Besluit van 26 september 1996, houdende regeling van de bijdragen in de kosten van zorg ingevolge de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, en in de kosten van verzorging door een verzorgingshuis als bedoeld in de Overgangswet verzorgingshuizen (Bijdragebesluit zorg)
- BWB-id
- BWBR0008253
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Geldigheid
- 2014-12-29 t/m 2014-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0008253
- ELI
- /eli/nl/amvb/1997/bijdragebesluit-zorg
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1997/bijdragebesluit-zorg/2014-12-29
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0008253&g=2014-12-29
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0008253&z=2026-06-06&g=2014-12-29
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0008253/2014-12-29
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1997/bijdragebesluit-zorg
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten de wet: de; b. Besluit zorgaanspraken AWBZ Besluit:; c. artikelen 9 13 14 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ instelling: een instelling als bedoeld in de,en; d. dag: een kalenderdag; e. peiljaar: het tweede kalenderjaar voorafgaande aan het jaar waarin de verzekerde zijn aanspraak op zorg tot gelding brengt; f. inkomen: 1°. artikel 21, onderdeel e, onder 1°, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen indien over het peiljaar een aanslag of navorderingsaanslag inkomstenbelasting is of wordt vastgesteld: het inkomensgegeven, bedoeld in; 2°. artikel 21, onderdeel e, onder 2°, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen in de overige gevallen: het inkomensgegeven, bedoeld in; g. belasting: 1°. artikel 2.7 van de Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 9 van de Wet financiering sociale verzekeringen indien over het peiljaar een aanslag of navorderingsaanslag inkomstenbelasting is of wordt vastgesteld: de over dat jaar verschuldigde inkomstenbelasting, bedoeld in, vermeerderd met de over dat jaar verschuldigde premie voor de volksverzekeringen, bedoeld in; 2°. artikel 20 van de Wet op de loonbelasting 1964 artikel 9 van de Wet financiering sociale verzekeringen in de overige gevallen: de in dat jaar ingehouden loonbelasting, bedoeld in, vermeerderd met de in dat jaar ingehouden premie voor de volksverzekeringen bedoeld in; h. artikel 5.2, eerste lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 grondslag sparen en beleggen: de grondslag sparen en beleggen, bedoeld in; i. artikel 1, onderdeel d, van de Zorgverzekeringswet zorgverzekering: een verzekering als bedoeld in; j. artikel 1, eerste lid, onderdeel e, van de Wet op de zorgtoeslag zorgtoeslag: een tegemoetkoming als bedoeld in; k. artikel 1, eerste lid, onderdeel g, van de Wet op de zorgtoeslag standaardpremie: het bedrag, bedoeld in; l. artikel 1a vermogen: vermogen als bedoeld in. 2013 535 17-12-2013 04-12-2013 2013 535 17-12-2013 04-12-2013 18-12-2013 01-01-2013
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a 1 Het vermogen van een verzekerde is het verschil tussen zijn vermogensgrondslag en de op grond van het vierde tot en met het zesde lid voor hem toegepaste verminderingen met dien verstande dat het ten minste nihil bedraagt. 2 artikel 5.2, tweede lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 De vermogensgrondslag van een verzekerde is zijn grondslag sparen en beleggen, over het peiljaar, of indien over het peiljaarop de verzekerde van toepassing is, het aan hem toegerekende gedeelte van de toepasselijke gezamenlijke grondslag sparen en beleggen, bedoeld in dat lid. 3 artikel 8 artikel 10, eerste lid artikel 15, derde lid artikel 16e, derde lid artikel 5.2, tweede lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 In afwijking van het tweede lid is de vermogensgrondslag van een verzekerde bij toepassing jegens hem van,,, of, de te verwachten grondslag sparen en beleggen over het lopende jaar, of indienvermoedelijk op de verzekerde van toepassing zal zijn, het te verwachten aan hem toe te rekenen deel van de toepasselijke te verwachten gezamenlijke grondslag sparen en beleggen, bedoeld in artikel 5.2, tweede lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001. 