Besluit van 5 september 2007, houdende nadere regels omtrent gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Besluit gewasbeschermingsmiddelen en biociden)
- BWB-id
- BWBR0022530
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0022530
- ELI
- /eli/nl/amvb/2007/besluit-gewasbeschermingsmiddelen-en-biociden
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2007/besluit-gewasbeschermingsmiddelen-en-biociden/2024-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0022530&g=2024-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0022530&z=2026-06-06&g=2024-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0022530/2024-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2007/besluit-gewasbeschermingsmiddelen-en-biociden
Artikel 74#
artikel 74
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit en de daarop rustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden wet:; b. verordening 396/2005/EG: Verordening nr. 396/2005 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 23 februari 2005 tot vaststelling van maximumgehalten aan bestrijdingsmiddelenresiduen in of op levensmiddelen en diervoeders van plantaardige en dierlijke oorsprong en houdende wijziging van Richtlijn 91/414/EG van de Raad (PbEU L 70); c. richtlijn 67/548/EEG: richtlijn nr. 67/548/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 27 juni 1967 betreffende de aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen inzake de indeling, de verpakking en het kenmerken van gevaarlijke stoffen (PbEG L 196); d. richtlijn 2000/60/EG: richtlijn nr. 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid (PbEG L 327); e. richtlijn 2004/10/EG: richtlijn nr. 2004/10/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 11 februari 2004 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen inzake de toepassing van de beginselen van goede laboratoriumpraktijken en het toezicht op de toepassing ervan voor tests op chemische stoffen (gecodificeerde versie) (PbEU L 50); f. bijlage, onder A, bij de Omgevingswet bodem: bodem als bedoeld in de; g. gasvormende toestand: toestand van een gewasbeschermingsmiddel of biocide waarin het middel of de biocide na gasvorming zijn werking verkrijgt; h. maximumresidugehalte (MRL): het hoogste wettelijk toegestane concentratieniveau van een residu van gewasbeschermingsmiddelen of biociden in of op een levensmiddel of diervoeder op basis van goede landbouwpraktijken en de laagste blootstelling van consumenten die noodzakelijk is met het oog op de bescherming van kwetsbare consumenten; i. richtlijn 1999/45/EG: richtlijn nr. 1999/45/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 31 mei 1999 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten inzake de indeling, de verpakking en het kenmerken van gevaarlijke preparaten (PbEG 1999, L 200); j. uitvoeringsverordening (EU) 545/2011: Verordening (EU) nr. 545/2011 van de Commissie van 10 juni 2011 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad wat de gegevensvereisten voor gewasbeschermingsmiddelen betreft (PbEU 2011, L 155); k. uitvoeringsverordening (EU) 546/2011: Verordening (EU) nr. 546/2011 van de Commissie van 10 juni 2011 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad wat uniforme beginselen voor de evaluatie en de toelating van gewasbeschermingsmiddelen betreft (PbEU 2011, L 155); l. verhard oppervlak: oppervlak dat is verhard door bebouwing, bestrating en overige verhardingen aangebracht op de bodem voor verbetering van draagvlak en begaanbaarheid; m. onverhard oppervlak: oppervlak niet zijnde verhard oppervlak. 2021 98 25-02-2021 27-11-2020 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a artikel 9.2.2.1, eerste en tweede lid, onder b, van de Wet milieubeheer Dit besluit berust mede op. 2008 160 15-05-2008 29-04-2008 2008 160 15-05-2008 29-04-2008 01-06-2008
Artikel 2 — Artikel 2 Andere taken van het college#
Artikel 2 Andere taken van het college Het college is belast met: a. de aan Nederland opgedragen werkzaamheden, bedoeld in de artikelen 6 tot en met 9 van hoofdstuk II van verordening 396/2005/EG alsmede het doen van voorstellen voor het vaststellen van het maximaal toelaatbare residugehalte (MRL) door Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en Onze Minister van Economische Zaken, voor zover deze niet communautair zijn vastgesteld; b. het vaststellen van het maximaal toelaatbaar risiconiveau van gewasbeschermingsmiddelen voor bodem of waterorganismen op verzoek van de houder van een toelating, bedoeld in artikel 3, onderdeel 24, van verordening (EG) 1107/2009 of op verzoek van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu, indien dit risiconiveau niet reeds bij een toelating door het college is vastgesteld; c. het vaststellen of ambtshalve wijzigen van de wijze waarop op een etiket de voorschriften worden vermeld die bij of krachtens dit besluit zijn vastgesteld voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen of biociden; d. artikel 38 van de wet het adviseren aan Onze Minister over de toepassing van; e. het naar aanleiding van een ontwerp-beoordelingsverslag als bedoeld in artikel 11 van verordening (EG) nr. 1107/2009, in het kader van artikel 12, eerste en tweede lid, van verordening (EG) nr. 1107/2009 maken van schriftelijke opmerkingen over werkzame stoffen van gewasbeschermingsmiddelen. 2018 54 28-02-2018 15-02-2018 2018 108 26-04-2018 09-04-2018 01-07-2018
Artikel 3 — Artikel 3 Bij de aanvraag te leveren gegevens#
Artikel 3 Bij de aanvraag te leveren gegevens Vervallen 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 4 — Artikel 4 Onderzoeksmethode#
Artikel 4 Onderzoeksmethode Vervallen 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 5 — Artikel 5 Achterwege laten van gegevens#
Artikel 5 Achterwege laten van gegevens Vervallen 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 6 — Artikel 6 Beslistermijnen voor aanvragen inzake gewasbeschermingsmiddelen#
Artikel 6 Beslistermijnen voor aanvragen inzake gewasbeschermingsmiddelen Vervallen 2011 377 16-08-2011 08-07-2011 2011 549 25-11-2011 21-11-2011 26-11-2011
Artikel 7 — Artikel 7 Beslistermijnen voor aanvragen inzake biociden#
Artikel 7 Beslistermijnen voor aanvragen inzake biociden Vervallen 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 8 — Artikel 8 Toelating niet-professioneel gebruik#
Artikel 8 Toelating niet-professioneel gebruik Het college verleent geen toelating voor niet-professioneel gebruik van een gewasbeschermingsmiddel dat overeenkomstig richtlijn 1999/45/EG is ingedeeld als giftig, zeer giftig, kankerverwekkend, mutageen of vergiftig voor de voortplanting. 2011 377 16-08-2011 08-07-2011 2011 549 25-11-2011 21-11-2011 26-11-2011
