Besluit van 9 november 2005, houdende regels ter uitvoering van de Meststoffenwet (Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet)
- BWB-id
- BWBR0019031
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2025-12-09
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0019031
- ELI
- /eli/nl/amvb/2006/uitvoeringsbesluit-meststoffenwet
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2006/uitvoeringsbesluit-meststoffenwet/2025-12-09
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0019031&g=2025-12-09
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0019031&z=2026-06-06&g=2025-12-09
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0019031/2025-12-09
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2006/uitvoeringsbesluit-meststoffenwet
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Meststoffenwet wet:; b. perceel: aaneengesloten, door wegen, waterwegen, sloten, houtopstanden, muren, wallen of anderszins topografisch begrensde oppervlakte grond, dan wel het gedeelte daarvan behorend tot één bedrijf; c. graasdieren: runderen, uitgezonderd andere vleeskalveren dan rosékalveren, schapen, geiten, paarden, ezels, Midden-Europese edelherten, damherten en waterbuffels; d. staldieren: andere dieren dan graasdieren; e. zuiveringsslib: 1°. slib, dat afkomstig is van een installatie voor de zuivering van huishoudelijk, stedelijk of industrieel afvalwater dan wel ander afvalwater van soortgelijke samenstelling als huishoudelijk, stedelijk en industrieel afvalwater; of 2°. slib, dat afkomstig is van septictanks en andere installaties voor de verzameling, afvoer en behandeling van afvalwater met uitzondering van vet- en zandvangers; f. compost: product afkomstig uit een aeroob proces, dat bestaat uit één of meer organische afvalstoffen die al dan niet met bodembestanddelen zijn gemengd en die met behulp van micro-organismen zijn afgebroken en omgezet tot een homogeen en zodanig stabiel eindproduct dat daarin alleen nog een langzame afbraak van humeuze verbindingen plaatsvindt en dat niet mede bestaat uit dierlijke meststoffen en niet verpompbaar is; g. meststoffenverordening: verordening (EG) nr. 2003/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 inzake meststoffen (PbEU L 304); h. anorganische meststoffen: meststoffen waarin de aangegeven nutriënten voorkomen in de vorm van mineralen die door winning of door fysische of chemische industriële processen zijn verkregen, alsmede calciumcyaanamide, ureum en de condensatie- en associatieproducten ervan en meststoffen die chelaatvormige of complexvormige micronutriënten als bedoeld in de meststoffenverordening bevatten; i. EG-meststoffen: als «EG-meststof» aangeduide meststoffen die tot een in bijlage I van de meststoffenverordening vermeld type meststoffen behoren en die aan de bij of krachtens die verordening gestelde voorschriften voldoen; j. overige anorganische meststoffen: anorganische meststoffen niet zijnde EG-meststoffen of herwonnen fosfaten; k. organische meststoffen: meststoffen niet zijnde anorganische meststoffen; l. overige organische meststoffen: organische meststoffen niet zijnde dierlijke meststoffen, zuiveringsslib, compost of herwonnen fosfaten; m. kalkmeststoffen: organische of anorganische meststoffen die hoofdzakelijk zijn bedoeld om zuurgraad in de bodem in stand te houden of te verlagen; n. artikel 1.1 van de Wet milieubeheer afvalstoffen: afvalstoffen als bedoeld in; o. intermediaire onderneming: onderneming, niet zijnde een bedrijf, in het kader waarvan al dan niet uitsluitend dierlijke meststoffen worden verhandeld of worden gebruikt; p. ondernemer: natuurlijke persoon of rechtspersoon die, of samenwerkingsverband van natuurlijke personen of rechtspersonen dat een onderneming voert; q. intermediair: ondernemer die een intermediaire onderneming voert; r. artikel 1.1 van de Wet dieren diervoeders: diervoeders als bedoeld in; s. vervoeren van meststoffen: elk feitelijk transporteren van meststoffen, het laden en lossen van deze meststoffen inbegrepen, met uitzondering van het feitelijk transporteren binnen een bedrijf; t. vracht meststoffen: hoeveelheid meststoffen die als eenheid in een afzonderlijk transportmiddel al dan niet met aanhanger wordt vervoerd; u. leverancier van meststoffen: landbouwer of ondernemer die meststoffen feitelijk overdraagt met het oogmerk de meststoffen buiten zijn bedrijf of onderneming te brengen; v. afnemer van meststoffen: degene die meststoffen feitelijk krijgt overgedragen; w. drijfmest: dierlijke meststoffen die verpompbaar zijn; x. apparatuur voor automatische gegevensregistratie: apparatuur waarmee de gegevens met betrekking tot een vracht meststoffen automatisch worden vastgelegd; y. satellietvolgapparatuur: apparatuur die met behulp van de door satellieten uitgezonden signalen automatisch de positie van een transportmiddel bepaalt; z. opslagruimte voor meststoffen: ruimte die in het kader van een bedrijf of een intermediaire onderneming wordt gebruikt of bestemd is om te worden gebruikt voor de opslag van meststoffen; aa. herwonnen fosfaten: 1°. struviet, hoofdzakelijk bestaand uit magnesiumammoniumfosfaat, dat is vrijgekomen bij de zuivering van industrieel proceswater of huishoudelijk, stedelijk of industrieel afvalwater dan wel ander afvalwater door precipitatie met opgelost magnesium, ammonium of kalium; 2°. magnesiumfosfaat, dat is vrijgekomen bij pasteurisatie of bij het drogen van struviet, of 3°. dicalciumfosfaat, hoofdzakelijk bestaand uit dicalciumfosfaat, dat is vrijgekomen bij de zuivering van huishoudelijk, stedelijk of industrieel afvalwater dan wel ander afvalwater door precipitatie met opgelost calcium. 2 Onder primaire nutriënten, secundaire nutriënten, micronutriënten, vloeibare meststof en fabrikant wordt verstaan hetgeen daaronder in de meststoffenverordening wordt verstaan. 2018 400 12-11-2018 29-10-2018 2018 485 19-12-2018 12-12-2018 01-01-2019
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a artikel 20.6 artikel 20.7, aanhef en onder a, van de Omgevingswet Dit besluit berust mede opin verbinding met. 2020 400 28-10-2020 16-09-2020 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 hoofdstuk V Voor de toepassing van dit besluit, met uitzondering van, worden de hoeveelheden meststoffen uitgedrukt in kilogrammen of liters alsmede in kilogrammen stikstof en kilogrammen fosfaat. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 01-01-2006
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 1, vierde lid, van de wet Als de kaarten, bedoeld in, worden vastgesteld de kaarten die zijn opgenomen als bijlage I bij dit besluit. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 01-01-2006
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Het is verboden meststoffen te verhandelen. 2 artikelen 5 6 19 artikelen 7 19, zesde lid 21 Het verbod geldt niet indien ten aanzien van deze meststoffen is voldaan aan de,en, aan de krachtens de,, engestelde regels en aan: a. artikelen 8 9 14 15, tweede lid 18 de,,,, en, indien het overige anorganische meststoffen betreft; b. artikelen 10 14 15, tweede lid de,en, indien het kalkmeststoffen betreft; c. artikel 16 , indien het zuiveringsslib betreft; d. artikel 17 , indien het compost betreft; e. artikel 17a , indien het herwonnen fosfaten betreft, en f. artikelen 11 12 13 14, eerste lid 15, eerste lid de,,,, en, indien het overige organische meststoffen betreft. 3 Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing op de verhandeling van: a. 40, tweede lid, van de Meststoffenwet EG-meststoffen, voor zover ten aanzien van deze meststoffen is voldaan aan de ter uitvoering van de meststoffenverordening krachtens, gestelde regels; b. artikel 1, onderdeel d, onder 2°, van de wet meststoffen als bedoeld in; c. artikel 5, tweede lid uitwerpselen van dieren, daaronder begrepen de geheel of gedeeltelijk verteerde maag- of darminhoud van deze dieren en mengsels van strooisel met de uitwerpselen, alsook producten daarvan voor zover aan de uitwerpselen of de producten daarvan geen andere meststoffen zijn toegevoegd dan meststoffen die aan de in het tweede lid bedoelde regels voldoen of voor zover de producten daarvan eindproducten zijn die krachtens, zijn aangewezen. 4 Het is verboden meststoffen, niet zijnde EG-meststoffen, met de aanduiding «EG-meststof» te verhandelen. 2014 543 22-12-2014 15-12-2014 2015 83 26-02-2015 10-02-2015 27-02-2015
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Meststoffen, met uitzondering van zuiveringsslib, compost en herwonnen fosfaten, zijn niet geheel of gedeeltelijk geproduceerd uit afvalstoffen of uit reststoffen, tenzij het betreft de krachtens het tweede lid aangewezen stoffen. 2 Bij ministeriële regeling kunnen afvalstoffen of reststoffen, categorieën afvalstoffen of reststoffen of eindproducten van bij die regeling omschreven bewerkingsprocédés worden aangewezen, indien er naar het oordeel van Onze Minister geen landbouwkundige en milieukundige bezwaren bestaan dat deze stoffen als meststof worden verhandeld of bij de productie van meststoffen worden gebruikt. 3 Meststoffen zijn niet met afvalstoffen of reststoffen gemengd, tenzij het betreft: a. de krachtens het tweede lid, aangewezen stoffen; b. artikel 4.3, eerste lid artikel 4.6, eerste lid, van de Omgevingswet artikel 4.5, eerste lid, van de Omgevingswet afvalwaterstromen die gelet op de op grond van, ofgestelde regels of de op grond vangestelde maatwerkvoorschriften of vergunningvoorschriften gelijkmatig over de landbouwgronden verspreid mogen worden. 2021 98 25-02-2021 27-11-2020 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 De meststof verkeert in een voor de praktijk bruikbare toestand en is gelijkmatig van samenstelling. 2 De meststof levert voedsel voor planten of delen van planten in de vorm van primaire of secundaire nutriënten of micronutriënten of verbetert de bodemeigenschappen door het leveren van organische stof dan wel door het in stand houden of het verlagen van de zuurgraad in de bodem en oefent de werking waarvoor de stof hoofdzakelijk is bedoeld, doeltreffend uit. 3 De meststof heeft onder normale gebruiksomstandigheden geen schadelijke gevolgen voor de gezondheid van mens, dier of plant of voor het milieu. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent de toelaatbaarheid van het onderling mengen van meststoffen. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Ten aanzien van overige anorganische meststoffen op basis van ammoniumnitraat die meer dan 28 gewichtsprocenten stikstof in verhouding tot het ammoniumnitraat bevatten, is voldaan aan Titel II, Hoofdstuk IV, van de meststoffenverordening. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Overige anorganische meststoffen die hoofdzakelijk zijn bedoeld om primaire nutriënten te leveren, bevatten ten minste één van de volgende nutriënten, in de daarbij vermelde minimale hoeveelheid, uitgedrukt in gewichtsprocenten van de droge stof: a. meststof, bedoeld voor het leveren van stikstof: – stikstof (N) totaal: 5; b. meststof, bedoeld voor het leveren van fosfaat: 2 5 – fosfaat (PO) totaal: 5; c. meststof, bedoeld voor het leveren van kali: 2 – kali (KO) oplosbaar in water: 5. 2 Overige anorganische meststoffen die hoofdzakelijk zijn bedoeld om secundaire nutriënten of micronutriënten te leveren, bevatten ten minste één van de bij ministeriële regeling aangewezen secundaire nutriënten of micronutriënten, in de bij deze regeling vastgestelde minimale hoeveelheid. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Kalkmeststoffen hebben een neutraliserende waarde van ten minste 25 op basis van de droge stof. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Overige organische meststoffen die hoofdzakelijk zijn bedoeld om organische stof te leveren, bevatten ten minste twintig gewichtsprocenten organische stof van de droge stof. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 Vaste overige organische meststoffen die hoofdzakelijk zijn bedoeld om primaire nutriënten te leveren, bevatten ten minste één van de volgende nutriënten, in de daarbij vermelde minimale hoeveelheid, uitgedrukt in gewichtsprocenten: a. meststof, bedoeld voor het leveren van stikstof: – stikstof (N) totaal: 0,5; b. meststof, bedoeld voor het leveren van fosfaat: 2 5 – fosfaat (PO) totaal: 0,5; c. meststof, bedoeld voor het leveren van kali: 2 – kali (KO) oplosbaar in water: 0,5. 