Besluit van 6 oktober 2016, houdende regels betreffende het gebruik van elektronische stukken (Besluit digitale stukken Strafvordering)
- BWB-id
- BWBR0038616
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2026-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0038616
- ELI
- /eli/nl/amvb/2016/besluit-digitale-stukken-strafvordering
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2016/besluit-digitale-stukken-strafvordering/2026-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0038616&g=2026-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0038616&z=2026-06-06&g=2026-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0038616/2026-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2016/besluit-digitale-stukken-strafvordering
Artikel 1 — Artikel 1 [definities]#
Artikel 1 [definities] In dit besluit wordt verstaan onder: a. bevoegde instanties: artikel 2 van de Wet op de rechterlijke organisatie artikelen 111, eerste lid 134, eerste lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie artikel 141, de onderdelen b, c en d artikel 142 van de wet de gerechten, bedoeld inen de parketten, bedoeld in de, en, de instantie waar een opsporingsambtenaar werkzaam is die is belast met de opsporing van strafbare feiten als bedoeld inen; b. de wet: Wetboek van Strafvordering het; c. elektronische voorziening: artikel 2, eerste en tweede lid een webportaal of andere internetdienst ten behoeve van de overdracht van de stukken, bedoeld in, aan of door de bevoegde instanties; d. Onze Minister: de Minister van Veiligheid en Justitie, en e. vervanging: het omzetten van een stuk in papieren vorm in een reproductie in elektronische vorm waarna het origineel wordt vernietigd. 2019 506 24-12-2019 18-12-2019 2019 507 24-12-2019 18-12-2019 01-01-2020
Artikel 2 — Artikel 2 [reikwijdte]#
Artikel 2 [reikwijdte] 1 Onze Minister wijst een elektronische voorziening aan ten behoeve van: a. de indiening van de volgende stukken: 1°. artikel 12a, eerste lid, van de wet het klaagschrift, bedoeld in; 2°. artikel 36a, van de wet een verzoek als bedoeld in; 3°. artikel 51ac, achtste lid, van de wet een verzoek als bedoeld in; 4°. artikelen 163, eerste lid 164, eerste lid, van de wet de aangifte of klachte, bedoeld in de, en, voor zover deze feiten betreft die zijn opgenomen in de elektronische voorziening; 5°. artikel 257e, van de wet het verzet, bedoeld in; 6°. artikelen 410, eerste lid 437, tweede en derde lid 438, tweede lid, onderdelen a en b 439, vijfde lid, van de wet een schriftuur als bedoeld in de,,, en; 7°. artikel 450, derde lid, van de wet een volmacht als bedoeld in; 8°. artikelen 552a, derde lid 552ab, tweede lid 552b, tweede lid van de wet een klaagschrift als bedoeld in de,, en, en 9°. artikel 49 van de Wet op de economische delicten een verzoek als bedoeld in; b. de toezending van berichten van ontvangst en kennisgevingen van de indiening van stukken, bedoeld in onderdeel a; c. artikelen 30 tot en met 32 51b van de wet de wet de kennisneming van processtukken en de verstrekking van afschriften van processtukken, bedoeld in deen, voor zover betrokkene daartoe ingevolgdebevoegd is, of d. artikel 36b, tweede en derde lid, van de wet de betekening en kennisgeving van gerechtelijke mededelingen, bedoeld in. 2 Stukken en berichten kunnen ook met behulp van een elektronische voorziening worden ingediend indien van deze mogelijkheid voor het desbetreffende gerecht blijkt uit een voor dat gerecht vastgesteld procesreglement. 3 Berichten van ontvangst en kennisgevingen kunnen ook via een internet- of telefoniedienst worden verzonden aan de rechtstreeks belanghebbende en bevatten niet meer gegevens dan noodzakelijk. 4 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de wijze waarop stukken worden overgedragen door de elektronische voorziening. Tevens kunnen eisen worden gesteld waaraan de stukken dienen te voldoen die worden overgedragen door de elektronische voorziening. 2025 356 14-11-2025 06-11-2025 2025 356 14-11-2025 06-11-2025 01-01-2026
Artikel 3 — Artikel 3 [eisen voorziening]#
Artikel 3 [eisen voorziening] 1 De elektronische voorziening voldoet aan de volgende eisen: a. de gebruiker van de voorziening wordt geïdentificeerd; b. na te gaan is wie de verzender is van het stuk; c. na te gaan is of het stuk is gewijzigd na het moment van verzending; d. na te gaan is op welk tijdstip het stuk is ontvangen respectievelijk ter beschikking is gesteld in de elektronische voorziening; e. na te gaan is op welk moment zich in de voorziening een storing voordoet of zich heeft voorgedaan, en f. het stuk in de voorziening is uitsluitend toegankelijk voor een gebruiker die daarvoor is geautoriseerd. 2 artikel 36i van de wet De inrichting van de elektronische voorziening voldoet aan de nationale en internationale standaarden voor informatiebeveiliging en is in staat langs elektronische weg de gegevens, bedoeld in, vast te leggen. Bij ministeriële regeling kan nader worden bepaald aan welke standaarden de elektronische voorziening voldoet. 2016 359 14-10-2016 06-10-2016 2016 432 25-11-2016 15-11-2016 01-12-2016
