Besluit van 16 april 2014, houdende regels met betrekking tot diergeneeskundigen (Besluit diergeneeskundigen)
- BWB-id
- BWBR0035091
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2022-03-11
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0035091
- ELI
- /eli/nl/amvb/2014/besluit-diergeneeskundigen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2014/besluit-diergeneeskundigen/2022-03-11
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0035091&g=2022-03-11
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0035091&z=2026-06-06&g=2022-03-11
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0035091/2022-03-11
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2014/besluit-diergeneeskundigen
Artikel 1.1 — Artikel 1.1 Begripsbepalingen#
Artikel 1.1 Begripsbepalingen In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: – analgesie: behandeling om pijn weg te nemen of te bestrijden; – dierfysiotherapie: een of meer van de volgende vormen van therapie bij dieren; a. bewegingstherapie, waaronder wordt verstaan het uitvoeren van bewegingen op dieren; b. massagetherapie, waaronder wordt verstaan het toepassen van massagetechnieken op dieren; c. fysische therapie in engere zin, waaronder wordt verstaan het op dieren toepassen van fysische prikkels, niet zijnde ioniserende stralen, door middel van: 1°. elektrotherapie, bestaande uit middenfrequente en hoogfrequente stromen alsmede magneetveldtherapie; 2°. ultrageluidtherapie, bestaande uit behandeling met ultrageluid, al of niet in combinatie met chemische middelen of shockwave; 3°. lichttherapie, bestaande uit behandeling met laser, ultraviolet of infrarood licht; 4°. thermotherapie, bestaande uit behandeling met warmte- en koude-applicaties; 5°. hydrotherapie, bestaande uit behandeling met water, gebruik makend van hydrokinetische, hydrostatische en thermodynamische eigenschappen van water; 6°. balneotherapie, bestaande uit behandeling met baden waaraan een chemisch middel is toegevoegd; d. dry needling, waaronder wordt verstaan het inbrengen van naalden, niet zijnde holle naalden, in het spierweefsel van dieren; – gevoeligheidsbepaling: test die de gevoeligheid van een bacterie voor antibiotica vaststelt; – gnotobiont: dier waarvan de microflora of microfauna volledig bekend is; – geslachtsdimorfisme: het uiterlijke verschil tussen mannelijke en vrouwelijke dieren van dezelfde diersoort; – identificatiecode: code als bedoeld in artikel 2, onderdeel 18, van verordening (EU) nr. 2019/2035; – infraroodmethode: methode waarbij de snavel van een dier wordt verkort door middel van het gebruik van infraroodstraling; – injecteerbare transponder: injecteerbare transponder als bedoeld in bijlage III, onderdeel e, van verordening (EU) nr. 2019/2035 die is voorzien van een identificatiecode van het dier; – jonge moederdieren: moederdieren met een leeftijd van: a. maximaal 32 weken wanneer het dieren van vleeskuikenrassen betreft, of b. maximaal 30 weken wanneer het dieren van legkippenrassen betreft; – kiemisolatie: verkrijging van een zuivere kweek van bacteriën; – ongewervelden: halfgewervelde en ongewervelde dieren; – operatie: instrumentele ingreep bij dieren, gepaard gaande met verbreking van de natuurlijke samenhang van levende weefsels; – overzetten van een embryo of eicel: inbrengen in de gastmoeder van een embryo of eicel; – pluimvee: hoenderachtigen, eenden of ganzen; – Richtlijn 1996/22/EG: Richtlijn 96/22/EG Richtlijnen 81/602/EEG 88/146/EEG 88/299/EEG van de Raad van 29 april 1996 betreffende het verbod op het gebruik, in de veehouderij, van bepaalde stoffen met hormonale werking en van bepaalde stoffen met thyreostatische werking, alsmede van bèta-agonisten en tot intrekking van de,en(PbEG 1996, L 125); – Richtlijn 1999/74/EG: Richtlijn 1999/74/EG van de Raad van 19 juli 1999 tot vaststelling van minimumnormen voor de bescherming van legkippen (PbEG 1999, L 203); – Richtlijn 2007/43/EG: Richtlijn 2007/43/EG van de Raad van 28 juni 2007 tot vaststelling van minimumvoorschriften voor de bescherming van vleeskuikens (PbEU 2007, L182); – specific pathogen free dier: dier dat gegarandeerd vrij is van vooraf bepaalde specifieke micro-organismen; – transvaginale follikelpunctie: met een holle naald door de vaginawand aanprikken van een eiblaasje van de eierstok met als doel het verkrijgen van een of meerdere eicellen; – Verordening (EU) nr. 470/2009: Richtlijn 2001/82/EG Verordening (EU) nr. 270/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 6 mei 2009 tot vaststelling van communautaire procedures voor het vaststellen van grenswaarden voor residuen van farmacologisch werkzame stoffen in levensmiddelen van dierlijke oorsprong, tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 2377/90 van de Raad en tot wijziging vanvan het Europees Parlement en de Raad en van Verordening (EG) nr. 726/2004 van het Europees Parlement en de Raad (PbEU 2009, L 152); – verordening (EU) nr. 2019/2035: verordening (EU) 2019/2035 Verordening (EU) 2016/429 van de Commissie van 28 juni 2019 tot aanvulling vanvan het Europees Parlement en de Raad wat betreft regels voor inrichtingen waar landdieren worden gehouden en broederijen, alsmede voor de traceerbaarheid van bepaalde gehouden landdieren en broedeieren (PbEU 2019, L 314); – verzamelcentrum: plaats in Nederland ten behoeve van de verzameling van dieren; – wet: Wet dieren ; – winnen van een embryo of eicel: verkrijgen van een embryo of eicel uit een dier. 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 11-03-2022
Artikel 2.1 — Artikel 2.1 Aanwijzing toegestane ingrepen algemeen#
