Beleidsregels van de Minister van Economische Zaken van 11 september 2009, nr. WJZ/9150320, houdende richtsnoeren voor het opleggen van bestuurlijke boetes op grond van wetgeving waarvan de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit is belast met het toezicht op de naleving (Beleidsregels van de Minister van Economische Zaken voor het opleggen van bestuurlijke boetes door de NMa 2009)
- BWB-id
- BWBR0026413
- Type
- Beleidsregel
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2011-01-01 t/m 2013-04-24
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0026413
- ELI
- /eli/nl/beleidsregel/2009/beleidsregels-van-de-minister-van-economische-zaken-voor-het
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/beleidsregel/2009/beleidsregels-van-de-minister-van-economische-zaken-voor-het/2011-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0026413&g=2011-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0026413&z=2026-06-06&g=2011-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0026413/2011-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/beleidsregel/2009/beleidsregels-van-de-minister-van-economische-zaken-voor-het
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze beleidsregels wordt verstaan onder: a) overige overtredingen: Mededingingswet artikelen 6 24 Elektriciteitswet 1998 Gaswet Wet onafhankelijk netbeheer Tijdelijke wet mediaconcentraties artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht de overtredingen van andere bepalingen uit dedan deen, van bepalingen van de, de, deen deen van, waarvan de raad is belast met het toezicht op de naleving en die zijn genoemd in de bijlage bij deze beleidsregels, behoudens overtredingen waarvoor de raad een bestuurlijke boete kan opleggen aan natuurlijke personen; b) betrokken omzet: de opbrengst die door een overtreder tijdens de totale duur van een overtreding is behaald met levering van goederen en diensten waarop die overtreding betrekking heeft, onder aftrek van kortingen en dergelijke, alsmede van over de omzet geheven belastingen; c) jaaromzet: de netto-omzet van de overtreder, zijnde de opbrengst uit levering van goederen en diensten uit het bedrijf van de overtreder, onder aftrek van kortingen en dergelijke, alsmede van over de omzet geheven belastingen; d) boetegrondslag: een op grond van een percentage van de betrokken omzet of van een promillage van de totale jaaromzet vastgesteld bedrag, dan wel, indien de overtreder een natuurlijke persoon is, een aan de ernst van de overtreding en het inkomen en vermogen van de overtreder gerelateerd bedrag, dat de basis vormt voor het bepalen van de hoogte van een op te leggen bestuurlijke boete; e) basisboete: het bedrag dat resulteert wanneer de boetegrondslag is bijgesteld aan de hand van de ernst van de overtreding en, voor zover van toepassing, de basisboetetoeslag of het gewicht van de overtreder, of, in het geval de overtreder een natuurlijke persoon is, het bedrag van de boetegrondslag; f) basisboetetoeslag: artikelen 6 24 van de Mededingingswet het bedrag waarmee de basisboete wordt verhoogd in geval van het begaan van een zeer zware overtreding van deofof van de artikelen 81 of 82 van het Verdrag. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Een bestuurlijke boete wordt op een zodanig niveau vastgesteld dat deze, in het kader van specifieke preventie, een overtreder weerhoudt van het begaan van een volgende overtreding en, in het kader van algemene preventie, potentiële andere overtreders afschrikt. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De raad bepaalt de hoogte van de bestuurlijke boete op basis van de boetegrondslag, die per geval wordt vastgesteld. 2 Na het bepalen van de boetegrondslag bepaalt de raad de basisboete door de boetegrondslag bij te stellen aan de hand van de ernst van de overtreding en, voor zover van toepassing, de basisboetetoeslag en het gewicht van de overtreder. Wanneer de boetegrondslag niet wordt bijgesteld aan de hand van de ernst van de overtreding, de basisboetetoeslag of het gewicht van de overtreder, is de basisboete het bedrag dat ook de boetegrondslag is. 3 Bij de vaststelling van de bestuurlijke boete neemt de raad voorts boeteverhogende of boeteverlagende omstandigheden in aanmerking en bepaalt in redelijkheid in hoeverre dergelijke omstandigheden tot een verhoging of verlaging van de basisboete leiden. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikelen 6 24 van de Mededingingswet Bij overtreding van deenen 81 en 82 van het Verdrag stelt de raad de boetegrondslag vast op basis van de betrokken omzet. 2 Indien de raad de betrokken omzet niet op basis van door de overtreder verstrekte informatie kan bepalen, kan de raad hiervan een schatting maken. 3 In geval van een verboden aanbestedingsafspraak kan de raad voor elke deelnemer de omzet die kan worden gerealiseerd op basis van het bod waartegen de opdracht is verleend, of een evenredig deel daarvan, als betrokken omzet aanmerken. 4 Wanneer geen betrokken omzet kan worden vastgesteld, kan als betrokken omzet worden aangemerkt de omzet van de overtreder op de te beschermen markt gedurende de periode van de overtreding, doch voor ten minste de duur van een jaar. 5 Wanneer de overtreder op de te beschermen markt geen omzet heeft behaald, kan de raad de omzet die de betreffende overtreder heeft behaald met zijn eigen bijdrage aan de mededingingsbeperking aanmerken als de betrokken omzet. 6 Indien de overtreding door een ondernemersvereniging is begaan, kan de betrokken omzet van de daarvan deel uitmakende ondernemingen in aanmerking worden genomen. 7 De raad hanteert bij de vaststelling van de betrokken omzet waarden die zijn afgerond op hele euro’s. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 De raad hanteert een boetegrondslag van 10% van de betrokken omzet van de overtreder. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 De raad bepaalt de basisboete door de boetegrondslag te vermenigvuldigen met een factor (E) voor de ernst van de overtreding. 2 De factor (E) voor de ernst van de overtreding wordt bepaald door de zwaarte van de overtreding in samenhang met de economische context waarin deze overtreding heeft plaatsgevonden. Bij de beoordeling van de economische context houdt de raad onder meer rekening met de aard van de betrokken producten of diensten, de omvang van de markt, de grootte van de betrokken overtreders alsmede met het al dan niet gezamenlijke marktaandeel, de structuur van de markt en met de geldende regelgeving en houdt de raad tevens rekening met de afbreuk of potentiële afbreuk aan het normale mededingingsproces en de weerslag op de economie die de betreffende gedraging in het algemeen heeft. 3 Bij de vaststelling van de factor (E) onderscheidt de raad drie typen overtredingen: zeer zware, zware en minder zware overtredingen. Verstrekkende horizontale afspraken worden in ieder geval als zeer zware overtredingen aangemerkt. 4 Naargelang de ernst van de overtreding wordt de factor (E) vastgesteld op een waarde van ten hoogste 5. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikel 6, derde lid artikelen 6 24 van de Mededingingswet Om ondernemingen ervan te weerhouden zeer zware overtredingen als bedoeld in, van deofof van de artikelen 81 of 82 van het Verdrag te begaan, hanteert de raad een basisboetetoeslag van maximaal 25% van de betrokken omzet in het laatste volledige jaar dat de onderneming heeft deelgenomen aan de overtreding. 2 artikelen 6 24 van de Mededingingswet In het kader van specifieke preventie kan de raad de basisboete bij overtreding van deenen van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag aanpassen met het oog op het gewicht van de overtreder, uitgedrukt in de totale jaaromzet van deze overtreder in Nederland in het boekjaar voorafgaande aan de boetebeschikking. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 Bij de overige overtredingen stelt de raad de boetegrondslag vast op basis van de totale jaaromzet van de overtreder in het boekjaar voorafgaande aan de boetebeschikking. 2 De raad gaat bij de vaststelling van de boetegrondslag uit van de in Nederland behaalde jaaromzet, tenzij deze naar het oordeel van de raad geen passende beboeting toelaat. 