Besluit van 30 juni 1992 houdende regelen betreffende de veiligheid van machines
- BWB-id
- BWBR0005577
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2020-02-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0005577
- ELI
- /eli/nl/amvb/1993/warenwetbesluit-machines
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1993/warenwetbesluit-machines/2020-02-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0005577&g=2020-02-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0005577&z=2026-06-06&g=2020-02-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0005577/2020-02-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1993/warenwetbesluit-machines
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: – artikel 7a van de wet aangewezen aangemelde instelling: krachtensin het kader van de richtlijn aangewezen en bij de Commissie van de Europese Gemeenschappen aangemelde instelling, dan wel een door een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, in het kader van de richtlijn aangewezen en bij de Commissie van de Europese Gemeenschappen aangemelde instelling; – artikel 7a van de wet aangewezen instelling: krachtensaangewezen instelling; – drager: een deel van een hijs- en hefwerktuig voor beroepsmatig personenvervoer, waarop personen of goederen zich bevinden om naar boven of beneden te worden gebracht; – essentiële gezondheids- en veiligheidseisen: bepalingen betreffende het ontwerp en de bouw van machines om te zorgen voor een hoog niveau van de veiligheid of gezondheid van de mens en, in voorkomend geval, van huisdieren en de veiligheid van zaken en, indien van toepassing, de bescherming van het milieu, als bedoeld in bijlage I bij de richtlijn; – essentiële gezondheids- en veiligheidseisen voor de bescherming van het milieu: bepalingen betreffende het ontwerp en de bouw van machines als bedoeld in afdeling 2.4 van bijlage I bij Richtlijn 2006/42/EG; – EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie: een aangemelde instantie, genoemd in artikel 14 van de richtlijn; – Europese Economische Ruimte: grondgebied waarop de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte van toepassing is; – fabrikant: natuurlijke persoon of rechtspersoon die een machine of niet voltooide machine, ontwerpt of produceert, voor eigen gebruik of ten einde haar onder zijn eigen naam of merk in de handel te brengen of, bij gebreke aan een dergelijke persoon, de natuurlijke of rechtspersoon die een machine of niet voltooide machine in de handel brengt of in bedrijf stelt; – gemachtigde: in de Europese Economische Ruimte gevestigde natuurlijke persoon of rechtspersoon die schriftelijk door de fabrikant is gemachtigd om namens hem alle of een deel van de in dit besluit bedoelde verplichtingen te vervullen; – hijs- en hefwerktuig voor beroepsmatig personenvervoer: een tijdelijk opgestelde machine die bepaalde stopplaatsen bedient, met behulp van een drager die ten opzichte van het horizontale vlak meer dan 15 graden hellend geleid beweegt of op een andere manier een vaste baan volgt, en bestemd is voor het vervoer van: a. werknemers of daarmee gelijkgestelde personen; b. werknemers of daarmee gelijkgestelde personen en goederen; c. alleen goederen indien de drager toegankelijk is, dat wil zeggen een persoon de drager zonder probleem kan betreden en de drager is uitgerust met bedieningsapparatuur in de drager of binnen bereik van een persoon in de drager; – hijs- of hefgereedschappen: stroppen en hun onderdelen of niet vast met de hijs- of hefmachine verbonden onderdelen of uitrustingsstukken voor het hijsen of heffen van een last, dat tussen de machine en de last of op de last zelf wordt aangebracht, dan wel bestemd is om een integrerend deel van de last uit te maken, en dat afzonderlijk in de handel wordt gebracht; – hijskraan: hijswerktuig, dat is ingericht en bestemd voor het verplaatsen van vrij-hangende lasten door middel van mechanische aandrijving; – inbedrijfstelling: eerste gebruik in de Europese Economische Ruimte van een machine overeenkomstig het gebruiksdoel; – in de handel brengen: voor het eerst tegen vergoeding of gratis in de Europese Economische Ruimte ter beschikking stellen van een machine of een niet voltooide machine met het oog op de distributie of het gebruik ervan; – kettingen, kabels en banden: kettingen, kabels en banden die zijn ontworpen en geproduceerd voor hijs- of hefdoeleinden als onderdeel van hijs- of hefmachines of van hijs- of hefgereedschap; – machine: a. samenstel, voorzien van of bestemd om te worden voorzien van een aandrijfsysteem,maar niet op basis van rechtstreeks gebruikte menselijke of dierlijke spierkracht, van onderling verbonden onderdelen of componenten waarvan er ten minste één kan bewegen, en die samengevoegd worden voor een bepaalde toepassing; b. samenstel als bedoeld onder a, waarvan slechts de componenten voor de montage op de plaats van gebruik of voor de aansluiting op kracht- of aandrijfbronnen ontbreken; c. samenstel als bedoeld onder a of b, dat gereed is voor montage en dat in de desbetreffende staat alleen kan functioneren na montage op een vervoermiddel of montage in een gebouw of bouwwerk; d. samenstellen van machines als bedoeld onder a, b of c, of niet voltooide machines die om tot hetzelfde resultaat te komen zodanig zijn opgesteld en worden bestuurd dat zij als één geheel functioneren; e. samenstel van onderling verbonden onderdelen of componenten waarvan er ten minste één kan bewegen en die in hun samenhang bestemd zijn voor het hijsen of heffen van lasten en die uitsluitend rechtstreeks aangedreven worden door menselijke spierkracht; f. verwisselbaar uitrustingsstuk; g. veiligheidscomponent; h. hijs- en hefgereedschappen; i. kettingen, kabels en banden; j. verwijderbare mechanische overbrengingsinrichting; k. machine als bedoeld onder a tot en met j, die onroerend is; l. hijskraan die onroerend is; – nationale accreditatie-instantie: nationale accreditatie-instantie bedoeld in artikel 2 van de Wet aanwijzing nationale accreditatie-instantie; – niet voltooide machine: a. samenstel, zoals een aandrijfsysteem, dat bijna een machine vormt, maar dat niet zelfstandig een bepaalde toepassing kan realiseren, en slechts bedoeld is om te worden ingebouwd in of te worden samengebouwd met een of meer machines of andere niet voltooide machines of uitrusting, tot een machine; b. niet voltooide machine als bedoeld onder a, die onroerend is; – NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie: NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie, genoemd in artikel 6h; – richtlijn: richtlijn nr. 2006/42/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 17 mei 2006 betreffende machines en tot wijziging van richtlijn 95/16/EG (PbEU L 157); – schema: het stelsel van regels, procedures en beheersaspecten voor het uitvoeren