Besluit van 8 juli 2000 tot vaststelling van een algemene maatregel van bestuur houdende nieuwe regels betreffende de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid ingevolge de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten)
- BWB-id
- BWBR0011478
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-07-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0011478
- ELI
- /eli/nl/amvb/2000/schattingsbesluit-arbeidsongeschiktheidswetten
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2000/schattingsbesluit-arbeidsongeschiktheidswetten/2024-07-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0011478&g=2024-07-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0011478&z=2026-06-06&g=2024-07-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0011478/2024-07-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2000/schattingsbesluit-arbeidsongeschiktheidswetten
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In dit besluit wordt verstaan onder: a. Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering WAO:; b. Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen Waz:; c. Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten Wajong:; d. Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Wet WIA:; e. Ziektewet ZW:; f. ZW Wet WIA WAO verzekerde: de verzekerde in de zin van de, deof de; g. artikelen 1a:1 2:3 3:2 van de Wajong jonggehandicapte: de jonggehandicapte, bedoeld in de,en; h. artikel 1 van het Dagloonbesluit werknemersverzekeringen aangiftetijdvak: aangiftetijdvak, bedoeld in; i. artikel 13 van het Dagloonbesluit werknemersverzekeringen refertejaar: refertejaar, bedoeld in; j. artikel 18, eerste lid, van de WAO artikelen 2:2, eerste lid 3:1, eerste lid, van de Wajong artikel 19aa, vijfde lid, van de ZW artikel 1, onder maatmaninkomen, van de Wet WIA maatgevende arbeid: uitgeoefende arbeid door gezonde personen met soortgelijke opleiding en ervaring, als bedoeld in, de, en,, en in; k. loondervingsuitkeringen: 1°. Werkloosheidswet uitkeringen op grond van de; 2°. Ziektewet uitkeringen op grond van de; 3°. artikel 629 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek artikel 76a van de Ziektewet hetgeen wordt genoten op grond vanof de bezoldiging op grond van; 4°. artikelen 6 51 131 van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers uitkeringen op grond van de,en; 5°. artikel 6, eerste lid, onderdeel a of onderdeel b, van de Ziektewet artikel 6, eerste lid, onderdeel a of onderdeel b, van de Werkloosheidswet die wet uitkeringen bij ziekte of werkloosheid op grond van een regeling welke geldt voor personen die op grond vanonderscheidenlijk, niet ingevolgeverzekerd zijn; 6°. artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet een uit een dienstbetrekking voortvloeiende periodieke uitkering bij wijze van oudedagsvoorziening, dan wel een uitkering die voorafgaat aan die uitkering of het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in; 7°. uitkeringen op grond van de wetgeving van Aruba, Curaçao, Sint Maarten, of van Nederland ten behoeve van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, een andere Mogendheid of een volkenrechtelijke organisatie die naar aard en strekking overeenkomen met de uitkeringen, bedoeld onder 1° tot en met 6°; 8°. Wet WIA WAO Waz Wajong uitkeringen en inkomensvoorzieningen op grond van de, de, deen deen arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, die daarmee naar hun strekking overeenkomen; l. artikel 8, eerste lid, onderdeel a, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag minimumloon per uur: het bedrag, bedoeld in. 2023 240 30-06-2023 27-06-2023 2023 247 07-07-2023 27-06-2023 01-01-2024 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet invoering
minimumuurloon in werking treedt.
Artikel 1a — Artikel 1a Geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie#
Artikel 1a Geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie 1 artikelen 1a:1, eerste lid 2:4, eerste lid 3:8a, eerste lid, van de Wajong Betrokkene heeft geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie als bedoeld in de,, en, indien hij: a. geen taak kan uitvoeren in een arbeidsorganisatie; b. niet over basale werknemersvaardigheden beschikt; c. niet aaneengesloten kan werken gedurende ten minste een periode van een uur; of d. niet ten minste vier uur per dag belastbaar is, tenzij hij ten minste twee uur per dag belastbaar is en in staat is per uur ten minste een bedrag te verdienen dat gelijk is aan het minimumloon per uur. 2 Een taak als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, is de kleinste eenheid van een functie en bestaat uit één of meerdere handelingen. 3 Bij ministeriële regeling kunnen met betrekking tot het eerste lid nadere regels worden gesteld. 2014 359 16-10-2014 08-10-2014 2014 359 16-10-2014 08-10-2014 01-01-2015
Artikel 2 — Artikel 2 De arbeidsongeschiktheidsbeoordeling#
