Besluit van 30 januari 1998, houdende regels met betrekking tot de kwaliteit en het op of in de bodem brengen van overige organische meststoffen (Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen)
- BWB-id
- BWBR0009360
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2006-01-01 t/m 2007-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0009360
- ELI
- /eli/nl/amvb/1998/besluit-kwaliteit-en-gebruik-overige-organische-meststoffen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1998/besluit-kwaliteit-en-gebruik-overige-organische-meststoffen/2006-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0009360&g=2006-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0009360&z=2026-06-06&g=2006-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0009360/2006-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1998/besluit-kwaliteit-en-gebruik-overige-organische-meststoffen
Artikel 1#
artikelen 1, eerste lid
Artikel 2#
2 tot en met 11
Artikel 38#
38
Artikel 1#
artikelen 1
Artikel 12#
12 tot en met 38
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 artikel 1, eerste lid, van de Meststoffenwet In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder grond, landbouwgrond, grasland, bouwland, fosfaat, hectare, veengrond, zand- of lössgrond en kleigrond hetgeen daaronder wordt verstaan in, en wordt verstaan onder: a. zuiveringsslib: 1° slib dat geheel of in hoofdzaak afkomstig is van een installatie voor de zuivering van huishoudelijk, stedelijk, industrieel dan wel ander afvalwater van soortgelijke samenstelling als huishoudelijk, stedelijk en industrieel afvalwater; 2° slib dat geheel of in hoofdzaak afkomstig is van septictanks en andere installaties voor de verzameling, afvoer en behandeling van afvalwater met uitzondering van vet- en zandvangers; b. vloeibaar zuiveringsslib: zuiveringsslib dat verpompbaar is; c. steekvast zuiveringsslib: zuiveringsslib dat niet verpompbaar is; d. compost: product, waaronder mede begrepen het in onderdeel e bedoelde product, dat geheel of grotendeels bestaat uit één of meer organische afvalstoffen die met behulp van micro-organismen zijn afgebroken en omgezet tot een zodanig stabiel eindproduct dat daarin alleen nog een langzame afbraak van humeuze verbindingen plaatsvindt, mits blijkens door de producent over te leggen gegevens dit product kennelijk niet geheel of grotendeels is geproduceerd uit dierlijke meststoffen; e. bijlage III zeer schone compost: compost die voldoet aan de in de bij dit besluit behorendegestelde eisen; f. zwarte grond: mengsel van bodembestanddelen en bewerkte organische afvalstoffen; g. gebruiken: op of in de bodem brengen; h. jaar: kalenderjaar; i. bijlage V emissiearm aanwenden: gebruiken overeenkomstig de voorschriften die voor de desbetreffende situatie zijn opgenomen in de bij dit besluit behorende; j. artikel 1, eerste lid, onderdeel d, van de Meststoffenwet dierlijke meststoffen: meststoffen als bedoeld indie geheel of gedeeltelijk bestaan uit uitwerpselen van dieren, waaronder mede wordt begrepen de geheel of gedeeltelijk verteerde maag- en darminhoud van dieren; k. overige grond: andere grond dan landbouwgrond of natuurterrein; l. natuurterrein: grond met een houtopstand, alsmede heideveld, ven, hoogveenterrein, zandverstuiving, duinterrein, kwelder, schor, gors, slik, riet- en ruigtland, griend en laagveenmoeras, voor zover het geen landbouwgrond is; m. niet-beteelde grond: grond waarvan niet kan worden waargenomen dat deze gelijkmatig met een gewas bedekt is; n. veenkoloniaal bouwplan: bouwplan met de teelt van fabrieksaardappelen ten behoeve van de zetmeelindustrie in een teeltfrequentie van ten minste éénmaal per drie jaar, met dien verstande dat geen sprake is van een veenkoloniaal bouwplan in de periode dat op de desbetreffende grond bloembollen worden geteeld of gras wordt geteeld; o. bijlage VI hellingspercentage: het quotiënt van het hoogteverschil en de horizontale afstand, uitgedrukt in procenten, volgens de inbij dit besluit aangegeven meetmethode. 2 artikel 25 artikel 1, eerste lid, onderdeel e, van de Meststoffenwet Voor de toepassing vanwordt onder dierlijke meststoffen verstaan hetgeen daaronder wordt verstaan in. 3 Voor de toepassing van het bij of krachtens dit besluit bepaalde wordt onder bouwland tevens verstaan grond waarop een houtopstand is aangelegd die valt onder de vrijstelling, bedoeld in de Beschikking vrijstelling meldings- en herplantplicht. 4 artikelen 18 tot en met 20 23 Voor de toepassing van deenis de situatie op 1 juli van het jaar waarin zuiveringsslib, compost of zwarte grond wordt gebruikt, bepalend voor de vraag of sprake is van bouwland, of grasland, met dien verstande dat indien op 1 juli van het desbetreffende jaar landbouwgrond niet wordt beteeld, deze grond wordt aangemerkt als bouwland, tenzij de grond het gehele jaar niet wordt beteeld, in welk geval de grond wordt aangemerkt als overige grond. 5 artikelen 29 30 34c Voor de toepassing van de,enwordt onder bouwland niet verstaan grond waarop tuinbouw in glasopstanden wordt uitgeoefend, of waarop een anderszins bedekte teelt plaatsvindt. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikelen 3 tot en met 10 Het is verboden zuiveringsslib, compost of zwarte grond als zodanig te verhandelen indien niet is voldaan aan de voor het desbetreffende product bij of krachtens dit besluit gestelde samenstellingseisen en hetgeen overigens bij of krachtens deis bepaald. 1998 392 02-07-1998 15-06-1998 1998 536 08-09-1998 26-08-1998 14-09-1998
