Besluit van 23 augustus 2016, houdende regels omtrent de mogelijkheid voor verhuurder en huurder een energieprestatievergoeding overeen te komen (Besluit energieprestatievergoeding huur)
- BWB-id
- BWBR0038456
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2026-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0038456
- ELI
- /eli/nl/amvb/2016/besluit-energieprestatievergoeding-huur
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2016/besluit-energieprestatievergoeding-huur/2026-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0038456&g=2026-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0038456&z=2026-06-06&g=2026-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0038456/2026-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2016/besluit-energieprestatievergoeding-huur
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 elektriciteit uit hernieuwbare bronnen: artikel 1.1 van de Energiewet elektriciteit uit hernieuwbare bronnen als bedoeld in; energieprestatie: combinatie van de warmtebehoefte van de woonruimte, de op de woning opgewekte elektriciteit uit hernieuwbare bronnen en het elektriciteitsverbruik van de gebouwgebonden installaties; gebouwgebonden installaties: installaties die worden gebruikt voor ruimteverwarming, koelen, ventileren, bevochtigen, ontvochtigen, verlichten, bereiden van warm-tapwater en regeling en aansturing; op de woning: in, aan of op de woonruimte of het woongebouw waarvan de woonruimte onderdeel uitmaakt, en de onroerende aanhorigheden daarvan; warmte: artikel 1 van de Warmtewet warmte als bedoeld in; warmtebehoefte: warmtebehoefte van de woning, inhoudende de jaarlijkse hoeveelheid warmte die nodig is om de woonruimte bij gemiddelde klimaatomstandigheden en een gemiddeld gebruik te voorzien van ruimteverwarming. 2025 347 12-11-2025 03-11-2025 2025 348 12-11-2025 03-11-2025 01-01-2026
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Een energieprestatievergoeding bedraagt ten hoogste het bedrag dat volgt uit de onderstaande tabel: I II III IV V VI EPV klasse ls Compactheid (A g /A) H;nd 2 ) in kWh/m/jr Warmtebehoefte ruimteverwarming (E Ptot 2 ) in kWh/m /jr Ontwerpeis: Primair energiegebruik (EWE Opgewekte elektriciteit uit hernieuwbare bronnen voor huishoudelijk gebruik kWh/jr 2 Maximale EPV in €/m /maand EPV Basis Woningen vóór 2019 Woningen vanaf 2019 Eengezinswoningen < 1 ≤ 43 ≤ 0 > 0 1,34 n.v.t. ≥ 1 ls g ≤ 43 + 40 x (A/A– 1) Meergezinswoningen < 1 ≤ 45 ≤ 0 > 0 1,34 n.v.t. ≥ 1 ls g ≤ 45 + 45 x (A/A– 1) EPV Hoogwaardig Woningen vóór 2019 Woningen vanaf 2019 Eengezinswoningen < 1 ≤ 30 ≤ -30 ≥ 2100 1,77 1.23 ≥ 1 ls g ≤ 30 + 20 x (A/A– 1) Meergezinswoningen < 1 ≤ 30 ≤ -10 ≥ 530 1,50 0,96 ≥ 1 ls g ≤ 30 + 20 x (A/A– 1) 2 artikel 4.3, vierde lid, van de Omgevingswet De warmtebehoefte en primair energiegebruik worden bepaald door een bedrijf met een geldig procescertificaat, volgens de krachtensgestelde regels omtrent het vaststellen van een energielabel voor woningen en woongebouwen. 3 Met een procescertificaat of voorschrift als bedoeld in het derde lid wordt gelijkgesteld een voor het bepalen van de warmtebehoefte voorgeschreven certificaat, beoordelingsrichtlijn of andere norm, afgegeven, uitgevoerd of goedgekeurd door een daartoe bevoegde onafhankelijke instelling in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij een daartoe strekkend of mede daartoe strekkend verdrag dat Nederland bindt, met een kwaliteitsniveau dat ten minste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de in het derde lid bedoelde eisen wordt nagestreefd. 4 De bedragen, genoemd in de in het eerste lid opgenomen tabel, worden per 1 juli van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd aan de hand van de consumentenprijsindex geldend voor het voorafgaande kalenderjaar. 2025 347 12-11-2025 03-11-2025 2025 348 12-11-2025 03-11-2025 01-01-2026
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a Vervallen 2023 287 06-09-2023 30-08-2023 2023 287 06-09-2023 30-08-2023 01-10-2023
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 2, eerste lid De verhuurder informeert de huurder bij het overeenkomen van de energieprestatievergoeding op welke wijze is voldaan aan de in de in, opgenomen tabel bedoelde eisen, en in ieder geval over: a. artikel 2, tweede lid de overeenkomstig de voorschriften, bedoeld in, berekende warmtebehoefte, bedoeld in kolom III van de in artikel 2, eerste lid, opgenomen tabel; b. artikel 2, eerste lid de door de verhuurder gegarandeerde totale jaarlijkse op de woning op te wekken hoeveelheid elektriciteit uit hernieuwbare bronnen waarmee wordt voldaan aan de ontwerpeis primair energiegebruik, bedoeld in kolom IV van de inopgenomen tabel; c. artikel 2, eerste lid de door de verhuurder gegarandeerde totale jaarlijkse op de woning op te wekken elektriciteit uit hernieuwbare bronnen beschikbaar voor huishoudelijk gebruik, bedoeld in kolom V van de in, opgenomen tabel; d. artikel 2, tweede lid het gemiddelde gebruikersgedrag dat als uitgangspunt is gehanteerd in de voorschriften, bedoeld in, en daarbij de gevolgen voor het elektriciteitsgebruik bij afwijking van het gemiddelde gebruikersgedrag, in ieder geval voor het gebruik van warm tapwater, ruimteverwarming en huishoudelijk gebruik. 2025 347 12-11-2025 03-11-2025 2025 348 12-11-2025 03-11-2025 01-01-2026