Artikel 2 De arbeidsongeschiktheidsbeoordeling 1 WAO Waz hoofdstukken 2 3 van de Wajong hoofdstukken 1a ZW Wet WIA De arbeidsongeschiktheidsbeoordeling, bedoeld in de, deen deen, de beoordeling van duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben als bedoeld in de, 2 en 3, van de Wajong, de beoordeling van het percentage van het maatmaninkomen dat de verzekerde kan verdienen, bedoeld in deen de beoordeling van volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid of de mate van gedeeltelijke arbeidsgeschiktheid, bedoeld in de, worden gebaseerd op een verzekeringsgeneeskundig onderzoek en een arbeidsdeskundig onderzoek. 2 Van het arbeidsdeskundig onderzoek kan worden afgezien: a. gedurende de periode waarin uit het verzekeringsgeneeskundig onderzoek blijkt dat betrokkene geen benutbare mogelijkheden heeft; b. indien uit het verzekeringsgeneeskundig onderzoek blijkt dat betrokkene benutbare mogelijkheden heeft maar dat hij die mogelijkheden naar verwachting binnen drie maanden zal verliezen, en dit verlies in een verzekeringsgeneeskundig onderzoek wordt vastgesteld; c. indien uit verzekeringsgeneeskundig onderzoek blijkt dat betrokkene benutbare mogelijkheden heeft maar dat hij wegens zijn terminale ziekte een zodanig slechte levensverwachting heeft dat hij die mogelijkheden naar verwachting binnen afzienbare termijn zal verliezen, en dit verlies in een verzekeringsgeneeskundig onderzoek wordt vastgesteld; d. indien uit verzekeringsgeneeskundig onderzoek blijkt dat betrokkene zodanig wisselend belastbaar is voor arbeid dat betrokkene geen benutbare mogelijkheden heeft. 3 Indien uit het verzekeringsgeneeskundig onderzoek blijkt dat betrokkene geen benutbare mogelijkheden heeft maar betrokkene die mogelijkheden naar verwachting na verloop van een periode wel zal hebben, vindt na verloop van die periode opnieuw een verzekeringsgeneeskundig onderzoek plaats. 4 Het wisselend belastbaar zijn voor arbeid, bedoeld in het tweede lid, onderdeel d, wordt ten minste drie maal in een verzekeringsgeneeskundig onderzoek vastgesteld. 5 Benutbare mogelijkheden als bedoeld in het tweede tot en met het vierde lid zijn alleen dan niet aanwezig indien: a. artikel 1, eerste lid, onderdeel f, van de Wet toelating zorginstellingen Wet langdurige zorg betrokkene is opgenomen in een ziekenhuis of in een instelling als bedoeld indie zorg verleent waarop aanspraak bestaat ingevolge de, met uitzondering van een inrichting waar geestelijk gestoorde delinquenten van overheidswege verpleegd worden; b. betrokkene bedlegerig is; c. betrokkene voor het uitvoeren van activiteiten van het dagelijks leven dermate afhankelijk is dat hij lichamelijk niet zelfredzaam is; of d. betrokkene als gevolg van een ernstige psychische stoornis in zijn zelfverzorging, in zijn directe samenlevingsverband alsook in zijn sociale contacten, waaronder zijn werkrelaties, niet of dermate minimaal functioneert dat hij psychisch niet zelfredzaam is. 6 Van het arbeidsdeskundig onderzoek kan worden afgezien indien de verzekeringsarts vaststelt dat betrokkene niet ongeschikt is tot het verrichten van zijn laatstelijk uitgeoefende arbeid. 7 Bij ministeriële regeling kunnen met betrekking tot dit artikel nadere regels worden gesteld. 2014 520 18-12-2014 09-12-2014 2014 521 18-12-2014 09-12-2014 01-01-2015 2014 359 16-10-2014 08-10-2014 2014 359 16-10-2014 08-10-2014 01-01-2015
Artikel 2a — Artikel 2a artikel 8:10b van de Wajong Eenmalige afwijkende beoordeling op grond van#
Artikel 2a artikel 8:10b van de Wajong Eenmalige afwijkende beoordeling op grond van 1 artikel 2, eerste lid artikel 8:10b van de Wajong hoofdstuk 3 van de Wajong In afwijking van, kan bij de vaststelling, bedoeld in, of een jonggehandicapte met een recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond vanmet een mate van arbeidsongeschiktheid van 80% of meer, geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft, worden afgezien van verzekeringsgeneeskundig en arbeidsdeskundig onderzoek, indien deze vaststelling op basis van reeds beschikbare gegevens mogelijk is. 2 Van verzekeringsgeneeskundig en arbeidsdeskundig onderzoek wordt in ieder geval afgezien, indien: a. de jonggehandicapte op of na 1 januari 2008: 1°. arbeid in een dienstbetrekking verrichtte; 2°. inkomen als zelfstandige verwierf; 3°. deelnam aan activiteiten of werkzaamheden gericht op zijn inschakeling in arbeid; 4°. artikel 3:9 van de Wajong een verhoogde arbeidsongeschiktheidsuitkering ontving op grond van; of 5°. Wet sociale werkvoorziening blijkens een indicatiebeschikking of herindicatiebeschikking tot de doelgroep behoorde van de, of blijkens een op of na 1 januari 2008 genomen beschikking van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen niet tot die doelgroep behoorde; b. de jonggehandicapte op of na 1 juli 2014 op eigen verzoek begeleiding van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kreeg, gericht op arbeidsparticipatie; of c. de mogelijkheden tot arbeidsparticipatie kunnen worden beoordeeld aan de hand van op of na 1 januari 2008 in het dossier van de jonggehandicapte opgenomen gegevens over: 1°. arbeid die de jonggehandicapte verrichtte, een gevolgde opleiding of een traject gericht op de inschakeling in arbeid; 2°. de mogelijkheden en beperkingen van de jonggehandicapte, welke door een verzekeringsarts zijn vastgesteld; 3°. het voornemen de jonggehandicapte op enig moment nogmaals te beoordelen; 4°. de aanwezigheid van een progressieve ziekte; of 5°. Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten het verrichten van activiteiten in het kader van dagbesteding in de zin van de. 3 Indien wordt afgezien van verzekeringsgeneeskundig of arbeidsdeskundig onderzoek op grond van het eerste of tweede lid wordt voorafgaand aan de vaststelling of de jonggehandicapte geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft alsnog verzekeringsgeneeskundig of arbeidsdeskundig onderzoek verricht, indien de jonggehandicapte aangeeft dat de reeds beschikbare gegevens, bedoeld in het eerste lid, onvolledig of onjuist zijn en als gevolg daarvan vaststelling zonder verzekeringsgeneeskundig of arbeidsdeskundig onderzoek niet mogelijk is. 4 Bij ministeriële regeling kunnen ten aanzien van het eerste en tweede lid nadere regels worden gesteld met betrekking tot de beoordeling van het geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben. 2014 359 16-10-2014 08-10-2014 2014 359 16-10-2014 08-10-2014 01-01-2015