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Zuiveringsslib dient te zijn behandeld langs biologische, chemische of thermische weg, door langdurige opslag of volgens enig ander geschikt procédé, dat tot gevolg heeft dat het grootste deel van de in het zuiveringsslib aanwezige pathogene organismen afsterft. 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 24-03-1998 Artikel 8, tweede lid, en derde lid, is nog niet in werking voor
zover het de certificering betreft. Artikelen 13, tweede lid,
onderdeel c, en 17, is nog niet in werking voor zover zij de
bemonstering en analyse van de bodem bij het gebruik van compost betreffen.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 bijlage I De samenstelling van het zuiveringsslib dient dient de samenstelling van zuiveringsslib te voldoen aan de in de bij dit besluit behorendegestelde eisen. 2 Indien op enig tijdstip het stellen van aanvullende regels met betrekking tot de samenstelling van zuiveringsslib dringend noodzakelijk is en naar het oordeel van Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij de totstandkoming van een daartoe strekkende algemene maatregel van bestuur niet kan worden afgewacht, kan hij in overeenstemming met Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer een regeling terzake vaststellen. 3 Staatscourant De in het tweede lid bedoelde regeling vervalt één jaar nadat zij in werking is getreden, of, indien binnen die termijn een algemene maatregel van bestuur ter vervanging van die regeling in werking is getreden, op het tijdstip waarop die algemene maatregel van bestuur in werking treedt. De termijn kan door Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit in overeenstemming met Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer eenmaal bij een met redenen omkleed besluit, dat in dewordt bekendgemaakt, met ten hoogste één jaar worden verlengd. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit kan bepalen dat zuiveringsslib, afkomstig van een installatie waarin zuiveringsslib wordt geproduceerd dan wel van een installatie waarin zuiveringsslib wordt be- of verwerkt, gedurende een bepaalde periode niet meer mag worden verhandeld. 2 bijlage I Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit maakt van de in het eerste lid bedoelde bevoegdheid slechts gebruik indien naar zijn oordeel bij herhaling is gebleken, op basis van de voorgeschreven bemonstering en analyse, dat het door de desbetreffende installatie geproduceerde, be- of verwerkte zuiveringsslib niet aan de in de bij dit besluit behorendebedoelde eisen voldoet. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 bijlage II De samenstelling van compost, niet zijnde zeer schone compost, dient, te voldoen aan de in de bij dit besluit behorendegestelde eisen. 2 De samenstelling van compost die geheel of grotendeels bestaat uit zuiveringsslib dient te voldoen aan de samenstellingseisen, met uitzondering van het organische stofgehalte en de zuurbindende waarde, met betrekking tot zuiveringsslib. 3 artikelen 4, tweede en derde lid 5 De, enzijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot compost. 1998 392 02-07-1998 15-06-1998 1998 536 08-09-1998 26-08-1998 14-09-1998
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 bijlage IV De samenstelling van zwarte grond dient te voldoen aan de in de bij dit besluit behorendegestelde eisen. 2 Artikel 4, tweede en derde lid , is van overeenkomstige toepassing met betrekking tot zwarte grond. 1998 392 02-07-1998 15-06-1998 1998 536 08-09-1998 26-08-1998 14-09-1998
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 Ten aanzien van zuiveringsslib, compost en zwarte grond dient te worden voldaan aan door Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit gestelde regels omtrent bemonstering en analyse, welke onder meer betrekking kunnen hebben op de methode van bemonstering en analyse, de frequentie waarmee deze moeten plaatsvinden, de stoffen waarop de analyse betrekking dient te hebben, de erkenning en registratie van de instanties die de bemonstering en analyse dienen uit te voeren, op de intrekking van zodanige erkenning en registratie, alsmede op het bewaren en overleggen van de analyseresultaten. 2 Ten aanzien van zuiveringsslib, compost en zwarte grond dient te worden voldaan aan door Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij gestelde regels omtrent certificering, welke onder meer betrekking kunnen hebben op de methode van certificering, de frequentie waarmee deze moet plaatsvinden, alsmede op het bewaren en overleggen van de certificaten. 3 Zuiveringsslib, compost of zwarte grond dienen bij het verhandelen te allen tijde vergezeld te gaan van een afschrift van de in het eerste lid bedoelde analyseresultaten dan wel de in het tweede lid bedoelde certificaten. 4 Het is een instantie als bedoeld in het eerste lid verboden bemonsteringen of analyses uit te voeren en analyseresultaten af te geven, indien zij niet beschikt over de in dat lid bedoelde erkenning en registratie. 5 Het is een instantie als bedoeld in het eerste lid, verboden onjuiste analyseresultaten of anderszins onjuiste gegevens af te geven. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 8a — Artikel 8a#