2 Vloeibare overige organische meststoffen die hoofdzakelijk zijn bedoeld om primaire nutriënten te leveren, bevatten ten minste één van de volgende nutriënten, in de daarbij vermelde minimale hoeveelheid, uitgedrukt in gewichtsprocenten van de droge stof: a. meststof, bedoeld voor het leveren van stikstof: – stikstof (N) totaal: 0,5; b. meststof, bedoeld voor het leveren van fosfaat: 2 5 – fosfaat (PO) totaal: 0,5; c. meststof, bedoeld voor het leveren van kali: 2 – kali (KO) oplosbaar in water: 0,5. 3 In overige organische meststoffen die tenminste 0,5 gewichtsprocenten stikstof bevatten, is de hoeveelheid organisch gebonden stikstof ten minste 85 procent van de totale hoeveelheid stikstof. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Overige organische meststoffen bevatten geen biologisch afbreekbare delen met een diameter groter dan 50 millimeter en niet meer dan 0,5 gewichtsprocent aan bodemvreemde niet-biologisch afbreekbare delen. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 artikel 5, tweede lid bijlage II, onder tabel 1 Overige anorganische meststoffen die hoofdzakelijk zijn bedoeld om primaire nutriënten te leveren, overige organische meststoffen, kalkmeststoffen, alsmede de krachtens, aangewezen stoffen die als meststof of bij de productie van meststoffen worden gebruikt, overschrijden niet de in, bij dit besluit opgenomen maximale waarden voor zware metalen, uitgedrukt in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel. 2 Overige anorganische meststoffen die hoofdzakelijk zijn bedoeld om secundaire nutriënten of micronutriënten te leveren overschrijden niet de bij ministeriële regeling vastgestelde maximale waarden voor zware metalen, uitgedrukt in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 artikel 5, tweede lid bijlage II, onder tabel 4 Overige organische meststoffen alsmede de krachtens, aangewezen stoffen die als meststof of bij de productie van meststoffen worden gebruikt, overschrijden niet de in, bij dit besluit opgenomen maximale waarden voor organische microverontreinigingen, uitgedrukt in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel. 2 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op kalkmeststoffen en overige anorganische meststoffen die organisch materiaal van dierlijke of plantaardige oorsprong bevatten, met dien verstande dat voor zover het betreft overige anorganische meststoffen die hoofdzakelijk zijn bedoeld om secundaire nutriënten of micronutriënten te leveren, de maximale waarden voor organische microverontreinigingen uitgedrukt in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel, worden vastgesteld bij ministeriële regeling. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 1 Zuiveringsslib is behandeld langs biologische, chemische of thermische weg, door langdurige opslag of volgens enig ander geschikt procédé, dat tot gevolg heeft dat het grootste deel van de in het zuiveringsslib aanwezige pathogene organismen afsterft. 2 Zuiveringsslib bevat ten minste vijftig gewichtsprocenten organische stof van de droge stof of heeft een neutraliserende waarde van 25 op basis van de droge stof. 3 bijlage II, onder tabel 2 Zuiveringsslib overschrijdt niet de in, bij dit besluit opgenomen maximale waarden voor zware metalen, uitgedrukt in milligrammen per kilogram droge stof. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 1 Compost bevat geen biologisch afbreekbare delen met een diameter groter dan 50 millimeter en niet meer dan 0,5 gewichtsprocent aan bodemvreemde niet-biologisch afbreekbare delen. 2 Compost bevat ten minste tien gewichtsprocenten organische stof van de droge stof. 3 artikel 1 van het Besluit bodemkwaliteit artikel 25d, tweede lid, van het Besluit bodemkwaliteit Het is uitsluitend toegestaan om bij de bereiding van compost bodembestanddelen te gebruiken, indien dit betreft grond als bedoeld in, die voldoet aan de kwaliteitseisen voor grond die gelden voor de kwaliteitsklasse landbouw/natuur als bedoeld in. 4 bijlage II, onder tabel 3 Compost overschrijdt niet de in, bij dit besluit opgenomen maximale waarden voor zware metalen, uitgedrukt in milligrammen per kilogram droge stof. 2021 98 25-02-2021 27-11-2020 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024
Artikel 17a — Artikel 17a#
Artikel 17a 1 bijlage II Herwonnen fosfaten overschrijden niet de in, in tabel 1, opgenomen maximale waarden voor zware metalen, uitgedrukt in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel. 2 bijlage II Herwonnen fosfaten overschrijden niet de in, in tabel 4, opgenomen maximale waarden voor organische microverontreinigingen, uitgedrukt in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel. 3 Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat herwonnen fosfaten uit rioolzuiveringsslib behandeld worden volgens een procedé dat tot gevolg heeft dat het grootste deel van de in het rioolzuiveringsslib aanwezige pathogene organismen afsterft, met het oog op het minimaliseren van de risico’s voor de volksgezondheid en het milieu. 2014 543 22-12-2014 15-12-2014 2015 83 26-02-2015 10-02-2015 27-02-2015
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 1 Overige anorganische meststoffen die hoofdzakelijk zijn bedoeld om micronutriënten te leveren en overige anorganische meststoffen op basis van ammoniumnitraat die meer dan 28 gewichtsprocenten stikstof in verhouding tot het ammoniumnitraat bevatten, zijn verpakt. 2 De verpakking van de in het eerste lid bedoelde meststoffen wordt op zodanige wijze of met een zodanig systeem gesloten dat door het openen ervan de sluiting, het sluitzegel of de verpakking zelf onherstelbaar wordt beschadigd. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 1 Meststoffen zijn in ieder geval voorzien van gegevens over: a. de naam of de handelsnaam van de fabrikant van de meststoffen; b. de naam of de handelsnaam van de meststoffen; c. de werking die de meststof in hoofdzaak uitoefent; d. de gehalten stikstof en fosfaat; e. de aanwezige waardegevende bestanddelen; f. de hoeveelheid; en g. de samenstelling. 2 Bij verpakte meststoffen zijn de gegevens op de verpakking of op een daaraan gehecht etiket vermeld en bij niet verpakte meststoffen zijn de gegevens op een begeleidend document vermeld. 3 De gegevens zijn onuitwisbaar en duidelijk leesbaar. 4 Vloeibare anorganische meststoffen zijn voorzien van aanvullende instructies betreffende de opslagtemperatuur en de bij de opslag in acht te nemen veiligheidsmaatregelen. 5 De vermeldingen op de etiketten, op de verpakking en op het begeleidende documenten zijn in ieder geval in de Nederlandse taal gesteld. 6 Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat meststoffen zijn voorzien van een gebruiksaanwijzing. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Artikel 4, eerste lid , is niet van toepassing op meststoffen: a. die rechtmatig zijn vervaardigd of in de handel zijn gebracht in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij een daartoe strekkend of mede daartoe strekkend Verdrag dat Nederland bindt; b. artikelen 5 tot en met 19 die voldoen aan eisen die een beschermingsniveau bieden dat ten minste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de bij of krachtens degestelde regels wordt nagestreefd; en c. die vergezeld gaan van een analyserapport dat voldoende informatie verschaft over de samenstelling van het product en is afgegeven door een in die lidstaat of staat erkend laboratorium dat gelijkwaardig is aan een in Nederland voor dit doel erkend laboratorium. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 1 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over: a. de eisen waaraan afvalstoffen of reststoffen van organische, dierlijke of plantaardige oorsprong moeten voldoen; b. de eisen waaraan het bewerkingsprocédé van zuiveringsslib, van herwonnen fosfaten en van overige afvalstoffen of reststoffen van organische, dierlijke of plantaardige oorsprong moet voldoen, welke eisen mede betrekking kunnen hebben op de te bewerken stoffen; c. de homogeniteit, de stabiliteit of de gelijkmatigheid van de samenstelling van de meststoffen; d. de wijze waarop de hoeveelheden nutriënten, organische stof, zware metalen en organische microverontreinigingen in meststoffen, alsmede de verdere samenstelling van meststoffen worden bepaald; e. de gebruiksaanwijzing van de meststoffen; f. de overige gegevens waarvan meststoffen zijn voorzien; g. de wijze waarop de gegevens worden aangebracht; en h. artikelen 11 14 15 de gevallen waarin en de voorwaarden waaronder de,engeheel of gedeeltelijk niet van toepassing zijn. 2 De in het eerste lid, onderdeel d, bedoelde regels kunnen mede betrekking hebben op de bevoegdheid tot het doen van vaststellingen ten behoeve van de in dat onderdeel bedoelde bepaling en op de voor die vaststellingen te gebruiken apparatuur. 3 De krachtens het eerste lid te stellen regels kunnen voor de in de regeling te onderscheiden categorieën meststoffen en de beoogde bestemming van de meststoffen verschillend worden vastgesteld. 2014 543 22-12-2014 15-12-2014 2015 83 26-02-2015 10-02-2015 27-02-2015
Artikel 21a — Artikel 21a#
Artikel 21a 1 artikel 11 van de wet Voor de toepassing vanworden voor de fosfaattoestand van de bodem de volgende klassen onderscheiden: arm, laag, neutraal, ruim en hoog. 2 Bij regeling van Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat, worden de criteria vastgesteld voor de in het eerste lid genoemde klassen. Daarin kan in ieder geval rekening worden gehouden met het gebruik van de landbouwgrond als grasland of bouwland, de kenmerken van de bodem en de grondsoort. 2019 521 30-12-2019 18-12-2019 2019 520 30-12-2019 18-12-2019 35233 01-01-2020 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Meststoffenwet (implementatie zesde actieprogramma Nitraatrichtlijn)
in werking treedt (Stb. 2019/520).
Artikel 21aa — Artikel 21aa#
Artikel 21aa Vervallen 2019 521 30-12-2019 18-12-2019 2019 520 30-12-2019 18-12-2019 35233 01-01-2020 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Meststoffenwet (implementatie zesde actieprogramma Nitraatrichtlijn)
in werking treedt (Stb. 2019/520).
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 artikel 9 van de wet Voor de toepassing vanis de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond in enig kalenderjaar de oppervlakte landbouwgrond die op 15 mei van dat jaar tot het bedrijf behoort. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 21-02-2006
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 1 artikel 10, eerste lid, van de wet Voor de toepassing vanis de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond in enig kalenderjaar de op 15 mei van dat jaar beteelde oppervlakte landbouwgrond die tot het bedrijf behoort. 2 Ingeval de teelt van gewassen na het in het eerste lid bedoelde tijdstip aanvangt, wordt de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond, bedoeld in het eerste lid, vermeerderd met de met deze gewassen beteelde oppervlakte landbouwgrond die op het tijdstip waarop de teelt aanvangt tot het bedrijf behoort. 3 artikel 10, tweede lid, van de wet artikel 10, eerste lid, van de wet De beteelde oppervlakte landbouwgrond wordt onderscheiden naar de geteelde gewassen, de toegepaste landbouwpraktijk, de ecologische kenmerken van een waterlichaam, de kenmerken van de bodem en de desbetreffende grondsoorten, bedoeld in, voor zover dit onderscheid wordt gemaakt in de krachtens, vastgestelde ministeriële regeling. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 21-02-2006
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 artikel 11, eerste lid, van de wet Voor de toepassing van, en de krachtens artikel 11, tweede lid, van de wet vastgestelde ministeriële regeling is de tot het bedrijf behorende oppervlakte grasland of bouwland in enig kalenderjaar de oppervlakte grasland onderscheidenlijk bouwland die op 15 mei van dat jaar tot het bedrijf behoort. 2019 521 30-12-2019 18-12-2019 2019 520 30-12-2019 18-12-2019 35233 01-01-2020 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Meststoffenwet (implementatie zesde actieprogramma Nitraatrichtlijn)
in werking treedt (Stb. 2019/520).
