Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 21 januari 2009, nr. AV/AR/2009/614, tot vaststelling van de verlengde bijzondere beleidsregels inzake ontheffing van het verbod op werktijdverkorting 2008 (Verlengde bijzondere beleidsregels ontheffing verbod op werktijdverkorting 2008)
- BWB-id
- BWBR0025227
- Type
- Beleidsregel
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Geldigheid
- 2009-03-14 t/m 2009-03-20
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0025227
- ELI
- /eli/nl/beleidsregel/2009/verlengde-bijzondere-beleidsregels-ontheffing-verbod-op-werk
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/beleidsregel/2009/verlengde-bijzondere-beleidsregels-ontheffing-verbod-op-werk/2009-03-14
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0025227&g=2009-03-14
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0025227&z=2026-06-06&g=2009-03-14
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0025227/2009-03-14
Absolute ELI: /eli/nl/beleidsregel/2009/verlengde-bijzondere-beleidsregels-ontheffing-verbod-op-werk
Artikel 1 — Artikel 1 Toepasselijkheid#
Artikel 1 Toepasselijkheid 1 In plaats van beleidsregel 1 van de Beleidsregels ontheffing verbod van werktijdverkorting 2004 gelden deze bijzondere beleidsregels, indien een werkgever voor de datum waarop deze bijzondere beleidsregels vervallen wordt geconfronteerd met een acute en zware terugval in de omzet die een gevolg is van de financiële crisis 2008. 2 Beleidsregel 2 van de Beleidsregels ontheffing verbod op werktijdverkorting 2004 is van toepassing. 3 artikel 8, derde lid, van het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945 Deze bijzondere beleidsregels zijn van toepassing op een verzoek om ontheffing van het verbod, bedoeld in, gedaan door een werkgever voor de datum waarop deze bijzondere beleidsregels vervallen. 2009 40 27-02-2009 25-02-2009 AV/AR/2009/4595 2009 40 27-02-2009 25-02-2009 AV/AR/2009/4595 01-03-2009
Artikel 2 — Artikel 2 Ontheffing#
Artikel 2 Ontheffing 1 artikel 8, derde lid, van het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945 Op verzoek van de werkgever wordt voor de duur van 6 weken een ontheffing als bedoeld invoor de bij die ontheffing aan te wijzen werknemers verleend, indien de som van de omzet van de werkgever in twee maanden die liggen in de periode van 1 september 2008 tot de datum van de aanvraag (periode 1) met ten minste 30% is afgenomen ten opzichte van de omzet in de twee direct daaraan voorafgaande maanden (referentieperiode). 2 Indien er in dezelfde twee periodes als bedoeld in het eerste lid in 2007 of 2008 eveneens sprake was van een omzetdaling in periode 1 ten opzichte van de referentieperiode, dan wordt het percentage van de daling in 2007 of 2008 in mindering gebracht op het percentage van de daling in 2008 of 2009. Het verschil tussen beide percentages moet ten minste 30 procentpunt bedragen om voor de ontheffing in aanmerking te komen. 3 bijlage 1 Bij het verzoek om ontheffing wordt gebruik gemaakt van het aanvraagformulier dat is ingericht overeenkomstigbij deze bijzondere beleidsregels. 4 artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek bijlage 2 De daling van de omzet wordt aangetoond door middel van een accountantsverklaring die is afgegeven door een accountant als bedoeld inen die is ingericht overeenkomstig het model vanbij deze bijzondere beleidsregels. 5 Het aandeel van de totale arbeidscapaciteit in arbeidsuren waarvoor aan de werkgever een ontheffing kan worden verleend, is ten hoogste gelijk aan het percentage dat voortvloeit uit de toepassing van het eerste lid. 6 artikel 4 Aan een werkgever wordt op basis van deze bijzondere beleidsregels slechts eenmaal een ontheffing verleend, die overeenkomstigkan worden verlengd. 7 artikelen 3.4 3.5 van de Wet inkomstenbelasting 2001 Bij de toepassing van deze bijzondere beleidsregels wordt uitgegaan van de werkgever die een rechtspersoon is, dan wel een natuurlijke persoon die als ondernemer wordt aangemerkt op grond van deof. 8 Bijzondere beleidsregels ontheffing verbod op werktijdverkorting 2008 Aan een werkgever wordt op basis van deze bijzondere beleidsregels geen ontheffing verleend als een ontheffing is verleend op grond van de. 2009 15 23-01-2009 21-01-2009 AV/AR/2009/614 2009 15 23-01-2009 21-01-2009 AV/AR/2009/614 25-01-2009 15-01-2009
Artikel 3 — Artikel 3 Verklaringen#
