Besluit van 8 juni 1994, houdende regels ter uitvoering van artikel 572, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering
- BWB-id
- BWBR0006717
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2014-06-07 t/m 2019-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0006717
- ELI
- /eli/nl/amvb/1994/besluit-tenuitvoerlegging-geldboeten
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1994/besluit-tenuitvoerlegging-geldboeten/2014-06-07
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0006717&g=2014-06-07
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0006717&z=2026-06-06&g=2014-06-07
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0006717/2014-06-07
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1994/besluit-tenuitvoerlegging-geldboeten
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 artikel 1 van het Besluit Instelling Centraal Justitieel Incassobureau artikel 3.1 van het Besluit OM-afdoening artikel 4.1, onderdeel b, van het Besluit OM-afdoening artikel 3a Het Centraal Justitieel Incassobureau, bedoeld in, heeft tot taak Onze Minister van Veiligheid en Justitie en het openbaar ministerie te ondersteunen bij hun taken met betrekking tot de tenuitvoerlegging van geldboeten die bij vonnis of arrest dan wel in een strafbeschikking zijn opgelegd. Het Centraal Justitieel Incassobureau heeft voorts tot taak de bevoegde ambtenaren, bedoeld in, alsmede een lichaam of een persoon, bedoeld in, te ondersteunen bij hun taken met betrekking tot de betaling van gelden als bedoeld in. 2 artikel 76 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 10:15 van de Algemene douanewet Dit besluit is niet van toepassing op geldboeten die zijn opgelegd in een strafbeschikking, uitgevaardigd krachtensof. 2012 615 07-12-2012 30-11-2012 2012 615 07-12-2012 30-11-2012 01-01-2013
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 1 Het Centraal Justitieel Incassobureau verricht de werkzaamheden die Onze Minister van Veiligheid en Justitie of het openbaar ministerie van hem in verband met de uitoefening van hun ingenoemde taken verlangen. 2012 615 07-12-2012 30-11-2012 2012 615 07-12-2012 30-11-2012 01-01-2013
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De betaling van een geldboete, geschiedt door storting of overschrijving op een daartoe bestemde bankrekening van het Centraal Justitieel Incassobureau. Het openbaar ministerie of het Centraal Justitieel Incassobureau kan bepalen dat de betaling kan geschieden op een door het openbaar ministerie of door het Centraal Justitieel Incassobureau aan te wijzen plaats of aan een door het openbaar ministerie of door het Centraal Justitieel Incassobureau aan te wijzen persoon, dan wel door het ter plaatse overschrijven op een daartoe bestemde bankrekening. 2 De betaling, bedoeld in het eerste lid, eerste volzin, geschiedt binnen dertig dagen na de dagtekening van de acceptgiro die de persoon aan wie de geldboete is opgelegd van het Centraal Justitieel Incassobureau ontvangt. 3 artikel 24a van het Wetboek van Strafrecht artikel 561, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering In het geval ingevolgeofeen betaling in termijnen is toegestaan, worden de in die artikelen bedoelde termijnen bepaald vanaf de dagtekening van de acceptgiro die de persoon aan wie de geldboete is opgelegd van het Centraal Justitieel Incassobureau ontvangt. 4 artikel 24b van het Wetboek van Strafrecht De betaling van het ingevolgeverhoogde bedrag geschiedt binnen dertig dagen na de dagtekening van de eerstvolgende acceptgiro die de persoon aan wie de geldboete is opgelegd van het Centraal Justitieel Incassobureau ontvangt. 2012 640 18-12-2012 07-12-2012 2012 640 18-12-2012 07-12-2012 01-01-2013
Artikel 3a — Artikel 3a#
Artikel 3a 1 artikel 257b van het Wetboek van Strafvordering artikel 3.1, tweede lid, van het Besluit OM-afdoening In geval krachtenseen strafbeschikking zal worden uitgevaardigd kan de betrokken korpschef, bedoeld in, bepalen dat betaling van de geldboete eveneens kan geschieden op een plaats die is aangewezen door de bevoegde ambtenaar in de zin van artikel 3.1 van het Besluit OM-afdoening of door het ter plaatse overschrijven op een daartoe bestemde bankrekening. Betaling geschiedt in dat geval binnen een dag na die waarop het strafbare feit is ontdekt. 2 artikel 3.1, eerste lid, onderdeel b, van het Besluit OM-afdoening Als plaats van betaling, bedoeld in het eerste lid, wordt slechts aangewezen een politiebureau, een gebouw van de organisatie van de bevoegde ambtenaar, bedoeld in, of een douanekantoor of, indien de bevoegde ambtenaar een militair van de Koninklijke marechaussee is, een brigadebureau of de betrokken doorlaatpost, dan wel een tijdelijke plaats van betaling, ingesteld door of vanwege de betrokken korpschef, bedoeld in artikel 3.1 van het Besluit OM-afdoening. 3 artikel 3.1 van het Besluit OM-afdoening Door of vanwege de korpschef, bedoeld in, worden ambtenaren aangewezen die zijn belast met de inning van gelden die overeenkomstig het eerste lid worden betaald. 4 artikel 3.6, tweede lid, van het Besluit OM-afdoening De met inning belaste ambtenaar wordt in het bezit gesteld van een lijst met feiten als bedoeld in. Desgevraagd verleent hij degene die betaalt inzage in deze lijst. 2012 640 18-12-2012 07-12-2012 2012 640 18-12-2012 07-12-2012 01-01-2013
