Besluit van 22 maart 1994, houdende regels betreffende de rechtspositie van raads- en commissieleden
- BWB-id
- BWBR0006536
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- 2018-01-01 t/m 2018-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0006536
- ELI
- /eli/nl/amvb/1994/rechtspositiebesluit-raads-en-commissieleden
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1994/rechtspositiebesluit-raads-en-commissieleden/2018-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0006536&g=2018-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0006536&z=2026-06-06&g=2018-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0006536/2018-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1994/rechtspositiebesluit-raads-en-commissieleden
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Onze minister: Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; b. inwonertal: het aantal inwoners volgens de door het Centraal Bureau voor de Statistiek openbaar gemaakte bevolkingscijfers per 1 januari; c. gedeputeerde staten: het college van gedeputeerde staten van de provincie waarin de gemeente is gelegen; d. artikelen C 4, tweede lid X 1, eerste en derde lid X 6 X 8, tweede, derde en vijfde lid van de Kieswet tijdstip van beëindiging van het raadslidmaatschap: het tijdstip van beëindiging van het lidmaatschap, bedoeld in de,,en; e. artikelen 82 83 84 van de Gemeentewet lid van een commissie: een lid van een commissie als bedoeld in de,en, dat niet tevens lid van de raad is of ambtenaar die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd. 2014 53 07-02-2014 21-01-2014 2014 83 20-02-2014 11-02-2014 19-03-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Gemeentewet, enz. (afschaffen bevoegdheid van gemeentebesturen om
deelgemeenten in te stellen) (Stb. 2013/76) in werking treedt.
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a 1 artikelen 2 tot en met 13 artikel X 10 van de Kieswet Devan dit besluit zijn van overeenkomstige toepassing op het lid van de raad aan wie ingevolgetijdelijk ontslag is verleend wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, met dien verstande dat: a. artikel 2, derde of vierde lid de onkostenvergoeding die dit lid op grond van, ontvangt, de helft bedraagt van het bedrag dat op grond van die bepalingen van toepassing is; b. artikel 4 indien door de raad toepassing is gegeven aan, dit lid een uitkering ontvangt voor alle vergaderingen die gedurende het tijdelijk ontslag plaatsvinden of hebben plaatsgevonden. 2 artikel X 10 van de Kieswet artikelen 7 9 artikel 8, tweede lid Een tijdelijk ontslag als bedoeld inwordt niet aangemerkt als aftreden als bedoeld in deenen als beëindiging van het raadslidmaatschap als bedoeld in. 2007 22 18-01-2007 08-01-2007 2007 22 18-01-2007 08-01-2007 19-01-2007 11-10-2006
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 tabel I Aan een lid van de raad wordt een vergoeding voor de werkzaamheden toegekend tot de maximumbedragen, genoemd inbij dit besluit. 2 tabel I De bedragen, genoemd in, worden per 1 januari van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd aan de hand van het door het Centraal Bureau voor de Statistiek voor de maand september van het voorafgaande kalenderjaarvastgestelde indexcijfer CAO lonen overheid inclusief bijzondere beloningen. 3 Aan een lid van de raad wordt een onkostenvergoeding voor aan de uitoefening van het raadslidmaatschap verbonden kosten toegekend van € 170,17 per maand. 4 Het bedrag genoemd in het derde lid, wordt per 1 januari van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd aan de hand van de consumentenprijsindex geldend voor de maand september van het voorafgaande kalenderjaar. 2017 75504 28-12-2017 20-12-2017 2017-0000655415 2017 75504 28-12-2017 20-12-2017 2017-0000655415 01-01-2018