Artikel 3 — Artikel 3 Doel verzekeringsgeneeskundig onderzoek#
Artikel 3 Doel verzekeringsgeneeskundig onderzoek 1 Het verzekeringsgeneeskundig onderzoek strekt ertoe vast te stellen of betrokkene ten gevolge van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling ongeschikt is tot werken. 2 Daarbij onderzoekt de verzekeringsarts of bij betrokkene sprake is van vermindering of verlies van lichamelijke of psychische structuur of functie, die vermindering of verlies van normale gedragingen en activiteiten en van normale sociale rolvervulling tot gevolg heeft. 3 Tevens stelt de verzekeringsarts vast welke beperkingen betrokkene in zijn functioneren in arbeid ondervindt ten gevolge van het verlies of vermindering van vermogens, bedoeld in het tweede lid, alsmede in welke mate betrokkene belastbaar is voor arbeid. 4 hoofdstukken 1a 3 van de Wajong hoofdstuk 2 van de Wajong Wet WIA De verzekeringsarts stelt bij een beoordeling van het duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben, bedoeld in deen, van de volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid, bedoeld in, en van de volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid, bedoeld in de, vast of de gevolgen van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling waardoor de betrokkene ongeschikt is tot werken duurzaam zijn. 2014 359 16-10-2014 08-10-2014 2014 359 16-10-2014 08-10-2014 01-01-2015
Artikel 4 — Artikel 4 Kwaliteitseisen verzekeringsgeneeskundig onderzoek#
Artikel 4 Kwaliteitseisen verzekeringsgeneeskundig onderzoek 1 Het verzekeringsgeneeskundig onderzoek voldoet aan de volgende vereisten: a. de gebruikte onderzoeksmethoden, argumentatie, bevindingen en conclusies van het verzekeringsgeneeskundig onderzoek worden schriftelijk vastgelegd; b. een door een andere verzekeringsarts uitgevoerd verzekeringsgeneeskundig onderzoek zal tot dezelfde bevindingen en conclusies kunnen leiden; c. de redeneringen en conclusies van het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zijn vrij van innerlijke tegenspraak. 2 artikel 3 De vaststellingen en het onderzoek, bedoeld in, geschieden aan de hand van algemeen aanvaarde verzekeringsgeneeskundige onderzoeksmethoden die gericht zijn op het kunnen vaststellen van ongeschiktheid tot werken als gevolg van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling. 2000 307 25-07-2000 08-07-2000 2000 307 25-07-2000 08-07-2000 26-07-2000
Artikel 5 — Artikel 5 Doel arbeidsdeskundig onderzoek#
Artikel 5 Doel arbeidsdeskundig onderzoek 1 Het arbeidsdeskundig onderzoek strekt tot vaststelling van: a. artikel 18 van de WAO artikel 2 van de Waz artikel 3:1 van de Wajong de mate van arbeidsongeschiktheid, bedoeld in, zoals dit artikel luidt sinds 1 augustus 1993,en; b. artikel 2:5, eerste lid, van de Wajong volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid als bedoeld in; c. artikelen 1a:1 3:8a 8:10b van de Wajong duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben als bedoeld in de,en; d. artikel 4 van de Wet WIA volledige arbeidsongeschiktheid als bedoeld in; of e. artikel 5 van de Wet WIA artikel 2:5, eerste lid, van de Wajong artikel 19aa, eerste lid, onderdeel b, van de ZW de mate van gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid, bedoeld in, en de beoordeling van wat iemand met arbeid kan verdienen, bedoeld in, en. 2 Bij het onderzoek, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a, d en e, wordt het maatmaninkomen per uur van betrokkene vergeleken met hetgeen hij met arbeid kan verdienen. 2014 359 16-10-2014 08-10-2014 2014 359 16-10-2014 08-10-2014 01-01-2015
Artikel 6 — Artikel 6 WAO Wet WIA Waz hoofdstukken 2 3 van de Wajong Maatmaninkomen,,en deen#
Artikel 6 WAO Wet WIA Waz hoofdstukken 2 3 van de Wajong Maatmaninkomen,,en deen 1 artikel 18, eerste lid, van de WAO Het maatmaninkomen WAO is het inkomen per uur dat gezonde personen, bedoeld in, met arbeid gewoonlijk verdienen. 2 artikel 2, eerste lid, van de Waz artikel 3 van de Waz Het maatmaninkomen Waz is het inkomen per uur dat gezonde personen, bedoeld in, met arbeid als verzekerde, bedoeld ingewoonlijk verdienen. 3 hoofdstukken 2 3 van de Wajong Het maatmaninkomen, bedoeld in deen, is voor de jonggehandicapte die: a. geen inkomsten uit arbeid geniet, 108% van het bedrag dat voor een werknemer van dezelfde leeftijd geldt als minimumloon per uur; b. inkomsten uit arbeid geniet, het inkomen dat een niet-jonggehandicapt persoon van dezelfde leeftijd met de door de jonggehandicapte feitelijk verrichte arbeid gedurende de normale, volledige werkweek, per uur zou verdienen. 4 Het maatmaninkomen van de jonggehandicapte, bedoeld in het derde lid, wordt hoger gesteld, en ten minste op een bedrag gelijk aan anderhalf maal het bedrag dat voor de belanghebbende geldt als minimumloon per uur, indien de jonggehandicapte: a. Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag arbeidsongeschikt is geworden binnen een jaar onmiddellijk voorafgaande aan het behalen van een diploma, dan wel na het behalen van een diploma, aan een beroepsgerichte opleiding die opleidt voor een beroep waarvan het aanvangssalaris ten minste gelijk is aan anderhalf maal het bedrag dat voor een werknemer van dezelfde leeftijd geldt als minimumloon op grond van de; b. Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag tijdens de arbeidsongeschiktheid doch uiterlijk op de dag dat hij de leeftijd van 30 jaar bereikt, een diploma behaalt van een beroepsgerichte opleiding die opleidt voor een beroep waarvan het aanvangssalaris ten minste gelijk is aan anderhalf maal het bedrag dat voor een werknemer van dezelfde leeftijd geldt als minimumloon op grond van de. 5 Indien de vaststelling van het maatmaninkomen met toepassing van het vierde lid tot een hoger maatmaninkomen leidt dan de vaststelling van het maatmaninkomen met toepassing van het derde lid, wordt uitgegaan van het eerstgenoemde maatmaninkomen. 6 artikel 43a van de WAO artikel 2:3, tweede lid 2:17 3:21 van de Wajong artikel 48, eerste lid, aanhef en onderdelen b en c 50, eerste lid, aanhef en onderdeel b 55, eerste lid, aanhef en onderdelen b en c, van de Wet WIA artikel 29b van de Ziektewet artikel 19 van de WAO artikel 2:3 3:3 van de Wajong artikel 23 van de Wet WIA In de gevallen waarin,,of,,, oftoepassing vindt, alsmede in de gevallen waarin dat niet het geval is omdattoepassing kan vinden, wordt het maatmaninkomen niet lager vastgesteld dan het maatmaninkomen dat voor de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid of mate van gedeeltelijke arbeidsgeschiktheid in aanmerking zou worden genomen indien de uitkering niet zou zijn ingetrokken, dan wel indien aan het einde van de wachttijd, bedoeld in,ofof, recht zou hebben bestaan op een dergelijke uitkering. 7 ZW WAO Wajong Wet WIA artikel 19 van de WAO artikel 2:3 3:3 van de Wajong artikel 23 van de Wet WIA In de gevallen waarin, na eerdere intrekking van een uitkering op grond van de, de, deof de, dan wel na het eerder niet toekennen van een uitkering aan het einde van de wachttijd, bedoeld in,ofof, bij de vaststelling van het maatmaninkomen wordt uitgegaan van arbeid op basis waarvan voor de betrokkene reeds eerder een maatmaninkomen is vastgesteld, wordt het maatmaninkomen vastgesteld op het maatmaninkomen dat voor de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid of mate van gedeeltelijke arbeidsgeschiktheid in aanmerking zou worden genomen indien de uitkering niet zou zijn ingetrokken, dan wel indien aan het einde van de genoemde wachttijd recht zou hebben bestaan op een dergelijke uitkering. 2020 280 23-07-2020 16-07-2020 2020 280 23-07-2020 16-07-2020 01-01-2021
Artikel 6a — Artikel 6a Delegatiebepaling in verband met vaststelling maatmaninkomen#
Artikel 6a Delegatiebepaling in verband met vaststelling maatmaninkomen Vervallen 2008 254 03-07-2008 24-06-2008 2008 254 03-07-2008 24-06-2008 04-07-2008 01-07-2008
Artikel 7 — Artikel 7 Inkomsten en verdiensten voor vaststelling van het maatmaninkomen#
Artikel 7 Inkomsten en verdiensten voor vaststelling van het maatmaninkomen 1 artikel 6, eerste en derde lid artikel 19aa, vijfde lid, van de ZW artikel 1 van de Wet WIA Bij de vaststelling van het maatmaninkomen, bedoeld in,en in, worden het inkomen, de inkomsten uit arbeid en de verdiensten van de gezonde of de niet-jonggehandicapte persoon bepaald door van de verzekerde of de jonggehandicapte in aanmerking te nemen: a. artikel 16 van de Wet financiering sociale verzekeringen die wet het loon in de zin vanvoor de werknemer in de zin van; b. Wet op de loonbelasting 1964 het loon in de zin van de, voor zover de verzekerde of de jonggehandicapte niet als werknemer als bedoeld in onderdeel a inkomen verdient; c. paragraaf 3.3.1 paragraaf 3.4.1 van de Wet inkomstenbelasting 2001 artikelen 3.91, eerste lid, onderdelen a en b artikel 3.92 van die wet het belastbaar loon of het belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden, bedoeld in, onderscheidenlijk, behoudens voor zover het een werkzaamheid betreft als bedoeld in de, en, voor zover de verzekerde of de jonggehandicapte geen werknemer is als bedoeld in de onderdelen a en b; d. paragraaf 3.2.1 van de Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.74 van die wet artikel 3.79a van die wet artikel 3.78, derde lid, onderdelen a, b en c, van die wet de belastbare winst uit onderneming, bedoeld in, vermeerderd met de ondernemersaftrek, bedoeld inen vermeerderd met de MKB-winstvrijstelling, bedoeld in, met dien verstande dat de bestanddelen van de winst, bedoeld in, niet geacht worden te behoren tot de winst. 2 Indien de berekening van het resultaat uit overige werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, of de winst, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, leidt tot een negatief bedrag, wordt het resultaat, onderscheidenlijk de winst op nihil gesteld. 3 artikel 6, eerste en derde lid artikel 19aa, vijfde lid, van de ZW artikel 1 van de Wet WIA In afwijking van het eerste lid, onderdelen a en b, wordt voor de vaststelling van het maatmaninkomen, bedoeld in,en inniet als inkomen, inkomsten uit arbeid of verdiensten in aanmerking genomen: a. Wet op de loonbelasting 1964 het loon uit vroegere dienstbetrekking in de zin van de; b. Toeslagenwet loondervingsuitkeringen, al dan niet vermeerderd met een toeslag op grond van deen de door de werkgever betaalde aanvullingen op die uitkeringen; c. artikel 31, eerste lid, onderdelen b tot en met h, van de Wet op de loonbelasting 1964 de eindheffingsbestanddelen als bedoeld in. 2022 183 18-05-2022 11-05-2022 2022 183 18-05-2022 11-05-2022 01-07-2022
Artikel 7a — Artikel 7a De berekening van het maatmaninkomen bij inkomsten en verdiensten in de vorm van loon#