Artikel 8a Artikel 8 is niet van toepassing op zuiveringsslib, compost en zwarte grond die rechtmatig zijn geproduceerd of in de handel zijn gebracht in een andere lidstaat van de Europese Unie danwel rechtmatig zijn geproduceerd in een staat die partij is bij de Overeenkomst inzake de Europese Economische Ruimte en die aan ten minste even strenge eisen voldoen en vergezeld gaan van een analyserapport dat voldoende informatie verschaft over de samenstelling van het product en is afgegeven door een in die lidstaat of staat erkend laboratorium dat gelijkwaardig is aan een in Nederland voor dit doel erkend laboratorium. 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 24-03-1998 Artikel 8, tweede lid, en derde lid, is nog niet in werking voor
zover het de certificering betreft. Artikelen 13, tweede lid,
onderdeel c, en 17, is nog niet in werking voor zover zij de
bemonstering en analyse van de bodem bij het gebruik van compost betreffen.
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Producenten en be- of verwerkers van zuiveringsslib, compost of zwarte grond, zijn verplicht een register bij te houden, waarin met betrekking tot deze producten ten minste de volgende gegevens zijn opgenomen: a. de hoeveelheid geproduceerd, be- of verwerkt zuiveringsslib, compost of zwarte grond en de hoeveelheid verhandeld product, uitgedrukt in tonnen; b. bijlagen I tot en met IV de samenstelling en de eigenschappen van het desbetreffende product voor zover het betreft de gehalten aan droge stof en fosfaat, en indien het zuiveringsslib betreft, tevens het gehalte aan stikstof en de pH-waarde, alsmede de ingevolge de bij dit besluit behorendevoor de desbetreffende producten geldende parameters en die gegevens die voortvloeien uit de nadere regels welke Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit krachtens dit besluit met betrekking tot de samenstelling heeft gesteld; c. de namen en adressen van de afnemers van het desbetreffende product, de aan hen geleverde hoeveelheden en de samenstelling van het geleverde product; d. artikel 8 gegevens omtrent de bemonstering van het desbetreffende product, als bedoeld in; e. artikel 3 indien het zuiveringsslib betreft, een omschrijving van de inbedoelde behandelingsmethode voor zuiveringsslib. 2 De in het eerste lid bedoelde gegevens dienen binnen vier weken nadat productie, be- of verwerking dan wel afzet heeft plaatsgevonden, in het register te worden opgenomen. 3 Het register dient te worden bijgehouden overeenkomstig een door Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit vastgesteld model. 4 Omtrent de inhoud en het bijhouden van het register kunnen door Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit nadere regels worden gesteld. 5 De registers worden jaarlijks per 31 december afgesloten. 6 Producenten en be- of verwerkers van zuiveringsslib, compost of zwarte grond zijn verplicht de afgesloten registers over een jaar voor 1 maart van het daaropvolgende jaar te doen toekomen aan gedeputeerde staten van de provincie waar de installatie voor productie, be- of verwerking is gevestigd. 7 Producenten en be- of verwerkers van zuiveringsslib, compost of zwarte grond dienen alle in het eerste lid genoemde in de registers te vermelden gegevens gedurende vijf jaren na afloop van het jaar waarop deze betrekking hebben, te bewaren. 8 b artikel 8 Producenten en be- of verwerkers van zuiveringsslib, compost of zwarte grond zijn verplicht de in het eerste lid, onderdeel, genoemde gegevens bij het verhandelen van deze producten aan de afnemers van deze producten te verstrekken door middel van de inbedoelde schriftelijke stukken. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 Dit lid is nog niet in werking getreden. 2 artikel 9 De ingenoemde verplichtingen zijn niet van toepassing op degene die compost produceert uit op zijn landbouwbedrijf dan wel uit zijn particuliere huishouding vrijgekomen organische afvalstoffen, voor zover de compost niet is bestemd om te worden verhandeld. 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 24-03-1998 Artikel 8, tweede lid, en derde lid, is nog niet in werking voor
zover het de certificering betreft. Artikelen 13, tweede lid,
onderdeel c, en 17, is nog niet in werking voor zover zij de
bemonstering en analyse van de bodem bij het gebruik van compost betreffen.
