Besluit van 26 april 2000 tot vaststelling van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 130c van de Werkloosheidswet (Tijdelijk besluit preventieve inzet wachtgeldfondsen)
- BWB-id
- BWBR0011324
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Geldigheid
- 2004-01-30 t/m 2005-06-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0011324
- ELI
- /eli/nl/amvb/2000/tijdelijk-besluit-preventieve-inzet-wachtgeldfondsen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2000/tijdelijk-besluit-preventieve-inzet-wachtgeldfondsen/2004-01-30
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0011324&g=2004-01-30
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0011324&z=2026-06-06&g=2004-01-30
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0011324/2004-01-30
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2000/tijdelijk-besluit-preventieve-inzet-wachtgeldfondsen
Artikel 1 — Artikel 1 Algemene begrippen#
Artikel 1 Algemene begrippen In dit besluit wordt verstaan onder: a. hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk eninkomen UVW: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in; b. artikel 3 betrokkene: werknemer op wie dit besluit op grond vanvan toepassing is; c. Werkloosheidswet WW-uitkering: uitkering op grond van de. 2001 687 28-12-2001 13-12-2001 2001 682 27-12-2001 13-12-2001 27665 01-01-2002
Artikel 2 — Artikel 2 Beoogde resultaat besluit#
Artikel 2 Beoogde resultaat besluit Het met dit besluit beoogde resultaat is het verschaffen van inzicht in het effect van de preventieve inzet van middelen uit de wachtgeldfondsen en het Uitvoeringsfonds voor de overheid om het ontstaan van recht op WW-uitkering te voorkomen. 2001 211 08-05-2001 20-04-2001 2001 211 08-05-2001 20-04-2001 09-05-2001 01-01-2001 Werkt terug tot en met 1 januari 2001.
Artikel 3 — Artikel 3 Doelgroep#
Artikel 3 Doelgroep 1 Dit besluit is van toepassing op de werknemer: a. artikel 3, eerste lid, van de Wet melding collectief ontslag waarvan redelijkerwijs valt aan te nemen dat zijn dienstbetrekking binnen vier maanden zal eindigen ter uitvoering van een voornemen als bedoeld in; en b. waarvan redelijkerwijs vaststaat dat hij, indien toepassing van dit besluit achterwege blijft, als gevolg van de eindiging van de dienst-betrekking, bedoeld in onderdeel a, recht op WW-uitkering zal krijgen. 2 Dit besluit is eveneens van toepassing op de werknemer: a. waarvan redelijkerwijs valt aan te nemen dat zijn dienstbetrekking binnen vier maanden zal eindigen; en b. waarvan redelijkerwijs valt aan te nemen dat hij, indien toepassing van dit besluit achterwege blijft, de eerstvolgende jaren per kalenderjaar meermaals recht op WW-uitkering zal krijgen. 2000 190 11-05-2000 26-04-2000 2000 190 11-05-2000 26-04-2000 11-08-2000
Artikel 4 — Artikel 4 Taak Lisv#
Artikel 4 Taak Lisv 1 Het UWV stelt voor de betrokkene, op diens aanvraag, een traject vast gericht op het ingeschakeld blijven in het arbeidsproces. 2 Het UWV draagt ter uitvoering van het eerste lid werkzaamheden op aan de Arbeidsvoorzieningsorganisatie of aan derden, niet zijnde uitvoeringsinstellingen, waardoor de betrokkene in staat wordt gesteld deel te nemen aan activiteiten die bijdragen tot het ingeschakeld blijven in het arbeidsproces. 3 artikel 3 De activiteiten, bedoeld in het tweede lid, mogen niet gericht zijn op het behouden van de dienstbetrekking, bedoeld in, of het opnieuw ontstaan van een dienstbetrekking tussen betrokkene en zijn werkgever. 4 artikel 3, tweede lid Het UWV beëindigt de taak, bedoeld in het eerste lid, met betrekking tot de werknemer, bedoeld in, met ingang van de eerste dag van het tweede kwartaal na het kwartaal waarin het aantal werknemers, bedoeld in dat lid, waarvoor een traject is vastgesteld, de duizend heeft bereikt, en in ieder geval met ingang van 11 augustus 2004. 2004 22 29-01-2004 12-01-2004 2004 22 29-01-2004 12-01-2004 30-01-2004 01-07-2003
Artikel 5 — Artikel 5 Nadere regels inzake de aanvraag#
Artikel 5 Nadere regels inzake de aanvraag 1 artikel 4, eerste lid Het UWV is bevoegd om nadere regels te stellen met betrekking tot de aanvraag, bedoeld in. 2 De aanvragen worden behandeld in volgorde van binnenkomst. 2001 687 28-12-2001 13-12-2001 2001 682 27-12-2001 13-12-2001 27665 01-01-2002
Artikel 6 — Artikel 6 Looptijd#
Artikel 6 Looptijd Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag gelegen drie maanden na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 juli 2005. 2004 22 29-01-2004 12-01-2004 2004 22 29-01-2004 12-01-2004 30-01-2004 01-07-2003
Artikel 7 — Artikel 7 Citeertitel#
Artikel 7 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Tijdelijk besluit preventieve inzet wachtgeldfondsen. 2000 190 11-05-2000 26-04-2000 2000 190 11-05-2000 26-04-2000 11-08-2000