Artikel 7a De berekening van het maatmaninkomen bij inkomsten en verdiensten in de vorm van loon 1 artikel 6, eerste en derde lid artikel 7, eerste lid, onderdelen a en b artikel 19aa, vijfde lid, van de ZW artikel 1 van de Wet WIA Het maatmaninkomen, bedoeld in,en, wordt vastgesteld door het loon, bedoeld in, dat de verzekerde of de jonggehandicapte met de maatgevende arbeid in het refertejaar heeft verdiend te delen door het aantal uren van die maatgevende arbeid in het refertejaar, waarbij het loon geacht wordt te zijn genoten in het aangiftetijdvak waarover de werkgever of de inhoudingsplichtige van dat loon opgave heeft gedaan. 2 Bij de toepassing van het eerste lid worden het loon verdiend met maatgevende arbeid en het aantal uren van de maatgevende arbeid in volledige aangiftetijdvakken in aanmerking genomenen worden daarbij de aangiftetijdvakken buiten beschouwing gelaten waarin geen sprake is van maatgevende arbeid van de verzekerde of de jonggehandicapte of waarin sprake is van arbeid in een urenomvang die niet maatgevend is. 3 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt een andere periode van maximaal één jaar vast waarover het inkomen en het aantal uren van de maatgevende arbeid in aanmerking worden genomen, indien in het refertejaar geen sprake is van maatgevende arbeid of van arbeid van een urenomvang die maatgevend is. 4 Indien de verzekerde of de jonggehandicapte feitelijk geen inkomen heeft verdiend met maatgevende arbeid of arbeid van een urenomvang die maatgevend is, neemt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen het inkomen in aanmerking, dat de verzekerde of de jonggehandicapte zou hebben verdiend, indien hij de maatgevende arbeid of arbeid in de urenomvang die maatgevend is, zou hebben verricht, alsmede het aantal uren van die arbeid. 5 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan loon in aanmerking nemen, waarvan geen opgave is gedaan in de aangiftetijdvakken in het refertejaar, indien de verzekerde aantoont, dat hij daarop wel recht had in die aangiftetijdvakken. 2013 238 28-06-2013 19-06-2013 2013 238 28-06-2013 19-06-2013 01-07-2013
Artikel 8 — Artikel 8 Indexering maatmaninkomen en maatmaninkomen bij hernieuwde vaststelling, heropening, herleving of herziening van de mate van arbeidsongeschiktheid#
Artikel 8 Indexering maatmaninkomen en maatmaninkomen bij hernieuwde vaststelling, heropening, herleving of herziening van de mate van arbeidsongeschiktheid 1 artikel 6, eerste en derde lid artikel 7, eerste lid artikel 7a artikel 5 artikel 19aa, vijfde lid, van de ZW artikel 1 van de Wet WIA Bij de vaststelling van het maatmaninkomen, bedoeld in,en, worden het inkomen, de inkomsten uit arbeid en de verdiensten, bedoeld, die bij toepassing vanin aanmerking worden genomen, vanaf het begin van het eerste in aanmerking genomen aangiftetijdvak aangepast aan de eerst-gepubliceerde cijfers van de index van de CAO-lonen per uur inclusief bijzondere beloningen, zoals die uiterlijk ten tijde van het arbeidsdeskundig onderzoek, bedoeld in, door het Centraal Bureau voor de Statistiek wordt gepubliceerd. 2 artikel 5 Nadat een eerste beoordeling in verband met de vaststelling, bedoeld in, heeft plaatsgevonden, wordt bij een hernieuwde vaststelling, een heropening, een herleving of een herziening van de uitkering geen rekening gehouden met na die eerste beoordeling opgetreden wijzigingen in het maatmaninkomen, met dien verstande dat bij de hernieuwde vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid het maatmaninkomen wordt aangepast aan de eerst-gepubliceerde cijfers van de index van de CAO-lonen per uur inclusief bijzondere beloningen, zoals dit uiterlijk ten tijde van het arbeidsdeskundig onderzoek door het Centraal Bureau voor de Statistiek wordt gepubliceerd. 3 artikel 3 van de Wet brutering overhevelingstoeslag lonen In gevallen waarin het maatmaninkomen voor het laatst is vastgesteld voor 1 januari 2001 vindt bij de eerstvolgende vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid na deze datum naast de aanpassing, bedoeld in het tweede lid, eenmalig een extra verhoging van het maatmaninkomen plaats overeenkomstig. 2014 359 16-10-2014 08-10-2014 2014 359 16-10-2014 08-10-2014 01-01-2015
Artikel 9 — Artikel 9 Vaststelling in aanmerking te nemen arbeid#
Artikel 9 Vaststelling in aanmerking te nemen arbeid Bij bepaling van hetgeen betrokkene nog met arbeid kan verdienen worden de volgende regels in acht genomen: a. in aanmerking wordt genomen die algemeen geaccepteerde arbeid waarmee betrokkene per uur het meest kan verdienen, waaronder mede wordt begrepen arbeid waarvoor bekwaamheden nodig zijn die algemeen gebruikelijk zijn en binnen zes maanden kunnen worden verworven, tenzij betrokkene niet over dergelijke bekwaamheden beschikt en als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolg van ziekte of gebrek dergelijke bekwaamheden niet kan verwerven. Onder deze bekwaamheden worden ten minste verstaan mondelinge beheersing van de Nederlandse taal en eenvoudig computergebruik. Deze arbeid wordt nader omschreven in de vorm van ten minste drie verschillende in Nederland uitgeoefende functies. Deze functies vertegenwoordigen ieder ten minste drie arbeidsplaatsen. De gegevens met betrekking tot de in aanmerking genomen functies, met alle daaraan verbonden specifieke aspecten inzake belasting, beloning en opleidingseisen mogen op het moment van de datum waarop de ter gelegenheid van de arbeidsongeschiktheidsbeoordeling gegeven beschikking betrekking heeft, niet ouder zijn dan 24 maanden; b. artikel 