Artikel 2.1 Aanwijzing toegestane ingrepen algemeen artikel 2.8, tweede lid, onderdeel b, van de wet Als lichamelijke ingrepen als bedoeld inworden aangewezen: a. het verrichten van lichamelijke ingrepen betreffende het onvruchtbaar maken van dieren, met uitzondering van mannelijke varkens; b. het inbrengen van een injectienaald; c. artikel 2.6, onderdeel c het aanbrengen van een oormerk ter bestrijding van vliegen, tenzij reeds een oormerk als bedoeld in, of een bij of krachtens enig ander wettelijk voorschrift verplicht of toegestaan oormerk is aangebracht; d. het verwijderen van bijspenen; e. het verrichten van een endoscopische geslachtsbepaling bij diersoorten zonder geslachtsdimorfisme; f. het verrichten van een keizersnede ter verkrijging van specific pathogen free dieren of gnotobionten; g. het verrichten van lichamelijke ingrepen betreffende een transvaginale follikelpunctie ten behoeve van het winnen van eicellen bij een zoogdier. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 2.2 — Artikel 2.2 Aanwijzing toegestane ingrepen gevogelte#
Artikel 2.2 Aanwijzing toegestane ingrepen gevogelte Vervallen 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 01-09-2021
Artikel 2.3 — Artikel 2.3 Aanwijzing toegestane ingrepen varkens#
Artikel 2.3 Aanwijzing toegestane ingrepen varkens artikel 2.8, tweede lid, onderdeel b, van de wet Als lichamelijke ingrepen als bedoeld inworden aangewezen: a. het verrichten van lichamelijke ingrepen betreffende het onvruchtbaar maken van mannelijke varkens mits: 1°. de ingreep op andere wijze dan door het scheuren van weefsel plaatsvindt, en 2°. indien het dier ouder is dan zeven dagen de ingreep onder anesthesie en met aanvullende langdurige analgesie wordt uitgevoerd; b. het verwijderen van een deel van de staart bij biggen, mits: 1°. het dier niet ouder is dan vier dagen; 2°. kwetsuren van spenen bij zeugen of van oren en staarten bij andere varkens zijn geconstateerd, en 3°. getroffen maatregelen, waaronder het aanpassen van omgevingsfactoren of beheerssystemen, waarbij de omgeving en de varkensdichtheid in aanmerking worden genomen en die dienen ter voorkoming van staartbijten en andere gedragsstoornissen, niet werkzaam zijn gebleken; c. het door vijlen uniform verkleinen van hoektanden van biggen, mits: 1°. het dier niet ouder is dan zeven dagen; 2°. de tanden glad en intact blijven; 3°. kwetsuren van spenen bij zeugen of van oren en staarten bij andere varkens zijn geconstateerd, en 4°. getroffen maatregelen, waaronder het aanpassen van omgevingsfactoren of beheerssystemen, waarbij de omgeving en de varkensdichtheid in aanmerking worden genomen en die dienen ter voorkoming van staartbijten en andere gedragsstoornissen niet werkzaam zijn gebleken. 2018 146 25-05-2018 26-04-2018 2018 146 25-05-2018 26-04-2018 01-07-2018
Artikel 2.4 — Artikel 2.4 Aanwijzing toegestane ingrepen runderen#
Artikel 2.4 Aanwijzing toegestane ingrepen runderen artikel 2.8, tweede lid, onderdeel b, van de wet Als lichamelijke ingrepen als bedoeld inworden aangewezen: a. het onthoornen van runderen; b. het aanbrengen van een gladde roestvrijstalen neusring bij mannelijke runderen, mits: 1°. de ingreep geschiedt met het oog op de veiligheid van mens of dier, en 2°. het dier wordt gehouden of aantoonbaar bestemd is te worden gehouden voor de fokkerij. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 2.5 — Artikel 2.5 Aanwijzing toegestane ingrepen overige dieren#
Artikel 2.5 Aanwijzing toegestane ingrepen overige dieren artikel 2.8, tweede lid, onderdeel b, van de wet Als lichamelijke ingrepen als bedoeld inworden aangewezen: a. het verwijderen van een deel van de staart bij ooien van de rassen Suffolk, Hampshire Down en Clun Forest, mits: 1°. het dier niet ouder is dan zeven dagen, en 2°. documenten kunnen worden overlegd waaruit blijkt dat de ouderdieren van de ooien zijn ingeschreven bij: I. een organisatie die het stamboek van genoemde rassen bijhoudt; II. een organisatie die niet zelf het stamboek voor genoemde rassen bijhoudt, maar die aantoont dat zij de beginselen die zijn vastgelegd door de organisatie of vereniging die het oorspronkelijke stamboek voor genoemde rassen bijhoudt, in acht neemt; b. het onthoornen van geiten die worden gehouden met het oog op de melkproductie of die worden gehouden op kinderboerderijen, van schapen en van dieren die in een dierentuin worden gehouden; c. het verwijderen van het gewei bij herten; d. het verrichten van lichamelijke ingrepen bij ongewervelden; e. het nemen van schubben bij vissen, mits dit geschiedt met het oog op leeftijdsonderzoek of visstandbeheer. 2018 146 25-05-2018 26-04-2018 2018 146 25-05-2018 26-04-2018 01-07-2018
Artikel 2.6 — Artikel 2.6 Aanwijzing toegestane ingrepen ter identificatie#
Artikel 2.6 Aanwijzing toegestane ingrepen ter identificatie artikel 2.8, tweede lid, onderdeel b, van de wet Voor zover zij dienen ter identificatie van een dier worden als lichamelijke ingrepen als bedoeld inaangewezen: a. het aanbrengen van een tatoeage; b. het subcutaan of intramusculair aanbrengen van micro-elektronica; c. het aanbrengen van een oormerk in één oor bij varkens, runderen, schapen en geiten; d. het vriesbranden bij paarden en vissen; e. het aanbrengen van een merkteken aan een vleugel bij kippen; f. het inknippen van teenvliezen bij kippen en eenden, mits het dier niet ouder is dan twee dagen; g. het verwijderen van een deel van de oorschelp bij knaagdieren, onvruchtbaar gemaakte verwilderde zwerfkatten en dieren die in een dierentuin in groepen worden gehouden; h. het verwijderen van een teen bij pasgeboren knaagdieren; i. het nemen van ten hoogste vijf schubben bij reptielen; j. het verwijderen of perforeren van delen van vinnen, vetvinnen of vinstralen bij vissen; k. het aanbrengen bij vissen van een uitwendig merkteken, mits dit geschiedt door middel van het met een draad in de huid, in onderliggend spierweefsel of in een bekhoek te bevestigen genummerd metalen of kunststof plaatje of genummerd kunststof pijpje of slangetje; l. vervallen; m. vervallen; n. het verwijderen van de kammen bij wit bevederde mannelijke kippen, mits: 1°. het dier jonger is dan twee dagen, en 2°. nakomelingen van het dier gewoonlijk worden gehouden voor het leggen van eieren voor de menselijke consumptie of voor de productie van vaccineieren. 2018 146 25-05-2018 26-04-2018 2019 183 20-05-2019 06-05-2019 01-06-2019