van (onderdelen van) de conformiteitsbeoordeling voor specifieke objecten waarvoor dezelfde specifieke eisen van toepassing zijn; – veiligheidscomponent: component die is opgenomen in bijlage V bij de richtlijn of een component: a. die een veiligheidsfunctie vervult; b. die afzonderlijk in de handel wordt gebracht; c. waarvan het niet of verkeerd functioneren de veiligheid van personen in gevaar brengt, en d. die niet nodig is voor de werking van de machine of die door gewone componenten kan worden vervangen om de machine te doen werken; – verwijderbare mechanische overbrengingsinrichting: a. verwijderbaar onderdeel dat is bestemd voor krachtoverbrenging van een aandrijfmachine of trekker naar de eerste vaste aslager van de aangedreven machine; b. een onderdeel als bedoeld onder a, inclusief de afscherming, indien dit onderdeel met de afscherming in de handel wordt gebracht; – verwisselbaar uitrustingsstuk: een inrichting die na inbedrijfstelling van een machine of trekker door de bediener zelf hieraan wordt gekoppeld om deze een andere of bijkomende functie te geven, voor zover deze inrichting geen gereedschap is; – Warenwet wet: de; – wijziging: een wijziging van een hijs- en hefwerktuig voor beroepsmatig personenvervoer, anders dan de wijzigingen in de vorm van uitbreidingen of varianten van het hijs- en hefwerktuig, waarvoor de afgegeven EG-verklaring van overeenstemming geldt. 2018 465 14-12-2018 05-12-2018 2018 465 14-12-2018 05-12-2018 15-12-2018
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a 1 Dit besluit is niet van toepassing op: a. veiligheidscomponenten die bestemd zijn om identieke componenten te vervangen en die geleverd zijn door de fabrikant van de oorspronkelijke machine; b. specifiek voor kermissen of amusementsparken bestemd materieel; c. machines die speciaal zijn ontworpen of in bedrijf zijn gesteld voor nucleaire doeleinden en waarvan een defect uitstoot van radioactiviteit tot gevolg kan hebben; d. wapens, met inbegrip van vuurwapens; e. landbouw- en bosbouwtrekkers voor de risico’s die vallen onder richtlijn 2003/37/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 26 mei 2003 betreffende de typegoedkeuring van landbouw- of bosbouwtrekkers en aanhangwagens, verwisselbare getrokken machines, systemen, onderdelen en technische eenheden daarvan en tot intrekking van Richtlijn 74/150/EEG van de Raad (PbEU L171), met uitzondering van de machines die op deze voertuigen zijn aangebracht; f. motorvoertuigen en hun aanhangwagens die vallen onder richtlijn 70/156/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 6 februari 1970 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lid-Staten betreffende de goedkeuring van motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan (PbEG L42), met uitzondering van de machines die op deze voertuigen zijn aangebracht; g. voertuigen die vallen onder richtlijn 2002/24/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 18 maart 2002 betreffende de goedkeuring van twee- of driewielige motorvoertuigen en de intrekking van Richtlijn 92/61/EEG van de Raad (PbEU L124), met uitzondering van de machines die op deze voertuigen zijn aangebracht; h. motorvoertuigen die uitsluitend bestemd zijn voor wedstrijden; i. vervoermiddelen voor het vervoer door de lucht, over het water of over spoornetten, met uitzondering van de machines die op deze vervoermiddelen zijn aangebracht; j. zeeschepen, mobiele offshore-eenheden en machines die aan boord van deze schepen of eenheden zijn geïnstalleerd; k. machines die specifiek voor militaire of politiële doeleinden zijn ontworpen en geproduceerd; l. machines die specifiek zijn ontworpen en gebouwd voor onderzoeksdoeleinden voor tijdelijk gebruik in laboratoria; m. mijnliften; n. machines voor het verplaatsen van kunstenaars tijdens een optreden; o. de volgende elektrische en elektronische apparatuur, voor zover deze valt onder richtlijn 2006/95/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 12 december 2006 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke voorschriften der lidstaten inzake elektrisch materiaal bestemd voor gebruik binnen bepaalde spanningsgrenzen (gecodificeerde versie) (PbEU L374): 1°. huishoudelijke apparaten die voor privégebruik zijn bestemd; 2°. audio- en videoapparatuur; 3°. apparatuur die wordt gebruikt in de informatietechnologie; 4°. gewone kantoormachines; 5°. schakelmaterieel en besturingsapparatuur voor laagspanning; 6°. elektromotoren; p. de volgende hoogspanningsinstallaties: 1° schakelmaterieel en besturingsapparatuur; 2°. transformators. 2 artikel 1 van het Warenwetbesluit liften 2016 Warenwetbesluit liften 2016 Dit besluit is niet van toepassing op liften en veiligheidscomponenten als bedoeld in, tenzij deze in hetzijn uitgezonderd van het toepassingsbereik van dat besluit. 2020 26 31-01-2020 23-01-2020 2020 26 31-01-2020 23-01-2020 01-02-2020
Artikel 1b — Artikel 1b#
Artikel 1b Vervallen 2008 236 27-06-2008 16-06-2008 2008 236 27-06-2008 16-06-2008 29-06-2011
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Het is verboden machines en niet voltooide machines die niet voldoen aan de vervaardigingsvoorschriften bij of krachtens dit besluit gesteld in de handel te brengen of in bedrijf te stellen. 2 Het is verboden machines in de handel te brengen of in bedrijf te stellen anders dan met inachtneming van de voorschriften bij of krachtens dit besluit gesteld met betrekking tot de aanduiding en het bezigen van vermeldingen. 3 Het is verboden machines en niet voltooide machines in de handel te brengen of in bedrijf te stellen anders dan met inachtneming van de voorschriften bij of krachtens dit besluit gesteld met betrekking tot het voorhanden zijn van documenten. 4 Het is verboden machines en niet voltooide machines in de handel te brengen of in bedrijf te stellen, indien de bij of krachtens dit besluit voorgeschreven overeenstemmings-, beoordelings- of keuringsprocedures niet in acht zijn genomen. 5 Het is verboden hijskranen en hijs- en hefwerktuigen voor beroepsmatig personenvervoer te verhandelen of te gebruiken, indien de bij of krachtens dit besluit voorgeschreven keuringsprocedures niet in acht zijn genomen. 6 Het is verboden hijskranen en hijs- en hefwerktuigen voor beroepsmatig personenvervoer te verhandelen of te gebruiken anders dan met inachtneming van de voorschriften bij of krachtens dit besluit gesteld met betrekking tot het voorhanden zijn van documenten. 7 Het is verboden apparaten die geconstrueerd of bestemd zijn voor het manipuleren van tachografen in de handel te brengen, in bedrijf te stellen of reclame voor deze apparaten te maken. 2015 303 17-07-2015 19-06-2015 2015 303 17-07-2015 19-06-2015 02-03-2016
