Besluit van 27 september 2011 tot instelling van de Commissie advies- en verwijspunt klokkenluiden (Tijdelijk besluit Commissie advies- en verwijspunt klokkenluiden)
- BWB-id
- BWBR0030492
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- 2015-06-11 t/m 2016-06-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0030492
- ELI
- /eli/nl/amvb/2012/tijdelijk-besluit-commissie-advies-en-verwijspunt-klokkenlui
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2012/tijdelijk-besluit-commissie-advies-en-verwijspunt-klokkenlui/2015-06-11
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0030492&g=2015-06-11
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0030492&z=2026-06-06&g=2015-06-11
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0030492/2015-06-11
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2012/tijdelijk-besluit-commissie-advies-en-verwijspunt-klokkenlui
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: a. Onze Minister: Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; b. Commissie: artikel 2 de Commissie advies- en verwijspunt klokkenluiden bedoeld in. c. Persoonsgegevens, verwerking van persoonsgegevens onderscheidenlijk verantwoordelijke: artikel 1 van de Wet bescherming persoonsgegevens hetgeen daaronder wordt verstaan in. 2011 427 03-10-2011 27-09-2011 2012 229 01-06-2012 21-05-2012 01-10-2012
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Er is een Commissie advies- en verwijspunt klokkenluiden. 2 De Commissie is gevestigd te ’s-Gravenhage. 2011 427 03-10-2011 27-09-2011 2012 229 01-06-2012 21-05-2012 01-10-2012
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 De taak van de Commissie is: a. op verzoek informatie en advies geven over en ondersteuning bieden bij mogelijke vervolgstappen aan degene die een vermoeden heeft van een mogelijke misstand die raakt aan het algemeen belang bij: – het bedrijf of de organisatie waar hij werkt of heeft gewerkt; of – een ander bedrijf of een andere organisatie indien hij door zijn werkzaamheden kennis heeft gekregen van de mogelijke misstand. b. niet tot een persoon te herleiden ontwikkelingen en patronen die zijn af te leiden uit de informatie die de Commissie heeft op grond van haar taak, bedoeld in onderdeel a, mededelen aan organisaties voor wie deze informatie relevant is; c. algemene voorlichting geven over het omgaan met een vermoeden van een mogelijke misstand. 2011 427 03-10-2011 27-09-2011 2012 229 01-06-2012 21-05-2012 01-10-2012
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De Commissie is verantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens. 2011 427 03-10-2011 27-09-2011 2012 229 01-06-2012 21-05-2012 01-10-2012
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De Commissie bestaat uit drie leden, onder wie een voorzitter. Voorts kunnen plaatsvervangende leden worden benoemd. 2 De leden en de plaatsvervangende leden van de Commissie worden door Onze Minister benoemd. 3 Voor de benoeming van leden en plaatsvervangende leden wordt de Commissie gehoord onder opgave van het profiel van de gezochte kandidaat of kandidaten. 2015 202 10-06-2015 22-05-2015 2015 202 10-06-2015 22-05-2015 11-06-2015
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 3 De leden en de plaatsvervangende leden van de Commissie worden benoemd op grond van de deskundigheid die nodig is voor een goede vervulling van de taken, bedoeld in, alsmede op grond van maatschappelijke kennis en ervaring. 2011 427 03-10-2011 27-09-2011 2012 229 01-06-2012 21-05-2012 01-10-2012
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Een lid of plaatsvervangend lid van de Commissie verricht geen werkzaamheden die ongewenst zijn met het oog op een goede vervulling van zijn functie of de handhaving van zijn onafhankelijkheid of van het vertrouwen daarin. 2 Een lid of plaatsvervangend lid van de Commissie meldt het voornemen tot het verrichten van werkzaamheden anders dan uit hoofde van zijn functie aan Onze Minister. 3 De werkzaamheden van een lid of plaatsvervangend lid van de Commissie anders dan uit hoofde van zijn functie worden openbaar gemaakt. Openbaarmaking geschiedt door het ter inzage leggen van een opgave van deze werkzaamheden bij de Commissie en bij Onze Minister. 4 De voorzitter verdeelt de werkzaamheden onder de leden en de plaatsvervangende leden, ermee rekening houdend dat een lid geen werkzaamheden verricht die ongewenst zijn met het oog op de onafhankelijkheid of het vertrouwen in de onafhankelijkheid. 2011 427 03-10-2011 27-09-2011 2012 229 01-06-2012 21-05-2012 01-10-2012
