Besluit van 19 februari 2001, houdende regels met betrekking tot de samenstelling en de werkwijze van de toetsingscommissie uittreding zittende magistratuur (Besluit samenstelling en werkwijze toetsingscommissie uittreding zittende magistratuur)
- BWB-id
- BWBR0012262
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2017-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0012262
- ELI
- /eli/nl/amvb/2001/besluit-samenstelling-en-werkwijze-toetsingscommissie-uittre
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2001/besluit-samenstelling-en-werkwijze-toetsingscommissie-uittre/2017-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0012262&g=2017-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0012262&z=2026-06-06&g=2017-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0012262/2017-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2001/besluit-samenstelling-en-werkwijze-toetsingscommissie-uittre
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 artikel VII, vierde en vijfde lid, van de Wet opheffing College van beroep studiefinanciering artikel XII, derde en vierde lid, van de Wet organisatie en bestuur gerechten In dit besluit wordt verstaan onder commissie: de toetsingscommissie uittreding zittende magistratuur, genoemd inen in. 2001 614 20-12-2001 10-12-2001 2001 621 20-12-2001 10-12-2001 01-01-2002
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De commissie bestaat uit: a. artikel 1, onderdeel b, onder 10°, van de Wet op de rechterlijke organisatie een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter, niet zijnde rechterlijk ambtenaar, met rechtspraak belast lid van de Centrale Raad van Beroep dan wel het College van Beroep voor het bedrijfsleven, bij een van deze gerechten benoemd senior-gerechtsauditeur, gerechtsauditeur of griffier, een rechter in opleiding of officier in opleiding als bedoeld in, of ambtenaar bij het Ministerie van Veiligheid en Justitie of een instelling, dienst of bedrijf dat onder dat ministerie ressorteert; b. een lid en een plaatsvervangend lid, aan te wijzen door de Nederlandse Vereniging van Rechtspraak uit de kring van met rechtspraak belaste leden van de tot de rechterlijke macht behorende gerechten, de Centrale Raad van Beroep en het College van Beroep voor het bedrijfsleven en de bij deze gerechten benoemde senior-gerechtsauditeurs, gerechtsauditeurs en griffiers; en c. een lid en een plaatsvervangend lid, zijnde ambtenaar bij het Ministerie van Veiligheid en Justitie. 2 De voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter, de leden en de plaatsvervangende leden worden door Onze Minister van Veiligheid en Justitie benoemd voor een periode van drie jaar. 3 Onze Minister van Veiligheid en Justitie benoemt de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter niet dan nadat hij de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak heeft gehoord. 4 De voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter, de leden en de plaatsvervangende leden kunnen worden herbenoemd. 2016 501 16-12-2016 09-12-2016 2016 503 16-12-2016 09-12-2016 01-01-2017 Artikel VI van Stb. 2016/501 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Aan de voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter, een lid of een plaatsvervangend lid wordt door Onze Minister van Veiligheid en Justitie ontslag verleend op eigen verzoek. 2 artikel 2, eerste lid Indien de voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter, een lid of een plaatsvervangend lid de ingevolge, vereiste hoedanigheid verliest, wordt door Onze Minister van Veiligheid en Justitie aan hem ontslag verleend. 3 artikel 2, tweede lid Degene die in de plaats van degene aan wie ontslag als bedoeld in het eerste of tweede lid wordt verleend, wordt benoemd tot voorzitter, plaatsvervangend voorzitter, lid of plaatsvervangend lid, wordt in afwijking van, benoemd voor de periode gedurende welke zijn voorganger, gerekend vanaf de datum van zijn ontslag, nog benoemd zou zijn geweest. 2016 501 16-12-2016 09-12-2016 2016 503 16-12-2016 09-12-2016 01-01-2017 Artikel VI van Stb. 2016/501 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 2, eerste lid, onderdeel c Het secretariaat van de commissie wordt verzorgd door ambtenaren bij het Ministerie van Veiligheid en Justitie die niet lid of plaatsvervangend lid, bedoeld in, zijn. 2016 501 16-12-2016 09-12-2016 2016 503 16-12-2016 09-12-2016 01-01-2017 Artikel VI van Stb. 2016/501 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De commissie behandelt een adviesaanvraag in de volgende samenstelling: a. de voorzitter of de plaatsvervangend voorzitter; b. artikel 2, eerste lid, onderdeel b een lid of een plaatsvervangend lid als bedoeld in; en c. artikel 2, eerste lid, onderdeel c een lid of een plaatsvervangend lid als bedoeld in. 2 De commissie kan degene op wiens verzoek om ontslag de adviesaanvraag betrekking heeft, vragen om zijn verzoek toe te lichten. 3 De commissie kan degene op wiens verzoek om ontslag de adviesaanvraag betrekking heeft of diens functionele autoriteit vragen om inlichtingen te geven. 4 Indien de toelichting van het verzoek, bedoeld in het tweede lid, of het geven van inlichtingen, bedoeld in het derde lid, mondeling geschiedt, wordt hiervan een schriftelijk verslag opgemaakt. 2001 104 01-03-2001 19-02-2001 2001 104 01-03-2001 19-02-2001 02-03-2001
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 De commissie stelt bij reglement nadere regels vast met betrekking tot haar werkwijze. 2 Het reglement behoeft de goedkeuring van Onze Minister van Veiligheid en Justitie. 2016 501 16-12-2016 09-12-2016 2016 503 16-12-2016 09-12-2016 01-01-2017 Artikel VI van Stb. 2016/501 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Binnen zes weken na ontvangst van de adviesaanvraag brengt de commissie haar advies uit aan Onze Minister van Veiligheid en Justitie. 2 Onze Minister van Veiligheid en Justitie kan de termijn, genoemd in het eerste lid, op verzoek van de commissie met twee weken verlengen. 3 artikel 5, derde lid artikel 5, vierde lid De commissie stelt aan Onze Minister van Veiligheid en Justitie schriftelijk verkregen inlichtingen als bedoeld in, en schriftelijke verslagen als bedoeld in, ter beschikking. 2016 501 16-12-2016 09-12-2016 2016 503 16-12-2016 09-12-2016 01-01-2017 Artikel VI van Stb. 2016/501 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 De voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter, de leden en de plaatsvervangende leden ontvangen een vacatiegeld alsmede een vergoeding van reis- en verblijfkosten volgens de bij het Ministerie van Veiligheid en Justitie gebruikelijke regels. 2016 501 16-12-2016 09-12-2016 2016 503 16-12-2016 09-12-2016 01-01-2017 Artikel VI van Stb. 2016/501 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst. 2001 104 01-03-2001 19-02-2001 2001 104 01-03-2001 19-02-2001 02-03-2001
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit samenstelling en werkwijze toetsingscommissie uittreding zittende magistratuur. 2001 104 01-03-2001 19-02-2001 2001 104 01-03-2001 19-02-2001 02-03-2001