Besluit van 11 maart 1991, ter uitvoering van artikel 983 van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek
- BWB-id
- BWBR0005014
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2021-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0005014
- ELI
- /eli/nl/amvb/1991/besluit-ex-artikel-983-van-boek-8-van-het-burgerlijk-wetboek
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1991/besluit-ex-artikel-983-van-boek-8-van-het-burgerlijk-wetboek/2021-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0005014&g=2021-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0005014&z=2026-06-06&g=2021-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0005014/2021-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1991/besluit-ex-artikel-983-van-boek-8-van-het-burgerlijk-wetboek
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 artikel 974 van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek De schadevergoeding, die de vervoerder mogelijkerwijs is verschuldigd uit hoofde vanis beperkt tot 400.000 rekeneenheden per reiziger. 2 In het geval dat de schadeloosstelling wordt bepaald in de vorm van een rente mag het gekapitaliseerde bedrag 400.000 rekeneenheden per reiziger niet te boven gaan. 2020 386 21-10-2020 29-09-2020 2020 387 21-10-2020 29-09-2020 01-01-2021 Artikel IV van Stb. 2020/386 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De schadevergoeding, die de vervoerder mogelijkerwijs is verschuldigd in geval van vertraging van een reiziger en verlies, beschadiging of vertraging van diens bagage, is beperkt tot een bedrag van € 1.500. 2 De schadevergoeding die de vervoerder mogelijkerwijs verschuldigd is in geval van een als bagage ten vervoer aangenomen voertuig of schip en de zaken aan boord daarvan is beperkt tot een bedrag van € 9 100per voertuig of schip. 2020 386 21-10-2020 29-09-2020 2020 387 21-10-2020 29-09-2020 01-01-2021 Artikel IV van Stb. 2020/386 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a De rekeneenheid, genoemd in dit besluit, is het bijzondere trekkingsrecht, zoals dat is omschreven door het Internationale Monetaire Fonds. De bedragen die in dit besluit zijn uitgedrukt in rekeneenheden, worden omgerekend in euro’s naar de koers van de dag van betaling, danwel, in geval van een gerechtelijke procedure, naar de koers van de dag van de uitspraak. De waarde in euro’s, uitgedrukt in bijzondere trekkingsrechten, wordt berekend volgens de waarderingsmethode die door het Internationale Monetaire Fonds op de dag van omrekening wordt toegepast voor zijn eigen verrichtingen en transacties. 2020 386 21-10-2020 29-09-2020 2020 387 21-10-2020 29-09-2020 01-01-2021 Artikel IV van Stb. 2020/386 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Dit besluit treedt in werking op het tijdstip, waarop Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek in werking treedt. 1991 108 11-03-1991 1991 100 04-03-1991 01-04-1991