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 artikelen 9, zesde lid 10 Gedeputeerde staten dienen elk in deenbedoeld register, afkomstig van producenten, be- en verwerkers van en handelaren in zuiveringsslib, compost of zwarte grond gedurende vijf jaren na afloop van het jaar waarop het desbetreffende register betrekking heeft te bewaren. 2 Gedeputeerde staten maken aan de hand van de ontvangen registers jaarlijks een rapport omtrent de productie van zuiveringsslib, compost en zwarte grond en de afzet van deze producten, waarin de hoeveelheid en de kwaliteit van het geproduceerde en geleverde zuiveringsslib, de compost en de zwarte grond alsmede de samenstelling van de producten worden vermeld. 3 artikel 9, vijfde lid Gedeputeerde staten doen het in het tweede lid bedoelde rapport voor 1 september van het jaar volgend op het in, bedoelde, toekomen aan Onze Ministers van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 artikelen 3 tot en met 10 Het is verboden zuiveringsslib, compost of zwarte grond te gebruiken, indien niet is voldaan aan de in de bij dit besluit behorende bijlagen met betrekking tot de desbetreffende producten gestelde samenstellingseisen en hetgeen overigens bij of krachtens deis bepaald. 2 artikelen 18 tot en met 20 23 artikel 25 De in deengestelde verboden gelden onverminderd het ingestelde verbod. 3 artikel 25 artikelen 18 tot en met 20 23 Het ingestelde verbod geldt onverminderd de in deengestelde verboden. 4 artikel 25 artikel 8 De inbedoelde hoeveelheid fosfaat in compost wordt vastgesteld overeenkomstig de krachtensdaaromtrent gestelde regels. 1998 392 02-07-1998 15-06-1998 1998 536 08-09-1998 26-08-1998 14-09-1998
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 Het is verboden in enig jaar zuiveringsslib of compost, een mengsel van deze stoffen dan wel een mengsel van deze stoffen met dierlijke meststoffen te gebruiken. 2 artikel 13 van het Besluit administratieve verplichtingen Meststoffenwet artikelen 8 9, achtste lid 16 Het in het eerste lid bedoelde verbod is niet van toepassing, indien de producent respectievelijk de gebruiker met behulp van de gegevens, bedoeld in, dan wel met behulp van gegevens bedoeld in de bij of krachtens de,envan het onderhavige besluit gestelde regels, dan wel met behulp van andere aanvullende schriftelijke gegevens, aannemelijk maakt dat: a. artikelen 18 19 20 23 25 op de tot het bedrijf van de producent respectievelijk de gebruiker behorende oppervlakte grond geen grotere hoeveelheid zuiveringsslib of compost, een mengsel van deze stoffen dan wel een mengsel van deze stoffen met dierlijke meststoffen is gebruikt dan op grond van de,en,enis toegestaan, en b. met betrekking tot het gebruikte zuiveringsslib, de gebruikte compost of de gebruikte zwarte grond is voldaan aan de in het onderhavige besluit gestelde samenstellingseisen, en c. artikelen 14 15 17 met betrekking tot het gebruikte zuiveringsslib of de gebruikte compost is voldaan aan de in de,enbedoelde verplichtingen met betrekking tot bemonstering en analyse van de bodem. 3 artikel 13 van het Besluit administratieve verplichtingen Meststoffenwet artikelen 8 9, achtste lid 16 Bij het in het tweede lid bedoelde aannemelijk maken worden de gegevens, bedoeld in de bij of krachtensgestelde regels, dan wel in de bij of krachtens de,, envan het onderhavige besluit gestelde regels niet in aanmerking genomen indien deze regels niet of niet volledig door de betrokkenen zijn nageleefd. 1998 392 02-07-1998 15-06-1998 1998 536 08-09-1998 26-08-1998 14-09-1998
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Onverminderd de overige bepalingen opgenomen in dit hoofdstuk, is het verboden op landbouwgrond zuiveringsslib te gebruiken, tenzij voorafgaand aan het gebruik en overeenkomstig het bepaalde krachtens dit besluit een bemonstering en analyse van de bodem waarop het zuiveringsslib zal worden gebruikt, hebben plaatsgevonden. 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 24-03-1998 Artikel 8, tweede lid, en derde lid, is nog niet in werking voor
zover het de certificering betreft. Artikelen 13, tweede lid,
onderdeel c, en 17, is nog niet in werking voor zover zij de
bemonstering en analyse van de bodem bij het gebruik van compost betreffen.
