Besluit van 24 juli 1982, houdende uitvoering van de artikelen 47, eerste lid, 49, 50, eerste lid, 66, eerste lid, en 68, eerste en tweede lid, van de Wet geluidhinder (Stb. 1979, 99)
- BWB-id
- BWBR0003508
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2006-03-08 t/m 2006-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0003508
- ELI
- /eli/nl/amvb/1982/besluit-grenswaarden-binnen-zones-rond-industrieterreinen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1982/besluit-grenswaarden-binnen-zones-rond-industrieterreinen/2006-03-08
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0003508&g=2006-03-08
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0003508&z=2026-06-06&g=2006-03-08
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0003508/2006-03-08
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1982/besluit-grenswaarden-binnen-zones-rond-industrieterreinen
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: Wet geluidhinder wet: de; Bouwbesluit 2003 Bouwbesluit 2003 uitwendige scheidingsconstructie en verblijfsruimte: hetgeen onder die begrippen wordt verstaan in het; gezondheidszorggebouw: hetgeen onder gezondheidszorgfunctie wordt verstaan in het; artikel 1, eerste lid, onderdeel h, van de Woningwet woonwagenstandplaats: een standplaats als bedoeld in; zone: een zone rond een industrieterrein; waarde: de etmaalwaarde van het equivalente geluidsniveau in dB(A) met betrekking tot een industrieterrein; referentieniveau: a. het hoogste van de volgende geluidsniveaus, gemeten over een door Onze Minister te bepalen periode: 1°. het geluidsniveau in dB(A) dat gedurende 95% van de periode op een bepaalde plaats wordt overschreden, de bijdrage van het betrokken industrieterrein daaronder niet begrepen; 2°. het vanwege een weg op die plaats optredende equivalente geluidsniveau in dB(A), verlaagd met 10 dB; b. het geluidsniveau, bedoeld in a, onder 1°, indien over de periode van 23.00 tot 07.00 uur minder dan 500 motorvoertuigen van de weg gebruik maken. 2002 203 07-05-2002 17-04-2002 2002 516 24-10-2002 16-10-2002 2002 582 05-12-2002 28-11-2002 01-01-2003
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a artikel 157 van de wet artikel 157, derde lid, van de wet artikelen 2 a 2 b 2 3 a 3 5 6 a 7 Indienvan toepassing is geven gedeputeerde staten slechts toepassing aan de,,,,,,en, voor zover de gecumuleerde geluidsbelastingen na de correctie op grond vanniet leiden tot een naar hun oordeel onaanvaardbare geluidsbelasting. 1993 58 26-01-1993 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 47, eerste lid, van de wet Met betrekking tot nieuw te bouwen, nog niet in aanbouw zijnde woningen kunnen gedeputeerde staten toepassing geven aan, indien de toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van de betrokken woningen, tot 50 dB(A) onvoldoende doeltreffend zal zijn. 2 Het eerste lid vindt slechts toepassing in die gevallen waarin: a. het referentieniveau ter plaatse van de uitwendige scheidingsconstructie van de woningen waarvoor de hogere waarde is verzocht, hoger is dan of gelijk is aan het equivalente geluidsniveau vanwege het betrokken industrieterrein, of b. de woningen ter plaatse noodzakelijk zijn om redenen van grond- of bedrijfsgebondenheid, of c. de woningen in een dorps- of stadsvernieuwingsplan worden opgenomen, dan wel door de gekozen situering een open plaats tussen aanwezige bebouwing opvullen, of d. de ligging van de geluidsbronnen op het betrokken industrieterrein zodanig is dat de geluidsbelasting, vanwege dit industrieterrein en vanwege andere geluidsbronnen, van ten minste één uitwendige scheidingsconstructie van elk van de woningen lager is dan of gelijk is aan 50 dB(A), of e. de woningen ter plaatse gesitueerd worden als vervanging van bestaande bebouwing. 