Besluit van 5 juli 2001, houdende nadere regels ter uitvoering van de in de Wegenverkeerswet 1994 vervatte wegsleepregeling (Besluit wegslepen van voertuigen)
- BWB-id
- BWBR0012649
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2013-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0012649
- ELI
- /eli/nl/amvb/2002/besluit-wegslepen-van-voertuigen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2002/besluit-wegslepen-van-voertuigen/2013-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0012649&g=2013-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0012649&z=2026-06-06&g=2013-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0012649/2013-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2002/besluit-wegslepen-van-voertuigen
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder: a. Wegenverkeerswet 1994 wet: de; b. artikel 170, vierde lid, van de wet bewaringsregister: het register, bedoeld in. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 173, eerste lid, onderdeel a, van de wet De soorten van weggedeelten en wegen, bedoeld in, zijn: a. bijlage 1 bij het RVV 1990 artikel 24, eerste lid, onderdeel e, van het RVV 1990 wegen en weggedeelten waar door middel van bord E 1 vanof door middel van een gele onderbroken streep als bedoeld inwordt aangegeven dat het verboden is te parkeren; b. bijlage 1 bij het RVV 1990 artikel 23, eerste lid, onderdeel g, van het RVV 1990 wegen en weggedeelten waar door middel van bord E 2 vanof door middel van een gele doorgetrokken streep als bedoeld inwordt aangegeven dat het verboden is stil te staan; c. bijlage 1 bij het RVV 1990 parkeergelegenheden, aangeduid door bord E4 van, waarbij ofwel op een onderbord wordt aangegeven: ofwel op het verkeersbord de aanduiding is aangebracht waarmee wordt aangegeven: 1°. de voertuigcategorie of groep voertuigen waarvoor de parkeergelegenheid is bestemd; 2°. de wijze waarop het parkeren dient te geschieden; 3°. de dagen of uren waarop het parkeren is verboden, of 4°. de dagen of uren waarop een beperking als bedoeld in 1° en 2°, geldt, 1°. de voertuigcategorie of groep voertuigen waarvoor de parkeergelegenheid is bestemd, of 2°. de wijze waarop het parkeren dient te geschieden. d. bijlage 1 bij het RVV 1990 taxistandplaatsen, aangeduid door bord E5 van; e. bijlage 1 bij het RVV 1990 parkeerplaatsen voor invaliden, aangeduid door bord E6 van; f. bijlage 1 bij het RVV 1990 gelegenheden voor het onmiddellijk laden en lossen van goederen, aangeduid door bord E7 van; g. bijlage 1 bij het RVV 1990 parkeergelegenheden voor een categorie of groep voertuigen, aangeduid door bord E8 van; h. bijlage 1 bij het RVV 1990 parkeergelegenheden voor vergunninghouders, aangeduid door bord E9 van; i. bijlage 1 bij het RVV 1990 voetgangersgebieden, aangeduid door bord G7 of door bord C1 van. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 173, tweede lid, van de wet artikel 170, eerste lid, van de wet Voor de vaststelling van de verordening, bedoeld inpleegt het college van burgemeester en wethouders over de toepassing vanop de in de gemeente gelegen wegen en weggedeelten die bij een ander dan de gemeente in beheer zijn, overleg met de desbetreffende beheerders. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 173, tweede lid, van de wet Het college van burgemeester en wethouders zendt de tekst van de verordening, bedoeld inaan: a. de officier van justitie; b. de korpschef; c. de betrokken wegbeheerders; d. artikel 4, eerste lid, onderdeel c, van de Politiewet 2012 indien in de gemeente een luchtvaartterrein als bedoeld in, is gelegen, de commandant van de Koninklijke marechaussee. 2012 615 07-12-2012 30-11-2012 2012 615 07-12-2012 30-11-2012 01-01-2013