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Vervallen 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 01-07-2014
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De raad kan bij verordening bepalen dat ten hoogste 20% van de vergoeding voor de werkzaamheden wordt uitgekeerd, berekend naar het aantal gehouden vergaderingen. In dat geval geschiedt de uitkering aan het lid van de raad op basis van het aantal bijgewoonde vergaderingen. 1994 244 22-03-1994 1994 244 22-03-1994 08-04-1994 01-01-1994
Artikel 4a — Artikel 4a#
Artikel 4a 1 artikel 61, derde lid, van de Gemeentewet artikel 81oa van de Gemeentewet artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet Aan een lid van de raad dat lid is van de vertrouwenscommissie, bedoeld in, dan wel de rekenkamerfunctie, bedoeld in, uitoefent dan wel lid is van de onderzoekscommissie als bedoeld in, wordt voor de duur van het lidmaatschap van de commissie dan wel de duur van de activiteiten per jaar ten laste van de gemeente een toelage verleend van 5% van de vergoeding voor de werkzaamheden op jaarbasis. 2 Voor de toepassing van het eerste lid stelt de burgemeester de duur van het lidmaatschap van de commissie dan wel de duur van de activiteiten vast. 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 01-07-2014
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 7 van het Rechtspositiebesluit wethouders tabellen I II Indien ten aanzien van een gemeente toepassing is gegeven aan, passen gedeputeerde staten, op voorstel van de gemeenteraad, voor een bepaald tijdvak, de indeling van de raadsleden in een van de klassen, genoemd in deen, dienovereenkomstig aan. 2 Gedeputeerde staten kunnen na afloop van het tijdvak, bedoeld in het eerste lid, een nieuw tijdvak vaststellen. 3 Van de besluiten, genoemd in het eerste en tweede lid, doen gedeputeerde staten onverwijld schriftelijk mededeling aan Onze Minister. 2011 5 11-01-2011 28-12-2010 2011 5 11-01-2011 28-12-2010 12-01-2011 01-01-2011
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Overgang van een gemeente naar een hogere klasse in verband met toeneming van het inwonertal vindt plaats met ingang van het jaar waarin op 1 januari het inwonertal van die gemeente de minimumgrens van de volgende klasse heeft bereikt en blijkt dat zij die grens ook heeft bereikt op: a. 1 januari van het volgende jaar, of b. de dag voorafgaande aan een wijziging van de gemeentelijke indeling, waarbij zij is betrokken. 2 Overgang van een gemeente naar een lagere klasse in verband met vermindering van het inwonertal vindt plaats met ingang van het jaar waarin het inwonertal van de gemeente op 1 januari voor de tweede achtereenvolgende maal beneden de minimumgrens van de klasse, waarin de gemeente tot dusver was ingedeeld, gedaald is. 3 Voor gemeenten waarvan het inwonertal ten gevolge van grenscorrectie of wijziging van de gemeentelijke indeling wijziging heeft ondergaan, vindt overgang naar een hogere of lagere klasse plaats met ingang van de datum van de grenscorrectie of de wijziging van de gemeentelijke indeling. Hierbij geldt het inwonertal, zoals dit voor de eerste maal na die datum met inachtneming van die grenscorrectie of wijziging van de gemeentelijke indeling door het Centraal Bureau voor de Statistiek wordt openbaar gemaakt. 4 Voor de eerste indeling van nieuw ingestelde gemeenten vindt het derde lid overeenkomstige toepassing. 1994 244 22-03-1994 1994 244 22-03-1994 08-04-1994 01-01-1994
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 De overgang van een gemeente naar een lagere klasse in verband met de vermindering van het aantal inwoners is niet van invloed op de geldende vergoeding voor de werkzaamheden en onkostenvergoeding van de op het tijdstip van overgang zittende leden van de raad tot hun aftreden. 2001 367 16-08-2001 16-07-2001 2001 367 16-08-2001 16-07-2001 17-08-2001 01-01-2001 Werkt terug tot en met 1 januari 2001.