Artikel 4 — Artikel 4 [niet functioneren voorziening]#
Artikel 4 [niet functioneren voorziening] artikel 2, eerste lid, onderdeel a Artikel 1, eerste lid, van de Algemene termijnenwet Indien op de laatste dag van een voor de indiener geldende termijn voor het indienen van een stuk als bedoeld in, een niet aan de indiener toerekenbare verstoring plaatsvindt van de toegang tot of de werking van de elektronische voorziening, is een daardoor veroorzaakte overschrijding van de termijn verschoonbaar indien het stuk uiterlijk wordt ingediend op de eerstvolgende dag na de dag waarop de indiener ermee bekend had kunnen zijn dat de verstoring is verholpen.is van overeenkomstige toepassing op deze eerstvolgende dag. 2016 359 14-10-2016 06-10-2016 2016 432 25-11-2016 15-11-2016 01-12-2016
Artikel 5 — Artikel 5 [eisen authenticatie]#
Artikel 5 [eisen authenticatie] artikel 2, eerste lid artikel 6, eerste lid De indiening, toezending, kennisneming, verstrekking en betekening van stukken, bedoeld in, alsook de elektronische handtekening, bedoeld in, vereisen authenticatie met een middel dat voldoet aan de volgende eisen: a. het middel is uitgegeven door de overheid of een onder toezicht van de overheid staande organisatie; b. het middel gaat uit van een tweefactorauthenticatie of hoger, en c. het middel is aangewezen door de bevoegde instanties. 2016 359 14-10-2016 06-10-2016 2016 432 25-11-2016 15-11-2016 01-12-2016
Artikel 6 — Artikel 6 [eisen elektronische handtekening en tablethandtekening]#
Artikel 6 [eisen elektronische handtekening en tablethandtekening] 1 artikel 138e van de wet artikel 5 De elektronische handtekening, bedoeld in, met behulp van een middel als bedoeld in, voldoet aan de volgende eisen: a. artikel 5 de ondertekenaar heeft zich geauthenticeerd met behulp van een middel dat voldoet aan de eisen, gesteld in, en b. de gegevens waaruit de elektronische handtekening bestaat zijn op zodanige wijze verbonden aan de elektronische gegevens waarop deze betrekking heeft, dat de identiteit van de ondertekenaar, het moment van ondertekening en elke wijziging na ondertekening van de gegevens kan worden vastgesteld. 2 artikel 138e van de wet De elektronische handtekening, bedoeld in, zijnde een handgeschreven handtekening op een elektronische gegevensdrager, voldoet aan de volgende eisen: a. de ondertekening heeft plaatsgevonden in aanwezigheid van of wordt gedaan door: – een rechter of griffier; – artikelen 141 142 van de wet een ambtenaar belast met de opsporing van strafbare feiten als bedoeld in deen; – artikel 36b, tweede en derde lid, van de wet een ambtenaar belast met de betekening en kennisgeving van gerechtelijke mededelingen, bedoeld in, en b. de biometrische of grafische handtekening is op zodanige wijze aan de elektronische gegevens waarop zij betrekking heeft verbonden, dat het moment van ondertekening en elke wijziging na ondertekening van de elektronische gegevens kan worden vastgesteld. 2025 356 14-11-2025 06-11-2025 2025 356 14-11-2025 06-11-2025 01-01-2026
Artikel 7 — Artikel 7 [omzetting]#
Artikel 7 [omzetting] Archiefwet 1995 Een stuk in papieren vorm kan worden vervangen door een stuk in elektronische vorm mits is voldaan aan de eisen die bij of krachtens dezijn gesteld aan de vervanging van archiefbescheiden. 2016 359 14-10-2016 06-10-2016 2016 432 25-11-2016 15-11-2016 01-12-2016
Artikel 8 — Artikel 8 [wijzigen andere regelingen]#
Artikel 8 [wijzigen andere regelingen] Wijzigt het Besluit processtukken in strafzaken. 2016 359 14-10-2016 06-10-2016 2016 432 25-11-2016 15-11-2016 01-12-2016
Artikel 9 — Artikel 9 [wijzigen andere regelingen]#
Artikel 9 [wijzigen andere regelingen] Wijzigt het Besluit orde van dienst gerechten. 2016 359 14-10-2016 06-10-2016 2016 432 25-11-2016 15-11-2016 01-12-2016
Artikel 10 — Artikel 10 [intrekking andere regelingen]#
Artikel 10 [intrekking andere regelingen] Besluit elektronische aangifte Hetwordt ingetrokken. 2016 359 14-10-2016 06-10-2016 2016 432 25-11-2016 15-11-2016 01-07-2017
Artikel 11 — Artikel 11 [intrekking andere regelingen]#
Artikel 11 [intrekking andere regelingen] Besluit elektronisch proces-verbaal Hetwordt ingetrokken. 2016 359 14-10-2016 06-10-2016 2016 432 25-11-2016 15-11-2016 01-12-2016
Artikel 12 — Artikel 12 [inwerkingtreding]#
Artikel 12 [inwerkingtreding] De artikelen van dit besluit treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. 2016 359 14-10-2016 06-10-2016 2016 432 25-11-2016 15-11-2016 01-12-2016
Artikel 13 — Artikel 13 [citeertitel]#
Artikel 13 [citeertitel] Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit digitale stukken Strafvordering. 2016 359 14-10-2016 06-10-2016 2016 432 25-11-2016 15-11-2016 01-12-2016