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a artikelen 21, eerste en tweede lid 30 van de wet Besluiten bedoeld in de, endie betrekking hebben op machines worden onverwijld door Onze Minister bekendgemaakt in de Staatscourant dan wel op andere passende wijze. 2018 465 14-12-2018 05-12-2018 2018 465 14-12-2018 05-12-2018 15-12-2018
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De fabrikant of diens gemachtigde draagt er zorg voor dat machines zodanig zijn ontworpen, samengesteld en vervaardigd, zodanige eigenschappen hebben en van zodanige vermeldingen zijn voorzien, dat zij geen gevaar opleveren voor de veiligheid of gezondheid van de mens en, in voorkomend geval, huisdieren of de veiligheid van zaken, wanneer zij op passende wijze zijn geïnstalleerd en onderhouden en overeenkomstig hun bestemming of in redelijkerwijs voorzienbare omstandigheden worden gebruikt. 2 Indien op grond van de richtlijn van toepassing, draagt de fabrikant of diens gemachtigde er tevens zorg voor dat machines zodanig zijn ontworpen, samengesteld en vervaardigd, zodanige eigenschappen hebben en van zodanige vermeldingen zijn voorzien, dat zij geen gevaar opleveren voor het milieu, indien zij op passende wijze zijn geïnstalleerd en onderhouden en overeenkomstig hun bestemming of in redelijkerwijs voorzienbare omstandigheden worden gebruikt. 2011 594 13-12-2011 30-11-2011 2011 599 15-12-2011 12-12-2011 15-12-2011
Artikel 3a — Artikel 3a#
Artikel 3a 1 De fabrikant of diens gemachtigde: a. zorgt dat de machine voldoet aan de essentiële veiligheids- en gezondheidseisen; b. zorgt dat het technisch dossier beschikbaar is en voldoet aan bijlage VII, onder A, bij de richtlijn; c. verstrekt de noodzakelijke informatie, waaronder in ieder geval de gebruiksaanwijzing; d. stelt de EG-verklaring van overeenstemming op die voldoet aan bijlage II, deel 1, onder A, bij de richtlijn en zorgt dat deze de machine vergezelt; e. artikel 6 brengt de CE-markering, bedoeld in, op de machine aan, alvorens een machine in de handel te brengen of in bedrijf te stellen. 2 De fabrikant of diens gemachtigde beschikt over of heeft toegang tot de middelen die nodig zijn om zich ervan te vergewissen dat de machine voldoet aan de essentiële veiligheids- en gezondheidseisen. 3 Indien op machines naast dit besluit ook andere besluiten, die voorzien in het aanbrengen van de CE-markering, van toepassing zijn, wordt door deze markering aangegeven dat de machines ook aan die andere besluiten voldoen. 4 Indien de fabrikant of diens gemachtigde op grond van de in het derde lid bedoelde andere besluiten gedurende een overgangsperiode de toe te passen regeling kan kiezen, wordt door de CE-markering uitsluitend aangegeven dat de machine in overeenstemming is met de bepalingen van de door de fabrikant of diens gemachtigde toegepaste regelingen. 5 De verwijzingen naar de toegepaste regelingen, zoals in het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt, worden in de EG-verklaring van overeenstemming vermeld. 2011 594 13-12-2011 30-11-2011 2011 599 15-12-2011 12-12-2011 15-12-2011
Artikel 3b — Artikel 3b#
Artikel 3b 1 De fabrikant of diens gemachtigde vergewist zich, alvorens een niet voltooide machine in de handel te brengen, ervan dat: a. de technische documenten, zoals beschreven in bijlage VII, onder B, bij de richtlijn, worden opgesteld; b. de montagehandleiding, zoals beschreven in bijlage VI bij de richtlijn, wordt opgesteld; c. de inbouwverklaring, zoals beschreven in bijlage II, deel 1, onder B, bij de richtlijn, wordt opgesteld. 2 De fabrikant of diens gemachtigde voegt de montagehandleiding en de inbouwverklaring bij de niet voltooide machine totdat de inbouw is geschied, en zorgt dat deze vervolgens deel uitmaken van het technische dossier van de voltooide machine. 2011 594 13-12-2011 30-11-2011 2011 599 15-12-2011 12-12-2011 15-12-2011
Artikel 3c — Artikel 3c#
Artikel 3c De CE-markering wordt niet aangebracht op machines, waarop dit besluit niet van toepassing is, tenzij de CE-markering op grond van een ander besluit mag worden aangebracht. 2008 236 27-06-2008 16-06-2008 2008 236 27-06-2008 16-06-2008 29-12-2009
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 5 Machines die voldoen aan de door Onze Minister aangewezen normen, en die met inachtneming van de procedures, genoemd in, voorzien zijn van de in bijlage III van de richtlijn bedoelde aanduiding houdende de CE-markering en vergezeld gaan van de in bijlage II, punt A, van de richtlijn bedoelde EG-verklaring van overeenstemming, bestaande uit de in die bijlage aangegeven onderdelen voor zover deze van toepassing zijn, worden vermoed te voldoen aan de essentiële veiligheids- en gezondheidseisen. 2018 465 14-12-2018 05-12-2018 2018 465 14-12-2018 05-12-2018 15-12-2018
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De CE-markering wordt uitsluitend op de machine aangebracht, indien de fabrikant of diens gemachtigde: a. voor machines die niet worden genoemd in bijlage IV bij de richtlijn, de procedure, bedoeld in bijlage VIII bij de richtlijn, toepast; b. artikel 4 voor machines die worden genoemd in bijlage IV bij de richtlijn en die zijn vervaardigd met inachtneming van de normen, bedoeld in, indien deze normen alle van toepassing zijnde essentiële veiligheids- en gezondheidseisen betreffen: 1°. de procedure, bedoeld in bijlage VIII bij de richtlijn, toepast; 2°. de procedure, bedoeld in bijlage IX bij de richtlijn, toepast en de maatregelen, bedoeld in bijlage VIII, punt 3, bij de richtlijn, neemt; of 3°. de procedure, bedoeld in bijlage X bij de richtlijn, toepast; c. artikel 4 voor machines die worden genoemd in bijlage IV bij de richtlijn en die niet of slechts ten dele zijn vervaardigd met inachtneming van de normen, bedoeld in, of die zijn vervaardigd met inachtneming van dergelijke normen terwijl op het moment van vervaardiging van de machines deze normen niet alle van toepassing zijnde essentiële veiligheids- en gezondheidseisen betreffen: 1°. de procedure, bedoeld in bijlage IX bij de richtlijn, toepast en de maatregelen, bedoeld in bijlage VIII, punt 3, bij de richtlijn, neemt; of 2°. de procedure, bedoeld in bijlage X bij de richtlijn, toepast. 2 De kosten verbonden aan het afgeven van een verklaring van EG- typeonderzoek of van een goedkeuring van het kwaliteitborgingssysteem zijn voor rekening van de fabrikant. 2016 61 18-02-2016 03-02-2016 2016 61 18-02-2016 03-02-2016 19-02-2016
Artikel 5a — Artikel 5a#
