Besluit van 30 november 2000, houdende regels voor de toepassing van artikel 22 van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren (Besluit vervuilingswaarde ingenomen water)
- BWB-id
- BWBR0011867
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2001-01-01 t/m 2008-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0011867
- ELI
- /eli/nl/amvb/2001/besluit-vervuilingswaarde-ingenomen-water
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2001/besluit-vervuilingswaarde-ingenomen-water/2001-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0011867&g=2001-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0011867&z=2026-06-06&g=2001-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0011867/2001-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2001/besluit-vervuilingswaarde-ingenomen-water
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: a. Wet verontreiniging oppervlaktewateren de Wet: de; b. het zuurstofverbruik: het zuurstofverbruik bepaald op basis van de som van het chemisch zuurstofverbruik en het zuurstofverbruik door omzetting van stikstofverbindingen, uitgedrukt in kilogrammen; c. 3 artikel 22, tweede lid, van de Wet de vervuilingswaarde per mingenomen water: de vervuilingswaarde als bedoeld in; d. artikel 123, derde lid, onder b, van de Waterschapswet inspecteur: het hoofd, onderscheidenlijk de in, bedoelde ambtenaar van het waterschap; e. analyse: de analyse op het chemisch zuurstofverbruik en het zuurstofverbruik door omzetting van stikstofverbindingen. 2000 534 14-12-2000 30-11-2000 2000 534 14-12-2000 30-11-2000 01-01-2001
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 3 De vervuilingswaarde per mingenomen water wordt bepaald met behulp van de navolgende tabel. Indien de bedrijfsruimte of een onderdeel daarvan de volgende bedrijfscategorie betreft: 3 vervuilingswaarde per mingenomen water: Werkplaatsen voor motorvoertuigen en motoren 0,031 Bij afwezigheid of onvoldoende functioneren van saneringsmaatregelen 0,091 Inrichtingen uitsluitend bestemd voor het uitwendig reinigen van motorvoertuigen* 0,0066 Aardappelverwerking 0,085 Champignonteeltbedrijven 0,0093 Fruitconservenfabrieken 0,0087 Groenteconservenbedrijven 0,030 Groentewasserijen 0,018 Distilleerderijen/bottelarijen* 0,036 Verf- en drukinktfabrieken producten op basis van organische oplosmiddelen (exclusief de lozing van loogbaden) 0,023 Leerlooierijen 0,017 Limonadefabrieken 0,010 Galvanische bedrijven, galvanische afdelingen binnen metaalverwerkende en overige bedrijven 0,023 Indien proceswater wordt geloosd, waarvan de gebruikte hoeveelheid afzonderlijk wordt gemeten 0,0050 Indien proceswater wordt geloosd, waarvan de gebruikte hoeveelheid afzonderlijk wordt gemeten, en geen ontvettingsen/of beitsbaden worden geloosd 0,0030 Grafische bedrijven 0,023 Metaalproducten- en machine-industrie* 0,013 Indien geen ontvettings- en/of beitsbaden worden geloosd 0,011 Bedrijfsonderdeel bestemd voor het uitwendig reinigen van schepen (na toepassing van een zuiveringstechniek zoals een olieafscheider, bezinkput en zandfiltratie) 0,0040 Elektrotechnische industrie* 0,0070 Indien geen ontvettings- en/of beitsbaden worden geloosd 0,0050 Pelsbereidingsbedrijven 0,017 Pluimveeslachterijen 0,075 Slagerijen Winkel 0,023 Winkel met worstmakerij 0,034 Winkel met worstmakerij en slachterij 0,048 Slachthuizen* 0,087 Textielbedrijven 0,020 Vatenwasserijen* 0,36 Melkveehouderijen* Lozing van voorspoelwater en spoelwater afkomstig van melkinstallaties 0,052 Indien voorspoelwater afkomstig van