Besluit van 25 juni 2015 tot het vaststellen van regels over de veiligheid van bijzondere spoorwegen en tot wijziging van diverse andere besluiten in verband met een tweede tranche van uitvoeringsmaatregelen van het kabinetsstandpunt «Spoor in beweging», waaronder de vereenvoudiging van het vergunningenregime hoofdspoorwegen en de implementatie van een technische specificatie inzake interoperabiliteit (Besluit bijzondere spoorwegen)
- BWB-id
- BWBR0036778
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0036778
- ELI
- /eli/nl/amvb/2015/besluit-bijzondere-spoorwegen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2015/besluit-bijzondere-spoorwegen/2024-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0036778&g=2024-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0036778&z=2026-06-06&g=2024-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0036778/2024-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2015/besluit-bijzondere-spoorwegen
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: treinbestuurder: machinist of rangeerder; bijzondere spoorweginfrastructuur: spoorweginfrastructuur, waarbij de spoorwegen bijzondere spoorwegen zijn; gevaarlijke stoffen: Wet vervoer gevaarlijke stoffen gevaarlijke stoffen als bedoeld in de; spoorwegbeheerder: degene die een bijzondere spoorweg operationeel beschikbaar stelt; spoorwegovergang: kruising van een bijzondere spoorweg en een weg; sein: baken, bord, lichtsein, een aanwijzing inhoudende een ge- of verbod, een waarschuwing of een aanduiding; trein: spoorvoertuig of samenstel van spoorvoertuigen; vervoerder: degene die gebruik maakt of gebruik laat maken van een bijzondere spoorweg en daartoe over tractie beschikt; wegbeheerder: artikelen 15 tot en met 17 van de Wegenwet artikel 20, derde lid van de Wet personenvervoer 2000 een van de overheden, genoemd in deof, indien van toepassing, het openbaar lichaam als bedoeld invoor zover het wegbeheer aan het openbaar lichaam is overgedragen; wet: Spoorwegwet . 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikelen 1 tot en met 4 69 76, eerste lid 77 80 86 tot en met 91 97 van de wet 1 tot en met 10 12 tot en met 19 26 van dit besluit De,,,,,en, en de artikelen,en, zijn niet van toepassing op bijzondere spoorwegen: a. met een nominale spoorwijdte van minder dan 500 millimeter; of b. Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023 die zijn aan te merken als een attractie- of speeltoestel als bedoeld in het. 2 artikelen 3 4 69 76, eerste lid 77 80 86 tot en met 91 97 van de wet artikelen 3 tot en met 10 12 tot en met 16 18 19 26 van dit besluit De,,,,,,enen de,,,enzijn niet van toepassing op bijzondere spoorwegen die gelegen zijn binnen een niet vrij voor het publiek toegankelijk terrein van een bedrijf. 3 artikelen 3 4 69 88 tot en met 91 97 van de wet artikelen 3 tot en met 9 12 tot en met 17 26 De,,,enen de,envan dit besluit zijn niet van toepassing op bijzondere spoorwegen of gedeelten daarvan waarvan de bijzondere spoorweginfrastructuur of een deel daarvan is verwijderd of die op een andere wijze voor gebruik ontoegankelijk zijn gemaakt. 2020 400 28-10-2020 16-09-2020 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De spoorwegbeheerder draagt er zorg voor dat de bijzondere spoorweg veilig kan worden gebruikt. Deze zorg omvat onder meer de zorg voor het onderhoud van de bijzondere spoorweginfrastructuur, de toegang tot de bijzondere spoorweg en de treindienstleiding, en houdt in ieder geval in dat hij: a. de aan het gebruik van de bijzondere spoorweg en aan de bedrijfsvoering verbonden risico’s onderkent, waaronder de geschiktheid en vakbekwaamheid van de onder zijn verantwoordelijkheid vallende personen met een veiligheidsfunctie, de aard van het vervoer over de bijzondere spoorweg en de spoorverkeersintensiteit, en b. passende maatregelen neemt en passende voorzieningen treft om deze risico’s te beheersen. 2 De spoorwegbeheerder beschrijft en documenteert de risico’s, de maatregelen en de voorzieningen, bedoeld in het eerste lid, onder a en b. 3 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de beschrijving en documentatie, bedoeld in het tweede lid. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De vervoerder draagt zorg voor het veilig gebruik van de bijzondere spoorweg en voor de veiligheid van de personen die hij vervoert en die in- of uit de trein stappen. Deze zorg houdt in ieder geval in dat hij: a. de aan het gebruik van de bijzondere spoorweg en aan de bedrijfsvoering verbonden risico’s onderkent, waaronder de geschiktheid en vakbekwaamheid van de onder zijn verantwoordelijkheid vallende personen met een veiligheidsfunctie, en b. passende maatregelen neemt en passende voorzieningen treft om deze risico’s afdoende te beheersen. 