Besluit van 18 april 1988, houdende regelen ten aanzien van de toekenning van vacatiegelden
- BWB-id
- BWBR0004317
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Financiën
- Geldigheid
- 1997-01-01 t/m 2009-02-12
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0004317
- ELI
- /eli/nl/amvb/1988/vacatiegeldenbesluit-1988
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1988/vacatiegeldenbesluit-1988/1997-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0004317&g=1997-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0004317&z=2026-06-06&g=1997-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0004317/1997-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1988/vacatiegeldenbesluit-1988
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 Aan de leden van een bij of krachtens wet bij koninklijk besluit of bij ministerieel besluit ingestelde commissie, aan haar secretarissen en adjunct-secretarissen, alsmede aan de deskundigen die aan de werkzaamheden van de commissie deelnemen, kan voor het bijwonen van een vergadering hetzij van de commissie zelf, hetzij van een van haar subcommissies, een vacatiegeld worden toegekend. Twee of meer vergaderingen op dezelfde dag gelden als één vergadering. 2 Het vacatiegeld wordt vastgesteld bij beschikking van Onze Minister onder wiens ministerie de commissie ressorteert. 3 Onze Minister van Financiën stelt maximumbedragen voor vacatiegeld vast voor naar zwaarte van taak onderscheiden categorieën van commissies, en voor voorzitterschappen. 1988 205 17-05-1988 18-04-1988 1988 205 17-05-1988 18-04-1988 18-05-1988
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Van de toekenning van vacatiegeld zijn uitgesloten: a. functionarissen in dienst van het Rijk, van een ander publiekrechtelijk lichaam dan het Rijk of van een door het Rijk in het leven geroepen instelling, dan wel van een instelling welker personeelskosten door het Rijk worden vergoed, indien hun benoeming haar oorzaak vindt in de functie die zij vervullen; b. vertegenwoordigers van organisaties die gelegenheid hebben op te komen voor groepen of individuele personen wier belangen bij de arbeid van de commissie zijn betrokken, tenzij door Onze Minister onder wiens ministerie de commissie ressorteert, en Onze Minister van Financiën gezamenlijk in bijzondere gevallen anders wordt beslist. 2 Indien deskundigen, secretarissen en adjunct-secretarissen op andere wijze voor hun aandeel in de werkzaamheden van de commissie worden beloond, wordt aan hen geen vacatiegeld toegekend. 1988 205 17-05-1988 18-04-1988 1988 205 17-05-1988 18-04-1988 18-05-1988
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 In plaats van vacatiegeld kan een vaste beloning worden toegekend bij een koninklijk besluit te nemen op voordracht van Onze Minister, onder wiens ministerie de commissie ressorteert. 2 De vaste beloning wordt, al naar gelang het tijdsbeslag en de zwaarte van de werkzaamheden, vastgesteld op een bedrag overeenkomende met een evenredig deel van de jaarwedde volgens de schalen van de bezoldiging van burgerlijke rijksambtenaren, met een maximum van 50% van de jaarwedde volgens het eerste niveau na schaal 18. 1988 205 17-05-1988 18-04-1988 1988 205 17-05-1988 18-04-1988 18-05-1988
Artikel 3a — Artikel 3a#
Artikel 3a Kaderwet adviescolleges Dit besluit is niet van toepassing op leden van een adviescollege als bedoeld in de, niet zijnde een adviescollege als bedoeld in artikel 3 van die wet. 1996 583 10-12-1996 27-11-1996 1996 583 10-12-1996 27-11-1996 01-01-1997
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Stb. Het Vacatiegeldenbesluit 1970 (577) wordt ingetrokken. Ingevolge dat besluit toegekende vacatiegelden en vaste beloningen blijven gelden. 2 Staatsblad Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na uitgifte van hetwaarin het wordt geplaatst. 1988 205 17-05-1988 18-04-1988 1988 205 17-05-1988 18-04-1988 18-05-1988
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Dit besluit kan worden aangehaald als "Vacatiegeldenbesluit 1988". 1988 205 17-05-1988 18-04-1988 1988 205 17-05-1988 18-04-1988 18-05-1988