Besluit van 18 mei 1995, houdende vaststelling van maatstaven die bij het in artikel 7a, eerste lid, van de Wet opneming buitenlandse pleegkinderen bedoelde onderzoek dienen te worden gehanteerd
- BWB-id
- BWBR0007401
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 1998-10-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0007401
- ELI
- /eli/nl/amvb/1995/besluit-inzake-het-onderzoek-naar-buitenlandse-contacten-van
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1995/besluit-inzake-het-onderzoek-naar-buitenlandse-contacten-van/1998-10-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0007401&g=1998-10-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0007401&z=2026-06-06&g=1998-10-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0007401/1998-10-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1995/besluit-inzake-het-onderzoek-naar-buitenlandse-contacten-van
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 a artikel 7, eerste lid, van de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie Het inbedoelde onderzoek naar de zuiverheid en zorgvuldigheid van handelen van autoriteiten, instellingen of personen in het buitenland, van wier activiteiten de aspirant-adoptiefouders gebruik wensen te maken, heeft in elk geval betrekking op: a. de bevoegdheden, de vakbekwaamheid en het werkterrein van deze autoriteiten, instellingen of personen alsmede de wijze waarop zij bij de centrale overheid van de desbetreffende Staat bekend staan; b. de verslaglegging en de administratie van hun activiteiten; c. de voor de door hen geboden diensten gevraagde vergoeding; d. de gegevens met betrekking tot de identiteit en de herkomst van door hen voor opneming door aspirant-adoptiefouders buiten de Staat van herkomst in aanmerking gebrachte kinderen, de wijze waarop deze daarvoor in aanmerking zijn gekomen en de wijze waarop de afstand door de ouders is of zal worden geregeld; e. d. de gegevens met betrekking tot de inspanningen die worden verricht ten einde plaatsing van onderbedoelde kinderen in de Staat van herkomst te bewerkstelligen en, voor zover vereist, de instemming van de bevoegde autoriteiten met de opneming van deze kinderen door aspirant-adoptiefouders buiten deze Staat; f. d. de gegevens betreffende de lichamelijke en de geestelijke gezondheid van onderbedoelde kinderen. g. d. de vraag of ook overigens de wettelijke voorschriften van de Staat van herkomst van onderbedoelde kinderen in acht zijn genomen. 2 Indien het onderzoek betrekking heeft op rechtspersonen met enig openbaar gezag bekleed, is het eerste lid zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing. 1998 388 09-07-1998 30-06-1998 1998 475 06-08-1998 15-07-1998 24811 01-10-1998
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Voor het overige worden bij het onderzoek zodanige maatstaven gehanteerd dat redelijkerwijs verzekerd is dat aan de door de Nederlandse wet gestelde vereisten voor opneming van buitenlandse kinderen zal worden voldaan. 1998 388 09-07-1998 30-06-1998 1998 475 06-08-1998 15-07-1998 24811 01-10-1998
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Wet opneming buitenlandse pleegkinderen Pleegkinderenwet Indien het wetsvoorstel tot wijziging van deen van detot wet wordt verheven en in werking treedt, treedt dit besluit op hetzelfde tijdstip in werking. Dit besluit kan worden aangehaald als Besluit inzake het onderzoek naar buitenlandse contacten van aspirant-pleegouders. 1995 275 30-05-1995 18-05-1995 1995 274 30-05-1995 30-03-1995 23137 31-05-1995