3 artikel 66 van de wet a e Met betrekking tot nieuw te bouwen, nog niet in aanbouw zijnde woningen kunnen gedeputeerde staten toepassing geven aanin gevallen als bedoeld in het tweede lid, ondertot en met, indien toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van de betrokken woningen tot 50 dB(A) onvoldoende doeltreffend zal zijn dan wel overwegende bezwaren ontmoet van de stedebouwkundige, landschappelijke of financiële aard. 1993 58 26-01-1993 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a 1 artikelen 48, eerste lid 67, eerste lid, van de wet Met betrekking tot nieuw te bouwen, nog niet in aanbouw zijnde woningen kunnen gedeputeerde staten toepassing geven aan de, en, indien de toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de te verwachten toename van de geluidsbelasting vanwege het industrieterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van de betrokken woningen tot de voordien geldende ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, onvoldoende doeltreffend zal zijn, dan wel overwegende bezwaren ontmoet van stedebouwkundige, landschappelijke of financiële aard. 2 artikelen 48, eerste lid 67, eerste lid, van de wet Gedeputeerde staten kunnen voorts met betrekking tot nieuw te bouwen, nog niet in aanbouw zijnde woningen toepassing geven aan de, enin die gevallen waarin door wijziging van industriële activiteiten op het industrieterrein voor een ongeveer gelijk aantal woningen binnen de zone aanmerkelijk lagere geluidsbelastingen optreden dan de voordien geldende. 1993 58 26-01-1993 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 2b — Artikel 2b#
Artikel 2b 1 artikel 67, vierde lid, van de wet Met betrekking tot nieuw te bouwen, nog niet in aanbouw zijnde woningen kunnen gedeputeerde staten toepassing geven aan: 1°. bij herstructurering van havenbekkens, haventerreinen of activiteiten die zeehavengebonden zijn, en 2°. indien de toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van de betrokken woningen tot 50 dB(A) onvoldoende doeltreffend zal zijn, dan wel overwegende bezwaren ontmoet van stedebouwkundige, landschappelijke of financiële aard. 2 artikel 67, vijfde lid, van de wet Met betrekking tot nieuw te bouwen, nog niet in aanbouw zijnde woningen kunnen gedeputeerde staten toepassing geven aan, indien de toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van de betrokken woningen tot 50 dB(A) onvoldoende doeltreffend zal zijn, dan wel overwegende bezwaren ontmoet van stedebouwkundige, landschappelijke of financiële aard. 1993 58 26-01-1993 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 47, eerste lid, van de wet Met betrekking tot aanwezige of in aanbouw zijnde woningen kunnen gedeputeerde staten toepassing geven aan, indien de toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van de betrokken woningen, tot 50 dB(A) onvoldoende doeltreffend zal zijn. 2 Het eerste lid vindt slechts toepassing in die gevallen waarin: a. het referentieniveau ter plaatse van de uitwendige scheidingsconstructie van de woningen waarvoor de hogere waarde is verzocht, hoger is dan of gelijk is aan het equivalente geluidsniveau vanwege het betrokken industrieterrein b. de woningen ter plaatse noodzakelijk zijn om redenen van grond- of bedrijfsgebondenheid, of c. de ligging van de geluidsbronnen op het betrokken industrieterrein zodanig is dat de geluidsbelasting, vanwege dit industrieterrein en vanwege andere geluidsbronnen, van ten minste één uitwendige scheidingsconstructie van elk van de woningen lager is dan of gelijk is aan 50 dB(A). 3 artikel 66 van de wet a b c Met betrekking tot aanwezige of in aanbouw zijnde woningen kunnen gedeputeerde staten toepassing geven aanin gevallen als bedoeld in het tweede lid, onder,en, indien de toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van de betrokken woningen tot 50 dB(A) onderscheidenlijk 55 dB(A) onvoldoende doeltreffend zal zijn, dan wel overwegende bezwaren ontmoet van stedebouwkundige, landschappelijke of financiële aard. 1993 58 26-01-1993 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 3a — Artikel 3a#
Artikel 3a 1 artikelen 48, eerste lid 67, eerste lid, van de wet Met betrekking tot aanwezige of in aanbouw zijnde woningen kunnen gedeputeerde staten toepassing geven aan de, en, indien de toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de te verwachten geluidsbelasting vanwege het industrieterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van de betrokken woningen tot de voordien geldende ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, onvoldoende doeltreffend zal zijn, dan wel overwegende bezwaren ontmoet van stedebouwkundige, landschappelijke of financiële aard. 2 artikelen 48, eerste lid 67, eerste lid, van de wet Gedeputeerde staten kunnen voorts met betrekking tot aanwezige of in aanbouw zijnde woningen toepassing geven aan de, en, in die gevallen waarin door wijziging van industriële activiteiten op het industrieterrein voor een ongeveer gelijk aantal woningen binnen de zone aanmerkelijk lagere geluidsbelastingen optreden dan de voordien geldende. 