Artikel 8a — Artikel 8a Beoordelingsmethoden#
Artikel 8a Beoordelingsmethoden 1 artikelen 8c 8e tot en met 8g bijlage 1 Het college hanteert in het kader van de beoordeling van gewasbeschermingsmiddelen, bedoeld in artikel 36, eerste lid, van verordening (EG) 1107/2009, slechts de in deenen de inbedoelde beoordelingsmethoden, voor zover een Europees richtsnoer dat is vastgesteld volgens de procedure, bedoeld in artikel 77 van die verordening, geen beoordelingsmethode over hetzelfde onderwerp bevat. 2 Onze Minister van Economische Zaken doet mededeling in de Staatscourant van de vaststelling of wijziging van een in een Europees richtsnoer opgenomen beoordelingsmethode als bedoeld in het eerste lid. 2018 54 28-02-2018 15-02-2018 2018 108 26-04-2018 09-04-2018 01-07-2018
Artikel 8b — Artikel 8b Blootstelling als gevolg van professioneel gebruik#
Artikel 8b Blootstelling als gevolg van professioneel gebruik Vervallen 2018 54 28-02-2018 15-02-2018 2018 108 26-04-2018 09-04-2018 01-07-2018
Artikel 8c — Artikel 8c Blootstelling als gevolg van niet-professioneel gebruik#
Artikel 8c Blootstelling als gevolg van niet-professioneel gebruik Het college schat de kwantitatieve blootstelling aan het gewasbeschermingsmiddel voor de toepasser van een middel bestemd voor niet-professioneel gebruik, bedoeld in uitvoeringsverordening (EU) 545/2011, bijlage, deel A, punt 7.2.1.1, zonder rekening te houden met het effect van persoonlijke beschermingsmaatregelen. 2018 54 28-02-2018 15-02-2018 2018 108 26-04-2018 09-04-2018 01-07-2018
Artikel 8d — Artikel 8d Omstander beroepshalve aanwezig#
Artikel 8d Omstander beroepshalve aanwezig Vervallen 2018 54 28-02-2018 15-02-2018 2018 108 26-04-2018 09-04-2018 01-07-2018
Artikel 8e — Artikel 8e Uitspoeling#
Artikel 8e Uitspoeling Het college komt bij de toepassing van het uniforme beginsel, bedoeld in uitvoeringsverordening (EU) 546/2011, bijlage, deel I, onderdeel C Besluitvorming, punt 2.5.1.2, tot het oordeel dat een gewasbeschermingsmiddel geen onaanvaardbaar effect op het milieu heeft als bedoeld in artikel 4, derde lid, onderdeel e, van verordening (EG) 1107/2009 indien bij de toepassing van dit beginsel wordt aangetoond dat: a. de concentratie van een werkzame stof, een relevant reactieproduct of een relevant afbraakproduct in het grondwater gelijk is aan of lager is dan 0,1 μg/liter bij toepassing van één van de volgende methoden van beoordelen van het gewasbeschermingsmiddel: 1°. bijlage 1 een berekening met het model PEARL voor het FOCUS Kremsmünster scenario, bedoeld inonder 12. 2°. bijlage 1 een berekening met het model GeoPEARL, bedoeld inonder 12. 3°. een toetsing aan metingen van concentraties in het bovenste grondwater, 4°. een berekening voor de verzadigde zone, bepaald volgens een rekenvoorschrift waarbij wordt uitgegaan van een afbraaksnelheid volgens de eerste orde kinetiek na 4 jaren op 10 meter diepte, 5°. een toetsing aan metingen van concentraties in het diepere grondwater op minimaal 10 meter beneden het maaiveld, of b. bij het gebruik van een gewasbeschermingsmiddel in een grondwaterbeschermingsgebied de maximaal toelaatbare concentratie van een werkzame stof, een relevant reactieproduct of een relevant afbraakproduct van 0,01 μg/liter gebaseerd op een berekening of toetsing als bedoeld in onderdeel a, onder 1 tot en met 3 niet wordt overschreden, tenzij met nadere gegevens aan de hand van een berekening of toetsing als bedoeld in onderdeel a, onder 3, 4 of 5, wordt aangetoond dat in grondwaterbeschermingsgebieden de waarde van 0,1 μg/liter niet wordt overschreden. 2011 594 13-12-2011 30-11-2011 2011 599 15-12-2011 12-12-2011 16-12-2011
Artikel 8f — Artikel 8f Driftcijfers#
Artikel 8f Driftcijfers Bij de risicobeoordeling voor waterorganismen, vogels, zoogdieren, niet-doelwitarthropoden, niet-doelwitplanten of oppervlaktewater bestemd voor de bereiding van drinkwater, hanteert het college specifieke driftcijfers. Het college stelt deze cijfers vast en maakt hen bekend op zijn website. 2011 594 13-12-2011 30-11-2011 2011 599 15-12-2011 12-12-2011 16-12-2011
Artikel 8g — Artikel 8g Beoordeling risico drinkwater#
Artikel 8g Beoordeling risico drinkwater bijlage 1 Het college beoordeelt bij de toepassing van het uniforme beginsel als bedoeld in uitvoeringsverordening (EU) 546/2011, deel I, onderdeel C Besluitvorming, punt 2.5.1.3, aan de hand van de beoordelingsmethoden, bedoeld inonder 14 en 15. 2011 594 13-12-2011 30-11-2011 2011 599 15-12-2011 12-12-2011 16-12-2011
Artikel 9 — Artikel 9 Ontbrekende beoordelingsmethoden#
Artikel 9 Ontbrekende beoordelingsmethoden Het college beoordeelt een aanvraag bij het ontbreken van vastgestelde beoordelingsmethoden aan de hand van de uniforme beginselen voor het evalueren en toelaten van gewasbeschermingsmiddelen, bedoeld in artikel 29, zesde lid, van verordening (EG) 1107/2009, voor zover dit naar zijn oordeel naar wetenschappelijk inzicht redelijkerwijs mogelijk is. 2011 594 13-12-2011 30-11-2011 2011 599 15-12-2011 12-12-2011 16-12-2011
Artikel 10 — Artikel 10 Behandeling van zaaizaad#
Artikel 10 Behandeling van zaaizaad Vervallen 2011 377 16-08-2011 08-07-2011 2011 549 25-11-2011 21-11-2011 26-11-2011
Artikel 11 — Artikel 11 Voorschriften#
Artikel 11 Voorschriften 1 Het college kan bij de toelating het voorschrift opnemen dat het gewasbeschermingsmiddel slechts wordt toegepast na een melding bij Onze Minister van Economische Zaken. 2 artikel 29, derde lid, van de wet Het college houdt bij zijn beslissing omtrent voorschriften als bedoeld in, rekening met onder meer: a. de resultaten van de risicobeoordeling, met name de relatie tussen blootstelling en effect; b. de aard en de ernst van het effect; c. het risicobeheer dat kan worden toegepast; d. het toepassingsgebied van het gewasbeschermingsmiddel; e. de werkzaamheid van het gewasbeschermingsmiddel; f. de fysische eigenschappen van het gewasbeschermingsmiddel; g. de naleefbaarheid van het voorschrift; h. de handhaafbaarheid van het voorschrift; en i. de geschiktheid voor niet-professionele gebruikers. 3 Onze Minister kan regels stellen voor de wijze waarop het college uitvoering geeft aan het eerste en tweede lid alsmede de wijze waarop het college bij de toelating voorschriften geeft voor de uitvoering van geïntegreerde gewasbescherming, goede gewasbeschermingspraktijken of het gebruik van voertuigen, werktuigen, methoden, technieken en materialen. 4 artikel 29, eerste lid, onderdelen b en c, van de wet Het college stelt bij iedere toelating voor niet-professioneel gebruik voorschriften als bedoeld in. Deze voorschriften hebben betrekking op gebruiksklare formuleringen. 2018 54 28-02-2018 15-02-2018 2018 108 26-04-2018 09-04-2018 01-07-2018
