Besluit van 10 november 1998, houdende regels ter uitvoering van de artikelen 7.1, 7.7 en 16.1 van de Telecommunicatiewet (Besluit ONP-geschillenbeslechting)
- BWB-id
- BWBR0009993
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2002-01-01 t/m 2004-05-18
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0009993
- ELI
- /eli/nl/amvb/1998/besluit-onp-geschillenbeslechting
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1998/besluit-onp-geschillenbeslechting/2002-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0009993&g=2002-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0009993&z=2026-06-06&g=2002-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0009993/2002-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1998/besluit-onp-geschillenbeslechting
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: a. Telecommunicatiewet wet:; b. richtlijn 92/44/EEG richtlijn nr. 92/44/EEG richtlijn nr. 97/51/EG Richtlijnen 90/387/EEG 92/44/EEG :van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 5 juni 1992 betreffende de toepassing van Open Network Provision (ONP) op huurlijnen (PbEG L 165), zoals deze laatstelijk is gewijzigd bijvan het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 6 oktober 1997 tot wijziging van deenvan de Raad met het oog op de aanpassing aan een door concurrentie gekenmerkte context in de telecommunicatie (PbEG L 295); c. richtlijn 98/10/EG richtlijn nr. 98/10/EG :van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 26 februari 1998 inzake de toepassing van Open Network Provision (ONP) op spraaktelefonie en inzake de universele telecommunicatiedienst in een door concurrentie gekenmerkt klimaat (PbEG L 101), naar de tekst zoals deze bij die richtlijn is vastgesteld. 1998 634 19-11-1998 10-11-1998 1998 664 03-12-1998 26-11-1998 15-12-1998
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 7.2 van de wet Een belanghebbende die de beëindiging van een aanbod van huurlijnen door een aanbieder van huurlijnen die krachtensdoor het college is aangewezen niet aanvaardt, kan hierover aan het college een oordeel vragen. 2 wet richtlijn 92/44/EEG Een belanghebbende die zegt schade te hebben geleden dan wel schade te kunnen lijden ten gevolge van een schending door een aanbieder van huurlijnen, bedoeld in het eerste lid, van het bij of krachtens debepaalde ter uitvoering van, kan over het betreffende handelen dan wel nalaten door die aanbieder aan het college een oordeel vragen. 3 wet richtlijn 98/10/EG Een belanghebbende die zegt schade te hebben geleden dan wel schade te kunnen lijden ten gevolge van een schending door een aanbieder van een vast openbaar telefoonnetwerk dan wel van een vaste openbare telefoondienst van het bij of krachtens debepaalde ter uitvoering van, kan over het betreffende handelen dan wel nalaten door die aanbieder aan het college een oordeel vragen. 1998 634 19-11-1998 10-11-1998 1998 664 03-12-1998 26-11-1998 15-12-1998
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De termijn voor het indienen van een aanvraag om een oordeel bedraagt zes weken. 2 De termijn vangt aan met ingang van de dag na die waarop a. de beslissing waarover een oordeel wordt gevraagd bij aanvrager bekend is, dan wel b. de schade is ontstaan dan wel redelijkerwijs bij aanvrager bekend kon zijn. 3 artikelen 6:9 6:11 van de Algemene wet bestuursrecht Deenzijn van overeenkomstige toepassing. 1998 634 19-11-1998 10-11-1998 1998 664 03-12-1998 26-11-1998 15-12-1998
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 4:2 van de Algemene wet bestuursrecht De aanvraag om een oordeel bevat de inbedoelde gegevens en vermeldt tevens a. over welke beslissing van de betreffende aanbieder een oordeel wordt gevraagd, dan wel b. over welk handelen dan wel nalaten van de betreffende aanbieder ten gevolge waarvan de aanvrager schade heeft geleden dan wel schade kan lijden een oordeel wordt gevraagd. 1998 634 19-11-1998 10-11-1998 1998 664 03-12-1998 26-11-1998 15-12-1998
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 2 Voor het vragen van een oordeel, bedoeld in, is een vergoeding verschuldigd van a. € 102 indien een oordeel gevraagd wordt door een natuurlijk persoon; b. € 204 indien een oordeel gevraagd wordt anders dan door een natuurlijk persoon. 2 Het college wijst de aanvrager op het verschuldigd zijn van het bedrag en deelt hem mee dat het verschuldigde bedrag binnen vier weken na de dag van verzending van zijn mededeling dient te zijn gestort. Indien het bedrag niet binnen deze termijn is bijgeschreven of gestort, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen, tenzij redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest. 3 De in het eerste lid genoemde bedragen kunnen bij ministeriële regeling worden gewijzigd voorzover het prijsindexcijfer van de gezinsconsumptie daartoe aanleiding geeft. 4 Het oordeel van het college kan inhouden dat de betaalde vergoeding aan de belanghebbende die een oordeel vraagt, door de door het college aangewezen aanbieder van huurlijnen, aanbieder van een vast openbaar telefoonnetwerk onderscheidenlijk aanbieder van een vaste openbare telefoondienst geheel of gedeeltelijk wordt vergoed. 2001 415 04-10-2001 14-09-2001 2001 415 04-10-2001 14-09-2001 01-01-2002
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 1998 634 19-11-1998 10-11-1998 1998 664 03-12-1998 26-11-1998 15-12-1998
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit ONP-geschillenbeslechting. 1998 634 19-11-1998 10-11-1998 1998 664 03-12-1998 26-11-1998 15-12-1998