Besluit van 9 december 1996, houdende regelen ter zake van vergunningen voor biotechnologische handelingen bij dieren en ter zake van de Commissie biotechnologie bij dieren (Besluit biotechnologie bij dieren)
- BWB-id
- BWBR0008392
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2005-07-01 t/m 2014-06-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0008392
- ELI
- /eli/nl/amvb/1997/besluit-biotechnologie-bij-dieren
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1997/besluit-biotechnologie-bij-dieren/2005-07-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0008392&g=2005-07-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0008392&z=2026-06-06&g=2005-07-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0008392/2005-07-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1997/besluit-biotechnologie-bij-dieren
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: a. Gezondheids- en welzijnswet voor dieren wet :; b. artikel 69 commissie : Commissie biotechnologie bij dieren als bedoeld invan de wet. 1997 05 09-12-1996 1997 135 27-03-1997 05-03-1997 01-04-1997
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De commissie bestaat uit ten hoogste 9 leden. 2 In de commissie hebben naast een voorzitter zitting: a. één deskundige op het terrein van de ethiek; b. één deskundige op het terrein van de maatschappijwetenschappen; c. twee deskundigen op het terrein van de medische of de dierlijke biotechnologie; d. één deskundige op het terrein van de proefdierkunde of de dierproefvraagstukken; e. één deskundige op het terrein van de ethologie; f. één deskundige op het terrein van de diergeneeskunde of de zoötechniek; g. één deskundige op het terrein van de humane medische wetenschappen. 3 Onze Minister en Onze Ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen kunnen ieder één ambtenaar aanwijzen die bevoegd is de vergaderingen van de commissie bij te wonen. 4 artikel 2.26 van de Wet milieubeheer Eén van de in het tweede lid bedoelde leden wordt benoemd op voordracht van de Commissie genetische modificatie, bedoeld in. 1997 05 09-12-1996 1997 135 27-03-1997 05-03-1997 01-04-1997
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Onze Minister benoemt in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de voorzitter en de overige leden van de commissie. 2 De leden van de commissie worden benoemd voor een periode van vier jaar en kunnen door Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, om zwaarwichtige redenen worden geschorst en ontslagen. Aan de leden kan voorts op eigen verzoek ontslag worden verleend. 3 Na het verstrijken van de periode waarvoor zij zijn benoemd, kunnen de leden ten hoogste eenmaal, voor de in het tweede lid genoemde termijn, worden herbenoemd. 2005 147 24-03-2005 03-03-2005 2005 319 28-06-2005 15-06-2005 01-07-2005
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De leden wijzen uit hun midden een plaatsvervangend voorzitter aan. 1997 05 09-12-1996 1997 135 27-03-1997 05-03-1997 01-04-1997
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Onze Minister benoemt de secretaris en de adjunct-secretaris van de commissie. 2 De secretaris en de adjunct-secretaris zijn niet tevens lid van de commissie. 3 De secretaris en de adjunct-secretaris zijn voor de uitoefening van hun taak uitsluitend verantwoording schuldig aan de commissie. 4 Onze Minister kan voorzien in een bureau voor de commissie dat onder leiding staat van de secretaris. 1997 05 09-12-1996 1997 135 27-03-1997 05-03-1997 01-04-1997
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 3:11, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht artikel 3:18, eerste lid, van die wet De commissie brengt binnen een door Onze Minister te bepalen termijn advies uit omtrent een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 66 van de wet en de eventuele aan de vergunning te verbinden voorschriften en beperkingen, dan wel omtrent een voornemen tot wijziging of intrekking van een zodanige vergunning, met het oog op de opstelling van een ontwerp van een besluit als bedoeld in, alsmede met het oog op het nemen van een besluit als bedoeld in. 2 artikel 12, derde lid Het eerste lid is niet van toepassing op een voornemen tot wijziging van geringe aard als bedoeld in. 2005 320 28-06-2005 22-06-2005 2005 320 28-06-2005 22-06-2005 01-07-2005
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 De voorzitter roept de commissie bijeen zo dikwijls als hij dit nodig oordeelt. Hij bepaalt tijd en plaats van de vergadering. 2 De commissie wordt tevens bijeengeroepen indien ten minste vier leden een daartoe strekkend, schriftelijk en met redenen omkleed verzoek bij de voorzitter hebben ingediend. 3 Een vergadering bijeengeroepen naar aanleiding van een verzoek als bedoeld in het tweede lid wordt gehouden binnen vier weken nadat het verzoek bij de voorzitter is binnengekomen. 4 De voorzitter is bevoegd anderen dan leden van de commissie of de in artikel 2, derde lid, bedoelde ambtenaren uit te nodigen aan het overleg over bepaalde vraagstukken deel te nemen. 5 De vergaderingen van de commissie zijn niet openbaar. 1997 05 09-12-1996 1997 135 27-03-1997 05-03-1997 01-04-1997
