Besluit van 2 juli 1997 tot nadere regeling van de heffing van gelden ter bevordering van scholing en vorming van ondernemingsraadsleden bij de overheid (Besluit heffing scholing en vorming ondernemingsraadsleden bij de overheid)
- BWB-id
- BWBR0008790
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2020-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0008790
- ELI
- /eli/nl/amvb/1997/besluit-heffing-scholing-en-vorming-ondernemingsraadsleden-b
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1997/besluit-heffing-scholing-en-vorming-ondernemingsraadsleden-b/2020-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0008790&g=2020-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0008790&z=2026-06-06&g=2020-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0008790/2020-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1997/besluit-heffing-scholing-en-vorming-ondernemingsraadsleden-b
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: a. Onze Minister: de Minister van Binnenlandse Zaken; b. ondernemer: een rechtspersoon die: – een onderneming in stand houdt waarin uitsluitend of nagenoeg uitsluitend krachtens publiekrechtelijke aanstelling arbeid wordt verricht, of; – overheidswerkgever is; c. artikel 1, onderdeel k, van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen overheidswerkgever: de overheidswerkgever, bedoeld in; d. het Lisv: het Landelijk instituut sociale verzekeringen, bedoeld in hoofdstuk 4 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997; e. artikel 1, onderdeel l, van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen de uitvoeringsinstelling: een uitvoeringsinstelling als bedoeld in artikel 1, onderdeel f, van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 die een of meer uitkeringsregelingen ter zake van ziekte, arbeidsongeschiktheid of werkloosheid van overheidswerknemers als bedoeld inuitvoert; f. artikel 1 van de Wet op de bedrijfsorganisatie de Raad: de Sociaal-Economische Raad, bedoeld in. 2019 313 10-10-2019 30-09-2019 2019 385 06-11-2019 24-10-2019 01-01-2020
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Wet op de ondernemingsraden artikel 3 Ter bevordering van de scholing en vorming van ondernemingsraadsleden bij de overheid legt Onze Minister aan ondernemers die op grond van het bepaalde bij of krachtens deverplicht zijn om een ondernemingsraad in te stellen, een heffing op ten bedrage van een door Onze Minister vast te stellen percentage van de heffingsgrondslag, bedoeld in. 1997 319 22-07-1997 02-07-1997 1997 319 22-07-1997 02-07-1997 23-07-1997 01-05-1997 Werkt terug tot en met 1 mei 1997.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering De heffingsgrondslag bestaat uit het loon dat voor de overheidswerkgevers voor de premieberekening krachtens dein aanmerking komt. 1998 39 27-01-1998 24-12-1997 1998 39 27-01-1998 24-12-1997 28-01-1998 01-01-1998 Werkt terug tot en met 1 januari 1998.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Ter uitvoering van de inning maakt het Lisv, overeenkomstig artikel 41 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997, gebruik van de diensten van de uitvoeringsinstelling. 1998 39 27-01-1998 24-12-1997 1998 39 27-01-1998 24-12-1997 28-01-1998 01-01-1998 Werkt terug tot en met 1 januari 1998.