Artikel 7a — Artikel 7a#
Artikel 7a 1 Op aanvraag wordt ten laste van de gemeente aan een lid van de raad voor de uitoefening van het raadslidmaatschap een computer, bijbehorende apparatuur en software in bruikleen ter beschikking gesteld. 2 Indien geen computer en bijbehorende apparatuur en software ter beschikking is gesteld wordt doorhet college van burgemeester en wethouders aan raadsleden op aanvraag voor de uitoefening van het raadslidmaatschap, een tegemoetkoming verleend voor: a. aanschaf van een computer, bijbehorende apparatuur en software, of, b. gebruik van een eigen computer, bijbehorende apparatuur en software. 3 Op aanvraag wordt door het college van burgemeester en wethouders een vergoeding aan het lid van de raad verleend voor de aanleg- en de abonnementskosten voor de internetverbinding voor de in het eerste of het tweede lid genoemde computerapparatuur. 4 De raad kan nadere regels stellen over het ter beschikking stellen van computerapparatuur en de tegemoetkoming, bedoeld in het eerste en tweede lid en de vergoeding, bedoeld in het derde lid. 2011 5 11-01-2011 28-12-2010 2011 5 11-01-2011 28-12-2010 12-01-2011 01-01-2011
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 De vergoeding voor de werkzaamheden en de onkostenvergoeding worden door het lid van de raad genoten met ingang van de dag van de beëdiging. 2 De vergoeding voor de werkzaamheden en de onkostenvergoeding eindigt op het tijdstip van beëindiging van het raadslidmaatschap. 2006 8 12-01-2006 22-12-2005 2006 8 12-01-2006 22-12-2005 01-03-2006
Artikel 8a — Artikel 8a#
Artikel 8a 1 artikel 77 van de Gemeentewet Een lid van de raad dat op grond vanmeer dan dertig dagen onafgebroken het voorzitterschap van de raad waarneemt, ontvangt voor die tijd voor die waarneming een toeslag van 8% van zijn vergoeding als lid van de raad. 2 tabel II Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de onkostenvergoeding, bedoeld in. 2011 5 11-01-2011 28-12-2010 2011 5 11-01-2011 28-12-2010 12-01-2011 01-01-2011
Artikel 8b — Artikel 8b#
Artikel 8b 1 Naast de vergoeding voor de werkzaamheden ontvangen fractievoorzitters voor de duur van hun voorzitterschap per jaar een toelage gelijk aan 1,2% van de vergoeding op jaarbasis en een toelage gelijk aan 0,4% van de vergoeding op jaarbasis voor elk lid dat de fractie buiten de fractievoorzitter telt. De toelagen tezamen bedragen ten hoogste 6,4% van de vergoeding op jaarbasis. 2 Voor de toepassing van het eerste lid stelt de burgemeester vast: a. hoeveel leden een fractie telt; b. de duur van het fractievoorzitterschap. 2009 561 22-12-2009 16-12-2009 2009 561 22-12-2009 16-12-2009 23-12-2009 01-01-2009
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder: a. een ziekte: een ziekte die in overwegende mate haar oorzaak vindt in de uitoefening van de aan de functie verbonden werkzaamheden; b. een dienstongeval: een ongeval dat plaatsvindt tijdens de uitoefening van de aan de functie verbonden werkzaamheden. 2 Een raads- of commissielid ontvangt een vergoeding voor de noodzakelijk gemaakte kosten in verband met een geneeskundige behandeling of verzorging of overige kosten, indien deze in overwegende mate hun oorzaak vinden in een ziekte of een dienstongeval: a. voor zover deze kosten ten laste van een raads- of commissielid blijven en b. voor zover de ziekte of het dienstongeval niet aan eigen schuld of onvoorzichtigheid te wijten is. 3 In bijzondere gevallen kan het college van burgemeester en wethouders bepalen dat overige schade aangemerkt wordt als voortvloeiend uit de ziekte of het dienstongeval, naar redelijkheid en billijkheid en gehoord de vergadering van de fractievoorzitters van alle partijen in de raad. 4 Onder overige schade valt niet het gederfde inkomen. 5 Als de schade van de ziekte of het dienstongeval is ontstaan tijdens zijn functie en voortduurt na zijn aftreden is dit artikel van overeenkomstige toepassing op een gewezen raads- of commissielid. 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 01-07-2014
