Besluit van 22 maart 1994, houdende regels betreffende de rechtspositie van staten- en commissieleden
- BWB-id
- BWBR0006534
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- 2019-02-15 t/m 2019-03-27
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0006534
- ELI
- /eli/nl/amvb/1994/rechtspositiebesluit-staten-en-commissieleden
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1994/rechtspositiebesluit-staten-en-commissieleden/2019-02-15
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0006534&g=2019-02-15
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0006534&z=2026-06-06&g=2019-02-15
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0006534/2019-02-15
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1994/rechtspositiebesluit-staten-en-commissieleden
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Onze Minister: Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; b. lid van provinciale staten: een lid van provinciale staten, dat niet tevens lid van gedeputeerde staten is; c. artikelen X1, eerste en derde lid X6 X7, tweede, derde en vijfde lid, van de Kieswet tijdstip van beëindiging van het lidmaatschap van provinciale staten: het tijdstip van beëindiging van het lidmaatschap, bedoeld in de,en. d. artikelen 80 81 82 van de Provinciewet lid van een commissie: een lid van een commissie als bedoeld in de,en, dat niet tevens lid van provinciale staten is of ambtenaar die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd. 2009 561 22-12-2009 16-12-2009 2009 561 22-12-2009 16-12-2009 23-12-2009
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a 1 artikelen 2 tot en met 4 6a tot en met 12 artikel X 10 van de Kieswet Deenvan dit besluit zijn van overeenkomstige toepassing op het lid van provinciale staten aan wie ingevolgetijdelijk ontslag is verleend wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, met dien verstande dat: a. artikel 2, derde of vierde lid de onkostenvergoeding die dit lid op grond van, ontvangt, de helft bedraagt van het bedrag dat op grond van die bepalingen van toepassing is; b. artikel 4 indien door provinciale staten toepassing is gegeven aan, dit lid een uitkering ontvangt voor alle vergaderingen die gedurende het tijdelijk ontslag plaatsvinden of hebben plaatsgevonden. 2 artikel X 10 van de Kieswet artikel 7, tweede en derde lid artikel 8 Een tijdelijk ontslag als bedoeld inwordt niet aangemerkt als beëindiging van het lidmaatschap van provinciale staten als bedoeld in, en als aftreden als bedoeld in. 2007 22 18-01-2007 08-01-2007 2007 22 18-01-2007 08-01-2007 19-01-2007 11-10-2006
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Aan een lid van provinciale staten wordt een vergoeding voor de werkzaamheden toegekend die € 1.200,95 per maand bedraagt. 2 Het bedrag van de vergoeding voor de werkzaamheden wordt per 1 januari van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd aan de hand van het door het Centraal Bureau voor de Statistiek voor de maand september van het voorafgaande kalenderjaar vastgestelde indexcijfer CAO lonen overheid, inclusief bijzondere beloningen. 3 Aan een lid van provinciale staten wordt een onkostenvergoeding voor aan de uitoefening van het statenlidmaatschap verbonden kosten toegekend die € 173,17 per maand bedraagt. 4 Het bedrag, genoemd in het derde lid, wordt per 1 januari van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd aan de hand van de consumentenprijsindex geldend voor de maand september van het voorafgaande kalenderjaar. 2018 72813 24-12-2018 18-12-2018 2018-0000963526 2018 72813 24-12-2018 18-12-2018 2018-0000963526 01-01-2019
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Vervallen 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 01-07-2014
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat ten hoogste 20% van de vergoeding voor de werkzaamheden wordt uitgekeerd, berekend naar het aantal gehouden vergaderingen. In dat geval geschiedt de uitkering aan het lid van provinciale staten op basis van het aantal bijgewoonde vergaderingen. 1994 242 22-03-1994 1994 242 22-03-1994 08-04-1994 01-01-1994
Artikel 4a — Artikel 4a#