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 De commissie besluit bij meerderheid van stemmen. Bij het staken der stemmen beslist de stem van de voorzitter. De leden kunnen desgewenst een minderheidsstandpunt aan het advies toevoegen. 1997 05 09-12-1996 1997 135 27-03-1997 05-03-1997 01-04-1997
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 De commissie stelt jaarlijks voor haar werkzaamheden in het komende begrotingsjaar een ontwerp-begroting op en legt deze vóór 1 april voor aan Onze Minister. 2 De commissie doet jaarlijks vóór 1 april aan Onze Minister schriftelijk verslag van haar werkzaamheden. Het verslag wordt toegezonden aan de Staten-Generaal. 1997 05 09-12-1996 1997 135 27-03-1997 05-03-1997 01-04-1997
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 De commissie houdt de op haar adviezen betrekking hebbende voorbereidende stukken ter beschikking van Onze Minister. 1997 05 09-12-1996 1997 135 27-03-1997 05-03-1997 01-04-1997
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Telkens binnen een termijn van vier jaar brengt de commissie een rapport uit aan Onze Minister, waarin de taakvervulling van de commissie aan een onderzoek wordt onderworpen en voorstellen kunnen worden gedaan voor gewenste veranderingen. 1997 05 09-12-1996 1997 135 27-03-1997 05-03-1997 01-04-1997
Artikel 11a — Artikel 11a#
Artikel 11a artikel 66, eerste lid, van de wet Geen vergunning, als bedoeld in, wordt verleend voor handelingen met betrekking tot dieren of dierlijke embryo’s, indien die handelingen of toepassingen daarvan niet zijn gericht op doeleinden van algemeen maatschappelijk belang. 2005 147 24-03-2005 03-03-2005 2005 319 28-06-2005 15-06-2005 01-07-2005
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 artikel 66, tweede lid, van de wet afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht Op de voorbereiding van een besluit als bedoeld in, isvan toepassing. 2 artikel 72 van de wet Het eerste lid is niet van toepassing indien toepassing wordt gegeven aan. 3 afdeling 4.1.2 van de Algemene wet bestuursrecht In afwijking van het eerste lid is op de voorbereiding van een besluit tot wijziging van geringe aard van een vergunning, de ingeregelde procedure van toepassing. 4 Onze Minister neemt een besluit als bedoeld in het derde lid binnen vier weken na ontvangst van de aanvraag. 5 Onze Minister stelt bij ministeriële regeling nadere regelen ter uitvoering van het derde lid. 2005 320 28-06-2005 22-06-2005 2005 320 28-06-2005 22-06-2005 01-07-2005
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 Indien de door de aanvrager verstrekte gegevens en bescheiden naar het oordeel van de commissie onvoldoende zijn voor de beoordeling van de aanvraag doet de commissie zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vier weken na ontvangst van de adviesaanvraag, daarvan mededeling aan Onze Minister onder opgave van de ontbrekende gegevens. 2 artikel 6 lndien toepassing is gegeven aan het eerste lid, wordt de inbedoelde termijn opgeschort met ingang van de dag waarop de commissie de in het eerste lid bedoelde mededeling heeft gedaan tot de dag waarop de commissie de ontbrekende gegevens of de mededeling van Onze Minister dat de voor de aanvulling van de gegevens gestelde termijn ongebruikt is verstreken, heeft ontvangen. 3 artikel 3:18, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht lndien naar het oordeel van de commissie toepassing moet worden gegeven aandoet zij daarvan zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vier weken na ontvangst van de adviesaanvraag mededeling aan Onze Minister. 4 artikel 3:18, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht lndien Onze Minister, al dan niet na een mededeling als bedoeld in het derde lid, een beslissing tot verlenging als bedoeld inheeft genomen, wordt daarvan mededeling gedaan aan de commissie en wordt de in artikel 6 bedoelde termijn met een door Onze Minister te bepalen termijn verlengd. 2005 320 28-06-2005 22-06-2005 2005 320 28-06-2005 22-06-2005 01-07-2005
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Onze Minister zendt in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport binnen drie jaar na de inwerkingtreding van dit besluit aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van dit besluit in de praktijk. 1997 05 09-12-1996 1997 135 27-03-1997 05-03-1997 01-04-1997
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. Laatstbedoeld besluit wordt niet genomen voordat vier weken zijn verstreken nadat het onderhavige besluit is voorgelegd aan de beide kamers der Staten-Generaal, en evenmin indien binnen die termijn door of namens een der kamers of door ten minste een vijfde van het grondwettelijk aantal leden van een der kamers de wens te kennen wordt gegeven dat de inwerkingtreding van dit besluit bij wet wordt geregeld. 1997 05 09-12-1996 1997 135 27-03-1997 05-03-1997 01-04-1997
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit biotechnologie bij dieren. 1997 05 09-12-1996 1997 135 27-03-1997 05-03-1997 01-04-1997