Besluit van 30 oktober 2006, houdende regels met betrekking tot de ontheffing van verplichtingen genoemd in de Werkloosheidswet en de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Besluit ontheffing verplichtingen WW en Wet WIA)
- BWB-id
- BWBR0020483
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2022-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0020483
- ELI
- /eli/nl/amvb/2006/besluit-ontheffing-verplichtingen-sociale-zekerheidswetten
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2006/besluit-ontheffing-verplichtingen-sociale-zekerheidswetten/2022-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0020483&g=2022-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0020483&z=2026-06-06&g=2022-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0020483/2022-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2006/besluit-ontheffing-verplichtingen-sociale-zekerheidswetten
Artikel 1 — Artikel 1 Definities#
Artikel 1 Definities In dit besluit wordt verstaan onder: IOW: Wet inkomensvoorziening oudere werklozen ; IOW-uitkering: IOW een uitkering op grond van de; mantelzorg : noodzakelijke zorg voor een zieke of gehandicapte; uitkeringsgerechtigde Wet WIA paragraaf 7.2 van die wet hoofdstuk 1, paragraaf 2, van de WW artikel 2:15 2:17 van de Wajong : de verzekerde, bedoeld in de, die zijn resterende verdiencapaciteit als bedoeld inniet volledig benut of de werknemer, bedoeld in, die recht heeft op een WGA-uitkering respectievelijk een WW-uitkering, of de jonggehandicapte die recht heeft op arbeidsondersteuning, bedoeld inen, de verzekerde die ziekengeld ontvangt of de persoon die recht heeft op een IOW-uitkering; Wajong: Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten ; Wazo: Wet arbeid en zorg ; Wet WIA Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen :; WGA-uitkering hoofdstuk 7 van de Wet WIA : een werkhervattingsuitkering gedeeltelijk arbeidsgeschikten als bedoeld in; WW Werkloosheidswet :; WW-uitkering WW : een uitkering op grond van de; Ziekengeld: ZW ziekengeld op grond van de; ZW: Ziektewet . 2015 242 29-06-2015 18-06-2015 2015 242 29-06-2015 18-06-2015 01-07-2015
Artikel 1a — Artikel 1a Aanvulling wettelijke grondslag#
Artikel 1a Aanvulling wettelijke grondslag artikelen 24, negende lid 26, vierde lid, van de WW 32, derde lid, van de Wet WIA 16, tweede lid, van de IOW 2:32, vijfde lid 2:33, eerste lid, van de Wajong 30aa, derde lid, van de ZW Dit besluit berust op de, en,,,, enen. 2021 629 20-12-2021 13-12-2021 2021 629 20-12-2021 13-12-2021 01-01-2022
Artikel 2 — Artikel 2 Ontheffing in verband met vrijwilligerswerk#
Artikel 2 Ontheffing in verband met vrijwilligerswerk Vervallen 2015 242 29-06-2015 18-06-2015 2015 242 29-06-2015 18-06-2015 01-07-2015
Artikel 3 — Artikel 3 Ontheffing in verband met mantelzorg#
Artikel 3 Ontheffing in verband met mantelzorg 1 artikel 30, eerste lid, onderdelen a en b, van de Wet WIA artikel 2:32, tweede lid, onderdeel c, van de Wajong artikel 30, eerste lid, onderdelen a en b, van de ZW artikel 24, eerste lid, onderdeel b, onder 1° en 2°, van de WW artikel 15, onderdelen b, c en e, van de IOW Het UWV kan aan een uitkeringsgerechtigde op diens aanvraag voor een periode van maximaal zes maanden ontheffing verlenen van de verplichtingen, bedoeld in,,,, of in, indien: a. de uitkeringsgerechtigde mantelzorg verricht; en b. die mantelzorg zodanig intensief is, dat in redelijkheid niet van hem kan worden gevraagd te voldoen aan die verplichtingen. 2 Het UWV kan al dan niet op aanvraag van de uitkeringsgerechtigde na afloop van de periode waarover op grond van het eerste lid ontheffing is verleend, de ontheffing telkens verlengen met een periode van een maand, indien nog steeds wordt voldaan aan de voorwaarden, bedoeld in het eerste lid, en het niet verlengen van die ontheffing gezien de individuele omstandigheden van de uitkeringsgerechtigde zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. 2021 629 20-12-2021 13-12-2021 2021 629 20-12-2021 13-12-2021 01-01-2022
Artikel 4 — Artikel 4 Ontheffing in verband met calamiteiten#
Artikel 4 Ontheffing in verband met calamiteiten 1 artikel 30, eerste lid, van de Wet WIA artikelen 2:31, eerste lid artikel 2:32, tweede lid, onderdelen c en d, van de Wajong artikel 30, eerste lid, van de ZW artikelen 24, eerste lid, onderdeel b, onder 1°, 2° en 4° 26, eerste lid, onderdelen d, f en g, van de WW artikelen 12, tweede lid, onderdeel c 14, tweede lid, onderdeel b 15, onderdelen a tot en met e, van de IOW Het UWV kan aan een uitkeringsgerechtigde al dan niet op diens aanvraag voor een periode van maximaal zes maanden ontheffing verlenen van de verplichtingen, bedoeld in, de, en,, de, enof in de,, en, indien van die uitkeringsgerechtigde tijdelijk redelijkerwijs niet kan worden verlangd dat hij aan die verplichtingen voldoet in verband met een plotselinge, ernstige crisissituatie in de privé-sfeer. 2 Het UWV kan al dan niet op aanvraag van de uitkeringsgerechtigde na afloop van de periode waarover op grond van het eerste lid ontheffing is verleend, de ontheffing aansluitend verlengen tot maximaal zes maanden, indien nog steeds wordt voldaan aan de voorwaarden, bedoeld in het eerste lid. 2021 629 20-12-2021 13-12-2021 2021 629 20-12-2021 13-12-2021 01-01-2022