3 Verordening (EG) nr. 139/2004 1 Pb. EG 2008, C 95. Wat de geografische toerekening van de omzet betreft volgt de raad de uitgangspunten zoals uiteengezet door de Europese Commissie van de Europese Gemeenschappen in haar Geconsolideerde mededeling over bevoegdheidskwesties op grond van. 4 Indien de raad de totale jaaromzet niet op basis van door de overtreder verstrekte informatie kan bepalen, kan de raad hiervan een schatting maken. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 De raad hanteert als boetegrondslag een promillage van de totale jaaromzet van de overtreder. 2 De vaststelling van het promillage vindt plaats aan de hand van zes categorieën die oplopen in hoogte: Categorie I 0,25‰ (promille) van de totale jaaromzet met een minimale bestuurlijke boete van € 2.500,– Categorie II 0,75 ‰ (promille) van de totale jaaromzet met een minimale bestuurlijke boete van € 5.000,– Categorie III 1,5‰ (promille) van de totale jaaromzet met een minimale bestuurlijke boete van € 10.000,– Categorie IV 2,5‰ (promille) van de totale jaaromzet met een minimale bestuurlijke boete van € 15.000,– Categorie V 7,5‰ (promille) van de totale jaaromzet met een minimale bestuurlijke boete van € 25.000,– Categorie VI 15‰ (promille) van de totale jaaromzet met een bestuurlijke boete van € 50.000,– 3 Bijlage In deis vermeld in welke categorie de betreffende overige overtreding is ingedeeld. 4 Wanneer de in het tweede lid bedoelde indeling in een boetecategorie in het concrete geval naar het oordeel van de raad geen passende beboeting toelaat, kan de naast hogere of de naast lagere categorie worden gehanteerd. 5 Wanneer de totale jaaromzet van de overtreder hoger is dan € 500.000.000,– wordt in plaats van de totale jaaromzet een deel van de jaaromzet gehanteerd. De omzet tot € 500.000.000,– telt volledig mee, de omzet tussen € 500.000.000,– en € 1.000.000.000,– telt voor 10% mee en de omzet boven de € 1.000.000.000,– telt voor 1% mee. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 De raad bepaalt de basisboete door de boetegrondslag te vermenigvuldigen met een factor (E) voor de ernst van de overtreding. 2 De factor (E) voor de ernst van de overtreding wordt bepaald door de mate waarin de overtreding de belangen schaadt die de overtreden bepaling beoogt te beschermen. 3 Bij de vaststelling van de factor (E) onderscheidt de raad drie typen overtredingen: zeer ernstige, ernstige en minder ernstige overtredingen. 4 Naargelang de ernst van de overtreding wordt de factor (E) vastgesteld op een waarde van ten hoogste 5. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht Elektriciteitswet 1998 Gaswet Wet onafhankelijk netbeheer Mededingingswet Tijdelijke wet mediaconcentraties De raad kan een bestuurlijke boete opleggen aan een natuurlijk persoon wegens overtreding vanen wegens het geven van opdracht tot of het feitelijk leiding geven aan een overtreding van, van de bepalingen van de, de, de, deen de, bedoeld in het vierde lid, en van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag. 2 In de gevallen genoemd in het eerste lid, stelt de raad een boetegrondslag vast die gerelateerd is aan de ernst van de overtreding en het inkomen en vermogen van de overtreder, teneinde tot een bestuurlijke boete te komen die uit het oogpunt van zowel algemene als specifieke preventie voldoende afschrikwekkend is. De boetegrondslag is in deze gevallen de basisboete. 3 Indien de raad het inkomen en vermogen van de overtreder niet op basis van door de overtreder verstrekte informatie kan bepalen, kan de raad hiervan een schatting maken. 4 De boetegrondslag wordt vastgesteld binnen de volgende bandbreedtes: a. € 10.000,– tot € 200.000,– voor: 1° artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht de overtreding van, 2° artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht het opdracht geven tot of feitelijk leiding geven aan overtreding van; 3° artikelen 4a, derde lid artikel 7, tweede lid 11a, tweede lid 11b, derde lid 12, eerste of tweede lid 16, eerste lid, onderdelen g, k of l 16, tweede lid, onderdeel g 16a 16Aa, derde of vierde lid 17, vierde lid 17a, derde of vierde lid 18, derde lid 19b 19c 19d 19e 24, tweede lid 24a 38, derde lid 39 42, derde lid 68, tweede lid 78, tweede lid 95b, tweede of achtste lid 95e 95k 95l van de Elektriciteitswet 1998 het opdracht geven tot of