melkwinningsinstallaties niet wordt geloosd maar separaat wordt afgevoerd 0,0090 Visverwerkende bedrijven: Rokerijen 0,029 Marineerbedrijven bij lozing van voorbaden 0,37 Overige en/of gecombineerde activiteiten 0,070 Viswinkels alsmede bedrijfsruimten ten behoeve van ambulante handel 0,037 Bij het ontbreken van een goed functionerende combinatie van slibvangput en vetafscheider wordt de coëfficiënt van 0,037 verhoogd naar 0,070 Vleeswarenbedrijven 0,016 Snackbedrijven 0,061 Wasserijen: Natwasserijen 0,013 Wassalons* 0,015 Zuivelindustrie (jaarlijkse melkaanvoer meer dan 10 miljoen kg) 0,013 Ambachtelijke zuivelverwerking 0,016 IJsbereiding 0,015 Zwem- en badinrichtingen 0,0040 Onderdelen voor suppletie en filterspoeling, voor zover de hoeveelheid water voor suppletie en filterspoeling afzonderlijk wordt vastgesteld. 0,0012 Sauna's 0,011 Onderwijsinstellingen, kazernes, bejaardencentra, woonwagencentra, internaten, recreatiebedrijven, horecabedrijven etc. 0,023 Ziekenhuizen, verpleegtehuizen en psychiatrische inrichtingen 0,020 Vier- en vijfsterrenhotels volgens de Benelux-hotelclassificatie 0,017 Chocolade- en suikerwerkindustrie 0,040 Eierverwerkende industrie 0,075 De niet in deze tabel vermelde bedrijfsruimten of onderdelen van bedrijfsruimten 0,023 * Afvalwater afkomstig van de persoonlijke verzorging van werknemers werkzaam in van bedrijfsruimten of onderdelen van bedrijfsruimten die in deze tabel met een * zijn aangeduid 0,023 2000 534 14-12-2000 30-11-2000 2000 534 14-12-2000 30-11-2000 01-01-2001
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 22 van de Wet artikel 2 3 Indien in het heffingsjaar voorafgaande aan de toepassing vanhet zuurstofverbruik, voor de betrokken bedrijfsruimte of voor het betrokken onderdeel daarvan, is bepaald met behulp van door meting, bemonstering en analyse verkregen gegevens, wordt in afwijking vande vervuilingswaarde per mingenomen water bepaald aan de hand van de formule: C / D x 49,6 waarbij: C = het aantal kilogrammen zuurstofverbruik van de afgevoerde stoffen over de etmalen van het voorafgaande heffingsjaar waarover meting, bemonstering en analyse hebben plaatsgevonden; 3 D = het aantal mingenomen water over de etmalen van het voorafgaande heffingsjaar waarover meting, bemonstering en analyse hebben plaatsgevonden. 2000 534 14-12-2000 30-11-2000 2000 534 14-12-2000 30-11-2000 01-01-2001
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 3 artikelen 2 3 De vervuilingswaarde per mingenomen water kan door de heffingplichtige op zijn kosten op aanvraag, dan wel ambtshalve door de inspecteur op kosten van de betrokken kwaliteitsbeheerder, in afwijking van deen, worden bepaald aan de hand van monsterneming en analyse overeenkomstig het derde lid, onderscheidenlijk aan de hand van meting, bemonstering en analyse overeenkomstig het vierde lid. 2 artikel 22 van de Wet artikel 2 In dit artikel wordt onder geschatte vervuilingswaarde verstaan: de overeenkomstigenvan dit besluit aan de hand van de geschatte hoeveelheid in te nemen water berekende vervuilingswaarde met betrekking tot het zuurstofverbruik van de over het heffingsjaar af te voeren stoffen. 