Artikel 12 — Artikel 12 Toepassing gemeenschappelijke beginselen en beoordelingsmethoden#
Artikel 12 Toepassing gemeenschappelijke beginselen en beoordelingsmethoden Vervallen 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 13 — Artikel 13 Ontbrekende beoordelingsmethoden#
Artikel 13 Ontbrekende beoordelingsmethoden Vervallen 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 14 — Artikel 14 Niet toe te laten gebruik van biociden#
Artikel 14 Niet toe te laten gebruik van biociden 1 Biociden worden bij de productie en distributie van drinkwater niet toegepast. 2 In afwijking van het eerste lid mogen biociden bij de productie en distributie worden toegepast, indien is voldaan aan de bij regeling van Onze Minister gestelde voorwaarden, waaronder de mogelijkheid van een melding bij Onze Minister van Infrastructuur en Milieu. 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 15 — Artikel 15 Kaderformulering#
Artikel 15 Kaderformulering Vervallen 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 16 — Artikel 16 Voorschriften#
Artikel 16 Voorschriften Vervallen 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 17 — Artikel 17 Bewijs van vakbekwaamheid inzake gewasbeschermingsmiddelen#
Artikel 17 Bewijs van vakbekwaamheid inzake gewasbeschermingsmiddelen 1 artikel 71, tweede lid, onderdeel a, van de wet Een bewijs van vakbekwaamheid als bedoeld in, inzake gewasbeschermingsmiddelen kan worden verstrekt aan de persoon die: a) een bij regeling van Onze Minister aangewezen opleiding heeft gevolgd; b) een bij regeling van Onze Minister aangewezen examen heeft afgelegd, of c) een instructie heeft gevolgd waarvan de bij regeling van Onze Minister aangewezen instantie heeft geoordeeld dat hiermee voldoende kennis van de in bijlage I bij richtlijn 2009/128/EG genoemde onderwerpen wordt verkregen, gelet op de taken en verantwoordelijkheden van die persoon. 2 Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld over het vereiste kennisniveau voor de onderwerpen, genoemd in bijlage I bij richtlijn 2009/128/EG, waarbij onderscheid kan worden gemaakt tussen en in voorkomend geval binnen de groepen van distributeurs van gewasbeschermingsmiddelen, voorlichters en professionele gebruikers van gewasbeschermingsmiddelen. 3 Het bewijs van vakbekwaamheid vermeldt de volledige naam, het adres, de woonplaats en de geboortedatum van betrokkene en kan een opsomming bevatten van onderwerpen waarvan kennis is verworven en op welk niveau. 4 De gelding van het bewijs van vakbekwaamheid, dat is verkregen op grond van het eerste lid, onderdeel c, geeft geen recht op het ontvangen of voorhanden hebben van gewasbeschermingsmiddelen, toegelaten voor professioneel gebruik. 5 Bij regeling van Onze Minister kunnen nadere regels worden gesteld over de gelding van het bewijs van vakbekwaamheid, waarbij de gelding kan worden beperkt tot bepaalde gewasbeschermingsmiddelen, bepaalde toepassingen of bepaalde ruimten of terreinen. 2011 377 16-08-2011 08-07-2011 2011 549 25-11-2011 21-11-2011 26-11-2011
Artikel 17a — Artikel 17a Bewijs van vakbekwaamheid inzake biociden#
Artikel 17a Bewijs van vakbekwaamheid inzake biociden 1 artikel 71, tweede en vierde lid, van de wet Een bewijs van vakbekwaamheid inzake biociden als bedoeld inwordt verstrekt aan de persoon die voldoet aan bij regeling van Onze Minister te stellen voorwaarden inzake: a. de distributie van gasvormige en gasvormende biociden, b. de bestrijding van mollen en woelratten, c. het afweren of bestrijden van een dierplaag, d. het bestrijden van een houtrotverwekkende schimmel, of e. het toepassen van gasvormige en gasvormende biociden, met uitzondering van de bestrijding van mollen en woelratten als bedoeld in onderdeel b. 2 De ondernemer van een bedrijf of hoofdverantwoordelijke voor een instelling is vrijgesteld van een bewijs van vakbekwaamheid voor handelingen met betrekking tot biociden: a. die niet zijn genoemd in het eerste lid, of b. die zijn genoemd in het eerste lid en die worden uitgevoerd door: 1°. een bedrijfsvoerder die in dienst is en die beschikt over een daartoe verstrekt bewijs van vakbekwaamheid als bedoeld in het eerste lid, of 2°. een bedrijf dat voor de ondernemer een biocide toepast en waarvan de persoon die de biocide distribueert aan klanten of toepast, beschikt over een daartoe verstrekt bewijs van vakbekwaamheid als bedoeld in het eerste lid. 3 Artikel 71, eerste, tweede en derde lid, van de wet , is van overeenkomstige toepassing op de in het eerste lid bedoelde gevallen. 4 Het bewijs van vakbekwaamheid vermeldt de volledige naam, het adres, de woonplaats en de geboortedatum van betrokkene en kan een opsomming bevatten van onderwerpen waarvan kennis is verworven en op welk niveau. 5 artikelen 71, tweede lid, van de wet Bij regeling van Onze Minister kunnen regels of nadere regels worden gesteld met betrekking tot de onderwerpen, genoemd in de. 2011 377 16-08-2011 08-07-2011 2011 549 25-11-2011 21-11-2011 26-11-2011
Artikel 18 — Artikel 18 Geldigheid van een bewijs van vakbekwaamheid#
Artikel 18 Geldigheid van een bewijs van vakbekwaamheid 1 artikel 17, eerste lid artikel 17a, eerste lid Een bewijs van vakbekwaamheid wordt verstrekt voor een termijn van vijf jaar na het tijdstip waarop de opleiding is afgerond, het examen is afgelegd, of de instructie is verkregen, overeenkomstig, of aan de voorwaarden, bedoeld in, is voldaan. 2 De geldigheid van een bewijs van vakbekwaamheid wordt na afloop van de termijn, bedoeld in het eerste lid, ambtshalve verlengd onder door Onze Minister bij ministeriële regeling vast te stellen voorwaarden. 3 artikel 17, eerste lid 17a, eerste lid De vernieuwing van een bewijs van vakbekwaamheid als bedoeld in, en, wordt geweigerd indien niet is voldaan aan bij regeling door Onze Minister vast te stellen voorwaarden inzake scholing. 4 artikel 85, eerste of derde lid, van de wet Onze Minister van Economische Zaken, onderscheidenlijk Onze Minister van Infrastructuur en Milieu, kan een bewijs van vakbekwaamheid voor gewasbescherming, onderscheidenlijk biociden, in een geval als bedoeld in, tijdelijk of permanent intrekken. Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld met betrekking tot de gevallen en de mate waarin tot intrekking kan worden overgegaan. 5 Onze Minister stelt bij ministeriële regeling vast wanneer en op welke wijze na intrekking opnieuw een bewijs van vakbekwaamheid verkregen kan worden. 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-04-2014
