Besluit van 21 maart 2018, houdende regels voor een systeem van informatie-uitwisseling betreffende bovengrondse en ondergrondse infrastructuur van netten en netwerken ter voorkoming van graafschade en ter bevordering van de aanleg van elektronische communicatienetwerken met hoge snelheid (Besluit informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken)
- BWB-id
- BWBR0040786
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Economische Zaken en Klimaat
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0040786
- ELI
- /eli/nl/amvb/2018/besluit-informatie-uitwisseling-bovengrondse-en-ondergrondse
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2018/besluit-informatie-uitwisseling-bovengrondse-en-ondergrondse/2024-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0040786&g=2024-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0040786&z=2026-06-06&g=2024-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0040786/2024-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2018/besluit-informatie-uitwisseling-bovengrondse-en-ondergrondse
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: beheerdersinformatie: artikel 5a 11, eerste lid 12, eerste lid en tweede lid, onderdeel a, van de wet informatie die een beheerder of netwerkexploitant verstrekt ingevolge,, of; wet: Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken . 2018 92 30-03-2018 21-03-2018 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-01-2019 Treedt in werking op het tijdstip waarop zowel de Wet
informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en
netwerken als de Wijzigingswet Wet informatie-uitwisseling
bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken (evaluatie WION en
regeling bevoegde rechter) in werking treden.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Een beheerpolygoon, oriëntatiepolygoon en graafpolygoon wordt weergegeven door een tekening van een vlak aan de hand van coördinaten van het rijksdriehoekstelsel op door de Dienst verstrekt kaartmateriaal. 2 De beheerder respectievelijk netwerkexploitant stelt een beheerpolygoon op voor elk net respectievelijk netwerk dat hij beheert. 3 De omvang en vorm van het gebied van de beheerpolygoon is gerelateerd aan de ligging van het net of netwerk dat binnen dat gebied wordt beheerd, waarbij in het geval van een net rekening wordt gehouden met een zorgvuldigheidsmarge tussen de ligging van het net en de grens van het gebied. 4 artikel 20, vierde lid, onderdeel b, van de wet De Dienst verricht de registratie, bedoeld in, overeenkomstig de gebiedsaanduiding die desgevraagd door de gemeente in wier grondgebied het net zich bevindt, is gegeven. 5 De oriëntatiepolygoon past binnen een vierkant waarvan de zijdes langs de x- en y-coördinaten lopen en waarvan de zijdes een lengte van 2,5 kilometer hebben. 6 artikel 14 van de wet De graafpolygoon past binnen een vierkant waarvan de zijdes langs de x- en y-coördinaten lopen en waarvan de zijdes een lengte van 500 meter hebben. Indien overeenkomstiggraafmeldingen gezamenlijk worden gedaan door tussenkomst van een door Onze Minister aangewezen organisatie, past de graafpolygoon binnen een vierkant waarvan de zijdes langs de x- en y-coördinaten lopen en waarvan de zijdes een lengte van 1.500 meter hebben. 7 Het tweede lid is niet van toepassing op: a. artikel 12, eerste lid, onderdelen a tot en met c, van de wet een netwerkexploitant die uitsluitend antenne-opstelpunten beheert en de informatie als bedoeld inmiddels het antenneregister toegankelijk heeft gemaakt; of b. een netwerkexploitant die reeds als beheerder een beheerpolygoon voor zijn net en netwerk heeft opgesteld. 2018 92 30-03-2018 21-03-2018 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet
informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en
netwerken in werking treedt.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Beheerders, netwerkexploitanten, aanbieders, opdrachtgevers, grondroerders, en bestuursorganen hebben toegang tot en aansluiting op het informatiesysteem, mits zij zich daartoe tevoren hebben aangemeld bij de Dienst. 2 Een grondroerder of opdrachtgever heeft slechts toegang tot en aansluiting op het informatiesysteem indien hij in het kader van de uitoefening van een beroep of een bedrijf graafwerkzaamheden onder zijn verantwoordelijkheid of leiding laat verrichten, respectievelijk opdracht geeft tot het uitvoeren van een werk waarbij graafwerkzaamheden worden verricht. 3 Een aanbieder heeft slechts toegang tot en aansluiting op het informatiesysteem indien hij om gebiedsinformatie verzoekt ten behoeve van het voorbereiden van een verzoek tot medegebruik of coördinatie. 4 artikel 12, eerste lid, onderdelen a tot en met c, van de wet Een netwerkexploitant die uitsluitend antenne-opstelpunten beheert en de informatie als bedoeld indoor middel van het antenneregister toegankelijk heeft gemaakt, heeft geen toegang tot en aansluiting op het informatiesysteem. 5 Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over de in het eerste lid bedoelde aanmelding, met inbegrip van de verstrekking van gegevens omtrent de aan te melden organisatie en personen. 2018 92 30-03-2018 21-03-2018 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet
informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en
netwerken in werking treedt.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De registratiemelding, het oriëntatieverzoek en de graafmelding worden gedaan en het graafbericht wordt verzonden via het elektronisch informatiesysteem, met dien verstande dat: a. het oriëntatieverzoek en de graafmelding door tussenkomst van de Dienst kunnen worden gedaan; b. artikel 8, derde lid, van de wet artikel 14 van de wet graafmeldingen voor graafwerkzaamheden als bedoeld inovereenkomstiggezamenlijk kunnen worden gedaan door tussenkomst van een door Onze Minister aangewezen organisatie. 2 De registratiemelding omvat een aanduiding van de functie van het desbetreffende net of netwerk overeenkomstig een bij ministeriële regeling te bepalen functie-indeling. 3 artikel 14 van de wet De graafmelding omvat de aanvangsdatum van de voorgenomen graafwerkzaamheden en een aanduiding van de aard van deze werkzaamheden. De eerste volzin is niet van toepassing op graafmeldingen die overeenkomstiggezamenlijk worden gedaan door tussenkomst van een door Onze Minister aangewezen organisatie. 4 artikel 10, onderdeel a, van de wet Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop en de vorm waarin een registratiemelding, een oriëntatieverzoek, een graafmelding, een ontvangstbevestiging als bedoeld in, of een graafbericht wordt gedaan, en over de hierbij te verstrekken gegevens. 2018 92 30-03-2018 21-03-2018 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet
informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en
netwerken in werking treedt.
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De liggingsgegevens die deel uitmaken van de beheerdersinformatie hebben betrekking op elk in de oriëntatiepolygoon of graafpolygoon gelegen net of netwerk, en worden weergegeven door een tekening op een bij ministeriële regeling te bepalen schaalgrootte. 2 De liggingsgegevens die deel uitmaken van de beheerdersinformatie, hebben betrekking op de horizontale ligging en zijn gebaseerd op de meest nauwkeurige metingen die voor de beheerder of netwerkexploitant beschikbaar zijn, met dien verstande dat de metingen ten minste een nauwkeurigheid van een meter hebben. 3 Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat op de in het eerste lid bedoelde tekening markeringen en afzonderlijke elementen van het net of netwerk als zodanig worden weergegeven, en kunnen nadere regels worden gesteld ten aanzien van de weergave van deze gegevens. 4 De beheerdersinformatie omvat de volgende gegevens: a. de functie van het net of netwerk overeenkomstig de bij ministeriële regeling te bepalen functie-indeling; b. indien meer dan één door de beheerder respectievelijk netwerkexploitant beheerd net respectievelijk netwerk op onderling zo geringe afstand is gelegen dat deze op de in het eerste lid bedoelde kaart niet afzonderlijk kunnen worden weergegeven: het aantal netten of netwerken; c. andere, bij ministeriële regeling bepaalde gegevens. 5 Het vierde lid, onderdeel b, is niet van toepassing voor zover het netten betreft die deel uitmaken van een stervormig aangelegd aansluitnetwerk en indien wordt voldaan aan de bij ministeriële regeling gestelde regels. 6 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop beheerdersinformatie wordt verstrekt en over de daarbij te verstrekken contactgegevens. 7 artikel 13 van de wet Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de gebiedsinformatie die op grond vanaan degene die het oriëntatieverzoek of de graafmelding heeft gedaan wordt verstrekt en over de wijze waarop deze gebiedsinformatie wordt verstrekt. 2018 92 30-03-2018 21-03-2018 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet
informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en
netwerken in werking treedt.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 8, derde lid, van de wet De maximale diepgang, bedoeld in, bedraagt 50 centimeter. 2018 92 30-03-2018 21-03-2018 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet
informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en
netwerken in werking treedt.