Artikel 2.7 — Artikel 2.7 Voorwaarden uitvoeren ingrepen#
Artikel 2.7 Voorwaarden uitvoeren ingrepen 1 artikelen 2.1 tot en met 2.6 De ingrepen, bedoeld in de, worden uitgevoerd op zodanige wijze dat bij het dier geen onnodige pijn of onnodig letsel wordt veroorzaakt en dat het dier niet meer dan nodig is in zijn functioneren wordt belemmerd. 2 artikel 2.6 Bij een dier worden ten hoogste twee lichamelijke ingrepen ter identificatie als bedoeld inverricht. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 01-09-2016
Artikel 2.8 — Artikel 2.8 Beroepsmatig verrichten van diergeneeskundige handelingen#
Artikel 2.8 Beroepsmatig verrichten van diergeneeskundige handelingen 1 artikel 2.9, derde lid, van de wet Als diergeneeskundige handelingen als bedoeld inworden aangewezen: a. artikelen 2.2, onderdelen b, c en e 2.5, onderdeel e 2.6, onderdelen a, b, c, d, f, j, k, l, m en n het beroepsmatig verrichten van ingrepen als bedoeld in de,,; b. artikel 2.1, onderdeel b het beroepsmatig verrichten van de ingreep, bedoeld in, bij vissen; c. artikel 2.2, onderdeel d Richtlijn 1999/74/EG het beroepsmatig verrichten van de ingreep, bedoeld in, mits de ingreep bij een legkip als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel a, van, wordt uitgevoerd door gekwalificeerd personeel; d. artikel 2.6, onderdeel e het beroepsmatig verrichten van de ingreep, bedoeld in, mits het dier niet ouder is dan twee dagen; e. het beroepsmatig openleggen van zoolzweren bij runderen, schapen en geiten; f. het beroepsmatig injecteren van een mineralenoplossing bij gevogelte, mits: 1°. het dier niet ouder is dan twee dagen, en 2°. de handeling dient ter voorkoming van uitdroging; g. het beroepsmatig in opdracht van een houder afnemen van bloed bij pluimvee, voor zover deze handeling niet krachtens een ander wettelijk voorschrift aan anderen is voorbehouden; h. het beroepsmatig verrichten van een lichamelijke ingreep bij het toepassen van een diergeneesmiddel, waaronder begrepen het verrichten van een lichamelijke ingreep, indien die ingreep onderdeel uitmaakt van de voor dat diergeneesmiddel voorgeschreven toedieningswijze, voor zover de toediening subcutaan of intramusculair plaatsvindt en de handeling niet krachtens een ander wettelijk voorschrift aan anderen is voorbehouden. 2 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent de voorwaarden waaronder het afnemen van bloed bij pluimvee, bedoeld in het eerste lid, onderdeel g, en het toepassen van een diergeneesmiddel, bedoeld in het eerste lid, onderdeel h, is toegestaan. 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 11-03-2022
Artikel 2.9 — Artikel 2.9 Identificeren van dieren#
Artikel 2.9 Identificeren van dieren 1 artikel 3.32 van het Besluit houders van dieren Degene die een injecteerbare transponder bij een dier aanbrengt doet hiervan een registratie bij Onze Minister via een daartoe door Onze Minister op grond vanaangewezen elektronisch portaal. 2 Indien een aanwijzing als bedoeld in het eerste lid ontbreekt, wordt de registratie rechtstreeks bij Onze Minister gedaan. 3 Degene die een injecteerbare transponder bij een dier aanbrengt, is ingeschreven in een door Onze Minister bijgehouden register. 4 artikel 4.6a artikel 4.3, eerste lid, van de wet Onverminderdwordt de registratie van een persoon in het register, bedoeld inwordt overgenomen in het register, genoemd in het derde lid. 5 Indien een houder een hond overgedragen heeft gekregen zonder injecteerbare transponder of identificatiedocument, wordt de hond uitsluitend geïdentificeerd door een dierenarts. 6 Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over de registraties, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid. 2021 426 15-09-2021 27-08-2021 2021 477 18-10-2021 13-10-2021 01-11-2021
Artikel 3.1 — Artikel 3.1 Toelating#
Artikel 3.1 Toelating 1 Wet educatie en beroepsonderwijs Onze Minister laat tot het beroepsmatig verrichten van de in het tweede lid bedoelde diergeneeskundige handelingen toe, degene die beschikt over een krachtens devastgestelde kwalificatie van dierenartsassistent paraveterinair. 2 De handelingen, bedoeld in het eerste lid, zijn: a. het uitvoeren van een behandeling of het onderzoeken van een dier met het oog op het voorkomen, genezen, verzachten, onderkennen of opheffen van een aandoening, dierziekte, zoönose, ziekteverschijnsel, gebrek, of van in- of uitwendig letsel of pijn, daaronder niet begrepen een operatie; b. het verrichten van een lichamelijke ingreep bij het toepassen van een diergeneesmiddel, indien die ingreep onderdeel uitmaakt van de voor dat diergeneesmiddel voorgeschreven toedieningswijze, voor zover deze handeling niet krachtens een ander wettelijk voorschrift aan anderen is voorbehouden; c. het verlenen van hulp met betrekking tot de geboorte van een vrucht van een dier, daaronder niet begrepen een operatie; d. het verrichten van handelingen ter ondersteuning van een dierenarts tijdens door de dierenarts uit te voeren handelingen met betrekking tot het verwijderen van een vrucht van een dier, respectievelijk onvruchtbaar maken van een dier; e. inbrengen van een injectienaald ten behoeve van het afnemen van bloed. 3 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent de onderwerpen waarop de kwalificatie, bedoeld in het eerste lid ten minste betrekking heeft. 4 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de wijze waarop handelingen als bedoeld in het tweede lid worden verricht. 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 11-03-2022
Artikel 3.2 — Artikel 3.2 Betrokkenheid van de dierenarts#