4 artikel 47 van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen Op aanvraag wordt voor de verzekerde een vermindering toegepast voor een bedrag ter grootte van door hem in het peiljaar of enig eerder jaar ontvangen eenmalige uitkeringen die krachtenszijn aangewezen. 5 Het deel van het bedrag, bedoeld in het vierde lid, dat de vermogensgrondslag van de verzekerde overtreft, wordt voor zijn echtgenoot als vermindering toegepast. 6 artikel 6, eerste lid, onderdeel c artikel 15, eerste lid Er wordt voor de toepassing van, en, een vermindering van € 10.000 toegepast voor de verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd nog niet heeft bereikt, en van € 10.000 voor zijn echtgenoot die: a. de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt; b. artikel 4, eerste lid artikel 14, eerste lid de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt en geen bijdrage als bedoeld in, of, verschuldigd is. 2013 535 17-12-2013 04-12-2013 2013 535 17-12-2013 04-12-2013 01-01-2014
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De verzekerde van 18 jaren of ouder draagt bij in de kosten van de zorg, verleend door een instelling. 2 Voor de toepassing van het eerste lid wordt afwezigheid uit de instelling, anders dan in verband met beëindiging van de zorgverlening, buiten beschouwing gelaten. 3 artikel 5 15, derde lid artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet Een wijziging in de burgerlijke staat van de verzekerde en het bereiken van een voor de toepassing van dit besluit van belang zijnde leeftijd door de verzekerde of zijn echtgenoot wordt in aanmerking genomen met ingang van de datum waarop de bijdrage wordt vastgesteld, met dien verstande dat bij de jaarlijkse herziening, bedoeld inof, een verzekerde als pensioengerechtigde wordt beschouwd indien hij uiterlijk op 31 januari van het kalenderjaar waarop de herziening betrekking heeft, de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in, heeft bereikt. 2012 362 08-08-2012 02-08-2012 2012 329 18-07-2012 12-07-2012 01-01-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I van de Wet verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd in werking treedt.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 2 De verzekerde is de bijdrage, bedoeld in, verschuldigd aan het CAK. 2 De verzekerde betaalt de eigen bijdrage binnen dertig dagen nadat de beschikking is bekend gemaakt, tenzij de beschikking een later tijdstip vermeldt. 2012 4 10-01-2012 13-12-2011 2012 646 18-12-2012 11-12-2012 01-01-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, enz. (instelling zelfstandig bestuursorgaan CAK) in werking treedt. 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 01-01-2013
Artikel 3a — Artikel 3a#
Artikel 3a 1 artikel 2 De eigen bijdrage, bedoeld in, wordt vastgesteld uiterlijk 24 maanden na het tijdstip waarop het CAK ervan in kennis is gesteld dat ten aanzien van de verzekerde zorg als bedoeld bij of krachtens de wet wordt verleend. 2 Indien het CAK heeft verzuimd de eigen bijdrage vast te stellen binnen de in het eerste lid bedoelde periode, kan op een later tijdstip alsnog de eigen bijdrage worden vastgesteld, met dien verstande dat de ingangsdatum van de periode waarover de eigen bijdrage door de verzekerde moet worden betaald niet kan worden gesteld op een datum die is gelegen meer dan 24 maanden voor de dag waarop het besluit waarin de eigen bijdrage wordt vastgesteld, aan de verzekerde is verzonden. 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 01-01-2013
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De bijdrage bedraagt per maand voor de ongehuwde verzekerde die gedurende het etmaal in een instelling verblijft en voor de gehuwde verzekerden die beiden gedurende het etmaal in een instelling verblijven tezamen, een twaalfde gedeelte van het bijdrageplichtig inkomen. 2 De bijdrage, bedoeld in het eerste lid, bedraagt niet meer dan € 2.248,60 per maand. 3 Over een gedeelte van een maand is de bijdrage gelijk aan het vastgestelde bedrag per maand, vermenigvuldigd met twaalf maal het aantal dagen waarover de bijdrage binnen die maand verschuldigd is en gedeeld door 365. 4 Van de voor gehuwde verzekerden gezamenlijk berekende bijdrage is ieder van de echtgenoten een gedeelte verschuldigd naar rato van ieders aandeel in het inkomen. 2013 32335 21-11-2013 12-11-2013 2013 32335 21-11-2013 12-11-2013 01-01-2014 2013 423 31-10-2013 17-10-2013 2013 423 31-10-2013 17-10-2013 01-01-2014