2 De vervoerder beschrijft en documenteert de risico’s, de maatregelen en de voorzieningen, bedoeld in het eerste lid, onder a en b. 3 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de beschrijving en documentatie, bedoeld in het tweede lid. 4 Regeling vervoer over de spoorweg van gevaarlijke stoffen De vervoerder doet voor het vertrek van de betrokken trein mededeling aan de spoorwegbeheerder en de treinbestuurder van het UN-nummer en het gevaarsidentificatienummer van gevaarlijke stoffen, bedoeld in de, indien dergelijke stoffen worden vervoerd en van de plaats waar deze zich in de trein bevinden. 5 Het is de vervoerder verboden een trein te doen vertrekken indien niet aan het vierde lid is voldaan. 6 De spoorwegbeheerder kan naar aanleiding van een mededeling als bedoeld in het vierde lid in het belang van een veilig en ongestoord gebruik van de bijzondere spoorweg aan de vervoerder aanwijzingen inzake dat gebruik geven. 7 De vervoerder is verplicht de aanwijzingen, bedoeld in het zesde lid, op te volgen. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 2 van het Besluit spoorwegpersoneel 2011 De treindienstleider, bedoeld in, oefent een veiligheidsfunctie uit. 2 Een veiligheidsfunctie wordt slechts uitgeoefend door een persoon die de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt. 3 Onze Minister kan ontheffing van het tweede lid verlenen voor 16- en 17 jarige personen indien er geen gevaar voor personen of ander treinverkeer kan ontstaan. De ontheffing kan onder beperkingen worden gegeven. Aan de ontheffing kunnen voorschriften in het belang van de veiligheid worden verbonden. 4 Onze Minister kan een ontheffing als bedoeld in het derde lid, wijzigen of intrekken: a. indien gehandeld wordt in strijd met de voorschriften of beperkingen, bedoeld in het derde lid; b. bij gewijzigde omstandigheden. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 De spoorwegbeheerder regelt het spoorverkeer door seinen, indien hij dit noodzakelijk acht om de veiligheid van het spoorverkeer te borgen. 2 In elk geval wordt het spoorverkeer geregeld door seinen: a. op delen van de bijzondere spoorweg waar de toegestane maximumsnelheid meer dan 30 kilometer per uur bedraagt; en b. bij beweegbare bruggen. 3 De treinbestuurder die gebruik maakt van een bijzondere spoorweg of daarvan gebruik gaat maken neemt de voor hem bestemde seinen in acht. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Treinen zijn ’s nachts, bij mistig weer en bij slecht zicht voldoende zichtbaar door, gelet op de rijrichting, te zijn voorzien van ten minste een wit of geel stralend licht aan de voorzijde en een rood stralend licht aan de achterzijde van het voertuig waarvan de bewegende kracht uitgaat. 2 In afwijking van het eerste lid is een trein ’s nachts, bij mistig weer of slecht zicht tijdens het rangeren voorzien van ten minste een wit, geel of rood stralend licht aan de voorzijde, gelet op de rijrichting. 3 Het is verboden gebruik te maken van de bijzondere spoorweg als niet is voldaan aan het eerste of tweede lid. 4 In afwijking van het derde lid mag de treinbestuurder in geval van defecte verlichting aan de voorzijde van de trein doorrijden tot het eindpunt van de rit: a. met zodanige snelheid dat het voor de bestuurder mogelijk is de trein tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover de treinbestuurder de bijzondere spoorweg kan overzien en waarover deze vrij is, en b. wanneer bij de nadering van een spoorwegovergang een geluidssignaal gegeven wordt. 5 Onder rangeren wordt in dit artikel verstaan het splitsen of opnieuw samenvoegen van treinen, dan wel in een bepaalde volgorde op een spoor of naar andere sporen manoeuvreren. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 De maximumsnelheid op bijzondere spoorwegen is 30 kilometer per uur. 2 Onze Minister kan voor een bijzondere spoorweg of een gedeelte daarvan, op aanvraag van de spoorwegbeheerder, ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste lid door een hogere toegestane maximumsnelheid te bepalen, indien dit de veiligheid van het spoorverkeer niet nadelig beïnvloedt. Indien de bijzondere spoorweg kruist of samenloopt met een voor het openbaar verkeer openstaande weg wordt de wegbeheerder gehoord. De ontheffing kan onder beperkingen worden gegeven. Aan de ontheffing kunnen voorschriften in het belang van de veiligheid worden verbonden. 