Artikel 3.2 Betrokkenheid van de dierenarts 1 artikel 3.1, tweede lid, onderdelen a, b en e De diergeneeskundige handelingen, bedoeld in, worden uitsluitend uitgevoerd op aanwijzing van en onder controle van een dierenarts. 2 artikel 3.1, tweede lid, onderdelen b De diergeneeskundige handelingen, bedoeld in, voor zover het betreft de toepassing van een diergeneesmiddel teneinde een dier te verdoven of bedwelmen, c en d, worden uitsluitend uitgevoerd onder leiding van en in directe aanwezigheid van een dierenarts. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.3 — Artikel 3.3 Diergeneeskundige handelingen tijdens de opleiding#
Artikel 3.3 Diergeneeskundige handelingen tijdens de opleiding artikel 2.9, derde lid, van de wet artikel 3.1, tweede lid Als diergeneeskundige handelingen als bedoeld in, worden aangewezen het uitvoeren van de handelingen, bedoeld in, onder de leiding van een dierenarts door personen die een opleiding volgen ten behoeve van het behalen van een kwalificatie als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, gedurende de periode waarbinnen de opleiding wordt gevolgd. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.4 — Artikel 3.4 Voorwaarden voor de toelating#
Artikel 3.4 Voorwaarden voor de toelating 1 Onze Minister laat tot het beroepsmatig verrichten van de in het tweede lid bedoelde diergeneeskundige handeling, toe, degene die: a. artikel 28 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg in het bezit is van een getuigschrift als bedoeld in, b. een opleiding heeft gevolgd ter verkrijging van de noodzakelijke theoretische kennis en praktische vaardigheid om dierfysiotherapie uit te kunnen oefenen, en c. met goed gevolg een examen heeft afgelegd na de opleiding, bedoeld in onderdeel b, waaruit blijkt van voldoende theoretische kennis en praktische vaardigheden om dierfysiotherapie te kunnen uitoefenen. 2 De in het eerste lid bedoelde handeling is het uitoefenen van dierfysiotherapie. 3 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent: a. de eisen waaraan een opleiding als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, dient te voldoen; b. de inrichting van een examen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, en c. de voorwaarden waaraan is voldaan teneinde een examen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, te mogen afleggen. 4 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop het uitoefenen van dierfysiotherapie wordt verricht. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.5 — Artikel 3.5 Betrokkenheid van de dierenarts#
Artikel 3.5 Betrokkenheid van de dierenarts Het uitoefenen van dierfysiotherapie wordt uitsluitend toegepast bij een dier na een verwijzing door een dierenarts. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.6 — Artikel 3.6 Voorwaarden voor de toelating#
Artikel 3.6 Voorwaarden voor de toelating 1 Wet educatie en beroepsonderwijs Onze Minister laat tot het beroepsmatig verrichten van de in het tweede lid bedoelde diergeneeskundige handelingen toe, degene die beschikt over een krachtens devastgestelde kwalificatie van embryotransplanteur of embryotransplanteur/-winner, dan wel onderdelen van de kwalificatie waaraan een certificaat is verbonden. 2 De handelingen, bedoeld in het eerste lid zijn: a. handelingen met betrekking tot het winnen en overzetten van embryo’s of eicellen bij dieren; b. het verrichten van een lichamelijke ingreep bij het toepassen van een diergeneesmiddel, waaronder begrepen het verrichten van een lichamelijke ingreep, indien die ingreep onderdeel uitmaakt van de voor dat diergeneesmiddel voorgeschreven toedieningswijze, voor zover deze handeling niet krachtens een ander wettelijk voorschrift aan anderen is voorbehouden. 3 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent: a. de onderwerpen waarop de kwalificatie, bedoeld in het eerste lid, ten minste betrekking heeft; b. de onderdelen van de kwalificatie, bedoeld in het eerste lid, die ten minste zijn behaald teneinde te worden toegelaten; c. voorwaarden waaraan is voldaan teneinde de kwalificatie of onderdelen van de kwalificatie, bedoeld in het eerste lid, te kunnen behalen. 4 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de wijze waarop handelingen als bedoeld in het tweede lid worden verricht. 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 11-03-2022
Artikel 3.7 — Artikel 3.7 Betrokkenheid van de dierenarts#
Artikel 3.7 Betrokkenheid van de dierenarts 1 artikel 3.6, tweede lid De diergeneeskundige handelingen, bedoeld in, worden uitsluitend uitgevoerd op aanwijzing van en onder controle van een dierenarts. 2 artikel 3.6, tweede lid Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop de dierenarts wordt geïnformeerd over de verrichte diergeneeskundige handelingen, bedoeld in, alsmede over de omstandigheden waaronder deze plaatsvinden. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.8 — Artikel 3.8 Diergeneeskundige handelingen tijdens de opleiding#
Artikel 3.8 Diergeneeskundige handelingen tijdens de opleiding artikel 2.9, derde lid, van de wet artikel 3.6, tweede lid Als diergeneeskundige handelingen als bedoeld in, worden aangewezen het uitvoeren van de handelingen, bedoeld in, onder de leiding van een dierenarts door personen die een opleiding volgen ten behoeve van het behalen van een kwalificatie als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, gedurende de periode waarbinnen de opleiding wordt gevolgd. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.9 — Artikel 3.9 Voorwaarden voor de toelating#