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Vervallen 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 01-01-2013
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Het bijdrageplichtig inkomen wordt als volgt berekend: a. het inkomen over het peiljaar van de ongehuwde verzekerde onderscheidenlijk de gehuwde verzekerden tezamen wordt verminderd met de door die verzekerde onderscheidenlijk die verzekerden verschuldigde of ingehouden belasting; b. op het met toepassing van onderdeel a berekende bedrag worden in mindering gebracht: 1°. Ziektewet 15% van de redelijkerwijs te verwachten netto-opbrengst van in het lopende kalenderjaar verrichte arbeid, van een loon- of salarisdoorbetaling wegens ziekte of van een uitkering ingevolge de; 2°. artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet zak- en kleedgeld, premies voor een zorgverzekering gecorrigeerd voor de zorgtoeslag, een aftrekpost die verschillend kan zijn voor een verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld inheeft bereikt en een verzekerde die die leeftijd nog niet heeft bereikt of extra vrijlatingen, een en ander volgens bij ministeriële regeling te bepalen regels; 3°. artikel 14 van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940–1945 artikel 20 van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940–1945 op aanvraag van de verzekerde, de uitkering op grond vanof de uitkering op grond van; c. het met toepassing van onderdeel b berekende bedrag wordt vermeerderd met 8% van het vermogen van de ongehuwde verzekerde, onderscheidenlijk 8% van de opgetelde vermogens van de gehuwde verzekerden. 2 Inkomen dat in het buitenland wordt belast, dan wel is vrijgesteld van belasting op grond van bepalingen van internationaal recht, wordt mede in aanmerking genomen als ware dit aan de Nederlandse belastingwetgeving onderworpen. Op aanvraag van de verzekerde wordt daarop de in het buitenland verschuldigde belasting in mindering gebracht. 3 artikel 2, derde lid De verzekerde meldt aan het CAK wijzigingen als bedoeld in. 2013 423 31-10-2013 17-10-2013 2013 423 31-10-2013 17-10-2013 01-01-2014
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikel 14, eerste lid Indien ten aanzien van de ongehuwde of gehuwde verzekerden geen inkomen beschikbaar is, wordt de bijdrage vastgesteld op het minimumbedrag, bedoeld in. 2 Indien na de vaststelling van de eigen bijdrage uit een alsnog beschikbaar gekomen inkomen of uit een wijziging van een inkomen blijkt dat de eigen bijdrage op een te hoog of te laag bedrag is vastgesteld, herziet het CAK de eigen bijdrage met inachtneming van het beschikbaar gekomen inkomen dan wel van die wijziging. 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 01-01-2013
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 artikel 6, eerste lid Voor de berekening van het bijdrageplichtig inkomen over het jaar waarin een verzekerde of zijn echtgenoot voor het eerst inkomen geniet wordt, in afwijking van, uitgegaan van het inkomen dat de verzekerde of zijn echtgenoot over het desbetreffende kalenderjaar naar verwachting zal genieten alsmede van het te verwachten vermogen van dat kalenderjaar, verminderd met de naar verwachting over dat kalenderjaar verschuldigde of ingehouden belasting. 2 artikel 6, eerste lid Voor de berekening van het bijdrageplichtig inkomen over het jaar volgende op het jaar waarin een verzekerde of zijn echtgenoot voor het eerst inkomen geniet wordt, in afwijking van, uitgegaan van het inkomen dat de verzekerde of zijn echtgenoot over het dan lopende kalenderjaar naar verwachting zal genieten alsmede van het te verwachten vermogen van dat kalenderjaar, verminderd met de naar verwachting over dat kalenderjaar verschuldigde of ingehouden belasting. 3 artikel 6, eerste lid, onderdeel a Voor de berekening van het bijdrageplichtig inkomen over het tweede jaar volgend op het jaar waarin een verzekerde of zijn echtgenoot voor het eerst inkomen geniet, wordt niet van het bedrag, bedoeld in, uitgegaan, maar wordt uitgegaan van de in het tweede lid bedoelde bedragen. 2013 535 17-12-2013 04-12-2013 2013 535 17-12-2013 04-12-2013 18-12-2013 01-01-2013