1993 58 26-01-1993 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikelen 5 9 a b Behoudens het in deenbepaalde is de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van de in het derde lid, onderen, genoemde categorieën van gebouwen binnen de zone van dat industrieterrein 50 dB(A). 2 artikelen 5 9 a e In afwijking van het eerste lid is, behoudens het in deenbepaalde, de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van de in het derde lid, ondertot en met, genoemde categorieën van gebouwen die op het tijdstip van de vaststelling van een zone binnen de zone aanwezig, in aanbouw of geprojecteerd zijn en waarvan op dat tijdstip de geluidsbelasting hoger is dan 50 dB(A), 55 dB(A). 3 De in het eerste en tweede lid bedoelde gebouwen zijn: a. basisscholen; b. Wet op het voortgezet onderwijs scholen voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de; c. instellingen voor hoger beroepsonderwijs; d. algemene, categorale en academische ziekenhuizen, alsmede verpleeghuizen; e. d andere gezondheidszorggebouwen dan bedoeld onder. 4 a b c Een gymnastieklokaal maakt voor de toepassing van dit besluit geen deel uit van de in het derde lid, onder,en, genoemde scholen. 2003 262 30-06-2003 27-05-2003 2003 288 15-07-2003 02-07-2003 01-08-2003
Artikel 4a — Artikel 4a#
Artikel 4a 1 artikelen 6 9 a Behoudens het in deenbepaalde is de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, aan de grens van binnen de zone van dat industrieterrein gelegen geluidsgevoelige terreinen als bedoeld in het vierde lid, onder50 dB(A). 2 artikel 9 artikel 53 van de wet a In afwijking van het eerste lid is, behoudens het inbepaalde, de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, aan de grens van binnen de krachtensvastgestelde zone van dat industrieterrein gelegen geluidsgevoelige terreinen als bedoeld in het vierde lid, onderdie op het tijdstip van de vaststelling van een zone binnen de zone aanwezig, in aanleg of geprojecteerd zijn en waarvan op dat tijdstip de geluidsbelasting hoger is dan 50 dB(A), 55 dB(A). 3 artikel 6 artikel 41 van de wet b Behoudens het inbepaalde is de ten hoogste toelaatbare waarde van de geluidsbelasting vanwege een industrieterrein waarvan de zone wordt vastgesteld krachtens, aan de grens van binnen die zone gelegen geluidsgevoelige terreinen als bedoeld in het vierde lid, onder, 50 dB(A). 4 a. e artikel 4, derde lid, onder De in het eerste en tweede lid bedoelde geluidsgevoelige terreinen zijn: terreinen die behoren bij gebouwen als bedoeld in, voor zover deze bestemd zijn of gebruikt worden voor de in die gebouwen gegeven zorg; b. De in het derde lid bedoelde geluidsgevoelige terreinen zijn: woonwagenstandplaatsen. 1993 58 26-01-1993 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 a b c d artikel 4, derde lid, onder,,en artikel 4, eerste of tweede lid artikel 50, eerste lid artikel 68, tweede lid, van de wet Voor gebouwen, behorend tot de in, bedoelde categorieën, kan met toepassing van, ofvoor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, een hogere waarde dan de in, genoemde worden vastgesteld, met dien verstande dat deze waarde 60 dB(A) niet te boven mag gaan. 2 e artikel 4, derde lid, onder artikel 4, eerste of tweede lid artikel 50, eerste lid artikel 68, tweede lid, van de wet Voor gebouwen, behorend tot de in, bedoelde categorie, kan met toepassing van, ofvoor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, een hogere waarde dan de in, genoemde worden vastgesteld, met dien verstande dat deze waarde 55 dB(A) niet te boven mag gaan. 1993 58 26-01-1993 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 a artikel 4, vierde lid a a artikel 4, vierde lid, onder a artikel 4, eerste lid artikel 50, eerste lid artikel 68, tweede lid, van de wet Voor terreinen als bedoeld in, kan met toepassing van, of - indien het betreft terreinen als bedoeld in, - met toepassing vanvoor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, een hogere waarde dan de in, genoemde worden vastgesteld, met dien verstande dat deze waarde 55 dB(A) niet te boven mag gaan. 1993 58 26-01-1993 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikel 5 6 artikel 68, tweede lid, van de wet Gedeputeerde staten kunnen toepassing geven aanofindien de toepassing