Artikel 3.9 Voorwaarden voor de toelating 1 Onze Minister kan voor zover dat voor de wering en de bestrijding van besmettelijke dierziekten noodzakelijk is voor een periode van ten hoogste één jaar personen of categorieën van personen toelaten tot het beroepsmatig verrichten van door Onze Minister daarbij aan te wijzen diergeneeskundige handelingen. 2 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de opleiding die is gevolgd alsmede het examen of de onderdelen daarvan die met goed gevolg zijn afgelegd door de personen of categorieën van personen, bedoeld in het eerste lid. 3 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de gevallen waarin, de wijze waarop en de periode waarin de diergeneeskundige handelingen, bedoeld in het eerste lid, kunnen worden verricht. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.10 — Artikel 3.10 Betrokkenheid van de dierenarts#
Artikel 3.10 Betrokkenheid van de dierenarts artikel 3.9, eerste lid Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de betrokkenheid van de dierenarts bij het verrichten van de diergeneeskundige handelingen, bedoeld in. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.11 — Artikel 3.11 Toelating diergeneeskundigen derde landen#
Artikel 3.11 Toelating diergeneeskundigen derde landen 1 artikel 4.1, eerste lid, van de wet Onze Minister kan tot het beroepsmatig verrichten van diergeneeskundige handelingen, bedoeld in, personen toelaten die buiten de Europees Economische Ruimte of Zwitserland de bevoegdheid tot uitoefening van de diergeneeskunde hebben verkregen. 2 wet Voor de toepassing van deen de daarop berustende bepalingen worden personen die buiten de Europees Economische Ruimte of Zwitserland de bevoegdheid tot uitoefening van de diergeneeskunde in haar volle omvang hebben verkregen en op grond van het eerste lid zijn toegelaten, gelijk gesteld met dierenartsen. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.12 — Artikel 3.12 Diergeneeskundige handelingen tijdens de opleiding#
Artikel 3.12 Diergeneeskundige handelingen tijdens de opleiding artikel 2.9, derde lid, van de wet artikel 1.1, derde streepje, van de wet Als diergeneeskundige handelingen als bedoeld in, worden aangewezen het uitvoeren van diergeneeskundige handelingen, onder de leiding van een dierenarts door personen die een opleiding volgen ten behoeve van het behalen van een kwalificatie als bedoeld ingedurende de periode waarbinnen de opleiding wordt gevolgd. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.13 — Artikel 3.13 Aanvraag toelating#
Artikel 3.13 Aanvraag toelating artikelen 3.1, eerste lid 3.4, eerste lid 3.6, eerste lid 3.11, eerste lid Een toelating als bedoeld in de,,, en, wordt op aanvraag verleend. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.14 — Artikel 3.14 Wijziging gegevens#
Artikel 3.14 Wijziging gegevens artikelen 3.1, eerste lid 3.4, eerste lid 3.6, eerste lid 3.11, eerste lid Degene die is toegelaten krachtens de,,, en, stelt Onze Minister binnen een maand in kennis van: a. wijzigingen in de bij de toelating verstrekte gegevens; b. artikel 4.1, eerste lid, van de wet de datum waarop het beroepsmatig verrichten van diergeneeskundige handelingen als bedoeld in, is beëindigd. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.15 — Artikel 3.15 Intrekken toelating#
Artikel 3.15 Intrekken toelating artikelen 3.1, eerste lid 3.4, eerste lid 3.6, eerste lid 3.11, eerste lid Een toelating als bedoeld in de,,, enkan door Onze Minister worden ingetrokken, indien de bij de aanvraag verstrekte gegevens of bescheiden zodanig onjuist of onvolledig blijken dat op de aanvraag een andere beslissing zou zijn genomen als bij de beoordeling daarvan de juiste omstandigheden bekend waren geweest. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.16 — Artikel 3.16 Nadere regels toelating#
Artikel 3.16 Nadere regels toelating artikel 3.13 artikel 3.14 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze waarop een aanvraag als bedoeld in, of een wijziging als bedoeld in, wordt ingediend en de gegevens en bescheiden die in het kader van de aanvraag of wijziging worden verstrekt. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.17 — Artikel 3.17 artikel 3.9 Toelating#
Artikel 3.17 artikel 3.9 Toelating artikelen 3.14 tot en met 3.16 artikel 3.9 Dezijn van overeenkomstige toepassing op een toelating als bedoeld in. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.18 — Artikel 3.18 Regels ter uitvoering van EU-rechtshandelingen#
Artikel 3.18 Regels ter uitvoering van EU-rechtshandelingen Bij ministeriële regeling worden, ter uitvoering van EU-rechtshandelingen, regels gesteld over het beroepsmatig verrichten van diergeneeskundige handelingen en de toelating daartoe, die betrekking hebben op beroepskwalificaties en diensten. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 4.1 — Artikel 4.1 Registratie#
Artikel 4.1 Registratie artikel 4.3, eerste lid, van de wet Een registratie als bedoeld invan een persoon die met goed gevolg een opleiding op het gebied van de diergeneeskunde in haar volle omvang heeft voltooid, vindt op aanvraag plaats. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 4.2 — Artikel 4.2 Doorhalen registratie#
Artikel 4.2 Doorhalen registratie 1 artikel 4.1 artikel 4.1, eerste lid, van de wet Onze Minister draagt er zorg voor dat een registratie als bedoeld in, wordt doorgehaald indien de desbetreffende persoon het beroepsmatig verrichten van diergeneeskundige handelingen, bedoeld in, heeft beëindigd. 2 artikel 4.1 Onze Minister kan een registratie als bedoeld indoorhalen indien de bij de aanvraag verstrekte gegevens of bescheiden zodanig onjuist of onvolledig blijken dat op de aanvraag een andere beslissing zou zijn genomen als bij de beoordeling daarvan de juiste omstandigheden bekend waren geweest. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 4.3 — Artikel 4.3 Wijziging gegevens#
Artikel 4.3 Wijziging gegevens artikel 4.1 Degene die is geregistreerd krachtens, stelt Onze Minister binnen vier weken in kennis van: a. wijzigingen ten aanzien van de bij de registratie verstrekte gegevens; b. artikel 4.1, eerste lid, van de wet de datum waarop het beroepsmatig verrichten van diergeneeskundige handelingen, bedoeld in, is beëindigd. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 4.4 — Artikel 4.4 Nadere regels registratie dierenartsen#