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 artikel 8, eerste of tweede lid artikel 10, eerste lid artikel 6, eerste lid, onderdeel b, subonderdeel 2 artikel 23, eerste lid, van de Wet werk en bijstand Indien, of, van toepassing is, worden, in afwijking van, twaalf maal het bedrag, vermeld inen de bedragen in verband met de in het lopende kalenderjaar te betalen premies voor een zorgverzekering gecorrigeerd voor de zorgtoeslag en, indien van toepassing, de in het lopende jaar geldende jonggehandicaptenkorting onderscheidenlijk ouderenkorting alsmede extra vrijlatingen als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel b, subonderdeel 2, in mindering gebracht. 2 artikel 8, eerste lid artikel 6, eerste lid, onderdeel b Indien, van toepassing is en de werkzaamheden in de loop van het kalenderjaar aanvangen, worden de bedragen, bedoeld in, naar rato van het deel van het kalenderjaar waarover de inkomsten worden verworven, in mindering gebracht. 2009 555 22-12-2009 09-12-2009 2009 555 22-12-2009 09-12-2009 01-01-2010
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 artikel 6, eerste lid, onderdelen a en c artikel 23, eerste lid, van de Wet werk en bijstand In afwijking van, vindt op aanvraag van de verzekerde een voorlopige vaststelling van het bijdrageplichtig inkomen plaats op basis van het redelijkerwijs gedurende het lopende kalenderjaar te verwachten inkomen, het te verwachten vermogen, en de over dat kalenderjaar te verwachten belasting indien toepassing van artikel 6, eerste lid, onderdelen a en c, ertoe zou leiden dat na afdracht van de bijdrage maandelijks gemiddeld minder over zou blijven dan het van toepassing zijnde bedrag, vermeld in, zoals dat geldt in het lopende kalenderjaar, alsmede een bedrag in verband met de standaardpremie gecorrigeerd met de zorgtoeslag. Het aldus berekende bijdrageplichtig inkomen wordt, om de per maand verschuldigde bijdrage vast te stellen, gedeeld door twaalf. 2 De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, wordt gedaan uiterlijk drie maanden na afloop van het kalenderjaar waarop de aanvraag betrekking heeft. 3 artikel 6 Indien het eerste lid is toegepast, vindt na afloop van het jaar definitieve vaststelling plaats. Indien daaruit blijkt dat niet voldaan is aan het eerste lid, vindt definitieve vaststelling plaats met toepassing van. 2013 423 31-10-2013 17-10-2013 2013 423 31-10-2013 17-10-2013 01-01-2014
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 De hoogte van de bijdrage wordt jaarlijks opnieuw berekend voor de periode van de eerste dag van januari tot en met de eenendertigste dag van de daaropvolgende maand december. 2 artikel 7, eerste lid In afwijking van, geldt, indien het inkomen bij de jaarlijkse herziening nog moet worden vastgesteld, als eigen bijdrage, de bijdrage die over de laatste maand in het vorige kalenderjaar verschuldigd was. 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 01-01-2013
Artikel 11a — Artikel 11a#
Artikel 11a 1 De eigen bijdrage wordt herzien uiterlijk 24 maanden na het tijdstip waarop het CAK in kennis is gesteld van de omstandigheid die aanleiding geeft tot de wijziging. 2 De herziene bijdrage wordt voor zover mogelijk verrekend met de eerder vastgestelde bijdrage. 3 Indien het CAK heeft verzuimd de eigen bijdrage te herzien binnen de in het eerste lid bedoelde periode, kan op een later tijdstip alsnog de eigen bijdrage worden herzien, met dien verstande dat de ingangsdatum van de periode waarvoor de herziene eigen bijdrage door de verzekerde moet worden betaald niet kan worden gesteld op een datum die is gelegen meer dan 24 maanden voor de dag waarop het besluit waarin de eigen bijdrage is herzien, aan de verzekerde is verzonden. 4 Voor zover de bevoegdheid tot herziening van de eigen bijdrage over een periode is vervallen op grond van het eerste lid, wordt de over die periode eerder vastgestelde eigen bijdrage van rechtswege definitief. 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 01-01-2013
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 artikelen 10, eerste lid 15, derde lid Op een aanvraag als bedoeld in de, en, wordt beslist door het CAK. 2012 4 10-01-2012 13-12-2011 2012 646 18-12-2012 11-12-2012 01-01-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, enz. (instelling zelfstandig bestuursorgaan CAK) in werking treedt.
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Vervallen 2002 527 07-11-2002 25-10-2002 2002 625 23-12-2002 09-12-2002 01-04-2003 Bij Stb. 2002/527 is in artikel 36 een bepaling betreffende de
toepassing gepubliceerd.