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Vervallen 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 1 artikelen 14 15 Omtrent de in deenbedoelde bemonstering en analyse worden door Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit in overeenstemming met Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer regels gesteld, die onder meer betrekking kunnen hebben op de methode van bemonstering en analyse, de frequentie waarmee de bemonstering en analyse moeten plaatsvinden, de erkenning en registratie van instanties die de bemonstering en analyse dienen uit te voeren, op de intrekking van zodanige erkenning en registratie, alsmede op het bewaren en overleggen van de analyseresultaten. 2 Artikel 8, vierde en vijfde lid , zijn van overeenkomstige toepassing. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 artikelen 14 15 bijlage IV Het is verboden zuiveringsslib of compost te gebruiken indien uit de in deenbedoelde bemonstering en analyse blijkt dat een of meer van de in de bodem aanwezige stoffen de krachtens de bij dit besluit behorendegeldende toetsingswaarden overschrijden. 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 24-03-1998 Artikel 8, tweede lid, en derde lid, is nog niet in werking voor
zover het de certificering betreft. Artikelen 13, tweede lid,
onderdeel c, en 17, is nog niet in werking voor zover zij de
bemonstering en analyse van de bodem bij het gebruik van compost betreffen.
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Het is verboden vloeibaar zuiveringsslib te gebruiken in een grotere hoeveelheid dan: a. 2 ton droge stof per hectare per jaar op bouwland; b. 1 ton droge stof per hectare per jaar op grasland. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 1 Het is verboden steekvast zuiveringsslib te gebruiken in een grotere hoeveelheid dan: a. 4 ton droge stof per hectare per twee jaren op bouwland; b. 2 ton droge stof per hectare per twee jaren op grasland. 2 Gedurende de in het eerste lid bedoelde perioden dient voor het betreffende aantal hectaren het grondgebruik ongewijzigd te blijven. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 1 Het is verboden compost te gebruiken in een grotere hoeveelheid dan: a. 6 ton droge stof per hectare per jaar dan wel 12 ton droge stof per hectare per twee jaren op bouwland; b. 3 ton droge stof per hectare per jaar dan wel 6 ton droge stof per hectare per twee jaren op grasland. 2 artikelen 14 19 Indien de compost geheel of grotendeels bestaat uit zuiveringsslib zijn deenvan overeenkomstige toepassing. 3 De in het eerste lid gestelde verboden zijn niet van toepassing op het gebruik van zeer schone compost. 4 Gedurende de in het eerste lid bedoelde perioden dient voor het betreffende aantal hectaren het grondgebruik ongewijzigd te blijven. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 Vervallen 1998 392 02-07-1998 15-06-1998 1998 536 08-09-1998 26-08-1998 14-09-1998
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 artikel 20 Het ingestelde verbod is niet van toepassing op het gebruik van compost die door de gebruiker zelf is vervaardigd uit op zijn landbouwbedrijf of uit zijn particuliere huishouding vrijgekomen organische afvalstoffen. 1998 392 02-07-1998 15-06-1998 1998 536 08-09-1998 26-08-1998 14-09-1998
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 1 Het is verboden op overige grond zuiveringsslib of een mengsel van zuiveringsslib met compost, zwarte grond of dierlijke meststoffen te gebruiken. 2 Het is verboden op overige grond compost te gebruiken in een grotere hoeveelheid dan 6 ton droge stof per hectare per jaar, dan wel 12 ton droge stof per hectare per twee jaren. 3 De in het tweede lid gestelde verboden zijn niet van toepassing op het gebruik van zeer schone compost. 1998 392 02-07-1998 15-06-1998 1998 536 08-09-1998 26-08-1998 14-09-1998