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 artikelen 9 10, eerste lid 11, eerste lid, van de wet artikelen 4.1199c 4.1212b van het Besluit activiteiten leefomgeving Voor de toepassing van de,,en de krachtens artikel 11, tweede lid, van de wet vastgestelde ministeriële regeling worden de bufferstroken, bedoeld in deen, niet aangemerkt als tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond. 2023 357 20-10-2023 05-10-2023 2023 470 15-12-2023 13-12-2023 01-01-2024
Artikel 25a — Artikel 25a#
Artikel 25a 1 artikel 1, eerste lid, onderdeel ll, onder 1°, van de wet artikelen 24 25 Voor de toepassing vanis de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond in enig kalenderjaar de oppervlakte landbouwgrond die ingevolge deenin het desbetreffende kalenderjaar tot het bedrijf behoort. 2 artikel 1, eerste lid, onderdeel ll, onder 2°, van de wet Voor de toepassing vanis het natuurterrein dat de hoofdfunctie natuur heeft dat in enig kalenderjaar bij het bedrijf in gebruik is, het natuurterrein dat de hoofdfunctie natuur heeft dat op 15 mei van dat jaar bij het bedrijf in gebruik is. 2018 400 12-11-2018 29-10-2018 2018 485 19-12-2018 12-12-2018 01-01-2019
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 1 De landbouwer verstrekt elk kalenderjaar aan Onze Minister gegevens met betrekking tot: a. de op 15 mei van het desbetreffende kalenderjaar beteelde of te betelen oppervlakte van de percelen landbouwgrond, onderscheiden naar gewas en topografische ligging van deze percelen; b. de na 15 mei van het desbetreffende kalenderjaar met een volggewas te betelen oppervlakte van de percelen landbouwgrond, onderscheiden naar gewas en topografische ligging van deze percelen; en c. de oppervlakte en de ligging van in het buitenland gelegen percelen die in het desbetreffende kalenderjaar bij het bedrijf in gebruik zijn. 2 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over: a. de gegevens die ingevolge het eerste lid worden verstrekt, de wijze waarop en de uiterlijke datum waarop deze gegevens worden verstrekt en de termijn waarbinnen wijzigingen in deze gegevens worden doorgegeven; en b. de overige te verstrekken gegevens, de wijze waarop en de uiterlijke datum waarop deze gegevens worden verstrekt en de termijn waarbinnen wijzigingen in deze gegevens worden doorgegeven. 3 artikelen 22 23, eerste lid 24 25a Bij ministeriële regeling kan, in zoverre in afwijking van het eerste lid en van de,,en, indien de weersomstandigheden of de bodemgesteldheid hiertoe aanleiding geven, een latere datum dan 15 mei worden vastgesteld. 2019 521 30-12-2019 18-12-2019 2019 520 30-12-2019 18-12-2019 35233 01-01-2020 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Meststoffenwet (implementatie zesde actieprogramma Nitraatrichtlijn)
in werking treedt (Stb. 2019/520).
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 1 paragraaf 3.3.14 3.6.1 3.6.8 van het Besluit activiteiten leefomgeving Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt als opslagruimte voor meststoffen uitsluitend in aanmerking genomen de opslagruimte voor dierlijke meststoffen die onder de reikwijdte van,ofvalt. 2 Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt de hoeveelheid dierlijke meststoffen uitgedrukt in kubieke meters. 2020 400 28-10-2020 16-09-2020 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 1 De producent van dierlijke meststoffen draagt er zorg voor dat de capaciteit van de opslagruimte voor dierlijke meststoffen op het bedrijf voldoende is voor de opslag van de hoeveelheid dierlijke meststoffen die in de periode van augustus tot en met februari op het bedrijf wordt geproduceerd. 2 De hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in het eerste lid, wordt berekend door vermenigvuldiging van: a. artikelen 3.201 3.202 van het Besluit activiteiten leefomgeving het aantal dieren van de onderscheiden diersoorten en diercategorieën dat op grond van de omgevingsvergunning, bedoeld in deofkan worden gehouden, met b. de voor de betrokken diersoort en diercategorie bij ministeriële regeling vastgestelde forfaitaire productienormen. 3 artikel 3.202 van het Besluit activiteiten leefomgeving Ingeval de activiteiten die door het bedrijf worden verricht niet zijn aangewezen als vergunningplichtig geval in, wordt, in plaats van het in het tweede lid, onderdeel a, bedoelde aantal dieren, als uitgangspunt genomen het aantal dieren van de onderscheiden diersoorten en diercategorieën dat in de bij het bedrijf behorende stallen kan worden gehouden. 4 De in het tweede lid, onderdeel b, bedoelde productienormen kunnen verschillend worden vastgesteld al naar gelang het gehanteerde bedrijfssysteem. 2020 400 28-10-2020 16-09-2020 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024
Artikel 29 — Artikel 29#
Artikel 29 1 artikel 28 De capaciteit van de opslagruimte voor dierlijke meststoffen kan kleiner zijn dan de ingevolgevereiste capaciteit, voor zover de producent van dierlijke meststoffen kan aantonen dat: a. artikel 28, tweede en derde lid de overeenkomstig, berekende hoeveelheid dierlijke meststoffen die wordt geproduceerd boven de werkelijke opslagcapaciteit op een voor het milieu onschadelijke wijze van het bedrijf zal worden verwijderd; b. artikel 28, tweede en derde lid paragraaf 3.2.20 van het Besluit activiteiten leefomgeving de overeenkomstig, berekende hoeveelheid dierlijke meststoffen die wordt geproduceerd boven de werkelijke opslagcapaciteit zal worden aangewend op tot het bedrijf behorend bouwland of grasland en voldoet aan; c. artikel 3.202 van het Besluit activiteiten leefomgeving het aantal dieren dat in de periode van augustus tot en met februari feitelijk kan worden gehouden kleiner is dan op grond van de omgevingsvergunning voor de milieubelastende activiteit, bedoeld in, is toegestaan; of d. in de periode van augustus tot en met februari stelselmatig minder dieren worden gehouden in de bij het bedrijf behorende stallen. 2 Het eerste lid, aanhef en onderdeel b, geldt niet voor de hoeveelheid dierlijke meststoffen die in februari wordt geproduceerd. 2021 98 25-02-2021 27-11-2020 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 2020 400 28-10-2020 16-09-2020 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024
Artikel 30 — Artikel 30#
Artikel 30 artikel 28, tweede lid, onderdeel b artikelen 28 29 Ingeval de producent kan aantonen dat, als gevolg van bijzondere omstandigheden betreffende de soort of de categorie van de gehouden dieren, het huisvestingssysteem, het drinkwatersysteem, de samenstelling van het diervoeder of andere aspecten van het bedrijfssysteem, de hoeveelheid dierlijke meststoffen per dier lager is dan de krachtens, vastgestelde norm, geldt deze lagere waarde voor de toepassing van deen. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 01-01-2006
Artikel 31 — Artikel 31#
Artikel 31 1 De landbouwer meldt elk van zijn bedrijven afzonderlijk ter registratie aan bij Onze Minister. 2 Ten behoeve van de registratie verstrekt de landbouwer per bedrijf in ieder geval gegevens over: a. de locaties van het bedrijf; b. de tenaamstelling of handelsnaam; c. de rechtsvorm; d. in voorkomend geval de aard en samenstelling van het samenwerkingsverband van personen of rechtspersonen dat het bedrijf voert; e. de toegepaste huisvestingssystemen; en f. de wijzigingen in de gegevens, bedoeld in de onderdelen a tot en met e. 3 Meststoffenwet Wet herstructurering varkenshouderij Wet verplaatsing mestproductie Voor zover de in het tweede lid bedoelde gegevens zijn verstrekt op grond van de, deen deen niet zijn gewijzigd, behoeven deze niet opnieuw te worden verstrekt. De registratie van deze gegevens geldt als registratie in de zin van het eerste en tweede lid. 4 artikelen 24 25 van de Landbouwwet artikelen 4 10 tot en met 14 96 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren Voor zover de in het tweede lid bedoelde gegevens worden verstrekt op grond van de krachtens deenof de,engestelde regels, behoeven deze niet nogmaals te worden verstrekt. De registratie van deze gegevens geldt als registratie in de zin van het eerste en tweede lid. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 01-01-2006
Artikel 32 — Artikel 32#
Artikel 32 1 De landbouwer houdt per bedrijf en per kalenderjaar een inzichtelijke administratie bij. 2 artikel 31, tweede lid De administratie bevat in ieder geval de gegevens, bedoeld in, alsmede gegevens over: a. de civielrechtelijke titel die het exclusieve gebruiksgenot verschaft van elk van de tot het bedrijf behorende productie-eenheden; b. de oppervlakte en gegevens ter identificatie van de percelen van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond, onderscheiden naar: 1° de verschillende teelten of andere vormen van gebruik; 2° artikel 21a, eerste lid de fosfaattoestand van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond, zoals deze wordt onderscheiden in; 3° grasland en bouwland, en 4°. voor zover het betreft tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond zijnde natuurterrein dat de hoofdfunctie natuur heeft, waarop een beheer wordt gevoerd dat beperkingen verbindt aan de gebruikte hoeveelheid meststoffen op de desbetreffende percelen; c. de oppervlakte en gegevens ter identificatie van de exclusief bij het bedrijf in gebruik zijnde percelen landbouwgrond die zijn gelegen in België en Duitsland in het grensgebied met Nederland, onderscheiden naar de verschillende teelten of andere vormen van gebruik; d. bijlage II van de wet de aantallen op het bedrijf gehouden dan wel anderszins aanwezige varkens, kippen en kalkoenen en het gemiddeld in het kalenderjaar op het bedrijf gehouden aantal van deze dieren, onderscheiden naar diercategorieën per soort overeenkomstig; e. artikel 36 de aantallen voor gebruiks- of winstdoeleinden op het bedrijf gehouden dan wel anderszins aanwezige dieren, anders dan varkens, kippen en kalkoenen, onderscheiden naar diersoorten en diercategorieën per soort, voor zover dit onderscheid wordt gemaakt in de krachtensgestelde regels; f. artikel 21, tweede lid, onderdeel d, onder 1° artikel 33a, tweede lid, onderdeel b, onder 1°, onderdeel e, of vijfde lid, van de wet artikel 48 artikel 52a, eerste lid de hoeveelheden aan- en afgevoerde meststoffen waarbij, voor zover van toepassing, wordt aangegeven dat de afvoer heeft plaatsgevonden ter uitvoering van,, de datum waarop de aan- of afvoer plaatsvond, de persoon of personen die het vervoer van dierlijke meststoffen heeft of hebben verricht ingevalop grond van de ministeriële regeling, bedoeld in, niet van toepassing is en gegevens over het bedrijf of de onderneming van herkomst, onderscheidenlijk van bestemming, dan wel, ingeval geen sprake is van een bedrijf of onderneming, gegevens over de leverancier onderscheidenlijk afnemer van de meststoffen; g. artikel 21, tweede lid, onderdeel d, onder 4 artikel 33a, tweede lid, onderdeel e, van de wet de hoeveelheid dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, waarvoor de landbouwer ten aanzien van een kalenderjaar overeenkomsten als bedoeld inenheeft gesloten; h. artikel 33a, derde lid, onderdeel c, van de wet de hoeveelheid dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, waarvoor de landbouwer ten aanzien van een kalenderjaar overeenkomsten als bedoeld inheeft gesloten, waarbij onderscheid wordt gemaakt in de hoeveelheid die de landbouwer laat verwerken door middel van het sluiten van die overeenkomst, en de hoeveelheid die een landbouwer ingevolge artikel 33a, vijfde lid, van de wet moet laten verwerken; i. de capaciteit van de bij het bedrijf behorende opslagruimte voor dierlijke meststoffen in kubieke meters; j. de aan het begin en het eind van het kalenderjaar op het bedrijf aanwezige hoeveelheden meststoffen; k. de hoeveelheden en de samenstelling van de aan andere bedrijven of ondernemingen afgeleverde diervoeders, uitgedrukt in kilogrammen alsmede in kilogrammen stikstof en fosfaat; en l. artikel 10, eerste lid, van de wet de gewasopbrengst, voor zover deze relevant is voor de toepassing van de krachtensvastgestelde ministeriële regeling. 3 artikel 21, tweede lid, onderdeel d, onder 4° artikel 33a, tweede lid, onderdeel e, en derde lid, onderdeel c, van de wet De landbouwer bewaart de mestverwerkingsovereenkomsten, en de overeenkomsten, bedoeld inen, als onderdeel van zijn administratie. 2021 98 25-02-2021 27-11-2020 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024
