Besluit van 28 november 1989, houdende regelen ten behoeve van de instandhouding van beschermde monumenten
- BWB-id
- BWBR0004654
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- 2003-06-18 t/m 2006-01-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0004654
- ELI
- /eli/nl/amvb/1990/besluit-rijkssubsidi-ring-onderhoud-monumenten
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1990/besluit-rijkssubsidi-ring-onderhoud-monumenten/2003-06-18
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0004654&g=2003-06-18
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0004654&z=2026-06-06&g=2003-06-18
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0004654/2003-06-18
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1990/besluit-rijkssubsidi-ring-onderhoud-monumenten
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. eigenaar: de natuurlijke persoon of de rechtspersoon, die het recht van eigendom of een ander zakelijk recht heeft op een beschermd monument; b. onderhoudswerkzaamheden: periodieke onderhoudswerkzaamheden aan een beschermd monument, welke werkzaamheden door Onze minister als zodanig worden aangemerkt en dienen om het beschermde monument als zodanig in stand te houden; c. bouwkundig inspectierapport: een rapport met betrekking tot een beschermd monument dat: 1°. de technische staat van dat beschermde monument beschrijft; 2°. opgesteld is door een ter zake deskundige instantie; d. onderhoudsplan: een plan met betrekking tot het onderhoud van een beschermd monument dat: 1°. gebaseerd is op een bouwkundig inspectierapport; 2°. gedetailleerd inzicht geeft in de voorgenomen onderhoudswerkzaamheden over een periode van 10 jaren alsmede in de kosten daarvan; e. drempelbedrag: een bedrag aan subsidie waaronder geen subsidie wordt verstrekt. 1989 529 28-11-1989 1989 529 28-11-1989 01-02-1990
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Subsidie wordt slechts verstrekt ten behoeve van een beschermd monument dat naar het oordeel van Onze minister in goede bouwkundige staat verkeert. 2 Wet op de omzetbelasting Subsidie wordt niet verstrekt voor zover de kosten van de onderhoudswerkzaamheden op grond van een verzekering worden gedekt dan wel op grond van deop verschuldigde belasting in aftrek kunnen worden gebracht dan wel anderszins niet ten laste van de aanvrager komen. 3 Subsidie wordt niet verstrekt voor zover in de kosten van de onderhoudswerkzaamheden subsidie is verleend op grond van een andere rijkssubsidieregeling. 4 Subsidie wordt niet verstrekt aan de Staat, de provincies, de gemeenten, de waterschappen, de veenschappen en de veenpolders. 5 h artikel 3, eerste lid, onderdeel In afwijking van het vierde lid kan aan een gemeente die eigenaar, huurder of pachter is van een beschermd monument dat behoort tot één van de categorieën, bedoeld in, subsidie verstrekt worden in de kosten van onderhoudswerkzaamheden daaraan. 6 artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld, wordt verleend onder de voorwaarde, bedoeld in. 2003 109 20-03-2003 24-02-2003 2003 237 17-06-2003 23-05-2003 18-06-2003 01-01-2002 De terugwerkende kracht was reeds bepaald in Staatsblad 2003/109.
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a artikelen 3 11 artikel 3, eerste lid Onze minister kan ieder jaar subsidieplafonds vaststellen voor de verstrekking van subsidie als bedoeld in deen. Hij kan daarbij tevens voor één of meer categorieën, genoemd in, een subsidieplafond vaststellen. 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 2b — Artikel 2b#
Artikel 2b artikelen 3 11 Onze minister verdeelt de voor de verstrekking van subsidie als bedoeld in deenbeschikbare bedragen in de volgorde van ontvangst van de aanvragen. 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Onze minister kan jaarlijks subsidie verstrekken voor onderhoudswerkzaamheden aan: a. kerkgebouwen; b. kastelen, historische buitenhuizen en buitenplaatsen; c. hofjes van liefdadigheid die als zodanig zijn gesticht en waarvan de bestemming sinds de stichting niet is gewijzigd; d. gemalen; e. opstallen op begraafplaatsen; f. rieten daken van boerderijen en van buiten het boerenerf gelegen schaapskooien, die in gebruik zijn ten behoeve van een agrarisch bedrijf; g. vervallen; h. windmolens en watermolens, waarvan het gaande werk volledig of in overwegende mate in tact is, dan wel in die staat kan worden teruggebracht; i. orgels met uitzondering van de orgelkast; j. forten; k. fabrieksschoorstenen; l. gashouders; m. waterkrachtcentrales; n. watertorens; o. kranen; p. weegbruggen; q. locomotief- en rijtuigloodsen; r. luidklokken, beiaarden, uurwerken en op bouwwerken aangebrachte zonnewijzers; s. ruïnes. 