Artikel 19 — Artikel 19 Buitenlandse getuigschriften#
Artikel 19 Buitenlandse getuigschriften 1 artikel 1 van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties artikel 6 van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties artikel 17, eerste lid 17a, eerste lid Onze Minister van Economische Zaken, onderscheidenlijk Onze Minister van Infrastructuur en Milieu, kan een bewijs van vakbekwaamheid voor gewasbescherming, onderscheidenlijk biociden, verstrekken aan een persoon, die onderdaan is van een betrokken staat als bedoeld inwanneer op grond vanis aangetoond dat deze persoon over gelijkwaardige kwalificaties beschikt als de houder van een bewijs van vakbekwaamheid dat is verkregen op grond van, of. 2 artikel 17, eerste lid 17a, eerste lid Onze Minister van Economische Zaken, onderscheidenlijk Onze Minister van Infrastructuur en Milieu, kan een bewijs van vakbekwaamheid voor gewasbescherming, onderscheidenlijk biociden, verstrekken aan een persoon die beschikt over een getuigschrift niet ouder dan vijf jaar van een door Onze Minister erkende buitenlandse opleiding buiten een betrokken staat als bedoeld in het eerste lid, wanneer deze persoon door ervaring of opleiding na het verkrijgen van het getuigschrift nog steeds over een gelijkwaardige kwalificatie beschikt als de houder van een bewijs van vakbekwaamheid dat is verkregen op grond van, of. 3 De houder van een bewijs van vakbekwaamheid beheerst de Nederlandse taal op een zodanig niveau dat voorschriften op etiketten van gewasbeschermingsmiddelen en biociden en andere voor de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen en biociden bij of krachtens de wet geldende voorschriften begrepen en uitgevoerd kunnen worden. 2016 354 10-10-2016 27-09-2016 2016 354 10-10-2016 27-09-2016 11-10-2016
Artikel 20 — Artikel 20 Niet toegelaten gewasbeschermingsmiddelen of biociden#
Artikel 20 Niet toegelaten gewasbeschermingsmiddelen of biociden Vervallen 2011 377 16-08-2011 08-07-2011 2011 599 15-12-2011 12-12-2011 16-12-2011
Artikel 21 — Artikel 21 Administratie van niet toegelaten gewasbeschermingsmiddelen of biociden#
Artikel 21 Administratie van niet toegelaten gewasbeschermingsmiddelen of biociden Vervallen 2011 377 16-08-2011 08-07-2011 2011 599 15-12-2011 12-12-2011 16-12-2011
Artikel 22 — Artikel 22 Opslag#
Artikel 22 Opslag Vervallen 2011 377 16-08-2011 08-07-2011 2011 599 15-12-2011 12-12-2011 16-12-2011
Artikel 23 — Artikel 23 Aanprijzing#
Artikel 23 Aanprijzing Vervallen 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 24 — Artikel 24 Administratie toegelaten biociden#
Artikel 24 Administratie toegelaten biociden 1 Een ieder die bedrijfsmatig biociden distribueert, levert of aflevert houdt een administratie bij. 2 De administratie, bedoeld in het eerste lid, bevat ten minste de volgende gegevens: a. de naam, zoals die op de verpakking is vermeld, en het toelatingsnummer, b. het aantal verpakkingseenheden per ontvangst of aflevering alsmede de op de verpakking aangegeven volume- of massa-eenheden, c. de totale hoeveelheid voorraad en de veranderingen van de voorraad, d. de datum van ontvangst, aflevering of verandering als bedoeld in de onderdelen b en c, en e. de naam, het adres en de woonplaats van de leverancier of de afnemer van de biocide. 3 De administratie bestrijkt een periode van de laatste vijf jaar. De administratie is op een toegankelijke wijze opgesteld, op eenvoudige wijze beschikbaar en aanwezig op het bedrijf. 4 Onze Minister kan categorieën van biociden uitzonderen van het gebod, bedoeld in het eerste lid. 5 Bij regeling van Onze Minister kunnen aanvullende administratievoorschriften worden gesteld voor producenten, distributeurs, importeurs en gebruikers van biociden. 2011 594 13-12-2011 30-11-2011 2011 599 15-12-2011 12-12-2011 16-12-2011
Artikel 25 — Artikel 25 Administratie van de toepassing van toegelaten biociden door derden#
Artikel 25 Administratie van de toepassing van toegelaten biociden door derden 1 Een ieder die biociden, die niet zijn aangemerkt als geschikt voor niet-professioneel gebruik, voor gebruikers voorhanden heeft, ontvangt of toepast, houdt een administratie bij. 2 De administratie, bedoeld in het eerste lid, omvat ten minste de volgende gegevens: a. de naam, zoals die op de verpakking is vermeld, en het toelatingsnummer, b. de ontvangen of toegepaste hoeveelheden biociden, c. de voorraad middelen op 1 januari van enig kalenderjaar, d. de datum van ontvangst of toepassing als bedoeld in onderdeel b, en e. de naam, het adres en de woonplaats van de leverancier of de gebruiker van de biocide. 3 De administratie bestrijkt een periode van de laatste vijf jaar. 4 Onze Minister kan categorieën van middelen uitzonderen van het gebod, bedoeld in het eerste lid. 5 Onze Minister kan bij ministeriële regeling aanvullende administratievoorschriften stellen. 2011 594 13-12-2011 30-11-2011 2011 599 15-12-2011 12-12-2011 16-12-2011
Artikel 25a — Artikel 25a Bijhouden van registers van gewasbeschermingsmiddelen#
Artikel 25a Bijhouden van registers van gewasbeschermingsmiddelen Bij regeling van Onze Minister kunnen ter uitvoering van de verplichtingen, bedoeld in artikel 67 van verordening (EG) 1107/2009, regels of nadere regels worden gesteld met betrekking tot de registratie van de productie, de invoer, de uitvoer, het op de markt brengen, de opslag of het gebruiken van gewasbeschermingsmiddelen. 2011 594 13-12-2011 30-11-2011 2011 599 15-12-2011 12-12-2011 16-12-2011
Artikel 25b — Artikel 25b Informatieverstrekking niet-professioneel gebruik#
Artikel 25b Informatieverstrekking niet-professioneel gebruik artikel 73, vierde lid, van de wet Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld ter uitvoering van. 2011 594 13-12-2011 30-11-2011 2011 599 15-12-2011 12-12-2011 16-12-2011
Artikel 25c — Artikel 25c Afleveren biociden door een distributeur#
Artikel 25c Afleveren biociden door een distributeur Een distributeur die biociden op de markt brengt draagt er in de wijze van zijn aflevering zorg voor dat biociden uitsluitend worden geleverd aan de in de toelating aangegeven gebruikers of hun personeel. 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-04-2014
Artikel 26 — Artikel 26 Geïntegreerde gewasbescherming#