6 artikel 1 van de Wet WIA artikel 19aa, vijfde lid, van de ZW bij het bepalen van de urenomvang van de onder a bedoelde functies mogen ook functies in aanmerking worden genomen met een omvang groter dan de urenomvang van de door de in,ofbedoelde gezonde persoon uitgeoefende arbeid, tenzij betrokkene voor een geringer aantal uren belastbaar is, in welk geval de urenomvang van de onder a bedoelde functies niet meer bedraagt dan dat aantal uren; c. arbeid, die door betrokkene alleen kan worden verricht na toepassing van zodanige voorzieningen, dat het accepteren van die toepassing in redelijkheid niet van een werkgever kan worden verlangd, blijft bij de toepassing van onderdeel a buiten beschouwing; d. arbeid, die niet door betrokkene kan worden verricht omdat voor het verrichten van die arbeid een in de wet of collectieve arbeidsovereenkomst neergelegde functionele leeftijdsgrens geldt, die door betrokkene is overschreden of nog niet is bereikt, blijft bij de toepassing van onderdeel a buiten beschouwing; e. indien betrokkene zodanige kenmerken heeft, dat van een werkgever in redelijkheid niet kan worden verlangd hem in bepaalde arbeid te werk te stellen, blijft die arbeid bij de toepassing van onderdeel a buiten beschouwing; f. artikel 6 artikel 1 van de Wet WIA artikel 19aa, vijfde lid, van de ZW bij de toepassing van onderdeel a blijft arbeid die meer dan incidenteel tussen 0.00 uur en 6.00 uur wordt verricht buiten beschouwing, tenzij de gezonde persoon, bedoeld in,of, in dergelijke arbeid werkzaam is; g. Indien betrokkene de leeftijd van 21 jaar nog niet heeft bereikt wordt onderdeel a toegepast alsof hij die leeftijd heeft bereikt; h. artikel 10 in afwijking van onderdeel a wordt uitgegaan van de arbeid die feitelijk wordt verricht, mits dit leidt tot een lagere mate van arbeidsongeschiktheid dan de met toepassing van onderdeel a envastgestelde mate van arbeidsongeschiktheid; i. voor de toepassing van onderdeel h wordt onder arbeid die feitelijk wordt verricht mede verstaan arbeid die na het intreden van de arbeidsongeschiktheid feitelijk is verricht en waartoe de betrokkene met zijn krachten en bekwaamheden in staat is. 2024 185 24-06-2024 19-06-2024 2024 185 24-06-2024 19-06-2024 01-07-2024
Artikel 9a — Artikel 9a Tijdelijke regels over het beoordelen van arbeidsongeschiktheid bij feitelijke arbeid#
Artikel 9a Tijdelijke regels over het beoordelen van arbeidsongeschiktheid bij feitelijke arbeid 1 artikel 5, tweede lid artikelen 4 5 van de Wet WIA In afwijking van, wordt bij het onderzoek tot vaststelling van volledige arbeidsongeschiktheid of de mate van gedeeltelijke arbeidsgeschiktheid als bedoeld inen, het maatmaninkomen per uur vergeleken met de inkomsten uit arbeid die door de betrokkene na het intreden van de arbeidsongeschiktheid feitelijk wordt verricht. 2 artikelen 4 5 van de Wet WIA Onder arbeid als bedoeld in het eerste lid wordt mede verstaan arbeid die na het intreden van de arbeidsongeschiktheid feitelijk is verricht en waartoe de betrokkene met zijn krachten en bekwaamheden in staat is, mits van die arbeid bij eerder onderzoek tot vaststelling van volledige arbeidsongeschiktheid of de mate van gedeeltelijke arbeidsgeschiktheid als bedoeld inenis uitgegaan. 3 artikel 3, derde lid In afwijking van, stelt de verzekeringsarts vast of de betrokkene voor de feitelijk verrichte arbeid belastbaar is. 4 artikel 5, tweede lid artikel 9, onderdeel a artikel 10 Indien de betrokkene met de feitelijk verrichte arbeid ten hoogste 20% van het maatmaninkomen per uur verdient of heeft verdiend, wordt het onderzoek alsnog verricht met toepassing van. Het derde lid is op dat onderzoek niet van toepassing. Van de feitelijk verrichte arbeid wordt slechts uitgegaan, indien daarmee sprake is van een lagere mate van arbeidsongeschiktheid dan de met toepassing van, envastgestelde mate van arbeidsongeschiktheid. 5 Wet WIA Op de betrokkene van wie de mate van arbeidsongeschiktheid, bedoeld in de, voor de eerste maal is vastgesteld op een datum gelegen vóór inwerkingtreding van artikel I, onderdeel B van het Besluit van 19 juni 2024 tot wijziging van het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten in verband met tijdelijke regels over het beoordelen van arbeidsongeschiktheid bij feitelijke arbeid, is artikel 9a, zoals dat luidt na inwerkingtreding van dat besluit, eerst van toepassing bij gelegenheid van beoordeling van de mate van arbeidsongeschiktheid die betrekking heeft op een datum gelegen na de inwerkingtreding van dat besluit, ter zake waarvan een beschikking wordt afgegeven. 6 Dit artikel vervalt op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 2024 185 24-06-2024 19-06-2024 2024 185 24-06-2024 19-06-2024 01-07-2024
Artikel 10 — Artikel 10 Berekening loonwaarde in aanmerking te nemen arbeid#
