Besluit van 20 november 2018, houdende regels ter uitvoering van de artikelen 126g, negende lid, 126h, vierde en vijfde lid, 126i, vierde lid, 126j, vierde en vijfde lid, 126o, zesde lid, 126q, vierde lid, en 126zc, van het Wetboek van Strafvordering (Samenwerkingsbesluit bijzondere opsporingsbevoegdheden 2019)
- BWB-id
- BWBR0041632
- Type
- AMvB
- Ministerie
- Justitie en Veiligheid
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0041632
- ELI
- /eli/nl/amvb/2019/samenwerkingsbesluit-bijzondere-opsporingsbevoegdheden-2019
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/amvb/2019/samenwerkingsbesluit-bijzondere-opsporingsbevoegdheden-2019/2024-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0041632&g=2024-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0041632&z=2026-06-06&g=2024-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0041632/2024-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2019/samenwerkingsbesluit-bijzondere-opsporingsbevoegdheden-2019
Artikel 1 — Artikel 1 [definities]#
Artikel 1 [definities] In dit besluit wordt verstaan onder: a. bevel tot observatie: artikelen 126g, eerste lid 126o, eerste lid 126zd, eerste lid, onderdeel a van het Wetboek van Strafvordering een bevel als bedoeld in de,, of; b. bevel tot infiltratie: artikelen 126h, eerste lid 126p, eerste lid 126ze, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering een bevel als bedoeld in de,, of; c. bevel tot pseudo-koop of -dienstverlening: artikelen 126i, eerste lid 126q, eerste lid 126zd, eerste lid, onderdeel b, van het Wetboek van Strafvordering een bevel als bedoeld in de,, of; d. bevel tot stelselmatige inwinning van informatie: artikelen 126j, eerste lid 126qa, eerste lid 126zd, eerste lid, onderdeel c, van het Wetboek van Strafvordering een bevel als bedoeld in de,, of; e. infiltratieteam: een team dat als taak heeft het uitvoeren van een bevel tot infiltratie, tot pseudo-koop of -dienstverlening en tot stelselmatige inwinning van informatie. 2018 448 07-12-2018 20-11-2018 2018 502 27-12-2018 12-12-2018 01-01-2019
Artikel 2 — Artikel 2 [infiltratieteam en werkwijze]#
Artikel 2 [infiltratieteam en werkwijze] 1 Een infiltratieteam is samengesteld uit: a. een hoofd; b. tenminste één begeleider; c. tenminste één infiltrant. 2 Het hoofd is eindverantwoordelijk voor de uitvoering van de bevelen. 3 De begeleider geeft de infiltrant, met inachtneming van het bevel en de door de officier van justitie bepaalde kaders, aanwijzingen omtrent de werkzaamheden en de wijze waarop deze worden uitgevoerd. De begeleider informeert tevens het hoofd omtrent de werkzaamheden van de infiltrant en de wijze waarop deze worden uitgevoerd. 4 De infiltrant volgt de aanwijzingen van de begeleider op. 2018 448 07-12-2018 20-11-2018 2018 502 27-12-2018 12-12-2018 01-01-2019
Artikel 3 — Artikel 3 [eisen lid infiltratieteam]#
Artikel 3 [eisen lid infiltratieteam] 1 artikelen 141, onderdelen b, c, en d 142, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering Een opsporingsambtenaar als bedoeld in deenkan worden belast met de uitvoering van een bevel tot infiltratie of tot stelselmatige inwinning van informatie, indien hij lid is van een infiltratieteam. 2 Een opsporingsambtenaar als bedoeld in het eerste lid kan als lid worden geplaatst bij een infiltratieteam, indien: a. artikel 1, eerste lid, onderdeel s, van de Politiewet 2012 hij heeft voldaan aan de kwalificaties van een door Onze Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen politieopleiding als bedoeld in, en b. door of namens Onze Minister onder wiens verantwoordelijkheid hij werkzaam is toestemming is gegeven voor de plaatsing. 3 Door of namens Onze Minister onder wiens verantwoordelijkheid de opsporingsambtenaar werkzaam is of door de korpschef worden voorschriften opgesteld omtrent de plaatsing en de uit te voeren werkzaamheden. 4 Door of namens Onze Minister onder wiens verantwoordelijkheid de opsporingsambtenaar werkzaam is of door de korpschef wordt bewerkstelligd dat de kennis en vaardigheden van de opsporingsambtenaar worden onderhouden op het niveau dat tenminste voldoet aan de kwalificaties, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a. 2019 313 10-10-2019 30-09-2019 2019 385 06-11-2019 24-10-2019 01-01-2020
Artikel 4 — Artikel 4 [infiltratieteam politie]#
Artikel 4 [infiltratieteam politie] 1 Er is tenminste één infiltratieteam bij de Eenheid landelijke opsporing en interventies. 2 Bij de Eenheid landelijke opsporing en interventies is een team dat is belast met de operationele ondersteuning van infiltratieteams van de Eenheid landelijke opsporing en interventies van de politie. 2023 442 05-12-2023 04-12-2023 2023 442 05-12-2023 04-12-2023 01-01-2024 Abusievelijk is voor het eerste lid een wijzigingsopdracht
geformuleerd die niet geheel juist is.