feitelijk leidinggeven aan overtreding van de,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,of; 4° artikelen 3c, derde lid 4, eerste of tweede lid 7a, derde of vierde lid 10, tweede of derde lid, onderdeel b 10b, vierde lid 10c, derde of vierde lid 10d, derde lid 17a 18b, tweede of derde lid 18g, vierde lid 34, tweede lid 35b 35c 35d 35e 40, tweede lid 42 44, tweede of achtste lid 52a, derde lid 56 82, eerste of vierde lid 83 van de Gaswet het opdracht geven tot of feitelijk leidinggeven aan overtreding van de,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,, of; 5° artikel IXb, eerste tot en met derde en vijfde of zesde lid artikel IXb, zevende lid artikel IXb, tweede, derde, vijfde of zesde lid artikel IXc, eerste of tweede lid, van de Wet onafhankelijk netbeheer het opdracht geven tot of feitelijk leidinggeven aan overtreding van, van, juncto, of van; 6° artikelen 25b, eerste of tweede lid 25e, eerste volzin 35 42 43 59a, derde lid 70b 77a, derde lid, van de Mededingingswet het opdracht geven tot of feitelijk leiding geven aan overtreding van de,,,,,,of, of 7° artikel 4 van de Tijdelijke wet mediaconcentraties artikel 73 van de Mededingingswet artikel 5 van de Tijdelijke wet mediaconcentraties artikel 69 van de Mededingingswet artikel 77a, derde lid, van de Mededingingswet artikel 5 Tijdelijk wet mediaconcentraties 70b van de Mededingingswet het opdracht geven tot of het feitelijk leidinggeven aan overtreding vanjuncto, vanjunctojunctoof vanjuncto. b. € 50.000,– tot € 400.000,– voor het opdracht geven tot of feitelijk leiding geven aan overtreding van: 1° artikelen 5, zesde lid 10, tweede of derde lid 10a, eerste of tweede lid 10b, tweede of derde lid 11, eerste lid 11a, derde lid 11b, eerste of tweede lid 16, eerste lid, onderdelen a tot en met f en h tot en met j, tweede lid, onderdelen a tot en met d en f, vierde of zesde lid 16Aa, eerste lid of tweede lid 17 eerste of tweede lid 17a, eerste of tweede lid 18, eerste lid 18a artikelen 2 3 Besluit financieel beheer netbeheerder 19 19a 20, derde lid 21 23 24 eerste of derde lid 31, eerste lid 31a, eerste of tweede lid 31b 36 37 43 44 45 46 47 68, eerste lid 79 84 86 86d 86e 95a, eerste lid 95b, eerste of vijfde lid 95f, tweede lid 95m van de Elektriciteitswet 1998 de,,,,,,,,,,,,junctoof,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,, of; 2° artikelen 2, eerste of tweede lid 2c, tweede of derde lid 3, eerste lid 3b, eerste of tweede lid 3c, eerste of tweede lid 7 7a, eerste of tweede lid 8 9a 10, eerste, derde lid, onderdeel a, of vierde lid 10a, eerste, tweede of derde lid 10b, eerste of tweede lid 10c, eerste of tweede lid 10d, eerste lid 10e juncto artikelen 2 3 Besluit financieel beheer netbeheerder 12a 12b, eerste lid 12e, eerste lid 18a, tweede lid 18b, eerste lid 18g, eerste, tweede of derde lid 32 35a 37 39, tweede lid 40, eerste, derde of vierde lid 43, eerste lid 44, eerste of vijfde lid 47, tweede lid 51 52b 60, derde lid 63 66a 66b 73, vierde lid, van de Gaswet de,,,,,,,,,,,,,,of,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,of; 3° artikelen IXa, eerste en tweede lid, van de Wet onafhankelijk netbeheer de; 4° artikelen 6 24 34 37, vierde lid 39, tweede lid, onder a of b 40, tweede lid 40, derde lid, onder a of b 41, eerste of vierde lid 46, tweede, derde of vierde lid 49a, vierde lid 56, eerste lid, onderdeel c, van de Mededingingswet de,,,,,,,,,, of, 5° artikel 6 van de Tijdelijke wet mediaconcentraties artikel 75a van de Mededingingswet juncto; of 6° de artikelen 81 of 82 van het Verdrag. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-01-2011
