Besluit van 29 november 1994, houdende overige niet-meldingplichtige gevallen van niet-ernstige bodemverontreiniging ten aanzien waarvan het voornemen bestaat de bodem te saneren dan wel handelingen te verrichten ten gevolge waarvan de verontreiniging van de bodem wordt verminderd of verplaatst
- BWB-id
- BWBR0007044
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2013-07-01 t/m 2023-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0007044
- ELI
- /eli/nl/amvb/1995/besluit-overige-niet-meldingplichtige-gevallen-bodemsanering
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1995/besluit-overige-niet-meldingplichtige-gevallen-bodemsanering/2013-07-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0007044&g=2013-07-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0007044&z=2026-06-06&g=2013-07-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0007044/2013-07-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1995/besluit-overige-niet-meldingplichtige-gevallen-bodemsanering
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Vervallen 2007 469 03-12-2007 22-11-2007 2007 571 28-12-2007 20-12-2007 01-01-2008
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De melding van degene die voornemens is de bodem te saneren dan wel handelingen te verrichten ten gevolge waarvan de verontreiniging van de bodem wordt verminderd of verplaatst, kan achterwege blijven: a. indien het bevoegde gezag heeft vastgesteld dat geen sprake is van een geval van ernstige verontreiniging, naar aanleiding van de resultaten van een bodemonderzoek op grond van: 1°. artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht artikel 4.4 van het Besluit omgevingsrecht artikel 8, derde lid, van de Woningwet een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in, voor zover daarbij krachtensin samenhang meten de gemeentelijke bouwverordening, bedoeld in dat artikel, de overlegging van een onderzoeksrapport inzake de gesteldheid van de bodem is vereist, 2°. artikel 2.1, eerste lid, onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit met betrekking tot een inrichting als bedoeld in, 3°. artikel 1.3 van de Wet milieubeheer artikel 1.3a, eerste lid, van die wet een aanvraag om een ontheffing als bedoeld indan wel een mede op een activiteit waarvoor een zodanige ontheffing is vereist betrekking hebbende aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in, of 4°. artikel 8.41 van de Wet milieubeheer artikel 8.40 van die wet een melding als bedoeld inop grond van een inbedoelde algemene maatregel van bestuur; b. artikel 42 van het Besluit bodemkwaliteit indien het bevoegde gezag naar aanleiding van een melding als bedoeld inheeft vastgesteld dat geen sprake is van een ernstig geval van verontreiniging. 2 Het eerste lid, aanhef en onderdeel a, is niet van toepassing indien de in dat lid, aanhef en onderdeel a, bedoelde resultaten van het bodemonderzoek niet meer representatief zijn om te kunnen beoordelen of de bodem ernstig verontreinigd is. Hiervan is in ieder geval sprake indien er vijf jaren zijn verstreken na voltooiing van het bodemonderzoek. 2013 199 05-06-2013 27-05-2013 2013 232 26-06-2013 19-06-2013 01-07-2013
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 28 van de Wet bodembescherming Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag waaropin werking treedt. 1994 844 29-11-1994 1994 908 19-12-1994 01-01-1995
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit overige niet-meldingplichtige gevallen bodemsanering. 1994 844 29-11-1994 1994 908 19-12-1994 01-01-1995