Artikel 26 Geïntegreerde gewasbescherming 1 bijlage 3 Een ieder die met het oog op gebruik in enig jaar gewasbeschermingsmiddelen voorhanden of in voorraad heeft, of voornemens is gewasbeschermingsmiddelen te gebruiken of onder zijn verantwoordelijkheid dan wel in zijn opdracht te laten gebruiken, houdt gedurende het teeltseizoen een gewasbeschermingsmonitor bij waarin aandacht wordt besteed aan de aspecten genoemd in. De monitor wordt binnen twee maanden na een teelt afgerond. 2 In de gewasbeschermingsmonitor wordt vermeld op welke wijze bij de behandeling van uitgangsmateriaal, tijdens het telen, bij de behandeling van geoogste planten of ander plantaardig materiaal, waaronder bij toepassing op verharde oppervlakken, invulling en uitvoering is gegeven aan de beginselen van goede gewasbeschermingspraktijken en geïntegreerde gewasbescherming, zoals opgenomen in de bijlage III bij richtlijn 2009/128/EG. 3 Onze Minister kan op verzoek van een beroepsinstantie bij beleidsregel een gids voor goede gewasbeschermingspraktijken vaststellen. 4 Een gids voor goede gewasbeschermingspraktijken als leidraad voor een juiste uitvoering van geïntegreerde gewasbescherming kan onder meer uitgangspunten voor de opstelling van een gewasbeschermingsmonitor en handelwijzen voor de teelt bevatten. 5 Onze Minister kan bij ministeriële regeling teeltvoorschriften vaststellen die bij de opstelling van een gewasbeschermingsmonitor in acht genomen worden. 6 Het eerste lid is niet van toepassing op degene die: a. uitsluitend een gewasbeschermingsmiddel voor niet-professioneel gebruik toepast, b. onder de verantwoordelijkheid dan wel in opdracht van een derde een gewasbeschermingsmiddel toepast, of c. uitsluitend minder dan 2 hectare maïs of gras teelt. 7 8 Bij regeling van Onze Minister kunnen regels of nadere regels worden gesteld over geïntegreerde gewasbescherming door professionele gebruikers. Bij ministeriële regeling van Onze Minister kan worden bepaald dat het eerste lid niet van toepassing is op een categorie van gebruikers, indien een systeem van kwaliteitszorg of andere regelgeving reeds op vergelijkbare wijze in de toepassing van geïntegreerde gewasbescherming voorziet. 2015 69 25-02-2015 06-02-2015 2015 69 25-02-2015 06-02-2015 26-02-2015
Artikel 27 — Artikel 27 Toegankelijkheid gewasbeschermingsmonitor#
Artikel 27 Toegankelijkheid gewasbeschermingsmonitor 1 De gewasbeschermingsmonitor is op een toegankelijke wijze opgesteld, op eenvoudige wijze beschikbaar en aanwezig op het bedrijf van de gebruiker. 2 Onze Minister kan voor een gewasbeschermingsmonitor als bedoeld in het eerste lid, een standaardformulier vaststellen. 3 Onze Minister kan regels stellen voor het gebruik van het standaardformulier, bedoeld in het tweede lid. 4 Onze Minister maakt het standaardformulier, bedoeld in het tweede lid, bekend in de Staatscourant. 2016 112 30-03-2016 09-03-2016 2016 112 30-03-2016 09-03-2016 31-03-2016
Artikel 27a — Artikel 27a Gebruik van prioritaire gevaarlijke stoffen#
Artikel 27a Gebruik van prioritaire gevaarlijke stoffen artikel 2.18, aanhef en onder c, van de Omgevingswet Een gewasbeschermingsmiddel dat een prioritaire gevaarlijke stof bevat als bedoeld in artikel 16, derde lid, van richtlijn 2000/60/EG wordt niet gebruikt in de nabijheid van een oppervlaktewaterlichaam of in gebieden waarvoor in de omgevingsverordening regels zijn gesteld om de kwaliteit van het grondwater in grondwaterbeschermingsgebieden te beschermen in verband met de winning daarvan voor de bereiding van voor menselijke consumptie bestemd water, bedoeld in. 2020 400 28-10-2020 16-09-2020 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024
Artikel 27b — Artikel 27b Gewasbescherming buiten de landbouw#
Artikel 27b Gewasbescherming buiten de landbouw 1 Het is een professionele gebruiker niet toegestaan om gewasbeschermingsmiddelen toe te passen. 2 Het eerste lid is niet van toepassing in bij ministeriële regeling aan te wijzen gebieden of omstandigheden voor zover het een toepassing van een gewasbeschermingsmiddel betreft: a. die noodzakelijk is voor een veilige exploitatie van bedrijfsmatige activiteiten of inrichtingen; b. die noodzakelijk is voor de bescherming van de gezondheid van mens of dier of van het milieu; of c. op specifieke terreinen voor recreatieve doeleinden of voor het beoefenen van sport die vanwege hun aard of omvang redelijkerwijze niet op een andere wijze kunnen worden onderhouden. 3 Bij ministeriële regeling kunnen voorwaarden worden gesteld aan de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen in de gebieden en omstandigheden, bedoeld in het tweede lid. 4 Het eerste lid geldt niet voor land- en tuinbouwbedrijven die gewassen telen of kweken. 2016 112 30-03-2016 09-03-2016 2016 112 30-03-2016 09-03-2016 01-11-2017
Artikel 27c — Artikel 27c Middelen met laag risico bij het brede publiek of kwetsbare groepen#
Artikel 27c Middelen met laag risico bij het brede publiek of kwetsbare groepen Vervallen 2016 112 30-03-2016 09-03-2016 2016 112 30-03-2016 09-03-2016 31-03-2016
Artikel 27d — Artikel 27d Waarschuwingen in recent behandelde gebieden#
Artikel 27d Waarschuwingen in recent behandelde gebieden Indien een gewasbeschermingsmiddel wordt gebruikt, waarvoor in het gebruiksvoorschrift bij de toelating een wachttermijn voor herbetreding is bepaald, zorgt een professionele gebruiker er voor dat andere personen op het bedrijf weten van die wachtttermijn en voor welke arealen van het bedrijf die wachttermijn geldt. 2011 377 16-08-2011 08-07-2011 2011 549 25-11-2011 21-11-2011 26-11-2011
Artikel 28 — Artikel 28 Juist gebruik van biociden#
Artikel 28 Juist gebruik van biociden Onze Minister kan bij ministeriële regeling regels stellen voor een juist gebruik van biociden. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 29 — Artikel 29 Toepassing met luchtvaartuigen#
Artikel 29 Toepassing met luchtvaartuigen 1 artikel 38, eerste lid, van de wet Het is verboden een gewasbeschermingsmiddel met behulp van een luchtvaartuig toe te passen, met dien verstande dat Onze Minister van dit verbod vrijstelling kan verlenen in verband met een bedreiging van de plantaardige productie als bedoeld in. Artikel 38, tweede tot en met vijfde lid, van de wet, is van overeenkomstige toepassing. 2 artikel 46, eerste lid, van de wet Het is verboden een biocide met behulp van een luchtvaartuig toe te passen, met dien verstande dat Onze Minister van dit verbod vrijstelling kan verlenen in verband met een niet op andere wijze te bestrijden gevaar als bedoeld in. 3 Onze Minister kan bij ministeriële regeling regels stellen voor de wijze waarop en de voorwaarden waaronder een gewasbeschermingsmiddel of een biocide met behulp van een luchtvaartuig wordt toegepast. 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 30 — Artikel 30 Gasvormige of gasvormende gewasbeschermingsmiddelen en biociden in besloten ruimten#