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 artikel 4 In afwijking vanbedraagt de bijdrage 12,5% van het bijdrageplichtig inkomen met een minimum van € 156 en een maximum van € 819,40 per maand voor: a. de gehuwde verzekerde wiens echtgenoot niet verblijft in een instelling; b. de ongehuwde verzekerde gedurende de eerste zes maanden van verblijf in een instelling; c. de gehuwde verzekerden die beiden in een instelling verblijven, zolang niet ten aanzien van elk van hen een periode van zes maanden is verstreken, tezamen; d. Algemene Kinderbijslagwet Wet studiefinanciering 2000 de ongehuwde verzekerde die moet of gehuwde verzekerden tezamen die moeten voorzien in de kosten van onderhoud van eigen, aangehuwde of pleegkinderen, mits voor die kinderen op grond van derecht op een uitkering bestaat of aan die kinderen, voor zover ze de leeftijd van 27 jaar nog niet hebben bereikt, studiefinanciering is toegekend krachtens de; e. de ongehuwde verzekerde of de gehuwde verzekerden tezamen indien de zorgverzekeraar het waarschijnlijk acht dat het verblijf in de instelling voor de ongehuwde verzekerde, voor beide of voor een van de beide gehuwde verzekerden binnen een half jaar kan worden beëindigd en terugkeer naar de maatschappij mogelijk is en zal worden bewerkstelligd; f. artikel 14 van het Besluit de ongehuwde verzekerde en de gehuwde verzekerde, ten aanzien van wietoepassing vindt; g. artikel 14 van het Besluit artikel 14 van het Besluit de gehuwde verzekerden tezamen, indienten aanzien van beiden toepassing vindt dan wel indientoepassing vindt ten aanzien van een van hen en de ander in een instelling verblijft. 2 artikel 4 De onderdelen b en c van het eerste lid zijn niet van toepassing indien het verblijf aanvangt binnen zes maanden na beëindiging van een verblijf in een instelling waarvoor de ongehuwde verzekerde of de gehuwde verzekerden tezamen een bijdrage als bedoeld inverschuldigd was of waren. 3 Voor de berekening van de periode van zes maanden worden perioden van verblijf in instellingen samengeteld, tenzij tussen twee zodanige perioden meer dan zestig dagen zijn verlopen. De eerste volzin is niet van toepassing op verzekerden die maximaal twee weken per twee maanden in een instelling verblijven. 4 artikel 23, eerste lid, van de Wet werk en bijstand Op aanvraag van de verzekerde is de bijdrage niet verschuldigd indien hij een uitkering als bedoeld inontvangt. 2013 32335 21-11-2013 12-11-2013 2013 32335 21-11-2013 12-11-2013 01-01-2014
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 artikel 14 Voor de toepassing vanbestaat het bijdrageplichtige inkomen uit het inkomen over het peiljaar van de ongehuwde verzekerde, onderscheidenlijk van de gehuwde verzekerden tezamen, vermeerderd met 8% van het vermogen van de ongehuwde verzekerde, onderscheidenlijk 8% van de opgetelde vermogens van de gehuwde verzekerden. 2 artikelen 4, derde en vierde lid 7 11 11a artikel 8 De,,enzijn van toepassing enis van overeenkomstige toepassing. 3 Wet werk en bijstand Op aanvraag van de verzekerde vindt, in afwijking van het eerste lid, een voorlopige vaststelling van het bijdrageplichtig inkomen plaats op grond van het inkomen en het vermogen van het lopende jaar, indien redelijkerwijs te verwachten is dat het bijdrageplichtig inkomen in het lopende jaar ten minste € 2.500 lager zal zijn dan het bijdrageplichtig inkomen, bedoeld in het eerste lid, dan wel algemene bijstand ingevolge debetreft. 4 De aanvraag, bedoeld in het derde lid, wordt gedaan uiterlijk drie maanden na afloop van het kalenderjaar waarop de aanvraag betrekking heeft. 5 Indien het derde lid is toegepast, vindt na afloop van het jaar definitieve vaststelling plaats. Indien daarbij blijkt dat het bijdrageplichtig inkomen in het lopende jaar minder dan € 2.500 lager is geweest dan het bijdrageplichtig inkomen, bedoeld in het eerste lid, vindt definitieve vaststelling plaats overeenkomstig het eerste lid. 2013 423 31-10-2013 17-10-2013 2013 423 31-10-2013 17-10-2013 01-01-2014
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Vervallen 2005 471 27-09-2005 20-09-2005 2005 471 27-09-2005 20-09-2005 01-10-2005
