Direct naar content

Besluit van 13 maart 2025, houdende bepalingen over het bemannen van zeeschepen (Besluit bemanning zeeschepen)

BWB-id
BWBR0050941
Type
AMvB
Ministerie
Infrastructuur en Waterstaat
Geldigheid
Geldend vanaf 2025-07-01
Wetstechnische informatie / identifiers
BWB-id
BWBR0050941
ELI
/eli/nl/amvb/2025/besluit-bemanning-zeeschepen
ELI (gepinde datum)
/eli/nl/amvb/2025/besluit-bemanning-zeeschepen/2025-07-01
JCI 1.0 (vindplaats)
wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0050941&g=2025-07-01
JCI 1.3 (citatie)
jci1.3:c:BWBR0050941&z=2026-06-06&g=2025-07-01
Op wetten.overheid.nl
https://wetten.overheid.nl/BWBR0050941/2025-07-01

Absolute ELI: /eli/nl/amvb/2025/besluit-bemanning-zeeschepen

PDF
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 1.2 — Artikel 1.2 Reikwijdte#
Artikel 1.3 — Artikel 1.3 Ontheffing ten behoeve van experimenten#
Artikel 2.1.1 — Artikel 2.1.1 Reikwijdte#
Artikel 2.1.2 — Artikel 2.1.2 Aanvraag voor een bemanningscertificaat#
Artikel 2.1.3 — Artikel 2.1.3 Bemanningssamenstellingen#
Artikel 2.1.4 — Artikel 2.1.4 Bemanningscertificaat#
Artikel 2.1.5 — Artikel 2.1.5 Meerdere bemanningssamenstellingen#
Artikel 2.1.6 — Artikel 2.1.6 Aantekening scheepsdagboek bemanningssamenstelling of bemanningsplan#
Artikel 2.1.7 — Artikel 2.1.7 Wijzigingen gegevens bemanningsplan#
Artikel 2.1.8 — Artikel 2.1.8 Intrekken bemanningscertificaat#
Artikel 2.1.9 — Artikel 2.1.9 Bestaande bemanningscertificaat niet meer adequaat#
Artikel 2.1.10 — Artikel 2.1.10 Vrijstellingsregeling nationaliteit kapitein#
Artikel 2.2.1 — Artikel 2.2.1 Bemanningssamenstelling#
Artikel 2.2.2 — Artikel 2.2.2 Aanvulling van het aantal bemanningsleden#
Artikel 2.2.3 — Artikel 2.2.3 Vrijstelling#
Artikel 2.2.4 — Artikel 2.2.4 Bemanningscertificaat#
Artikel 2.2.5 — Artikel 2.2.5 Bemanningsplan#
Artikel 2.3.1 — Artikel 2.3.1 Opmaken bemanningslijst#
Artikel 2.3.2 — Artikel 2.3.2 Gegevens bemanningslijst#
Artikel 2.3.4 — Artikel 2.3.4 Bewaren bemanningslijst#
Artikel 2.4.1 — Artikel 2.4.1 Zeeschepen, niet zijnde vissersvaartuigen#
Artikel 2.4.2 — Artikel 2.4.2 Vissersvaartuigen#
Artikel 2.4.3 — Artikel 2.4.3 Arts#
Artikel 2.4.4 — Artikel 2.4.4 Scheepskok#
Artikel 2.4.5 — Artikel 2.4.5 Maritieme radiocommunicatie#
Artikel 2.4.6 — Artikel 2.4.6 Communicatievaardigheid zeeschepen, niet zijnde vissersvaartuigen#
Artikel 2.4.7 — Artikel 2.4.7 Verklaring communicatievaardigheid zeeschepen, niet zijnde vissersvaartuigen#
Artikel 2.4.8 — Artikel 2.4.8 Communicatievaardigheid op vissersvaartuigen#
Artikel 3.1.1 — Artikel 3.1.1 Afgifte vaarbevoegdheidsbewijs#
Artikel 3.1.2 — Artikel 3.1.2 Geldigheid vaarbevoegdheidsbewijs#
Artikel 3.1.3 — Artikel 3.1.3 Vernieuwen vaarbevoegdheidsbewijs#
Artikel 3.1.4 — Artikel 3.1.4 Vernieuwen vaarbevoegdheidsbewijs bij onvoldoende diensttijd#
Artikel 3.1.5 — Artikel 3.1.5 Verloren gegaan vaarbevoegdheidsbewijs of bekwaamheidsbewijs#
Artikel 3.1.6 — Artikel 3.1.6 Vaarbevoegdheidsbewijs als geautomatiseerd bestand#
Artikel 3.1.7 — Artikel 3.1.7 Beperkingen of aanvullingen vaarbevoegdheidsbewijs#
Artikel 3.1.8 — Artikel 3.1.8 Inhoudelijke beroepseisen#
Artikel 3.1.9 — Artikel 3.1.9 Erkenning vaarbevoegdheidsbewijs of een bekwaamheidsbewijs#
