Besluit van 31 maart 1993, houdende regeling van een vergoeding voor de vice-president van de Raad van State en de staatsraden, alsmede de president en de overige leden in gewone dienst van de Algemene Rekenkamer voor de kosten die aan de vervulling van het ambt zijn verbonden
- BWB-id
- BWBR0005966
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- 2008-02-08 t/m 2009-02-12
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0005966
- ELI
- /eli/nl/amvb/1993/besluit-regeling-van-een-vergoeding-voor-vice-president-van-
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1993/besluit-regeling-van-een-vergoeding-voor-vice-president-van-/2008-02-08
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0005966&g=2008-02-08
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0005966&z=2026-06-06&g=2008-02-08
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0005966/2008-02-08
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1993/besluit-regeling-van-een-vergoeding-voor-vice-president-van-
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 artikel 4, derde lid, van de Wet op de Raad van State De vice-president van de Raad van State, de staatsraden en de staatsraden in buitengewone dienst, bedoeld inontvangen een maandelijkse kostenvergoeding voor de kosten die aan de vervulling van het ambt zijn verbonden en die voor eigen rekening komen. De maandelijkse vergoeding bedraagt met ingang van 1 januari 2008: a. voor de vice-president € 635,– en b. voor de staatsraden € 529,–. c. artikel 4, derde lid, van de Wet op de Raad van State voor de staatsraden in buitengewone dienst, bedoeld in: een zodanig deel van het bedrag, bedoeld in onderdeel b, als overeenkomt met de vastgestelde omvang van de te vervullen taak. 2 artikel 4, derde lid, van de Wet op de Raad van State De vice-president van de Raad van State, de staatsraden en de staatsraden in buitengewone dienst, bedoeld inontvangen een maandelijkse kostenvergoeding voor de kosten die aan de vervulling van het ambt zijn verbonden en die voor eigen rekening komen. De maandelijkse vergoeding bedraagt: a. voor de vice-president voor het jaar 2001: € 544,–, voor het jaar 2002: € 562,–, voor het jaar 2003: € 577,– en voor het jaar 2004: € 587,–; b. voor de staatsraden voor het jaar 2001: € 454,–, voor het jaar 2002: € 470,–, voor het jaar 2003: € 483,– en voor het jaar 2004: € 491,–; c. artikel 4, derde lid, van de Wet op de Raad van State voor de staatsraden in buitengewone dienst, bedoeld in: een zodanig deel van het bedrag, bedoeld in onderdeel b, als overeenkomt met de vastgestelde omvang van de te vervullen taak. 2008 26 06-02-2008 29-01-2008 STAF/CZW/WVOB2008-0000033552 2008 26 06-02-2008 29-01-2008 STAF/CZW/WVOB2008-0000033552 08-02-2008 01-01-2008
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De president en de overige leden in gewone dienst van de Algemene Rekenkamer ontvangen een maandelijkse vergoeding voor de kosten die aan de vervulling van het ambt verbonden zijn en die voor eigen rekening komen. Deze maandelijkse vergoeding bedraagt met ingang van 1 januari 2008: a. voor de president van de Algemene Rekenkamer € 635,– en b. voor de overige leden in gewone dienst van de Algemene Rekenkamer € 529,–. 2 De president en de overige leden in gewone dienst van de Algemene Rekenkamer ontvangen een maandelijkse vergoeding voor de kosten die aan de vervulling van het ambt verbonden zijn en die voor eigen rekening komen. Deze maandelijkse vergoeding bedraagt: a. voor de president voor het jaar 2001: € 544,–, voor het jaar 2002: € 562,–, voor het jaar 2003: € 577,– en voor het jaar 2004: € 587,–; b. voor de overige leden in gewone dienst voor het jaar 2001: € 454,–, voor het jaar 2002: € 470,–, voor het jaar 2003: € 483,– en voor het jaar 2004: € 491,–. 2008 26 06-02-2008 29-01-2008 STAF/CZW/WVOB2008-0000033552 2008 26 06-02-2008 29-01-2008 STAF/CZW/WVOB2008-0000033552 08-02-2008 01-01-2008
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikelen 1, eerste lid 2, eerste lid De in de, en, genoemde bedragen worden per 1 januari van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd voor zover de consumentenprijsindex, geldend voor de maand september van het voorafgaande jaar, daartoe aanleiding geeft. 2005 132 22-03-2005 04-03-2005 2005 132 22-03-2005 04-03-2005 01-01-2006
Artikel 3a — Artikel 3a#
Artikel 3a De vice-president van de Raad van State, de staatsraden, de president en de overige leden in gewone dienst van de Algemene Rekenkamer ontvangen een vergoeding voor de door hen gemaakte kosten van voorzieningen die niet voor hun eigen rekening komen en die aantoonbaar door hen zijn aangewend voor de vervulling van hun ambt. 2005 132 22-03-2005 04-03-2005 2005 132 22-03-2005 04-03-2005 23-03-2005
Artikel 3b — Artikel 3b#
Artikel 3b Indien aan de vice-president van de Raad van State, een staatsraad, de president of een lid van de Algemene Rekenkamer een dienstauto ter beschikking is gesteld, ontvangt hij voor de jaren 2001 tot en met 2004 een maandelijkse vergoeding voor de door hem verschuldigde inkomstenbelasting over het gebruik van de dienstauto. De vergoeding wordt berekend aan de hand van de formule: waarin: M = het bedrag van de vergoeding; CAT = de catalogusprijs van de dienstauto, met inbegrip van BTW en BPM; artikel 3.145, eerste lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 P = het percentage, genoemd in; artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001 T = het hoogste van de in de tarieftabel vanopgenomen percentages. 2006 46 07-02-2006 24-01-2006 2006 46 07-02-2006 24-01-2006 08-02-2006
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Staatsblad Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van hetwaarin het zal worden geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 1992. 1993 219 23-04-1993 1993 219 23-04-1993 23-04-1993 01-01-1992