van maatregelen gericht op het terugbrengen van de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van het betrokken gebouw onderscheidenlijk aan de grens van het betrokken geluidsgevoelig terrein, tot 50 dB(A) onvoldoende doeltreffend zal zijn, dan wel, bij toepassing van, overwegende bezwaren ontmoet van stedebouwkundige, landschappelijke of financiële aard. 2 Het eerste lid vindt slechts toepassing in die gevallen waarin: a. het referentieniveau ter plaatse van de uitwendige scheidingsconstructie van de gebouwen of aan de grens van de geluidsgevoelige terreinen waarvoor de hogere waarde is verzocht, hoger is dan of gelijk is aan het equivalente geluidsniveau vanwege het betrokken industrieterrein, of b. de gebouwen ter plaatse gesitueerd zijn of worden voor het functioneren van de woonwijk of het industrieterrein. 1993 58 26-01-1993 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 7a — Artikel 7a#
Artikel 7a 1 artikel 50, eerste lid artikel 68, eerste lid, van de wet artikel 4, eerste of tweede lid artikel 5, eerste of tweede lid a e artikel 4, derde lid, ondertot en met Bij wijziging van een zone of bij herziening van een bestemmingsplan, geldende voor tot de zone behorende gronden, kunnen gedeputeerde staten met toepassing van, of, de ingevolge, of, geldende waarde voor gebouwen in dat gebied, behorend tot de in, bedoelde categorieën, met ten hoogste 5 dB(A) verhogen, indien de toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de te verwachten geluidsbelasting vanwege het industrieterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van de betrokken gebouwen tot de voordien geldende ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, onvoldoende doeltreffend zal zijn, dan wel overwegende bezwaren ontmoet van stedebouwkundige, landschappelijke of financiële aard. 2 artikel 71, tweede lid, van de wet Het eerste lid vindt slechts toepassing indien degene ten behoeve van wie de waarde wordt verhoogd, heeft verklaard dat hij uiterlijk gelijktijdig met de verhoging financiële middelen ter beschikking stelt ten behoeve van de toepassing van maatregelen als bedoeld inmet betrekking tot gebouwen, die door de wijziging van de zone of herziening van het bestemmingsplan een hogere geluidsbelasting ondervinden. 3 Bij toepassing van het eerste lid mag de waarde niet hoger worden gesteld dan: 1°. a b c d artikel 4, derde lid, onder,,en 60 dB(A) voor gebouwen, behorende tot de in, bedoelde categorieën, en 2°. e artikel 4, derde lid, onder 55 dB(A) voor gebouwen, behorende tot de in, bedoelde categorie. 1993 58 26-01-1993 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 artikel 50, eerste lid artikel 68, tweede lid, van de wet Indien door de toepassing van, ofvoor de uitwendige scheidingsconstructie van één of meer in aanbouw zijnde of aanwezige gebouwen binnen een zone een hogere geluidsbelasting dan 50dB(A) als toelaatbaar is aangemerkt, treft het college van burgemeester en wethouders met betrekking tot de geluidwering van die uitwendige scheidingsconstructie maatregelen om te bevorderen dat de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, niet te boven zal gaan. a. a, binnen de verblijfsruimten, genoemd in het tweede lid, onder30dB(A), en b. b, binnen de verblijfsruimten, genoemd in het tweede lid, onder35dB (A), 2 De verblijfsruimten, bedoeld in het eerste lid zijn: a. - leslokalen van basisscholen; - Wet op het voortgezet onderwijs theorielokalen van scholen voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de; - theorielokalen van instellingen voor hoger beroepsonderwijs; - artikel 4, derde lid, onder d onderzoeks- en behandelingsruimten van ziekenhuizen en verpleeghuizen, bedoeld in; - artikel 4, derde lid, onder e onderzoeks-, behandelings-, recreatie-, en conversatieruimten, alsmede woon- en slaapruimten van gebouwen, bedoeld in; b. - Wet op het voortgezet onderwijs theorievaklokalen van scholen voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de; - theorievaklokalen van instellingen voor hoger beroepsonderwijs; - artikel 4, derde lid, onder d ruimten voor patiëntenhuisvesting, alsmede recreatie- en conversatieruimten van ziekenhuizen en verpleeghuizen, bedoeld in. 2005 574 22-11-2005 24-10-2005 2006 109 02-03-2006 21-02-2006 08-03-2006