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 261a, tweede lid artikel 259, tweede lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek artikel 2, eerste lid In de gevallen waarin een energieprestatievergoeding is overeengekomen, bevat het overzicht dat de verhuurder krachtens, in samenhang metjaarlijks aan de huurder verstrekt, gegevens over het gemeten elektriciteitsgebruik van de maatregelen waarmee is voldaan aan de in de in, opgenomen tabel bedoelde eisen, en in ieder geval gegevens over: a. de totale jaarlijkse op de woning opgewekte hoeveelheid elektriciteit uit hernieuwbare bronnen; b. het totale jaarlijkse verbruik van elektriciteit voor ruimteverwarming, comfortkoeling en het bereiden van warm-tapwater; c. het totale elektriciteitsgebruik voor ventileren, monitoring en eventueel aanwezige elektrische of infraroodverwarming in een badkamer; d. In afwijking van het eerste lid, onderdeel c, kan in plaats van het gemeten elektriciteitsgebruik worden uitgegaan van een in de overeenkomst vastgelegde forfaitaire hoeveelheid elektriciteit van 700 kWh/jaar; e. de gerealiseerde hoeveelheid elektriciteit uit hernieuwbare bronnen beschikbaar voor huishoudelijk gebruik. 2 De hoeveelheid elektriciteit uit hernieuwbare bronnen beschikbaar voor huishoudelijk gebruik wordt vastgesteld op basis van de gemeten waarden, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a tot en met d, en is de uitkomst van: H = O – W – G, waarbij: H = de hoeveelheid elektriciteit uit hernieuwbare bronnen beschikbaar voor huishoudelijk gebruik; O = de totale jaarlijkse op de woning opgewekte hoeveelheid elektriciteit uit hernieuwbare bronnen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a; W = het totale jaarlijkse verbruik van elektriciteit voor ruimteverwarming, comfortkoeling en het bereiden van warm-tapwater, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, en G = de gemeten dan wel forfaitair op 700 kWh/jaar vastgestelde hoeveelheid elektriciteit gebruikt voor ventileren, monitoring en eventueel aanwezige elektrische of infraroodverwarming in een badkamer, bedoeld in het eerste lid, onderdelen c of d. 3 Ten behoeve van het overzicht, bedoeld in het eerste lid, voorziet de verhuurder de woonruimte van ten minste twee individuele meters voor het vaststellen van: a. de totale jaarlijkse op de woning opgewekte hoeveelheid elektriciteit uit hernieuwbare bronnen; b. het totale jaarlijkse gebruik van elektriciteit voor ruimteverwarming, comfortkoeling en het bereiden van warm-tapwater. 4 Het overzicht, bedoeld in het eerste lid, kan elektronisch worden verstrekt, indien de huurder daarmee instemt. 2025 347 12-11-2025 03-11-2025 2025 348 12-11-2025 03-11-2025 01-01-2026
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De verhuurder verbindt zich tot het geven aan de huurder van een korting op de overeengekomen energieprestatievergoeding indien in het voorafgaande kalenderjaar niet op de woning de bij het overeenkomen van de energieprestatievergoeding gegarandeerde hoeveelheid elektriciteit uit hernieuwbare bronnen voor gebruik door de huurder is opgewekt. 2 De verplichting, bedoeld in het eerste lid, geldt voor het eerst nadat na de ingangsdatum van de overeenkomst een volledig kalenderjaar is verstreken. 3 De korting bedraagt het verschil tussen de gegarandeerde elektriciteitslevering voor huishoudelijk gebruik en de gerealiseerde elektriciteitslevering voor huishoudelijk gebruik vermenigvuldigd met de over het betreffende kalenderjaar door het Centraal Bureau voor de Statistiek bekendgemaakte transactieprijs «Elektriciteitsprijs verbruiksklassen huishoudens 2,5 tot 5 MWh». 2025 347 12-11-2025 03-11-2025 2025 348 12-11-2025 03-11-2025 01-01-2026
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 bijlage I Op energieprestatievergoedingen, overeengekomen voor 1 oktober 2023, zijn de tabellen 1 en 2 vanvan toepassing. 2 bijlage I De bedragen, genoemd in de tabellen 1 en 2 van, worden per 1 juli van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd aan de hand van de consumentenprijsindex geldend voor het voorafgaande kalenderjaar. 3 bijlage I De verhuurder die de warmtebehoefte van de woning heeft bepaald voor 1 januari 2024 kan tabel 1 vantoepassen bij het bepalen van de maximale energieprestatievergoeding. 2023 287 06-09-2023 30-08-2023 2023 287 06-09-2023 30-08-2023 01-10-2023
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet van 18 mei 2016 tot wijziging van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek en de Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte in verband met de mogelijkheid voor verhuurder en huurder een energieprestatievergoeding overeen te komen (Stb. 2016, 199) in werking treedt. 2016 303 31-08-2016 23-08-2016 2016 302 31-08-2016 23-08-2016 01-09-2016 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Burgerlijk Wetboek Boek 7, enz. (mogelijkheid voor verhuurder en
huurder een energieprestatievergoeding overeen te komen) (Stb.
2016/199) in werking treedt.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit energieprestatievergoeding huur. 2016 303 31-08-2016 23-08-2016 2016 302 31-08-2016 23-08-2016 01-09-2016 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Burgerlijk Wetboek Boek 7, enz. (mogelijkheid voor verhuurder en
huurder een energieprestatievergoeding overeen te komen) (Stb.
2016/199) in werking treedt.