Artikel 33 — Artikel 33#
Artikel 33 1 artikel 32, eerste lid Indien op een bedrijf dierlijke meststoffen worden geproduceerd afkomstig van melkkoeien, bevat de administratie, bedoeld in, tevens gegevens over: a. de geproduceerde hoeveelheid koemelk; en b. het ureumgehalte per kilogram geproduceerde koemelk. 2 Indien op een bedrijf dierlijke meststoffen worden geproduceerd afkomstig van staldieren, bevat de administratie tevens gegevens over: a. artikel 36 de aantallen en de herkomst of de bestemming van de aan- en afgevoerde staldieren, onderscheiden naar diersoort en diercategorieën per soort, voor zover dit onderscheid wordt gemaakt in de krachtensgestelde regels; b. de samenstelling en de hoeveelheid van de op het bedrijf geproduceerde diervoeders, alsmede de samenstelling, de hoeveelheid en de herkomst van de op het bedrijf aangevoerde diervoeders; c. de op het bedrijf geproduceerde eieren die van het bedrijf zijn afgevoerd; d. artikel 36 de aan het eind van het kalenderjaar op het bedrijf aanwezige voorraden diervoeders en geproduceerde eieren, alsmede de aanwezige staldieren, onderscheiden naar diersoort en diercategorieën per soort, voor zover dit onderscheid wordt gemaakt in de krachtensgestelde regels; en e. de op het bedrijf toegepaste stalsystemen. 3 Indien op een bedrijf dierlijke meststoffen worden behandeld, bevat de administratie tevens gegevens over: a. de methode van behandeling; b. de hoeveelheid behandelde dierlijke meststoffen; c. de hoeveelheid, de aard en de samenstelling van de tezamen met de dierlijke meststoffen behandelde stoffen; en d. de hoeveelheid en de samenstelling van de eindproducten van de behandeling. 4 De gegevens inzake de hoeveelheden koemelk, diervoeders, eieren en de stoffen, bedoeld in het derde lid, onderdeel c, worden uitgedrukt in kilogrammen en, met uitzondering van koemelk, in kilogrammen stikstof en fosfaat. 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 01-01-2014
Artikel 34 — Artikel 34#
Artikel 34 1 De administratie wordt per kalenderjaar, tijdig, volledig en naar waarheid bijgehouden. 2 De administratie en de daarop betrekking hebbende bewijsstukken worden gedurende vijf jaren na afloop van het desbetreffende kalenderjaar door de landbouwer op het bedrijf bewaard. 3 Ten behoeve van de bepaling van het melkveefosfaatoverschot dat in het jaar 2014 is ontstaan worden, in afwijking van het tweede lid, de administratie en de daarop betrekking hebbende bewijsstukken betreffende het jaar 2014 bewaard totdat 5 kalenderjaren na beëindiging van het bedrijf zijn verstreken: a. indien een landbouwer op zijn bedrijf in 2014 fosfaat met melkvee produceerde, en b. artikelen 32, tweede lid, aanhef en onderdelen b en e 33, eerste lid, aanhef en onderdeel a voor zover het de gegevens, bedoeld in de, en, betreft. 2019 521 30-12-2019 18-12-2019 2019 520 30-12-2019 18-12-2019 35233 01-01-2020 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Meststoffenwet (implementatie zesde actieprogramma Nitraatrichtlijn)
in werking treedt (Stb. 2019/520).
Artikel 35 — Artikel 35#
Artikel 35 1 De landbouwer verstrekt jaarlijks gegevens uit de administratie aan Onze Minister. Verstrekking geschiedt uitsluitend langs elektronische weg. 2 De landbouwer verstrekt desgevraagd door Onze Minister gegevens uit de administratie, binnen een door Onze Minister bepaalde termijn en op een door Onze Minister bepaalde wijze. Verstrekking geschiedt uitsluitend langs elektronische weg. 3 De ingevolge het eerste en tweede lid verstrekte gegevens kunnen mede worden gebruikt voor de kwaliteitsbeoordeling van een PRTR-verslag, bedoeld in artikel 9, tweede lid, van de EG-verordening PRTR. 2024 402 16-12-2024 11-12-2024 2024 402 16-12-2024 11-12-2024 01-01-2025
Artikel 36 — Artikel 36#
Artikel 36 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over: a. artikel 31, eerste lid de overige bij de aanmelding, bedoeld in, te verstrekken gegevens, de wijze waarop en de termijn waarbinnen de aanmelding en de doorgifte van wijzigingen geschieden; b. artikelen 32 33 de wijze waarop de administratie, bedoeld in deen, wordt gevoerd, de plaats waar deze met het oog op het toezicht op de naleving beschikbaar moet zijn en de termijn waarbinnen de gegevens of wijzigingen in de gegevens in deze administratie worden opgenomen; c. artikelen 32 33 de overige gegevens die de administratie, bedoeld in deen, bevat; d. artikel 35, eerste lid de gegevens die ingevolge, worden verstrekt en de wijze waarop en de termijn waarbinnen deze gegevens worden verstrekt; e. artikelen 31 32 33 35 de gevallen waarin en de voorwaarden waaronder de,,ofgeheel of gedeeltelijk niet van toepassing zijn ten aanzien van bedrijven of onderdelen van bedrijven; en f. artikel 32, tweede lid, onderdeel c de omvang van het grensgebied, bedoeld in. 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 01-01-2014
Artikel 37 — Artikel 37#
Artikel 37 hoofdstuk IX De op grond van dit hoofdstuk enbij te houden of te verstrekken gegevens worden desgevraagd ten genoegen van Onze Minister gestaafd met bewijsstukken. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 01-01-2006
Artikel 38 — Artikel 38#
Artikel 38 1 De intermediair meldt elk van zijn intermediaire ondernemingen afzonderlijk ter registratie aan bij Onze Minister. 2 Ten behoeve van de registratie verstrekt de intermediair per onderneming in ieder geval gegevens over: a. de locaties van de tot de onderneming behorende gebouwen en opslagruimten voor dierlijke meststoffen, zuiveringsslib, compost of mengsels van zuiveringsslib en compost; b. de tenaamstelling of handelsnaam; c. de rechtsvorm; d. in voorkomend geval de aard en samenstelling van het samenwerkingsverband van personen of rechtspersonen dat de onderneming voert; e. de aard van de activiteiten die in het kader van de onderneming worden uitgeoefend; f. artikel 70, vierde lid, onderdeel b de krachtens, voorgeschreven apparatuur die in het kader van zijn onderneming wordt gebruikt of is bestemd om te worden gebruikt; g. de apparatuur voor automatische gegevensregistratie die exclusief bij deze onderneming in gebruik is; h. de capaciteit van de bij de onderneming behorende opslagruimten voor meststoffen in tonnen; en i. de wijzigingen in de gegevens, bedoeld in de onderdelen a tot en met h. 3 Meststoffenwet Voor zover de in het tweede lid bedoelde gegevens zijn verstrekt op grond van deen niet zijn gewijzigd, behoeven deze niet opnieuw te worden verstrekt. De registratie van deze gegevens geldt als registratie in de zin van het eerste en tweede lid. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 01-01-2006
Artikel 38a — Artikel 38a#
Artikel 38a 1 artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur Een registratie kan worden geweigerd of geschrapt in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in. 2 Een registratie kan worden geschorst voor zover de intermediair boetes zijn opgelegd voor overtreding van de eisen gesteld bij of krachtens de wet, die onherroepelijk zijn geworden en niet zijn betaald of voor zover de intermediair verbeurde dwangsommen, ten aanzien waarvan invorderingsbeschikkingen onherroepelijk zijn geworden, niet heeft betaald. De schorsing vervalt op het moment dat de boetes of dwangsommen die ten grondslag liggen aan de schorsing zijn betaald. 3 artikel 8 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur artikel 9 van die wet Voordat toepassing wordt gegeven aan het eerste lid kan het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, bedoeld in, om een advies als bedoeld inworden gevraagd. 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 01-01-2014
Artikel 39 — Artikel 39#
Artikel 39 1 De intermediair houdt per onderneming een inzichtelijke administratie bij. 2 artikel 38, tweede lid De administratie bevat in ieder geval de gegevens, bedoeld in, alsmede gegevens over: a. artikel 21, tweede lid, onderdeel d, onder 1° artikel 33a, tweede lid, onderdeel b, onder 1°, vierde of vijfde lid artikel 33d, eerste lid, van de wet de hoeveelheden in het kader van de onderneming aan- en afgevoerde meststoffen waarbij, voor zover van toepassing, wordt aangegeven dat de aan- of afvoer heeft plaatsgevonden ter uitvoering van,, en, de datum waarop de aan- en afvoer plaatsvond en het bedrijf of de onderneming van herkomst, onderscheidenlijk van bestemming dan wel, ingeval geen sprake is van een bedrijf of onderneming, gegevens over de leverancier onderscheidenlijk afnemer van de meststoffen; b. de hoeveelheden meststoffen die in iedere afzonderlijke opslagruimte voor meststoffen zijn aangevoerd en de hoeveelheden meststoffen die uit die opslagruimte zijn afgevoerd, zodanig dat steeds blijkt welke hoeveelheid meststoffen zich in de opslagruimte bevindt; c. de hoeveelheid dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, waarvoor de intermediair ten aanzien van een kalenderjaar mestverwerkingsovereenkomsten heeft gesloten, en d. de hoeveelheden meststoffen die bij de overdracht van een opslagruimte voor meststoffen aan of door een andere intermediair op het moment van overdracht aanwezig is in de desbetreffende opslagruimte. 3 Indien op een onderneming dierlijke meststoffen worden behandeld, bevat de administratie tevens gegevens over: a. de methode van behandeling; b. de hoeveelheid behandelde dierlijke meststoffen; c. de hoeveelheid, de aard en de samenstelling van de tezamen met de dierlijke meststoffen behandelde stoffen; en d. de hoeveelheid en de samenstelling van de eindproducten van de behandeling. 4 Artikel 34 is op de administratie, bedoeld in het eerste lid, van overeenkomstige toepassing. 5 De intermediair bewaart de mestverwerkingsovereenkomsten als onderdeel van zijn administratie. 6 artikel 49 De intermediair houdt in verband met de verantwoording van het vervoer van dierlijke meststoffen in zijn administratie bij voor elke vracht dierlijke meststoffen met behulp van op de naam van die intermediair geregistreerde apparatuur, bedoeld in: a. welke persoon of personen op welk moment het vervoer heeft of hebben verricht; en b. de positiegegevens van het betreffende transportmiddel waarmee de gedurende het vervoer afgelegde route inzichtelijk kan worden gemaakt. 2021 192 22-04-2021 08-04-2021 2022 464 24-11-2022 21-11-2022 01-01-2023
