Besluit van 8 juni 1999, houdende nadere regels betreffende de inrichting van de kamers van toezicht en de uitoefening van haar werkzaamheden, alsmede de reis- en verblijfkosten van haar leden (Besluit kamers van toezicht notariaat)
- BWB-id
- BWBR0010509
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 1999-10-01 t/m 2012-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0010509
- ELI
- /eli/nl/amvb/1999/besluit-kamers-van-toezicht-notariaat
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1999/besluit-kamers-van-toezicht-notariaat/1999-10-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0010509&g=1999-10-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0010509&z=2026-06-06&g=1999-10-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0010509/1999-10-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1999/besluit-kamers-van-toezicht-notariaat
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Wet op het notarisambt In dit besluit wordt verstaan onder «wet»:. 1999 246 22-06-1999 08-06-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 De kamer van toezicht vergadert ten minste één maal per jaar en voorts telkens wanneer de voorzitter zulks nodig acht of ten minste drie leden de voorzitter daarom schriftelijk verzoeken met opgave van de te behandelen onderwerpen. 1999 246 22-06-1999 08-06-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Besluiten kunnen door de kamer van toezicht slechts worden genomen in een vergadering waarin ten minste drie leden aanwezig zijn, onder wie de voorzitter, ten minste één door Onze Minister en één door de ringvergadering benoemd lid. Besluiten worden genomen bij meerderheid van stemmen. Bij staking van stemmen beslist de voorzitter. 1999 246 22-06-1999 08-06-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De kamer van toezicht vergadert en houdt zitting in het gerechtsgebouw waarin de rechtbank zitting houdt in de plaats waar de kamer van toezicht is gevestigd. Indien nodig kan de voorzitter een andere plaats binnen het rechtsgebied van de kamer van toezicht daarvoor aanwijzen. 1999 246 22-06-1999 08-06-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 De kamer van toezicht kan een huishoudelijk reglement vaststellen. 1999 246 22-06-1999 08-06-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikelen 6, tweede lid, onderdeel c, 2°, van de wet artikel 8, tweede lid, van de wet De kamer van toezicht houdt een register, in verband met de afgifte van tuchtrechtelijke verklaringen op grond van deen de verstrekking van inlichtingen in verband met een verzoek om benoeming tot notaris op grond van. Daarin worden de in haar rechtsgebied werkzame kandidaat-notarissen opgenomen met hun namen en de datum en plaats van hun geboorte en daarin wordt tevens aantekening gehouden van de datum van aanvaarding van hun werkzaamheden op een notariskantoor, de naam en plaats van vestiging van dat kantoor en de datum van beëindiging van die werkzaamheden. 2 artikel 103 van de wet In het register wordt aantekening gehouden van de tuchtmaatregelen die de kandidaat-notaris op grond vandoor de kamer van toezicht zijn opgelegd en de datum en het nummer van de daarop betrekking hebbende beslissing. Voorts wordt aantekening gehouden van elke tegen een kandidaat-notaris gerezen bedenking, die door de kamer van toezicht gegrond is verklaard zonder oplegging van een maatregel en de datum en het nummer van de daarop betrekking hebbende beslissing. 3 Indien ten nadele van een kandidaat-notaris bepaalde feiten of omstandigheden ter kennis van de kamer van toezicht zijn gekomen, die naar haar oordeel zouden kunnen leiden tot weigering van een verzoek om benoeming tot notaris, maar die niet hebben geleid tot het opleggen van een tuchtmaatregel of tot gegrondverklaring van een tegen de kandidaat-notaris gerezen bedenking, wordt daarvan in het register aantekening gehouden. Dit geschiedt niet voordat de kandidaat-notaris daarover is gehoord dan wel daartoe behoorlijk is opgeroepen. De oproeping wordt ten minste twee weken voor de dag van het horen verstuurd. In de oproepingsbrief wordt van het feit dat in het register wordt aangetekend melding gemaakt. 4 Indien de in het derde lid bedoelde feiten bij rechterlijke of andere krachtens wettelijk voorschrift genomen ambtelijke beslissing zijn vastgesteld, wordt de kandidaat-notaris daarover door de kamer van toezicht niet gehoord, maar wordt de aantekening van de feiten in het register aan de kandidaat-notaris bekendgemaakt. 5 Uit het register alsmede uit de daaruit te verstrekken uittreksels moet blijken, dat het verhoor of de oproeping daartoe, bedoeld in het derde lid, en de bekendmaking bedoeld in het vierde lid, hebben plaatsgevonden. 1999 246 22-06-1999 08-06-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikel 6, tweede lid, onderdeel c, 2°, van de wet Tuchtrechtelijke verklaringen als bedoeld inworden op aanvraag verstrekt aan de kandidaat-notaris ten behoeve van een door hem in te dienen verzoek om benoeming. 2 artikel 93 van de wet artikel 6, tweede lid, tweede volzin, en het derde lid Andere kamers van toezicht kunnen, in verband met hun taakuitoefening zoals geregeld in, een uittreksel uit het register verkrijgen van de ten aanzien van een kandidaat-notaris genomen tuchtmaatregelen en van de aantekeningen bedoeld in. 3 artikel 6, tweede lid, tweede volzin, en het derde lid De tuchtrechtelijke verklaringen en de uittreksels uit het register, bedoeld in, worden door de voorzitter en de secretaris ondertekend. 1999 246 22-06-1999 08-06-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 De voorzitter of een plaatsvervangend voorzitter en de secretaris of de plaatsvervangend secretaris zijn gezamenlijk bevoegd de kamer van toezicht te vertegenwoordigen. 1999 246 22-06-1999 08-06-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 De leden en de plaatsvervangende leden van de kamer van toezicht ontvangen een vergoeding voor reis- en verblijfkosten overeenkomstig de bepalingen welke te dien aanzien voor de ambtenaren in dienst van het Rijk gelden. 1999 246 22-06-1999 08-06-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 artikel 94, zevende lid, van de wet Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waaropin werking treedt. 1999 246 22-06-1999 08-06-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit kamers van toezicht notariaat. 1999 246 22-06-1999 08-06-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999