Artikel 10 Berekening loonwaarde in aanmerking te nemen arbeid 1 Bij de berekening van hetgeen betrokkene met arbeid kan verdienen, wordt: a. artikel 7 7a uitgegaan van de urenomvang van de arbeid, die bij de toepassing vanenin aanmerking wordt genomen, tenzij betrokkene voor een geringer aantal uren belastbaar is, in welk geval van dit aantal wordt uitgegaan; en b. artikel 9, onderdeel a in aanmerking genomen het loon van de middelste van de in, bedoelde functies. 2 artikel 8, derde lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag Indien betrokkene de leeftijd van 21 jaar nog niet heeft bereikt wordt het inkomen per uur dat hij na toepassing van het eerste lid met arbeid kan verdienen verlaagd door het te vermenigvuldigen met het het minimumloonpercentage, bedoeld in, tenzij wordt uitgegaan van feitelijke inkomsten uit arbeid. 3 Indien het inkomen per uur dat betrokkene na toepassing van het eerste en tweede lid met arbeid kan verdienen, meer bedraagt dan zijn maatmaninkomen per uur, wordt hetgeen hij met arbeid kan verdienen niet hoger gesteld dan zijn maatmaninkomen per uur. 4 Het derde lid vindt geen toepassing: a. indien wordt uitgegaan van de feitelijke inkomsten uit arbeid; of b. artikel 6 indien betrokkene nog tot arbeid in dezelfde omvang in staat is als de inbedoelde gezonde persoon. 5 artikel 16 van de Wet financiering sociale verzekeringen Voor zover het niet gaat om feitelijke inkomsten uit arbeid, wordt onder het loon, bedoeld in dit artikel, verstaan: het loon in de zin vanvoor de werknemer in de zin van die wet, dat voor de desbetreffende functie gebruikelijk is. Hierbij wordt geen rekening gehouden met incidentele loonbestanddelen of loonbestanddelen die op de persoon van de werknemer betrekking hebben. 6 artikel 7 De feitelijke inkomsten uit arbeid in dit artikel worden vastgesteld door hetgeen daarvoor op grond vanin aanmerking wordt genomen. 2017 270 23-06-2017 14-06-2017 2017 270 23-06-2017 14-06-2017 01-07-2019
Artikel 10a — Artikel 10a Vaststelling van het arbeidsongeschiktheidspercentage waarnaar uitbetaald wordt bij anticumulatie#
Artikel 10a Vaststelling van het arbeidsongeschiktheidspercentage waarnaar uitbetaald wordt bij anticumulatie 1 artikelen 44, eerste lid, van de WAO 58, eerste lid, van de Waz Dit artikel is van toepassing bij de uitvoering van deof, indien er sprake is van loon als bedoeld in het tweede lid van de genoemde artikelen. 2 artikelen 9 10 Deenzijn niet van toepassing. 3 Het maatmaninkomen per uur, bedoeld in hoofdstuk 2, paragraaf 1, wordt herleid naar een maatmaninkomen per aangiftetijdvak. Dit gebeurt door het maatmaninkomen per uur te vermenigvuldigen met: a. de urenomvang per week van de maatgevende arbeid en het quotiënt van 52,2 en 12, indien het aangiftetijdvak een kalendermaand betreft; of b. de urenomvang per week van de maatgevende arbeid en 4, indien het aangiftetijdvak vier weken betreft. 4 Het arbeidsongeschiktheidspercentage wordt als volgt berekend: (M–L) / M * 100% Hierbij staat artikelen 44, tweede lid, van de WAO 58, tweede lid, van de Waz L voor het loon, bedoeld in deen, per aangiftetijdvak; en M voor het maatmaninkomen zoals berekend op grond van het derde lid. 2020 280 23-07-2020 16-07-2020 2020 280 23-07-2020 16-07-2020 01-01-2021
Artikel 11 — Artikel 11 Nadere regels#
Artikel 11 Nadere regels artikel 5 artikel 9, onderdeel a Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de berekening van het maatmaninkomen en de resterende verdiencapaciteit ten behoeve van de vaststelling, bedoeld in. Daarbij kan worden bepaald wat mede wordt verstaan onder bekwaamheden die algemeen gebruikelijk zijn en binnen zes maanden kunnen worden verworven als bedoeld in. 2008 254 03-07-2008 24-06-2008 2008 254 03-07-2008 24-06-2008 04-07-2008 01-07-2008
Artikel 11a — Artikel 11a Correcties voor vakantiebijslag en componenten arbeidsvoorwaardenbedrag#
Artikel 11a Correcties voor vakantiebijslag en componenten arbeidsvoorwaardenbedrag 1 artikel 7a artikel 10, zesde lid Bij de vaststelling van het maatmaninkomen, bedoeld in, en van de feitelijke inkomsten uit arbeid, bedoeld in, wordt het in de relevante aangiftetijdvakken opgebouwde bedrag aan vakantiebijslag en de opgebouwde looncomponenten ten behoeve van een arbeidsvoorwaardenbedrag in aanmerking genomen in plaats van het in relevante aangiftetijdvakken uitbetaalde bedrag aan vakantiebijslag en de looncomponenten ten laste van een arbeidsvoorwaardenbedrag. 2 artikel 16 van de Wet financiering sociale verzekeringen Onder een arbeidsvoorwaardenbedrag als bedoeld in het eerste lid wordt verstaan het aan de werknemer toegekende en in geld uitgedrukte toekomstige loonbestanddeel, niet zijnde een afzonderlijke opbouw van vakantiebijslag, dat is opgebouwd ingevolge afspraken in de individuele of collectieve arbeidsovereenkomst, voor zover dit toekomstige loonbestanddeel kan leiden tot loon als bedoeld in. 2021 115 08-03-2021 19-02-2021 2021 115 08-03-2021 19-02-2021 01-01-2022
Artikel 12 — Artikel 12 Overgangsbepaling maatmaninkomen#
Artikel 12 Overgangsbepaling maatmaninkomen artikelen XX XXI XXIV XXV van de Wet terugdringing beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen Indien de mate van arbeidsongeschiktheid voor de eerste maal is vastgesteld op een datum gelegen vóór 10 augustus 1994 wordt, bij een hernieuwde vaststelling of een herziening van de uitkering na laatstgenoemde datum, geen rekening gehouden met de sedert de laatste vaststelling of herziening van de mate van arbeidsongeschiktheid opgetreden wijzingen in het maatmaninkomen. Voor personen, bedoeld in de,,en, zoals deze artikelen luidden voor de inwerkingtreding van de eerste fase van de, wordt de in de eerste zin bedoelde datum gesteld op 1 januari 1998. 2000 307 25-07-2000 08-07-2000 2000 307 25-07-2000 08-07-2000 26-07-2000
Artikel 12a — Artikel 12a Overgangsbepaling wijzigingsbesluit met betrekking tot functieduiding en maatmaninkomensgarantie arbeidsongeschiktheidswetten#
