Besluit van 23 januari 1996, houdende een algemene maatregel van bestuur ter uitvoering van de artikelen 40b en 41 van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen
- BWB-id
- BWBR0007861
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 1997-08-01 t/m 2005-03-22
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0007861
- ELI
- /eli/nl/amvb/1996/besluit-ex-artikelen-40b-en-41-wet-op-de-telecommunicatievoo
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1996/besluit-ex-artikelen-40b-en-41-wet-op-de-telecommunicatievoo/1997-08-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0007861&g=1997-08-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0007861&z=2026-06-06&g=1997-08-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0007861/1997-08-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1996/besluit-ex-artikelen-40b-en-41-wet-op-de-telecommunicatievoo
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: a. houder van de concessie: rechtspersoon, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen; b. richtlijn 92/44/EEG richtlijn nr. 92/44/EEG PbEG :van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 5 juni 1992 betreffende de toepassing van Open Network Provision (ONP) op huurlijnen (L 165), naar de tekst zoals deze bij die richtlijn is vastgesteld; c. college: het college genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Wet Onafhankelijke post- en telecommunicatieautoriteit. 1997 345 29-07-1997 19-07-1997 1997 347 29-07-1997 19-07-1997 01-08-1997
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Een belanghebbende die de beëindiging van een aanbod van vaste verbindingen door de houder van de concessie dan wel een houder van een infrastructuurvergunning niet aanvaardt, kan hierover aan het college een oordeel vragen. 2 richtlijn 92/44/EEG Een belanghebbende die zegt schade te hebben geleden dan wel schade te kunnen lijden ten gevolge van een schending door de houder van de concessie dan wel een houder van een infrastructuurvergunning van het bij of krachtens de Wet op de telecommunicatievoorzieningen bepaalde ter uitvoering van, kan over het betreffende handelen dan wel nalaten door de houder van de concessie dan wel een houder van een infrastructuurvergunning aan het college een oordeel vragen. 1997 345 29-07-1997 19-07-1997 1997 347 29-07-1997 19-07-1997 01-08-1997
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De termijn voor het indienen van een aanvraag om een oordeel bedraagt drie weken. 2 De termijn vangt aan met ingang van de dag na die waarop a. de beslissing waarover een oordeel wordt gevraagd bij aanvrager bekend is, dan wel b. de schade is ontstaan dan wel redelijkerwijs bij aanvrager bekend kon zijn. 3 artikelen 6:9 6:11 van de Algemene wet bestuursrecht Deenzijn van overeenkomstige toepassing. 1996 68 06-02-1996 23-01-1996 1996 68 06-02-1996 23-01-1996 07-02-1996
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De aanvraag om een oordeel vermeldt tevens a. over welke beslissing van de houder van de concessie dan wel een houder van een infrastructuurvergunning een oordeel wordt gevraagd, dan wel b. over welk handelen dan wel nalaten van de houder van de concessie dan wel een houder van een infrastructuurvergunning ten gevolge waarvan de verzoeker schade heeft geleden dan wel schade kan lijden een oordeel wordt gevraagd. 1997 91 25-02-1997 26-11-1996 1997 92 27-02-1997 26-11-1996 28-02-1997
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 2 Voor het vragen van een oordeel, bedoeld in, is een vergoeding verschuldigd van a. f 200,- indien een oordeel gevraagd wordt door een natuurlijk persoon; b. f 400,- indien een oordeel gevraagd wordt anders dan door een natuurlijk persoon. 2 Het college wijst de aanvrager op het verschuldigd zijn van het bedrag en deelt hem mee dat het verschuldigde bedrag binnen vier weken na de dag van verzending van zijn mededeling dient te zijn gestort. Indien het bedrag niet binnen deze termijn is bijgeschreven of gestort, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen, tenzij redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest. 3 De in het eerste lid genoemde bedragen kunnen bij ministeriële regeling worden gewijzigd voor zover het prijsindexcijfer van de gezinsconsumptie daartoe aanleiding geeft. 1997 345 29-07-1997 19-07-1997 1997 347 29-07-1997 19-07-1997 01-08-1997
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Staatsblad Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van hetwaarin het wordt geplaatst. 1996 68 06-02-1996 23-01-1996 1996 68 06-02-1996 23-01-1996 07-02-1996