Besluit van 7 december 2001, houdende wijziging van de regio-indeling en regels voor de berekening en betaling van de specifieke uitkering voor de regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten (Besluit regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten)
- BWB-id
- BWBR0013111
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2022-08-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0013111
- ELI
- /eli/nl/amvb/2002/besluit-regionale-meld-en-co-rdinatiefunctie-voortijdig-scho
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2002/besluit-regionale-meld-en-co-rdinatiefunctie-voortijdig-scho/2022-08-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0013111&g=2022-08-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0013111&z=2026-06-06&g=2022-08-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0013111/2022-08-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2002/besluit-regionale-meld-en-co-rdinatiefunctie-voortijdig-scho
Artikel 1 — Artikel 1 Vaststellen regio’s#
Artikel 1 Vaststellen regio’s Vervallen 2021 522 05-11-2021 14-10-2021 2022 13 11-01-2022 17-12-2021 01-08-2022
Artikel 2 — Artikel 2 Wijziging regio's bij gemeentelijke indeling#
Artikel 2 Wijziging regio's bij gemeentelijke indeling Vervallen 2008 133 29-04-2008 10-04-2008 2008 133 29-04-2008 10-04-2008 30-04-2008
Artikel 3 — Artikel 3 hoofdstuk 2 Begripsbepaling#
Artikel 3 hoofdstuk 2 Begripsbepaling In dit hoofdstuk wordt onder volwassen inwoner verstaan een persoon van 18 jaren of ouder die als ingezetene in de basisregistratie personen is ingeschreven. 2013 495 09-12-2013 28-11-2013 2013 494 09-12-2013 28-11-2013 06-01-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet basisregistratie
personen in werking treedt.
Artikel 4 — Artikel 4 Berekening specifieke uitkering#
Artikel 4 Berekening specifieke uitkering 1 artikelen 8.24, eerste lid 8.27, vierde lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 8.3.2, vijfde lid 8.3.4, vierde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs 162b, vijfde lid 162c1, vierde lid, van de Wet op de expertisecentra De specifieke uitkering, bedoeld in de, en,enenenbestaat uit: a. een bij ministeriële regeling te bepalen vast bedrag, b. artikel 1 een bedrag dat wordt berekend door een bij ministeriële regeling te bepalen budget over de regio’s, bedoeld in, te verdelen aan de hand van de in het tweede lid genoemde percentages en berekeningsmaatstaven, c. artikel 1 een bedrag dat wordt berekend door een bij ministeriële regeling te bepalen budget over de regio’s, bedoeld in, te verdelen aan de hand van de in het tweede lid genoemde percentages en berekeningsmaatstaven, met dien verstande dat bij de berekeningsmaatstaven de volwassen inwoners van de bij ministeriële regeling aangewezen gemeenten die op grond van een andere regeling reeds een vergoeding voor de bestrijding van voortijdig schoolverlaten ontvangen, buiten beschouwing worden gelaten, en d. artikel 1 een bedrag dat wordt berekend door een bij ministeriële regeling te bepalen budget over de regio’s, bedoeld in, te verdelen aan de hand van het door het Centraal Bureau voor de Statistiek op verzoek van Onze Minister berekende aantal 5- tot en met 17- jarige inwoners van de gemeenten in de regio op 1 januari van het jaar voorafgaande aan het jaar van de specifieke uitkering, e. artikel 1 een bedrag per regio, bedoeld in, zoals vastgesteld in een bij ministeriële regeling opgenomen bijlage. 2 Het in het eerste lid, onderdeel b, bedoelde deel van de specifieke uitkering wordt als volgt berekend: a. voor 20% aan de hand van het door het Centraal Bureau voor de Statistiek op verzoek van Onze Minister berekende aantal volwassen inwoners van de gemeenten in de regio op 1 januari van het jaar voorafgaande aan het jaar van de specifieke uitkering, b. voor 60% aan de hand van het door het Centraal Bureau voor de Statistiek op verzoek van Onze Minister berekende gemiddelde percentage volwassen inwoners van de gemeenten in de regio met een opleiding op ten hoogste het niveau van het diploma voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs over het zevende tot en met tweede jaar voorafgaande aan het jaar van de specifieke