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 1 artikel 23, tweede lid artikelen 7 10 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening artikel 19 van die wet In afwijking van, is het toegestaan op overige grond compost te gebruiken bij wijze van eenmalige gift in een hoeveelheid van maximaal 200 ton droge stof per hectare, indien dit geschiedt ten behoeve van de aanleg of uitbreiding van een groenvoorziening, een recreatieterrein, een sportcomplex of een golfterrein, waarin bij een plan als bedoeld in deen, dan wel bij een besluit als bedoeld inis voorzien, en indien tenminste vier weken voorafgaande aan het gebruik een kennisgeving daarvan aan Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit heeft plaatsgevonden. 2 De in het eerste lid bedoelde kennisgeving dient te bevatten: a. naam en adres van de gebruiker; b. een nauwkeurige omschrijving van de aard van het project, als bedoeld in het eerste lid; c. een kadastrale aanduiding van de plaats waar het project wordt uitgevoerd alsmede een opgave van de oppervlakte van de locatie; d. het voorgenomen tijdstip van uitvoering van het project; e. naam en adres van de leverancier van het product; f. artikel 8 de gegevens, als bedoeld invan dit besluit, omtrent de hoedanigheid en samenstelling van het product. 3 Met het in het eerste lid bedoelde gebruik mag eerst worden aangevangen, zodra een bevestiging van ontvangst van de kennisgeving door de gebruiker is ontvangen. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 1 Het is verboden op overige grond compost of een mengsel van deze stof met dierlijke meststoffen, dan wel verschillende van deze meststoffen tegelijkertijd of achtereenvolgens te gebruiken in een grotere hoeveelheid, gemeten in kilogrammen fosfaat (kg P205) per hectare, dan 20 kg fosfaat per jaar. 2 artikel 24 Het eerste lid is niet van toepassing in geval van gebruik van compost als bedoeld in. 1998 392 02-07-1998 15-06-1998 1998 536 08-09-1998 26-08-1998 14-09-1998
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 artikelen 23 25 De in deengestelde verboden zijn niet van toepassing op het gebruik van compost die door de gebruiker zelf is vervaardigd uit op zijn landbouwbedrijf of uit zijn particuliere huishouding vrijgekomen organische afvalstoffen. 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 24-03-1998 Artikel 8, tweede lid, en derde lid, is nog niet in werking voor
zover het de certificering betreft. Artikelen 13, tweede lid,
onderdeel c, en 17, is nog niet in werking voor zover zij de
bemonstering en analyse van de bodem bij het gebruik van compost betreffen.
Artikel 26a — Artikel 26a#
Artikel 26a Het is verboden op overige grond in de periode van 1 september tot en met 31 januari een mengsel van dierlijke meststoffen met compost of zwarte grond te gebruiken. 2001 479 25-10-2001 23-07-2001 2001 653 21-12-2001 06-12-2001 01-01-2002
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 Het is verboden op natuurterrein zuiveringsslib, compost of zwarte grond, een mengsel van deze stoffen of een mengsel van deze stoffen met dierlijke meststoffen te gebruiken. 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 24-03-1998 Artikel 8, tweede lid, en derde lid, is nog niet in werking voor
zover het de certificering betreft. Artikelen 13, tweede lid,
onderdeel c, en 17, is nog niet in werking voor zover zij de
bemonstering en analyse van de bodem bij het gebruik van compost betreffen.
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 Het is verboden zuiveringsslib, een mengsel van zuiveringsslib met compost of met zwarte grond of een mengsel van deze stoffen met dierlijke meststoffen te gebruiken indien de bodem geheel of gedeeltelijk is bevroren of geheel of gedeeltelijk is bedekt met sneeuw. 2001 479 25-10-2001 23-07-2001 2001 653 21-12-2001 06-12-2001 01-01-2002
Artikel 28a — Artikel 28a#
Artikel 28a Het is verboden zuiveringsslib te gebruiken of een mengsel van zuiveringsslib met compost, met zwarte grond of met dierlijke meststoffen: a. op weideland: gedurende de periode van beweiding; b. op grond die wordt gebruikt voor de teelt van voedergewassen: minder dan drie weken voor de oogst; c. op grond die wordt gebruikt voor groente- of fruitaanplant, met uitzondering van fruitbomen: gedurende de groeiperiode van de groente onderscheidenlijk het fruit; d. op grond die is bestemd voor de teelt van groenten of vruchten, die gewoonlijk in rechtstreeks contact met de bodem staan en rauw worden geconsumeerd: minder dan 10 maanden voor de oogst alsmede tijdens de oogst. 2001 479 25-10-2001 23-07-2001 2001 653 21-12-2001 06-12-2001 01-01-2002
Artikel 28b — Artikel 28b#
Artikel 28b Het is verboden zuiveringsslib, compost, zwarte grond, een mengsel van deze stoffen of een mengsel van deze stoffen met dierlijke meststoffen te gebruiken indien de bovenste bodemlaag met water verzadigd is. 2001 479 25-10-2001 23-07-2001 2001 653 21-12-2001 06-12-2001 01-01-2002
Artikel 28c — Artikel 28c#
