Besluit van 23 augustus 2004, houdende wijziging van het Besluit bovenwettelijke werkloosheidsregeling voor onderwijspersoneel primair en voortgezet onderwijs
- BWB-id
- BWBR0017135
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- 2004-09-08 t/m 2019-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0017135
- ELI
- /eli/nl/amvb/2004/wijzigingsbesluit-besluit-bovenwettelijke-werkloosheidsregel-bwbr0017135
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2004/wijzigingsbesluit-besluit-bovenwettelijke-werkloosheidsregel-bwbr0017135/2004-09-08
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0017135&g=2004-09-08
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0017135&z=2026-06-06&g=2004-09-08
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0017135/2004-09-08
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2004/wijzigingsbesluit-besluit-bovenwettelijke-werkloosheidsregel-bwbr0017135
Artikel I — Artikel I#
Artikel I Wijzigt het Besluit bovenwettelijke werkloosheidsregeling voor onderwijspersoneel primair en voortgezet onderwijs. 2004 438 07-09-2004 23-08-2004 2004 438 07-09-2004 23-08-2004 08-09-2004 01-03-2004
Artikel II — Artikel II Overgangsbepaling#
Artikel II Overgangsbepaling 1 Besluit bovenwettelijke werkloosheidsregeling voor onderwijspersoneel primair en voortgezet onderwijs artikel 130h, tweede lid, Werkloosheidswet Het, zoals dat luidde op de dag voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit, blijft van toepassing op de betrokkene met een recht op uitkering waaraan een recht op WW-vervolguitkering is verbonden. Met een recht op vervolguitkering wordt hier niet bedoeld een recht op grond van. 2 Werkloosheidswet die wet artikel 130h, tweede lid, Werkloosheidswet De betrokkene wiens eerste dag van werkloosheid is gelegen voor de datum van in werking treding van dit besluit en die geen recht op vervolguitkering heeft vanwege het vervallen van de vervolguitkering op grond van de wet van 19 december 2003 tot wijziging van de Werkloosheidswet in verband met afschaffing van de vervolguitkering (Stb. 546), heeft recht op aansluitende uitkering indien hij voldoet aan de voorwaarden voor het recht op vervolguitkering zoals opgenomen in de, zoalsluidde op de dag voor de inwerkingtreding van de wet van 19 december 2003 tot wijziging van de Werkloosheidswet in verband met afschaffing van de vervolguitkering (Stb. 546). Met een recht op vervolguitkering wordt hier niet bedoeld een recht op grond van. 3 Werkloosheidswet Besluit bovenwettelijke werkloosheidsregeling voor onderwijspersoneel primair en voortgezet onderwijs artikel 8 van het Besluit bovenwettelijke werkloosheidsregeling voor onderwijspersoneel primair en voortgezet onderwijs De aansluitende uitkering, bedoeld in het tweede lid, is gelijk aan de vervolguitkering waarop de betrokkene recht zou hebben gehad op grond van de, zoals deze luidde op de dag voor de inwerkingtreding van de wet van 19 december 2003 tot wijziging van de Werkloosheidswet in verband met afschaffing van de vervolguitkering (Stb.546), vermeerderd met de aanvulling op de vervolguitkering waarop de betrokkene recht zou hebben gehad op grond van het, zoals dat luidde op de dag voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit. Deze aansluitende uitkering wordt, indien aan de voorwaarden wordt voldaan, verlengd met de aansluitende uitkering, zoals bedoeld in, zoals dat luidde op de dag voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit. 4 artikel 130h, tweede lid, Werkloosheidswet artikel 4 van het Besluit bovenwettelijke werkloosheidsregeling voor onderwijspersoneel primair en voortgezet onderwijs Voorzover de betrokkene tegelijk recht heeft op een uitkering, als bedoeld in het tweede lid en een vervolguitkering op grond van, heeft hij geen recht op een aanvulling op deze WW-uitkering op grond van. 5 artikel 130h, tweede lid, Werkloosheidswet WW Voorzover de betrokkene tegelijk recht heeft op een uitkering bedoeld in het tweede lid en een vervolguitkering op grond van, heeft de uitkering bedoeld in het tweede lid, het karakter van een aanvulling tot de hoogte, bedoeld in het derde lid. Voor de berekening van de hoogte van deze aanvulling, wordt de uitkering op grond van degeacht onverminderd te zijn ontvangen indien deze op grond van enige wettelijke bepaling geheel of gedeeltelijk is geweigerd, dan wel niet of niet geheel is betaald. 6 artikel 130h, tweede lid, Werkloosheidswet artikel 8 artikel 130h, tweede lid, Werkloosheidswet De betrokkene wiens eerste dag van werkloosheid is gelegen op of na de datum van in werking treding van dit besluit en die recht heeft op een vervolguitkering als bedoeld inheeft, voorzover geen recht bestaat op aansluitende uitkering, zoals bedoeld invan dit besluit, recht op een aanvulling op de vervolguitkering als bedoeld in. 7 De vervolguitkering bedoeld in het zesde lid wordt per dag aangevuld: a. indien de betrokkene op de eerste werkloosheidsdag ten minste 40 jaar oud is en een diensttijd heeft van ten minste 5 jaar: tot 70% van de gemaximeerde berekeningsgrondslag; b. in de overige gevallen: tot 100% van het minimumloon; indien 70% van de ongemaximeerde berekeningsgrondslag lager is dan 100% van het minimumloon, wordt de vervolguitkering echter per dag aangevuld tot 70% van de ongemaximeerde berekeningsgrondslag. 2004 438 07-09-2004 23-08-2004 2004 438 07-09-2004 23-08-2004 08-09-2004 01-03-2004
Artikel III — Artikel III#
Artikel III Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 maart 2004. 2004 438 07-09-2004 23-08-2004 2004 438 07-09-2004 23-08-2004 08-09-2004 01-03-2004