Besluit van 10 december 1999 tot wijziging van enkele algemene maatregelen van bestuur in verband met onder meer de uitvoering van het Akkoord arbeidsvoorwaarden 1997-1999 sector Rechterlijke Macht
- BWB-id
- BWBR0010957
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 1999-12-22 t/m 2023-06-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0010957
- ELI
- /eli/nl/amvb/1999/wijzigingsbesluit-enkele-algemene-maatregelen-van-bestuur-ui
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/1999/wijzigingsbesluit-enkele-algemene-maatregelen-van-bestuur-ui/1999-12-22
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0010957&g=1999-12-22
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0010957&z=2026-06-06&g=1999-12-22
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0010957/1999-12-22
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/1999/wijzigingsbesluit-enkele-algemene-maatregelen-van-bestuur-ui
Artikel I — Artikel I#
Artikel I Wijzigt het Besluit eindejaarsuitkering rechterlijke ambtenaren. 1999 540 21-12-1999 10-12-1999 1999 540 21-12-1999 10-12-1999 22-12-1999 01-04-1997 Artikelen I en II werken terug tot en met 1 april 1997. Artikel
V werkt terug tot en met 1 januari 1998.
Artikel II — Artikel II#
Artikel II Wijzigt het Besluit onkostenvergoeding rechterlijke ambtenaren. 1999 540 21-12-1999 10-12-1999 1999 540 21-12-1999 10-12-1999 22-12-1999 01-04-1997 Artikelen I en II werken terug tot en met 1 april 1997. Artikel
V werkt terug tot en met 1 januari 1998.
Artikel III — Artikel III#
Artikel III Wijzigt het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren. 1999 540 21-12-1999 10-12-1999 1999 540 21-12-1999 10-12-1999 22-12-1999 Artikelen I en II werken terug tot en met 1 april 1997. Artikel
V werkt terug tot en met 1 januari 1998.
Artikel IV — Artikel IV#
Artikel IV Besluit onkostenvergoeding rechterlijke ambtenaren artikelen 1, derde lid, onderdeel a 2, tweede lid, onderdelen a en b, van het Besluit onkostenvergoeding rechterlijke ambtenaren De algemene onkostenvergoeding als bedoeld in hetbedraagt voor de president van de Hoge Raad, de procureur-generaal bij de Hoge Raad onderscheidenlijk de procureurs-generaal bij de gerechtshoven gedurende de periode van 1 april 1997 tot en met 31 mei 1999, in afwijking van de, enzoals deze gedurende laatstbedoelde periode luidden, f 7140,00, f 7140,00 onderscheidenlijk f 6880,00 per jaar. 1999 540 21-12-1999 10-12-1999 1999 540 21-12-1999 10-12-1999 22-12-1999 Artikelen I en II werken terug tot en met 1 april 1997. Artikel
V werkt terug tot en met 1 januari 1998.
Artikel V — Artikel V#
Artikel V 1 Indien het belang van de dienst zich daartegen niet verzet, kan de functionele autoriteit zowel in 1998 als in 1999 eenmaal op verzoek van de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding het aantal uren dat de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding in dat jaar wekelijks gemiddeld meer werkt dan zijn arbeidsduur gemiddeld per week bedraagt en hij deswege met een maximum van vier per week opspaart, verlagen. 2 Het aantal uren waarmee het totale aantal in een jaar opgespaarde uren kan worden verlaagd, bedraagt voor de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding met een volledige taak ten hoogste 32 uren. Voor een rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding met een gedeeltelijke taak kan het totale aantal in een jaar opgespaarde uren met ten hoogste een in evenredigheid lager aantal uren worden verlaagd. Het totale aantal in een jaar opgespaarde uren kan alleen worden verlaagd met een aantal uren dat deelbaar is door het getal vier. 3 Onze Minister stelt vast voor welke datum verzoeken als bedoeld in het eerste lid kunnen worden ingediend. 4 De functionele autoriteit beslist op of na de in het derde lid bedoelde datum gelijktijdig op de voor die datum ingediende verzoeken. 5 De rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding ontvangt voor elk uur waarmee zijn totale aantal in een jaar opgespaarde uren overeenkomstig het eerste en tweede lid wordt verlaagd, een vergoeding ten bedrage van het salaris per uur dat hij geniet op de door Onze Minister krachtens het derde lid vastgestelde datum. 1999 540 21-12-1999 10-12-1999 1999 540 21-12-1999 10-12-1999 22-12-1999 01-01-1998 Artikelen I en II werken terug tot en met 1 april 1997. Artikel
V werkt terug tot en met 1 januari 1998.
Artikel VI — Artikel VI#
Artikel VI Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug als volgt: a. artikelen I II wat deenbetreft: tot en met 1 april 1997; b. artikel V watbetreft: tot en met 1 januari 1998. 1999 540 21-12-1999 10-12-1999 1999 540 21-12-1999 10-12-1999 22-12-1999 Artikelen I en II werken terug tot en met 1 april 1997. Artikel
V werkt terug tot en met 1 januari 1998.