Artikel 30 Gasvormige of gasvormende gewasbeschermingsmiddelen en biociden in besloten ruimten 1 Degene die een gewasbeschermingsmiddel of biocide in een gasvormige of gasvormende toestand in een besloten ruimte toepast, draagt er zorg voor dat: a. inwerking en verspreiding van het gewasbeschermingsmiddel of de biocide buiten de ruimte of grond, waarin deze behandeling plaatsvindt zoveel mogelijk wordt voorkomen; b. alle toegangen zijn voorzien van een door Onze Minister vastgesteld waarschuwingssignaal alsmede naar een door Onze Minister opgesteld model vastgesteld opschrift inzake de aard en het gevaar van het gewasbeschermingsmiddel of de biocide; c. de ruimte ontoegankelijk is voor onbevoegden; d. na de in het gebruiksvoorschrift van het toegepaste gewasbeschermingsmiddel of biocide opgenomen veiligheidstermijn de aanwezigheid of de concentratie van het toegepaste gewasbeschermingsmiddel of de toegepaste biocide wordt gemeten met een daartoe geschikt instrument; e. het waarschuwingssignaal en het opschrift, bedoeld in onderdeel b, worden na de meting, bedoeld in onderdeel d, zo mogelijk, afhankelijk van het resultaat van de meting, verwijderd. 2 Onze Minister kan bij ministeriële regeling voor daarbij aan te wijzen gasvormige en gasvormende gewasbeschermingsmiddelen of biociden nadere regels stellen en vrijstelling verlenen van verplichtingen als bedoeld in het eerste lid, onder de bij die vrijstelling gegeven voorwaarden en beperkingen. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 31 — Artikel 31 Gasvormige of gasvormende gewasbeschermingsmiddel of biocide buiten besloten ruimten#
Artikel 31 Gasvormige of gasvormende gewasbeschermingsmiddel of biocide buiten besloten ruimten 1 Degene die een gewasbeschermingsmiddel of biocide in een gasvormige of gasvormende toestand anders dan voor het bestrijden van mollen of woelratten buiten een besloten ruimte toepast, meldt het voornemen tot toepassing bij Onze Minister van Infrastructuur en Milieu. 2 Wet milieubeheer Het eerste lid is niet van toepassing, indien gebruik wordt gemaakt van een speciale installatie waarvoor ingevolge deeen vergunning is afgegeven voor uitsluitend het gebruik van gasvormige en gasvormende gewasbeschermingsmiddelen of biociden. 3 Degene die een gewasbeschermingsmiddel of biocide in een gasvormige of gasvormende toestand anders dan voor het bestrijden van mollen of woelratten buiten een besloten ruimte toepast stelt na de behandeling een gasvrijverklaring op voor de opdrachtgever. 4 Onze Minister stelt bij ministeriële regeling regels inzake: a. de wijze waarop een melding als bedoeld in het eerste lid wordt gedaan alsmede binnen welke termijn een melding wordt gedaan of ingetrokken en b. de geldigheidsduur van de melding. 5 Onze Minister kan bij ministeriële regeling voor daarbij aan te wijzen gasvormige en gasvormende gewasbeschermingsmiddelen of biociden nadere regels stellen en vrijstelling geven van verplichtingen als bedoeld in het eerste tot en met derde lid, onder de bij die vrijstelling gegeven voorwaarden en beperkingen. 2011 377 16-08-2011 08-07-2011 2011 549 25-11-2011 21-11-2011 26-11-2011
Artikel 32 — Artikel 32 Periodieke toepassing#
Artikel 32 Periodieke toepassing 1 Degene die een gewasbeschermingsmiddel, onderscheidenlijk biocide toepast, meldt het voornemen tot toepassing bij Onze Minister van Economische Zaken, onderscheidenlijk Onze Minister van Infrastructuur en Milieu, indien bij de toelating is bepaald dat voornoemd gewasbeschermingsmiddel, onderscheidenlijk biocide niet in twee opeenvolgende jaren mag worden toegepast. 2 Onze Minister van Economische Zaken, onderscheidenlijk Onze Minister van Infrastructuur en Milieu, verstrekt een ontvangstbewijs van de melding aan de melder. 3 Het voornemen tot toepassing van een gewasbeschermingsmiddel, onderscheidenlijk biocide wordt eveneens bij Onze Minister van Economische Zaken, onderscheidenlijk Onze Minister van Infrastructuur en Milieu, gemeld, voor zover voor de toepassing van een gewasbeschermingsmiddel of biocide in afwijking van de toelating, bedoeld in het eerste lid: a. artikel 37, eerste lid artikel 64, eerste lid, van de wet een vrijstelling is verleend voor een proef of experiment als bedoeld in, of, b. artikel 38 artikel 46, eerste lid, van de wet een vrijstelling is verleend op grond vanof. 4 Onze Minister stelt bij ministeriële regeling regels inzake: a. de wijze waarop een melding wordt gedaan of ingetrokken; b. de termijn voorafgaand aan de toepassing van het gewasbeschermingsmiddel of de biocide waar binnen een melding wordt gedaan, c. de geldigheidsduur van de melding, en d. de gegevens die bij de melding worden verstrekt. 5 De aanvrager verstrekt het ontvangstbewijs, bedoeld in het tweede lid, aan de leverancier van het gewasbeschermingsmiddel bij de ontvangst van het gewasbeschermingsmiddel. De distributeur geeft een getekend afschrift van het ontvangstbewijs aan de melder. 6 De melder, onderscheidenlijk de distributeur, bewaart het getekende afschrift van het ontvangstbewijs, onderscheidenlijk het ontvangstbewijs in zijn administratie. 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 32a — Artikel 32a Reinigingsplicht verpakkingen#
Artikel 32a Reinigingsplicht verpakkingen Onze Minister kan bij ministeriële regeling regels stellen omtrent de terugwinning of verwijdering van restanten van gewasbeschermingsmiddelen uit de verpakkingen ervan. 2014 573 24-12-2014 17-12-2014 2014 576 24-12-2014 17-12-2014 01-01-2015
Artikel 32aa — Artikel 32aa Formaat verpakkingen#
Artikel 32aa Formaat verpakkingen 2 Het formaat van de verpakking van een gewasbeschermingsmiddel bedoeld voor niet-professioneel gebruik is beperkt voor toepassing op een oppervlakte van ten hoogste 500m. 2018 54 28-02-2018 15-02-2018 2018 108 26-04-2018 09-04-2018 01-07-2018
Artikel 32b — Artikel 32b Keuring van apparatuur#