Artikel 6a — Artikel 6a#
Artikel 6a 1 artikel 9 van de wet Vrijgesteld als bedoeld invan de verplichting een graafmelding te doen voor graafwerkzaamheden is de categorie agrarische grondroerders die, op het tijdstip waarop de graafwerkzaamheden worden uitgevoerd, de grond waarin die werkzaamheden worden uitgevoerd in eigendom of beheer heeft. 2 Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder: a. agrarische grondroerders: degenen die bedrijfsmatig landbouwactiviteiten uitvoeren, in het kader waarvan regelmatig ondiepe graafwerkzaamheden in landbouwgrond van de grondroerder plegen te worden verricht; b. landbouw: artikel 1, eerste lid, van de Landbouwwet landbouw als bedoeld in; c. landbouwactiviteit: landbouwactiviteit als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel c, van Verordening (EU) nr. 1307/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van voorschriften voor rechtstreekse betalingen aan landbouwers in het kader van de steunregelingen van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 527/2008 van de Raad en Verordening (EG) nr. 73/2009 van de Raad (PbEU 2013 L 347); d. landbouwgrond: locatie waaraan in het omgevingsplan een agrarische functie is toegedeeld. 2020 400 28-10-2020 16-09-2020 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikelen 2 8 15 van de wet Indien als gevolg van een calamiteit onverwijld graafwerkzaamheden noodzakelijk zijn om persoonlijk letsel of grote schade te voorkomen zijn de,enniet van toepassing. 2 Indien graafwerkzaamheden worden verricht als bedoeld in het eerste lid, draagt de opdrachtgever er zorg voor dat deze graafwerkzaamheden zo veel mogelijk op zorgvuldige wijze kunnen worden verricht, rekening houdend met de urgentie van de werkzaamheden. 3 De grondroerder verricht de in het eerste lid bedoelde graafwerkzaamheden op zorgvuldige wijze, rekening houdend met de urgentie van de werkzaamheden. 4 De grondroerder stelt voorafgaand aan de in het eerste lid bedoelde graafwerkzaamheden de Dienst daarvan in kennis, waarna de Dienst onverwijld de contactgegevens van de beheerders van netten die op de graaflocatie zijn gelegen en informatie over de functie van deze netten aan de grondroerder verstrekt. De Dienst draagt in verband hiermee zorg voor permanente bereikbaarheid van de Dienst. 5 De Dienst kan de uitvoering van het vierde lid opdragen aan een instelling die permanent bereikbaar is. 6 De grondroerder wint voor zover mogelijk bij de beheerders van netten die zijn gelegen op de graaflocatie, informatie in over de precieze ligging van netten op de graaflocatie. De grondroerder neemt in elk geval contact op met de beheerders van een net met gevaarlijke inhoud dat op de graaflocatie is gelegen. 7 De beheerder van een net met gevaarlijke inhoud zorgt dat hij met het oog op de uitvoering van het zesde lid permanent telefonisch bereikbaar is voor het verschaffen van informatie en het treffen van voorzorgsmaatregelen voor zover dat nodig en mogelijk is. 8 De opdrachtgever meldt onder opgaaf van redenen uiterlijk de eerstvolgende werkdag bij Onze Minister indien hij opdracht heeft gegeven tot graafwerkzaamheden als bedoeld in het eerste lid. 2018 92 30-03-2018 21-03-2018 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet
informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en
netwerken in werking treedt.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 artikel 30 van de wet De gebieden, met inbegrip van de daarin gelegen fysieke infrastructuur en civiele werken, bedoeld in, zijn: a. de luchthavens Schiphol, Rotterdam, Lelystad, Maastricht, Eelde, Leeuwarden, Volkel, Eindhoven, De Peel, Gilze Rijen, Woensdrecht en De Kooy; b. artikel 15, onder b, van de Kernenergiewet de plaatsen van vestiging van de inrichtingen die beschikken over een vergunning als bedoeld in; c. de marinehavens van Den Helder en Vlissingen; d. de plaatsen van vestiging van militaire zend- en ontvangstinstallaties die naar hun aard een bijzondere vorm van informatiebeveiliging vereisen. 