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 Bij de vaststelling van de bestuurlijke boete neemt de raad boeteverhogende of boeteverlagende omstandigheden in aanmerking. 2 De raad bepaalt in redelijkheid de mate waarin de betrokken omstandigheid leidt tot een verhoging of verlaging van de basisboete. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 Boeteverhogende omstandigheden zijn in ieder geval: a. de omstandigheid dat de NMa of een andere bevoegde autoriteit, waaronder de Europese Commissie of een rechterlijke instantie, reeds eerder onherroepelijk een zelfde of een vergelijkbare door de overtreder begane overtreding heeft vastgesteld; b. de omstandigheid dat de overtreder het onderzoek van de NMa heeft belemmerd; c. de omstandigheid dat de overtreder tot de overtreding heeft aangezet of een leidinggevende rol heeft gespeeld bij de uitvoering daarvan; d. de omstandigheid dat de overtreder gebruik heeft gemaakt van, of voorzien in, controle- of dwangmiddelen ter handhaving van de verboden gedraging. 2 In geval van recidive als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, verhoogt de raad de basisboete met 100%, tenzij dit gezien de omstandigheden van het concrete geval evident onredelijk zou zijn. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Boeteverlagende omstandigheden zijn in ieder geval: a. de omstandigheid dat de overtreder anders dan in het kader van de Richtsnoeren Clementie verdergaande medewerking aan de NMa heeft verleend dan waartoe hij wettelijk gehouden was; b. de omstandigheid dat de overtreder de overtreding uit eigen beweging heeft beëindigd, waarbij meer gewicht toekomt aan het uit eigen beweging beëindigen van de overtreding voordat de NMa een onderzoek is begonnen dan nadat het onderzoek is gestart; c. de omstandigheid dat de overtreder uit eigen beweging degenen aan wie door de overtreding schade is berokkend, schadeloos heeft gesteld. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 artikelen 13 14 Wanneer de raad een bestuurlijke boete oplegt aan een natuurlijk persoon vanwege het geven van opdracht tot een overtreding of het feitelijk leiding geven aan een overtreding, kan de raad bij de vaststelling van eventuele boeteverhogende en boeteverlagende omstandigheden, als bedoeld in deen, rekening houden met de mate van betrokkenheid van de natuurlijke persoon bij het plegen van de overtreding en de positie van de natuurlijke persoon binnen de onderneming, ondernemersvereniging of rechtspersoon waarvoor hij of zij werkzaam is, dan wel werkzaam was. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 1 De raad stelt de bestuurlijke boete vast met inachtneming van: a. het wettelijk boetemaximum; b. zijn toezeggingen uit hoofde van de Beleidsregels van de Minister van Economische Zaken tot vermindering van bestuurlijke boetes betreffende kartels; c. deze beleidsregels; d. de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. 2 De raad kan van deze beleidsregels afwijken indien onverkorte toepassing ervan tot evidente onbillijkheden leidt. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 1 Indien de raad constateert dat een overtreder meerdere overtredingen heeft begaan, kan de raad, in plaats van elke overtreding afzonderlijk te beboeten, een bestuurlijke boete opleggen voor deze overtredingen gezamenlijk. 2 artikelen 6 24 van de Mededingingswet Voor gedragingen die zowel een overtreding vormen van deofals van de artikelen 81 of 82 van het Verdrag, wordt in beginsel één bestuurlijke boete toereikend geacht. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 In afwijking van het bepaalde in de voorgaande artikelen kan de raad, wanneer de bijzondere omstandigheden van het geval naar zijn oordeel hiertoe aanleiding geven, een symbolische bestuurlijke boete opleggen. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 De vastgestelde bestuurlijke boete wordt naar beneden afgerond op een veelvoud van € 1.000,–. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Wijzigt deze regeling. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-01-2011
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 Wijzigt deze regeling. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-01-2011
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 artikelen 20 21 Deze beleidsregels treden in werking met ingang van 1 oktober 2009, met uitzondering van deen, die in werking treden met ingang van 1 januari 2011. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 Deze beleidsregels worden aangehaald als Beleidsregels van de Minister van Economische Zaken voor het opleggen van bestuurlijke boetes door de NMa 2009. 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 2009 14079 22-09-2009 11-09-2009 WJZ/9150320 01-10-2009
Artikel 9#
artikel 9