Besluit van 23 januari 1992, houdende regels ten aanzien van bijdragen in de kosten van beheer en onderhoud van waterstaatswerken
- BWB-id
- BWBR0005402
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- Geldend vanaf 1992-04-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0005402
- ELI
- /eli/nl/amvb/1992/besluit-bijdragen-waterstaatswerken
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1992/besluit-bijdragen-waterstaatswerken/1992-04-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0005402&g=1992-04-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0005402&z=2026-06-06&g=1992-04-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0005402/1992-04-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1992/besluit-bijdragen-waterstaatswerken
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 1 Begripsomschrijvingen In dit besluit wordt verstaan onder: a. Onze Minister: Onze Minister van Verkeer en Waterstaat; b. artikel 2, eerste lid, van de Wet houdende regels met betrekking tot enkele specifieke uitkeringen aan provincies en gemeenten op het terrein van Verkeer en Waterstaat Stb. bijdrage: een bijdrage als bedoeld in(1991, 255); c. artikel 2, eerste lid, van de Wet houdende regels met betrekking tot enkele specifieke uitkeringen aan provincies en gemeenten op het terrein van Verkeer en Waterstaat waterstaatswerken: waterstaatswerken als bedoeld in; d. artikel 1, tweede lid, van de Waterstaatswet 1900 Stb. nieuwe beheerder: de provincie dan wel de gemeente, waarbij bij een koninklijk besluit op grond van(176) een waterstaatswerk in beheer of onderhoud is gebracht. 1992 69 23-01-1992 1992 69 23-01-1992 01-04-1992
Artikel 2 — Artikel 2 Voorwaarden om voor een bijdrage in aanmerking te komen#
Artikel 2 Voorwaarden om voor een bijdrage in aanmerking te komen Voor een bijdrage komt in aanmerking de nieuwe beheerder van een waterstaatswerk dat een of meer functies ten algemene nutte heeft. 1992 69 23-01-1992 1992 69 23-01-1992 01-04-1992
Artikel 3 — Artikel 3 Functies ten algemene nutte#
Artikel 3 Functies ten algemene nutte 1 artikel 2 De bijdrage wordt verleend zolang de inbedoelde functies aanwezig zijn. 2 De nieuwe beheerder geeft aan Onze Minister jaarlijks een verklaring af, inhoudende dat de functie ten algemene nutte van het waterstaatswerk nog aanwezig is. 3 Indien de nieuwe beheerder evenwel voornemens is de functies van het waterstaatswerk zodanig te wijzigen dat deze niet meer overeenstemmen met de functies op het tijdstip waarop het waterstaatswerk bij hem in beheer of onderhoud is gebracht, blijft het tweede lid buiten toepassing. In dat geval treedt de nieuwe beheerder tijdig in overleg met Onze Minister over een evenredige aanpassing van het uitkeringsbedrag. 1992 69 23-01-1992 1992 69 23-01-1992 01-04-1992
Artikel 4 — Artikel 4 Hoogte, vaststelling en aanpassing van de uitkeringsbedragen#
Artikel 4 Hoogte, vaststelling en aanpassing van de uitkeringsbedragen 1 artikel 1, onderdeel d De hoogte van de uitkeringsbedragen per rechthebbende op het tijdstip waarop het betrokken waterstaatswerk bij de nieuwe beheerder in beheer of onderhoud wordt gebracht, wordt vastgesteld bij het koninklijk besluit, bedoeld in. 2 Bij de vaststelling van het uitkeringsbedrag wordt rekening gehouden met de mate waarin het waterstaatswerk functies ten algemene nutte vervult. 3 artikel 3, derde lid Indien in de functies van het waterstaatswerk wijzigingen zijn aangebracht als bedoeld in, wordt het uitkeringsbedrag bij koninklijk besluit naar evenredigheid aangepast. 1992 69 23-01-1992 1992 69 23-01-1992 01-04-1992
Artikel 5 — Artikel 5 Samenstelling van de bijdrage#