Artikel 5 — Artikel 5 [infiltratieteam Koninklijke Marechaussee]#
Artikel 5 [infiltratieteam Koninklijke Marechaussee] 1 Onze Ministers van Justitie en Veiligheid en van Defensie kunnen gezamenlijk besluiten tot het oprichten van een infiltratieteam bij de Koninklijke Marechaussee. 2 Het infiltratieteam bij de Koninklijke Marechaussee werkt samen met het team van de Eenheid landelijke opsporing en interventies, dat is belast met de operationele ondersteuning van de infiltratieteams. Onze Ministers van Justitie en Veiligheid en van Defensie kunnen hierover voorschriften opstellen. 2023 442 05-12-2023 04-12-2023 2023 442 05-12-2023 04-12-2023 01-01-2024
Artikel 6 — Artikel 6 [infiltratieteam Fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst]#
Artikel 6 [infiltratieteam Fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst] 1 Onze Ministers van Justitie en Veiligheid en van Financiën kunnen gezamenlijk besluiten tot het oprichten van een infiltratieteam bij de Fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst. 2 Het infiltratieteam bij de Fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst werkt samen met het team van de Eenheid landelijke opsporing en interventies, dat is belast met de operationele ondersteuning van de infiltratieteams. Onze Ministers van Justitie en Veiligheid en van Financiën kunnen hierover voorschriften opstellen. 2023 442 05-12-2023 04-12-2023 2023 442 05-12-2023 04-12-2023 01-01-2024
Artikel 7 — Artikel 7 [verantwoordelijkheden infiltratieteams]#
Artikel 7 [verantwoordelijkheden infiltratieteams] 1 artikelen 5 6 De hoofden van de infiltratieteams, bedoeld in deen, en het hoofd van het team van de Eenheid landelijke opsporing en interventies, dat is belast met de operationele ondersteuning van de infiltratieteams, zijn verantwoordelijk voor: a. de selectie en opleiding van kandidaat-leden voor een infiltratieteam; b. de ondersteuning van dekmantelwerkzaamheden; en c. artikel 1, onderdelen b, c en d de coördinatie van dekmantelwerkzaamheden waaronder het registreren van de bevelen, bedoeld in. 2 artikel 44 van de Politiewet 2012 Het verzorgen van tijdelijke identiteiten als bedoeld inen de coördinatie van internationale rechtshulpverzoeken tot infiltratie, pseudo-koop of -dienstverlening of stelselmatige inwinning van informatie is voorbehouden aan het hoofd van het team van de landelijke eenheid, bedoeld in het eerste lid. 2023 442 05-12-2023 04-12-2023 2023 442 05-12-2023 04-12-2023 01-01-2024
Artikel 8 — Artikel 8 [eisen aan opsporingsambtenaar die geen lid van infiltratieteam is]#
Artikel 8 [eisen aan opsporingsambtenaar die geen lid van infiltratieteam is] 1 artikelen 141, onderdelen b, c en d 142, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering Een opsporingsambtenaar als bedoeld in de, endie geen lid is van een infiltratieteam kan worden belast met de uitvoering van een bevel tot infiltratie of tot stelselmatige inwinning van informatie, indien hij beschikt over de specifieke kennis en vaardigheden, benodigd voor de uitvoering van het bevel. 2 artikelen 5 6 Het hoofd van het team van de Eenheid landelijke opsporing en interventies dat is belast met de operationele ondersteuning van de infiltratieteams, of het hoofd van een infiltratieteam als bedoeld in deen, beoordeelt of een opsporingsambtenaar beschikt over de specifieke kennis en vaardigheden, benodigd voor de uitvoering van het bevel, en adviseert de officier van justitie terzake. 3 Indien de opsporingsambtenaar wordt belast met de uitvoering van een bevel tot infiltratie, wordt hij, gedurende de periode die nodig is voor de uitvoering van het bevel, begeleid door een begeleider van een infiltratieteam. Hij wordt niet belast met de uitvoering van een bevel tot infiltratie dan nadat door of namens Onze Minister onder wiens verantwoordelijkheid hij werkzaam is hiervoor toestemming is gegeven. 4 Indien de opsporingsambtenaar wordt belast met de uitvoering van een bevel tot stelselmatige inwinning van informatie, kan hij, gedurende de periode die nodig is voor de uitvoering van het bevel, worden begeleid door een begeleider van een infiltratieteam. De officier van justitie beslist terzake. 2023 442 05-12-2023 04-12-2023 2023 442 05-12-2023 04-12-2023 01-01-2024
Artikel 9 — Artikel 9 [inzet persoon in de openbare dienst van een vreemde staat]#