Artikel 4.4 Nadere regels registratie dierenartsen artikel 4.1 artikel 4.3 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze waarop een aanvraag als bedoeld in, of een wijziging als bedoeld in, wordt ingediend en de gegevens en bescheiden die in het kader van de aanvraag of wijziging worden verstrekt. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 3.11#
artikel 3.11
Artikel 4.5 — Artikel 4.5 Registratie#
Artikel 4.5 Registratie artikelen 3.1, eerste lid 3.4, eerste lid 3.6, eerste lid 3.11, eerste lid artikel 4.3, eerste lid, van de wet Onze Minister draagt er zorg voor dat degene die krachtens de,,, of, is toegelaten tot het beroepsmatig verrichten van diergeneeskundige handelingen wordt ingeschreven in het openbaar register, bedoeld in. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 4.6 — Artikel 4.6 Doorhalen registratie#
Artikel 4.6 Doorhalen registratie artikel 4.5 Onze Minister draagt er zorg voor dat een inschrijving als bedoeld inwordt doorgehaald indien: a. artikel 4.1, eerste lid, van de wet een persoon het beroepsmatig verrichten van diergeneeskundige handelingen, bedoeld in, heeft beëindigd; b. artikel 4.1, eerste lid, van de wet artikel 3.15 de toelating tot het beroepsmatig verrichten van diergeneeskundige handelingen als bedoeld in, op grond vanis ingetrokken. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 4.6a — Artikel 4.6a Doorhalen registratie en wijziging gegevens#
Artikel 4.6a Doorhalen registratie en wijziging gegevens 1 artikel 2.9, derde lid Onze Minister draagt er zorg voor dat een inschrijving als bedoeld in, wordt doorgehaald indien een persoon het beroepsmatig inbrengen van injecteerbare transponders heeft beëindigd. 2 artikel 2.9, derde lid Onze Minister kan een inschrijving als bedoeld in, doorhalen indien de desbetreffende persoon in de uitoefening van zijn beroep een voorschrift heeft overtreden dat betrekking heeft op het welzijn of de gezondheid van dieren. 3 Artikel 4.3 artikel 2.9, derde lid is van overeenkomstige toepassing op degene die is ingeschreven krachtens. 2021 426 15-09-2021 27-08-2021 2021 477 18-10-2021 13-10-2021 01-11-2021
Artikel 4.7 — Artikel 4.7 Opname gegevens in register#
Artikel 4.7 Opname gegevens in register 1 artikel 4.3, eerste lid, van de wet In het register, bedoeld in, worden de volgende gegevens opgenomen: a. naam en voornamen; b. geslacht; c. geboortedatum en geboorteplaats; d. nationaliteit; e. burgerservicenummer; f. adres onderscheidenlijk adressen waar de praktijk wordt uitgeoefend, met inbegrip van postcode en plaatsnaam onderscheidenlijk postcodes en plaatsnamen; g. woonadres, met inbegrip van postcode en woonplaats; h. voor zover beschikbaar, een e-mailadres; i. beroepsgroep; j. registratienummer en datum van inschrijving. 2 artikel 4.3, eerste lid, van de wet In het register, bedoeld in, wordt een aantekening geplaatst van: a. een gedeeltelijke ontzegging van de bevoegdheid tot het beroepsmatig verrichten van diergeneeskundige handelingen indien een beperking is opgelegd krachtens een onherroepelijk geworden rechterlijke of tuchtrechtelijke uitspraak; b. voorwaarden of beperkingen waaronder een toelating is verleend. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 4.8 — Artikel 4.8 Verstrekken gegevens#
Artikel 4.8 Verstrekken gegevens 1 Aan de betrokkene wordt op diens verzoek medegedeeld wat te zijnen aanzien in het register vermeld staat. 2 Aan een ieder die zulks verlangt, wordt medegedeeld: a. artikel 4.1, eerste lid, van de wet of een persoon in het register, bedoeld in, ingeschreven staat; b. artikel 4.1, eerste lid, van de wet indien een persoon in het register, bedoeld in, ingeschreven staat: 1°. achternaam en initialen; 2°. geslacht; 3°. beroepsgroep; 4°. adres, onderscheidenlijk adressen waar de praktijk wordt uitgeoefend, met inbegrip van postcode en plaatsnaam onderscheidenlijk postcodes en plaatsnamen; 5°. artikel 4.7, tweede lid aantekeningen als bedoeld in. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 5.1 — Artikel 5.1 Cascade voor dieren die niet voor de productie van levensmiddelen zijn bestemd#
Artikel 5.1 Cascade voor dieren die niet voor de productie van levensmiddelen zijn bestemd Vervallen 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 11-03-2022
Artikel 5.2 — Artikel 5.2 Cascade voor dieren die voor de productie van levensmiddelen zijn bestemd#
Artikel 5.2 Cascade voor dieren die voor de productie van levensmiddelen zijn bestemd Vervallen 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 11-03-2022
Artikel 5.3 — Artikel 5.3 Wachttermijn homeopathische diergeneesmiddelen#
Artikel 5.3 Wachttermijn homeopathische diergeneesmiddelen Vervallen 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 11-03-2022
Artikel 5.4 — Artikel 5.4 Bevoegdheid diergeneeskundigen, niet zijnde dierenartsen#
Artikel 5.4 Bevoegdheid diergeneeskundigen, niet zijnde dierenartsen Vervallen 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 11-03-2022
Artikel 5.5 — Artikel 5.5 Administratie dierenartsen en andere personen die diergeneeskundige handelingen verrichten#
Artikel 5.5 Administratie dierenartsen en andere personen die diergeneeskundige handelingen verrichten Vervallen 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 11-03-2022
Artikel 5.6 — Artikel 5.6 Te verstrekken inlichtingen#
Artikel 5.6 Te verstrekken inlichtingen Vervallen 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 11-03-2022
Artikel 5.7 — Artikel 5.7 Gevoeligheidsbepaling bij toepassing aangewezen diergeneesmiddelen#