Artikel 5 Samenstelling van de bijdrage De bijdrage bestaat uit de volgende bestanddelen: a. een vergoeding voor de vaste jaarlijkse kosten van het personeel; b. een vergoeding voor de gemiddelde jaarlijkse onderhoudskosten; c. een voor een periode van 30 jaren vanaf het tijdstip van overdracht benodigd bedrag voor de niet-jaarlijkse onderhoudskosten. Bij voornoemde kosten wordt nog een onderscheid gemaakt naar fluctuaties van minder of meer dan vijf jaar. 1992 69 23-01-1992 1992 69 23-01-1992 01-04-1992
Artikel 6 — Artikel 6 Indexering#
Artikel 6 Indexering 1 De bijdrage wordt jaarlijks door Onze Minister aangepast overeenkomstig het gestelde in het tweede en derde lid. 2 De in het eerste lid genoemde jaarlijkse aanpassing vindt plaats door vermenigvuldiging van de bijdrage met: 3 In de in het tweede lid genoemde formules stellen voor: a: coëfficient, ter correctie van de stijging van het nominale loonniveau; artikel 1, onderdeel d C: het door het Centraal Bureau voor de Statistiek gepubliceerde indexcijfer van regelingslonen van volwassen werknemers (lonen per week en per maand voor alle werknemerscategorieën, inclusief spaarloon, vakantietoeslag en andere uitkeringen), in de maand voorafgaande aan de maand waarin het in, bedoelde koninklijk besluit van kracht wordt; U: het indexcijfer voor de maand dat als prijsbasis heeft gediend voor de vaststelling van de bijdrage. 4 De coëfficient a heeft voor het onderhoudskostenbestanddeel de waarde 0,7 en wordt iedere vijf jaar door Onze Minister opnieuw vastgesteld. Aan de hand van de door het Centraal Bureau voor de Statistiek gepubliceerde indexcijfers van regelingslonen voor de overheidssector wordt door Onze Minister de waarde van de coëfficient a voor het personeelskostenbestanddeel ieder jaar opnieuw vastgesteld. 1992 69 23-01-1992 1992 69 23-01-1992 01-04-1992
Artikel 7 — Artikel 7 Wijze van betaling van de bijdrage en het bedrag van de aanpassing#
Artikel 7 Wijze van betaling van de bijdrage en het bedrag van de aanpassing 1 Onze Minister betaalt de bijdrage jaarlijks in vier gelijke delen. 2 De in het eerste lid bedoelde delen worden uiterlijk op de vijftiende dag van de tweede maand van elk kwartaal van het desbetreffende uitkeringsjaar betaald. 3 Het bedrag van de aanpassing van de bijdrage wordt betaald in het jaar dat volgt op het desbetreffende uitkeringsjaar, uiterlijk op 30 november van dat jaar. 1992 69 23-01-1992 1992 69 23-01-1992 01-04-1992
Artikel 8 — Artikel 8 Tijdsduur van de geldigheid van de bijdrageregeling#
Artikel 8 Tijdsduur van de geldigheid van de bijdrageregeling 1 Onze Minister behoudt te allen tijde de bevoegdheid om het verstrekken van een jaarlijkse bijdrage, dan wel gedeelten daarvan, te beëindigen onder het doen van een uitkering ineens waarvan de hoogte wordt berekend volgens de systematiek zoals omschreven in het rapport Afkoopsommen 1979 (Tweede Kamer, 1979-1980, 15 679, nr. 6, blz. 3 tot en met 8). 2 Onze Minister doet van zijn voornemen tot beëindiging van de jaarlijkse bijdrage, dan wel gedeelten daarvan, uiterlijk op 15 december van het lopende kalenderjaar schriftelijk mededeling aan de nieuwe beheerder. 3 De verstrekking van de bijdrage wordt eveneens beëindigd met ingang van de datum waarop het beheer en onderhoud van de betrokken waterstaatswerken worden bekostigd door middel van de uitkeringen uit het Provinciefonds onderscheidenlijk het Gemeentefonds. 1992 69 23-01-1992 1992 69 23-01-1992 01-04-1992
Artikel 9 — Artikel 9 Inwerkingtreding#
Artikel 9 Inwerkingtreding Staatsblad Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag van de tweede kalendermaand na de datum van uitgifte van hetwaarin het wordt geplaatst. 1992 69 23-01-1992 1992 69 23-01-1992 01-04-1992
Artikel 10 — Artikel 10 Citeertitel#
Artikel 10 Citeertitel Dit besluit kan worden aangehaald als: Besluit bijdragen waterstaatswerken. 1992 69 23-01-1992 1992 69 23-01-1992 01-04-1992