluit, waarbij een zodanige vrijstelling wordt verleend, de goedkeuring behoeft van een door hem aangewezen autoriteit. 1997 667 18-12-1997 03-12-1997 1997 748 29-12-1997 16-12-1997 01-01-1998
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Stb. Het Uitvoercontrolebesluit 1951 (Bloembollen) (329) is buiten werking gesteld. 1980 632 24-11-1980 1980 632 24-11-1980 01-08-1981
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Dit besluit kan worden aangehaald als "Landbouwkwaliteitsbesluit bloembollen en snijbloemen". 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 2003 367 30-09-2003 11-08-2003 01-10-2003
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 augustus 1981. 1980 632 24-11-1980 1980 632 24-11-1980 01-08-1981