Besluit van 7 mei 2007, houdende regels ter uitvoering van artikel 7, derde lid, van de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten met betrekking tot de bekwaamheid en betrouwbaarheid van opsporingsambtenaren van de bijzondere opsporingsdiensten (Besluit bekwaamheid en betrouwbaarheid opsporingsambtenaren bijzondere opsporingsdiensten)
- BWB-id
- BWBR0021876
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2007-06-01 t/m 2011-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0021876
- ELI
- /eli/nl/amvb/2007/besluit-bekwaamheid-en-betrouwbaarheid-opsporingsambtenaren-
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2007/besluit-bekwaamheid-en-betrouwbaarheid-opsporingsambtenaren-/2007-06-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0021876&g=2007-06-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0021876&z=2026-06-06&g=2007-06-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0021876/2007-06-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2007/besluit-bekwaamheid-en-betrouwbaarheid-opsporingsambtenaren-
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder Onze Minister: Onze Minister van Justitie. 2007 173 22-05-2007 07-05-2007 2007 172 22-05-2007 07-05-2007 01-06-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten in werking treedt.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Een persoon beschikt over de bekwaamheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden, indien hij de daarvoor vastgestelde basiskennis en vaardigheden bezit. De bekwaamheid blijkt uit het met goed gevolg hebben afgelegd van een examen waarmee Onze Minister heeft ingestemd. 2 Van het met goed gevolg afleggen van een examen als bedoeld in het eerste lid kan Onze Minister ontheffing verlenen, indien de bekwaamheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden op andere wijze blijkt. Bij het verlenen van een ontheffing kunnen aanwijzingen en voorschriften worden gegeven met het oog op het waarborgen van een adequaat niveau van bekwaamheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden. 2007 173 22-05-2007 07-05-2007 2007 172 22-05-2007 07-05-2007 01-06-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten in werking treedt.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Een persoon beschikt over de betrouwbaarheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden, indien hij van onbesproken gedrag is. 2 Onze Minister beslist of een persoon betrouwbaar is voor de uitoefening van de opsporingsbevoegdheden. 2007 173 22-05-2007 07-05-2007 2007 172 22-05-2007 07-05-2007 01-06-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten in werking treedt.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Wijzigt het Besluit justitiële gegevens. 2007 173 22-05-2007 07-05-2007 2007 172 22-05-2007 07-05-2007 01-06-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten in werking treedt.
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Wet op de bijzondere opsporingsdiensten Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop dein werking treedt. 2007 173 22-05-2007 07-05-2007 2007 172 22-05-2007 07-05-2007 01-06-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten in werking treedt.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit bekwaamheid en betrouwbaarheid opsporingsambtenaren bijzondere opsporingsdiensten. 2007 173 22-05-2007 07-05-2007 2007 172 22-05-2007 07-05-2007 01-06-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten in werking treedt.