Besluit van 11 december 2002, houdende regelen betreffende de inrichting en raadpleging van het boedelregister, bedoeld in artikel 186 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek (Besluit boedelregister)
- BWB-id
- BWBR0014438
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2015-08-17
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0014438
- ELI
- /eli/nl/amvb/2003/besluit-boedelregister
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2003/besluit-boedelregister/2015-08-17
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0014438&g=2015-08-17
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0014438&z=2026-06-06&g=2015-08-17
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0014438/2015-08-17
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2003/besluit-boedelregister
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 artikel 186 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek Voor een inschrijving in het boedelregister, bedoeld in, moeten de volgende stukken aan de griffier worden overgelegd, dan wel, in de gevallen bedoeld onder b, d, f, g, h, k en m aan de griffier ter beschikking staan: a. artikel 18 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek ter inschrijving van de verklaring, bedoeld in: een authentiek afschrift of uittreksel van de desbetreffende notariële akte alsmede, indien de verklaring in naam van de echtgenoot is afgelegd, een afschrift van de in genoemde bepaling bedoelde uitdrukkelijke voor dit doel afgegeven schriftelijke volmacht; b. artikel 185 lid 3 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek ter inschrijving van de verlenging van de termijn, bedoeld in: een authentiek afschrift van de beschikking; c. artikel 186 lid 2 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek ter inschrijving van een notaris die betrokken is bij de afwikkeling van een nalatenschap, als bedoeld in: de schriftelijke mededeling terzake van de desbetreffende notaris; d. artikel 191 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek artikel 3 lid 1, aanhef en onder a ter inschrijving van de verklaring houdende zuivere aanvaarding of aanvaarding onder het voorrecht van boedelbeschrijving dan wel verwerping van een nalatenschap, bedoeld inen artikel 13 van de verordening (EU) nr. 650/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen en de aanvaarding en de tenuitvoerlegging van authentieke akten op het gebied van erfopvolging, alsmede betreffende de instelling van een Europese erfrechtverklaring (PBEU 2012, L 201): de in, bedoelde akte, alsmede de volmacht, indien deze akte bij volmacht wordt ondertekend; e. artikel 192 lid 2 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek ter inschrijving van de beschikking, onder vermelding van de daarvan gedane betekening, bedoeld in: een authentiek afschrift van de beschikking, alsmede het exploot van betekening; f. artikelen 192 lid 2 193 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek ter inschrijving van de verlenging van de termijnen, bedoeld in deen: een authentiek afschrift van de beschikking; g. artikel 193 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek artikel 3 lid 1, aanhef en onder b ter inschrijving van de verklaring van beneficiaire aanvaarding of van verwerping door een wettelijke vertegenwoordiger van een erfgenaam, bedoeld inen artikel 13 van de verordening (EU) nr. 650/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen en de aanvaarding en de tenuitvoerlegging van authentieke akten op het gebied van erfopvolging, alsmede betreffende de instelling van een Europese erfrechtverklaring (PBEU 2012, L 201): de in, bedoelde akte alsmede de volmacht, indien deze akte bij volmacht wordt ondertekend, en voorts, in het geval van verwerping, een authentiek afschrift van de beschikking houdende machtiging van de kantonrechter; h. artikel 193 lid 2 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek ter inschrijving van het verlopen zijn van de termijn waardoor de nalatenschap als door de erfgenaam beneficiair aanvaard geldt, als bedoeld in: een authentiek afschrift van de beschikking; i. artikel 197 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek ter inschrijving van een notaris als boedelnotaris voor een beneficiair aanvaarde nalatenschap, als bedoeld in: de schriftelijke mededeling terzake van de desbetreffende notaris; j. artikel 197 lid 2 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek ter inschrijving van de vervanging van de boedelnotaris, als bedoeld in: een authentiek afschrift van de beschikking; k. artikel 206 lid 6 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek artikel 209 lid 4 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek ter inschrijving van de benoeming van een vereffenaar of van het eindigen van diens hoedanigheid, als bedoeld in, dan wel van de opheffing van de vereffening, als bedoeld in: een authentiek afschrift van de beschikking; l. artikel 211 lid 5 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek ter inschrijving van de door een vereffenaar aangewezen boedelnotaris, als bedoeld in: de schriftelijke mededeling terzake van de desbetreffende notaris; m. artikel 3 lid 1, aanhef en onder c ter inschrijving van de verklaring van aanvaarding dan wel verwerping van een legaat, bedoeld in artikel 13 van de verordening (EU) nr. 650/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen en de aanvaarding en de tenuitvoerlegging van authentieke akten op het gebied van erfopvolging, alsmede betreffende de instelling van een Europese erfrechtverklaring (PBEU 2012, L 201): de in, bedoelde akte, alsmede de volmacht, indien deze akte bij volmacht wordt ondertekend. 2015 221 18-06-2015 05-06-2015 2015 221 18-06-2015 05-06-2015 17-08-2015