Artikel 5.7 Gevoeligheidsbepaling bij toepassing aangewezen diergeneesmiddelen 1 artikel 4.1, eerste lid, van de wet Bij ministeriële regeling kunnen diergeneesmiddelen aangewezen worden die niet zonder voorafgaande kiemisolatie en gevoeligheidsbepaling door een dierenarts of andere persoon als bedoeld inmogen worden toegepast. 2 Bij ministeriële regeling kunnen regels gesteld worden ten aanzien van de kwaliteit, betrouwbaarheid en controleerbaarheid met betrekking tot de uitvoering van de kiemisolatie en gevoeligheidsbepaling. 3 artikel 4.1, eerste lid, van de wet Het is dierenartsen en andere personen als bedoeld inverboden de diergeneesmiddelen, bedoeld in het eerste lid, toe te passen, indien uit de gevoeligheidsbepaling blijkt dat andere diergeneesmiddelen toepasbaar zijn. 4 artikel 4.1, eerste lid, van de wet Een dierenarts of andere persoon als bedoeld in, kan van het eerste tot en met het derde lid afwijken indien vanwege diergeneeskundige noodzaak een gevoeligheidsbepaling onmogelijk is of onmiddellijke toepassing van het diergeneesmiddel noodzakelijk is. 5 Bij onmiddellijke toepassing van het diergeneesmiddel wordt een gevoeligheidsbepaling zo snel mogelijk alsnog uitgevoerd. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 5.8 — Artikel 5.8 Melding aangewezen diergeneesmiddelen in register#
Artikel 5.8 Melding aangewezen diergeneesmiddelen in register 1 artikel 4.1, eerste lid, van de wet artikel 1.27, eerste lid, van het Besluit houders van dieren Een dierenarts of een andere persoon als bedoeld in, doet van het voorschrijven of van de toepassing van bij ministeriële regeling aan te wijzen diergeneesmiddelen in bij ministeriële regeling aan te wijzen gevallen melding in het register waarin de houder van dieren ten behoeve van wiens dieren de diergeneesmiddelen zijn afgeleverd of bij wiens dieren de diergeneesmiddelen zijn toegepast, de melding, bedoeld inheeft gedaan. 2 Artikel 1.27, derde lid, van het Besluit houders van dieren is van toepassing. 3 Artikel 1.27, tweede, vierde en vijfde lid, onderdeel b, van het Besluit houders van dieren zijn van overeenkomstige toepassing. 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 11-03-2022
Artikel 5.9 — Artikel 5.9 Bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan#
Artikel 5.9 Bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan 1 artikel 1.28, eerste lid, van het Besluit houders van dieren Het bedrijfsgezondheidsplan en het bedrijfsbehandelplan, bedoeld in, worden opgesteld door een dierenarts in overleg met de houder van dieren, bedoeld in artikel 1.28, eerste lid, van dat besluit. 2 Een dierenarts handelt overeenkomstig het bedrijfsgezondheidsplan en het bedrijfsbehandelplan, bedoeld in het eerste lid, tenzij een diergeneeskundige noodzaak vereist dat hiervan wordt afgeweken. 3 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over: a. de termijn waarbinnen een bedrijfsgezondheidsplan of een bedrijfsbehandelplan wordt opgesteld; b. de onderdelen die een bedrijfsgezondheidsplan of een bedrijfsbehandelplan ten minste bevatten; c. het aantal bedrijfsgezondheidsplannen of bedrijfsbehandelplannen dat kan worden opgesteld; d. evaluatie en aanpassing van een bedrijfsgezondheidsplan of een bedrijfsbehandelplan; e. administratie van een bedrijfsgezondheidsplan of een bedrijfsbehandelplan. 2014 573 24-12-2014 17-12-2014 2014 576 24-12-2014 17-12-2014 01-01-2015
Artikel 6.1 — Artikel 6.1 Ontstentenis leden veterinair tuchtcollege en veterinair beroepscollege#
Artikel 6.1 Ontstentenis leden veterinair tuchtcollege en veterinair beroepscollege Bij ontstentenis van benoemde leden van dezelfde beroepsgroep als de beklaagde, kunnen dierenartsen zitting nemen in het veterinair tuchtcollege, dan wel het veterinair beroepscollege. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 7.1 — Artikel 7.1 Ingrepen#
Artikel 7.1 Ingrepen Vervallen 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 11-03-2022
Artikel 7.2 — Artikel 7.2 Diergeneeskundigen niet zijnde dierenartsen en diergeneeskundigen derde landen#
Artikel 7.2 Diergeneeskundigen niet zijnde dierenartsen en diergeneeskundigen derde landen 1 artikelen 3.1, tweede lid 3.4, tweede lid 3.6, tweede lid 3.9, eerste lid 3.11, eerste lid artikel 2.9, eerste lid, van de wet artikelen 5 6 van de Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde artikelen 2 6 9, eerste lid, van het Besluit paraveterinairen Tot het beroepsmatig verrichten van de handelingen, bedoeld in de,,,en, zijn toegelaten personen aan wie het verrichten van die handelingen tot het tijdstip van inwerkingtreding vaningevolge deenen de,enis toegestaan. 2 artikel 20 van de Regeling paraveterinairen artikel 4.3, eerste lid, van de wet Dierenartsassistenten paraveterinair, dierenfysiotherapeuten en embryotransplanteurs die op het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit zijn ingeschreven in het register van praktiserende dierenfysiotherapeuten, embryotransplanteurs, onderscheidenlijk dierenartsassistenten paraveterinair, bedoeld in, zijn van rechtswege ingeschreven in het register, bedoeld in. 3 Artikel 4.6, eerste lid, aanhef en onderdeel a , is van overeenkomstige toepassing op de personen, bedoeld in het eerste lid. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 7.3 — Artikel 7.3 Toelating op basis van opleiding deelkwalificaties#
Artikel 7.3 Toelating op basis van opleiding deelkwalificaties 1 artikel 3.1, tweede lid Wet educatie en beroepsonderwijs artikel 9, eerste lid, van het Besluit paraveterinairen Tot 1 januari 2018 laat Onze Minister tot het beroepsmatig verrichten van de inbedoelde diergeneeskundige handelingen toe, degene die beschikt over een krachtens devastgestelde combinatie van deelkwalificaties die recht geeft op de erkenning dierenartsassistent paraveterinair als bedoeld in, zoals dit luidde onmiddellijk voor inwerkingtreding van dit besluit. 2 artikel 3.6, tweede lid Wet educatie en beroepsonderwijs artikel 6 van het Besluit paraveterinairen Tot 1 januari 2018 laat Onze Minister tot het beroepsmatig verrichten van de inbedoelde diergeneeskundige handelingen toe, degene die beschikt over een krachtens devastgestelde combinatie van deelkwalificaties die recht geeft op de erkenning embryotransplanteur of embryotransplanteur/-winner als bedoeld in, zoals dit luidde onmiddellijk voor inwerkingtreding van dit besluit. 3 artikelen 3.13 tot en met 3.16 4.5 4.6 De,enzijn van overeenkomstige toepassing op een toelating als bedoeld in het eerst en tweede lid. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 7.4 — Artikel 7.4 Dierverloskundigen#