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 Onze Minister schorst en ontslaat de leden en de plaatsvervangende leden van de Commissie. 2 Schorsing en ontslag vinden slechts plaats wegens ongeschiktheid of onbekwaamheid voor de vervulde functie dan wel wegens andere zwaarwegende in de persoon van de betrokkene gelegen redenen. Ontslag vindt voorts plaats op eigen verzoek. 2011 427 03-10-2011 27-09-2011 2012 229 01-06-2012 21-05-2012 01-10-2012
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 De Commissie beschikt over een secretariaat. 2 De voorzitter van de Commissie geeft leiding aan de werkzaamheden van de Commissie en van het secretariaat. 3 Het personeel dat werkzaam is bij het secretariaat staat onder het gezag van de Commissie en legt over zijn werkzaamheden uitsluitend aan de Commissie verantwoording af. 2011 427 03-10-2011 27-09-2011 2012 229 01-06-2012 21-05-2012 01-10-2012
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 bijlage B van het Bezoldigingsbesluit burgerlijke rijksambtenaren 1984 De voorzitter van de Commissie ontvangt een vaste vergoeding per maand, afgeleid van het maximum van schaal 18 van, met een deeltijdfactor 0,4. 2 bijlage B van het Bezoldigingsbesluit burgerlijke rijksambtenaren 1984 De leden en de plaatsvervangende leden van de Commissie, niet zijnde de voorzitter, ontvangen een vaste vergoeding per maand, afgeleid van het maximum van schaal 18 van, met een deeltijdfactor 0,2. 3 Bij regeling van Onze Minister kan worden afgeweken van de deeltijdfactor, waarbij voor de plaatsvervangende leden een van de leden afwijkende deeltijdfactor kan worden vastgesteld. 2011 427 03-10-2011 27-09-2011 2012 229 01-06-2012 21-05-2012 01-10-2012
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 De Commissie zendt jaarlijks voor 1 februari aan Onze Minister de ontwerp-begroting voor het daaropvolgende jaar. 2011 427 03-10-2011 27-09-2011 2012 229 01-06-2012 21-05-2012 01-10-2012
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 De Commissie brengt jaarlijks voor 1 april verslag uit van zijn werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar. 2 Op verzoek van Onze Minister stelt de Commissie een evaluatieverslag op waarin zij aandacht besteedt aan haar taakvervulling. 3 Het jaarverslag en het evaluatieverslag worden gezonden aan Onze Minister, aan de beide kamers der Staten-Generaal, aan de Stichting van de Arbeid en de Raad voor het Overheidspersoneelsbeleid. 4 Onze Minister stelt de beide kamers der Staten-Generaal binnen drie maanden in kennis van zijn standpunt over het evaluatieverslag. Indien de vaststelling van het standpunt niet binnen de termijn, bedoeld in de eerste volzin, plaatsvindt, stelt Onze Minister de beide kamers der Staten-Generaal hiervan gemotiveerd in kennis. 2011 427 03-10-2011 27-09-2011 2012 229 01-06-2012 21-05-2012 01-10-2012
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Wijzigt het Besluit bestuursorganen WNo en Wob. 2011 427 03-10-2011 27-09-2011 2012 229 01-06-2012 21-05-2012 01-10-2012
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip en vervalt met ingang van 1 juli 2016 of, indien het bij geleidende brief van 14 mei 2012 ingediende voorstel van wet van de leden Van Raak, Fokke, Schouw, Voortman, Segers, Ouwehand en Klein houdende de oprichting van een Huis voor klokkenluiders (Wet Huis voor klokkenluiders) (33 258) tot wet wordt verheven en eerder in werking treedt dan 1 juli 2016, met ingang van het tijdstip waarop die wet in werking treedt. 2015 202 10-06-2015 22-05-2015 2015 202 10-06-2015 22-05-2015 11-06-2015
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Dit besluit wordt aangehaald als: Tijdelijk besluit Commissie advies- en verwijspunt klokkenluiden. 2011 427 03-10-2011 27-09-2011 2012 229 01-06-2012 21-05-2012 01-10-2012