Artikel 16a — Artikel 16a#
Artikel 16a artikelen 4 5 6 van het Besluit artikelen 4 14 De verzekerde van 18 jaar of ouder draagt bij in de kosten van de zorg, bedoeld in de,en, voor zover voor die zorg niet reeds op grond van deofeen bijdrage is verschuldigd. 2012 4 10-01-2012 13-12-2011 2012 646 18-12-2012 11-12-2012 01-01-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, enz. (instelling zelfstandig bestuursorgaan CAK) in werking treedt. 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 01-01-2013
Artikel 16b — Artikel 16b#
Artikel 16b 1 artikel 16a De verzekerde is de bijdrage, bedoeld in, verschuldigd aan het CAK. 2 De verzekerde betaalt de eigen bijdrage binnen dertig dagen nadat de beschikking is bekend gemaakt, tenzij de beschikking een later tijdstip vermeldt. 2012 4 10-01-2012 13-12-2011 2012 646 18-12-2012 11-12-2012 01-01-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, enz. (instelling zelfstandig bestuursorgaan CAK) in werking treedt. 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 01-01-2013
Artikel 16c — Artikel 16c#
Artikel 16c 1 artikel 16a De eigen bijdrage, bedoeld in, wordt vastgesteld uiterlijk 24 maanden na het tijdstip waarop het CAK ervan in kennis is gesteld dat ten aanzien van de verzekerde zorg als bedoeld bij of krachtens de wet wordt verleend. 2 Indien het CAK heeft verzuimd de eigen bijdrage vast te stellen binnen de in het eerste lid bedoelde periode, kan op een later tijdstip alsnog de eigen bijdrage worden vastgesteld, met dien verstande dat de ingangsdatum van de periode waarover de eigen bijdrage door de verzekerde moet worden betaald niet kan worden gesteld op een datum die is gelegen meer dan 24 maanden voor de dag waarop het besluit waarin de eigen bijdrage wordt vastgesteld, aan de verzekerde is verzonden. 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 01-01-2013
Artikel 16d — Artikel 16d#
Artikel 16d 1 artikelen 4 5 6 van het Besluit bedoeld in artikel 6 De bijdrage voor de zorg, bedoeld in de,en, bedraagt € 14,20 per uur of per dagdeel van maximaal vier uur, indien de zorg,, wordt verleend in groepsverband. Indien er sprake is van zorgverlening, niet zijnde zorg in groepsverband, gedurende een deel van een uur, wordt de bijdrage naar evenredigheid berekend. 2 De bijdrage, bedoeld in het eerste lid, bedraagt niet meer dan: a. artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet voor de ongehuwde verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in, nog niet heeft bereikt € 19,40 per vier weken, met dien verstande dat indien zijn bijdrageplichtig inkomen meer bedraagt dan € 22.331 het bedrag van € 19,40 wordt verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen dat inkomen en € 22.331; b. artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet voor de ongehuwde verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in, heeft bereikt € 19,40 per vier weken, met dien verstande dat indien zijn bijdrageplichtig inkomen meer bedraagt dan € 16.634 het bedrag van € 19,40 wordt verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen dat inkomen en € 16.634; c. artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet voor de gehuwde verzekerden indien een van beiden de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in, nog niet heeft bereikt of beiden die leeftijd nog niet hebben bereikt € 27,60 per vier weken, met dien verstande dat indien hun gezamenlijke bijdrageplichtig inkomen meer bedraagt dan € 27.917 het bedrag van € 27,60 wordt verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen dat gezamenlijke inkomen en € 27.917; d. artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet voor de gehuwde verzekerden die beiden de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in, hebben bereikt € 27,60 per vier weken, met dien verstande dat indien hun gezamenlijke bijdrageplichtig inkomen meer bedraagt dan € 23.046 het bedrag van € 27,60 wordt verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen dat gezamenlijke inkomen en € 23.046. 