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Wet op de ondernemingsraden De uitvoeringsinstelling int de heffing bij de overheidswerkgevers voor wier personeel op grond van het bepaalde bij of krachtens deeen ondernemingsraad moet worden ingesteld. 2 artikel 2 Ter inning van de heffing zendt de uitvoeringsinstelling de desbetreffende overheidswerkgevers zo spoedig mogelijk na de aanvang van het kalenderjaar een heffingsaanslag waarin mede zijn aangegeven de grond van de heffing en de hoogte van het percentage, bedoeld in. 3 artikel 3 De uitvoeringsinstelling stelt de verschuldigde heffing vast op basis van de door de betrokken overheidswerkgever schriftelijk aangegeven heffingsgrondslag, bedoeld in. Na afloop van het kalenderjaar vindt een afrekening plaats op basis van het definitief vastgestelde loon. 1998 39 27-01-1998 24-12-1997 1998 39 27-01-1998 24-12-1997 28-01-1998 01-01-1998 Werkt terug tot en met 1 januari 1998.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 76a van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering De uitvoeringsinstelling int de verschuldigde heffing maandelijks tezamen met de premie, bedoeld in. 2 artikel 46b van de Wet op de ondernemingsraden De uitvoeringsinstelling draagt de ontvangen heffingen maandelijks, zo spoedig mogelijk na ontvangst, af aan de Raad. Ten aanzien van de aan de Raad afgedragen heffingen isvan overeenkomstige toepassing. 3 artikel 5, derde lid Na het verstrijken van elk kalenderjaar legt de uitvoeringsinstelling aan Onze Minister een door een registeraccountant gewaarmerkte rekening en verantwoording over. Deze gewaarmerkte rekening en verantwoording bevat ten minste een opgave van de in het desbetreffende kalenderjaar verzonden heffingsaanslagen, van de ontvangen en afgedragen heffingen, alsmede van de afrekeningen, bedoeld in. 1998 39 27-01-1998 24-12-1997 1998 39 27-01-1998 24-12-1997 28-01-1998 01-01-1998 Werkt terug tot en met 1 januari 1998.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Aan het Lisv wordt door de Raad ter zake van de ter uitvoering van dit besluit verrichte werkzaamheden een vergoeding verleend overeenkomstig artikel 80, vierde lid, van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997, welke ten laste komt van de heffing. 1998 39 27-01-1998 24-12-1997 1998 39 27-01-1998 24-12-1997 28-01-1998 01-01-1998 Werkt terug tot en met 1 januari 1998.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Aan de Raad wordt ter zake van de door hem ter uitvoering van dit besluit verrichte werkzaamheden een door Onze Minister na overleg met de WOR-kamer van de Raad voor het Overheidspersoneelsbeleid nader te bepalen kostendekkende vergoeding verleend, welke ten laste komt van de heffing. 1998 39 27-01-1998 24-12-1997 1998 39 27-01-1998 24-12-1997 28-01-1998 01-01-1998 Werkt terug tot en met 1 januari 1998.
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 paragraaf 4 van de Wet financiële voorzieningen privatisering ABP Voor de heffing over het jaar 1997 bestaat de heffingsgrondslag uit achtmaal het loon dat over de maand maart 1997 in aanmerking komt voor de premieberekening, bedoeld in. 1998 39 27-01-1998 24-12-1997 1998 39 27-01-1998 24-12-1997 28-01-1998 01-01-1998 Werkt terug tot en met 1 januari 1998.
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Heffingen die overheidswerkgevers ingevolge het Besluit heffing scholing en vorming OR-leden bij de overheid 1996–1997 verschuldigd zijn over een periode gelegen na 31 december 1996, die niet zijn geïnd vóór 1 mei 1997, worden gelijktijdig met de heffing over het jaar 1997 geïnd. 1997 319 22-07-1997 02-07-1997 1997 319 22-07-1997 02-07-1997 23-07-1997 01-05-1997 Werkt terug tot en met 1 mei 1997.
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 artikel 2 Na de inwerkingtreding van dit besluit berust de Regeling vaststelling heffingspercentage scholing en vorming OR-leden bij de overheid 1997 opvan dit besluit. 1997 319 22-07-1997 02-07-1997 1997 319 22-07-1997 02-07-1997 23-07-1997 01-05-1997 Werkt terug tot en met 1 mei 1997.
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 mei 1997. Indien het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 30 april 1997, treedt het in werking met ingang van de dag na uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, en werkt het terug tot en met 1 mei 1997. 1997 319 22-07-1997 02-07-1997 1997 319 22-07-1997 02-07-1997 23-07-1997 01-05-1997 Werkt terug tot en met 1 mei 1997.
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit heffing scholing en vorming ondernemingsraadsleden bij de overheid. 1997 319 22-07-1997 02-07-1997 1997 319 22-07-1997 02-07-1997 23-07-1997 01-05-1997 Werkt terug tot en met 1 mei 1997.