uitkering, vermenigvuldigd met het onder a bedoelde aantal inwoners op 1 januari van het jaar voorafgaande aan het jaar van de specifieke uitkering en c. bijlage 2 bij het Besluit participatiebudget voor 20% aan de hand van het door het Centraal Bureau voor de Statistiek op verzoek van Onze Minister berekende aantal volwassen inwoners van de gemeenten in de regio op 1 januari van het jaar voorafgaande aan het jaar van de specifieke uitkering, waarvoor geldt dat beide ouders of de volwassen inwoner zelf en 1 ouder geboren zijn in een land dat niet is opgenomen in. 3 Bij een wijziging van de gemeentelijke indeling of een grenscorrectie wordt het deel van de specifieke uitkering dat op grond van het eerste en tweede lid is berekend voor een gemeente die geheel of gedeeltelijk opgaat in 1 of meer andere gemeenten, vanaf de datum van herindeling aan de gemeenten toegerekend naar rato van het aantal inwoners dat in de desbetreffende gemeente blijft onderscheidenlijk naar de desbetreffende gemeente overgaat. Indien een gemeente die niet behoort tot de gemeenten, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, geheel of gedeeltelijk opgaat in een gemeente die daar wel toe behoort, wordt het voor eerstgenoemde gemeente berekende bedrag, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, voor het jaar waarin de herindeling in werking treedt in zijn geheel aangemerkt als bedrag voor een gemeente die niet behoort tot de gemeenten, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c. 4 De specifieke uitkering kan met inachtneming van het eerste tot en met derde lid door Onze Minister worden aangepast in verband met uit de rijksbegroting voortvloeiende maatregelen. 2021 522 05-11-2021 14-10-2021 2022 13 11-01-2022 17-12-2021 01-08-2022
Artikel 5 — Artikel 5 Betaling specifieke uitkering#
Artikel 5 Betaling specifieke uitkering 1 artikel 4, eerste lid, onderdelen a tot en met d Het gedeelte van de specifieke uitkering, bedoeld in, wordt behoudens de eventueel uit de rijksbegroting voortvloeiende maatregelen betaald in twee gelijke delen. Het eerste deel wordt betaald voor 1 maart en het tweede deel voor 1 oktober van het jaar waarvoor de specifieke uitkering is vastgesteld. 2 artikel 4, eerste lid, onderdeel e Het gedeelte van de specifieke uitkering, bedoeld in, wordt behoudens de eventueel uit de rijksbegroting voortvloeiende maatregelen betaald in januari van het jaar waarvoor de specifieke uitkering is vastgesteld. 2020 353 29-09-2020 11-09-2020 2020 353 29-09-2020 11-09-2020 30-09-2020
Artikel 5a — Artikel 5a Omvang, betaling en besteding gedeelte specifieke uitkering voor de uitvoering van het regionaal programma tot en met 2020#
Artikel 5a Omvang, betaling en besteding gedeelte specifieke uitkering voor de uitvoering van het regionaal programma tot en met 2020 Vervallen 2020 353 29-09-2020 11-09-2020 2020 353 29-09-2020 11-09-2020 01-01-2021
Artikel 6 — Artikel 6 hoofdstuk 3 Begripsbepalingen#
Artikel 6 hoofdstuk 3 Begripsbepalingen Vervallen 2017 418 09-11-2017 23-10-2017 2018 363 19-10-2018 08-10-2018 01-01-2019 Blijft van toepassing op uitkeringen die op basis van de bijlagen
1 t/m 3 zijn verstrekt.
Artikel 6a — Artikel 6a Grondslag#
Artikel 6a Grondslag artikelen 8.3.2, tweede en vijfde lid 8.3.4, vierde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs 162b, tweede en vijfde lid 162c1, vierde lid, van de Wet op de expertisecentra 8.24, eerste lid 8.27, vierde lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 Dit besluit berust op deen,enen, en. 2021 522 05-11-2021 14-10-2021 2022 13 11-01-2022 17-12-2021 01-08-2022
Artikel 7 — Artikel 7 Inwerkingtreding#
Artikel 7 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2002. Indien het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 31 december 2001, treedt het in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, en werkt het terug tot en met 1 januari 2002. 2001 650 21-12-2001 07-12-2001 2001 650 21-12-2001 07-12-2001 01-01-2002
Artikel 8 — Artikel 8 Citeertitel#
Artikel 8 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten. 2001 650 21-12-2001 07-12-2001 2001 650 21-12-2001 07-12-2001 01-01-2002
Artikel 5a#
artikel 5a, eerste lid
Artikel 5a#
artikel 5a, eerste lid