3 Bij de toepassing van het tweede lid wordt per kalenderjaar uitgegaan van twaalf perioden van vier weken en een periode die, afhankelijk van resterende dagen, vier of vijf weken bedraagt. 4 Wet maatschappelijke ondersteuning Op het op grond van het eerste en tweede lid vastgestelde bedrag worden de eigen bijdrage die voor maatschappelijke ondersteuning verschuldigd is ingevolge deen het aandeel in de kosten van maatschappelijke ondersteuning dat bij de toekenning van een financiële tegemoetkoming ingevolge die wet voor eigen rekening komt, in mindering gebracht. 5 De bijdrage is niet verschuldigd: a. artikelen 4 14 indien de verzekerde of zijn echtgenoot, een bijdrage ingevolge deofverschuldigd is; b. in die gevallen dat de zorgverzekeraar, op advies van een instelling voor algemeen maatschappelijk werk of de Raad voor de kinderbescherming, van oordeel is dat het verschuldigd zijn van de bijdrage ertoe leidt dat de zorg niet wordt verstrekt en dit mishandeling, verwaarlozing of ernstige schade voor de opvoeding of ontwikkeling van een minderjarige verzekerde tot gevolg heeft; c. voor advies, instructie en voorlichting door een aan een instelling verbonden gespecialiseerde verpleegkundige; d. artikel 1, eerste lid, onderdelen c of d, van de Wet maatschappelijke ondersteuning door de verzekerde die in de periode, bedoeld in het derde lid, meer dan een nacht verblijft in een maatschappelijke opvang of vrouwenopvang als bedoeld in. 2014 420 07-11-2014 27-10-2014 2014 486 12-12-2014 27-11-2014 29-12-2014
Artikel 16e — Artikel 16e#
Artikel 16e 1 artikel 16d, tweede lid Het bijdrageplichtig inkomen, bedoeld in, bedraagt het inkomen over het peiljaar van de ongehuwde verzekerde, onderscheidenlijk van de gehuwde verzekerden tezamen, vermeerderd met 8% van het vermogen van de ongehuwde verzekerde, onderscheidenlijk 8% van de opgetelde vermogens van de gehuwde verzekerden. 2 Inkomen dat in het buitenland wordt belast, dan wel is vrijgesteld van belasting op grond van bepalingen van internationaal recht, wordt mede in aanmerking genomen als ware dit aan de Nederlandse belastingwetgeving onderworpen. 3 Op aanvraag van de verzekerde vindt, in afwijking van het eerste lid, een voorlopige vaststelling van het bijdrageplichtig inkomen plaats op grond van het inkomen en het vermogen van het lopende jaar, indien redelijkerwijs te verwachten is dat het bijdrageplichtig inkomen in het lopende jaar ten minste € 2.540 lager zal zijn dan het bijdrageplichtig inkomen, bedoeld in het eerste lid. 4 De aanvraag, bedoeld in het derde lid, wordt gedaan uiterlijk drie maanden na afloop van het kalenderjaar waarop de aanvraag betrekking heeft. 5 Indien het derde lid is toegepast, vindt na afloop van het jaar definitieve vaststelling van het bijdrageplichtig inkomen over dat jaar plaats. Indien daarbij blijkt dat het bijdrageplichtig inkomen in het lopende jaar minder dan € 2.540 lager is geweest dan het bijdrageplichtig inkomen, bedoeld in het eerste lid, vindt definitieve vaststelling plaats overeenkomstig het eerste lid. 2014 420 07-11-2014 27-10-2014 2014 486 12-12-2014 27-11-2014 29-12-2014
Artikel 16f — Artikel 16f#
Artikel 16f 1 artikel 16d Indien ten aanzien van de ongehuwde of gehuwde verzekerden geen inkomen beschikbaar is, wordt de bijdrage vastgesteld op het bedrag per vier weken, genoemd in, tweede lid. 2 Indien na de vaststelling van de eigen bijdrage uit een alsnog beschikbaar gekomen inkomen of uit een wijziging van een inkomen, blijkt dat de eigen bijdrage tot een te hoog of te laag bedrag is vastgesteld, herziet het CAK de eigen bijdrage met inachtneming van het beschikbaar gekomen inkomen dan wel van die wijziging. 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 01-01-2013
Artikel 16g — Artikel 16g#
Artikel 16g artikel 11a Op bijdragen ingevolge deze paragraaf isvan overeenkomstige toepassing. 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 01-01-2013
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Vervallen 2005 690 22-12-2005 15-12-2005 2005 690 22-12-2005 15-12-2005 01-01-2008 2006 630 12-12-2006 22-11-2006 30807 Inwerkingtreding voorheen door Stb. 2005/690 gesteld op 1 januari 2007.