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikelen 71 72 a 111, eerste lid, aanhef en onder, van de wet artikel 53 van de wet a e artikel 4, derde lid, ondertot en met a a artikel 4, vierde lid, onder De,enzijn met betrekking tot op het tijdstip van de vaststelling van een zone krachtens of met overeenkomstige toepassing vanaanwezige of in aanbouw zijnde gebouwen als bedoeld in, alsmede van terreinen als bedoeld in, die op het tijdstip van de vaststelling een hogere geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, ondervinden dan 55 dB(A), van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat: niet te boven zal gaan. - artikel 72, tweede lid, van de wet a b c d artikel 4, derde lid, onder,,en de met overeenkomstige toepassing vandoor Onze Minister vast te stellen ten hoogste toelaatbare waarde voor de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van de in, bedoelde categorieën van gebouwen, 65 dB(A) niet te boven mag gaan; - artikel 72, tweede lid, van de wet e de met overeenkomstige toepassing vandoor Onze Minister vast te stellen ten hoogste toelaatbare waarde voor de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van de in artikel 4, derde lid, onder, bedoelde categorieën van gebouwen, 60 dB(A) niet te boven mag gaan; - artikel 72, tweede lid, van de wet a a artikel 4, vierde lid, onder de met overeenkomstige toepassing vandoor Onze Minister vast te stellen ten hoogste toelaatbare waarde voor de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, aan de grens van terreinen als bedoeld in, 60 dB(A) niet te boven mag gaan; - a artikel 111, eerste lid, aanhef en onder, van de wet de met overeenkomstige toepassing vandoor het college van burgemeester en wethouders te treffen maatregelen bevorderen, dat de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, a. a artikel 8, tweede lid, onder binnen de verblijfsruimten, bedoeld in, 35 dB(A), en b. b artikel 8, tweede lid, onder binnen de verblijfsruimten, bedoeld in, 40 dB(A), 2005 574 22-11-2005 24-10-2005 2006 109 02-03-2006 21-02-2006 08-03-2006
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 artikelen 47, eerste lid 48, eerste lid 50, eerste lid 66 68, tweede lid, van de wet Een verzoek als bedoeld in de,,,, enkan worden gedaan door: a. artikelen 4 a 4 burgemeester en wethouders van de gemeente waarin de woningen of de andere geluidsgevoelige bestemmingen bedoeld in deengesitueerd zijn of worden, waarvoor de hogere waarde verzocht wordt; b. burgemeester en wethouders van de gemeente waarin het industrieterrein gesitueerd is of wordt met betrekking waartoe de hogere waarde verzocht wordt; c. degene die het beheer voert over het industrieterrein met betrekking waartoe de hogere waarde verzocht wordt; d. het bestuur van de Kamer van Koophandel en Fabrieken van het gebied waarin het industrieterrein, met betrekking waartoe de hogere waarde verzocht wordt, gesitueerd is of wordt. 1993 58 26-01-1993 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 a artikel 10, onder b, c d artikel 10, onderof Burgemeester en wethouders van de gemeente, bedoeld in, maken, zo nodig op verzoek van een verzoeker als bedoeld in, het voornemen tot het indienen van een verzoek in ieder geval zoveel mogelijk gelijktijdig bekend door middel van: a. a artikel 10, onder kennisgeving in één of meer in de inbedoelde gemeente verspreiding vindende dag-, nieuws- of huis-aan-huis-bladen en voorts op de in die gemeente gebruikelijke wijze; b. a artikel 10, onder terinzagelegging van het ontwerp van het verzoek met de daarbij behorende stukken op het gemeentehuis van de in, bedoelde gemeente; c. artikel 4 niet op naam gestelde kennisgeving aan de gebruikers van de woningen of de woonwagenstandplaatsen, het bevoegd gezag van scholen en de directies van de inbedoelde andere gebouwen waarvoor een hogere waarde wordt verzocht. 2 a artikel 10, onder Burgemeester en wethouders van de gemeente, bedoeld in, stellen een ieder in de gelegenheid gedurende vier weken vanaf de dag waarop het ontwerp van het verzoek ter inzage is gelegd, het ontwerp met de daarbij behorende stukken in te zien en opmerkingen ten aanzien van het ontwerp schriftelijk te maken. 3 b artikel 52, tweede lid, onder, van de wet artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening Indien het voornemen tot het indienen van een verzoek verband houdt met een toepassing vanof van, kan in afwijking van het tweede lid het ontwerp van het verzoek gedurende twee weken ter inzage worden gelegd. 1995 163 06-04-1995 20-03-1995 1995 163 06-04-1995 20-03-1995 06-05-1995