Artikel 40 — Artikel 40#
Artikel 40 1 De intermediair verstrekt jaarlijks gegevens uit de administratie aan Onze Minister. 2 De intermediair verstrekt desgevraagd door Onze Minister gegevens uit de administratie, binnen een door Onze Minister bepaalde termijn en op een door Onze Minister bepaalde wijze. Verstrekking geschiedt uitsluitend langs elektronische weg. 2021 2 06-01-2021 29-12-2020 2021 84 19-02-2021 12-02-2021 20-02-2021 01-01-2021
Artikel 41 — Artikel 41#
Artikel 41 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over: a. artikel 38, eerste lid de overige bij de aanmelding, bedoeld in, te verstrekken gegevens, de wijze waarop en de termijn waarbinnen de aanmelding en de doorgifte van wijzigingen geschieden; b. artikel 39 de wijze waarop de administratie, bedoeld in, wordt gevoerd, de plaats waar deze met het oog op het toezicht op de naleving beschikbaar moet zijn en de termijn waarbinnen de gegevens of wijzigingen in de gegevens in deze administratie worden opgenomen; c. artikel 39 de overige gegevens die de administratie, bedoeld in, bevat; d. artikel 40, eerste lid de gegevens die ingevolge, worden verstrekt en de wijze waarop en de termijn waarbinnen deze gegevens worden verstrekt; e. artikelen 38 39 40 de gevallen waarin en de voorwaarden waaronder de,ofgeheel of gedeeltelijk niet van toepassing zijn; en f. het aanbrengen van aanduidingen op de opslagruimten voor meststoffen ter identificatie van deze ruimten. 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 01-01-2014
Artikel 42 — Artikel 42#
Artikel 42 hoofdstuk IX De op grond van dit hoofdstuk enbij te houden of te verstrekken gegevens worden desgevraagd ten genoegen van Onze Minister gestaafd met bewijsstukken. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 01-01-2006
Artikel 43 — Artikel 43#
Artikel 43 1 De ondernemer, die een of meer ondernemingen voert in het kader waarvan diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren of runderen, of in het kader waarvan van bedrijven afgenomen koemelk wordt verwerkt, meldt elk van deze ondernemingen afzonderlijk ter registratie aan bij Onze Minister. 2 De ondernemer die een of meer ondernemingen voert, niet zijnde een bedrijf of een intermediaire onderneming, in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld, meldt elk van deze ondernemingen afzonderlijk ter registratie aan bij Onze Minister. 3 Ten behoeve van de registratie verstrekt de ondernemer in ieder geval gegevens over: a. de locaties van de onderneming; b. de tenaamstelling of handelsnaam; c. de rechtsvorm; d. in voorkomend geval de aard en samenstelling van het samenwerkingsverband van personen of rechtspersonen dat de onderneming voert; en e. de wijzigingen in de gegevens, bedoeld in de onderdelen a tot en met d. 4 Meststoffenwet Voor zover de in het derde lid bedoelde gegevens zijn verstrekt op grond van deen niet zijn gewijzigd, behoeven deze niet opnieuw te worden verstrekt. De registratie van deze gegevens geldt als registratie in de zin van het eerste en tweede lid. 5 artikel 6.4 van de Wet dieren artikelen 27 28 van de Landbouwwet Voor zover de in het derde lid bedoelde gegevens worden verstrekt op grond van de krachtensmet betrekking tot diervoeders gestelde regels of de krachtens deengestelde regels, behoeven deze niet nogmaals te worden verstrekt. De registratie van deze gegevens geldt als registratie in de zin van het eerste en tweede lid. 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 01-01-2014
Artikel 44 — Artikel 44#
Artikel 44 1 artikel 43, eerste lid De ondernemer, bedoeld in, houdt per onderneming een inzichtelijke administratie bij. 2 artikel 43, derde lid De administratie, bedoeld in het eerste lid, bevat in ieder geval de gegevens, bedoeld in, alsmede gegevens over: a. de hoeveelheden van de door de ondernemer afgeleverde diervoeders per bedrijf, onderscheidenlijk de hoeveelheden alsmede het ureumgehalte van de door de ondernemer afgenomen koemelk per bedrijf; b. de datum waarop de aflevering of de afname plaatsvond; en c. het bedrijf waaraan de diervoeders zijn afgeleverd, onderscheidenlijk het bedrijf waar de afgenomen koemelk is geproduceerd. 3 artikel 43, tweede lid De ondernemer, bedoeld in, en de ondernemer in het kader van wiens onderneming staldieren aan bedrijven worden afgeleverd dan wel staldieren of eieren van bedrijven worden afgenomen, houdt per onderneming een inzichtelijke administratie bij. 4 De administratie, bedoeld in het derde lid, bevat in ieder geval gegevens over: a. artikel 36 de hoeveelheden van de door de ondernemer afgeleverde of afgenomen meststoffen per onderneming of per bedrijf, met uitzondering van de aan particulieren afgeleverde hoeveelheden, de aantallen door de ondernemer afgeleverde of afgenomen staldieren per bedrijf, onderscheiden naar diersoort en diercategorieën per soort, voor zover dit onderscheid wordt gemaakt in de krachtensgestelde regels, onderscheidenlijk de hoeveelheden van de door de ondernemer afgenomen eieren per bedrijf; b. de datum waarop de aflevering of de afname plaatsvond; en c. het bedrijf of de onderneming van bestemming, onderscheidenlijk herkomst. 5 Indien op een onderneming zuiveringsslib wordt geproduceerd of anderszins wordt bewerkt of verwerkt, bevat de administratie tevens gegevens over: a. artikel 16, eerste lid de in, bedoelde behandelingsmethode voor zuiveringsslib; b. de hoeveelheid geproduceerd, bewerkt of verwerkt zuiveringsslib; en c. de hoeveelheid en de samenstelling van het zuiveringsslib. 6 De gegevens inzake de hoeveelheden diervoeders, koemelk en eieren worden uitgedrukt in kilogrammen en, met uitzondering van koemelk, in kilogrammen stikstof en fosfaat. 7 Artikel 34 is op de administratie, bedoeld in het eerste en derde lid, van overeenkomstige toepassing. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 45 — Artikel 45#
Artikel 45 1 artikel 43, eerste lid De ondernemer, bedoeld inen de ondernemer in het kader van wiens onderneming zuiveringsslib wordt verhandeld, verstrekt jaarlijks gegevens uit de administratie aan Onze Minister. 2 artikel 70, vierde lid De buiten Nederland gevestigde ondernemer, in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren, verstrekt bij de aflevering aan de landbouwer een begeleidend document waarop het gewicht en de overeenkomstig de krachtens, vastgestelde samenstelling van de afgeleverde diervoeders is vermeld. 3 Het document, bedoeld in het tweede lid, is tijdens het vervoer van de diervoeders op het transportmiddel aanwezig. 4 Het tweede en het derde lid gelden niet indien de ondernemer de in het tweede lid bedoelde gegevens na afloop van het kalenderjaar waarin de afleveringen van diervoeders hebben plaatsgevonden aan Onze Minister verstrekt en voorafgaand aan de eerste aflevering aan Onze Minister verklaart zulks te zullen doen. 5 artikel 43, eerste lid artikel 44, derde lid De ondernemer, bedoeld in, of, verstrekt desgevraagd door Onze Minister gegevens uit de administratie, binnen een door Onze Minister bepaalde termijn en op een door Onze Minister bepaalde wijze. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 46 — Artikel 46#
Artikel 46 1 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over: a. artikel 43 de overige bij de aanmelding, bedoeld in, te verstrekken gegevens, de wijze waarop en de termijn waarbinnen de aanmelding en de doorgifte van wijzigingen geschieden; b. artikel 44 de wijze waarop de administratie, bedoeld in, wordt gevoerd, en de termijn waarbinnen de gegevens en wijzigingen in de gegevens in deze administratie worden opgenomen; c. artikel 44 de overige gegevens die de administratie, bedoeld in, bevat; d. artikel 45 de gegevens die ingevolgeworden verstrekt en de wijze waarop en de termijn waarbinnen deze gegevens worden verstrekt; en e. artikelen 43 44 45 de gevallen waarin en de voorwaarden waaronder de,ofgeheel of gedeeltelijk niet van toepassing zijn. 2 Bij ministeriële regeling kan het hebben van een identificatienummer worden voorgeschreven voor bij die ministeriële regeling omschreven gevallen waarin meststoffen worden aangevoerd dan wel afgevoerd naar een persoon, niet zijnde een landbouwer of ondernemer. 2021 192 22-04-2021 08-04-2021 2022 464 24-11-2022 21-11-2022 01-01-2023
Artikel 47 — Artikel 47#
Artikel 47 De op grond van dit hoofdstuk bij te houden of te verstrekken gegevens worden desgevraagd ten genoegen van Onze Minister gestaafd met bewijsstukken. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 01-01-2006
Artikel 48 — Artikel 48#
Artikel 48 artikel 38 Dierlijke meststoffen worden vervoerd door een intermediair wiens onderneming in het kader waarvan het vervoer plaatsvindt overeenkomstigis geregistreerd. 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 01-01-2014
Artikel 48a — Artikel 48a#
Artikel 48a artikel 38 Een intermediair laat dierlijke meststoffen slechts aanvoeren bij zijn intermediaire onderneming indien deze overeenkomstigis geregistreerd. 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 01-01-2014
Artikel 48b — Artikel 48b#
Artikel 48b 1 artikel 70, vierde lid, onderdeel b Het vervoer van een vracht drijfmest door een intermediair geschiedt met een transportmiddel dat is uitgerust met de krachtens, voorgeschreven apparatuur die op naam van de intermediair is geregistreerd. 2 artikel 49, eerste lid Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop de apparatuur, bedoeld in het eerste lid is bevestigd en op welke wijze deze apparatuur is verbonden met de apparatuur, bedoeld in. 2021 192 22-04-2021 08-04-2021 2022 464 24-11-2022 21-11-2022 01-01-2023
Artikel 49 — Artikel 49#
Artikel 49 1 Vervoer van dierlijke meststoffen geschiedt met behulp van een satellietvolgsysteem en apparatuur voor gegevensregistratie. 2 artikel 51 Door middel van de in het eerste lid bedoelde apparatuur worden gegevens betreffende het vervoer van de vracht dierlijke meststoffen langs elektronische weg vastgelegd in het systeem, bedoeld in. 3 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over: a. de eisen waaraan de apparatuur, bedoeld in het eerste lid, moet voldoen, waaronder de eis dat de apparatuur behoort tot een type dat is gekeurd door een door Onze Minister aangewezen instelling; b. de wijze waarop de apparatuur, bedoeld in het eerste lid, is bevestigd; en c. de gegevens die met de apparatuur, bedoeld in het eerste lid, moeten worden vastgelegd en de wijze waarop die gegevens moeten worden vastgelegd, bewaard en verstrekt. 4 De krachtens het derde lid te stellen regels kunnen voor verschillende categorieën vervoerders, mestsoorten, herkomst of beoogde bestemming verschillend worden vastgesteld. 2021 192 22-04-2021 08-04-2021 2022 464 24-11-2022 21-11-2022 01-01-2023
Artikel 50 — Artikel 50#