Artikel 4a 1 artikel 61, derde lid, van de Provinciewet artikel 79p van de Provinciewet artikel 151a, derde lid, van de Provinciewet Aan een lid van provinciale staten dat lid is van de vertrouwenscommissie, bedoeld indan wel de rekenkamerfunctie, bedoeld in, uitoefent dan wel lid is van de onderzoekscommissie als bedoeld in, wordt voor de duur van het lidmaatschap van de commissie dan wel de duur van de activiteiten per jaar ten laste van de provincie een toelage verleend van 5% van de vergoeding voor de werkzaamheden op jaarbasis. 2 Voor de toepassing van het eerste lid stelt de commissaris de duur van het lidmaatschap van de commissie dan wel de duur van de activiteiten vast. 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 01-07-2014
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 7 van het Reisbesluit binnenland Aan een lid van provinciale staten wordt vergoeding van reiskosten verleend naar bij provinciale verordening te stellen regels voor het bijwonen van vergaderingen van provinciale staten en van commissies of een Openbaar-Vervoerjaarkaart verstrekt dan wel een keuze tussen een vergoeding of een Openbaar-Vervoerjaarkaart geboden, met dien verstande dat voor het gebruik van een eigen motorvoertuig de vergoeding niet hoger wordt gesteld dan het bedrag dat bij of krachtensis vastgesteld. 2 Aan een lid van provinciale staten wordt vergoeding van werkelijk gemaakte verblijfkosten verleend naar bij provinciale verordening te stellen regels voor het bijwonen van vergaderingen, genoemd in het eerste lid. 1994 242 22-03-1994 1994 242 22-03-1994 08-04-1994 01-01-1994
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 5 artikel 5 artikel 7 van het Reisbesluit binnenland Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat aan een lid van provinciale staten naast de vergoeding, genoemd in, vergoeding wordt verleend voor reiskosten ter zake van andere dan de inbedoelde reizen, ten behoeve van de provincie gemaakt, met dien verstande dat voor het gebruik van een eigen motorvoertuig de vergoeding niet hoger wordt gesteld dan het bedrag dat bij of krachtensis vastgesteld. 2 Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat aan een lid van provinciale staten vergoeding wordt verleend voor werkelijk gemaakte verblijfkosten ter zake van reizen, bedoeld in het eerste lid. 1994 242 22-03-1994 1994 242 22-03-1994 08-04-1994 01-01-1994
Artikel 6a — Artikel 6a#
Artikel 6a 1 Op aanvraag wordt ten laste van de provincie aan een lid van provinciale staten voor de uitoefening van het statenlidmaatschap een computer, bijbehorende apparatuur en software in bruikleen ter beschikking gesteld. 2 Indien geen computer, bijbehorende apparatuur en software ter beschikking is gesteld, wordt door gedeputeerde staten aan een lid van provinciale staten op aanvraag voor de uitoefening van het statenlidmaatschap een tegemoetkoming verleend voor: a. aanschaf van een computer, bijbehorende apparatuur en software, of, b. gebruik van een eigen computer, bijbehorende apparatuur en software. 3 Op aanvraag wordt door gedeputeerde staten een vergoeding aan het lid van provinciale staten verleend voor de aanleg- en de abonnementskosten voor de internetverbinding voor de in het eerste of het tweede lid genoemde computerapparatuur. 4 Provinciale staten kunnen bij verordening nadere regels stellen over het ter beschikking stellen van computerapparatuur en de tegemoetkoming, bedoeld in het eerste en tweede lid en de vergoeding, bedoeld in het derde lid. 2011 5 11-01-2011 28-12-2010 2011 5 11-01-2011 28-12-2010 12-01-2011 01-01-2011
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 De vergoeding voor de werkzaamheden en de onkostenvergoeding worden door het lid van provinciale staten genoten met ingang van de dag van de beëdiging. 2 De vergoeding voor de werkzaamheden en de onkostenvergoeding eindigt op het tijdstip van beëindiging van het lidmaatschap van provinciale staten. 3 Het lid van provinciale staten dat in de loop van een kalenderjaar is beëdigd dan wel het lidmaatschap van provinciale staten heeft beëindigd, ontvangt de vergoeding voor de werkzaamheden en de onkostenvergoeding naar evenredigheid van de periode van uitoefening van het lidmaatschap in bedoeld kalenderjaar. 2001 367 16-08-2001 16-07-2001 2001 367 16-08-2001 16-07-2001 17-08-2001 01-01-2001 Werkt terug tot en met 1 januari 2001.