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 Het verzoek en het ontwerp van een verzoek bevatten ten minste: a. de verzochte hogere waarde; b. de redenen die aan het verzoek ten grondslag liggen; c. artikel 43 62 van de wet de resultaten van het akoestisch onderzoek als bedoeld inof; d. artikel 4 a een beschrijving van de mogelijkheden om de geluidsbelasting, van de woningen of, voor zover van toepassing, andere geluidsgevoelige bestemmingen bedoeld in, tot een lagere waarde te verminderen dan onderbedoelde, alsmede een schatting van de hieraan verbonden extra kosten; e. artikel 111, eerste lid, van de wet een verklaring dat maatregelen als bedoeld in, zullen worden getroffen, indien de geluidsbelasting binnen de woning bij gesloten ramen meer bedraagt dan 35 dB(A). 2 artikel 16 van het Besluit op de ruimtelijke ordening 1985 artikel 25, tweede lid, van de Luchtvaartwet d artikel 1.2, tweede lid, onder, van de Wet milieubeheer Stb. Stb. Het verzoek gaat vergezeld van een of meer kaarten met bijbehorende verklaring. Met betrekking tot deze kaart of kaarten is(627) van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat in plaats van "plan" telkens gelezen wordt: "verzoek". De kaart of kaarten geven bovendien de ligging weer van geluidszones langs wegen, rond industrieterreinen en rond luchtvaartterreinen als bedoeld in(1958, 47), alsmede de in die zones voorkomende gebieden, aangewezen overeenkomstig, voor zover de woningen, gebouwen of terreinen waarop het verzoek betrekking heeft, binnen zodanige zones zijn of worden gesitueerd. 3 Gedeputeerde staten kunnen van de verzoeker nadere toelichting, tekeningen en kaarten verlangen, indien zij deze noodzakelijk achten voor de beoordeling van het verzoek. 4 artikel 11 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening Stb. Indien het verzoek wordt gedaan in samenhang met de voorbereiding van een bestemmingsplan dat met toepassing van(1985, 626) moet worden uitgewerkt of kan worden gewijzigd, kunnen gedeputeerde staten het verzoek in behandeling nemen, indien niet is voldaan aan het tweede lid. 1998 170 26-03-1998 16-03-1998 1998 170 26-03-1998 16-03-1998 23-04-1998
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 artikel 10 De verzoeker zendt gelijktijdig met het indienen van zijn verzoek een afschrift van het verzoek en de hierbij behorende stukken naar de verzoekgerechtigden, bedoeld in, die het verzoek niet hebben gedaan. 2004 155 20-04-2004 19-03-2004 2005 81 24-02-2005 08-02-2005 25-02-2005
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Gedeputeerde staten tekenen de datum van ontvangst van een verzoek aan op het geschrift waarbij het verzoek is ingediend, en zenden de verzoeker een bewijs van ontvangst, waarin de datum is vermeld. 1993 58 26-01-1993 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 14a — Artikel 14a#
Artikel 14a 1 a artikel 10, onder artikel 11, tweede lid artikel 11 Burgemeester en wethouders van de gemeente, bedoeld in, houden binnen de in, bedoelde termijn een openbare zitting, waarbij een ieder de gelegenheid wordt gegeven opmerkingen te maken ten aanzien van het ontwerp van het verzoek, bedoeld in. 2 a artikel 10, onder artikel 10 Burgemeester en wethouders van de gemeente, bedoeld in, stellen een rapport op van de wijze waarop de bevolking bij de totstandkoming van het verzoek, bedoeld in, is betrokken, waarin in ieder geval begrepen zijn een verslag van de openbare zitting en afschriften van de schriftelijk gemaakte opmerkingen over het ontwerp van het verzoek. Zij zenden dit rapport onmiddellijk toe aan degenen die op de openbare zitting opmerkingen ten aanzien van het ontwerp van het verzoek hebben gemaakt, en aan de verzoeker. 3 artikel 10 Een verzoek als bedoeld ingaat vergezeld van het in het tweede lid bedoelde rapport. 4 artikel 151 artikel 297 van de Gemeentewet Dit artikel blijft van toepassing zolang de betrokken gemeente met inachtneming vanjunctogeen inspraakverordening heeft vastgesteld en in werking heeft laten treden. 1993 58 26-01-1993 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 Besluit grenswaarden binnen zones rond industrieterreinen Dit besluit kan worden aangehaald als "". 2 Het treedt in werking op een door Ons te bepalen tijdstip. 1982 465 24-07-1982 1982 465 24-07-1982 01-09-1982