Artikel 5a 1 De fabrikant of diens gemachtigde die voornemens is aan het model van de machine of aan te vervaardigen en in de handel te brengen machines, waarvoor door een EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie een verklaring van EG-typeonderzoek is afgegeven, wijzigingen aan te brengen, stelt deze instelling hiervan onverwijld in kennis. 2 Artikel 5, tweede lid De EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie beoordeelt de wijzigingen en bevestigt de geldigheid van de bestaande verklaring van EG-typeonderzoek of stelt een nieuwe verklaring op als de overeenstemming met de essentiële veiligheids- en gezondheidseisen of met de gebruiksvoorwaarden van het type door de wijzigingen in het geding kan komen., is van overeenkomstige toepassing. 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 5 De inbedoelde aanduiding wordt duidelijk leesbaar en onuitwisbaar op de machine aangebracht, overeenkomstig de bijlagen I, punt 1.7.3, en III van de richtlijn. 2 artikel 5 Ten aanzien van machines mogen geen vermeldingen, vaststellingen of aanduidingen worden gebezigd, welke met de inbedoelde aanduiding kunnen worden verward. Op de machines mogen andere markeringen worden aangebracht op voorwaarde dat de zichtbaarheid en de leesbaarheid van de CE-markering niet worden verminderd. 2008 236 27-06-2008 16-06-2008 2008 236 27-06-2008 16-06-2008 29-12-2009
Artikel 6a — Artikel 6a#
Artikel 6a 1 Indien een EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie vaststelt dat de fabrikant niet of niet langer aan de toepasselijke eisen van dit besluit voldoet of dat geen verklaring van EG-typeonderzoek of goedkeuring van het kwaliteitsborgingssysteem verleend had mogen worden, schort zij de verleende verklaring of goedkeuring op, dan wel trekt zij deze in of verbindt zij daar beperkingen aan, tenzij de naleving van de eisen is gewaarborgd door de toepassing van passende corrigerende maatregelen van de fabrikant. 2 Indien de verklaring of goedkeuring wordt opgeschort, beperkt of ingetrokken of indien het nodig kan zijn dat Onze Minister maatregelen neemt, stelt de EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie Onze Minister daarvan onverwijld in kennis. 2018 465 14-12-2018 05-12-2018 2018 465 14-12-2018 05-12-2018 15-12-2018
Artikel 6b — Artikel 6b#
Artikel 6b Vervallen 2006 164 31-03-2006 17-03-2006 2006 164 31-03-2006 17-03-2006 01-04-2006
Artikel 6c — Artikel 6c#
Artikel 6c Artikel 2, eerste tot en met vierde lid , is niet van toepassing op het tentoonstellen en demonstreren op (jaar)beurzen, exposities en bij demonstraties van machines of niet voltooide machines die niet in overeenstemming zijn met dit besluit, mits op een zichtbaar bord duidelijk is aangegeven dat zij niet in overeenstemming zijn met dit besluit en niet te koop zijn voordat zij door de fabrikant of zijn in de Europese Economische Ruimte gevestigde gevolmachtigde in overeenstemming zijn gebracht met dit besluit. Bij demonstraties zijn alle passende veiligheidsmaatregelen genomen om de bescherming van de mens te waarborgen. 2008 236 27-06-2008 16-06-2008 2008 236 27-06-2008 16-06-2008 29-12-2009
Artikel 6d — Artikel 6d#
Artikel 6d 1 Een hijskraan met een bedrijfslast die gelijk is aan of hoger is dan twee ton wordt ten minste eenmaal per 12 maanden gekeurd. In aanvulling daarop wordt een mobiele kraan of torenkraan, die behoort tot een bij ministeriële regeling omschreven categorie, ten hoogste 24 maanden na de eerste ingebruikneming en vervolgens telkens na verloop van ten hoogste vierentwintig maanden gekeurd. Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat een NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie kan verlangen dat een mobiele of torenkraan in geval van door haar geconstateerde ernstige gebreken, na een kortere termijn dan de termijnen, genoemd in de eerste en tweede volzin, wordt onderzocht op de staat van veiligheid. 2 De periodieke keuring, bedoeld in het eerste lid, vindt ten hoogste een maand na het verstrijken van de genoemde periode plaats indien degene die de keuring uitvoert dit uit oogpunt van bedrijfsvoering noodzakelijk acht. 3 De keuring bedoeld in het eerste lid, eerste zin, wordt uitgevoerd door een deskundige natuurlijke persoon, rechtspersoon of instelling. In afwijking daarvan wordt de keuring bedoeld in het eerste lid, tweede zin, van een mobiele kraan of torenkraan uitgevoerd door een aangewezen instelling. 4 De certificaathouder verstrekt de deskundige, Onze Minister of, indien Onze Minister een NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie heeft aangewezen, deze instelling, desgevraagd kosteloos alle informatie die nodig is voor de uitvoering van het bepaalde bij of krachtens dit artikel. 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6e — Artikel 6e#
Artikel 6e 1 artikel 6d, derde lid, eerste zin artikel 6d De deskundige, bedoeld in, Onze Minister of, indien Onze Minister een NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie heeft aangewezen, deze instelling, geeft op verzoek een certificaat van goedkeuring af wanneer hij respectievelijk zij heeft vastgesteld dat de hijskraan, bedoeld in, voldoet aan de bij of krachtens dit besluit gestelde eisen. 2 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de indiening van het verzoek, bedoeld in het eerste lid, en de afhandeling van het verzoek. 3 De kosten van het afgeven van een certificaat van goedkeuring zijn voor rekening van de verzoeker tot afgifte van het certificaat. 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6ea — Artikel 6ea#
Artikel 6ea 1 artikel 6e De afgifte van een certificaat van goedkeuring, als bedoeld in, wordt geweigerd indien de verzoeker niet heeft voldaan aan de bij of krachtens dit besluit met betrekking tot het certificaat gestelde eisen. 2 Een certificaat van goedkeuring kan worden geschorst, ten nadele van de certificaathouder worden gewijzigd of ingetrokken: a. artikel 6d, derde lid, eerste zin artikel 7a, vierde lid, van de wet op grond van feiten of omstandigheden waarvan de deskundige, bedoeld in, Onze Minister of, indien Onze Minister een NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie heeft aangewezen, deze instelling, bij het afgeven van het certificaat redelijkerwijs niet op de hoogte kon zijn en op grond waarvan hij respectievelijk zij het certificaat niet of alleen met voorschriften, bedoeld in, zou hebben gegeven; b. op grond van door de certificaathouder verstrekte onjuiste inlichtingen over feiten en omstandigheden, mits de onjuistheid daarvan aan de houder bekend was of kon zijn; c. indien de certificaathouder niet meer voldoet aan de bij of krachtens dit besluit met betrekking tot het certificaat gestelde eisen of zijn wettelijke verplichtingen niet meer naar behoren nakomt; of d. indien de certificaathouder met zijn werkzaamheden, voor zover die door het certificaat worden gereguleerd, of door de wijze waarop hij die werkzaamheden verricht, ernstig gevaar veroorzaakt of kan veroorzaken voor personen. 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6f — Artikel 6f#