Artikel 28c 1 Het is verboden in de periode van 1 september tot en met 31 januari zuiveringsslib, compost, zwarte grond, een mengsel van deze stoffen of een mengsel van deze stoffen met dierlijke meststoffen te gebruiken indien de bodem tegelijkertijd wordt bevloeid, beregend of geïnfiltreerd. 2 Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder infiltreren verstaan: aanvoeren van water op of onder het grondoppervlak door middel van een buizen- of slangenstelsel. 2001 479 25-10-2001 23-07-2001 2001 653 21-12-2001 06-12-2001 01-01-2002
Artikel 29 — Artikel 29#
Artikel 29 1 Het is verboden in de periode van 1 september tot en met 31 januari zuiveringsslib, een mengsel van zuiveringsslib met compost of zwarte grond of een mengsel van deze stoffen met dierlijke meststoffen te gebruiken op bouwland, of op grasland. 2 Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor bouwland, gelegen op kleigrond of veengrond. 3 Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet in de periode van 1 tot en met 15 september voor grasland, gelegen op kleigrond of veengrond. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 30 — Artikel 30#
Artikel 30 1 Het is verboden zuiveringsslib, een mengsel van zuiveringsslib met compost of zwarte grond of een mengsel van dierlijke meststoffen met zuivingsslib, compost of zwarte grond te gebruiken op grasland of bouwland, tenzij deze stoffen of mengsels van deze stoffen, emissiearm worden aangewend. 2 het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing op gronden gelegen op zand- of lössgrond, waarop een veenkoloniaal bouwplan wordt uitgeoefend, alsmede op bouwland gelegen op Texel. 3 Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing op het gebruik van steekvast zuiveringsslib op grasland, tenzij dit grasland een hellingspercentage heeft van 7 of meer. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 31 — Artikel 31#
Artikel 31 Vervallen 1998 392 02-07-1998 15-06-1998 1998 536 08-09-1998 26-08-1998 14-09-1998
Artikel 32 — Artikel 32#
Artikel 32 Vervallen 1998 392 02-07-1998 15-06-1998 1998 536 08-09-1998 26-08-1998 14-09-1998
Artikel 33 — Artikel 33#
Artikel 33 Vervallen 1998 392 02-07-1998 15-06-1998 1998 536 08-09-1998 26-08-1998 14-09-1998
Artikel 34 — Artikel 34#
Artikel 34 Het is verboden zuiveringsslib, compost, een mengsel van zuiveringsslib, compost of zwarte grond of een mengsel van deze stoffen met dierlijke meststoffen te gebruiken, anders dan door een zo gelijkmatig mogelijke verspreiding over het perceel waarop deze stoffen of mengsels van deze stoffen worden gebruikt. 2001 479 25-10-2001 23-07-2001 2001 653 21-12-2001 06-12-2001 01-01-2002
Artikel 34a — Artikel 34a#
Artikel 34a 1 Het is verboden zuiveringsslib, compost, zwarte grond, een mengsel van deze stoffen of een mengsel van deze stoffen met dierlijke meststoffen te gebruiken op grond met een hellingspercentage van 7 of meer indien de desbetreffende grond is aangetast door geulenerosie. 2 Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder geulenerosie verstaan: de versnelde afvoer van bodemmateriaal door oppervlakkig afstromend water, waarbij geulen van meer dan 30 centimeter diepte zijn ontstaan. 2001 479 25-10-2001 23-07-2001 2001 653 21-12-2001 06-12-2001 01-01-2002
Artikel 34b — Artikel 34b#
Artikel 34b 1 Het is verboden zuiveringsslib, compost, zwarte grond, een mengsel van deze stoffen of een mengsel van deze stoffen met dierlijke meststoffen te gebruiken op niet-beteelde grond met een hellingspercentage van 7 of meer. 2 Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor niet-beteelde grond met een hellingspercentage van minder dan 18 indien deze grond uiterlijk acht dagen na het gebruik van de in het eerste lid genoemde stoffen of mengsels gelijkmatig is ingezaaid met een ander gewas dan maïs, aardappelen of bieten. 3 De in het tweede lid genoemde uitzondering voor maïs, aardappelen of bieten geldt niet voor een perceel met een aaneengesloten lengte van ten hoogste 300 meter, dat aan beide einden over de volle breedte door een duidelijk waarneembare kavelgrens is afgebakend, dan wel over de volle breedte wordt begrensd door grond die gelijkmatig is bedekt met een ander gewas dan maïs, aardappelen of bieten over een aaneengesloten lengte van ten minste 100 meter. 4 Voor de toepassing van het derde lid wordt verstaan onder: a. lengte van een perceel: zijde van een perceel die de grootste hoek vormt met de hoofdrichting van de hoogtelijnen; b. breedte van een perceel: zijde van een perceel, die de kleinste hoek vormt met de hoofdrichting van de hoogtelijnen. 2001 479 25-10-2001 23-07-2001 2001 653 21-12-2001 06-12-2001 01-01-2002
Artikel 34c — Artikel 34c#
