Besluit van 14 oktober 1999 tot het stellen van nadere regels met betrekking tot voorzieningen ten behoeve van remigratie (Besluit voorzieningen Remigratiewet)
- BWB-id
- BWBR0010773
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Geldigheid
- 2013-01-01 t/m 2014-06-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0010773
- ELI
- /eli/nl/amvb/2000/besluit-voorzieningen-remigratiewet
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2000/besluit-voorzieningen-remigratiewet/2013-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0010773&g=2013-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0010773&z=2026-06-06&g=2013-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0010773/2013-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2000/besluit-voorzieningen-remigratiewet
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Remigratiewet wet: de; b. artikel 4, eerste lid, van de wet artikel 4, tweede lid, van de wet remigratievoorzieningen: de periodieke uitkering, bedoeld inen de voorziening, bedoeld in; c. artikel 4, eerste lid, van de wet remigratie-uitkering: de periodieke uitkering, bedoeld in. 2 artikelen 7, derde lid 11 14, vijfde, zesde en zevende lid 15, eerste, tweede, derde en vierde lid 17, tweede lid artikel 1, tweede lid, van de wet Onder partner wordt in de,,,, en, mede verstaan de partner, bedoeld in. 3 artikelen 7, derde lid 15, vierde lid 16, eerste en derde lid 17, tweede lid artikel 1, derde lid, van de wet Onder kind wordt in de,,, en, mede verstaan het kind, bedoeld in. 2005 690 22-12-2005 15-12-2005 2006 166 31-03-2006 22-03-2006 01-04-2006 01-01-2006
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 3, eerste lid, onderdeel a, van de wet De kosten van het vervoer van de remigrant, zijn partner en hun kinderen, bedoeld inworden vergoed overeenkomstig de door Onze Minister vast te stellen normbedragen. 2 artikel 3, tweede lid, onderdeel a, van de wet De kosten van het vervoer van de bagage, bedoeld inworden vergoed, voor zover die bagage de door Onze Minister vast te stellen omvang niet te boven gaat en overeenkomstig de door Onze Minister vast te stellen normbedragen. 3 De normbedragen, bedoeld in het eerste en tweede lid, kunnen per bestemmingsland verschillend worden vastgesteld. 1999 446 28-10-1999 14-10-1999 2000 129 28-03-2000 15-03-2000 01-04-2000
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 3, tweede lid, onderdelen b en c, van de wet De kosten van het vervoer van een bedrijfsinventaris, of de kosten van het vervoer van een personenauto of andere hulpmiddelen voor een gehandicapte naar het bestemmingsland tot de plaats van bestemming, bedoeld inworden vergoed overeenkomstig de werkelijk gemaakte kosten tot de door Onze Minister vast te stellen maximale bedragen. 2 Onze Minister kan bepalen welke kosten als kosten van vervoer als bedoeld in het eerste lid, worden beschouwd. 1999 446 28-10-1999 14-10-1999 2000 129 28-03-2000 15-03-2000 01-04-2000
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 3, eerste lid De opslagkosten van de goederen, bedoeld in, in het bestemmingsland worden vergoed overeenkomstig de werkelijk gemaakte kosten tot een door Onze Minister vast te stellen maximaal bedrag per dag voor een periode van maximaal 14 dagen, de periode van kosteloze opslag daaronder begrepen. 1999 446 28-10-1999 14-10-1999 2000 129 28-03-2000 15-03-2000 01-04-2000
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 3, eerste lid, onderdeel b, van de wet In de kosten van hervestiging na aankomst in het bestemmingsland, bedoeld in, wordt tegemoet gekomen overeenkomstig een bedrag dat gelijk is aan tweemaal de hoogte van de remigratie-uitkering gedurende de eerste maand van verblijf in het bestemmingsland. 2 Een remigrant aan wie een remigratie-uitkering is verstrekt heeft geen recht op een tegemoetkoming in de kosten van hervestiging in het bestemmingsland als bedoeld in het eerste lid. 1999 446 28-10-1999 14-10-1999 2000 129 28-03-2000 15-03-2000 01-04-2000
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikelen 2 3 4 artikel 5 Onze Minister stelt regels over de wijze en het tijdstip waarop de in de,enbedoelde vergoedingen en de inbedoelde tegemoetkoming in de kosten van hervestiging worden uitbetaald. 1999 446 28-10-1999 14-10-1999 2000 129 28-03-2000 15-03-2000 01-04-2000