Artikel 4a — Artikel 4a Ontheffing in verband met zorg voor pasgeboren kind bij overlijden van de moeder#
Artikel 4a Ontheffing in verband met zorg voor pasgeboren kind bij overlijden van de moeder 1 artikel 3:1a, tweede lid, van de Wazo artikelen 30, eerste lid, van de Wet WIA 2:31, eerste lid artikel 2:32, tweede lid, onderdelen c en d, van de Wajong 30, eerste lid, van de ZW 24, eerste lid, onderdeel b, onder 1°, 2° en 4°, en 26, eerste lid, onderdelen d, f en g, van de WW 12, tweede lid, onderdeel c 14, tweede lid, onderdeel b 15, onderdelen a tot en met e, van de IOW Het UWV kan aan een uitkeringsgerechtigde, die partner is als bedoeld in, op diens aanvraag ontheffing verlenen van de verplichtingen, bedoeld in de,, en,,,,, of, indien: a. de moeder van het kind overlijdt: 1°. artikel 3:6, eerste lid, onderdeel a, en tweede lid, onderdeel a, van de Wazo tijdens het bevallingsverlof indien zij een werknemer is als bedoeld in; 2°. artikel 3:6, eerste lid, onderdeel b, en tweede lid, onderdeel b, van de Wazo artikel 3:17, eerste lid, onderdelen a en b, van die wet tijdens de bevallingsuitkering indien zij gelijkgestelde als bedoeld inof zelfstandige of beroepsbeoefenaar op arbeidsovereenkomst is als bedoeld in; of 3°. afdeling 2 van hoofdstuk 3 van de Wazo binnen tien weken na de dag van de geboorte van het kind indien de moeder geen recht had op bevallingsverlof of een bevallingsuitkering als bedoeld in; en b. er een akte van geboorte van haar kind is opgemaakt. 2 Deze ontheffing eindigt op de dag dat: a. artikel 3:6, eerste lid, onderdeel a, en tweede lid, onderdeel a, van de Wazo het bevallingsverlof van de moeder, die werknemer is als bedoeld in, zou zijn geëindigd; b. artikel 3:6, eerste lid, onderdeel b, en tweede lid, onderdeel b, van de Wazo artikel 3:17, eerste lid, onderdelen a en b, van die wet de bevallingsuitkering van de moeder, die gelijkgestelde als bedoeld inof zelfstandige of beroepsbeoefenaar op arbeidsovereenkomst is als bedoeld in, zou zijn geëindigd; of c. afdeling 2 van hoofdstuk 3 van de Wazo tien weken na de dag van de geboorte van het kind zijn verstreken, indien de moeder geen recht had op bevallingsverlof of een bevallingsuitkering als bedoeld in. 3 artikel 3:1, vijfde lid artikel 3:18, tweede lid, van de Wazo Indien, ofvan toepassing, is eindigt de ontheffing, in afwijking van het tweede lid, na afloop van de overeenkomstig die artikelen geldende verlenging. 2021 629 20-12-2021 13-12-2021 2021 629 20-12-2021 13-12-2021 01-01-2022
Artikel 5 — Artikel 5 Eenmalige ontheffing#
Artikel 5 Eenmalige ontheffing artikelen 3 tot en met 4a Een ontheffing als bedoeld in dekan eenmalig worden verleend per toestand of gebeurtenis. 2015 242 29-06-2015 18-06-2015 2015 242 29-06-2015 18-06-2015 01-07-2015
Artikel 6 — Artikel 6 Nadere regelgeving#
Artikel 6 Nadere regelgeving artikelen 2 tot en met 4 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de in degestelde voorwaarden en de wijze waarop aangetoond kan worden dat aan die voorwaarden is voldaan. 2006 526 31-10-2006 30-10-2006 2006 526 31-10-2006 30-10-2006 01-11-2006
Artikel 6a — Artikel 6a Overgangsrecht#
Artikel 6a Overgangsrecht artikelen 2 3 4 Indien door het UWV aan de uitkeringsgerechtigde, voor de inwerkingtreding van artikel IV van het besluit van 18 juni 2015, houdende wijziging van enige algemene maatregelen van bestuur in verband met de Wet werk en zekerheid, het invoeren van een ontheffing in verband met de zorg voor een pasgeboren kind bij overlijden van de moeder, een wijziging van het Remigratiebesluit in verband met de berekenwijze van de jaarlijkse indexatie van de remigratie-uitkeringen, het vrijlaten van de afkoopsom klein pensioen voor verschillende uitkeringen in het Algemeen inkomensbesluit socialezekerheidswetten alsmede enkele technische wijzigingen in enkele besluiten (Stb. 242), een ontheffing is verleend op grond van de,of, blijven de artikelen 2, 3 en 4 zoals deze luidden voor die inwerkingtreding van toepassing voor de uitkeringsgerechtigde gedurende de resterende duur van die ontheffing. 2015 242 29-06-2015 18-06-2015 2015 242 29-06-2015 18-06-2015 01-07-2015
Artikel 7 — Artikel 7 Inwerkingtreding#
Artikel 7 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst. 2006 526 31-10-2006 30-10-2006 2006 526 31-10-2006 30-10-2006 01-11-2006
Artikel 8 — Artikel 8 Citeertitel#
Artikel 8 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit ontheffing verplichtingen sociale zekerheidswetten. 2009 585 30-12-2009 15-12-2009 2009 581 30-12-2009 15-12-2009 01-01-2010 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (bevorderen participatie jonggehandicapten door werk en arbeidsondersteuning) (Stb. 2009/580) in werking treedt.