Artikel 9 [inzet persoon in de openbare dienst van een vreemde staat] 1 Een persoon in de openbare dienst van een vreemde staat kan worden belast met de uitvoering van een bevel tot observatie, tot infiltratie, tot pseudo-koop of -dienstverlening of tot stelselmatige inwinning van informatie, indien hij a. in die vreemde staat beschikt over de bevoegdheid tot opsporing van strafbare feiten, en b. beschikt over de kennis en vaardigheden, benodigd voor de uitvoering van het bevel. 2 artikelen 5 6 Indien de persoon in de openbare dienst van een vreemde staat wordt belast met de uitvoering van een bevel tot infiltratie, tot pseudo-koop of -dienstverlening of tot stelselmatige inwinning van informatie beoordeelt het hoofd van het team van de Eenheid landelijke opsporing en interventies, dat is belast met de operationele ondersteuning van de infiltratieteams, of voldaan wordt aan het vereiste in het eerste lid, onderdeel b, en adviseert hij de officier van justitie terzake. Indien nodig stemt hij dit af met het desbetreffende hoofd van een infiltratieteam als bedoeld in deen. 3 Een persoon in de openbare dienst van een vreemde staat wordt niet belast met de uitvoering van een bevel als bedoeld in het eerste lid, indien de officier van justitie tot het oordeel komt dat de ambtsinstructie waaraan die persoon gebonden is, terzake van die uitvoering niet verenigbaar is met het in Nederland geldende recht. 2023 442 05-12-2023 04-12-2023 2023 442 05-12-2023 04-12-2023 01-01-2024
Artikel 10 — Artikel 10 [eisen persoon in de openbare dienst van een vreemde staat]#
Artikel 10 [eisen persoon in de openbare dienst van een vreemde staat] 1 Een persoon in de openbare dienst van een vreemde staat kan worden belast met de uitvoering van een bevel tot observatie, tot infiltratie, tot pseudo-koop of -dienstverlening of tot stelselmatige inwinning van informatie, indien hij zich vooraf heeft verbonden aan de volgende voorwaarden: a. gedurende zijn optreden op Nederlands grondgebied is hij gebonden aan het in Nederland geldende recht; b. hij is verplicht te getuigen, indien hij hiertoe door de Nederlandse autoriteiten wordt opgeroepen; c. gedurende de periode die nodig is voor de uitvoering van het bevel is hij gehouden de aanwijzingen van de Nederlandse opsporingsautoriteiten op te volgen; d. hij doet verslag aan de Nederlandse opsporingsautoriteiten van zijn optreden op Nederlands grondgebied; en e. hij is op Nederlands grondgebied niet bevoegd dwangmiddelen of andere bijzondere opsporingsbevoegdheden toe te passen dan genoemd in het bevel. 2 Indien de persoon in de openbare dienst van een vreemde staat wordt belast met de uitvoering van een bevel tot infiltratie, tot pseudo-koop of -dienstverlening of tot stelselmatige inwinning van informatie, wordt hij, gedurende de periode die nodig is voor de uitvoering van het bevel, begeleid door een begeleider van een infiltratieteam. 2018 448 07-12-2018 20-11-2018 2018 502 27-12-2018 12-12-2018 01-01-2019
Artikel 11 — Artikel 11 [wijzigen andere regeling]#
Artikel 11 [wijzigen andere regeling] Wijzigt het Besluit regels landelijk parket en functioneel parket, alsmede ten aanzien van mandateren bevoegdheden officier van justitie. 2018 448 07-12-2018 20-11-2018 2018 502 27-12-2018 12-12-2018 01-01-2019
Artikel 12 — Artikel 12 [uitbreiding grondslag]#
Artikel 12 [uitbreiding grondslag] artikel 9, vierde lid, van het Wetboek van Strafvordering Het Besluit regels landelijk parket en functioneel parket, alsmede ten aanzien van mandateren van bevoegdheden officier van justitie berust mede op. 2018 448 07-12-2018 20-11-2018 2018 502 27-12-2018 12-12-2018 01-01-2019
Artikel 13 — Artikel 13 [intrekking regeling]#
Artikel 13 [intrekking regeling] Samenwerkingsbesluit bijzondere opsporingsbevoegdheden Hetwordt ingetrokken. 2018 448 07-12-2018 20-11-2018 2018 502 27-12-2018 12-12-2018 01-01-2019
Artikel 14 — Artikel 14 [inwerkingtreding]#
Artikel 14 [inwerkingtreding] Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 2018 448 07-12-2018 20-11-2018 2018 502 27-12-2018 12-12-2018 01-01-2019
Artikel 15 — Artikel 15 [citeertitel]#
Artikel 15 [citeertitel] Dit besluit wordt aangehaald als: Samenwerkingsbesluit bijzondere opsporingsbevoegdheden 2019 2018 448 07-12-2018 20-11-2018 2018 502 27-12-2018 12-12-2018 01-01-2019