2 e artikel 28 van de Wet op de lijkbezorging Subsidie wordt verstrekt aan de eigenaar, huurder of pachter van het monument of, indien subsidie wordt verstrekt ten behoeve van een monument als bedoeld in het eerste lid, onderdeel, aan degene die een uitsluitend recht op een graf heeft als bedoeld in. 3 Subsidie wordt uitsluitend verstrekt, indien de onderhoudswerkzaamheden naar het oordeel van Onze minister sober en doelmatig zijn uitgevoerd; en a. betrekking hebben op het mechaniek van een monument of b. op het wind- en waterdicht houden van de buitenkant van een monument. 4 artikel 6 van de Monumentenwet 1988 Indien uit het register, bedoeld in, blijkt dat een monument uitsluitend beschermd is vanwege één of meer met name genoemde onderdelen of objecten, wordt slechts subsidie verstrekt ten behoeve van die onderdelen of objecten. 2003 109 20-03-2003 24-02-2003 2003 237 17-06-2003 23-05-2003 18-06-2003 01-01-2002 De terugwerkende kracht was reeds bepaald in Staatsblad 2003/109.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 3 Subsidie als bedoeld inbedraagt 50% van de totale kosten van de onderhoudswerkzaamheden die zijn verricht in het jaar waarover de subsidie wordt aangevraagd. 2 a f j o q s artikel 3, eerste lid, onderdelentot en met,tot en met,en Voor monumenten als bedoeld in, bedraagt de subsidie ten hoogste € 5 672 per jaar en geldt een drempelbedrag van € 340. 3 artikel 3, eerste lid, onderdeel h Voor monumenten als bedoeld in, bedraagt de subsidie ten hoogste € 3 404 per jaar en geldt een drempelbedrag van € 136. 4 i r artikel 3, eerste lid, onderdelenen Voor monumenten als bedoeld in, bedraagt de subsidie ten hoogste € 681 per jaar en geldt een drempelbedrag van € 91. 5 artikel 3, eerste lid, onderdeel p Voor monumenten als bedoeld in, bedraagt de subsidie ten hoogste € 1 702 per jaar en geldt een drempelbedrag van € 136. 2003 109 20-03-2003 24-02-2003 2003 237 17-06-2003 23-05-2003 18-06-2003 01-01-2002 De terugwerkende kracht was reeds bepaald in Staatsblad 2003/109.
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 4, tweede lid b artikel 3, eerste lid, onderdeel paragraaf 2 In afwijking van, bedraagt de subsidie voor onderhoudswerkzaamheden ten behoeve van een monument als bedoeld in, ten hoogste € 18 150 indien die zijn uitgevoerd overeenkomstig een door de eigenaar, huurder of pachter ingediend onderhoudsplan, waarmee Onze minister ingevolgeheeft ingestemd. 2001 415 04-10-2001 14-09-2001 2001 415 04-10-2001 14-09-2001 01-01-2002
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 3, eerste lid, onderdeel b De eigenaar of huurder van een beschermd monument dat behoort tot de categorie, bedoeld in, kan bij Onze minister een onderhoudsplan indienen met het verzoek met dat plan in te stemmen. 2 Uit het onderhoudsplan dient te blijken dat de aanvrager over de periode waarop het onderhoudsplan betrekking heeft, jaarlijks meer dan € 11 340 aan kosten van onderhoudswerkzaamheden zal moeten besteden. 3 Het onderhoudsplan dient door Onze minister te zijn ontvangen voordat met de onderhoudswerkzaamheden waarop het eerste jaar van het onderhoudsplan betrekking heeft, is begonnen. 2001 415 04-10-2001 14-09-2001 2001 415 04-10-2001 14-09-2001 01-01-2002
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Indien een aanvrager met wiens onderhoudsplan Onze minister heeft ingestemd, in enig jaar van dat onderhoudsplan afwijkende onderhoudswerkzaamheden heeft verricht waarmee Onze minister niet heeft ingestemd, dan wel minder dan € 11 340 aan kosten van onderhoudswerkzaamheden heeft besteed, vervalt de instemming. 2001 415 04-10-2001 14-09-2001 2001 415 04-10-2001 14-09-2001 01-01-2002
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 artikel 28 van de Wet op de lijkbezorging De aanvraag om subsidie wordt door de eigenaar, de huurder, de pachter of degene die een uitsluitend recht heeft op een graf als bedoeld iningediend uiterlijk 1 april van het jaar volgend op het jaar waarin de onderhoudswerkzaamheden zijn uitgevoerd. 2 De aanvraag is vergezeld van de rekeningen van de uitgevoerde onderhoudswerkzaamheden en de daarop betrekking hebbende bewijzen van betaling. 3 Indien bewijzen van betaling betrekking hebben op kosten van personeel dat in loondienst is bij de aanvrager is de aanvraag tevens vergezeld van een verklaring van een registeraccountant of een accountant-administratieconsulent waaruit blijkt hoeveel arbeidstijd door dat personeel aan die onderhoudswerkzaamheden is besteed. 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Een aanvraag om subsidie is vergezeld van een bouwkundig inspectierapport dat is opgesteld niet eerder dan 2 jaren voorafgaande aan het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft. 2 Overlegging van een bouwkundig inspectierapport als bedoeld in het eerste lid kan achterwege blijven indien het bij een eerdere aanvraag aan Onze minister is overgelegd. 1989 529 28-11-1989 1989 529 28-11-1989 01-02-1990