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikel 4, eerste lid, van de wet Onze Minister stelt het bruto bedrag vast van de remigratie-uitkering, bedoeld in. 2 De hoogte van het bruto bedrag, bedoeld in het eerste lid, kan per bestemmingsland verschillend worden vastgesteld. 3 De hoogte van het bruto bedrag, bedoeld in het eerste lid, is verschillend al naar gelang er sprake is van een alleenstaande remigrant, een remigrant met partner, dan wel van een alleenstaande remigrant met een kind. 4 De hoogte van het bruto bedrag, bedoeld in het eerste lid, kan verschillend zijn: a. afhankelijk van de loonheffing die op de remigratie-uitkering moet worden ingehouden, waarbij: 1° artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet artikel 22 van de Wet op de loonbelasting 1964 voor personen die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in, nog niet hebben bereikt uitsluitend rekening wordt gehouden met de algemene heffingskorting, bedoeld in, en 2° artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet artikelen 22 22b 22c van de Wet op de loonbelasting 1964 voor personen die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in, hebben bereikt rekening wordt gehouden met de algemene heffingskorting, de ouderenkorting en de aanvullende ouderenkorting, bedoeld in de,respectievelijk; b. al naar gelang er wel of niet een verzekering tegen ziektekosten is gesloten. 5 artikelen 14 15, tweede lid 17 Voor de vraag op welk bruto bedrag van de remigratie-uitkering op grond van het derde lid aanspraak bestaat is bepalend de toestand op de datum van vertrek uit Nederland, een en ander onverminderd de,, en. 2012 362 08-08-2012 02-08-2012 2012 329 18-07-2012 12-07-2012 01-01-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I van de Wet verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd in werking treedt.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 artikel 7 artikel 38, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Wet werk en bijstand De vastgestelde bruto bedragen, bedoeld in, worden door Onze Minister jaarlijks aangepast aan de hand van de helft van het percentage waarmee de bijstandsnormen in het voorafgaande kalenderjaar met toepassing vanzijn gewijzigd. 2 artikel 7 De vastgestelde bruto bedragen, bedoeld in, kunnen door Onze Minister worden aangepast op het moment dat een wijziging optreedt in de in te houden loonheffing. 2008 326 19-08-2008 26-07-2008 2008 326 19-08-2008 26-07-2008 20-08-2008
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 De remigratie-uitkering wordt per maand uitbetaald. 2 Indien de maandelijkse remigratie-uitkering, bedoeld in het eerste lid, minder dan € 22,69 bedraagt, kan de som van de remigratie-uitkeringen eenmaal per jaar worden uitbetaald. 2001 415 04-10-2001 14-09-2001 2001 415 04-10-2001 14-09-2001 01-01-2002
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 artikel 4, tweede lid, van de wet In de kosten van het sluiten van een verzekering tegen ziektekosten in het bestemmingsland als bedoeld inwordt tegemoet gekomen met een door Onze Minister vast te stellen bruto bedrag. 2 artikelen 7, derde, vierde en vijfde lid 8, tweede lid De, en, is van overeenkomstige toepassing op het bedrag, bedoeld in het eerste lid. 3 Het bedrag, bedoeld in het eerste lid, wordt per maand uitbetaald. 2005 690 22-12-2005 15-12-2005 2006 166 31-03-2006 22-03-2006 01-04-2006 01-01-2006
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten Algemene Ouderdomswet Algemene nabestaandenwet Toeslagenwet Op de remigratie-uitkering wordt in mindering gebracht het bruto bedrag van de uitkeringen of inkomensvoorziening op grond van de, de, de, de, de, de, de, waarop de remigrant of zijn partner over het uitkeringstijdvak aanspraak heeft. 2 Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen Op de remigratie-uitkering wordt niet in mindering gebracht het bruto bedrag van de tegemoetkoming op grond van de, waarop de remigrant of zijn partner over het uitkeringstijdvak aanspraak heeft. 3 Algemene nabestaandenwet artikel 29a van die wet In het bruto-bedrag van een uitkering op grond van dewordt niet begrepen de tegemoetkoming op grond van. 2011 260 31-05-2011 24-05-2011 2011 259 31-05-2011 24-05-2011 01-06-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen in werking treedt.