Artikel 32b Keuring van apparatuur 1 Apparatuur voor de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen wordt uitsluitend gebruikt indien zij voldoet aan de eisen van bijlage II bij richtlijn 2009/128/EG en daarvan blijkt door middel van een officieel goedkeuringsbewijs. 2 Onze Minister kan bij ministeriële regeling regels stellen omtrent de keuring van in gebruik zijnde apparatuur voor de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen, waaronder regels omtrent de keuringsfrequentie, de keuringseisen, de keuringsinstanties, het in rekening te brengen tarief voor de keuring en voor de afgifte van het officiële keuringsbewijs, alsmede de aanwijzing van apparatuur waarop het eerste lid niet van toepassing is, dan wel een afwijkende keuringsfrequentie van toepassing is. 2014 573 24-12-2014 17-12-2014 2014 576 24-12-2014 17-12-2014 01-01-2015
Artikel 33 — Artikel 33 Kosten dwangbevel#
Artikel 33 Kosten dwangbevel artikel 4:120 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 3, eerste lid, van de Kostenwet invordering rijksbelastingen De kosten, bedoeld indie Onze Minister in rekening kan brengen voor het uitvaardigen van een dwangbevel bedragen ten hoogste een bedrag dat is berekend met toepassing van. 2009 267 30-06-2009 25-06-2009 2009 266 30-06-2009 25-06-2009 01-07-2009 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Vierde tranche Algemene wet bestuursrecht
in werking treedt.
Artikel 33a — Artikel 33a Bestuurlijke boetes#
Artikel 33a Bestuurlijke boetes 1 Bij ministeriële regeling stelt Onze Minister regels omtrent de indeling van boetes in de volgende categorieën: a. € 50 tot € 250; b. € 250 tot € 500; c. € 500 tot € 1.000; d. € 1.000 tot € 10.000. 2 Bij het onderbrengen van overtredingen binnen de in het eerste lid genoemde categorieën wordt ten minste onderscheid gemaakt naar de functie van de overtreder. 3 In afwijking van het eerste lid kan Onze Minister een hogere boete vaststellen, indien de omstandigheden van het geval of de ernst van de overtreding daartoe aanleiding geven. 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-04-2014
Artikel 34 — Artikel 34 Behandeling van de aanvraag#
Artikel 34 Behandeling van de aanvraag Vervallen 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 35 — Artikel 35 Vaststelling van een lijst#
Artikel 35 Vaststelling van een lijst Vervallen 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 36 — Artikel 36 Dringend vereiste biocide#
Artikel 36 Dringend vereiste biocide Vervallen 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 37 — Artikel 37 Vierde fase werkprogramma en middelen voor de biologische landbouw#
Artikel 37 Vierde fase werkprogramma en middelen voor de biologische landbouw Vervallen 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 2014 91 28-02-2014 04-02-2014 01-03-2014 01-09-2013
Artikel 38 — Artikel 38 Arbeidsomstandighedenbesluit Wijziging#
Artikel 38 Arbeidsomstandighedenbesluit Wijziging Wijzigt het Arbeidsomstandighedenbesluit. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 39 — Artikel 39 Lozingenbesluit open teelt en veehouderij Wijziging delegatiegrondslag#
Artikel 39 Lozingenbesluit open teelt en veehouderij Wijziging delegatiegrondslag Wijzigt het Lozingenbesluit open teelt en veehouderij. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 40 — Artikel 40 Besluit glastuinbouw Wijziging delegatiegrondslag#
Artikel 40 Besluit glastuinbouw Wijziging delegatiegrondslag Wijzigt het Besluit glastuinbouw. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 41 — Artikel 41 Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer#
Artikel 41 Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer Wijzigt het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 42 — Artikel 42 Besluit beheer en schadebestrijding dieren#
Artikel 42 Besluit beheer en schadebestrijding dieren Wijzigt het Besluit beheer en schadebestrijding dieren. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 43 — Artikel 43 Besluit bouw- en houtbedrijven milieubeheer#
Artikel 43 Besluit bouw- en houtbedrijven milieubeheer Wijzigt het Besluit bouw- en houtbedrijven milieubeheer. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 44 — Artikel 44 Besluit detailhandel en ambachtsbedrijven milieubeheer#
Artikel 44 Besluit detailhandel en ambachtsbedrijven milieubeheer Wijzigt het Besluit detailhandel en ambachtsbedrijven milieubeheer. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 45 — Artikel 45 Besluit EOS: demo en transitie-experimenten#
Artikel 45 Besluit EOS: demo en transitie-experimenten Wijzigt het Besluit EOS: demo en transitie-experimenten. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 46 — Artikel 46 Besluit horeca-, sport- en recreatie-inrichtingen milieubeheer#
Artikel 46 Besluit horeca-, sport- en recreatie-inrichtingen milieubeheer Wijzigt het Besluit horeca-, sport- en recreatie-inrichtingen milieubeheer. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 47 — Artikel 47 Besluit implementatie EG-verbodsrichtlijn Wms 1998#
Artikel 47 Besluit implementatie EG-verbodsrichtlijn Wms 1998 Wijzigt het Besluit implementatie EG-verbodsrichtlijn Wms 1998. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 48 — Artikel 48 Besluit inrichtingen voor motorvoertuigen milieubeheer#
Artikel 48 Besluit inrichtingen voor motorvoertuigen milieubeheer Wijzigt het Besluit inrichtingen voor motorvoertuigen milieubeheer. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 49 — Artikel 49 Besluit jachthavens#
Artikel 49 Besluit jachthavens Wijzigt het Besluit jachthavens. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 50 — Artikel 50 Registratiebesluit externe veiligheid#
Artikel 50 Registratiebesluit externe veiligheid Wijzigt het Registratiebesluit externe veiligheid. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 51 — Artikel 51 Besluit opslag- en transportbedrijven milieubeheer#
Artikel 51 Besluit opslag- en transportbedrijven milieubeheer Wijzigt het Besluit opslag- en transportbedrijven milieubeheer. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 52 — Artikel 52 Besluit ozonlaagafbrekende stoffen Wms 2003#
Artikel 52 Besluit ozonlaagafbrekende stoffen Wms 2003 Wijzigt het Besluit ozonlaagafbrekende stoffen Wms 2003. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 53 — Artikel 53 Besluit politieregisters#
Artikel 53 Besluit politieregisters Wijzigt het Besluit politieregisters. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 54 — Artikel 54 Besluit woon- en verblijfsgebouwen milieubeheer#
Artikel 54 Besluit woon- en verblijfsgebouwen milieubeheer Wijzigt het Besluit woon- en verblijfsgebouwen milieubeheer. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 55 — Artikel 55 Kennisgevingsbesluit Wet milieugevaarlijke stoffen#