Artikel 7a — Artikel 7a#
Artikel 7a 1 artikel 75 van de Provinciewet Een lid van provinciale staten dat op grond vanmeer dan dertig dagen onafgebroken het voorzitterschap van de staten waarneemt, ontvangt voor die tijd voor die waarneming een toeslag van 8% van zijn vergoeding als lid van provinciale staten. 2 artikel 2, derde lid Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de onkostenvergoeding, bedoeld in. 2011 5 11-01-2011 28-12-2010 2011 5 11-01-2011 28-12-2010 12-01-2011 01-01-2011
Artikel 7b — Artikel 7b#
Artikel 7b 1 Naast de vergoeding voor de werkzaamheden ontvangen fractievoorzitters voor de duur van hun voorzitterschap per jaar een toelage gelijk aan 1,2% van de vergoeding op jaarbasis en een toelage gelijk aan 0,4% van de vergoeding op jaarbasis voor elk lid dat de fractie buiten de fractievoorzitter telt. De toelagen tezamen bedragen ten hoogste 6,4% van de vergoeding op jaarbasis. 2 Voor de toepassing van het eerste lid stelt de commissaris vast: a. hoeveel leden een fractie telt; b. de duur van het fractievoorzitterschap. 2009 561 22-12-2009 16-12-2009 2009 561 22-12-2009 16-12-2009 23-12-2009 01-01-2009
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder: a. een ziekte: een ziekte die in overwegende mate haar oorzaak vindt in de uitoefening van de aan de functie verbonden werkzaamheden; b. een dienstongeval: een ongeval dat plaatsvindt tijdens de uitoefening van de aan de functie verbonden werkzaamheden. 2 Een staten- of commissielid ontvangt een vergoeding voor de noodzakelijk gemaakte kosten in verband met een geneeskundige behandeling of verzorging of overige kosten, indien deze in overwegende mate hun oorzaak vinden in een ziekte of een dienstongeval: a. voor zover deze kosten ten laste van staten- of commissielid blijven en b. voor zover de ziekte of het dienstongeval niet aan eigen schuld of onvoorzichtigheid te wijten is. 3 In bijzondere gevallen kunnen gedeputeerde staten bepalen dat overige schade aangemerkt wordt als voortvloeiend uit de ziekte of het dienstongeval, naar redelijkheid en billijkheid en gehoord de vergadering van de fractievoorzitters van alle partijen in provinciale staten. 4 Onder overige schade valt niet het gederfde inkomen. 5 Als de schade van de ziekte of het dienstongeval is ontstaan tijdens zijn functie als staten- of commissielid en voortduurt na zijn aftreden is dit artikel van overeenkomstige toepassing op het gewezen staten- of commissielid. 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 01-07-2014
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat het provinciaal bestuur ten behoeve van de leden van provinciale staten één of meer collectieve verzekeringen kan afsluiten, waarbij wordt voorzien in de opbouw van een ouderdomspensioen en in geldelijke voorzieningen bij invaliditeit en overlijden. 2 artikel X 12 van de Kieswet Dit artikel is niet van toepassing op een lid van provinciale staten dat is benoemd in een plaats die is opengevallen als gevolg van het tijdelijk ontslag van een lid van provinciale staten wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, ingevolge. 2007 22 18-01-2007 08-01-2007 2007 22 18-01-2007 08-01-2007 19-01-2007 11-10-2006
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 Een statenlid ontvangt ten laste van de provincie een tegemoetkoming in de kosten van een ziektekostenverzekering van € 107,10 per jaar. 2 Het in het eerste lid genoemde bedrag wordt bij ministeriële regeling gewijzigd overeenkomstig de wijzigingen die de bezoldiging van het personeel in de sector Rijk ondergaat. 2019 7580 14-02-2019 06-02-2019 2019-0000062565 2019 7580 14-02-2019 06-02-2019 2019-0000062565 15-02-2019 01-07-2018
Artikel 10a — Artikel 10a#
Artikel 10a artikel 10, eerste lid Correctiebesluit in verband met het schrappen van de tegemoetkoming ziektekostenverzekering voor commissieleden Ten aanzien van individuele gevallen kunnen gedeputeerde staten, buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing van de in het(Stb. 2014, 431) aan dit artikellid verleende terugwerkende kracht, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. 2014 431 18-11-2014 10-11-2014 2014 431 18-11-2014 10-11-2014 19-11-2014 01-07-2014
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 Werkloosheidswet artikel 20 van die wet In het geval een staten- of commissielid een uitkering op grond van deontvangt en de na toepassing vanontstane korting op deze uitkering ten gevolge van het uitoefenen van het staten- of commissielidmaatschap meer bedraagt dan de vergoeding voor de werkzaamheden wordt deze vergoeding ten laste van de provincie verhoogd tot het bedrag van bedoelde korting. 2 Besluit Werkloosheid onderwijs- en onderzoekpersoneel artikel 6, vierde lid, van dat besluit In het geval een staten- of commissielid een uitkering op grond van hetontvangt en de na toepassing vanontstane korting op deze uitkering ten gevolge van het uitoefenen van de functie van staten- of commissielid meer bedraagt dan de vergoeding voor de werkzaamheden wordt deze vergoeding ten laste van de provincie verhoogd tot het bedrag van bedoelde korting. 3 In het geval een staten- of commissielid een uitkering in verband met gehele of gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid ontvangt, kan de vergoeding voor de werkzaamheden op verzoek van het desbetreffende staten- of commissielid worden verlaagd. 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 01-07-2014
