Besluit van 9 april 1999, houdende nadere regels inzake het ondernemingsplan en de samenstelling en de werkwijze van de Commissie van deskundigen in verband met de vestiging van een notaris (Besluit ondernemingsplan notaris)
- BWB-id
- BWBR0010398
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2004-08-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0010398
- ELI
- /eli/nl/amvb/1999/besluit-ondernemingsplan-notaris
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1999/besluit-ondernemingsplan-notaris/2004-08-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0010398&g=2004-08-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0010398&z=2026-06-06&g=2004-08-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0010398/2004-08-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1999/besluit-ondernemingsplan-notaris
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Wet op het notarisambt wet: de; b. artikel 6, tweede lid, onderdeel b, onder 4°, van de wet ondernemingsplan: het ondernemingsplan, bedoeld in; c. artikel 7, tweede lid, van de wet Commissie: de Commissie van deskundigen, bedoeld in; d. artikel 8, eerste lid, van de wet plaats van vestiging: de gemeente, bedoeld in. 1999 191 04-05-1999 09-04-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Het ondernemingsplan brengt tot uitdrukking of het voornemen tot vestiging betreft: a. opvolging in een reeds gevestigd solitair kantoor; b. vestiging van een solitair kantoor; c. opvolging in een reeds gevestigd kantoor in associatief verband; d. vestiging in associatief verband met een reeds gevestigd kantoor; e. vestiging van een kantoor in associatief verband; f. wijziging van de plaats van vestiging. 1999 191 04-05-1999 09-04-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Het ondernemingsplan bevat in ieder geval een uitwerking van de volgende onderdelen: a. marktverkenning; b. opzet van de kantoororganisatie; c. resultatenprognose, en d. financieringsplan. 2 Artikel 4:2, tweede lid 4:4 van de Algemene wet bestuursrecht , enzijn van overeenkomstige toepassing. 1999 191 04-05-1999 09-04-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 6, tweede lid, onderdeel b, onder 1°, 2° en 3° van de wet De indiener van het ondernemingsplan verstrekt gegevens en bescheiden waaruit blijkt dat hij voldoet of binnen drie maanden zal voldoen aan de voorwaarden, bedoeld in. 2 Indien na een negatief advies over een ondernemingsplan door dezelfde indiener een nieuw verzoek om advies wordt gedaan dat op dezelfde plaats van vestiging betrekking heeft, is hij gehouden nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden te vermelden. 1999 191 04-05-1999 09-04-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De Commissie bestaat uit een voorzitter en twee leden. 2 De voorzitter en een van de leden bezitten bedrijfseconomische deskundigheid. Het andere lid is notaris. 3 De voorzitter en de leden worden voor een termijn van ten hoogste vier jaar benoemd. Zij kunnen eenmaal herbenoemd worden. 4 Er zijn twee plaatsvervangende leden. Het ene lid bezit bedrijfseconomische deskundigheid, het andere lid is notaris. De voorzitter wordt zo nodig vervangen door het lid dat bedrijfseconomische deskundigheid bezit. 5 De Commissie stelt nadere regels vast omtrent haar eigen werkwijze. 6 In het secretariaat van de Commissie wordt voorzien door het Bureau. 1999 191 04-05-1999 09-04-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Indien de verstrekte gegevens en bescheiden onvoldoende zijn voor de beoordeling van het ondernemingsplan of de voorbereiding van het advies, stelt de Commissie de indiener van het plan alvorens het in behandeling te nemen, in de gelegenheid binnen een door de Commissie gestelde termijn het ondernemingsplan aan te vullen. 1999 191 04-05-1999 09-04-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikel 6 artikel 8, eerste lid De Commissie adviseert over ondernemingsplannen in volgorde van ontvangst, met dien verstande dat indien de indiener krachtensde gelegenheid heeft gehad het ondernemingsplan aan te vullen, de dag waarop het ondernemingsplan is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken, als datum van ontvangst geldt voor de toepassing van deze bepaling alsmede voor de toepassing van. 1999 191 04-05-1999 09-04-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 De Commissie adviseert binnen drie maanden na datum van ontvangst van het ondernemingsplan. 2 artikel 7, tweede lid, van de wet De Commissie kan de KNB en het Bureau verzoeken binnen een bepaalde termijn de inlichtingen, bedoeld in, te verstrekken. 3 De Commissie kan de indiener van het ondernemingsplan in de gelegenheid stellen het plan ter vergadering toe te lichten. 1999 191 04-05-1999 09-04-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 De Commissie geeft een negatief advies indien: a. artikel 7, eerste lid, van de wet het ondernemingsplan niet voldoet aan; b. artikel 4 de indiener van het plan niet voldoet aan; c. de indiener van het plan onjuiste gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van deze gegevens tot een onjuist advies over het plan zou hebben geleid. 1999 191 04-05-1999 09-04-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 Indien de Commissie een positief advies uitbrengt, kan de Commissie de indiener van het ondernemingsplan in kennis stellen van een eerder uitgebracht advies dat op dezelfde plaats van vestiging betrekking heeft. 2 De kennisgeving vermeldt geen naam en adres van de indiener van het eerdere ondernemingsplan. 3 De indiener van het ondernemingsplan aan wie de kennisgeving wordt gedaan is tot geheimhouding daarvan verplicht. 1999 191 04-05-1999 09-04-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 De Commissie brengt jaarlijks voor 1 april aan Onze Minister van Justitie een verslag van werkzaamheden uit over het afgelopen kalenderjaar. 1999 191 04-05-1999 09-04-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 11a — Artikel 11a#
Artikel 11a 1 De kosten van de advisering door de Commissie worden op basis van de integrale kostprijs berekend. Bij de berekening worden bedrijfseconomisch aanvaarde uitgangspunten in acht genomen. De kosten worden door het secretariaat van de Commissie in rekening gebracht. 2 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de berekening van de kosten en kunnen de aan de verzoeker in rekening te brengen kosten worden vastgesteld. 2004 266 22-06-2004 16-06-2004 2004 213 25-05-2004 13-05-2004 29212 01-08-2004 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Reparatiewet Wet op
het notarisambt in werking treedt.
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 artikel 7 110, tweede lid, van de wet Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waaropenin werking treden. 1999 191 04-05-1999 09-04-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit ondernemingsplan notaris. 1999 191 04-05-1999 09-04-1999 1999 382 14-09-1999 06-09-1999 01-10-1999