Artikel 6f 1 artikel 6d, eerste lid artikel 6d In de nabijheid van een hijskraan als bedoeld in, bevindt zich een kraanboek. In dit boek zijn in ieder geval de resultaten van de op grond vanuitgevoerde keuringen op adequate wijze vermeld. 2 Op het certificaat van goedkeuring wordt de datum van keuring vermeld, alsmede gegevens betreffende de identificatie van de hijskraan. Het certificaat van goedkeuring of een afschrift daarvan bevindt zich in de nabijheid van de hijskraan. 3 artikel 25 van de wet Het kraanboek en het certificaat van goedkeuring of een afschrift daarvan worden desgevraagd getoond aan een ambtenaar als bedoeld in. 2003 315 31-07-2003 03-07-2003 2003 339 28-08-2003 15-08-2003 01-09-2003
Artikel 6fa — Artikel 6fa#
Artikel 6fa 1 Hijs- en hefwerktuigen voor beroepsmatig personenvervoer worden na elke montage op een nieuwe arbeidsplaats en vervolgens telkens na verloop van ten hoogste zes maanden, op de arbeidsplaats door een aangewezen instelling gekeurd. 2 Hijs- en hefwerktuigen voor beroepsmatig personenvervoer worden voor de ingebruikneming na elke herstelling of wijziging op de arbeidsplaats door een NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie gekeurd. 3 artikel 3 artikel 3 Bij de keuringen wordt getoetst of voldaan is aan de voor het desbetreffende hijs- en hefwerktuig geldende vervaardigingsvoorschriften, bedoeld in. Indien uit de keuring blijkt dat wordt voldaan aan de voor het desbetreffende hijs- of hefwerktuig geldende vervaardigingsvoorschriften, bedoeld in, geeft de NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie een certificaat van goedkeuring af. Op dit certificaat wordt tevens de herkeuringstermijn aangegeven. Het certificaat van goedkeuring of een afschrift daarvan bevindt zich in de nabijheid van het desbetreffende hijs- of hefwerktuig. 4 Als blijk van goedkeuring brengt de NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie op een duidelijke zichtbare plaats op het desbetreffende hijs- of hefwerktuig een kenmerk aan waarop tevens de herkeuringstermijn, welke volgt uit het eerste lid, wordt aangegeven. 5 In de nabijheid van het hijs- of hefwerktuig voor beroepsmatig personenvervoer bevindt zich het hijs- en hefwerktuigboek. In dit boek zijn in ieder geval de resultaten van de uitgevoerde keuringen op adequate wijze vermeld. 6 Het eerste lid is niet van toepassing op hijs- en hefwerktuigen die al dan niet tijdelijk zijn verbonden met een machine en die uitsluitend bestemd zijn voor toegang tot de werkplek inclusief onderhoud en inspectie van die machine. 2016 341 29-09-2016 19-09-2016 2016 341 29-09-2016 19-09-2016 30-09-2016
Artikel 6g — Artikel 6g Criteria voor aanwijzing#
Artikel 6g Criteria voor aanwijzing 1 Als EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie kunnen worden aangewezen de instellingen die voldoen aan de volgende voorwaarden: a. zij hebben rechtspersoonlijkheid; b. zij zijn onafhankelijk van de door haar beoordeelde organisaties en het ontwerp of productie van de door de EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie te beoordelen machines; c. zij, hun hoogste leidinggevenden en hun medewerkers die de conformiteitsbeoordelingstaken verrichten, zijn niet ontwerper, fabrikant, leverancier, installateur, koper, eigenaar, gebruiker of onderhouder van de door hen beoordeelde machines, noch de gemachtigde van een van deze partijen; d. zij, hun hoogste leidinggevenden en hun medewerkers die de conformiteitsbeoordelingstaken verrichten, zijn niet rechtstreeks of als vertegenwoordiger van de betrokken partijen betrokken bij het ontwerpen, vervaardigen of bouwen, verhandelen, installeren, gebruiken of onderhouden van deze machines. Zij oefenen geen activiteiten uit die hun onafhankelijk oordeel of hun integriteit met betrekking tot de conformiteitsbeoordelingsactiviteiten waarvoor zij zijn aangemeld, in het gedrang kunnen brengen; e. zij zorgen ervoor dat de activiteiten van hun dochterondernemingen of onderaannemers geen afbreuk doen aan de vertrouwelijkheid, objectiviteit of onpartijdigheid van hun conformiteitsbeoordelingsactiviteiten; f. zij en hun medewerkers voeren de conformiteitsbeoordelingsactiviteiten uit met de grootste mate van beroepsintegriteit en met de vereiste technische bekwaamheid op het specifieke gebied en zij zijn vrij van elke druk en beïnvloeding, met name van financiële aard, die hun oordeel of de resultaten van hun conformiteitsbeoordelingsactiviteiten kunnen beïnvloeden; g. zij zijn in staat alle conformiteitsbeoordelingstaken te verrichten waarvoor zij zijn aangewezen ongeacht of deze taken door henzelf of namens hen en onder hun verantwoordelijkheid worden verricht; h. zij beschikken te allen tijde, voor elke conformiteitsbeoordelingsprocedure en voor elke soort en elke categorie machines waarvoor zij zijn aangewezen, over: 1°. het benodigde personeel met voldoende technische kennis en voldoende passende ervaring om de conformiteitsbeoordelingstaken te verrichten; 2°. adequate beschrijvingen van de procedures voor de uitvoering van de conformiteitsbeoordeling, waarbij de transparantie en de mogelijkheid tot reproductie van deze procedures zijn gewaarborgd; 3°. over voldoende beleid en geschikte procedures om naar behoren onderscheid te maken tussen werkzaamheden die zij verrichten als EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie, als NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie en anderszins; en 4°. adequate procedures om bij het verrichten van de conformiteitsbeoordelingstaken voldoende rekening te houden met de omvang van een onderneming, de sector waarin deze actief is, haar structuur, de relatieve complexiteit van de betrokken producttechnologieën, het massa- of seriële karakter van het productieproces; i. zij beschikken over voldoende middelen om de technische en administratieve taken in verband met de conformiteitsbeoordelingsactiviteiten adequaat uit te voeren en hebben toegang tot alle vereiste apparatuur en faciliteiten; j. hun voor de uitvoering van de conformiteitsbeoordelingsactiviteiten verantwoordelijke medewerkers beschikken over: 1°. een gedegen technische en beroepsopleiding die alle relevante conformiteitsbeoordelingsactiviteiten omvat, waarvoor zij zijn aangewezen; 2°. voldoende kennis van de eisen inzake de beoordelingen die zij verrichten en voldoende bevoegdheden om deze beoordelingen uit te voeren; 3°. voldoende kennis over en inzicht in de essentiële eisen, de toepasselijke geharmoniseerde normen, de relevante communautaire wet- en regelgeving en de nationale wet- en regelgeving; en 4°. de bekwaamheid om certificaten, dossiers en rapporten op te stellen die aantonen dat de beoordelingen zijn verricht; k. de onpartijdigheid van de EU-conformiteitsbeoordelingsinstanties, hun hoogste leidinggevenden en hun beoordelingspersoneel wordt gewaarborgd; l. de beloning van hun hoogste leidinggevenden en hun beoordelingspersoneel hangt niet af van het aantal uitgevoerde beoordelingen of van de resultaten ervan; m. zij sluiten een aansprakelijkheidsverzekering af, tenzij de wettelijke