Artikel 50 1 Voorafgaand aan het vervoer van dierlijke meststoffen doet de vervoerder langs elektronische weg daarvan mededeling aan de minister. 2 Ten behoeve van de mededeling, bedoeld in het eerste lid, worden langs elektronische weg gegevens verstrekt die betrekking hebben op dat vervoer van dierlijke meststoffen, waaronder: a. gegevens die betrekking hebben op de vervoerder; b. gegevens die betrekking hebben op de leverancier; c. gegevens die betrekking hebben op de vracht dierlijke meststoffen; d. gegevens die betrekking hebben op de afnemer; e. het geplande moment van vervoer van de vracht dierlijke meststoffen. 3 artikel 51 Voor de mededeling, bedoeld in het eerste lid, wordt gebruik gemaakt van het systeem, bedoeld in. 4 Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over de gegevens die moeten worden verstrekt bij de mededeling alsmede over het moment waarop de mededeling, bedoeld in het eerste lid, door de vervoerder wordt gedaan. Deze regels kunnen voor verschillende gevallen verschillend worden vastgesteld. 5 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de mogelijkheid tot het wijzigen, aanvullen dan wel intrekken van de mededeling en de gegevens die daarbij zijn verstrekt en het moment waarop dit kan plaatsvinden. 2021 192 22-04-2021 08-04-2021 2022 464 24-11-2022 21-11-2022 01-01-2023
Artikel 51 — Artikel 51#
Artikel 51 1 Bij het vervoer van dierlijke meststoffen wordt gebruik gemaakt van een door de minister beschikbaar gesteld systeem. 2 Gegevens worden in het systeem, bedoeld in het eerste lid, verzameld, vastgelegd en verwerkt met het oog op de verantwoording van het vervoer van dierlijke meststoffen en de controle op de naleving van de meststoffenregelgeving teneinde water te beschermen tegen verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen. 3 Ten behoeve van het systeem, bedoeld in het eerste lid, worden langs elektronische weg gegevens verstrekt die zien op elke afzonderlijke fase in het vervoer van dierlijke meststoffen, waaronder: a. artikel 50, eerste lid een melding op een bij ministeriële regeling te bepalen moment voorafgaand aan het laden waarmee de vervoerder de gegevens van de mededeling, bedoeld in, bevestigt; b. gegevens die betrekking hebben op het laden van de vracht dierlijke meststoffen; c. gegevens die betrekking hebben op het wegen van de vracht dierlijke meststoffen; d. gegevens die betrekking hebben op de bemonstering van de vracht dierlijke meststoffen; e. gegevens die betrekking hebben op de hoeveelheidsbepaling van de vracht dierlijke meststoffen; f. gegevens die betrekking hebben op het vervoer van de vracht dierlijke meststoffen; g. gegevens die betrekking hebben op het lossen van de vracht dierlijke meststoffen. 4 De gegevens, bedoeld in het derde lid, worden voor elke fase onverwijld verstrekt en stemmen te allen tijde overeen met de actuele omstandigheden van het vervoer. 5 De gegevens, bedoeld in het derde lid, worden volledig en naar waarheid verstrekt. 6 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de gegevens, bedoeld in het derde lid, en over wie deze gegevens verstrekt. 7 Bij ministeriële regeling kan in afwijking van het vierde lid worden bepaald dat voor aldaar omschreven gevallen de verstrekking van gegevens op een ander moment kan plaatsvinden. 8 Bij ministeriële regeling kunnen zo nodig in afwijking van het vierde lid regels worden gesteld over de mogelijkheid tot het wijzigen dan wel aanvullen dan wel verwijderen van de gegevens die zijn verstrekt en het moment waarop dit kan plaatsvinden. 9 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de wijze en het tijdstip waarop de gegevens die worden verstrekt worden opgemaakt en ondertekend. 10 De regels, bedoeld in het zesde tot en met negende lid kunnen voor verschillende gevallen verschillend worden vastgesteld. 11 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop toegang tot het systeem kan worden verkregen. 2021 192 22-04-2021 08-04-2021 2022 297 14-07-2022 07-07-2022 2022 464 24-11-2022 21-11-2022 01-01-2023
Artikel 52 — Artikel 52#
Artikel 52 1 artikel 51, eerste lid Bij ministeriële regeling worden regels gesteld voor situaties waarin het niet mogelijk is om gebruik te maken van dan wel gegevens te verstrekken aan het door de minister beschikbaar gestelde systeem, bedoeld in. 2 De regels, bedoeld in het eerste lid, kunnen betrekking hebben op: a. artikel 51, eerste lid een voorziening, bestaande uit een softwareapplicatie waarmee het mogelijk is om gegevens vast te leggen ingeval er geen netwerkverbinding is of het systeem, bedoeld in, tijdelijk niet beschikbaar is; b. een voorziening voor het op andere wijze verstrekken van gegevens dan langs elektronische weg voor het geval waarin naar het oordeel van de minister sprake is van een uitzonderlijke situatie, waarbij de voorziening, bedoeld in onderdeel a, niet toereikend is; c. artikel 51, eerste lid een verplichting tot het doen van een melding langs elektronische weg via het systeem, bedoeld in, na gebruik van een voorziening als bedoeld in de onderdelen a of b. 3 De regels, bedoeld in het eerste lid, kunnen voorts zien op: a. een nadere omschrijving van situaties waarin gebruik gemaakt kan worden van de voorzieningen zoals omschreven in het tweede lid; b. artikel 51, eerste lid de eisen die aan de voorziening, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, worden gesteld, waaronder eisen over het bewaren en op een later moment verstrekken van gegevens aan het systeem, bedoeld in, alsmede eisen aan de voor deze voorziening te gebruiken apparatuur en applicaties; c. de eisen die aan de andere wijze van verstrekken, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, worden gesteld; d. een omschrijving van de gevallen waarin de melding, bedoeld in het tweede lid, onderdeel c, is vereist, alsmede de eisen aan die melding, waaronder het moment waarop deze melding uiterlijk plaatsvindt; e. een procedure om: 1.° vast te stellen dat er sprake is van een situatie waarin de voorziening, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, kan worden toegepast, en 2.° vast te stellen dat de aanleiding voor het toepassen van de voorziening, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, niet langer aanwezig is, en 3.° de wijze van communiceren over het moment van openstellen van de voorziening alsmede over het moment waarop deze voorziening niet meer kan worden toegepast. 2021 192 22-04-2021 08-04-2021 2022 297 14-07-2022 07-07-2022 2022 464 24-11-2022 21-11-2022 01-01-2023
Artikel 52a — Artikel 52a#
Artikel 52a 1 artikelen 48 48b 49 50 51 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de gevallen waarin en de voorwaarden waaronder de,,,engeheel of gedeeltelijk niet van toepassing zijn. 2 De krachtens het eerste lid te stellen regels kunnen voor verschillende categorieën vervoerders, mestsoorten, herkomst of beoogde bestemming verschillend worden vastgesteld. 2021 192 22-04-2021 08-04-2021 2022 464 24-11-2022 21-11-2022 01-01-2023
Artikel 53 — Artikel 53#
Artikel 53 Vervallen 2021 192 22-04-2021 08-04-2021 2022 464 24-11-2022 21-11-2022 01-01-2023
Artikel 54 — Artikel 54#
Artikel 54 Vervallen 2021 192 22-04-2021 08-04-2021 2022 464 24-11-2022 21-11-2022 01-01-2023
Artikel 54a — Artikel 54a#
Artikel 54a artikel 55, eerste lid Een vracht zuiveringsslib, compost, mengsels van zuiveringsslib en compost, of krachtens, aangewezen overige organische meststoffen gaat tijdens het vervoer vergezeld van een op de vracht betrekking hebbend vervoersbewijs, dat overeenkomstig de regels, gesteld bij of krachtens deze paragraaf, is opgemaakt. 2021 192 22-04-2021 08-04-2021 2022 464 24-11-2022 21-11-2022 01-01-2023
Artikel 55 — Artikel 55#
Artikel 55 1 Ter zake van het vervoer van zuiveringsslib, compost en bij ministeriële regeling aangewezen overige organische meststoffen, wordt door de leverancier, de vervoerder en de afnemer gezamenlijk een vervoersbewijs opgemaakt. 2 artikel 56 De leverancier en de afnemer dragen er ieder voor zijn deel, en de vervoerder voor het geheel, zorg voor dat het vervoersbewijs overeenkomstig de krachtensgestelde regels volledig en naar waarheid wordt ingevuld en ondertekend. 3 Het vervoersbewijs wordt bij ministeriële regeling vastgesteld en bevat in ieder geval gegevens over: a. de leverancier, de vervoerder en de afnemer; b. de hoeveelheid meststoffen; c. de samenstelling van de meststoffen; en d. de soort meststoffen. 4 De gegevens op het vervoersbewijs worden niet gewijzigd of onleesbaar gemaakt. 5 De op het vervoersbewijs ingevulde gegevens worden op elektronische wijze bij Onze Minister ingediend. 6 artikelen 32 39 44 De vervoerder bewaart het vervoersbewijs en de leverancier en de afnemer bewaren een afschrift van het vervoersbewijs als onderdeel van de administratie, bedoeld in de,of. 7 Voor de ondertekening van het vervoersbewijs kunnen de leverancier, de vervoerder en de afnemer elkaar niet machtigen. 2021 192 22-04-2021 08-04-2021 2022 464 24-11-2022 21-11-2022 01-01-2023
Artikel 56 — Artikel 56#
Artikel 56 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over: a. de overige op het vervoersbewijs te vermelden gegevens; b. de wijze en het tijdstip waarop het vervoersbewijs door de leverancier, de vervoerder en de afnemer wordt opgemaakt en ondertekend; c. de overige ter zake van de vervoerde meststoffen te verstrekken gegevens; d. de wijze en het tijdstip waarop de op het vervoersbewijs ingevulde gegevens alsmede de gegevens, bedoeld in onderdeel c, worden ingediend; en e. artikel 55 de gevallen waarin en de voorwaarden waarondergeheel of gedeeltelijk niet van toepassing is. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 57 — Artikel 57#
Artikel 57 Een verwerker verwerkt de hoeveelheid dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, waarvoor hij met betrekking tot een kalenderjaar mestverwerkingsovereenkomsten heeft gesloten, binnen een bij ministeriële regeling te stellen periode. 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 01-01-2014
Artikel 58 — Artikel 58#
Artikel 58 artikel 33d, eerste lid, van de wet Bij ministeriële regeling aan te wijzen soorten dierlijke meststoffen tellen niet mee voor het voldoen aan de verplichting, bedoeld in. 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 01-01-2014
Artikel 59 — Artikel 59#
Artikel 59 artikel 33a, derde lid, onderdeel c, van de wet Een overeenkomst gesloten tussen een landbouwer die op zijn bedrijf voor meer dan de helft dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, van kippen of kalkoenen produceert, en een landbouwer die op zijn bedrijf voor meer dan de helft dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, van één of meer andere diersoorten of diercategorieën produceert, geldt niet als overeenkomst als bedoeld in. 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 01-01-2014
Artikel 60 — Artikel 60#
Artikel 60 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld inzake: a. artikel 33b, vijfde lid, van de wet de gegevens, bedoeld in, die moeten worden gemeld; b. artikel 33b, vijfde lid, van de wet de elektronische melding, bedoeld in. 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 01-01-2014
Artikel 61 — Artikel 61#