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 artikelen 3 4 5 11 van de wet Om voor de voorzieningen, bedoeld in de,,en, in aanmerking te komen dient de remigrant een aanvraag in bij de SVB. 2 Op een aanvraag wordt binnen vier maanden beslist. 1999 446 28-10-1999 14-10-1999 2000 129 28-03-2000 15-03-2000 01-04-2000
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 artikelen 3 4, eerste en tweede lid, van de wet Indien de remigrant, en voor zover van toepassing, zijn partner en kinderen niet binnen een termijn van zes maanden na de datum van de beschikking tot toekenning van de voorzieningen, bedoeld in deen, zijn geremigreerd, kan de beschikking geheel of gedeeltelijk worden ingetrokken, tenzij de remigrant of zijn partner van de overschrijding van die termijn redelijkerwijs geen verwijt kan worden gemaakt. 2005 690 22-12-2005 15-12-2005 2006 166 31-03-2006 22-03-2006 01-04-2006 01-01-2006
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 Het recht op de remigratievoorzieningen gaat in op de eerste dag na die van vertrek van de remigrant naar het bestemmingsland. 2 Het recht op de remigratievoorzieningen gaat in ieder geval niet eerder in dan op de eerste dag van de maand na die waarop het besluit op de aanvraag is genomen. 3 De SVB kan het tweede lid buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing, gelet op het belang van de remigrant, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. 4 artikel 4, derde en vierde lid artikel 11, eerste lid, van de wet Het recht op de voorzieningen, bedoeld in, engaat in op de eerste dag van de maand waarin de aanvraag is ingediend. 5 artikel 5, eerste lid, van de wet Het recht van de partner op de voorziening, bedoeld ingaat in op de eerste dag van de maand waarin de remigrant is opgehouden met zijn partner een gezamenlijke huishouding te voeren. 6 artikel 5, tweede lid, van de wet Het recht op de voorziening, bedoeld ingaat in op de eerste dag van de tweede maand, volgende op de maand waarin de remigrant of zijn partner is overleden. 7 artikel 5, derde lid, van de wet Het recht op de voorziening, bedoeld ingaat in op de eerste dag van de tweede maand, volgende op de maand waarin de remigrant en zijn partner niet meer in leven zijn. 2005 690 22-12-2005 15-12-2005 2006 166 31-03-2006 22-03-2006 01-04-2006 01-01-2006
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 artikelen 4 11, eerste lid, van de wet Het recht op de voorzieningen, bedoeld in deenvervalt met ingang van de eerste dag van de tweede maand, volgende op de maand van overlijden van de remigrant of zijn partner. 2 artikelen 4 11, eerste lid, van de wet Het recht op de voorzieningen, bedoeld in deenwordt omgezet in een recht op de voorzieningen, bedoeld in die artikelen, als ware de remigrant een alleenstaande remigrant met ingang van de eerste dag van de maand, waarin de remigrant is opgehouden met zijn partner een gezamenlijke huishouding te voeren. 3 artikel 5, eerste en tweede lid, van de wet Het recht op de voorzieningen, bedoeld invervalt met ingang van de eerste dag van de tweede maand, volgende op de maand van overlijden van de remigrant of zijn partner. 4 Na het overlijden van de personen, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, worden de nog verschuldigde voorzieningen verstrekt aan: a. de partner of aan de remigrant, of indien deze er niet zijn, aan b. de kinderen of indien deze er niet zijn, aan c. de persoon of personen die daarvoor naar het oordeel van de SVB op billijkheidsoverwegingen in aanmerking komt, onderscheidenlijk komen, mits deze binnen zes maanden na het overlijden een daartoe strekkend verzoek bij de SVB heeft, onderscheidenlijk hebben ingediend. 2005 690 22-12-2005 15-12-2005 2006 166 31-03-2006 22-03-2006 01-04-2006 01-01-2006
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 1 artikel 5, derde lid, van de wet Met ingang van de eerste dag van de tweede maand, volgend op de maand van overlijden van een kind dan wel met ingang van de eerste dag van de maand, volgend op de maand waarin een kind niet langer minderjarig is, vervalt zijn evenredig deel van het recht op de helft van de voorzieningen, bedoeld in. 2 Na het overlijden van de kinderen, bedoeld in het eerste lid, worden de nog verschuldigde voorzieningen verstrekt aan de persoon of personen die daarvoor naar het oordeel van de SVB op billijkheidsoverwegingen in aanmerking komt, onderscheidenlijk komen, mits deze binnen zes maanden na het overlijden een daartoe strekkend verzoek bij de SVB heeft, onderscheidenlijk hebben ingediend. 2005 690 22-12-2005 15-12-2005 2006 166 31-03-2006 22-03-2006 01-04-2006 01-01-2006
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 1 In geval twee alleenstaande remigranten die ieder afzonderlijk recht hebben op de remigratievoorzieningen met elkaar huwen of hun partnerschap laten registreren, of een gezamenlijke huishouding gaan voeren, waarbij betrokkenen hun hoofdverblijf hebben in dezelfde woning, en er geen bloedverwantschap is in de eerste graad, worden de twee afzonderlijke rechten op de remigratievoorzieningen omgezet in een recht op de remigratievoorzieningen als waren zij een remigrant en partner. 2 Indien de alleenstaande remigrant of de alleenstaande partner geen kinderen meer heeft worden de remigratievoorzieningen aan de gewijzigde omstandigheden aangepast. 3 De aanpassingen, bedoeld in het eerste en tweede lid, gaan in op de eerste dag van de maand na die waarin de wijziging der omstandigheden plaatsvond. 1999 446 28-10-1999 14-10-1999 2000 129 28-03-2000 15-03-2000 01-04-2000
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Vervallen 2005 690 22-12-2005 15-12-2005 2006 166 31-03-2006 22-03-2006 01-04-2006 01-01-2006
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Artikel 8, eerste lid , is niet van toepassing op personen die voor de dag van inwerkingtreding van deze wet zijn geremigreerd. 1999 446 28-10-1999 14-10-1999 2000 129 28-03-2000 15-03-2000 01-04-2000
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de wet in werking treedt. 1999 446 28-10-1999 14-10-1999 2000 129 28-03-2000 15-03-2000 01-04-2000
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit voorzieningen Remigratiewet. 1999 446 28-10-1999 14-10-1999 2000 129 28-03-2000 15-03-2000 01-04-2000