3 Onze Minister kan voor een bijzondere spoorweg of een gedeelte daarvan, in het belang van het veilig spoorverkeer of, indien de bijzondere spoorweg kruist of samenloopt met voor het openbaar verkeer openstaande wegen, in het belang van het veilig wegverkeer, een lagere toegestane maximumsnelheid vaststellen. De spoorwegbeheerder wordt gehoord, en indien de bijzondere spoorweg kruist of samenloopt met voor het openbaar verkeer openstaande wegen, wordt de wegbeheerder gehoord. 4 Onze Minister kan een ontheffing als bedoeld in het tweede lid, wijzigen of intrekken: a. indien gehandeld wordt in strijd met de voorschriften of beperkingen, bedoeld in het tweede lid; b. bij gewijzigde omstandigheden. 5 Het is verboden om met een hogere snelheid over een bijzondere spoorweg te rijden dan de in het eerste, tweede of derde lid bedoelde toegestane maximumsnelheid, of te handelen in strijd met de beperkingen en voorschriften, bedoeld in het tweede lid. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 8 Onverminderdis het verboden gebruik te maken van een bijzondere spoorweg met een snelheid die niet in overeenstemming is met het remvermogen van de trein, of met de eigenschappen van de bijzondere spoorweginfrastructuur. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 Het is verboden om: a. in te grijpen in de bediening of de werking van installaties van de bijzondere spoorweginfrastructuur; b. de bijzondere spoorweginfrastructuur of delen daarvan te verwijderen, beschadigen, wijzigen of er voorwerpen of vloeistoffen op, naast, boven of onder te plaatsen; c. dieren te drijven of te laten lopen dan wel zich te bevinden op of langs delen van een bijzondere spoorweg die niet zijn gelegen in een spoorwegovergang of samenlopen met een voor het openbaar verkeer openstaande weg, tenzij de spoorwegbeheerder toestemming heeft gegeven. 2 artikel 3 artikel 4 Het eerste lid is niet van toepassing voor zover de handelingen worden verricht ten behoeve van de rechtmatige uitoefening van beheerstaken als bedoeld in, vervoer als bedoeld in, of toezicht als bedoeld in de wet. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Vervallen 2020 400 28-10-2020 16-09-2020 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 bijlage 1 van het RVV 1990 Spoorwegovergangen gelegen in voor het openbaar verkeer openstaande wegen worden door de spoorwegbeheerder voorzien van aan iedere rechterzijde van de weg geplaatste Andreaskruisen volgens model J12 of J13 van. 2 Het eerste lid geldt niet voor spoorwegovergangen waarover minder dan eenmaal per week een trein rijdt. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 artikel 1 van het RVV 1990 De spoorwegbeheerder kan, Onze Minister gehoord, een overweg als bedoeld in, beveiligen. 2 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de wijze van beveiliging, bedoeld in het eerste lid. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 Daar waar een bijzondere spoorweg samenloopt met voor het openbaar verkeer openstaande weg, is de treinbestuurder van een trein verplicht: a. snelheid te verminderen en te stoppen als de veiligheid van het verkeer dat verlangt; b. weggebruikers voor te laten gaan; c. bijlage 2, behorende bij het RVV 1990 de aanwijzingen 1 tot en met 7 van, op te volgen; en d. artikel 82, vierde lid, van het RVV 1990 aan de weggebruikers de voor het rijden van de trein en voor de veiligheid van het verkeer benodigde stoptekens, bedoeld in, en andere aanwijzingen te geven. 2 De stoptekens en aanwijzingen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, mogen ook worden gegeven door een begeleider van een trein. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 Bij spoorwegovergangen waar bijzondere spoorwegen met niet voor het openbaar verkeer openstaande wegen kruisen, verlenen weggebruikers voorrang aan treinen. De gehele spoorwegovergang wordt daarbij vrij gelaten. 2 Het is weggebruikers verboden een spoorwegovergang als bedoeld in het eerste lid op te gaan indien: a. het niet mogelijk is deze spoorwegovergang onmiddellijk te passeren en de spoorwegovergang geheel vrij te maken; b. artikel 82, vierde lid, van het RVV 1990 door de treinbestuurder of de begeleider van de trein een stopteken als bedoeld inwordt getoond. 