Artikel 61 artikel 33a, tweede lid, onderdeel d, onder 1°, van de wet Als huisvestingssysteem als bedoeld inwordt aangewezen een huisvestingssysteem waarbij minimaal tweederde van de oppervlakte van de leefruimte van de dieren is ingestrooid met stro. 2014 543 22-12-2014 15-12-2014 2015 83 26-02-2015 10-02-2015 27-02-2015
Artikel 62 — Artikel 62#
Artikel 62 Vervallen 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 12-07-2007
Artikel 63 — Artikel 63#
Artikel 63 Vervallen 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 12-07-2007
Artikel 64 — Artikel 64#
Artikel 64 Vervallen 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 12-07-2007
Artikel 65 — Artikel 65#
Artikel 65 De aantallen dieren en hoeveelheden meststoffen, diervoeders, melk en eieren, de fosfaattoestand van de bodem en de gewasopbrengst ter zake waarvan een landbouwer of een ondernemer ingevolge de bij of krachtens dit besluit gestelde regels gegevens in zijn administratie moet opnemen of gegevens moet verstrekken worden bepaald overeenkomstig dit hoofdstuk. 2009 601 29-12-2009 14-12-2009 2009 601 29-12-2009 14-12-2009 01-01-2010
Artikel 66 — Artikel 66#
Artikel 66 1 artikelen 36 70, derde lid De door graasdieren, niet zijnde melkkoeien, in een kalenderjaar op een bedrijf geproduceerde hoeveelheid dierlijke meststoffen wordt bepaald op basis van het gemiddelde aantal in het desbetreffende kalenderjaar op het bedrijf gehouden of anderszins aanwezige dieren, onderscheiden naar diersoort en diercategorieën per soort, voor zover dit onderscheid wordt gemaakt in de krachtens deof, gestelde regels en op basis van forfaitaire productienormen, uitgedrukt in kilogrammen stikstof en in kilogrammen fosfaat, per dier per jaar. 2 De door melkkoeien in een kalenderjaar op een bedrijf geproduceerde hoeveelheid dierlijke meststoffen wordt bepaald op basis van het gemiddelde aantal in het desbetreffende kalenderjaar op het bedrijf gehouden of anderszins aanwezige melkkoeien en op basis van forfaitaire productienormen, uitgedrukt in kilogrammen stikstof en in kilogrammen fosfaat, per dier per jaar, onderscheiden naar de gemiddelde melkproductie per op het bedrijf aanwezige melkkoe en, voor zover het stikstof betreft, het gemiddelde ureumgehalte van de geproduceerde koemelk. 3 De door staldieren in een kalenderjaar op een bedrijf geproduceerde hoeveelheid dierlijke meststoffen wordt bepaald door achtereenvolgens: a. bij elkaar op te tellen de hoeveelheden stikstof, onderscheidenlijk fosfaat in: 1°. de in het desbetreffende kalenderjaar op het bedrijf aangevoerde staldieren; 2°. de in het desbetreffende kalenderjaar op het bedrijf aangevoerde of geproduceerde diervoeders bestemd voor de staldieren; en 3°. de aan het eind van het voorgaande kalenderjaar op het bedrijf aanwezige voorraden diervoeders bestemd voor de staldieren en door de staldieren geproduceerde eieren alsmede de aanwezige staldieren; en b. de overeenkomstig onderdeel a berekende hoeveelheid te verminderen met de hoeveelheden stikstof, onderscheidenlijk fosfaat in: 1°. de in het desbetreffende kalenderjaar van het bedrijf afgevoerde staldieren; 2°. de in het desbetreffende kalenderjaar van het bedrijf afgevoerde diervoeders, voor zover deze diervoeders voor de toepassing van dit artikel bij de hoeveelheid, bedoeld in het derde lid, onderdeel a, onder 2°, is betrokken; 3°. de in het desbetreffende kalenderjaar van het bedrijf afgevoerde, door de staldieren geproduceerde eieren; 4°. de in het desbetreffende kalenderjaar optredende gasvormige verliezen van stikstof uit de stal en de mestopslagruimte; en 5°. de aan het eind van het desbetreffende kalenderjaar op het bedrijf aanwezige voorraden diervoeders bestemd voor de staldieren en door de staldieren geproduceerde eieren alsmede de aanwezige staldieren. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 01-01-2006
Artikel 67 — Artikel 67#
Artikel 67 1 artikel 66, derde lid De in, bedoelde hoeveelheid stikstof en de hoeveelheid fosfaat in de op een bedrijf aan- of afgevoerde, dan wel de op het bedrijf aanwezige voorraden diervoeders worden bepaald op basis van het gewicht of het volume en het stikstofgehalte, onderscheidenlijk fosfaatgehalte van de desbetreffende diervoeders. 2 artikel 66, derde lid De in, bedoelde hoeveelheid stikstof en de hoeveelheid fosfaat in de op een bedrijf geproduceerde diervoeders worden bepaald op basis van een forfaitaire opbrengst per hectare in kilogrammen en forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten per kilogram diervoeder. 3 artikel 66, derde lid De in, bedoelde hoeveelheid stikstof en de hoeveelheid fosfaat in de staldieren worden bepaald op basis van forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten per dier, dan wel op basis van het gewicht van de dieren en op basis van forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten per kilogram levend gewicht. 4 artikel 66, derde lid De in, bedoelde hoeveelheid stikstof en de hoeveelheid fosfaat in door staldieren geproduceerde eieren worden bepaald op basis van het gewicht van de eieren en op basis van forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten per kilogram product. 5 artikel 66, derde lid De in, bedoelde hoeveelheid stikstof die in gasvorm verloren gaat wordt bepaald op basis van het gemiddelde aantal in het desbetreffende kalenderjaar op het bedrijf gehouden of anderszins aanwezige dieren en forfaitaire stikstofgehalten per dier. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 01-01-2006
Artikel 68 — Artikel 68#
Artikel 68 1 De op een bedrijf of onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld aangevoerde hoeveelheid meststoffen, de van een bedrijf of onderneming afgevoerde hoeveelheid meststoffen en de binnen een onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld vervoerde hoeveelheid meststoffen worden bepaald op basis van het gewicht of het volume en het stikstofgehalte, onderscheidenlijk fosfaatgehalte van de desbetreffende meststoffen. 2 De in enig kalenderjaar op een bedrijf per saldo uit opslag gekomen hoeveelheid dierlijke meststoffen wordt bepaald door de aan het eind van het voorgaande kalenderjaar op het bedrijf opgeslagen hoeveelheid dierlijke meststoffen te verminderen met de aan het eind van desbetreffend kalenderjaar op het bedrijf opgeslagen hoeveelheid dierlijke meststoffen. 3 De op een bedrijf waar dierlijke meststoffen worden geproduceerd opgeslagen hoeveelheid dierlijke meststoffen wordt bepaald op basis van het zo nauwkeurig mogelijk bepaalde gewicht van de dierlijke meststoffen en het zo nauwkeurig mogelijk bepaalde stikstofgehalte, onderscheidenlijk fosfaatgehalte van de desbetreffende meststoffen. 4 De op een bedrijf als bedoeld in het derde lid opgeslagen hoeveelheid overige meststoffen wordt bepaald op basis van het gewicht of het volume en het stikstofgehalte, onderscheidenlijk fosfaatgehalte van de desbetreffende meststoffen. 5 De op een onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld of op een bedrijf waar geen dierlijke meststoffen worden geproduceerd opgeslagen hoeveelheid meststoffen wordt bepaald op basis van het gewicht of het volume en het stikstofgehalte, onderscheidenlijk fosfaatgehalte van de desbetreffende meststoffen. 2007 251 11-07-2007 04-07-2007 2007 519 19-12-2007 11-12-2007 01-01-2008
Artikel 69 — Artikel 69#
Artikel 69 1 bijlage II van de wet artikelen 36 70, derde lid Het gemiddelde aantal in een kalenderjaar op een bedrijf gehouden varkens, kippen en kalkoenen, onderscheiden naar diercategorieën per soort overeenkomstig, alsmede runderen, onderscheiden naar diercategorie, voor zover dit onderscheid wordt gemaakt in de krachtens deof, gestelde regels, wordt bepaald door de som van de dagelijkse aanwezige aantallen van deze dieren, te delen door het aantal dagen van het desbetreffende kalenderjaar. 2 artikelen 36 70 Het gemiddelde aantal in een kalenderjaar voor gebruiks- en winstdoeleinden op het bedrijf gehouden dan wel anderszins aanwezige dieren, anders dan runderen, varkens, kippen en kalkoenen, onderscheiden naar diersoorten en diercategorieën per soort, voor zover dit onderscheid wordt gemaakt in de krachtens deofgestelde regels, wordt bepaald door de som van de op de eerste dag van iedere maand aanwezige aantallen van deze dieren, te delen door twaalf. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 01-01-2006
Artikel 69a — Artikel 69a#
Artikel 69a Vervallen 2019 521 30-12-2019 18-12-2019 2019 520 30-12-2019 18-12-2019 35233 01-01-2020 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Meststoffenwet (implementatie zesde actieprogramma Nitraatrichtlijn)
in werking treedt (Stb. 2019/520).
Artikel 70 — Artikel 70#
Artikel 70 1 Bij ministeriële regeling worden vastgesteld: a. artikel 66, eerste en tweede lid de forfaitaire productienormen, bedoeld in; b. artikel 67, tweede lid de forfaitaire gewasopbrengsten per hectare, bedoeld in; en c. artikel 67, tweede tot en met vijfde lid de forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten, bedoeld in. 2 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent de gevallen waarin, de voorwaarden waaronder en de wijze waarop: a. artikel 67, eerste lid de hoeveelheid stikstof en de hoeveelheid fosfaat van de bij die regeling te onderscheiden diervoeders in zoverre in afwijking van, wordt bepaald op basis van de bij die regeling vast te stellen forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten; en b. artikel 68 de hoeveelheid aangevoerde of afgevoerde dierlijke meststoffen in zoverre in afwijking van, wordt bepaald op basis van de bij die regeling vast te stellen forfaitaire stikstofgehalten onderscheidenlijk fosfaatgehalten. 3 De in het eerste en tweede lid bedoelde forfaits kunnen onderscheiden naar mestvorm, diersoort en diercategorie en bedrijfssysteem verschillend worden vastgesteld. 4 artikelen 66 67 68 69 artikel 21a, eerste lid Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld met betrekking tot de vaststellingen ten behoeve van de bepaling van de hoeveelheden, bedoeld in de,,enen ten behoeve van de bepaling van de fosfaattoestand van de bodem, bedoeld in. Deze regels kunnen betrekking hebben op: a. de methode van gewichtsbepaling, volumebepaling, bemonstering, analyse en bepaling van het ureumgehalte van koemelk; b. de ten behoeve van de vaststelling te gebruiken apparatuur; c. de bevoegdheid tot het doen van de vaststelling, welke bevoegdheid kan worden verbonden aan een door Onze Minister overeenkomstig bij die regeling gestelde erkenningsvoorwaarden verleende erkenning; d. de plaats, het moment en de frequentie van vaststelling, daaronder begrepen tellingen voor de vaststelling van het gemiddelde aantal dieren; en e. de verantwoording van de vaststellingen. 2021 192 22-04-2021 08-04-2021 2022 464 24-11-2022 21-11-2022 01-01-2023
Artikel 70a — Artikel 70a#
Artikel 70a Vervallen 2021 2 06-01-2021 29-12-2020 2021 84 19-02-2021 12-02-2021 20-02-2021 01-01-2021
Artikel 71 — Artikel 71#
Artikel 71 Vervallen 2019 521 30-12-2019 18-12-2019 2019 520 30-12-2019 18-12-2019 35233 01-01-2020 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Meststoffenwet (implementatie zesde actieprogramma Nitraatrichtlijn)
in werking treedt (Stb. 2019/520).