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 De raad kan bij verordening bepalen dat het college van burgemeester en wethouders ten behoeve van de leden van de raad één of meer collectieve verzekeringen afsluit, waarbij wordt voorzien in de opbouw van een ouderdomspensioen en in geldelijke voorzieningen bij invaliditeit en overlijden. 2 artikel X 12 van de Kieswet Dit artikel is niet van toepassing op een lid van de raad dat is benoemd in een plaats die is opengevallen als gevolg van het tijdelijk ontslag van een lid van de raad wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, ingevolge. 2007 22 18-01-2007 08-01-2007 2007 22 18-01-2007 08-01-2007 19-01-2007 11-10-2006
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 Een raadslid ontvangt ten laste van de gemeente een tegemoetkoming in de kosten van een ziektekostenverzekering van € 103,98 per jaar. 2 Het in het eerste lid genoemde bedrag wordt bij ministeriële regeling gewijzigd overeenkomstig de wijzigingen die de bezoldiging van het personeel in de sector Rijk ondergaat. 2017 75504 28-12-2017 20-12-2017 2017-0000655415 2017 75504 28-12-2017 20-12-2017 2017-0000655415 01-01-2018 01-01-2017
Artikel 11a — Artikel 11a#
Artikel 11a artikel 11, eerste lid Correctiebesluit in verband met het schrappen van de tegemoetkoming ziektekostenverzekering commissieleden Ten aanzien van individuele gevallen kan het college van burgemeester en wethouders, buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing van de in het(Stb. 2014, 431) aan dit artikellid verleende terugwerkende kracht, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. 2014 431 18-11-2014 10-11-2014 2014 431 18-11-2014 10-11-2014 19-11-2014 01-07-2014
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 Werkloosheidswet artikel 20 van die wet In het geval een raadslid een uitkering op grond van deontvangt en de na toepassing vanontstane korting op deze uitkering ten gevolge van het uitoefenen van het raadlidmaatschap meer bedraagt dan de vergoeding voor de werkzaamheden wordt deze vergoeding ten laste van de gemeente verhoogd tot het bedrag van bedoelde korting. 2 Besluit Werkloosheid onderwijs- en onderzoekpersoneel artikel 6, vierde lid, van dat besluit In het geval een raadslid een uitkering op grond van hetontvangt en de na toepassing vanontstane korting op deze uitkering ten gevolge van het uitoefenen van het raadslidmaatschap meer bedraagt dan de vergoeding voor de werkzaamheden wordt deze vergoeding ten laste van de gemeente verhoogd tot het bedrag van bedoelde korting. 3 In het geval een raadslid een uitkering in verband met gehele of gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid ontvangt, kan de vergoeding voor de werkzaamheden op verzoek van het desbetreffende raadslid worden verlaagd. 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 01-07-2014
Artikel 12a — Artikel 12a#
Artikel 12a 1 artikel 35, tweede en derde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Het college van burgemeester en wethouders kent een lid van de raad dat naar het oordeel van een arts een structurele functionele beperking heeft, ten laste van de gemeente op aanvraag een tegemoetkoming toe voor een voorziening als bedoeld in. 2 artikel 35, vijfde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Het gestelde bij of krachtensis van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat uitsluitend een financiële tegemoetkoming wordt verstrekt. 2013 222 21-06-2013 12-06-2013 2013 222 21-06-2013 12-06-2013 01-07-2013 01-01-2013
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 De kosten voor niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van de functie van raads- of commissielid komen ten laste van de gemeente. 2 De raad kan over de in het eerste lid bedoelde scholing nadere regels stellen. 3 Indien een raadslid in verband met de uitoefening van de functie lid is van een beroepsvereniging, vergoedt de gemeente de contributie van die beroepsvereniging. 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 01-07-2014 27-03-2014
Artikel 13a — Artikel 13a#