Artikel 3.1.10 — Artikel 3.1.10 Vaarbevoegdheidsbewijs als kapitein of schipper#
Artikel 3.1.11 — Artikel 3.1.11 Aanvaarding buitenlands vaarbevoegdheidsbewijs of bekwaamheidsbewijs#
Artikel 3.2.1 — Artikel 3.2.1 Reikwijdte#
Artikel 3.2.2 — Artikel 3.2.2 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een wachtstuurman van een zeeschip#
Artikel 3.2.3 — Artikel 3.2.3 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een kapitein of eerste stuurman van een zeeschip#
Artikel 3.2.4 — Artikel 3.2.4 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een kapitein of eerste stuurman van een zeeschip met een brutotonnage van minder dan 3.000 GT#
Artikel 3.2.5 — Artikel 3.2.5 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een wachtstuurman van een zeeschip met een brutotonnage van minder dan 500 GT#
Artikel 3.2.6 — Artikel 3.2.6 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een kapitein van een zeeschip met een brutotonnage van minder dan 500 GT#
Artikel 3.2.7 — Artikel 3.2.7 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een wachtstuurman van een zeeschip met een brutotonnage van minder dan 500 GT dat wordt gebruikt voor reizen nabij de kust#
Artikel 3.2.8 — Artikel 3.2.8 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een kapitein van een zeeschip met een brutotonnage van minder dan 500 GT dat wordt gebruikt voor reizen nabij de kust#
Artikel 3.2.9 — Artikel 3.2.9 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een wachtlopend gezel dek die deel uitmaakt van de brugwacht van een zeeschip#
Artikel 3.2.10 — Artikel 3.2.10 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een gekwalificeerd gezel dek van een zeeschip#
Artikel 3.2.11 — Artikel 3.2.11 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een wachtwerktuigkundige belast met de machinekamerwacht in een bemande machinekamer, of de aangewezen werktuigkundigen, belast met de wacht in een tijdelijk onbemande machinekamer van een zeeschip#
Artikel 3.2.12 — Artikel 3.2.12 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een hoofdwerktuigkundige of tweede werktuigkundige van een zeeschip#
Artikel 3.2.13 — Artikel 3.2.13 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een hoofdwerktuigkundige of tweede werktuigkundige van een zeeschip met een hoofdvoortstuwingsinstallatie tot 3.000 kW voortstuwingsvermogen#
Artikel 3.2.14 — Artikel 3.2.14 Beroepseisen door een stoomvoortstuwingsinstallatie aangedreven zeeschip#
Artikel 3.2.15 — Artikel 3.2.15 Beroepseisen door een gasturbinevoortstuwingsinstallatie aangedreven zeeschip#
Artikel 3.2.16 — Artikel 3.2.16 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een wachtlopend gezel machinekamer die deel uitmaakt van de machinekamerwacht in een bemande machinekamer, of die aangewezen is om dienst te doen belast met de wacht in een tijdelijk onbemande machinekamer van een zeeschip#
Artikel 3.2.17 — Artikel 3.2.17 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een gekwalificeerd gezel machinekamer in een bemande machinekamer of in een tijdelijk onbemande machinekamer van een zeeschip#
Artikel 3.2.18 — Artikel 3.2.18 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een officier elektrotechniek van een zeeschip#