aansprakelijkheid door de Nederlandse staat wordt gedekt of de Nederlandse staat zelf rechtstreeks verantwoordelijk is voor de conformiteitsbeoordeling; n. hun medewerkers zijn gebonden aan het beroepsgeheim ten aanzien van alle informatie waarvan zij kennisnemen bij de uit hoofde van dit besluit verrichte conformiteitsbeoordelingstaken, behalve ten opzichte van de bevoegde autoriteiten; en o. zij nemen deel aan, of zorgen er voor dat hun beoordelingspersoneel op de hoogte is van de desbetreffende normalisatieactiviteiten en de activiteiten van de coördinatiegroep van aangemelde instanties die is opgericht uit hoofde van de desbetreffende communautaire wetgeving, en hanteren de door die groep genomen administratieve beslissingen en geproduceerde documenten als algemene richtsnoeren; p. EU-conformiteitsbeoordelingsinstanties brengen Onze Minister op de hoogte van: 1°. elke weigering, beperking, schorsing of intrekking van goedkeuringen; 2°. omstandigheden die van invloed zijn op de werkingssfeer van of de voorwaarden voor aanmelding; 3°. informatieverzoeken over conformiteitsbeoordelingsactiviteiten die zij van Onze Minister ontvangen; en 4°. op verzoek, de binnen de werkingssfeer van hun aanmelding verrichte conformiteits-beoordelingsactiviteiten en andere activiteiten, waaronder grensoverschrijdende activiteiten en uitbesteding; q. EU-conformiteitsbeoordelingsinstanties verstrekken de andere uit hoofde van de richtlijn EU-conformiteitsbeoordelingsinstanties die soortgelijke conformiteitsbeoordelingsactiviteiten voor dezelfde soort machines of dezelfde veiligheidscomponenten voor machines verrichten, relevante informatie over negatieve conformiteitsbeoordelingsresultaten, en, op verzoek, over positieve conformiteitsbeoordelingsresultaten. 2 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot dit artikel. 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6ga — Artikel 6ga Uitbesteden taken door EU-conformiteitsbeoordelingsinstanties#
Artikel 6ga Uitbesteden taken door EU-conformiteitsbeoordelingsinstanties 1 artikel 6g, eerste lid Indien een EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie conformiteitsbeoordelingstaken uitbesteedt of door een dochteronderneming laat uitvoeren, waarborgt zij dat de onderaannemer of dochteronderneming aan de eisen, bedoeld in, voldoet, en brengt zij Onze Minister hiervan op de hoogte. 2 Een EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie neemt de volledige verantwoordelijkheid op zich voor de conformiteitsbeoordelingstaken die worden verricht door een onderaannemer of dochteronderneming. 3 Een EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie zorgt ervoor dat de activiteiten van een onderaannemer of dochteronderneming geen afbreuk doen aan de vertrouwelijkheid, objectiviteit en onpartijdigheid van de door haarzelf te verrichten conformiteitsbeoordelingstaken. 4 Conformiteitsbeoordelingstaken mogen uitsluitend met instemming van de opdrachtgever uitbesteed of door een dochteronderneming worden verricht. 5 Een EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie houdt alle relevante documenten betreffende de beoordeling van de kwalificaties van een onderaannemer of dochteronderneming en betreffende de door een onderaannemer of dochteronderneming uit hoofde van dit besluit verrichte conformiteitsbeoordelingstaken ter beschikking van Onze Minister. 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6gb — Artikel 6gb De aanvraag tot aanwijzing#
Artikel 6gb De aanvraag tot aanwijzing 1 artikel 6g De instelling, bedoeld in, dient de aanvraag tot aanwijzing in bij Onze Minister. 2 artikelen 6g, eerste lid 6ga Een EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie toont aan dat zij voldoet aan de criteria, genoemd in de, en, door middel van een accreditatie tegen de van toepassing zijnde geharmoniseerde normen of delen daarvan, mits die normen de eerdergenoemde eisen dekken en de referentienummers van die normen in het Publicatieblad van de Europese Unie zijn bekendgemaakt. 3 Indien de EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie geen bewijs van accreditatie kan overleggen, verschaft zij Onze Minister alle bewijsstukken die nodig zijn om aan te tonen dat zij voldoet aan de criteria, genoemd in het tweede lid. 4 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot dit artikel. 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6gc — Artikel 6gc Weigering, schorsing, wijziging of intrekking aanwijzing#
Artikel 6gc Weigering, schorsing, wijziging of intrekking aanwijzing 1 artikelen 6g, eerste en tweede lid 6ga 6gb, tweede, derde en vierde lid Een aanwijzing als EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie wordt geweigerd door Onze Minister indien de aanvrager niet heeft voldaan aan het bepaalde bij of krachtens de,en. 2 Een aanwijzing kan worden geschorst, ten nadele van de EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie, worden gewijzigd of ingetrokken: a. op grond van door de EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie verstrekte onjuiste inlichtingen over feiten of omstandigheden, mits de onjuistheid daarvan aan deze instantie bekend was of kon zijn; b. artikelen 6g, eerste en tweede lid 6ga 6gb, tweede en derde lid indien de EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie niet meer voldoet aan het bepaalde bij of krachtens de,en; of c. indien de EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie haar wettelijke verplichtingen niet meer naar behoren nakomt of de taken waarvoor zij is aangewezen, niet meer naar behoren uitvoert. 2020 26 31-01-2020 23-01-2020 2020 26 31-01-2020 23-01-2020 01-02-2020
Artikel 6gd — Artikel 6gd Aanmeldende autoriteit#
Artikel 6gd Aanmeldende autoriteit Bij de uitoefening van zijn taken als aanmeldende autoriteit voldoet Onze Minister aan artikel 14 van de richtlijn. 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6ge — Artikel 6ge Periodieke controle#
Artikel 6ge Periodieke controle 1 Tijdens de looptijd van de aanwijzing stelt Onze Minister periodiek vast of de EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie: a. artikelen 6g, eerste en tweede lid 6ga 6gb, tweede, derde en vierde lid nog voldoet aan het bepaalde bij of krachtens de,en; en b. haar wettelijke verplichtingen naar behoren nakomt en de taken waarvoor zij is aangewezen, naar behoren uitvoert. 2 Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld betreffende het kosteloos verstrekken van gegevens en inlichtingen door de EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie aan Onze Minister of de nationale accreditatie-instantie respectievelijk door Onze Minister of de nationale accreditatie-instantie de EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie, die zijn verkregen door de uitvoering of het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de wet, die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun wettelijke taken. 3 Een EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie die haar taken waarvoor zij is aangewezen, beëindigt, of waarvan de aanwijzing door Onze Minister wordt ingetrokken, is verplicht tijdig voorafgaand aan de beëindiging van de werkzaamheden respectievelijk de datum, waarop de aanwijzing eindigt, haar dossiers over te dragen aan een andere EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie waarmee de marktdeelnemer een overeenkomst is aangegaan. Indien er geen andere EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie is, draagt de EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie de dossiers over aan Onze Minister. 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6h — Artikel 6h Criteria voor aanwijzing als NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie#