2 In dit artikel wordt onder gebiedsbeheerder verstaan: a. voor de in het eerste lid, onder a, bedoelde burgerluchthavens: exploitant van de luchthaven; b. voor de in het eerste lid, onder a, bedoelde militaire luchthavens: Onze Minister van Defensie; c. voor de in het eerste lid, onder b, bedoelde gebieden: houder van de vergunning; en d. voor de in het eerste lid, onder c en d, bedoelde gebieden: Onze Minister van Defensie. 3 De gebiedsbeheerder doet bij de Dienst opgave van de begrenzing van de gebieden, bedoeld in het eerste lid, waarover hij het beheer voert en stelt onverwijld de Dienst in kennis van wijzigingen van die begrenzing. 4 Indien een oriëntatieverzoek of graafmelding betrekking heeft op gebied als bedoeld in het eerste lid: a. verstrekt de gebiedsbeheerder geen liggingsgegevens over netten of netwerken die hij beheert aan de Dienst; b. verstrekt de Dienst gebiedsinformatie onverwijld, doch uiterlijk binnen twee werkdagen na verzending van het graafbericht, aan de gebiedsbeheerder; c. indien de gebiedsbeheerder niet degene is die het oriëntatieverzoek of de graafmelding heeft ingediend, verstrekt hij onverwijld de van de Dienst ontvangen gebiedsinformatie en beheerdersinformatie over eigen netten die zijn gelegen in de oriëntatiepolygoon of de graafpolygoon aan degene die het oriëntatieverzoek of de graafmelding heeft gedaan, voor zover dit naar zijn oordeel noodzakelijk is voor het zorgvuldig verrichten van de graafwerkzaamheden en geen afbreuk doet aan het vereiste niveau van informatiebeveiliging. 5 artikel 13, derde lid, van de wet artikel 28 29 van de wet Op de verstrekking van informatie door de gebiedsbeheerder zijnen de krachtensengestelde regels van overeenkomstige toepassing. 2018 92 30-03-2018 21-03-2018 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet
informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en
netwerken in werking treedt.
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 22 van de wet De bewaarplicht, bedoeld in, geldt voor een periode van vijf jaar. 2018 92 30-03-2018 21-03-2018 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet
informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en
netwerken in werking treedt.
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Wijzigt het Besluit externe veiligheid buisleidingen. 2018 92 30-03-2018 21-03-2018 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet
informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en
netwerken in werking treedt.
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Wijzigt dit besluit. 2018 92 30-03-2018 21-03-2018 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-01-2019 Treedt in werking op het tijdstip waarop zowel de Wet
informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en
netwerken als de Wijzigingswet Wet informatie-uitwisseling
bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken (evaluatie WION en
regeling bevoegde rechter) in werking treden.
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Besluit informatie-uitwisseling ondergrondse netten Hetwordt ingetrokken. 2018 92 30-03-2018 21-03-2018 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet
informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en
netwerken in werking treedt.
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 artikel 11 Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken Dit besluit treedt, met uitzondering van, in werking op het tijdstip waarop dein werking treedt. 2 Artikel 11 Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken 34 745 treedt in werking op het tijdstip waarop zowel dein werking is getreden als artikel I, onderdeel C, van het bij koninklijke boodschap van 23 juni 2017 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten (evaluatie WION en regeling bevoegde rechter) (Kamerstukken). 2018 92 30-03-2018 21-03-2018 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet
informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en
netwerken in werking treedt.
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken. 2018 92 30-03-2018 21-03-2018 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet
informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en
netwerken in werking treedt.