Besluit van 31 januari 2011, nr. DP/2011037216, houdende vaststelling van beleidsregels voor het opnemen van huisvestingssystemen met een voorlopige emissiefactor in de Regeling ammoniak en veehouderij
- BWB-id
- BWBR0029565
- Type
- Beleidsregel
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2011-02-12 t/m 2023-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0029565
- ELI
- /eli/nl/beleidsregel/2011/beleidsregels-voorlopige-emissiefactoren-regeling-ammoniak-e
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/beleidsregel/2011/beleidsregels-voorlopige-emissiefactoren-regeling-ammoniak-e/2011-02-12
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0029565&g=2011-02-12
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0029565&z=2026-06-06&g=2011-02-12
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0029565/2011-02-12
Absolute ELI: /eli/nl/beleidsregel/2011/beleidsregels-voorlopige-emissiefactoren-regeling-ammoniak-e
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze beleidsregels wordt verstaan onder: – bijzondere emissiefactor: artikel 3 van de Regeling ammoniak en veehouderij bijzondere emissiefactor als bedoeld in; – diercategorie: bijlage van de Regeling ammoniak en veehouderij diercategorie als bedoeld in de; – emissiefactor: artikel 1, eerste lid, van de Wet ammoniak en veehouderij emissiefactor als bedoeld in; – huisvestingssysteem: artikel 1, eerste lid, van de Wet ammoniak en veehouderij huisvestingssysteem als bedoeld in; – maximale emissiewaarde: artikel 1, eerste lid, van de Wet ammoniak en veehouderij maximale emissiewaarde als bedoeld in; – minister: Minister van Infrastructuur en Milieu; – vergunning: artikel 2.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht vergunning als bedoeld in. 2011 2434 11-02-2011 31-01-2011 DP/2011037216 2011 2434 11-02-2011 31-01-2011 DP/2011037216 12-02-2011
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 De minister kan voor een nieuw huisvestingssysteem een voorlopige emissiefactor vaststellen, indien: a. voor het huisvestingssysteem een bijzondere emissiefactor is vastgesteld; b. de voorlopige emissiefactor niet hoger is dan de maximale emissiewaarde. Wanneer voor de betreffende diercategorie geen maximale emissiewaarde is vastgesteld, wordt in plaats van die maximale emissiewaarde de emissiewaarde gehanteerd die overeenkomt met 80% van de waarde van de emissiefactor voor overige huisvesting; en c. artikel 3, zesde lid, van de Regeling ammoniak en veehouderij voor het huisvestingssysteem vier beschikkingen als bedoeld inzijn verleend dan wel naar het oordeel van de minister op andere wijze is gewaarborgd dat er voldoende meetresultaten beschikbaar zullen komen aan de hand waarvan een definitieve emissiefactor voor het huisvestingssysteem kan worden vastgesteld. 2011 2434 11-02-2011 31-01-2011 DP/2011037216 2011 2434 11-02-2011 31-01-2011 DP/2011037216 12-02-2011
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 2, tweede lid De waarde van een voorlopige emissiefactor van een huisvestingssysteem wordt berekend door bij de waarde van de bijzondere emissiefactor 15% van de maximale emissiewaarde, of – wanneer voor de betreffende diercategorie geen maximale emissiewaarde is vastgesteld – van de emissiewaarde die daarvoor op grond van, in de plaats treedt, op te tellen. 2 bijlage van de Regeling ammoniak en veehouderij Een huisvestingssysteem waarvoor een voorlopige emissiefactor is vastgesteld, wordt opgenomen in de. 3 bijlage In dewordt vermeld dat het een voorlopig vastgestelde emissiefactor betreft. 2011 2434 11-02-2011 31-01-2011 DP/2011037216 2011 2434 11-02-2011 31-01-2011 DP/2011037216 12-02-2011
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 bijlage van de Regeling ammoniak en veehouderij Een voorlopig vastgestelde emissiefactor wordt zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk drie jaar nadat deze is opgenomen in de, vervangen door een definitieve emissiefactor. 2 In bijzondere situaties kan de minister de termijn, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met een periode van ten hoogste twee jaar verlengen, mits: a. vaststelling van een definitieve emissiefactor op basis van meetresultaten naar zijn oordeel binnen een redelijke termijn alsnog mogelijk is; en b. artikel 2, tweede lid op basis van reeds beschikbare meetresultaten naar zijn oordeel kan worden verwacht, dat de definitieve emissiefactor niet hoger zal zijn dan de maximale emissiewaarde of – wanneer voor de betreffende diercategorie geen maximale emissiewaarde is vastgesteld – dan de emissiewaarde die daarvoor op grond van, in de plaats treedt. 3 De minister kan de termijn bedoeld in het eerste lid inkorten indien: a. vaststelling van een definitieve emissiefactor op basis van meetresultaten naar zijn oordeel niet meer binnen een redelijke termijn mogelijk is; of b. artikel 2, tweede lid op basis van reeds beschikbare meetresultaten naar zijn oordeel kan worden verwacht dat de definitieve emissiefactor hoger zal zijn dan de maximale emissiewaarde of – wanneer voor de betreffende diercategorie geen maximale emissiewaarde is vastgesteld – dan de emissiewaarde die daarvoor op grond van, in de plaats treedt. 2011 2434 11-02-2011 31-01-2011 DP/2011037216 2011 2434 11-02-2011 31-01-2011 DP/2011037216 12-02-2011
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Regeling ammoniak en veehouderij Indien de definitieve emissiefactor lager is dan of gelijk is aan de voorlopig vastgestelde emissiefactor, wordt de voorlopig vastgestelde emissiefactor bij de eerstvolgende wijziging van devervangen door de definitieve emissiefactor en wordt de vermelding dat het een voorlopig vastgestelde emissiefactor betreft verwijderd. 2 Regeling ammoniak en veehouderij Indien de definitieve emissiefactor hoger is dan de voorlopig vastgestelde emissiefactor, wordt de voorlopig vastgestelde emissiefactor eveneens bij de eerstvolgende wijziging van devervangen door de definitieve emissiefactor maar wordt de vermelding dat het een voorlopig vastgestelde emissiefactor betreft vervangen door de aanduiding dat de voorlopige emissiefactor blijft gelden voor huisvestingssystemen waarvoor vergunning is verleend voordat de wijziging van de regeling in werking is getreden. 3 artikel 4 Indien binnen de inbedoelde termijn voor het betreffende huisvestingssysteem geen definitieve emissiefactor kan worden vastgesteld, blijft de voorlopig vastgestelde emissiefactor gehandhaafd en wordt daarbij vermeld dat deze slechts geldt voor huisvestingssystemen waarvoor vergunning is verleend voordat de wijziging van de regeling in werking is getreden. 2011 2434 11-02-2011 31-01-2011 DP/2011037216 2011 2434 11-02-2011 31-01-2011 DP/2011037216 12-02-2011
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Deze beleidsregels treden in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin ze worden geplaatst. 2011 2434 11-02-2011 31-01-2011 DP/2011037216 2011 2434 11-02-2011 31-01-2011 DP/2011037216 12-02-2011
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels voorlopige emissiefactoren Regeling ammoniak en veehouderij. 2011 2434 11-02-2011 31-01-2011 DP/2011037216 2011 2434 11-02-2011 31-01-2011 DP/2011037216 12-02-2011