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 5:29, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht Het proces-verbaal krachtensbevat: a. een summiere omschrijving van het in bewaring te stellen voertuig, waarbij in elk geval wordt vermeld: 1°. de kleur van het voertuig; 2°. indien op of aan het voertuig een kenteken is bevestigd, het kenteken, en 3°. indien het voertuig tot een bepaald merk behoort, het merk; b. de plaats van waar, alsmede de datum en het tijdstip waarop het voertuig is verwijderd; c. de omstandigheden die de verwijdering van het voertuig noodzakelijk maakten; d. de staat van het voertuig voor de verwijdering, en e. een summiere opsomming van de losse voorwerpen in het voertuig voor de verwijdering. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 In het bewaringsregister worden zo spoedig mogelijk na de inbewaringstelling opgenomen: a. artikel 5 een afschrift van het proces-verbaal, bedoeld in; b. een zo nauwkeurig mogelijke omschrijving van het voertuig, en c. de datum en het tijdstip van de inbewaringstelling. 2 De gegevens in het bewaringsregister worden aangevuld met: a. de naam van degene aan wie het kenteken is opgegeven, ingeval het een voertuig betreft waarop of waaraan een kenteken is bevestigd, of b. de naam van de eigenaar of houder van het voertuig, voor zover deze bekend is kunnen worden, ingeval het een voertuig betreft waarop of waaraan geen kenteken is bevestigd. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 In het bewaringsregister worden bij het afhalen van het voertuig opgenomen: a. de datum en het tijdstip van afhalen; b. de naam en het adres van degene die het voertuig heeft afgehaald, alsmede gegevens waaruit blijkt dat deze tot het afhalen gerechtigd was, en c. het bedrag dat als kosten, verbonden aan de toepassing van bestuursdwang, is betaald. 2 Indien het voertuig binnen achtenveertig uur na de inbewaringstelling niet is afgehaald, worden in het bewaringsregister opgenomen: a. artikel 171, eerste lid, onderdeel b, van de wet de datum van de bekendmaking, bedoeld in, en b. ofwel de naam en het adres van degene aan wie is bekendgemaakt, onder vermelding van de wijze waarop aan hem is bekendgemaakt, ofwel de wijze waarop is bekendgemaakt. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 In het geval dat een inbewaringgesteld voertuig is verkocht, worden in het bewaringsregister opgenomen: a. de datum en het tijdstip van de verkoop; b. de opbrengst, de naam en het adres van de koper; c. als de verkoop een batig saldo heeft opgeleverd, het batige saldo, de naam en het adres van degene aan wie het batige saldo is uitgekeerd, alsmede gegevens waaruit blijkt dat deze tot inontvangstneming van het batige saldo gerechtigd was. 2 In het geval dat een in bewaring gesteld voertuig om niet aan een derde is overgedragen, worden in het bewaringsregister opgenomen: de naam en het adres van degene aan wie het voertuig is overgedragen. 3 artikel 15 In het geval dat een in bewaring gesteld voertuig wordt vernietigd, wordt in het bewaringsregister opgenomen: de waarde, bedoeld in. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 10 Indien de gemeente kosten geheel of gedeeltelijk terugbetaalt binnen de termijn, bedoeld in, worden in het bewaringsregister opgenomen: a. de datum waarop is terugbetaald; b. het bedrag van de terugbetaling; c. de grond voor terugbetaling, en d. de naam en het adres van degene aan wie is terugbetaald. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 De gegevens blijven in het bewaringsregister opgenomen gedurende vijf jaar na de laatste dag van het kalenderjaar waarin de gemeente het voertuig heeft teruggegeven, verkocht, om niet aan een derde in eigendom overgedragen dan wel vernietigd. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Het college van burgemeester en wethouders verstrekt aan belanghebbenden desgevraagd gegevens uit het bewaringsregister. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 Bij de vaststelling van de kosten, verbonden aan de toepassing van bestuursdwang, kunnen als directe kosten uitsluitend in aanmerking worden genomen: a. indien de gemeente de overbrenging zelf verzorgt: 1°. de afschrijvingskosten en onderhoudskosten van kraanwagens, takel- en sleepmateriaal en verbindingsmiddelen, alsmede de brandstofkosten van kraanwagens; 2°. de personele en materiële kosten, verbonden aan de bediening van kraanwagens, takel- en sleepmateriaal en verbindingsmiddelen; 3°. de personele en materiële kosten met betrekking tot het onder 1° bedoelde onderhoud, en 4°. de kosten van stalling en opslag van kraanwagens en overig materiaal; b. indien de gemeente de bewaring zelf verzorgt: 1°. de kosten van rente en afschrijving dan wel van huur van de plaats van bewaring; 2°. de kosten van inrichting en onderhoud van de plaats van bewaring, alsmede de kosten wegens energieverbruik, water en verbindingsmiddelen, en 3°. de personele en materiële kosten, verbonden aan de bewaring; c. indien de gemeente de overbrenging, onderscheidenlijk de bewaring niet zelf verzorgt, de voor de overbrenging, onderscheidenlijk de bewaring aan de gemeente in rekening gebrachte kosten, en d. artikel 172, achtste lid, van de wet de kosten van verzekering ter dekking van de aansprakelijkheid voor schade als bedoeld in. 2 artikel 171, eerste lid, onderdeel b, van de wet Ingeval van toepassing vankunnen als directe kosten tevens in aanmerking worden genomen de personele en materiële kosten, verbonden aan de bekendmaking van de beschikking, waaronder begrepen de kosten ter opsporing van degene aan wie de beschikking wordt bekendgemaakt. 3 artikel 5:30 van de Algemene wet bestuursrecht Ingevalop overeenkomstige wijze wordt toegepast, kunnen als directe kosten tevens in aanmerking worden genomen de personele en materiële kosten van verkoop, eigendomsoverdracht om niet of vernietiging, waaronder begrepen de kosten van taxatie van het voertuig. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Bij de vaststelling van de kosten, verbonden aan de toepassing van bestuursdwang, kunnen indirecte kosten tot ten hoogste 15% van de directe in aanmerking genomen kosten in aanmerking worden genomen. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 artikel 173, tweede lid, van de wet artikelen 12 13 In de gemeentelijke verordening krachtenskan op basis van een jaarlijkse raming met inachtneming van deenworden bepaald dat voor de vaststelling van de kosten, verbonden aan het overbrengen, wordt uitgegaan van: a. in de verordening opgenomen tarieven per overbrenging, waarvan de hoogte is gerelateerd aan de dag van de week, het tijdstip van overbrenging, de tijdsduur van de overbrenging en het in het kader van de overbrenging gereden aantal kilometers, dan wel b. een in de verordening opgenomen vast tarief per overbrenging. 2 artikel 173, tweede lid, van de wet artikelen 12 13 In de gemeentelijke verordening krachtenskan op basis van een jaarlijkse raming met inachtneming van deenworden bepaald dat voor de vaststelling van de kosten, verbonden aan het bewaren, wordt uitgegaan van een in de verordening opgenomen tarief per etmaal of een tarief per deel van een etmaal. 3 Bij de vaststelling van de kosten, verbonden aan het bewaren, kan voor een niet voltooid etmaal, onderscheidenlijk niet voltooid deel van een etmaal, het tarief onverkort worden toegepast. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Een in bewaring gesteld voertuig wordt niet verkocht, om niet in eigendom overgedragen of vernietigd dan nadat een beëdigd taxateur een rapport betreffende de waarde heeft opgemaakt. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 artikel 173, eerste lid, van de wet Waar in de wetvan overeenkomstige toepassing is verklaard, is dit besluit van overeenkomstige toepassing. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Het Besluit wegslepen van voertuigen (Stb. 1978, 458) wordt ingetrokken. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit wegslepen van voertuigen. 2001 353 24-07-2001 05-07-2001 2001 510 06-11-2001 18-10-2001 01-01-2002