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Vervallen 1997 388 18-09-1997 27-08-1997 1997 388 18-09-1997 27-08-1997 19-09-1997 01-01-1997 Werkt terug tot en met 1 januari 1997.
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 1 artikelen 4, tweede lid 14, eerste lid 15, derde en vijfde lid 16d, eerste en tweede lid 16e, derde en vijfde lid Bij ministeriële regeling worden de bedragen, genoemd in de,,,, voor zover het betreft de in dat lid genoemde bedragen per vier weken, en, jaarlijks gewijzigd aan de hand van de prijsindex voor de gezinsconsumptie. 2 artikel 1a, zesde lid artikel 5.5 van de Wet inkomstenbelasting 2001 Bij ministeriële regeling wordt het bedrag, genoemd in, jaarlijks gewijzigd aan de hand van het indexcijfer waarmee het bedrag, genoemd in, jaarlijks wordt gewijzigd. 3 De berekende bedragen worden naar beneden afgerond op een veelvoud van € 0,2. 4 Bij de jaarlijkse toepassing van het eerste lid wordt de afronding, bedoeld in het tweede lid, buiten beschouwing gelaten. 5 artikel 16d artikel 8, eerste lid, onderdeel a, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag In afwijking van het eerste lid worden de overige bedragen, genoemd in, jaarlijks bij ministeriële regeling gewijzigd aan de hand van de ontwikkelingen van het minimumloon, bedoeld in. Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing. 2013 423 31-10-2013 17-10-2013 2013 423 31-10-2013 17-10-2013 01-01-2014
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Voor de berekening van enige in dit besluit genoemde periode worden zodanige perioden, voorafgaande aan de inwerkingtreding van dit besluit, mede in aanmerking genomen. 1996 486 08-10-1996 26-09-1996 1996 540 05-11-1996 23-10-1996 01-01-1997
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 Vervallen 2012 4 10-01-2012 13-12-2011 2012 646 18-12-2012 11-12-2012 01-01-2013 Deze wijziging kan niet meer in werking treden. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, enz. (instelling zelfstandig bestuursorgaan CAK) in werking treedt. 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 01-01-2013
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 artikel 3, eerste lid artikel 16b, eerste lid Wet maatschappelijke ondersteuning In geval van, en, is het CAK bevoegd tot verrekening van vorderingen krachtens de wet van of op de verzekerde met vorderingen van of op de verzekerde krachtens deze wet of de. 2012 4 10-01-2012 13-12-2011 2012 646 18-12-2012 11-12-2012 01-01-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, enz. (instelling zelfstandig bestuursorgaan CAK) in werking treedt. 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 2012 628 13-12-2012 05-12-2012 01-01-2013
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 artikelen 4 14 16d artikel 21, onderdeel e, van de Algemene wet inzake de rijksbelastingen artikel 2, derde lid, onderdeel b, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen Het CAK maakt voor de vaststelling van de bijdrage, bedoeld in de,en, gebruik van het inkomensgegeven, bedoeld inen van andere door de inspecteur, bedoeld in, verstrekte gegevens. 2012 4 10-01-2012 13-12-2011 2012 646 18-12-2012 11-12-2012 01-01-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, enz. (instelling zelfstandig bestuursorgaan CAK) in werking treedt.
Artikel 23a — Artikel 23a#
Artikel 23a Vervallen 2002 327 27-06-2002 17-06-2002 2002 327 27-06-2002 17-06-2002 01-01-2003
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 Vervallen 2009 555 22-12-2009 09-12-2009 2009 555 22-12-2009 09-12-2009 01-01-2010
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 Vervallen 2003 504 11-12-2003 25-11-2003 2003 504 11-12-2003 25-11-2003 01-01-2004
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 Vervallen 2004 675 23-12-2004 14-12-2004 2004 675 23-12-2004 14-12-2004 01-01-2005
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 Dit besluit treedt in werking met ingang van een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 1998 672 15-12-1998 03-12-1998 1998 672 15-12-1998 03-12-1998 01-01-1999
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 Dit besluit wordt aangehaald als: Bijdragebesluit zorg. 1996 486 08-10-1996 26-09-1996 1996 540 05-11-1996 23-10-1996 01-01-1997