Artikel 3 Verklaringen 1 artikel 2 Bij het verzoek om ontheffing, bedoeld invoegt de werkgever een verklaring waaruit blijkt dat hij met zijn werknemers afspraken heeft gemaakt om zich gedurende de looptijd van de ontheffing in te spannen om: a. door middel van scholing de inzetbaarheid van de werknemers waarvoor ontheffing wordt gevraagd in zijn bedrijf of in het bedrijf van een andere werkgever te behouden of te verbeteren; b. het verrichten van arbeid in het bedrijf van een andere werkgever (detachering) mogelijk te maken. Bij dit laatste kan de werkgever gebruik maken van de diensten van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de mobiliteitscentra; c. Werkloosheidswet die wet het loon door te betalen voor zover de betrokken werknemers op grond van de criteria van degeen aanspraak kunnen maken op een uitkering op grond van. 2 Voorts wordt in de verklaring opgenomen, dat de werkgever zich zal inspannen al datgene te doen om de arbeidsverhouding met de werknemers voor wie gebruik is gemaakt van de ontheffing, na afloop daarvan, ten minste vier weken volledig in stand te houden. 3 Als het verzoek om ontheffing 20 of meer werknemers betreft, blijkt tevens uit de verklaring dat de belanghebbende verenigingen van werknemers, en als die niet beschikbaar zijn een andere vertegenwoordiging van werknemers, met het verzoek om ontheffing van de werkgever instemmen. Als het verzoek minder dan 20 werknemers betreft, blijkt tevens uit de verklaring, bedoeld in het eerste lid, dat de werkgever overleg heeft gevoerd met een vertegenwoordiging van zijn werknemers. 4 bijlage 3 Bij de verklaringen, bedoeld in dit artikel, wordt gebruik gemaakt van het model dat is ingericht overeenkomstigbij deze bijzondere beleidsregels. 2009 15 23-01-2009 21-01-2009 AV/AR/2009/614 2009 15 23-01-2009 21-01-2009 AV/AR/2009/614 25-01-2009 15-01-2009
Artikel 4 — Artikel 4 Verlenging#
Artikel 4 Verlenging 1 bijlage 4 Een ontheffing kan op verzoek van de werkgever maximaal driemaal worden verlengd, telkens met een periode van 6 weken. Bij het verzoek om verlenging wordt gebruik gemaakt van het verlengingsformulier dat is ingericht overeenkomstigbij deze bijzondere beleidsregels. 2 artikel 2, eerste lid Een ontheffing wordt slechts verlengd als de omzet in de twee maanden voorafgaand aan het verzoek tot verlenging nog altijd ten minste 30% lager is dan de omzet in de referentieperiode, bedoeld in. 3 Artikel 2, vierde lid Bij ieder verzoek om verlenging wordt een geactualiseerde accountantsverklaring gevoegd waaruit blijkt dat wordt voldaan aan het tweede lid., is van toepassing. 4 Een verzoek om verlenging leidt niet tot een uitbreiding van de ontheffing. Als de omzet is toegenomen wordt de ontheffing, met inachtneming van het tweede lid, dienovereenkomstig verlaagd. 2009 15 23-01-2009 21-01-2009 AV/AR/2009/614 2009 15 23-01-2009 21-01-2009 AV/AR/2009/614 25-01-2009 15-01-2009
Artikel 5 — Artikel 5 Overgangsregeling#
Artikel 5 Overgangsregeling 1 artikelen 2, derde en vierde lid 3, vierde lid, van de Bijzondere beleidsregels ontheffing verbod op werktijdverkorting 2008 Bij verzoeken om ontheffing ingediend op of na 15 januari 2009 tot 30 januari 2009, kan gebruik worden gemaakt van het model van het aanvraagformulier, de accountantsverklaring en de verklaring, bedoeld in respectievelijk de, en. 2 Bijzondere beleidsregels ontheffing verbod op werktijdverkorting 2008 Onvolledige aanvragen die zijn geretourneerd op grond van deworden, indien die aanvragen volledig zijn, in behandeling genomen op basis van de Verlengde bijzondere beleidsregels ontheffing verbod op werktijdverkorting 2008. 2009 15 23-01-2009 21-01-2009 AV/AR/2009/614 2009 15 23-01-2009 21-01-2009 AV/AR/2009/614 25-01-2009 15-01-2009
Artikel 6 — Artikel 6 Inwerkingtreding#
Artikel 6 Inwerkingtreding 1 Deze bijzondere beleidsregels treden in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin deze worden geplaatst, werken terug tot en met 15 januari 2009 en vervallen met ingang van 21 maart 2009 of zoveel eerder als vervangende maatregelen tot stand zijn gekomen en in werking zijn getreden. 2 artikel 4 In afwijking van het eerste lid blijven deze bijzondere beleidsregels van toepassing op de afwikkeling van ontheffingen die op grond van deze bijzondere beleidsregels zijn verleend en op verzoeken tot verlenging van ontheffingen als bedoeld in. 2009 40 27-02-2009 25-02-2009 AV/AR/2009/4595 2009 40 27-02-2009 25-02-2009 AV/AR/2009/4595 01-03-2009
Artikel 7 — Artikel 7 Citeertitel#
Artikel 7 Citeertitel Deze bijzondere beleidsregels worden aangehaald als: Verlengde bijzondere beleidsregels ontheffing verbod op werktijdverkorting 2008. 2009 15 23-01-2009 21-01-2009 AV/AR/2009/614 2009 15 23-01-2009 21-01-2009 AV/AR/2009/614 25-01-2009 15-01-2009
Artikel 2#
artikelen 2, derde en vierde lid
Artikel 3#
3, vierde lid
Artikel 4#
4, eerste lid