Artikel 3b — Artikel 3b#
Artikel 3b 1 artikel 257ba van het Wetboek van Strafvordering artikel 4.1, onderdeel b, van het Besluit OM-afdoening In geval krachtenseen strafbeschikking wordt uitgevaardigd, kan het bevoegde lichaam of de bevoegde persoon bedoeld in, bepalen dat betaling van de geldboete eveneens kan geschieden op een daartoe door dit lichaam of deze persoon aangewezen plaats of door het ter plaatse overschrijven op een daartoe bestemde bankrekening. Betaling van de geldboete geschiedt binnen een dag na die waarop het strafbare feit is ontdekt. 2 artikel 4.1, onderdeel e, van het Besluit OM-afdoening Als plaats van betaling, bedoeld in het eerste lid, wordt slechts aangewezen een gebouw van de organisatie van de bevoegde ambtenaar, bedoeld in, dan wel een tijdelijke plaats van betaling, ingesteld door of vanwege een lichaam of een persoon, bedoeld in artikel 4.1, onderdeel b, van het Besluit OM-afdoening. 3 artikel 4.1, onderdeel b, van het Besluit OM-afdoening Door of vanwege een lichaam of een persoon, bedoeld in, worden ambtenaren aangewezen die zijn belast met de inning van gelden die overeenkomstig het eerste lid worden betaald. 4 artikel 4.6, tweede lid, van het Besluit OM-afdoening De met inning belaste ambtenaar wordt in het bezit gesteld van een lijst met feiten als bedoeld inen de voor deze feiten vastgestelde tarieven. Desgevraagd verleent hij degene die betaalt inzage in deze lijst. 2012 640 18-12-2012 07-12-2012 2012 640 18-12-2012 07-12-2012 01-01-2013
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Degene die betaalt, maakt daarbij op een door het Centraal Justitieel Incassobureau aan te geven wijze melding van de zaak waar betaling van de geldboete betrekking op heeft. 2 Ingeval geen melding is gemaakt van de zaak waar betaling van de geldboete betrekking op heeft op de wijze als bedoeld in het eerste lid, kan het Centraal Justitieel Incassobureau het aan hem betaalde bedrag terugstorten op de rekening waarvan het bedrag afkomstig is, of anderszins het bedrag terugbetalen aan de persoon die betaald heeft. 1994 412 14-06-1994 08-06-1994 1994 413 08-06-1994 15-06-1994
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 3, eerste lid, tweede zin 3a, eerste lid 3b, eerste lid In het belang van een juiste taakuitoefening bij de inning van een opgelegde geldboete wordt in de gevallen als bedoeld in,en, onverwijld een betalingsbewijs uitgereikt dat door de persoon aan wie wordt voldaan, is gedagtekend en ondertekend. 2 artikel 3, eerste lid, tweede zin 3a, eerste lid 3b, eerste lid In de gevallen als bedoeld in,en, wordt van de inning van de geldboete aantekening gehouden op de wijze zoals door het Centraal Justitieel Incassobureau is aangegeven. 3 De aantekeningen worden, uiterlijk een jaar nadat zij zijn opgemaakt, desverlangd getoond aan de personen die met het toezicht op de inning van geldboeten zijn belast. 2012 150 11-04-2012 05-04-2012 2012 177 26-04-2012 24-04-2012 01-05-2012
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 1 Een ieder die betrokken is bij de inning en incasso van een opgelegde geldboete verstrekt het Centraal Justitieel Incassobureau en het openbaar ministerie de gegevens die zij behoeven in verband met de uitoefening van hun inbedoelde taken. 2007 255 17-07-2007 04-07-2007 2008 4 10-01-2008 21-12-2007 01-02-2008 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet OM-afdoening in werking treedt.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Het Hoofd van de Centrale Directie Financieel Economische Zaken van het Ministerie van Veiligheid en Justitie draagt zorg voor de opening van een of meer afzonderlijke bankrekeningen van het Centraal Justitieel Incassobureau welke rekeningen bestemd zijn voor de betaling van gelden voortvloeiend uit de tenuitvoerlegging van opgelegde geldboeten. 2 De directeur van het Centraal Justitieel Incassobureau is belast met het beheer van de in het eerste lid bedoelde bankrekeningen. 3 Onze Minister van Veiligheid en Justitie stelt nadere voorschriften vast omtrent het beheer van de in het eerste lid bedoelde bankrekeningen en de in verband daarmee te voeren administratie. 2012 640 18-12-2012 07-12-2012 2012 640 18-12-2012 07-12-2012 01-01-2013 Abusievelijk is een wijzigingsopdracht geformuleerd die niet geheel juist is. 2012 615 07-12-2012 30-11-2012 2012 615 07-12-2012 30-11-2012 01-01-2013