3 Artikel 14, eerste lid, onderdeel d, en tweede lid , zijn van overeenkomstige toepassing. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 25 26 van het Besluit hoofdspoorweginfrastructuur Op een beweegbare brug die uitsluitend bestemd is voor het gebruik door spoorvoertuigen, gelegen in een bijzondere spoorweg, zijn de artikelen vanenvan overeenkomstige toepassing. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 1 De spoorwegbeheerder doet onverwijld melding aan Onze Minister van incidenten en ongevallen waardoor de veiligheid van het spoorverkeer of van de daarbij betrokken personen in gevaar is gebracht of in gevaar gebracht had kunnen worden, waaronder in elk geval de incidenten en ongevallen die resulteren in een dodelijke afloop, blijvend letsel of een ziekenhuisopname. 2 Bij de melding worden in elk geval de aard en omvang van het incident of het ongeval vermeld. 3 De melding wordt niet gedaan indien er reeds een melding over het incident of ongeval is gedaan overeenkomstig een andere wet en het incident of ongeval heeft plaatsgevonden binnen een niet voor het publiek vrij toegankelijk terrein van een bedrijf. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 artikelen 3 4 6, tweede en derde lid 7, derde lid 8, vijfde lid 14, eerste lid artikel 77, eerste lid, van de wet Overtreding van het gestelde in de,,,,of, is een overtreding waarvoor een bestuurlijke boete kan worden opgelegd als bedoeld in. 2020 400 28-10-2020 16-09-2020 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 1 artikelen 10, eerste lid, onderdeel c 15 artikel 87, eerste lid, van de wet Overtreding van het gestelde in de, ofvormt een strafbaar feit in de zin van. 2 artikel 10, eerste lid, onderdelen a of b artikel 87, tweede lid, van de wet Overtreding van het gestelde in, vormt een strafbaar feit in de zin van. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Wijzigt het Besluit bedrijfsvergunning en veiligheidscertificaat hoofdspoorwegen. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2016 232 23-06-2016 15-06-2016 01-07-2016
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 Wijzigt het Besluit geluidhinder. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 04-07-2015
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 Wijzigt het Besluit spoorweginfrastructuur. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2016 232 23-06-2016 15-06-2016 01-10-2016
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 Wijzigt het Besluit spoorverkeer. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 04-07-2015
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 Wijzigt het Besluit spoorwegpersoneel 2011. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 04-07-2015
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 Wijzigt het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 04-07-2015
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 1 artikelen 4, eerste of tweede lid, van het Reglement op de raccordementen artikel 54, eerste lid, van het Reglement dienst hoofd- en lokaalspoorwegen artikel 2 van de Locaalspoor- en tramwegwet artikel 8 Beschikkingen op grond van de,, dan wel concessies afgegeven op grond vanvoor zover deze op een toegestane snelheid van meer dan 30 kilometer per uur zien en geldend op het tijdstip van inwerkingtreding vanvan dit besluit, worden geacht ontheffingen te zijn, afgegeven op grond van artikel 8, tweede lid. 2 artikel 4, tweede lid, van het Reglement op de raccordementen artikel 8 Beschikkingen afgegeven op grond van een, voor zover deze op een maximaal toegestane snelheid van minder dan 30 kilometer per uur zien en geldend op het tijdstip van inwerkingtreding vanvan dit besluit, worden geacht beschikkingen te zijn, afgegeven op grond van artikel 8, derde lid. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 437 25-11-2015 13-11-2015 01-12-2015
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 Vervallen 2020 400 28-10-2020 16-09-2020 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 1 artikelen 21 23 tot en met 25 De artikelen van dit besluit, met uitzondering van deen, treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. 2 artikelen 21 23 tot en met 25 Deenvan dit besluit treden in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 04-07-2015
Artikel 29 — Artikel 29#
Artikel 29 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit bijzondere spoorwegen. 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 2015 267 03-07-2015 25-06-2015 04-07-2015