Artikel 12a Overgangsbepaling wijzigingsbesluit met betrekking tot functieduiding en maatmaninkomensgarantie arbeidsongeschiktheidswetten 1 artikelen 2 6 9 10 11 De,,,en, zoals die luidden op de dag voor inwerkingtreding van het besluit van 18 augustus 2004 tot wijziging van het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten met betrekking tot de te duiden functies alsmede in verband met de introductie van een maatmaninkomensgarantie en enkele andere onderwerpen (Stb. 434), blijven van toepassing op een recht op uitkering met een ingangsdatum voor of op die dag indien betrokkene voor of op 1 juli 1959 is geboren. 2 artikel 9, onderdeel a, laatste zin In afwijking van het eerste lid is, van toepassing op een recht op uitkering als bedoeld in het eerste lid van de betrokkene die voor of op 1 juli 1959 is geboren. 3 artikel 13, tweede lid artikelen 2 6 8 9 10 11 Onverminderd het eerste lid alsmede, zijn op personen, wier mate van arbeidsongeschiktheid voor de eerste maal is vastgesteld op een datum gelegen vóór inwerkingtreding van het besluit van 18 augustus 2004 tot wijziging van het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten met betrekking tot de te duiden functies alsmede in verband met de introductie van een maatmaninkomensgarantie en enkele andere onderwerpen (Stb. 434), de,,,,en, zoals deze luiden na inwerkingtreding van dat besluit, eerst van toepassing indien een beoordeling van de mate van arbeidsongeschiktheid plaatsvindt ter zake waarvan een beschikking wordt afgegeven, bij gelegenheid van die beoordeling. 4 artikel 6, zesde lid artikel 43a van de WAO artikel 20 van de WAZ artikel 3:21 van de Wajong In afwijking van het derde lid is, niet van toepassing in de gevallen waarin,oftoepassing heeft gevonden voor de datum van inwerkingtreding van het besluit van 18 augustus 2004 tot wijziging van het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten met betrekking tot de te duiden functies alsmede in verband met de introductie van een maatmaninkomensgarantie en enkele andere onderwerpen (Stb. 434). 2012 618 07-12-2012 28-11-2012 2012 618 07-12-2012 28-11-2012 01-01-2013
Artikel 12b — Artikel 12b Overgangsrecht met betrekking tot de bepaling van het maatmaninkomen en de resterende verdiencapaciteit#
Artikel 12b Overgangsrecht met betrekking tot de bepaling van het maatmaninkomen en de resterende verdiencapaciteit 1 WAO Waz Wajong Wet WIA Waz artikel 8, tweede lid artikelen 7 7a Op de persoon die voor 1 juli 2008 recht had op een uitkering op grond van de,,ofworden, onverminderd, deenslechts toegepast, indien de maatgevende arbeid die bepalend is voor het maatmaninkomen, na 1 juli 2008 is gewijzigd, waarbij deze artikelen voor de uitkering op grond van devan overeenkomstige toepassing zijn. 2 artikel 7 Coördinatiewet Sociale Verzekering artikel 9 van die wet die wet Indien het inkomen, de inkomsten uit arbeid en de verdiensten, bedoeld in, betrekking hebben op aangiftetijdvakken, die zijn gelegen voor 1 januari 2006, wordt voor de bepaling van het inkomen, de inkomsten uit arbeid of de verdiensten uitgegaan van het loon waarnaar de premies met toepassing van de, met uitzondering van, zoalsluidde ten tijde van die aangiftetijdvakken, zou zijn geheven. Hierbij wordt geen rekening gehouden met het betaalde bedrag aan vakantiebijslag en periodieke loonelementen, maar met een evenredig deel van de vakantiebijslag en periodieke loonelementen. 3 artikel 10, vijfde lid artikelen 9 10 Tot 1 juli 2010 is, niet van toepassing op niet door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen geactualiseerde functies, die worden gebruikt bij de bepaling van hetgeen betrokkene nog met arbeid kan verdienen als bedoeld in deen. 4 WAO Waz Wajong Wet WIA artikel 10, zesde lid artikel 5 Op de persoon die op 30 juni 2008 recht had op uitkering op grond van de,,of, en inkomsten uit arbeid had, wordt, pas van toepassing, indien na 30 juni 2008 een onderzoek plaatsvindt als bedoeld inbij gelegenheid van dat onderzoek, dan wel indien de inkomsten uit arbeid op of na 1 januari 2013 wijzigen. 2012 618 07-12-2012 28-11-2012 2012 618 07-12-2012 28-11-2012 01-01-2013
Artikel 12c — Artikel 12c Overgangsrecht in verband met tijdelijke regels over het beoordelen van arbeidsongeschiktheid bij feitelijke arbeid#
Artikel 12c Overgangsrecht in verband met tijdelijke regels over het beoordelen van arbeidsongeschiktheid bij feitelijke arbeid artikel 9a Op de betrokkene van wie de mate van arbeidsongeschiktheid is vastgesteld met toepassing van, zoals dat luidde voorafgaand aan het tijdstip waarop dat artikel vervalt, blijft dat artikel van toepassing tot de eerste gelegenheid van beoordeling van de mate van arbeidsongeschiktheid die betrekking heeft op een datum gelegen na het tijdstip waarop dat artikel vervalt, ter zake waarvan een beschikking wordt afgegeven. 2024 185 24-06-2024 19-06-2024 2024 185 24-06-2024 19-06-2024 01-07-2024
Artikel 13 — Artikel 13 Intrekking Schattingsbesluit WAO, Waz en Wajong#
Artikel 13 Intrekking Schattingsbesluit WAO, Waz en Wajong 1 Het Schattingsbesluit WAO, WAZ en Wajong wordt ingetrokken. 2 In afwijking van het eerste lid blijft artikel 10 van het Schattingsbesluit WAO, WAZ, Wajong, zoals dat luidde op de dag voor de inwerkingtreding van deze wet, van toepassing op personen op wie dit artikel op die dag van toepassing was. 2000 307 25-07-2000 08-07-2000 2000 307 25-07-2000 08-07-2000 26-07-2000
Artikel 14 — Artikel 14 Inwerkingtreding#
Artikel 14 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst. 2000 307 25-07-2000 08-07-2000 2000 307 25-07-2000 08-07-2000 26-07-2000
Artikel 15 — Artikel 15 Citeertitel#
Artikel 15 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten. 2000 307 25-07-2000 08-07-2000 2000 307 25-07-2000 08-07-2000 26-07-2000