Artikel 34c Het is verboden zuiveringsslib, compost, zwarte grond, een mengsel van deze stoffen of een mengsel van deze stoffen met dierlijke meststoffen te gebruiken op bouwland met een hellingspercentage van 18 of meer. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 35 — Artikel 35#
Artikel 35 Vervallen 1998 392 02-07-1998 15-06-1998 1998 536 08-09-1998 26-08-1998 14-09-1998
Artikel 36 — Artikel 36#
Artikel 36 1 artikelen 29 30 34 34b 34c Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit kan in overeenstemming met Onze Minister, op aanvraag en gehoord de Technische commissie bodembescherming, ten behoeve van onderzoek ontheffing verlenen van de in de,,,engestelde verboden, op basis van een ingediend onderzoeksplan. 2 Een ontheffing kan slechts worden verleend indien naar het oordeel van Onze Ministers: – de ontheffing noodzakelijk is voor het te verrichten onderzoek, – het onderzoeksplan voldoende duidelijk en onderbouwd is, – het voldoende aannemelijk is dat het onderzoek daadwerkelijk zal leiden tot het in het onderzoeksplan geformuleerde onderzoeksresultaat, – het onderzoek voldoende innovatief is, – het onderzoek voldoende beperkt in duur en omvang is, en – het belang van de bescherming van de bodem zich niet verzet tegen de ontheffing. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 37 — Artikel 37#
Artikel 37 1 artikel 29 Gedeputeerde staten kunnen voor de periode van 1 tot en met 15 september ten behoeve van experimenten met het gebruik van overige organische meststoffen op bouwland, gelegen op zand- of lössgrond, op aanvraag, ontheffing verlenen van het ingestelde verbod, op basis van een ingediend plan voor onderzoek. 2 De ontheffing kan slechts worden verleend na kennisgeving door gedeputeerde staten aan Onze Minister van het in het eerste lid bedoelde verzoek en nadat Onze Minister ter zake de Technische commissie bodembescherming heeft gehoord. 3 Artikel 36, tweede lid , is van overeenkomstige toepassing. 2005 548 03-11-2005 26-10-2005 2005 592 29-11-2005 22-11-2005 01-01-2006
Artikel 38 — Artikel 38#
Artikel 38 Na de inwerkingtreding van dit besluit berusten de krachtens het Besluit van 20 november 1991 (Stb. 613), houdende regels met betrekking tot de kwaliteit en het op of in de bodem brengen van overige organische meststoffen, vastgestelde regels op dit besluit. 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 24-03-1998 Artikel 8, tweede lid, en derde lid, is nog niet in werking voor
zover het de certificering betreft. Artikelen 13, tweede lid,
onderdeel c, en 17, is nog niet in werking voor zover zij de
bemonstering en analyse van de bodem bij het gebruik van compost betreffen.
Artikel 39 — Artikel 39#
Artikel 39 Het Besluit van 20 november 1991 (Stb. 613), houdende regels met betrekking tot de kwaliteit en het op of in de bodem brengen van overige organische meststoffen, wordt ingetrokken. 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 24-03-1998 Artikel 8, tweede lid, en derde lid, is nog niet in werking voor
zover het de certificering betreft. Artikelen 13, tweede lid,
onderdeel c, en 17, is nog niet in werking voor zover zij de
bemonstering en analyse van de bodem bij het gebruik van compost betreffen.
Artikel 40 — Artikel 40#
Artikel 40 1 Dit besluit treedt in werking met ingang van de achtentwintigste dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst. 2 artikelen 8, tweede lid, en derde lid 10, eerste lid 15 artikelen 13, tweede lid, onderdeel c 17 In afwijking van het eerste lid treden de, voor zover dit de certificering betreft,,, alsmede de, en, voor zover zij de bemonstering en analyse van de bodem bij het gebruik van compost betreffen, in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden gesteld. 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 24-03-1998 Artikel 8, tweede lid, en derde lid, is nog niet in werking voor
zover het de certificering betreft. Artikelen 13, tweede lid,
onderdeel c, en 17, is nog niet in werking voor zover zij de
bemonstering en analyse van de bodem bij het gebruik van compost betreffen.
Artikel 41 — Artikel 41#
Artikel 41 Dit besluit kan worden aangehaald als: Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen. 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 1998 86 24-02-1998 30-01-1998 24-03-1998 Artikel 8, tweede lid, en derde lid, is nog niet in werking voor
zover het de certificering betreft. Artikelen 13, tweede lid,
onderdeel c, en 17, is nog niet in werking voor zover zij de
bemonstering en analyse van de bodem bij het gebruik van compost betreffen.
Artikel 1#
artikel 1, eerste lid, onderdeel i