Artikel 55 Kennisgevingsbesluit Wet milieugevaarlijke stoffen Wijzigt het Kennisgevingsbesluit Wet milieugevaarlijke stoffen. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 56 — Artikel 56 Registratiebesluit Wet milieugevaarlijke stoffen#
Artikel 56 Registratiebesluit Wet milieugevaarlijke stoffen Wijzigt het Registratiebesluit Wet milieugevaarlijke stoffen. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 57 — Artikel 57 Spaanplaatbesluit (Warenwet)#
Artikel 57 Spaanplaatbesluit (Warenwet) Wijzigt het Spaanplaatbesluit (Warenwet). 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 58 — Artikel 58 Uitvoeringsbesluit artikel 1, derde lid, Wet verontreiniging oppervlaktewateren#
Artikel 58 Uitvoeringsbesluit artikel 1, derde lid, Wet verontreiniging oppervlaktewateren Wijzigt het Uitvoeringsbesluit artikel 1, derde lid, Wet verontreiniging oppervlaktewateren. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 59 — Artikel 59 Warenwetbesluit deponering informatie preparaten#
Artikel 59 Warenwetbesluit deponering informatie preparaten Wijzigt het Warenwetbesluit deponering informatie preparaten. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 60 — Artikel 60 Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven#
Artikel 60 Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven Wijzigt het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 61 — Artikel 61 Besluit inbeslaggenomen voorwerpen#
Artikel 61 Besluit inbeslaggenomen voorwerpen Wijzigt het Besluit inbeslaggenomen voorwerpen. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 62 — Artikel 62 Besluit kwaliteitseisen en monitoring water#
Artikel 62 Besluit kwaliteitseisen en monitoring water Wijzigt het Besluit kwaliteitseisen en monitoring water. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 63 — Artikel 63 Besluit milieu-effectrapportage 1994#
Artikel 63 Besluit milieu-effectrapportage 1994 Wijzigt het Besluit milieu-effectrapportage 1994. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 64 — Artikel 64 Besluit externe veiligheid inrichtingen#
Artikel 64 Besluit externe veiligheid inrichtingen Wijzigt het Besluit externe veiligheid inrichtingen. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 65 — Artikel 65 Besluit landbouw milieubeheer#
Artikel 65 Besluit landbouw milieubeheer Wijzigt het Besluit landbouw milieubeheer. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 66 — Artikel 66 Aanwijzingsbesluit rechtspersonen met een beperkte kasbeheerfunctie#
Artikel 66 Aanwijzingsbesluit rechtspersonen met een beperkte kasbeheerfunctie Wijzigt het Aanwijzingsbesluit rechtspersonen met een beperkte kasbeheerfunctie. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 67 — Artikel 67 Besluit BIBOB#
Artikel 67 Besluit BIBOB Wijzigt het Besluit BIBOB. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 68 — Artikel 68 Besluit milieuverslaglegging#
Artikel 68 Besluit milieuverslaglegging Wijzigt het Besluit milieuverslaglegging. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 69 — Artikel 69 Besluit voorzieningen en installaties milieubeheer#
Artikel 69 Besluit voorzieningen en installaties milieubeheer Wijzigt het Besluit voorzieningen en installaties milieubeheer. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 70 — Artikel 70 Besluit financiële zekerheid milieubeheer#
Artikel 70 Besluit financiële zekerheid milieubeheer Wijzigt het Besluit financiële zekerheid milieubeheer. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 71 — Artikel 71 Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffen#
Artikel 71 Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffen Wijzigt het Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffen. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 72 — Artikel 72 Besluit vervoer gevaarlijke stoffen#
Artikel 72 Besluit vervoer gevaarlijke stoffen Wijzigt het Besluit vervoer gevaarlijke stoffen. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 73 — Artikel 73 Lozingenbesluit bodembescherming#
Artikel 73 Lozingenbesluit bodembescherming Wijzigt het Lozingenbesluit bodembescherming. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 74 — Artikel 74 Besluit overdracht zorg voor beleid inzake biociden#
Artikel 74 Besluit overdracht zorg voor beleid inzake biociden koninklijk besluit van 14 december 2004, houdende de overdracht van de zorg voor het beleid inzake biociden Het(Stb. 2004, 696) wordt ingetrokken. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 75 — Artikel 75 Overgangsrecht bewijs van vakbekwaamheid#
Artikel 75 Overgangsrecht bewijs van vakbekwaamheid Besluit vakkennis- en vakbekwaamheidseisen bestrijdingsmiddelen artikelen 71, derde lid 76, derde lid, van de wet Bij ministeriële regeling worden regels gesteld voor de gelijkstelling van vergunningen verstrekt ingevolge hetzoals dit besluit bij inwerkingtreding van de wet bestond aan bewijzen van vakbekwaamheid verstrekt op grond van de, en. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 76 — Artikel 76 Overgangsrecht Algemene wet erkenning EG-beroepskwalificaties#
Artikel 76 Overgangsrecht Algemene wet erkenning EG-beroepskwalificaties Wijzigt dit besluit. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 77 — Artikel 77 Inwerkingtreding#
Artikel 77 Inwerkingtreding 1 Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden Indien het bij koninklijke boodschap van 1 maart 2006 ingediende voorstel van wet regeling voor de toelating, het op de markt brengen en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en biociden () (Kamerstukken II 2005/06, 30474, nr. 2), nadat het tot wet is verheven, in werking treedt, treedt dit besluit op hetzelfde tijdstip in werking met uitzondering van: a. artikel 29, eerste en tweede lid , dat vijf jaar na dat tijdstip in werking treedt en b. artikel 20, derde lid , dat in werking treedt op 1 september 2009. 2 artikel 29, eerste en tweede lid In afwijking van het eerste lid kan, op een eerder bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip in werking treden indien een communautaire maatregel dit vereist. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 78 — Artikel 78 Citeertitel#
Artikel 78 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit gewasbeschermingsmiddelen en biociden. 2007 334 25-09-2007 05-09-2007 2007 386 16-10-2007 10-10-2007 17-10-2007 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in werking treedt.
Artikel 8a#
artikel 8a, eerste lid
Artikel 8b#
artikel 8b, tweede lid
Artikel 26#
artikel 26, eerste lid