Artikel 3.2.19 — Artikel 3.2.19 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een gezel elektrotechniek van een zeeschip#
Artikel 3.2.20 — Artikel 3.2.20 Minimumeisen alternatief vaarbevoegdheidsbewijs maritiem officier of eerste maritiem officier van een zeeschip#
Artikel 3.2.21 — Artikel 3.2.21 Minimumeisen alternatief vaarbevoegdheidsbewijs wachtlopend gezel dek en machinekamer van een zeeschip#
Artikel 3.2.22 — Artikel 3.2.22 Minimumeisen alternatief vaarbevoegdheidsbewijs gekwalificeerd gezel dek en machinekamer van een zeeschip#
Artikel 3.2.23 — Artikel 3.2.23 Uitwerking eisen per vaarbevoegdheidsbewijs#
Artikel 3.3.1 — Artikel 3.3.1 Bijzondere beroepseisen olie- of chemicaliëntankschip#
Artikel 3.3.2 — Artikel 3.3.2 Bijzondere beroepseisen vloeibaargastankschip#
Artikel 3.3.3 — Artikel 3.3.3 Bijzondere beroepseisen passagiersschip#
Artikel 3.3.4 — Artikel 3.3.4 Bijzondere beroepseisen IGF-schip#
Artikel 3.3.5 — Artikel 3.3.5 Bijzondere beroepseisen zeeschip dat in poolwateren vaart#
Artikel 3.3.6 — Artikel 3.3.6 Icemaster#
Artikel 3.3.7 — Artikel 3.3.7 Icemaster, tankschip of passagiersschip#
Artikel 3.3.8 — Artikel 3.3.8 Icemaster, zeeschip, niet zijnde een tankschip of passagierschip#
Artikel 3.3.9 — Artikel 3.3.9 Bijzondere beroepseisen hogesnelheidschip#
Artikel 3.3.10 — Artikel 3.3.10 Uitwerking eisen per bijzondere beroepseis#
Artikel 3.4.1 — Artikel 3.4.1 Reikwijdte#
Artikel 3.4.2 — Artikel 3.4.2 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor stuurman zeevisvaart van een vissersvaartuig met een scheepslengte van 24 meter of meer die vaart in onbeperkte wateren vissersvaartuigen#
Artikel 3.4.3 — Artikel 3.4.3 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een schipper en een plaatsvervangend schipper van een vissersvaartuig met een scheepslengte van 24 meter of meer die vaart in onbeperkte wateren vissersvaartuigen#
Artikel 3.4.4 — Artikel 3.4.4 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een stuurman zeevisvaart van een vissersvaartuig met een scheepslengte van 24 meter of meer die vaart in beperkte wateren vissersvaartuigen#
Artikel 3.4.5 — Artikel 3.4.5 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een schipper en e meteren plaatsvervangend schipper van een vissersvaartuig met een scheepslengte van 24 meter of meer die vaart in beperkte wateren vissersvaartuigen#
Artikel 3.4.6 — Artikel 3.4.6 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een stuurman zeevisvaart van een vissersvaartuig met een scheepslengte van minder dan 24 meter die vaart in onbeperkte wateren vissersvaartuigen#
Artikel 3.4.7 — Artikel 3.4.7 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een schipper en een plaatsvervangend schipper van een vissersvaartuig met een scheepslengte van minder dan 24 meter die vaart in onbeperkte wateren vissersvaartuigen#
Artikel 3.4.8 — Artikel 3.4.8 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een stuurman zeevisvaart van een vissersvaartuig met een scheepslengte van minder dan 24 meter die vaart in beperkte wateren vissersvaartuigen#
Artikel 3.4.9 — Artikel 3.4.9 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een schipper en een plaatsvervangend schipper van een vissersvaartuig met een scheepslengte van minder dan 24 meter die vaart in beperkte wateren vissersvaartuigen#