3 Bij een geschatte vervuilingswaarde van minder dan 100 vervuilingseenheden: a. wordt over een aantal voor het heffingsjaar representatieve etmalen afzonderlijk een etmaalverzamelmonster van het afgevoerde afvalwater samengesteld dat bestaat uit tenminste 8 deelmonsters die op verschillende voor het etmaal representatieve tijdstippen zijn genomen; b. bedraagt het aantal van de onder a bedoelde etmalen: bij een geschatte vervuilingswaarde van: minder dan 25 vervuilingseenheden: 4 25 tot 50 vervuilingseenheden: 6 50 tot 75 vervuilingseenheden: 8 75 tot 100 vervuilingseenheden: 10; c. 3 vindt analyse van het onder a bedoelde etmaalverzamelmonster plaats en wordt het resultaat van die analyse uitgedrukt in grammen per m; d. wordt de som van de onder c bedoelde resultaten van de analyses over de onder a bedoelde etmalen gedeeld door het aantal van die etmalen; e. wordt de uitkomst van de toepassing van het onder d bepaalde gecorrigeerd voor het deel van het ingenomen water dat niet wordt afgevoerd, indien de heffingplichtige aannemelijk maakt dat dat deel 25% of meer bedraagt; f. 3 bedraagt de vervuilingswaarde per mingenomen water de overeenkomstig d en e gevonden waarde gedeeld door 49.600 grammen. 4 Bij een geschatte vervuilingswaarde van 100 vervuilingseenheden of meer: a. vindt in een aantal voor het heffingsjaar representatieve weken meting, bemonstering en analyse over de daarin gelegen etmalen plaats; b. bedraagt het aantal van de onder a bedoelde weken: bij een geschatte vervuilingswaarde van: 100 tot 250 vervuilingseenheden: 1 250 tot 500 vervuilingseenheden: 2 500 tot 750 vervuilingseenheden: 3 750 tot 1000 vervuilingseenheden: 4 1000 en meer vervuilingseenheden: het door de inspecteur te bepalen aantal dat ten hoogste 12 kan bedragen; c. wordt het zuurstofverbruik in de onder a bedoelde etmalen afgevoerde stoffen gedeeld door de hoeveelheid in die etmalen ingenomen water; d. 3 bedraagt de vervuilingswaarde per mingenomen water de uitkomst van de toepassing van onderdeel c, gedeeld door 49,6 kilogrammen. 5 artikel 20, derde lid artikel 23, veertiende lid, van de Wet Meting, bemonstering en analyse, alsmede de behandeling van het in het derde lid, onder a, bedoelde verzamelmonster geschieden overeenkomstig de nadere regels, bedoeld in, onderscheidenlijk in. 6 De inspecteur beslist op een in het eerste lid bedoelde aanvraag bij voor bezwaar vatbare beschikking en geeft daarin in ieder geval voorschriften met betrekking tot: a. de tijdstippen en de etmalen waarop monsterneming en analyse moeten plaatsvinden, onderscheidenlijk de meetweek dan wel meetweken gedurende welke meting, bemonstering en analyse moeten plaatsvinden; b. de bepaling van de hoeveelheid ingenomen water; c. de correctie bedoeld in het derde lid, onder e; d. 3 de melding van verandering of te verwachten veranderingen die van invloed kunnen zijn op de vervuilingswaarde per mingenomen water van de betrokken bedrijfsruimte of het betrokken onderdeel van de bedrijfsruimte. 7 3 Een op basis van dit artikel bepaalde vervuilingswaarde per mingenomen water geldt voor de betrokken bedrijfsruimte of het betrokken onderdeel van de bedrijfsruimte tot het heffingsjaar waarin dit artikel hetzij door de heffingplichtige hetzij door de inspecteur opnieuw wordt toegepast. 2000 534 14-12-2000 30-11-2000 2000 534 14-12-2000 30-11-2000 01-01-2001
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 3 De veranderingen in de bedrijfsomstandigheden die aanleiding kunnen geven tot een wijziging van de vervuilingswaarde per mingenomen water worden onverwijld aan de inspecteur gemeld. 2000 534 14-12-2000 30-11-2000 2000 534 14-12-2000 30-11-2000 01-01-2001
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2001. 2000 534 14-12-2000 30-11-2000 2000 534 14-12-2000 30-11-2000 01-01-2001
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit vervuilingswaarde ingenomen water. 2000 534 14-12-2000 30-11-2000 2000 534 14-12-2000 30-11-2000 01-01-2001