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 artikel 5, eerste lid Onze Minister stelt het formulier vast van het door de in, bedoelde personen uit te reiken betalingsbewijs, dan wel de eisen waaraan het betalingsbewijs moet voldoen. 2 De ontvangen gelden worden regelmatig op de door het Centraal Justitieel Incassobureau aangegeven wijze overgemaakt op de daartoe bestemde bankrekeningen van het Centraal Justitieel Incassobureau. 3 Onze Minister van Veiligheid en Justitie stelt nadere voorschriften vast omtrent de verstrekking en het beheer van de betalingswijzen, de afrekening en de verantwoording van de ontvangen gelden alsmede de in verband daarmee te voeren administratie. 2012 640 18-12-2012 07-12-2012 2012 640 18-12-2012 07-12-2012 01-01-2013 2012 615 07-12-2012 30-11-2012 2012 615 07-12-2012 30-11-2012 01-01-2013
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 8, derde lid artikel 3.1, tweede lid, van het Besluit OM-afdoening artikel 4.1, onderdeel b, van het Besluit OM-afdoening De korpschef doet op de door Onze Minister van Veiligheid en Justitie te bepalen wijze jaarlijks opgave van de uitvoering van de in, bedoelde voorschriften en van de met het oog op de toepassing van dit besluit verrichte accountantscontrole. Voor de Koninklijke marechaussee en de buitengewoon opsporingsambtenaren wordt de in de eerste zin bedoelde opgave gedaan door de betrokken korpschefs, bedoeld inof het betrokken lichaam of de betrokken persoon, bedoeld in. 2012 615 07-12-2012 30-11-2012 2012 615 07-12-2012 30-11-2012 01-01-2013
Artikel 9a — Artikel 9a#
Artikel 9a artikel 257b van het Wetboek van Strafvordering artikel 57 58 59 van de Politiewet 2012 artikel 3a, eerste lid In het geval de bevoegdheid vanwordt uitgeoefend gedurende de periode dat ingevolge,ofbijstand wordt verleend, geschiedt de betaling, bedoeld in, op de wijze van de politie, en geschieden de afrekening, verantwoording en controle van de ontvangen gelden door de politie. 2012 615 07-12-2012 30-11-2012 2012 615 07-12-2012 30-11-2012 01-01-2013
Artikel 9b — Artikel 9b#
Artikel 9b 1 Degene aan wie een geldboete wordt opgelegd, is administratiekosten verschuldigd. De omvang van deze kosten wordt bepaald bij ministeriële regeling. Op de betaling van de administratiekosten zijn de artikelen van dit besluit betreffende de betaling van de geldboete en de verantwoording van de gelden van overeenkomstige toepassing. De administratiekosten worden samen met de geldboete in rekening gebracht. 2 Gedane betalingen strekken in de eerste plaats tot voldoening van de administratiekosten, vervolgens tot voldoening van eventuele verhogingen en ten slotte tot voldoening van de geldboete. 2014 195 06-06-2014 05-06-2014 2014 195 06-06-2014 05-06-2014 07-06-2014
Artikel 9c — Artikel 9c#
Artikel 9c Besluit tarieven ambtshandelingen gerechtsdeurwaarders De kosten van het verhaal van een opgelegde geldboete worden op gelijke voet als de geldboete verhaald op degene aan wie deze geldboete is opgelegd. Onder de kosten van verhaal zijn begrepen de invorderingskosten. De kosten van verhaal, voor zover zij niet betreffen de invorderingskosten, worden berekend overeenkomstig de bij hetvastgestelde tarieven. De omvang van de invorderingskosten wordt bepaald bij ministeriële regeling. 2009 140 26-03-2009 24-02-2009 2012 366 21-08-2012 11-08-2012 01-10-2012 Voorheen art. 9b. Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel II, onderdeel B, van de Wijzigingswet Wetboek van Strafrecht, enz. (strafbaarstelling deelnemen en meewerken training terrorisme, uitbreiding mogelijkheden ontzetting uit beroep als bijkomende straf en enkele andere wijzigingen) in werking treedt.
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 artikel 572 van het Wetboek van Strafvordering Stb. Het Besluit van 5 oktober 1978, houdende vaststelling van een algemene maatregel van bestuur ter uitvoering van(496) wordt ingetrokken. 1994 412 14-06-1994 08-06-1994 1994 413 08-06-1994 15-06-1994
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 1994 412 14-06-1994 08-06-1994 1994 413 08-06-1994 15-06-1994
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit tenuitvoerlegging geldboeten. 2007 255 17-07-2007 04-07-2007 2008 4 10-01-2008 21-12-2007 01-02-2008 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet OM-afdoening in werking treedt.