Artikel 7.4 Dierverloskundigen 1 artikel 5, tweede lid, van de Wet op de Uitoefening van de Diergeneeskunst Degenen die op het tijdstip van inwerkingtreding van dit artikel in het bezit zijn van een geldige, hun ingevolgeverleende vergunning tot uitoefening van de verloskunde, zijn toegelaten tot het verlenen van hulp met betrekking tot de geboorte of verwijdering van een vrucht van dieren van in die vergunning genoemde soorten, voor zover deze hulp bestaat uit het beroepsmatig verrichten van de in het tweede lid bedoelde diergeneeskundige handelingen. 2 De handelingen, bedoeld in het eerste lid zijn: a. het zonder operatie of verdoving van het moederdier mogelijk maken van de geboorte van de vrucht, dan wel het verkleinen van de vrucht en het verwijderen ervan in gedeelten zonder operatie of verdoving, niet zijnde epiduraal anesthesie, van het moederdier; b. het door hem die de onder a bedoelde hulp verleent, op het moederdier vóór of onmiddellijk na de geboorte of verwijdering van de vrucht toepassen van de volgende handelingen welke direct met die geboorte of verwijdering verband houden: 1°. het verrichten van episiotomie bij schapen, geiten, paarden en runderen alsmede het hechten van de ten gevolge van die handeling ontstane wond; 2°. het stoppen van een bloeding in de geboorteweg; 3°. het behandelen van een uterusprolaps indien deze tijdens de geboorte van de vrucht ontstaat; 4°. het afbinden van een bloedende navelstreng van een pasgeboren vrucht; c. het toepassen van een diergeneesmiddel in het kader van de onder a en b genoemde ingrepen, waarvan toepassing krachtens verordening (EU) nr. 2019/6 is toegestaan, waaronder begrepen het verrichten van een lichamelijke ingreep, indien die ingreep onderdeel uitmaakt van de voor dat diergeneesmiddel voorgeschreven toedieningswijze, voor zover deze handeling niet krachtens een ander wettelijk voorschrift aan anderen is voorbehouden. 3 Degene aan wie een vergunning tot uitoefening van de verloskunde als bedoeld in het eerste lid is verleend, stelt Onze Minister binnen een maand in kennis van: a. wijzigingen ten aanzien van de bij de registratie verstrekte gegevens; b. de datum waarop de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, zijn beëindigd. 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 11-03-2022 Artikel 10.2 van Stb. 2022/107 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.5 — Artikel 7.5 Castreurs#
Artikel 7.5 Castreurs 1 artikel 5, tweede lid, van de Wet op de Uitoefening van de Diergeneeskunst Degenen die op het tijdstip van inwerkingtreding van dit artikel in het bezit zijn van een geldige, hun ingevolgeverleende vergunning tot het castreren, zijn toegelaten tot het beroepsmatig verrichten van de in het tweede lid bedoelde diergeneeskundige handelingen. 2 De handelingen, bedoeld in het eerste lid zijn: a. het onvruchtbaar maken van mannelijke biggen en ramlammeren en, voor zover de in de aanhef genoemde vergunning zich hiertoe uitstrekt, van andere mannelijke varkens en mannelijke schapen en hengsten, stieren, bokken, reuen en katers, een en ander mits de primaire geslachtsklieren bij deze dieren op de normale plaats aanwezig zijn en geen afwijkingen vertonen; b. het door middel van een operatie behandelen van scrotaalbreuken bij varkens, voor zover deze ingreep tegelijkertijd met het onvruchtbaar maken plaatsvindt; c. het toepassen van een diergeneesmiddel in het kader van de onder a en b genoemde ingrepen, waarvan toepassing krachtens verordening (EU) nr. 2019/6 is toegestaan, waaronder begrepen het verrichten van een lichamelijke ingreep, indien die ingreep onderdeel uitmaakt van de voor dat diergeneesmiddel voorgeschreven toedieningswijze, voor zover deze handeling niet krachtens een ander wettelijk voorschrift aan anderen is voorbehouden. 3 Degene aan wie een vergunning tot het castreren als bedoeld in het eerste lid is verleend, stelt Onze Minister binnen een maand in kennis van: a. wijzigingen ten aanzien van de bij de registratie verstrekte gegevens; b. de datum waarop de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, zijn beëindigd. 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 2022 107 10-03-2022 25-02-2022 11-03-2022 Artikel 10.2 van Stb. 2022/107 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.6 — Artikel 7.6 Registratie dierverloskundigen en castreurs#
Artikel 7.6 Registratie dierverloskundigen en castreurs 1 artikel 10, eerste lid, van de Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990 artikel 4.3, eerste lid, van de wet Dierverloskundigen en castreurs die onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van dit artikel zijn ingeschreven in het register van dierverloskundigen en castreurs, bedoeld in, zijn van rechtswege ingeschreven in het register, bedoeld in. 2 Artikel 4.6, eerste lid, aanhef en onderdeel a , is van overeenkomstige toepassing op dierverloskundigen en castreurs. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 7.7 — Artikel 7.7 Besluit diergeneesmiddelen Wijziging#
Artikel 7.7 Besluit diergeneesmiddelen Wijziging Wijzigt het Besluit diergeneesmiddelen. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 7.8 — Artikel 7.8 Inwerkingtreding#
Artikel 7.8 Inwerkingtreding De artikelen van dit besluit treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014
Artikel 7.9 — Artikel 7.9 Citeertitel#
Artikel 7.9 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit diergeneeskundigen. 2014 162 02-05-2014 16-04-2014 2014 211 19-06-2014 05-06-2014 01-07-2014