Artikel 6h Criteria voor aanwijzing als NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie 1 Als NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie kunnen worden aangewezen de instellingen die voldoen aan de volgende eisen: a. artikel 6g, eerste lid, a tot en met n eisen, genoemd in; b. zij beschikken over een registratiesysteem waarin de gegevens die samenhangen met en betrekking hebben op het verrichten van de conformiteitsbeoordelingstaken waarvoor zij aangewezen willen worden, naar behoren worden vastgelegd; en c. zij hebben een schemabeheerder voor het ontwikkelen, onderhouden en publiekelijk en kosteloos toegankelijk maken van een schema, dat onverkort door hen wordt gebruikt. Deze schemabeheerder houdt naar behoren rekening met de belangen van alle partijen die belang hebben bij het schema, zonder dat één van de belangen de overhand heeft. 2 Indien er meerdere NL-conformiteitsbeoordelingsinstanties zijn aangewezen: a. nemen zij deel aan het door hen gezamenlijk te organiseren overleg ten einde te komen tot het geharmoniseerd verrichten van de conformiteitsbeoordelingstaken waarvoor zij zijn aangewezen; b. wijzen zij een schemabeheerder aan voor het opstellen, onderhouden en publiekelijk en kosteloos toegankelijk maken van een gezamenlijk schema, dat onverkort door hen wordt gebruikt; c. hanteren zij de in het overleg genomen administratieve beslissingen en opgestelde documenten als algemene richtsnoeren; en d. zorgen zij ervoor dat hun medewerkers die de conformiteitsbeoordelingstaken verrichten, op de hoogte zijn van de activiteiten, administratieve beslissingen en opgestelde documenten van het overleg. 3 NL-conformiteitsbeoordelingsinstanties brengen Onze Minister op de hoogte van: a. elke weigering, beperking, schorsing of intrekking van goedkeuringen; b. omstandigheden die van invloed zijn op de werkingssfeer van of de voorwaarden voor aanwijzing; c. informatieverzoeken over conformiteitsbeoordelingsactiviteiten die zij van Onze Minister ontvangen; en d. op verzoek, de binnen de werkingssfeer van hun aanwijzing verrichte conformiteitsbeoordelingsactiviteiten en andere activiteiten waaronder uitbesteding. 4 NL-conformiteitsbeoordelingsinstanties verstrekken de andere uit hoofde van dit besluit aangewezen NL-conformiteitsbeoordelingsinstanties die soortgelijke conformiteitsbeoordelingsactiviteiten voor machines verrichten, relevante informatie over negatieve conformiteitsbeoordelingsresultaten, en, op verzoek, over positieve conformiteitsbeoordelingsresultaten. 5 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot dit artikel. 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6ha — Artikel 6ha Uitbesteden taken door NL-conformiteitsbeoordelingsinstanties#
Artikel 6ha Uitbesteden taken door NL-conformiteitsbeoordelingsinstanties artikel 6ga Op het uitbesteden van conformiteitsbeoordelingstaken door een NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie isvan overeenkomstige toepassing. 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6hb — Artikel 6hb De aanvraag tot aanwijzing#
Artikel 6hb De aanvraag tot aanwijzing 1 artikel 6h De instelling, bedoeld in, dient de aanvraag tot aanwijzing in bij Onze Minister. 2 artikelen 6h, eerste, tweede, derde en vierde lid artikel 6ha Een NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie toont aan dat zij voldoet aan de criteria, genoemd in de, en, door middel van een accreditatie tegen de van toepassing zijnde geharmoniseerde normen of delen daarvan, mits die normen de eerdergenoemde eisen dekken en de referentienummers van die normen in het Publicatieblad van de Europese Unie zijn bekendgemaakt. 3 Indien de NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie geen bewijs van accreditatie kan overleggen, verschaft zij Onze Minister alle bewijsstukken die nodig zijn om aan te tonen dat zij voldoet aan de criteria, genoemd in het tweede lid. 4 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot dit artikel. 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6hc — Artikel 6hc Weigering, schorsing, wijziging of intrekking aanwijzing#
Artikel 6hc Weigering, schorsing, wijziging of intrekking aanwijzing 1 artikelen 6h, eerste, tweede, derde, vierde en vijfde lid 6ha 6hb, tweede, derde en vierde lid Een aanwijzing als NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie wordt geweigerd indien de aanvrager niet heeft voldaan aan het bepaalde bij of krachtens de,en. 2 Een aanwijzing kan worden geschorst, ten nadele van de NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie worden gewijzigd of ingetrokken: a. Op grond van door de NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie verstrekte onjuiste inlichtingen over feiten of omstandigheden, mits de onjuistheid daarvan aan die instantie of dienst bekend was of kon zijn; b. artikelen 6h, eerste, tweede, derde, vierde en vijfde lid 6ha 6hb, tweede, derde en vierde lid Indien een NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie niet meer voldoet aan het bepaalde bij of krachtens de,en; of c. Indien een NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie haar wettelijke verplichtingen niet meer naar behoren nakomt of de taken waarvoor zij is aangewezen, niet meer naar behoren uitvoert. 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6hd — Artikel 6hd Periodieke controle#
Artikel 6hd Periodieke controle 1 Tijdens de looptijd van de aanwijzing stelt Onze Minister periodiek vast of een NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie: a. artikelen 6h, eerste, tweede, derde, vierde en vijfde lid 6ha 6hb, tweede, derde en vierde lid nog voldoet aan het bepaalde bij of krachtens de,en; en b. haar wettelijke verplichtingen naar behoren nakomen en de taken waarvoor zij zijn aangewezen, naar behoren uitvoeren. 2 artikel 6ge, tweede en derde lid Het bepaalde in, is van overeenkomstige toepassing op de NL-conformiteitsbeoordelingsinstantie. 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6i — Artikel 6i De weigering, schorsing, wijziging of intrekking van een aanwijzing#