Artikel 11a — Artikel 11a#
Artikel 11a 1 artikel 35, tweede en derde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Gedeputeerde staten kennen een lid van provinciale staten dat naar het oordeel van een arts een structurele functionele beperking heeft, ten laste van de provincie op aanvraag een tegemoetkoming toe voor de bekostiging van een voorziening als bedoeld in. 2 artikel 35, vijfde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Het gestelde bij of krachtensis van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat uitsluitend een financiële tegemoetkoming wordt verstrekt. 2013 222 21-06-2013 12-06-2013 2013 222 21-06-2013 12-06-2013 01-07-2013 01-01-2013
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 De kosten voor niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van de functie van staten- of commissielid komen ten laste van de provincie. 2 Provinciale Staten kunnen over de in het eerste lid bedoelde scholing nadere regels stellen. 3 Indien een statenlid in verband met de uitoefening van de functie lid is van een beroepsvereniging vergoedt de provincie de contributie van die beroepsvereniging. 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 01-07-2014
Artikel 12a — Artikel 12a#
Artikel 12a artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld inworden aangewezen: a. artikel 2, derde lid de onkostenvergoeding, bedoeld in; b. artikel 6a, eerste lid de verstrekkingen, bedoeld in; c. artikel 6a, derde lid de vergoeding, bedoeld in; d. artikel 10, eerste lid de tegemoetkoming, bedoeld in; e. artikel 12, eerste en derde lid de vergoeding, bedoeld in. 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 01-07-2014
Artikel 12b — Artikel 12b#
Artikel 12b Indien gedeputeerde staten ten behoeve van een veilige woon- en werkplek van een statenlid kosten maken, die in het kader van het stelsel bewaken en beveiligen zijn aangemerkt als werkgeverskosten, komen deze ten laste van de provincie. 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 2014 230 27-06-2014 20-06-2014 01-07-2014
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 artikelen 2, tweede lid 6a 11 12 12b Aan een lid van een commissie wordt ten laste van de provincie een vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissie toegekend van € 115,84 per vergadering. De,,enzijn van overeenkomstige toepassing. 2018 72813 24-12-2018 18-12-2018 2018-0000963526 2018 72813 24-12-2018 18-12-2018 2018-0000963526 01-01-2019
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Ten aanzien van: a. een lid van een commissie die op grond van zijn bijzondere beroepsmatige deskundigheid op het taakgebied van de commissie voor deelneming aan haar werkzaamheden is aangetrokken, en b. artikel 13 een lid van een commissie ten aanzien waarvan de vergoeding niet geacht kan worden in een redelijke verhouding te staan tot de zwaarte van zijn taak en de omvang van de door hem te verrichten arbeid, kunnen provinciale staten bij verordening bepalen dat de vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissie naar boven afwijkt van het bedrag, genoemd in. 1994 242 22-03-1994 1994 242 22-03-1994 08-04-1994 01-01-1994
Artikel 14a — Artikel 14a#
Artikel 14a Vervallen 2011 5 11-01-2011 28-12-2010 2009 611 29-12-2009 23-12-2009 32130 01-01-2015 2013 566 23-12-2013 18-12-2013 33753 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 39c van de Wet op
de loonbelasting 1964 vervalt. Inwerkingtreding voorheen door Stb. 2009/611 gesteld op 1 januari 2014.
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 artikelen 13 a 65, eerste lid, van de Provinciewet derde lid Stb. Het koninklijk besluit van 3 april 1980 tot uitvoering van de,, en(203) wordt ingetrokken. 1994 242 22-03-1994 1994 242 22-03-1994 08-04-1994 01-01-1994
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 1 Staatsblad Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van hetwaarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 1994. 2 artikel 11, tweede lid In afwijking van het eerste lid werkt, terug tot en met 1 maart 1994. 1994 242 22-03-1994 1994 242 22-03-1994 08-04-1994 01-01-1994
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Dit besluit wordt aangehaald als: Rechtspositiebesluit staten- en commissieleden. 1994 242 22-03-1994 1994 242 22-03-1994 08-04-1994 01-01-1994