Artikel 3.4.10 — Artikel 3.4.10 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een wachtlopend gezel zeevisvaart#
Artikel 3.4.11 — Artikel 3.4.11 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een hoofdwerktuigkundige zeevisvaart of tweede werktuigkundige zeevisvaart van een vissersvaartuig met een hoofdvoortstuwingsinstallatie van 3.000 kW voortstuwingsvermogen of meer#
Artikel 3.4.12 — Artikel 3.4.12 Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een hoofdwerktuigkundige zeevisvaart of tweede werktuigkundige zeevisvaart van een vissersvaartuig met een hoofdvoortstuwingsinstallatie van meer dan 750 kW en minder dan 3.000 kW voortstuwingsvermogen#
Artikel 3.4.13 — Artikel 3.4.13 Minimumeisen vaarbevoegdheidsbewijs stuurman-werktuigkundige zeevisvaart#
Artikel 3.4.14 — Artikel 3.4.14 Uitwerking eisen per vaarbevoegdheidsbewijs#
Artikel 3.5.1 — Artikel 3.5.1 Minimumeisen betreffende veiligheid en instructie over veiligheid#
Artikel 3.5.2 — Artikel 3.5.2 Minimumeisen betreffende basistraining in en instructie over veiligheid voor vissers#
Artikel 3.5.3 — Artikel 3.5.3 Minimumeisen betreffende het gebruik van reddingmiddelen, hulpverleningsboten en snelle hulpverleningsboten#
Artikel 3.5.4 — Artikel 3.5.4 Minimumeisen betreffende gevorderde brandbestrijdingstechnieken#
Artikel 3.5.5 — Artikel 3.5.5 Minimumeisen betreffende medische eerste hulp en medische verzorging#
Artikel 3.5.6 — Artikel 3.5.6 Minimumeisen betreffende veiligheidsofficieren van een zeeschip#
Artikel 3.5.7 — Artikel 3.5.7 Uitwerking eisen per aanvullende beroepseis#
Artikel 3.6.1 — Artikel 3.6.1 Model van de geneeskundige verklaring zeevaart#
Artikel 3.6.2 — Artikel 3.6.2 Medisch onderzoek#
Artikel 3.6.3 — Artikel 3.6.3 Medische eisen geneeskundige verklaring zeevaart#
Artikel 3.6.4 — Artikel 3.6.4 Geldigheidsduur geneeskundige verklaring zeevaart#
Artikel 3.6.5 — Artikel 3.6.5 Verklaring keuringsarts#
Artikel 3.6.6 — Artikel 3.6.6 Werkwijze keuringsarts#
Artikel 3.6.7 — Artikel 3.6.7 Aanwijzing of erkenning keuringsarts#
Artikel 3.6.8 — Artikel 3.6.8 Intrekken aanwijzing of erkenning keuringsarts of medisch scheidsrechter#
Artikel 3.6.9 — Artikel 3.6.9 Geneeskundige verklaring zeevaart op basis ander onderzoek#
Artikel 4.1.1 — Artikel 4.1.1 Voeding en drinkwater#
Artikel 4.2.1 — Artikel 4.2.1 Afgifte en voorschriften certificaat maritieme arbeid#
Artikel 4.2.2 — Artikel 4.2.2 Vervallen of intrekken certificaat maritieme arbeid#
Artikel 4.2.3 — Artikel 4.2.3 Afgifte en voorschriften visserij-arbeidscertificaat#
Artikel 5.1 — Artikel 5.1 Ervaringseisen leden tuchtcollege#
Artikel 5.2 — Artikel 5.2 Ervaringseisen van de secretaris en plaatsvervangende secretarissen tuchtcollege#
Artikel 5.3 — Artikel 5.3 Aanhangig maken klacht#
Artikel 5.4 — Artikel 5.4 Verzending beslissing tuchtcollege#
Artikel 6.1.1 — Artikel 6.1.1#
Artikel 6.2.1 — Artikel 6.2.1#
Artikel 6.2.2 — Artikel 6.2.2#
Artikel 6.2.3 — Artikel 6.2.3#
Artikel 6.2.4 — Artikel 6.2.4#
Artikel 6.3.1 — Artikel 6.3.1#
Artikel 6.3.2 — Artikel 6.3.2#
Artikel 6.3.3 — Artikel 6.3.3#
Artikel 6.3.4 — Artikel 6.3.4#
Artikel 6.3.5 — Artikel 6.3.5#
Artikel 6.3.6 — Artikel 6.3.6#
Artikel 6.3.7 — Artikel 6.3.7#
Artikel 6.3.8 — Artikel 6.3.8#