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 1, onder b, f, h en k De inbedoelde feiten worden door de griffier ambtshalve in het boedelregister ingeschreven. 2002 608 17-12-2002 11-12-2002 2002 608 17-12-2002 11-12-2002 01-01-2003
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De griffier maakt een akte op van: Degene die de verklaring aflegt in persoon of bij gevolmachtigde ondertekent de akte, waarna deze in het boedelregister wordt ingeschreven. a. artikel 191 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek een verklaring houdende zuivere aanvaarding of aanvaarding onder het voorrecht van boedelbeschrijving dan wel verwerping van een nalatenschap als bedoeld in; b. artikel 193 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek een verklaring van beneficiaire aanvaarding of van verwerping door de wettelijke vertegenwoordiger van een erfgenaam als bedoeld in; c. een verklaring van aanvaarding dan wel verwerping van een legaat als bedoeld in artikel 13 van de verordening (EU) nr. 650/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen en de aanvaarding en de tenuitvoerlegging van authentieke akten op het gebied van erfopvolging, alsmede betreffende de instelling van een Europese erfrechtverklaring (PBEU 2012, L 201). 2 Indien een in het eerste lid bedoelde verklaring bij gevolmachtigde is ondertekend, wordt de volmacht aan de akte gehecht. 2015 221 18-06-2015 05-06-2015 2015 221 18-06-2015 05-06-2015 17-08-2015
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 1 In het boedelregister worden uitsluitend ingenoemde feiten ingeschreven die betrekking hebben op nalatenschappen van erflaters die hun laatste woonplaats hebben in het arrondissement van de desbetreffende rechtbank. 2 artikel 1 onder d, g of m artikel 193 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek De ingenoemde feiten die betrekking hebben op nalatenschappen van erflaters die hun laatste gewone verblijfplaats in een lidstaat als bedoeld in verordening (EU) nr. 650/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen en de aanvaarding en de tenuitvoerlegging van authentieke akten op het gebied van erfopvolging, alsmede betreffende de instelling van een Europese erfrechtverklaring (PBEU 2012, L 201) hebben, kunnen worden ingeschreven in het boedelregister gehouden in het arrondissement van de woonplaats van de erfgenaam, de wettelijke vertegenwoordiger van een erfgenaam als bedoeld inof de legataris. 3 artikel 1 Kan een ingenoemd feit niet op grond van vorenstaande leden worden ingeschreven, dan wordt het ingeschreven in het boedelregister gehouden door de griffier van de rechtbank Den Haag. 2015 221 18-06-2015 05-06-2015 2015 221 18-06-2015 05-06-2015 17-08-2015
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Het boedelregister wordt gehouden in elektronische vorm, en is een van de overige onderdelen afgescheiden onderdeel van het landelijke geautomatiseerde processysteem voor civiele procedures bij de rechtbanken. 2 Inschrijving geschiedt door het vastleggen van het desbetreffende feit in bedoeld onderdeel van het processysteem, en wel op zodanige wijze dat het verband met de desbetreffende nalatenschap en met andere ingeschreven op de nalatenschap betrekking hebbende feiten terstond kan worden gelegd en het verlenen van inzage in of het verstrekken van een uittreksel uit het boedelregister terstond kan plaatsvinden. Elke inschrijving wordt van een dagtekening voorzien. 2002 608 17-12-2002 11-12-2002 2002 608 17-12-2002 11-12-2002 01-01-2003
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 1 De ingenoemde stukken die voor een inschrijving in het boedelregister dienen te worden overgelegd of ter beschikking dienen te staan, maken geen deel uit van het boedelregister. Zij worden ter griffie van de rechtbank zodanig bewaard, dat het verband met de op grond daarvan ingeschreven feiten kan worden gelegd. 2002 608 17-12-2002 11-12-2002 2002 608 17-12-2002 11-12-2002 01-01-2003
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Wet griffierechten burgerlijke zaken De griffier is verplicht aan eenieder kosteloos inzage in het boedelregister te verstrekken. Het verzoek daartoe dient op een bepaalde nalatenschap betrekking te hebben. De griffier is, met inachtneming van de vorige volzin, voorts verplicht om met betrekking tot een of meer der in het boedelregister ingeschreven en door de verzoeker aangegeven feiten, een uittreksel uit het boedelregister te verstrekken, zulks met inachtneming van het bij of krachtens debepaalde. 2010 727 28-10-2010 26-10-2010 2010 726 28-10-2010 26-10-2010 01-11-2010 Treedt in werking op het tijdstip
waarop de artikelen 21, tweede lid, en 26 van de Wet griffierechten
burgerlijke zaken in werking treden.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 7 artikel 1070 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek Indien aan de griffier een verzoek als inbedoeld wordt gedaan en de nalatenschap voor het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit is opengevallen, gaat de griffier ambtshalve na of terzake van die nalatenschap feiten zijn ingeschreven in het daartoe bestemde register, bedoeld inzoals dat voor genoemd tijdstip gold. 2002 608 17-12-2002 11-12-2002 2002 608 17-12-2002 11-12-2002 01-01-2003
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2003. Indien het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 31 december 2002, treedt het in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, en werkt het terug tot en met 1 januari 2003. 2002 608 17-12-2002 11-12-2002 2002 608 17-12-2002 11-12-2002 01-01-2003
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit boedelregister. 2002 608 17-12-2002 11-12-2002 2002 608 17-12-2002 11-12-2002 01-01-2003