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Vervallen 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 artikel 3, eerste lid, aanhef In afwijking van, kan Onze minister voor een periode van 10 jaar subsidie verstrekken voor onderhoudswerkzaamheden aan beschermde kerkgebouwen. 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 artikel 11 De subsidie, bedoeld in, bedraagt 50% van de totale kosten van de onderhoudswerkzaamheden die gedurende 10 jaren verricht zijn volgens een door Onze minister goedgekeurd onderhoudsplan. 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 artikel 11 Subsidie als bedoeld inwordt slechts verleend indien de financiële dekking van het gedeelte van 50% van de kosten van de voorgenomen onderhoudswerkzaamheden, dat niet door subsidie gedekt kan worden, naar genoegen van Onze minister zeker gesteld is. 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 artikel 11 De aanvraag om subsidie als bedoeld inwordt tezamen met een onderhoudsplan door de eigenaar of huurder ingediend voor 1 oktober van het jaar dat voorafgaat aan het eerste jaar waarop het onderhoudsplan betrekking heeft. 1993 541 23-10-1993 1993 693 23-12-1993 23-12-1993 01-01-1994
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 artikel 14 Indien de beschikking op een aanvraag als bedoeld ineen subsidieverlening inhoudt, vermeldt de beschikking het bedrag en, voorzover nodig, die onderdelen van het onderhoudsplan die door Onze minister niet zijn goedgekeurd. 2 Onze minister deelt de beschikking, bedoeld in het eerste lid, dan wel een beschikking tot wijziging of intrekking van die beschikking, mede aan de Stichting Nationaal Restauratiefonds. 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 artikel 15, eerste lid De aanvrager, aan wie subsidie als bedoeld in, is verleend komt in aanmerking voor een door de Stichting Nationaal Restauratiefonds aan te bieden rekening-courantovereenkomst ten behoeve van de onderhoudswerkzaamheden onder door die stichting te bepalen voorwaarden. 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 1 Nadat subsidie is verleend, worden jaarlijks bij wijze van voorschot de door de aanvrager bij de Stichting Nationaal Restauratiefonds ingediende rekeningen voor 50% vergoed tot ten hoogste één tiende deel van de verleende subsidie. 2 Indien aan een aanvrager in enig jaar minder dan het voor dat jaar voor hem beschikbare voorschot is betaald, wordt het verschil toegevoegd aan het bedrag dat in het volgende jaar bij wijze van voorschot aan hem kan worden betaald. 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 1 De eigenaar of huurder dient jaarlijks binnen dertien weken na afloop van het kalenderjaar een overzicht bij Onze minister in van: a. de verrichte onderhoudswerkzaamheden; b. de daarmee gemoeide kosten; c. schriftelijke bewijsstukken waaruit blijkt dat de in rekening gebrachte kosten betaald zijn. 2 De eigenaar dient in het derde, zesde en negende jaar van de periode waarvoor een subsidie is verleend, een bouwkundig inspectierapport bij Onze minister in dat is opgesteld in het jaar waarin het wordt ingediend. 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 1 artikel 18 Bij de indiening van het tiende overzicht, bedoeld in, dient de eigenaar of huurder een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in bij Onze minister. 2 Een afschrift van de beschikking tot vaststelling van de subsidie zendt Onze minister aan de Stichting Nationaal Restauratiefonds. 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 De aanvrager bericht zo spoedig mogelijk aan Onze minister indien er zich omstandigheden voordoen die van invloed kunnen zijn op de subsidieverlening onder overlegging van de relevante stukken. 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 Vervallen 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 De aanvrager stort teveel ontvangen voorschotten of subsidie onmiddellijk terug, tenzij Onze minister tot verrekening op andere wijze heeft besloten. 1989 529 28-11-1989 1989 529 28-11-1989 01-02-1990
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 Onze minister kan een formulier vaststellen voor: a. het onderhoudsplan; b. artikel 8, eerste lid de aanvraag, bedoeld in; c. artikel 14 de aanvraag, bedoeld in; d. artikel 19, eerste lid de aanvraag, bedoeld in; e. artikel 17 het indienen van rekeningen als bedoeld in; f. artikel 18 het overzicht, bedoeld in. 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 Hoofdstuk III Hoofdstuk II Indien op grond vanvoor enig jaar subsidie is verleend, wordt niet tevens voor datzelfde jaar subsidie verstrekt op grond van. 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 Onze minister kan artikelen van dit besluit buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat dit besluit beoogt te beschermen zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 Vervallen 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 Vervallen 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 Vervallen 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 1997 314 22-07-1997 05-07-1997 23-09-1997
Artikel 29 — Artikel 29#
Artikel 29 Dit besluit kan worden aangehaald als Besluit rijkssubsidiëring onderhoud monumenten. 1989 529 28-11-1989 1989 529 28-11-1989 01-02-1990