Artikel 6i De weigering, schorsing, wijziging of intrekking van een aanwijzing Vervallen 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6j — Artikel 6j Periodieke controle van een aangewezen instelling en aangewezen aangemelde instelling#
Artikel 6j Periodieke controle van een aangewezen instelling en aangewezen aangemelde instelling Vervallen 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6ja — Artikel 6ja Verstrekken van gegevens#
Artikel 6ja Verstrekken van gegevens Vervallen 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 6k — Artikel 6k#
Artikel 6k Vervallen 2008 236 27-06-2008 16-06-2008 2008 236 27-06-2008 16-06-2008 29-12-2009
Artikel 6l — Artikel 6l#
Artikel 6l Wet van 1 november 2001 tot wijziging van de Warenwet met het oog op de incorporatie van productveiligheidsvoorschriften uit de Wet op de gevaarlijke werktuigen, zulks onder intrekking van deze wet en de Stoomwet artikel 20 van de Arbeidsomstandighedenwet artikel 6d Instellingen die op het tijdstip waarop artikel II, eerste, derde en vierde lid, van de(Stb. 557) in werking treedt, door Onze Minister krachtenszijn aangewezen om de keuringen, bedoeld in, uit te voeren, worden aangemerkt als aangewezen instellingen. 2006 674 21-12-2006 05-12-2006 2006 675 21-12-2006 11-12-2006 01-01-2007
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Vervallen 2016 61 18-02-2016 03-02-2016 2016 61 18-02-2016 03-02-2016 19-02-2016
Artikel 7a — Artikel 7a Certificaat van goedkeuring#
Artikel 7a Certificaat van goedkeuring artikelen 6d 6ea Een certificaat van goedkeuring, afgegeven op grond van de wet, en geldend op dag, voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van het besluit van 7 september 2009, Stb. 395 wordt geacht te zijn afgegeven met inachtneming van de bij of krachtens dit besluit gestelde bepalingen, zoals die luiden met ingang van de datum van inwerkingtreding van evengenoemd besluit, onverminderd het bepaalde bij of krachtens deen. 2009 395 01-10-2009 07-09-2009 2011 429 06-10-2011 22-09-2011 01-01-2012 Treedt in werking voor alle onder het Warenwetbesluit machines vallende werkvelden.
Artikel 7b — Artikel 7b Aangewezen (aangemelde) instelling op verzoek#
Artikel 7b Aangewezen (aangemelde) instelling op verzoek 1 De aanwijzing als aangewezen instelling en aangewezen aangemelde instelling op verzoek, afgegeven op grond van de wet, en geldend op de dag, voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van het besluit van 7 september 2009, Stb. 395 worden geacht te zijn gegeven met inachtneming van de bij of krachtens dit besluit gestelde bepalingen, zoals die luiden met ingang van de datum van evengenoemd besluit. 2 artikel 6g, derde lid Onverminderd het derde en zesde lid, vervalt de aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, van rechtswege vierentwintig maanden na de datum van inwerkingtreding van de voor het werkveld waarop de betrokken instelling werkzaam is, geldende ministeriële regeling, bedoeld in. 3 artikel 6g, derde lid De aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, met een vervaldatum, gelegen voor de in het tweede lid bedoelde vervaldatum, vervalt van rechtswege op de oorspronkelijke vervaldatum, tenzij de betrokken instelling binnen vijf maanden na de datum van inwerkingtreding van de voor het werkveld waarop de instelling werkzaam is, geldende ministeriële regeling, bedoeld in, en voorafgaand aan de oorspronkelijke vervaldatum een verzoek tot beoordeling ten behoeve van een hernieuwde aanwijzing heeft ingediend bij de Stichting Raad voor Accreditatie te Utrecht. Alsdan blijft de aanwijzing van kracht tot uiterlijk de in het tweede lid bedoelde vervaldatum van rechtswege. 4 De instelling waarvan de aanwijzing op grond van het bepaalde in het tweede of derde lid vervalt, kan Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vragen om hernieuwde aanwijzing met inachtneming van de bij of krachtens dit besluit gestelde bepalingen, zoals die luiden met ingang van de datum van inwerkingtreding van het besluit van 7 september 2009, Stb. 395. 5 artikel 6h, vierde lid artikel 6g, derde lid In afwijking van, zijn de aan de beoordeling door de in het derde lid genoemde Stichting Raad voor Accreditatie verbonden kosten voor rekening van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, indien de instelling, bedoeld in het eerste lid, een verzoek tot beoordeling ten behoeve van een hernieuwde aanwijzing heeft ingediend bij voornoemde Stichting Raad voor Accreditatie binnen vijf maanden na de datum van inwerkingtreding van de voor het werkveld waarop de instelling werkzaam is, geldende ministeriële regeling, bedoeld in. 6 Indien Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid op een aanvraag tot hernieuwde aanwijzing beslist op een tijdstip, gelegen voor de in het tweede lid bedoelde vervaldatum van rechtswege, vervalt de oorspronkelijke aanwijzing met ingang van de datum van inwerkingtreding van de hernieuwde aanwijzing. 2011 594 13-12-2011 30-11-2011 2011 599 15-12-2011 12-12-2011 01-01-2012 2009 395 01-10-2009 07-09-2009 2011 429 06-10-2011 22-09-2011 01-01-2012 Treedt in werking voor alle onder het Warenwetbesluit machines vallende werkvelden.
Artikel 7c — Artikel 7c Overgangsbepaling aangewezen en aangemelde aangewezen instellingen#
Artikel 7c Overgangsbepaling aangewezen en aangemelde aangewezen instellingen artikel 6g 6h Hoofdstuk 5, paragrafen 1 en 2 artikel 42, tweede lid, van dit besluit wet De aanwijzing als aangemelde aangewezen instelling of aangewezen instelling op verzoek als bedoeld inen, zoals die luidden op de dag voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding, genoemd in, afgegeven op grond van deen geldend op de dag voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding, genoemd in artikel 42, tweede lid, van genoemd besluit, worden geacht te zijn afgegeven met inachtneming van de bij of krachtens, gestelde bepalingen van genoemd besluit. 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 2016 81 23-02-2016 17-02-2016 20-04-2016
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Dit besluit kan worden aangehaald als: Warenwetbesluit machines. 1992 379 30-06-1992 1992 379 30-06-1992 01-01-1993
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Besluit machines Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 1993, met dien verstande dat machines, met uitzondering van machines waarop hetvan toepassing was, die voor de datum van inwerkingtreding voor het eerst zijn verhandeld en die voldoen aan de van toepassing zijnde regelgeving zoals die luidde direct voor de inwerkingtreding van dit besluit, nog tot 31 december 1994 mogen worden verhandeld. 2003 315 31-07-2003 03-07-2003 2003 339 28-08-2003 15-08-2003 01-09-2003