Artikel 72 — Artikel 72#
Artikel 72 1 artikel 23, derde lid, van de wet Op verzoek van een landbouwer met een nieuw gestart bedrijf, verhoogt Onze Minister het fosfaatrecht, bedoeld in. 2 Een nieuw gestart bedrijf als bedoeld in het eerste lid, is een bedrijf dat aantoonbaar: a. artikel 1.10 van het Activiteitenbesluit Milieubeheer beschikt over een voor 2 juli 2015 aan de landbouwer verleende omgevingsvergunning voor het oprichten van een bedrijf voor het houden van melkvee of over een voor 2 juli 2015 door de landbouwer ingediende melding als bedoeld invoor het houden van melkvee; b. onomkeerbare financiële verplichtingen is aangegaan voor 2 juli 2015; c. tussen 1 januari 2014 en 2 juli 2015 is gestart met de productie van melk bestemd voor consumptie of verwerking; d. artikel 1, eerste lid, onderdeel kk, onder 1°, van de wet op 1 januari 2018 minimaal 15 melk- en kalfkoeien hield als bedoeld in; e. artikel 23, vierde lid, van de wet geen aanspraak maakt op rechten uit hoofde van. 3 artikel 23, derde lid, van de wet De verhoging, bedoeld in het eerste lid, is 50 procent van het verschil tussen het aantal kilogrammen fosfaat dat uit hoofde vanis vastgesteld en het aantal kilogrammen fosfaat dat redelijkerwijs in een kalenderjaar met op 2 juli 2015 aanwezige stalcapaciteit voor melkvee geproduceerd had kunnen worden. 4 De verhoging, bedoeld in het eerste lid, vindt niet plaats indien het verschil, bedoeld in het tweede lid, kleiner is dan 10 procent. 5 Het verzoek, bedoeld in het eerste lid, wordt voor 1 april 2018 ingediend met gebruikmaking van een door Onze Minister elektronisch beschikbaar gesteld middel. 6 Een bedrijf dat op 2 juli 2015 vrouwelijk jongvee voor de melkveehouderij hield en dat tussen 2 juli 2015 en 1 januari 2018 is gestart met de productie van melk bestemd voor consumptie of verwerking, wordt in afwijking van het tweede lid, onderdeel c, aangemerkt als nieuw gestart bedrijf. In afwijking van het vijfde lid, wordt het verzoek door een landbouwer op grond van dit artikellid ingediend voor 15 oktober 2018. 2018 317 21-09-2018 06-09-2018 2018 317 21-09-2018 06-09-2018 22-09-2018
Artikel 72a — Artikel 72a#
Artikel 72a 1 artikel 23, derde lid, van de wet Indien op een bedrijf op 2 juli 2015 tijdelijk minder melkvee werd gehouden of over minder fosfaatruimte werd beschikt door de realisatie van een natuurgebied of de aanleg of onderhoud van publieke infrastructuur, verhoogt Onze Minister op verzoek van de landbouwer het fosfaatrecht dat uit hoofde van, wordt vastgesteld. 2 De verhoging, bedoeld in het eerste lid, bedraagt het aantal kilogrammen fosfaat waarvan de landbouwer aannemelijk heeft gemaakt dat deze zonder de in het eerste lid omschreven omstandigheden in de vaststelling van het fosfaatrecht zouden zijn betrokken. 3 artikel 23, derde lid, van de wet De verhoging, bedoeld in het eerste lid, vindt niet plaats indien deze kleiner is dan 5 procent van het fosfaatrecht dat wordt vastgesteld uit hoofde van. 4 Het verzoek, bedoeld in het eerste lid, wordt voor 1 april 2018 ingediend met gebruikmaking van een door Onze Minister elektronisch beschikbaar gesteld middel. 2017 521 28-12-2017 20-12-2017 2017 521 28-12-2017 20-12-2017 01-01-2018
Artikel 72b — Artikel 72b#
Artikel 72b 1 artikel 23, derde en zesde lid Het fosfaatrecht, bedoeld in, en de verhoging van het fosfaatrecht, bedoeld in artikel 23, vierde en negende lid, van de wet, wordt verminderd met 8,3 procent. 2 Het eerste lid is niet van toepassing op een bedrijf waarvan de productie van dierlijke meststoffen door melkvee in kilogrammen fosfaat in het kalenderjaar 2015, verminderd met de fosfaatruimte in dat kalenderjaar, negatief of nul is. 3 Bij de toepassing van het percentage, bedoeld in het eerste lid, wordt, het fosfaatrecht slechts verminderd voor zover een gehele uitoefening van het fosfaatrecht de fosfaatruimte in het kalenderjaar 2015 van dat bedrijf te boven gaat. 2017 521 28-12-2017 20-12-2017 2017 521 28-12-2017 20-12-2017 01-01-2018
Artikel 72c — Artikel 72c#
Artikel 72c artikel 51, eerste lid In geval van overtreding van, bedraagt de bestuurlijke boete voor de vervoerder € 1.500. 2021 192 22-04-2021 08-04-2021 2022 464 24-11-2022 21-11-2022 01-01-2023
Artikel 73 — Artikel 73#
Artikel 73 1 artikel 62, tweede lid, van de wet De hoogte van de op grond vante bepalen bestuurlijke boete bedraagt voor de volgende categorieën: a. niet op de voorgeschreven wijze administreren, registreren, melden of invullen van gegevens: € 50; b. niet tijdig administreren, registreren, melden of indienen: € 100; c. niet volledig administreren, registreren, melden of invullen of niet ondertekenen: € 200; d. niet naar waarheid administreren, registreren, melden of invullen: € 300; e. niet administreren, registreren, melden, indienen of aanwezig hebben: € 300. 2 Bij ministeriële regeling wordt per overtreding de hoogte van de bestuurlijke boete aangewezen overeenkomstig het eerste lid. 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 2013 577 24-12-2013 18-12-2013 01-01-2014
Artikel 73a — Artikel 73a#
Artikel 73a 1 Het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet, zoals dit zal luiden na volledige inwerkingtreding van het Besluit van 8 april 2021, houdende wijziging van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet in verband met het stellen van regels over digitale verantwoording van het vervoer van dierlijke meststoffen (Stb. 2021, 192) zoals gewijzigd bij Besluit van 7 juli 2022, houdende wijziging van het Besluit van 8 april 2021, houdende wijziging van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet in verband met het stellen van regels over digitale verantwoording van het vervoer van dierlijke meststoffen (Stb. 2021, 192) in verband met enkele aanpassingen ten aanzien van de startmelding en de noodvoorziening (Stb. 2022, 297), kan voorafgaand aan die volledige inwerkingtreding van toepassing zijn op een leverancier, vervoerder of afnemer van dierlijke meststoffen, indien hij zich met het oog op vroegtijdige toepassing van de regels van het rVDM-systeem eenmalig bij de minister heeft gemeld. 2 Na de melding, bedoeld in het eerste lid, maken de vervoerder, leverancier en afnemer per vracht dierlijke meststoffen een keuze of zij de huidige regels voor de verantwoording van het vervoer van dierlijke meststoffen toepassen dan wel volgens het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet, zoals dit zal luiden na volledige inwerkingtreding van het Besluit van 8 april 2021, houdende wijziging van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet in verband met het stellen van regels over digitale verantwoording van het vervoer van dierlijke meststoffen (Stb. 2021, 192) zoals gewijzigd bij Besluit van 7 juli 2022, houdende wijziging van het Besluit van 8 april 2021, houdende wijziging van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet in verband met het stellen van regels over digitale verantwoording van het vervoer van dierlijke meststoffen (Stb. 2021, 192) in verband met enkele aanpassingen ten aanzien van de startmelding en de noodvoorziening (Stb. 2022, 297). 3 Bij de melding, bedoeld in het eerste lid, verklaren de betrokken leverancier, vervoerder en afnemer zich met het oog op het vervoer van dierlijke meststoffen gebonden aan de nieuwe regels indien zij voor de betreffende vracht kiezen om het rVDM-systeem toe te passen. 4 artikel 50, eerste lid De keuze van de vervoerder, leverancier en afnemer voor toepassing van het rVDM-systeem, bedoeld in het tweede lid, blijkt uit het doen van de mededeling, bedoeld in, zoals dit zal luiden na volledige inwerkingtreding van het Besluit van 8 april 2021, houdende wijziging van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet in verband met het stellen van regels over digitale verantwoording van het vervoer van dierlijke meststoffen (Stb. 2021, 192) zoals gewijzigd bij Besluit van 7 juli 2022, houdende wijziging van het Besluit van 8 april 2021, houdende wijziging van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet in verband met het stellen van regels over digitale verantwoording van het vervoer van dierlijke meststoffen (Stb. 2021, 192) in verband met enkele aanpassingen ten aanzien van de startmelding en de noodvoorziening (Stb. 2022, 297). 5 Bij ministeriële regeling worden regels dan wel nadere regels gesteld over: a. de melding, bedoeld in het eerste lid; b. de voorwaarden voor het doen van de melding, bedoeld in het eerste lid; c. het aanwijzen van gevallen waarvoor betrokken vervoerders, leveranciers en afnemers de nieuwe regels van het rVDM-systeem, per vracht dierlijke meststoffen, niet kunnen toepassen waarbij in elk geval gedifferentieerd kan worden op mestsoort, bijzondere situatie en vervoersstroom; d. het bepalen van het ingangstijdstip alsmede de voorwaarden waaronder de nieuwe regels van toepassing zullen zijn op degenen die zich voor toepassing van het rVDM-systeem hebben gemeld. 6 In uitzonderlijke omstandigheden kan Onze minister besluiten dat voor degenen die zich hebben aangemeld voor de vroegtijdige toepassing van het rVDM-systeem, bedoeld in het eerste lid, met ingang van een door hem bepaald tijdstip en voor een door hem bepaalde duur niettemin uitsluitend de bestaande regels voor de verantwoording van het vervoer van dierlijke meststoffen van toepassing zijn. 2022 297 14-07-2022 07-07-2022 2022 464 24-11-2022 21-11-2022 01-01-2023
Artikel 74 — Artikel 74#
Artikel 74 1 artikel 32, eerste lid, van de wet Het percentage, bedoeld in, waartoe de vergroting van het varkensrecht wordt beperkt, bedraagt 100 procent. 2 artikel 32, eerste lid, van de wet Het percentage, bedoeld in, waartoe de vergroting van het pluimveerecht wordt beperkt, bedraagt 100 procent. 3 artikel 32a, eerste lid, van de wet Het percentage, bedoeld in, waartoe de vergroting van het fosfaatrecht wordt beperkt, bedraagt 70 procent. 2025 411 08-12-2025 04-12-2025 2025 411 08-12-2025 04-12-2025 09-12-2025 2025 410 08-12-2025 04-12-2025 2025 410 08-12-2025 04-12-2025 09-12-2025
Artikel 75 — Artikel 75#
Artikel 75 artikel 33, eerste lid, van de wet Het percentage, bedoeld in, waarmee het op het bedrijf rustende productierecht op het moment van de bedrijfsoverdracht wordt verlaagd, bedraagt: a. 0 procent in geval van een varkensrecht; b. 0 procent in geval van een pluimveerecht; of c. 30 procent in geval van een fosfaatrecht. 2025 411 08-12-2025 04-12-2025 2025 411 08-12-2025 04-12-2025 09-12-2025 2025 410 08-12-2025 04-12-2025 2025 410 08-12-2025 04-12-2025 09-12-2025
Artikel 76 — Artikel 76#
Artikel 76 Wijzigt het Destructiebesluit. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 01-01-2006
Artikel 77 — Artikel 77#
Artikel 77 Vervallen 2015 416 17-11-2015 29-10-2015 2015 554 31-12-2015 21-12-2015 01-01-2016
Artikel 78 — Artikel 78#
Artikel 78 Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2006. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 01-01-2006
Artikel 78a — Artikel 78a#
Artikel 78a Vervallen 2019 521 30-12-2019 18-12-2019 2019 520 30-12-2019 18-12-2019 35233 01-01-2020 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Meststoffenwet (implementatie zesde actieprogramma Nitraatrichtlijn)
in werking treedt (Stb. 2019/520).
Artikel 79 — Artikel 79#
Artikel 79 Dit besluit wordt aangehaald als: Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet. 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 2005 645 29-12-2005 09-11-2005 01-01-2006
Artikel 3#
artikel 3
Artikel 21aa#
artikel 21aa