Artikel 13a artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld inworden aangewezen: a. artikel 2, derde lid de onkostenvergoeding, bedoeld in; b. artikel 7a, eerste lid de verstrekkingen, bedoeld in; c. artikel 7a, derde lid de vergoeding, bedoeld in; d. artikel 11, eerste lid de tegemoetkoming, bedoeld in; e. artikel 13, eerste en derde lid de vergoeding, bedoeld in. 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 01-07-2014
Artikel 13b — Artikel 13b#
Artikel 13b Indien het college van burgemeester en wethouders ten behoeve van een veilige woon- en werkplek van een raadslid kosten maakt, die in het kader van het stelsel bewaken en beveiligen zijn aangemerkt als werkgeverskosten, komen deze ten laste van de gemeente. 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 01-07-2014
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 tabel IV artikelen 2, tweede lid 6 7 7a 12 13 13b Aan een lid van een commissie wordt een vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissie toegekend ter hoogte van het bedrag per vergadering, genoemd inbij dit besluit. De,,,,,enzijn van overeenkomstige toepassing. 2 artikel 7 van het Rechtspositiebesluit wethouders tabel IV Indien ten aanzien van een gemeente toepassing is gegeven aan, kan de gemeenteraad, al dan niet voor een bepaald tijdvak, de indeling van de commissieleden in een van de klassen, genoemd in, aanpassen. 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 01-07-2014
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Ten aanzien van: a. een lid van een commissie die op grond van zijn bijzondere beroepsmatige deskundigheid op het taakgebied van de commissie voor deelneming aan haar werkzaamheden is aangetrokken, en b. een lid van een commissie ten aanzien waarvan de vergoeding niet geacht kan worden in een redelijke verhouding te staan tot de zwaarte van zijn taak en de omvang van de door hem te verrichten arbeid, kan de raad bij verordening bepalen dat de vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissie naar boven afwijkt van de bedragen, genoemd in tabel IV. 2001 367 16-08-2001 16-07-2001 2001 367 16-08-2001 16-07-2001 17-08-2001 01-01-2001 Werkt terug tot en met 1 januari 2001.
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Vervallen 2011 5 11-01-2011 28-12-2010 2009 611 29-12-2009 23-12-2009 32130 01-01-2015 2013 566 23-12-2013 18-12-2013 33753 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 39c van de Wet op
de loonbelasting 1964 vervalt. Inwerkingtreding voorheen door Stb. 2009/611 gesteld op 1 januari 2014.
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 f artikelen 64 g 64van de gemeentewet Stb. Het koninklijk besluit van 23 november 1976 tot uitvoering van deen(621) wordt ingetrokken. 1994 244 22-03-1994 1994 244 22-03-1994 08-04-1994 01-01-1994
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 1 Staatsblad Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van hetwaarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 1994. 2 artikel 12, tweede lid In afwijking van het eerste lid werkt, terug tot en met 1 maart 1994. 1994 244 22-03-1994 1994 244 22-03-1994 08-04-1994 01-01-1994
Artikel 18a — Artikel 18a#
Artikel 18a 1 artikel 2, derde lid artikel C 4 van de Kieswet artikel 53, eerste lid, van de Wet algemene regels herindeling In afwijking van, en tot het tijdstip van aftreden van leden van de raad bedoeld in, na de gemeenteraadsverkiezingen in het jaar 2018, ontvangen de raadsleden van een gemeente met 100.001 tot 150.000 inwoners € 180,90 per maand, de raadsleden van een gemeente met 150.001 tot 375.000 inwoners € 215,51 per maand en de raadsleden van een gemeente met meer dan 375.001 inwoners € 258,49 per maand, dan wel bij het aftreden van de leden van deze raad, bedoeld in, in het geval de herindelingsverkiezingen van de desbetreffende gemeente valt voor het bovengenoemde tijdstip. 2 artikel 2, vierde lid Tot het tijdstip genoemd in het eerste lid, is, van toepassing op de bedragen genoemd in het eerste lid. 2014 431 18-11-2014 10-11-2014 2014 431 18-11-2014 10-11-2014 19-11-2014 01-07-2014
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Dit besluit wordt aangehaald als: Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden. 1994 244 22-03-1994 1994 244 22-03-1994 08-04-1994 01-01-1994